25/09/2017

Collegium Vocale Gent brengt Schnittke’s Concerto for Choir in Brussel, Antwerpen en Gent

Alfred Schnittke De werken van Alfred Schnittke (foto), beïnvloed door zowel de Russen als de tweede Weense School, zijn altijd zeer compact en zijn Concerto voor koor wijkt niet af van deze gewoonte. Dit juweeltje van religieuze intensiteit, gebaseerd op het Boek der Klaagliederen van de Armeense schrijver Gregorius van Narek uit de negende eeuw, roept de muziek van de orthodoxe kerk op. Ook Lux aeterna van Ligeti, een mystiek meesterwerk van de twintigste eeuw, wordt gedragen door een metafysische kracht, die Kubrick vereeuwigde in zijn film 2001: A Space Odyssey.

Alfred Schnittke liet zich ooit ontvallen dat hij geen muziek bedacht of creëerde maar dat zijn taak er louter in bestond te luisteren. De muzikale wereld die verklankt wordt bestaat al. De componist is als een medium: hij legt contact met de wereld buiten zichzelf en maakt die hoorbaar voor anderen. Het Concerto voor Koor uit 1986 belichaamt deze visie. Religie was geen evidentie in Sovjettijden maar het besef dat iets groters het eigen bestaan oversteeg was Schnittkes drijfveer om de mystieke middeleeuwse gebeden uit het Boek Lamentaties in een bijzonder rijke en overweldigende toontaal te verklanken in één van de machtigste cycli uit de hele koorliteratuur. Met precisie ingebed tussen exemplarische pianowerken zorgt Ligeti’s iconische Lux aeterna voor een onwezenlijke opmaat!

Met een bijzonder concert brengt Collegium Vocale Gent hulde aan zijn oprichter, de veelzijdige maestro Philippe Herreweghe. In 2017 viert Herreweghe zijn zeventigste verjaardag en na enkele feestconcerten in Antwerpen en in Brussel is het in september de beurt aan zijn thuisstad Gent.

Met zijn Collegium Vocale Gent paste Herreweghe als een van de eersten de nieuwe inzichten rond de uitvoering van barokmuziek toe op vocale muziek. Die authentieke, tekstgerichte en retorische aanpak zorgde voor een transparant klankidioom waardoor het ensemble wereldfaam verwierf. Naast Collegium Vocale Gent was Herreweghe de oprichter van het Orchestre des Champs-Élysées in Parijs. Sinds 1997 is hij als hoofddirigent verbonden aan het Antwerp
Symphony Orchestra en daarnaast is hij te gast bij wereldbefaamde orkesten zoals het Koninklijk Concertgebouworkest Amsterdam, het Gewandhausorchester in Leipzig en het Mahler Chamber Orchestra. 

In Gent nodigen we Philippe Herreweghe uit om zijn licht te laten schijnen over de klassieke muziek en haar toekomst. Zijn dirigeerstokje laat hij thuis en zo kan hij voor een keer zijn Collegium Vocale Gent vanuit het publiek beluisteren. Onder leiding van dirigent Kaspars Putninš brengt het koor Alfred Schnittke’s Concerto for Choir. Schnittke vond het zijn taak als componist om vooral te luisteren. Hij zag zijn rol als een soort medium dat contact zoekt met de wereld buiten zichzelf en die hoorbaar maakt voor anderen. Het Concerto voor Koor uit 1986 belichaamt deze visie overduidelijk. Het besef dat iets groters het eigen bestaan overstijgt was Schnittke’s drijfveer om mystieke middeleeuwse gebeden te verklanken in een van de machtigste cycli uit de hele koorliteratuur.

Speciaal voor Gent Festival laat Philippe Herreweghe ook zijn licht schijnen op de toekomst van klassieke muziek en na afloop van het concert klinken we samen op zijn verjaardag.

Praktische info :

Collegium Vocale Gent & Jan Michiels : Kurtag, Schnittke, Ligeti
Dinsdag 26 september 2017 om 20.00 u
Bozar - Brussel


Meer info : www.bozar.be en www.collegiumvocale.com
--------------------------------------
Collegium Vocale Gent & Jan Michiels : Kurtag, Schnittke, Ligeti
Woensdag 27 september 2017 om 20.00 u
AMUZ - Antwerpen


Meer info : www.inamuz.be en www.collegiumvocale.com
--------------------------------------
Collegium Vocale Gent : Alfred Schnittke, Concerto for Choir
Donderdag 28 september 2017 om 20.30 u
Sint-Jacobskerk - Gent


Meer info : www.gentfestival.be en www.collegiumvocale.com

Elders op Oorgetuige :
Flash Forward : Gent Festival omarmt de toekomst vol vertrouwen en nieuwsgierigheid, 8/09/2017

21:25 Gepost in Concert, Festival, Muziek | Permalink |  Facebook

16/09/2016

Arditti Quartet met twee Belgische creaties in deSingel

Harrison Birtwistle Ook na ruim 40 jaar, blijft het Arditti Quartet verbazend vitaal. Iets wat het kwartet ongetwijfeld dankt aan de vele samenwerkingen met jonge componisten. Het Arditti Quartet zoekt nooit naar nieuw repertoire. Dat wordt voor hen op maat gemaakt, en niet door de minste componisten.

Philippe Manoury is er zo één. Na drie strijkkwartetten blijft hij de eindeloze klankmogelijkheden van de Arditti’s exploreren. Of Harrison Birtwistle (foto). In zijn nieuwste kwartet bekampen de vier strijkers elkaar met de meest boude en botsende ritmes. Naast deze twee avant-gardistische werken lijkt Ligeti's Tweede Strijkkwartet uit 1968 oude koek. Maar haal dit 'oude' werk er maar eens uit. De grijnslach op het gezicht van de strijkers verraadt nog het meest: Ligeti's snedige humor laat nog altijd niemand koud.

Sir Harrison Birtwistle werd in 1934 geboren in Accrington (Noord-Engeland). Hij wordt beschouwd als één van de meest toonaangevende Britse componisten. Samen met Goehr, Maxwell Davies, Ogdon en Howarth vormde hij in 1953 de New Music Manchester Group die zich toelegde op de uitvoering van werken van seriële componisten. Hoewel hij reeds lang volgens de principes van het serialisme componeerde, besefte Birtwistle dat dat serialisme hem geen voldoening kon brengen. Hij ging zich toeleggen op de meer 'beschrijvende' rnuziek waarin hij soms heel eigenzinnig uit de hoek komt. Componisten als Stravinsky, Webern, Messiaen en Varèse werden zijn voorbeelden. Daarnaast zocht hij zijn inspiratie vaak in de schilderkunst: Picasso, Breughel, Cezanne, Dürer en KIee bepaalden zijn denkwereld. Birtwistle heeft tal van opera's op zijn naam staan. Het drama is nooit ver te zoeken in zijn werk. 

