16/10/2015

Rising Star Trio Catch in Bozar

Trio Catch Als je houdt van hedendaagse muziek kom je tijdens dit concert volledig aan je trekken. Het Trio Catch speelt een creatie van de jonge Oostenrijkse componist Johannes Maria Staud en werk van de Duitse componist Helmut Lachenmann. Zijn naam is verbonden aan de 'musique concrète', muziek die het hele klankenuniversum van een instrument verkent door onconventionele speeltechnieken. Zoals zijn naam aangeeft, wil het trio altijd de aandacht van de luisteraar volledig grijpen. Dat lukt met dit programma zeker.


Programma :

  • Johannes Maria Staud, Wasserzeichen (Auf die Stimme der weißen Kreide II) - opdracht ECHO
  • Johannes Brahms, Trio voor klarinet, cello en piano, op. 114
  • Helmut Lachenmann, Allegro sostenuto

Praktische info :

Trio Catch : Johannes Maria Staud, Lachenmann, Brahms
Maandag 19 oktober 2015 om 19.00 u
Bozar - Brussel


Meer info : www.bozar.be en www.triocatch.com

Extra :
Johannes Maria Staud : nl.wikipedia.org, www.universaledition.com en youtube
Helmut Lachenmann op composers21.com en youtube
Thinking About Helmut Lachenmann, Dan Albertson op www.lafolia.com, november 2004
Gegen die Vormacht der Oberflächlichkeit, Interview met Helmut Lachenmann, Claus Spahn in Die Zeit, 29/04/2004

Video :
Beluister alvast het eerste deel uit Helmut Lachenmanns Allegro sostenuto

19:58 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook

15/02/2015

Berlijns Solistenensemble Kaleidoskop trakteert op bijzondere luisterervaring

Dark Was The Night 'Niet geschikt voor wie bang is in het donker, maar wel voor wie iets compleet nieuws wil ervaren.' Elke passage van het jonge Berlijnse Solistenensemble Kaleidoskop kan op zijn minst indrukwekkend genoemd worden: ze gieten telkens weer een fris programma in een zinnenprikkelend format. En niet in het minst in Dark Was The Night: het publiek ligt op een bed, in complete duisternis, terwijl de muzikanten rond hen bewegen. Dit concept werd uitgewerkt door regisseur Sabrina Hölzer, die het label Into The Dark oprichtte om dit nieuw format een plaats te geven. Het afsluiten van de visuele prikkel zorgt ervoor dat de muziek nog intenser wordt ervaren: van heel dichtbij en veraf, bewegend en stilstaand. De muzikanten katapulteren de luisteraar zo in de meest verscheiden muzikale ruimten en werelden: van Haydn tot Hindemith, van Sánchez-Verdú tot Lachenmann en van Ravel tot Bauer. Intens, uniek, verrassend en onvergetelijk. Kortom: niet te missen!

Praktische info :

Solistenensemble Kaleidoskop : Dark Was The Night
Woendsdag 18 februari 2015 om 17.00 u en om 20.00 u
(uitverkocht)
Donderdag 19 februari 2015 om 17.00 u en om 20.00 u
Concertgebouw - Brugge


Meer info : www.concertgebouw.be en www.kaleidoskopmusik.de
------------------------------
Donderdag 19 maart 2015 om 19.00 u (uitverkocht) en om 22.00 u
Vrijdag 20 maart 2015 om 19.00 u en om 22.00 u
(uitverkocht)
Bronks - Brussel


Meer info : klarafestival.be en www.kaleidoskopmusik.de

23:00 Gepost in Concert, Festival, Muziek | Permalink |  Facebook

30/03/2014

Kobe Van Cauwenberge & Mattias Koole met gloednieuw repertoire voor twee gitaren in Logos

Oh Mensch Oh Mensch, dat zijn Kobe Vancauwenberghe en Matthias Koole, twee gitaristen die zich specialiseren in het experimentele, New Complexity-gerichte repertoire. Ze begonnen hun studies in 2002 aan het Antwerpse Conservatorium, maar kwamen in 2005 naar Gent om zich verder te bekwamen bij Tom Pauwels. Bij hun deelname aan de Darmstadt Ferienkurse in 2012 kwamen ze in contact met Brian Ferneyhough en Helmut Lachenmann, wiens werk hen dan ook op het lijf geschreven is. Voor dit jaar staan enkele residenties op het programma en in de aanloop daarvan spelen ze voorstellingen met onder meer creaties van Larry Polansky en Mathias Spahlinger.

Dat Larry Polansky (New York, 1954) een polyvalent artiest is, is een understatement. Naast zijn docentschap aan het Dartmouth College in Hanover (New Hampshire, USA) is hij actief als componist, musicoloog, uitvoerend muzikant en schrijver. Als uitvoerend musicus werkt hij geregeld samen met muzikanten als Christian Wolff, Frederic Rzewski en Nick Didkovsky. Op zijn website, maar ook in tal van muziektijdschriften zoals het toonaangevende Leonardo Music Journal vind je recensies en musicologische teksten van hem terug.

Larry Polansky is medeoprichter van het componistencollectief Frog Peak Music en ontwikkelde samen met Phil Burk en David Rosenboom de wijdverspreide computersoftware HMSL. HMSL is een programmeertaal voor experimentele muziekcompositie en live performance. Zij werd ontwikkeld in het Center For Contemporary Music in Mills College in Californië en was erg populair tussen 1986 en 1996. HMSL bevat tools voor algoritmische compositie, het realtime ontwerpen van nieuwe instrumenten, MIDI controle en muzikaal artificiële intelligentie.

Polansky is mathematicus van opleiding. Hij behaalde in 1976 een BA in wiskunde en muziek aan de universiteit van Santa Cruz in Californië. Nadien in 1978 behaalde Polansky een MA in compositie aan de universiteit van Illinois. Larry Polansky is een gerespecteerd amateur-ornitholoog, verdiepte zich in Joodse mystiek en spreekt naast het Engels verscheidene talen waaronder Jiddisch, Spaans, Engels en gebarentaal. Hij is huisvader, rockmuzikant en letterlijk een man van de wereld. Zo woonde hij op verschillende plaatsen in de VS, in Canada, Chili, Peru, Indonesië, Java, Frankrijk, Engeland…

Als componist treedt Larry Polansky duidelijk in de voetsporen van zijn leraar James Tenney (1934 - 2006). Wat beide conceptualisten in de eerste plaats verbindt, is een diepgaande fascinatie voor structuur en proces. De Europese seriële muziek van onder meer Anton Webern maar ook de typische Amerikaanse Minimal Music hebben hier zeker een aandeel in gehad. In veel van hun werken vinden we een wetenschappelijk of mathematisch element terug. Dit mathematisch denken manifesteert zich op verschillende gebieden. Op gebied van klank hebben beide componisten een voorliefde voor just intonation en verrichtten ze baanbrekend onderzoek naar elektronische muziekcompositie. Op vlak van tijd maken zowel Tenney als Polansky geregeld gebruik van procesmatige systemen zoals in Tenneys 'Septet uit 1981 of in Polanskys 'ivtoo uit 2000. Beide werken voor gitaar en tape zijn het resultaat van een duidelijk proces van steeds complexer wordende ritmische lagen. Dit ritmisch proces wordt in beide werken gekoppeld aan het harmonisch verloop. Niettegenstaande zijn nuchtere en soms wetenschappelijke aanpak behoudt Polansky, net zoals vele andere Amerikaanse componisten (Charles Ives, Conlon Nancarow…) een intuïtieve affiniteit met de Amerikaanse populaire muziek. Zowel die van vroeger (traditionele Amerikaanse folkmuziek) als die van nu (Polansky als rockmuzikant).

De Duitse componist Mathias Spahlinger werd geboren in 1944 en studeerde tussen zijn 20ste en 24ste compositie bij Konrad Lechner, Werner Hoppstock en Erhard Karkoschkane. Goed en wel 34 jaar oud werd hij gastdocent in Berlijn om voor zijn 40ste reeds aan de slag te gaan als docent compositie in Karlsruhe. Sinds 1990 is hij in diezelfde functie verbonden aan de muziekhogeschool van Freiburg, waar hij ook het Institut für Neue Musik leidt. Spahlinger schreef werken voor heel uiteenlopende bezettingen: voor blokfluit, symfonisch orkest, koor en tape of pianoseptet.

Helmut Lachenmann (1935, Stuttgart) is de meest invloedrijke levende Duitse componist van zijn generatie. In zijn geboortestad studeerde hij eerst bij Johann Nepomuk David, voordat hij naar Luigi Nono in Venetië ging. In 1961 vestigde hij zich als zelfstandig pianist en componist in München. Op de grote festivals voor nieuwe muziek deed Lachenmann steeds weer met extreme werken van zich spreken. Zijn invloed op de hedendaagse muziek is dan ook zeer ingrijpend.
Lachenmanns gitaarduet 'Salut für Caudwell' (1977) is een mijlpaal in de muziek voor gitaar en tovert ongehoorde klanken te voorschijn, delicate structuren en een breed spectrum aan muzikale referenties. Het is een hommage aan de Engelse marxistische schrijver en dichter Christopher Caudwell, die als dertigjarige omkwam in Spanje aan de zijde van diegenen die het Francoregime een halt probeerden toe te roepen. Lachenmann gaat in 'Salut für Caudwell' uit van karakteristieke speelwijzen voor gitaar, die hij enerzijds tot hun essentie reduceert en anderzijds omvormt en anders laat evolueren. Uiteindelijk blijft er enkel de dwarsgreep over die wordt genomen met de hand of met de flessenhals. Op het eerste gezicht lijkt dit eerder op een beperking van de mogelijkheden tot klankverscheidenheid, maar het geeft in tegendeel meer vrijheid aan beide handen zodat er meer mogelijkheden ontstaan tot een differentiatie van de aanslagwijzen. De gitaar gaat op deze manier werken als een resonerend lichaam in functie van een elementair klankpotentieel.