Programma :

  • György Ligeti, Strijkkwartet nr 2
  • Philippe Manoury, Fragmenti (Belgische creatie)
  • Harrison Birtwistle, The Silk House Sequences (Belgische creatie)

Praktische info :

Arditti Quartet : Ligeti, Manoury, Birtwistle
Zaterdag 17 september 2017 om 20.00 u
deSingel - Antwerpen


Meer info : desingel.be en www.ardittiquartet.co.uk

Om 18 u geeft het Arditti Quartet een lecture over het Strijkkwartet nr 2 van Ligeti (spreektaal Engels, duurtijd ca. 1 uur). Deze lecture is inbegrepen in het concertticket.

Extra :
Sir Harrison Birtwistle op en.wikipedia.org, www.boosey.com, www.compositiontoday.com en youtube
Harrison Birtwistle Interview, Dan Warburton op www.paristransatlantic.com, 8/07/1995
Philippe Manoury : www.philippemanoury.com, brahms.ircam.fr en youtube

23:27 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook

14/03/2016

Jong Koreaans Novus String Quartet te gast in Flagey

Novus String Quartet Winnaar van de grote Internationale Mozartwedstrijd voor Strijkkwartetten te Salzburg in 2014, scheert het jonge Koreaanse Novus String Quartet hoge toppen in de grote concertzalen overal ter wereld. Het kwartet is woensdag te gast in Flagey met enkele meesterwerken van Mozart en Mendelssohn alsook met het Eerste Strijkkwartet van de jonge György Ligeti, volledig nog in de stijl van diens voorbeeld Béla Bartók.

György Ligeti schreef zijn Eerste strijkkwartet 'Metamorphoses nocturnes', een werk van een duizelingwekkende technische complexiteit, in 1953-54. In het Hongarije van begin jaren 1950 was de uitvoering van een werk van deze dissidente componist ondenkbaar. De première kwam er pas in 1958 in Wenen. In het dit werk neemt één grondmotief steeds andere gedaanten aan, als in een nieuwe versie van de beproefde variatievorm.

De titel van Ligeti's Strijkkwartet nr. 1 (1953) zou een 'latente opera' kunnen suggereren. Voor zover bekend is hier echter geen sprake van een programma of achterliggend emotioneel drama. 'Métamorphoses' verwijst, alvast volgens de componist zelf, eerder naar de globale opbouw van de compositie: een eendelig werk, opgebouwd uit verschillende in elkaar overlopende segmenten van ongelijke lengte, die allemaal gegenereerd worden vanuit één basismotief. Toch blijft het moeilijk om te weerstaan aan de verleiding om ook aan de metamorfoses een onderliggend programma te koppelen. De muziek is bijzonder sfeerrijk, heel episodisch, uitgesproken emotioneel en bevat soms expliciet contextuele connotaties. Dat is bijvoorbeeld het geval wanneer er vanuit een uitdijende stilte een elegant en quasi tonaal Tempo di Valse opduikt; of wanneer de componist plots een gewichtig Alla marcia in pizzicato-stijl voorbij laat denderen. Ligeti's gebruik van de allerminst frequente tempo- aanduiding Allegretto gioviale, vlak voor het marsfragment lijkt een duidelijke referentie aan het begin van Bergs Lyrische Suite te zijn, met alle implicaties van dien . Ligeti zelf houdt zich echter op de vlakte, ook wat betreft de aanduiding 'Nocturnes'.

Hoewel deze aanduiding volgens hem alleen maar een algemene sfeer oproept, zien velen daarin ook een verwijzing naar de 'nachtmuzieken' van Béla Bartók, Ligeti's grote voorbeeld. Het vierde deel uit diens pianocyclus 'Im Freien' (Klänge der Nacht) begint bijvoorbeeld met nagenoeg hetzelfde motief als Ligeti's Métamorphoses. Maar de invloed van Bartók gaat nog veel verder: de percussieve behandeling van de strijkers, het uitvoerige gebruik van onregelmatige metra en ongewone ritmische accenten en de verregaande chromatiek sluiten allemaal heel dicht aan bij diens stijl, in het bijzonder die van zijn strijkkwartetten (vooral het vierde). Daarnaast ontvouwt Ligeti ook al enkele technieken die in zijn latere oeuvre nog belangrijker zullen worden. Opmerkelijk is dat Ligeti in deze periode ook Bergs Lyrische Suite had leren kennen, zij het enkel via de partituur. Zeker Bergs technieken om een lyrische melodie in een chromatisch veld te plaatsen of de schuivende klankgebeurtenissen uit het Allegro misterioso hebben een onmiskenbare impact gehad op de jonge toondichter.

Programma :

  • Wolfgang Amadeus Mozart, Strijkkwartet nr. 19 in C, 'Dissonanzenquartett', KV 465
  • György Ligeti, Strijkkwartet nr. 1, 'Métamorphoses nocturnes'
  • Felix Mendelssohn Bartholdy, Strijkkwartet nr. 6 in f, op. 80

Praktische info :

Novus String Quartet : Mozart, Ligeti, Mendelssohn Bartholdy
Woensdag 16 maart 2016 om 20.15 u
Flagey - Brussel


Meer info : www.flagey.be en www.novusstringquartet.com

16:30 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook

19/11/2015

Het Collectief overschouwt honderd jaar Europese kamermuziek met Brahms, Schönberg en Ligeti

György Ligeti Met een van de laatste werken van Johannes Brahms als vertrekpunt overschouwt Het Collectief honderd jaar Europese kamermuziek. Het is enigszins verbazend dat het œuvre van deze oude, bezadigde romanticus ook jonge avant-gardisten als Arnold Schönberg inspireerde tot composities als de Kammersymphonie. Die onstuimige, uit zijn voegen barstende brok hoogromantiek zette anno 1906 de hele westerse muziekesthetiek op losse schroeven. Maar ook de latere generaties lieten Brahms niet los. In 1982 schreef de Hongaar György Ligeti (foto) een hoorntrio ter ere van de meester. Traditie en moderniteit gaan in dit werk op een lichtjes ironische manier hand in hand.

Het 'Hoorntrio' (1982) van Ligeti (1923-2006) gaat nog een stap verder: hier wordt een nieuw, verfrissend avant-garde gecreëerd door op een licht ironische manier een synthese te maken van de barokmuziek, de muziek van Brahms, maar ook de Midden-Europese volksmuziek.

Je zou Ligeti's Trio als een terugkeer naar het verleden kunnen beschouwen, al zegt de componist zelf: "Er is een zeker conservatisme, niet in de zin van het eclectische neoromantische en neo-expressionistische, ook niet in de zin van Stravinsky's neoclassicisme. Maar het omgaan met het verleden is voor mij niet meer gebaseerd op het gebruik van het citaat of de allusie zoals in de opera Le grand Macabre. Dat is voorbij. Het Trio is een synthese". Met synthese wil Ligeti zeggen dat de aanzet tot een compositie vanaf nu steeds gebeurt vanuit de vaststelling, de samenvatting, de catalogus van het reeds bestaande. Daaraan voegt hij zijn eigen zienswijze toe. Dat kan leiden tot het oproepen van een zekere nostalgie, tot het gebruik van klassieke vormschema's, tot het maken van syntheses van alle (hem bekende) middelen binnen een bepaalde expressie (voor Ligeti is dat dan heel specifiek het lamento bijvoorbeeld). Ligeti gaat zover dat hij alle genres muziek uit de meest diverse culturele kringen in zijn synthese wil betrekken: ook de volksmuziek en de niet-europese muziek horen erbij. Hij spreekt van de synthese als keuze in de grote verzameling van niet samenhangende culturele elementen. Hij kiest voor "what fits my musical needs. Ik maak mijn eigen muziek, een nieuwe muziek, maar ik verloochen de traditie niet, ik voel mij eerder als haar erfgenaam. Mijn muziek is persoonlijk, maar stelt geen verandering in de traditie voor. Voor mij tellen enkel het niveau, de originaliteit en de emotionele intensiteit. In de hoop geen eclecticus te zijn, schrijf ik onreine muziek. Ik word geïnspireerd door een groot aantal muzikale en buitenmuzikale bronnen: literatuur, verschillende culturele tradities, de dagelijkse politiek, enz. Dat vindt allemaal indirect ingang in mijn componeren."

Na zijn zware ziekte rond 1980 verlegt Ligeti enkele accenten in zijn esthetiek, wat zeker niet wil zeggen dat hij niet aansluit bij zijn vroegere muziek. Hij knoopt nauwer aan bij de muziek van het verleden, hij stelt geen enkele avant-garde- of vernieuwende eis meer. Zijn muziek is hierdoor expressieve zelfbelijdenis. De biografische elementen worden explicieter gesteld. Hij aanvaardt ziekte en ouder worden, hij zegt de dood niet meer zo sterk te vrezen. Toch beheerst de dood de hoekdelen van het Trio voor viool, hoorn en piano.

Het eerste deel gaat uit van de beginakkoorden van Beethovens pianosonate Les Adieux, de zogenaamde hoornkwinten. Het afscheid is een verwijzing naar de dood. Alleen al in de bezetting zit een tweede verbinding met de romantiek: het grote en enige voorbeeld voor deze kamermuziekbezetting is het Hoorntrio van Johannes Brahms. Maar inhoudelijk grijpt Ligeti niet naar Brahms terug. In het tweede deel Vivacissimo, molto ritmico komen aksak-ritmes voor, wat Bartok het Bulgaarse ritme noemt. Ligeti gaat hoe langer hoe meer werken met etnische inspiratie, wat reeds voorkwam in Hungarian Rock voor klavecimbel. Hij vindt een hernieuwde interesse in de Hongaarse volksmuziek, die hij in de jaren vijftig ontkende. De etnische inspiratie is mondiaal: ook folklore van de Caraïben is in dit deel aanwijsbaar.

Na het derde deel Alla Marcia, is de finale Lamento getiteld, weer een historische verwijzing. De Lamento idee komt in vele recente stukken terug: in de zesde piano-étude Automne à Varsovie, in het tweede deel van het Pianoconcerto. Maar het allereerste lamento ostinaat is te vinden in de Ricercare - Omaggio a Frescobaldi uit de Musica Ricercata. Bepaalde ideeën blijven bij Ligeti zeer lang gisten, eer ze (weer) aan de oppervlakte komen en muzikaal uitgewerkt worden. Het lamento heeft op zijn beurt een aantal historische voorbeelden: Monteverdi (Lamento d'Arianna), Purcell (Dido and Aeneas), Gesualdo da Venosa (Moro Lasso), de middeleeuwse planctus en de déploration in de renaissance, en verder bij Bach, Haydn, Mozart en Beethoven. Lamento's komen ook voor in de traditionele volksmuziek, waar het zingen voor de afgestorvene een belangrijk gegeven is. Ligeti refereert aan de Andaloesische cante jondo, aan de Roemeense Bocet, de klaagzang van de vrouwen en aan begrafenisliederen uit Transsylvanië. Centraal in zijn lamento staat een diatonisch chromatische dalende lijn als een ostinato, dat vanuit de piano steeds sterker en aangrijpender wordt en tenslotte de twee medespelers meesleept in de ostinato ontwikkeling. Wat de instrumenten ook pogen te ondernemen om in steeds hogere regionen het ostinato van zich af te schudden, het laat hen niet los. Ligeti laat het ostinato in vele varianten horen in de piano en combineert het met een akkoordmotief in de viool, dat afgeleid is uit de hoornkwinten van het eerste deel.

Praktische info :

Het Collectief : Brahms, Ligeti, Schönberg
Donderdag 26 november 2015 om 20.00 u
Miryzaal - Conservatorium Gent


Meer info : www.debijloke.be en hetcollectief.be

Extra :
György Ligeti : www.schott-musik.de en youtube
Györgi Ligeti (1923 - 2006): emotioneel scepticus, Jan de Kruijff op www.musicalifeiten.nl, juni 2006

Bron: tekst Yves Knockaert voor deSingel, september 2000

16:49 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook

23/05/2015

Het Collectief met jonge Duitse sopraan Mirella Hagen in Sint-Niklaas

Mirella Hagen Het Collectief is in principe een vijfkoppig ensemble dat zich de jongste jaren van tijd tot tijd vergroot als het repertoire dat vraagt, zoals ook deze keer. Zij hebben ondertussen meermaals bewezen dat ze moeiteloos elke internationale standaard aankunnen. Hun concerten zijn van een dergelijke intensiteit dat ze het publiek als het ware bij het nekvel grijpen.

Aan het einde van zijn leven vond Leoš  Janáček (1854-1928) zijn inspiratie meer en meer in de kinderwereld. Zo schets hij in zijn 'Concertino'(1925), een miniatuur pianoconcerto waarin folklore en modernisme hand in hand gaan, een reeks naïeve tafereeltjes uit de dierenwereld. En ook in 'Říkadla'(1925) speelt Janáček de nostalgische kaart: deze bundel nonsensicale kinderrijmpjes uit Moravië wordt gezongen door de jonge Duitse sopraan Mirella Hagen (foto), die zichzelf begeleidt op een trommeltje...

Net als Janáček probeerde de Hongaar Béla Bartók (1881-1945) de folklore te verenigen met moderne muziekstijlen. In de 'Contrasten'(1938) is de invloed van de jazz bijvoorbeeld duidelijk voelbaar. Hij schreef dit trio immers voor twee van zijn beste vrienden: zijn landgenoot en sterviolist Joseph Szigeti en de Amerikaanse jazzklarinettist Benny Goodman.