Programma :

  • Larry Polansky, Tritune (2014) - wereldcreatie
  • Mathias Spahlinger, Entfernte Ergänzung (2012) - Vlaamse creatie
  • Helmut Lachenmann, Salut Für Caudwell (1977)

Praktische info :

Kobe Van Cauwenberge & Mattias Koole : Polansky, Spahlinger, Lachenmann
Dinsdag 1 april 2014 om 20.00 u
Logos Tetraëder - Gent

Bomastraat 26-28
9000 Gent

Meer info : www.logosfoundation.org en www.kobevancauwenberghe.com

Extra :
Larry Polansky op www.dartmouth.edu en youtube
Mathias Spahlinger op nl.wikipedia.org, brahms.ircam.fr en youtube
Helmut Lachenmann op composers21.com en youtube
Thinking About Helmut Lachenmann, Dan Albertson op www.lafolia.com, november 2004
Gegen die Vormacht der Oberflächlichkeit, Interview met Helmut Lachenmann, Claus Spahn in Die Zeit, 29/04/2004

Beluister alvast Helmut Lachenmanns Salut Für Caudwell

19:57 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook

25/10/2013

Kleurrijke afsluiter van Novecento met ensemble recherche

Ensemble recherche Ensemble recherche creëerde 'Vortex temporum' na een unieke maandenlange samenwerking met Gérard Grisey. Vortex temporum is het voorlaatste werk van de veel te jong gestorven Franse componist Gérard Grisey (1946-1998). Hij werkte drie jaar ononderbroken aan wat zijn grootste meesterwerk is. Grisey verwijst naar drie soorten van tijdsbeleving: de menselijke tijd (de taal en ademhaling), de tijd van de walvissen (het langzame, regelmatige slaapritme) en die van de vogels of de insecten (de meest extreme, samengeperste tijd). De derde beweging is opgedragen aan Helmut Lachenmann, wiens Allegro Sostenuto uit een heel ander vaatje tapt. Lachenmann creëert een soort clair-obscur. Vanuit de schaduw van één klank vertrekken voortdurend nieuwe klanken, waarmee klarinet, cello en piano een veelvoud aan kleuren produceren.

ls de kunstmuziek van de twintigste eeuw door één iets gekenmerkt wordt, dan is het wel door een ongebreidelde zoektocht naar vernieuwing, en dat op alle mogelijke vlakken. In hun ontdekkingsreizen verlegden componisten vaak het accent van de traditionele melodie en harmonie naar andere parameters, zoals ritme of klankkleur. Het overbekende Le Sacre du Printemps van Stravinsky geldt als een prachtig voorbeeld van de haast uitsluitend ritmische benadering van muziek, terwijl de ontelbare kleurschakeringen in de muziek van Debussy al vooruitwijzen naar de fascinatie voor klankkleur bij latere componisten. Net deze twee parameters - klank en tijd - zijn van een niet te overschatten belang in het werk van Helmut Lachenmann en Gérard Grisey, de vertegenwoordigers van twee sterke tradities op het Europese vasteland: het Duitse modernisme en het Franse spectralisme.

Helmut Lachenmann was een relatieve laatbloeier als componist, en het zouden vooral de ontmoetingen met Karlheinz Stockhausen en Luigi Nono zijn die hem in 1957 in de richting van de avant-garde dreven. Vandaag staat hij zowel bekend voor zijn hoogst originele composities als voor zijn geschriften over (zijn) muziek en esthetica. Als één van de weinige componisten/theoretici durft Lachenmann zich bijvoorbeeld af te vragen wat het begrip schoonheid betekent in de context van hedendaagse muziek. Nadat hij enkele composities had geschreven aan de hand van strikt seriële ordeningsprincipes verlegde hij de focus in de jaren 1960 naar expressiviteit en de anatomie van de klank. Hoewel deze periode gekenmerkt wordt door een razendsnelle evolutie op het vlak van opgenomen en elektronische klanken, kiest Lachenmann resoluut voor een akoestische aanpak onder de noemer musique concrète instrumentale.