Het 'Hoorntrio' (1982) van Ligeti (1923-2006) gaat nog een stap verder: hier wordt een nieuw, verfrissend avant-garde gecreëerd door op een licht ironische manier een synthese te maken van de barokmuziek, de muziek van Brahms, maar ook de Midden-Europese volksmuziek.

Je zou Ligeti's Trio als een terugkeer naar het verleden kunnen beschouwen, al zegt de componist zelf: "Er is een zeker conservatisme, niet in de zin van het eclectische neoromantische en neo-expressionistische, ook niet in de zin van Stravinsky's neoclassicisme. Maar het omgaan met het verleden is voor mij niet meer gebaseerd op het gebruik van het citaat of de allusie zoals in de opera Le grand Macabre. Dat is voorbij. Het Trio is een synthese". Met synthese wil Ligeti zeggen dat de aanzet tot een compositie vanaf nu steeds gebeurt vanuit de vaststelling, de samenvatting, de catalogus van het reeds bestaande. Daaraan voegt hij zijn eigen zienswijze toe. Dat kan leiden tot het oproepen van een zekere nostalgie, tot het gebruik van klassieke vormschema's, tot het maken van syntheses van alle (hem bekende) middelen binnen een bepaalde expressie (voor Ligeti is dat dan heel specifiek het lamento bijvoorbeeld). Ligeti gaat zover dat hij alle genres muziek uit de meest diverse culturele kringen in zijn synthese wil betrekken: ook de volksmuziek en de niet-europese muziek horen erbij. Hij spreekt van de synthese als keuze in de grote verzameling van niet samenhangende culturele elementen. Hij kiest voor "what fits my musical needs. Ik maak mijn eigen muziek, een nieuwe muziek, maar ik verloochen de traditie niet, ik voel mij eerder als haar erfgenaam. Mijn muziek is persoonlijk, maar stelt geen verandering in de traditie voor. Voor mij tellen enkel het niveau, de originaliteit en de emotionele intensiteit. In de hoop geen eclecticus te zijn, schrijf ik onreine muziek. Ik word geïnspireerd door een groot aantal muzikale en buitenmuzikale bronnen: literatuur, verschillende culturele tradities, de dagelijkse politiek, enz. Dat vindt allemaal indirect ingang in mijn componeren."

Na zijn zware ziekte rond 1980 verlegt Ligeti enkele accenten in zijn esthetiek, wat zeker niet wil zeggen dat hij niet aansluit bij zijn vroegere muziek. Hij knoopt nauwer aan bij de muziek van het verleden, hij stelt geen enkele avant-garde- of vernieuwende eis meer. Zijn muziek is hierdoor expressieve zelfbelijdenis. De biografische elementen worden explicieter gesteld. Hij aanvaardt ziekte en ouder worden, hij zegt de dood niet meer zo sterk te vrezen. Toch beheerst de dood de hoekdelen van het Trio voor viool, hoorn en piano.

Het eerste deel gaat uit van de beginakkoorden van Beethovens pianosonate Les Adieux, de zogenaamde hoornkwinten. Het afscheid is een verwijzing naar de dood. Alleen al in de bezetting zit een tweede verbinding met de romantiek: het grote en enige voorbeeld voor deze kamermuziekbezetting is het Hoorntrio van Johannes Brahms. Maar inhoudelijk grijpt Ligeti niet naar Brahms terug. In het tweede deel Vivacissimo, molto ritmico komen aksak-ritmes voor, wat Bartok het Bulgaarse ritme noemt. Ligeti gaat hoe langer hoe meer werken met etnische inspiratie, wat reeds voorkwam in Hungarian Rock voor klavecimbel. Hij vindt een hernieuwde interesse in de Hongaarse volksmuziek, die hij in de jaren vijftig ontkende. De etnische inspiratie is mondiaal: ook folklore van de Caraïben is in dit deel aanwijsbaar.

Na het derde deel Alla Marcia, is de finale Lamento getiteld, weer een historische verwijzing. De Lamento idee komt in vele recente stukken terug: in de zesde piano-étude Automne à Varsovie, in het tweede deel van het Pianoconcerto. Maar het allereerste lamento ostinaat is te vinden in de Ricercare - Omaggio a Frescobaldi uit de Musica Ricercata. Bepaalde ideeën blijven bij Ligeti zeer lang gisten, eer ze (weer) aan de oppervlakte komen en muzikaal uitgewerkt worden. Het lamento heeft op zijn beurt een aantal historische voorbeelden: Monteverdi (Lamento d'Arianna), Purcell (Dido and Aeneas), Gesualdo da Venosa (Moro Lasso), de middeleeuwse planctus en de déploration in de renaissance, en verder bij Bach, Haydn, Mozart en Beethoven. Lamento's komen ook voor in de traditionele volksmuziek, waar het zingen voor de afgestorvene een belangrijk gegeven is. Ligeti refereert aan de Andaloesische cante jondo, aan de Roemeense Bocet, de klaagzang van de vrouwen en aan begrafenisliederen uit Transsylvanië. Centraal in zijn lamento staat een diatonisch chromatische dalende lijn als een ostinato, dat vanuit de piano steeds sterker en aangrijpender wordt en tenslotte de twee medespelers meesleept in de ostinato ontwikkeling. Wat de instrumenten ook pogen te ondernemen om in steeds hogere regionen het ostinato van zich af te schudden, het laat hen niet los. Ligeti laat het ostinato in vele varianten horen in de piano en combineert het met een akkoordmotief in de viool, dat afgeleid is uit de hoornkwinten van het eerste deel.

Praktische info :

Het Collectief & Mirella Hagen : Janacek, Bartók, Ligeti
Vrijdag 29 mei 2015 om 20.00 u
Salons voor Schone Kunsten - Sint-Niklaas


Meer info : www.ccsint-niklaas.be en hetcollectief.be

Extra :
György Ligeti : www.schott-musik.de en youtube
Györgi Ligeti (1923 - 2006): emotioneel scepticus, Jan de Kruijff op www.musicalifeiten.nl, juni 2006

Bron: tekst Yves Knockaert voor deSingel, september 2000

20:49 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook

13/04/2015

Dudok Kwartet brengt Haydn, Beethoven en Ligeti in Leut

Dudok Kwartet Van Haydn tot Xenakis: al eeuwenlang spreekt het strijkkwartet bij alle mogelijke componisten tot de verbeelding. Het Dudok Kwartet brengt het verhaal in de muziek tot leven met scherpzinnige interpretaties en vindingrijke programma's. Het Dudok Kwartet zoekt naar context en betrekt de luisteraar bij die zoektocht. Zo wordt elk concert een verrassend, meeslepend en actueel verhaal.

Het Dudok Kwartet, dat in juni 2013 met de hoogste onderscheidingen afstudeerde aan de Nederlandse Strijkkwartet Academie, wordt mede door zijn successen op internationale concoursen erkend als één van de meest veelbelovende jonge strijkkwartetten van Europa. Het kwartet haalde voor zijn naam inspiratie bij de Nederlandse architect W.M. Dudok. Meer dan aan alle bouwkunstenaars heb ik aan de componisten te danken, schreef hij. Ik voel diep de gemeenschappelijke basis van de muziek en de architectuur: ze ontlenen immers beide hun waarde aan de juiste maatverhoudingen.

Het programma Metamorfosen onderzoekt de lijn die van Haydn, via Beethoven naar Ligeti loopt en die een fascinerend spel van continuïteit en ontwikkeling omvat, uitgestrekt over twee eeuwen. Deze drie componisten waren meesters in het creëren van een architectuur in de muziek, maar wisten zich tegelijkertijd te onttrekken aan deze structuur. Haydn, Beethoven en Ligeti tonen zich in deze drie composities ieder een meester in thematische ontwikkeling en fantasierijke dramaturgie, gecombineerd met een zeer persoonlijke stem.

György Ligeti schreef zijn Eerste strijkkwartet 'Metamorphoses nocturnes', een werk van een duizelingwekkende technische complexiteit, in 1953-54. In het Hongarije van begin jaren 1950 was de uitvoering van een werk van deze dissidente componist ondenkbaar. De première kwam er pas in 1958 in Wenen. In het dit werk neemt één grondmotief steeds andere gedaanten aan, als in een nieuwe versie van de beproefde variatievorm.

De titel van Ligeti's Strijkkwartet nr. 1 (1953) zou een 'latente opera' kunnen suggereren. Voor zover bekend is hier echter geen sprake van een programma of achterliggend emotioneel drama. 'Métamorphoses' verwijst, alvast volgens de componist zelf, eerder naar de globale opbouw van de compositie: een eendelig werk, opgebouwd uit verschillende in elkaar overlopende segmenten van ongelijke lengte, die allemaal gegenereerd worden vanuit één basismotief. Toch blijft het moeilijk om te weerstaan aan de verleiding om ook aan de metamorfoses een onderliggend programma te koppelen. De muziek is bijzonder sfeerrijk, heel episodisch, uitgesproken emotioneel en bevat soms expliciet contextuele connotaties. Dat is bijvoorbeeld het geval wanneer er vanuit een uitdijende stilte een elegant en quasi tonaal Tempo di Valse opduikt; of wanneer de componist plots een gewichtig Alla marcia in pizzicato-stijl voorbij laat denderen. Ligeti's gebruik van de allerminst frequente tempo- aanduiding Allegretto gioviale, vlak voor het marsfragment lijkt een duidelijke referentie aan het begin van Bergs Lyrische Suite te zijn, met alle implicaties van dien . Ligeti zelf houdt zich echter op de vlakte, ook wat betreft de aanduiding 'Nocturnes'.

Hoewel deze aanduiding volgens hem alleen maar een algemene sfeer oproept, zien velen daarin ook een verwijzing naar de 'nachtmuzieken' van Béla Bartók, Ligeti's grote voorbeeld. Het vierde deel uit diens pianocyclus 'Im Freien' (Klänge der Nacht) begint bijvoorbeeld met nagenoeg hetzelfde motief als Ligeti's Métamorphoses. Maar de invloed van Bartók gaat nog veel verder: de percussieve behandeling van de strijkers, het uitvoerige gebruik van onregelmatige metra en ongewone ritmische accenten en de verregaande chromatiek sluiten allemaal heel dicht aan bij diens stijl, in het bijzonder die van zijn strijkkwartetten (vooral het vierde). Daarnaast ontvouwt Ligeti ook al enkele technieken die in zijn latere oeuvre nog belangrijker zullen worden. Opmerkelijk is dat Ligeti in deze periode ook Bergs Lyrische Suite had leren kennen, zij het enkel via de partituur. Zeker Bergs technieken om een lyrische melodie in een chromatisch veld te plaatsen of de schuivende klankgebeurtenissen uit het Allegro misterioso hebben een onmiskenbare impact gehad op de jonge toondichter.

Robert Kirzinger over Ligesti's eerste Stijkkwartet : "Ligeti's String Quartet No. 1 was written in Budapest in 1953-1954, but not premiered until May 8, 1958, by the Ramor Quartet in Vienna. By that time Ligeti had already left the Soviet-controlled Hungary for the West and had been introduced to music that had only barely penetrated the Eastern bloc; including the music of Stockhausen and Boulez, the advent of serialism, and the electronic music studios. Ligeti's own progress as a composer put him far beyond the influence of Kodály, Bartók, and the Hungarian nationalism that permeated most of his work in Budapest. Bartók's influence on Ligeti's music is twofold, and includes his sophisticated sense of rhythm and motivic development, and also his lifelong use of folk song and folk-influenced musical materials. Ligeti's Musica ricercata for piano; their offspring, the Six Bagatelles for wind quintet; and the String Quartet No. 1 show these influences most clearly.

Although the String Quartet No. 1 is ostensibly a one-movement work lasting over 20 minutes, this single movement makes up many sections of disparate character. The piece opens with a stepwise melody (G-A-G sharp-A sharp) accompanied by chromatic scales. A second theme is angular, staccato, and aggressive. Closer attention to these two apparently disparate sections, however, reveals similarities in their melodic contours, which are based on the relatively simple chromaticism of the opening motif. New ideas and textures succeed one another throughout the piece, typically in fast-slow-fast alternation (another Bartók technique), but the melodic characteristics of each section may be traced to the piece's opening. Variation of rhythm provides the piece with much of its sense of progression, with somewhat amorphous passages giving way to the quick irregular meters of a dance form; there are also other stylistic parodies of folk music. Use of biting dissonance (one of the reasons the composer's more advanced work was not officially supported) occurs throughout; the second section features passages of parallel minor seconds. Ligeti's ear for unusual timbral possibilities is already at work in this early piece. High harmonic glissandi near the end of the work may presage the distinctive sound of Apparitions and the later pieces for which Ligeti came to be known. " (*)

Programma :

  • Ludwig van Beethoven, Strijkkwartet in a Op. 132
  • Joseph Haydn, Strijkkwartet in Bes Op. 76 nr. 4 'Sonnenaufgang'
  • György Ligeti, Strijkkwartet nr. 1 'Metamorphoses Nocturnes'

Praktische info :

Dudok Kwartet: Beethoven, Haydn, Ligeti
Vrijdag 17 april 2015 om 20.15 u
Sint-Pieterskerk Leut


Meer info : www.ccmaasmechelen.be en www.ccmaasmechelen.be

Extra :
György Ligeti : www.schott-musik.de en youtube
Györgi Ligeti (1923 - 2006): emotioneel scepticus, Jan de Kruijff op www.musicalifeiten.nl, juni 2006
(*) György Ligeti, String Quartet No. 1 ("Métamorphoses nocturnes"), Robert Kirzinger op www.answers.com
Beluister György Ligeti's String Quartet No. 1 integraal op www.allmusic.com

22:40 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook

04/05/2014

Nuyts vs Ligeti : vierde concert in de reeks Integrale pianosonates van Frank Nuyts in de Bijloke

Frank Nuyts Op 9 mei is het weer verzamelen geblazen voor de intussen 4de episode in de uitvoering van Frank Nuyts' integrale pianosonates. Frank Nuyts is een componist met een brede muzikale belangstelling en dat levert fantasierijke muziek op, die op een verfrissende manier allerlei invloeden door elkaar weeft. Klassiek mengt zich met pop. Formele strengheid gaat hand in hand met levendige muzikale fantasie. Even vlot verbindt hij zijn muziek met buitenmuzikale concepten. Neem bijvoorbeeld Sonate nr. 7. Zonder metrum, even vloeiend als water. In Sonate nr. 8 refereert Nuyts aan Finnegans Wake van James Joyce, een tekst die zijn eigen lied zingt.

Het beprefde recept staat stevig overeind : drie pianisten brengen elk een sonate van Nuyts. Katerina Konstantourou vertolkt Sonate nr. 7, Elisa Medinilla nr. 8 en Jan Michiels creëert nr 16. Michiels vult de composities van Frank Nuyts aan met études van Debussy en Ligeti. Zoals gebruikelijk krijgt iedere aanwezige er een gratis cd bovenop met de drie werken die tijdens het vorige recitalopgenomen werden.

De zoektocht in het labyrinth waartoe Frank Nuyts zijn publiek, maar ook zijn pianisten uitnodigt, blijft fascineren. Hoe jij pop- en andere muzikale invloeden weet te integreren in zijn concept. Hoe hij pianisten tot het uiterste drijft om allerlei betekenissen te ontdekken en bloot te leggen. Hoe hij het publiek kietelt, stompt, aan de praat houdt, verrast. Geen noot is willekeurig.

Als pendant van Nuyts stelt Jan Michiels études voor van twee grootmeesters in het genre. Zeker Ligeti - bekend bij het grote publiek dankzij de films van o.a. Stanley Kubrick en Martin Scorsese - tilde deze zogenaamde vingeroefeningen in zijn twee bundels naar een ongekend uitvoeringstechnisch en muzikaal niveau. Ze behoren zondermeer tot de meest opmerkelijke en invloedrijke pianomuziek uit de 20ste eeuw. Zijn Etudes zijn uiterst virtuoos geschreven, geweldig expressief een meeslepend. Ligeti zoekt de grenzen op van waar een menselijk pianist fysiek en mentaal nog toe in staat is. Jan Michiels voert het volledige eerste boek uit, dat garant staat voor een stevige diversiteit aan klankbeelden;

Praktische info :

Katerina Konstantourou, Elisa Medinilla en Jan Michiels : Frank Nuyts' integrale pianosonates deel IV
Vrijdag 9 mei 2014 om 20.00 u
(inleiding om 19.15 u )
Muziekcentrum de Bijloke - Gent
Bijlokekaai 7
9000 Gent

Meer info : www.debijloke.be

Extra :
Frank Nuyts : www.franknuyts.com, www.hardscore.be, www.matrix-new-music.be en youtube
György Ligeti : www.schott-musik.de en youtube
Györgi Ligeti (1923 - 2006): emotioneel scepticus, Jan de Kruijff op www.musicalifeiten.nl, juni 2006

Elders op Oorgetuige :
Derde concert in de reeks Integrale pianosonates van Frank Nuyts in de Bijloke, 15/11/2013
Tweede concert in de reeks Integrale pianosonates van Frank Nuyts in de Bijloke, 20/05/2013
Integrale pianosonates van Frank Nuyts in de Bijloke, 17/12/2012

22:06 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook

27/04/2014

Jonge Zwitserse pianist Francesco Piemontesi te gast in het Conservatorium van Brussel

Francesco Piemontesi "In een tijd waarin carrières uitgebouwd worden met de buitensporige inzet van PR, doet het deugd een jonge pianist met echt talent aan het werk te zien. Een pianist met een natuurlijke houding en gevoeligheid en een wonderlijke technische vaardigheid, die ons eraan herinnert wat 'mooi spelen' werkelijk betekent." Deze woorden van lof ontving Francesco Piemontesi (foto) van niemand minder dan Alfred Brendel. Wat kunnen wij daar nog aan toevoegen?

De Zwitserse pianist Francesco Piemontesi werd in 1983 geboren in Locarno en begon op vierjarige leeftijd piano te spelen. Na studies in Lugano specialiseerde hij zich aan de Hochschüle für Musik in Hannover. Hij volgde masterclasses bij Alexis Weissenberg, Bernd Glemser en Cécile Ousset. Immiddels maakte hij ophef op diverse pianoconcoursen. In 2007 werd hij derde finalist op de prestigieuze Koningin Elisabethwedstrijd in Brussel. In 2008 werd hij bekroond met de Gawon Music award in Seoul.

Na zijn concertdebuut in 1994 gaf Francesco Piemontesi concerten op diverse Europese podia, maar trad hij ook op in Japan, Korea en de Verenigde Staten. Hij is een graag geziene gast op verschillende gerenommeerde festivals, waaronder de Ludwigsburger Schlossfestspielen, het Martha Argerich Project, het Klavier-Festival Ruhr, de Orpheum Musiktage Zürich en het Chopin-Festival in Duszniki. Als solist trad hij reeds met tal van vooraanstaande orkesten op. Hij werkte daarbij samen met dirigenten als Lawrence Foster, Dimitrij Kitajenko, Howard Griffiths en Christian Arming.

Ook op vlak van kamermuziek is Francesco Piemontesi actief. sinds 1998 treedt hij regelmatig op met muzikanten als Yuri Bashmet, Heinrich Schiff, Maria Kliegel, Anne Queffélec, Marie-Elisabeth Hecker, het Quartet Ebène. Hij is ook artistiek leider van het kamermuziekfestival van Bellizona. In november 2008 debuteerde hij in de Wiener Musikverein met het Tonkünstler Orchester o.l.v. Bruno Weil. Daarnaast gaf hij recitals doorheen Europa, maar ook in de gerenommeerde Carnegie Hall in New York.

Programma :

  • Wolfgang Amadeus Mozart, Sonate voor piano, KV 533/494
  • Ludwig van Beethoven, Sonate voor piano nr. 30, op. 109
  • György Ligeti, Cordes vides (Etudes pour piano I), Entrelacs (Etudes pour piano II)
  • Claude Debussy, Des pas sur la neige (12 Préludes, livre I), La Danse de Puck (12 Préludes pour piano, livre I)
  • Franz Schubert, Sonate voor piano, D 958

Praktische info :

Francesco Piemontesi : Mozart, Beethoven, Ligeti, Debussy, Schubert
Maandag 28 april 2014 om 20.00 u
(inleiding door Waldo Geuns om 19.30 u )
Koninklijk Conservatorium Brussel
Regentschapsstraat 30
1000 Brussel

Meer info : www.bozar.been www.piemontesi.org

Extra :
György Ligeti : www.schott-musik.de en youtube
Györgi Ligeti (1923 - 2006): emotioneel scepticus, Jan de Kruijff op www.musicalifeiten.nl, juni 2006

00:44 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook

27/09/2013

Passionele strijkkwartetten met het Arditti Quartet in Leuven

Arditti Quartet Novecento zet in op de kamermuziek van de 20ste eeuw voor een heerlijke gecompliceerde mix tussen componist, uitvoerder(s) en luisteraars. Arditti Quartet geeft zich over aan 'de verstrengelingen van het strijkkwartet' en ontwart de verdoken liefdesverklaringen in de kwartetten van Alban Berg en Leoš Janácek. In het eerste kwartet van György Ligeti leggen ze het latere genie al bloot. Het Arditti Quartet is berucht voor een verschroeiende technische precisie in combinatie met een uitzonderlijke muzikale expressiviteit.

Grijp je kans om drie meesterlijke strijkkwartetten van de 20ste eeuw - die je moet gehoord hebben - met het Arditti Quartet live te beleven.  Het strijkkwartet is een aartsmoeilijk genre. Janáček waagde er zich pas aan op 69-jarige leeftijd met zijn Kreutzer sonata, gedreven door de liefde voor een jongere vrouw. Ook Berg smokkelde een verboden liefdesverklaring in een van de meest aangrijpende strijkkwartetten uit de literatuur (met het hartverscheurend Largo desolato). Ligeti neemt Bartók als grote voorbeeld met spannende ritmes, trekjes Hongaarse volksmuziek en een ongelooflijke drive. Maar ook zijn latere genie is al te horen: een stuklopend mechaniekje hier, een betoverend klankvlak daar…  

Het strijkkwartet wordt vaak gezien als het summum van 'absolute muziek', dit wil zeggen als muziek die eerst en vooral 'in zichzelf besloten klank' is, zonder verdere buitenmuzikale connotaties of betekenissen. De kwartetten van Janácek, Berg en Ligeti zijn echter dermate verpletterend in hun directe emotionele expressie dat het (haast) onmogelijk is om er geen buitenmuzikale werkelijkheid mee te verbinden.

György Ligeti schreef zijn Eerste strijkkwartet 'Metamorphoses nocturnes', een werk van een duizelingwekkende technische complexiteit, in 1953-54. In het Hongarije van begin jaren 1950 was de uitvoering van een werk van deze dissidente componist ondenkbaar. De première kwam er pas in 1958 in Wenen. In het dit werk neemt één grondmotief steeds andere gedaanten aan, als in een nieuwe versie van de beproefde variatievorm.

De titel van Ligeti's Strijkkwartet nr. 1 (1953) zou een 'latente opera' kunnen suggereren. Voor zover bekend is hier echter geen sprake van een programma of achterliggend emotioneel drama. 'Métamorphoses' verwijst, alvast volgens de componist zelf, eerder naar de globale opbouw van de compositie: een eendelig werk, opgebouwd uit verschillende in elkaar overlopende segmenten van ongelijke lengte, die allemaal gegenereerd worden vanuit één basismotief. Toch blijft het moeilijk om te weerstaan aan de verleiding om ook aan de metamorfoses een onderliggend programma te koppelen. De muziek is bijzonder sfeerrijk, heel episodisch, uitgesproken emotioneel en bevat soms expliciet contextuele connotaties. Dat is bijvoorbeeld het geval wanneer er vanuit een uitdijende stilte een elegant en quasi tonaal Tempo di Valse opduikt; of wanneer de componist plots een gewichtig Alla marcia in pizzicato-stijl voorbij laat denderen. Ligeti's gebruik van de allerminst frequente tempo- aanduiding Allegretto gioviale, vlak voor het marsfragment lijkt een duidelijke referentie aan het begin van Bergs Lyrische Suite te zijn, met alle implicaties van dien . Ligeti zelf houdt zich echter op de vlakte, ook wat betreft de aanduiding 'Nocturnes'.

Hoewel deze aanduiding volgens hem alleen maar een algemene sfeer oproept, zien velen daarin ook een verwijzing naar de 'nachtmuzieken' van Béla Bartók, Ligeti's grote voorbeeld. Het vierde deel uit diens pianocyclus 'Im Freien' (Klänge der Nacht) begint bijvoorbeeld met nagenoeg hetzelfde motief als Ligeti's Métamorphoses. Maar de invloed van Bartók gaat nog veel verder: de percussieve behandeling van de strijkers, het uitvoerige gebruik van onregelmatige metra en ongewone ritmische accenten en de verregaande chromatiek sluiten allemaal heel dicht aan bij diens stijl, in het bijzonder die van zijn strijkkwartetten (vooral het vierde). Daarnaast ontvouwt Ligeti ook al enkele technieken die in zijn latere oeuvre nog belangrijker zullen worden. Opmerkelijk is dat Ligeti in deze periode ook Bergs Lyrische Suite had leren kennen, zij het enkel via de partituur. Zeker Bergs technieken om een lyrische melodie in een chromatisch veld te plaatsen of de schuivende klankgebeurtenissen uit het Allegro misterioso hebben een onmiskenbare impact gehad op de jonge toondichter.

Robert Kirzinger over Ligesti's eerste Stijkkwartet : "Ligeti's String Quartet No. 1 was written in Budapest in 1953-1954, but not premiered until May 8, 1958, by the Ramor Quartet in Vienna. By that time Ligeti had already left the Soviet-controlled Hungary for the West and had been introduced to music that had only barely penetrated the Eastern bloc; including the music of Stockhausen and Boulez, the advent of serialism, and the electronic music studios. Ligeti's own progress as a composer put him far beyond the influence of Kodály, Bartók, and the Hungarian nationalism that permeated most of his work in Budapest. Bartók's influence on Ligeti's music is twofold, and includes his sophisticated sense of rhythm and motivic development, and also his lifelong use of folk song and folk-influenced musical materials. Ligeti's Musica ricercata for piano; their offspring, the Six Bagatelles for wind quintet; and the String Quartet No. 1 show these influences most clearly.

Although the String Quartet No. 1 is ostensibly a one-movement work lasting over 20 minutes, this single movement makes up many sections of disparate character. The piece opens with a stepwise melody (G-A-G sharp-A sharp) accompanied by chromatic scales. A second theme is angular, staccato, and aggressive. Closer attention to these two apparently disparate sections, however, reveals similarities in their melodic contours, which are based on the relatively simple chromaticism of the opening motif. New ideas and textures succeed one another throughout the piece, typically in fast-slow-fast alternation (another Bartók technique), but the melodic characteristics of each section may be traced to the piece's opening. Variation of rhythm provides the piece with much of its sense of progression, with somewhat amorphous passages giving way to the quick irregular meters of a dance form; there are also other stylistic parodies of folk music. Use of biting dissonance (one of the reasons the composer's more advanced work was not officially supported) occurs throughout; the second section features passages of parallel minor seconds. Ligeti's ear for unusual timbral possibilities is already at work in this early piece. High harmonic glissandi near the end of the work may presage the distinctive sound of Apparitions and the later pieces for which Ligeti came to be known. " (*)

Hoe verschillend de drie werken op zich ook mogen zijn, op allerhande manieren zijn ze ook sterk met elkaar verstrengeld: de kwartetten van Janácek en Berg vinden allebei hun oorsprong in de context van een stokkend huwelijk; Ligeti's en Janáceks werken hebben een diepere verwantschap door hun sfeerbepalende nachtelijke setting; Ligeti's verwijzingen naar Berg gaan mogelijk verder dan louter compositorische bewondering, wat vanzelfsprekend ook geldt voor Bergs referenties aan (onder andere) Wagner, en voor Janáceks Beethoven-citaat. Toegegeven, het zijn eerder oppervlakkige overeenkomsten, maar wel overeenkomsten die danig versterkt worden door de gemeenschappelijke aandrang van de drie componisten om binnen de traditie van het strijkkwartet registers te openen die het 'absolute' imago van het genre ver achter zich laten.

Programma :

  • Leoš Janácek, Strijkkwartet nr. 1 (Kreutzer Sonata) (1923)
  • György Ligeti, Strijkkwartet nr. 1 (1953-54)
  • Alban Berg, Lyrische Suite (1925-26)

Tijd en plaats van het gebeuren :

Arditti Quartet : Janácek, Ligeti, Berg
Dinsdag 1 oktober 2013 om 20.30 u
(Inleiding door Pieter Bergé om 19.45u )
Iers College - Leuven
Janseniusstraat 1
3000 Leuven

Meer info : www.festivalvlaamsbrabant.be en www.ownvoice.com/ardittiquartet

Extra :
Daniel D'Adamo : www.danieldadamo.com, brahms.ircam.fr, fr.wikipedia.org en youtube
György Ligeti : www.schott-musik.de, www.arsmusica.be en youtube
Györgi Ligeti (1923 - 2006): emotioneel scepticus, Jan de Kruijff op www.musicalifeiten.nl, juni 2006
(*) György Ligeti, String Quartet No. 1 ("Métamorphoses nocturnes"), Robert Kirzinger op www.answers.com
Beluister György Ligeti's String Quartet No. 1 integraal op www.allmusic.com

Elders op Oorgetuige :
Novecento 2013 : onbekende muzikale pareltjes en mijlpalen die richting gaven aan de muziekgeschiedenis, 22/09/2013

11:00 Gepost in Concert, Festival, Muziek | Permalink |  Facebook

02/09/2013

Dodendans met het Brussels Philharmonic in Flagey

György Ligeti Het mysterie van het macabere heeft tal van componisten verleid tot vreemde en onheilspellende muziek. Wereldberoemd is Saint-Saëns' Danse Macabre uit 1874. Dit werk roept een beeld op van de Dood, die met zijn viool zijn skeletachtige volgelingen in een toenemend uitbundige nachtelijke dans meevoert, tot de haan kraait en de geesten verdampen bij de komst van het ochtendgloren. 

Een totaal andere dodendans vinden wij terug bij Ligeti. Mysteries of the Macabre is een absurde suite gebaseerd op een drietal aria's uit zijn enige opera 'Le Grand Macabre' waarin Ligeti de wereld voorstelt als een narrenschip. Ligeti's cartooneske stijl en ironische taal vragen het uiterste van het orkest en de solist. Als geen ander wist deze Hongaars-Joodse componist, wiens vader en broer het slachtoffer werden van de fascistische dictatuur, tranen in klank om te zetten. 

Zoals velen van zijn romantische voorgangers schiep Jean Sibelius er plezier in zich over te geven aan melancholie, en vreugde te putten uit duisternis. Bij de première van zijn Vierde Symfonie confronteerde hij zijn publiek met de meest onheilspellende klanken die op dat moment in Europa te horen waren. 

De 'Mysterien aus der Oper Le Grand Macabre' zijn een hilarisch condensaat uit Ligeti's baanbrekende opera 'Le grand Macabre'. Hoe handig (en humoristisch) Ligeti was in het verwerken van verwijzingen naar de muziekgeschiedenis, blijkt in de hilarische fantasie waarmee hij de morbide komedie 'Le grand Macabre' (1974-77, herwerkt in 1996) uitwerkte. De 'Mysteries of the Macabre' (1991) die daaruit zijn gelicht, zijn een compilatie van drie opeenvolgende aria's van Gepopo, de chef van de geheime politie, die het staatshoofd, prins Go-go, in hilarische pseudo-codetaal een soort waarschuwing tracht over te brengen. De aria's zijn voor coloratuursopraan geschreven en dat buit Ligeti uit door alle clichés van extreme vocale acrobatie en expressie die met dat genre en stemtype historisch geassocieerd zijn samen te bundelen en nog te overtreffen. De 'Mysteries' zijn zo tegelijk een hypervirtuoze aria die qua vocaal vuurwerk weinig gelijken kent in het operarepertoire en een ironische en zelfs satirische commentaar op de conventies van dat repertoire.

Programma :

  • Jean Sibelius, Valse triste, op. 44/1
  • Camille Saint-Saëns, Danse Macabre
  • György Ligeti, Mysteries of the Macabre
  • Jean Sibelius, Symfonie nr. 4 in a, op. 63

Tijd en plaats van het gebeuren :

Brussels Philharmonic & Andre Kavalinski : Sibelius, Ligeti, Saint-Saens
Zondag 8 september 2013 om 15.00 u
Flagey - Brussel

H.-Kruisplein
1050 Elsene (Brussel)

Meer info : www.klarafestival.be, www.flagey.be en www.brusselsphilharmonic.be

Extra :
György Ligeti : www.schott-musik.de en youtube
Györgi Ligeti (1923 - 2006): emotioneel scepticus, Jan de Kruijff op www.musicalifeiten.nl, juni 2006

Elders op Oorgetuige :
KlaraFestival 2013 : melancholie als rode draad, 24/08/2013
Over humor en angst voor de dood : Ligeti's Le Grand Macabre voor het eerst in De Munt, 20/03/2009

15:59 Gepost in Concert, Festival, Muziek | Permalink |  Facebook