De elektronische muziek ontwikkelde zich in de vroege jaren 1950 als het ware op twee sporen. Enerzijds was er de studio van de Westdeutscher Rundfunk (WDR) in Keulen waar volledig synthetische klanken gerealiseerd werden, de zogeheten Elektronische Musik. Anderzijds creëerde Pierre Schaeffer in Parijs nieuwe composities met vooraf opgenomen klanken (zoals geluiden van machines, treinen, of natuurgeluiden). Dat werd musique concrète genoemd. De term musique concrète instru- mentale verwijst dus naar het feit dat op een instrumentale manier, met vooraf bestaande instrumenten, naar nieuwe klanken wordt gezocht. Lachenmanns fascinatie voor nieuwe geluiden vertaalt zich in een niet-conventioneel, soms zelfs experimenteel gebruik van de bestaande muziekinstrumenten. Een cello kan immers oneindig veel meer klanken voortbrengen dan de gebruikelijke aangestreken of getokkelde snaren. Elke mogelijke handeling op het instrument creëert een geluid, en die handeling - de manier waarop een klank tot leven wordt gewekt - dient zo precies mogelijk omschreven te worden. Het hoeft dan ook niet te verwonderen dat een partituur van Lachenmann ontelbare aanwijzingen bevat over hoe het instrument precies bespeeld moet worden.

De partituur van Allegro Sostenuto (1988) bevat maar liefst zes volledige pagina's met instructies voor verschillende speelwijzen. Ook de partituur zelf staat bol van detaillistische aanwijzingen zoals bijvoorbeeld "wie ein Hauch, mit Fingerkuppe über tiefe Saite entlang (oder Fingernagel, wenn anders nicht hörbar)" [als een zucht, met een vingertop op de laagste snaar (of een vingernagel, indien niet hoorbaar)]. In de klarinet staat op hetzelfde moment te lezen: "aus der Entfernung aufs Mundstück geblasen" [van op een afstand op het mondstuk geblazen]. Alsof die rijkdom aan nieuwe klanken nog niet volstaat, realiseert Lachenmann op een bijzonder efficiënte manier een muzikale textuur waarin de drie instrumenten haast versmelten tot een nieuwe eenheid. Heel vaak worden tonen doorgegeven van het ene instrument naar het andere. Duidelijk gearticuleerde toonhoogtes weerklinken in de klarinet en worden meteen herhaald door de cello, of omgekeerd. Hier ligt ook een sleutel om toegang te krijgen tot de beluistering van dit werk. Zoals in veel modernistische muziek klinken de individuele muzikale figuren vaak erg fragmentarisch. Korte cellen van slechts enkele noten worden gescheiden door stiltes of door interventies van andere instrumenten. Wanneer we echter de focus verleggen naar de klank en de beweging wordt duidelijk hoe Lachenmann wel degelijk expressieve lijnen en richting creëert.

Gérard Grisey geldt als één van de eerste en belangrijkste componisten van het spectralisme, waarin de klank evenzeer centraal staat. Elke muzikale toon bestaat uit een grondtoon - de toon die we horen - en een aantal boventonen die een geordende reeks met specifieke verhoudingen vormen. Deze boventonen horen we meestal niet als dusdanig, maar ze bepalen wel de kleur van de klank, het specifieke timbre. Dit akoestisch fenomeen wordt vertaald naar een abstracte verzameling toonhoogtes waarmee de componisten aan de slag gaan.

In feite ligt de oorsprong ook hier in de elektronische muziek. Zuiver elektronische klanken worden gemaakt door de samenstelling (synthese) van eenvoudige tonen tot een complexe klank. Op die manier kan een synthesizer klanken produceren die klinken zoals een piano of een trompet. Gérard Grisey nam dan ook het begrip 'synthèse instrumentale' in de mond. De afzonderlijke componenten van een klank worden verspreid over een instrumentaal ensemble of een orkest, en op die manier wordt een nieuwe klank samengesteld. Door die focus op klankkleur - het spectralisme heeft nauwe banden met het eveneens Franse impressionisme - wordt spectrale muziek vaak geassocieerd met langzaam ontwikkelende akkoorden en een weinig beweeglijke textuur. Nochtans zijn heel wat componisten (onder andere Luc Brewaeys) precies bezig geweest met het creëren van een zekere dynamiek en het (her)introduceren van snelheid. Deze aandacht voor de muzikale tijd is cruciaal in Vortex Temporum (1994-1996).

Vortex Temporum is een eerder atypisch werk binnen het oeuvre van Grisey. Jean-Luc Hervé, een medewerker van Grisey die nauw betrokken was bij het kopiëren van de originele partituur noteerde volgende getuigenis: "Mijn eerste contact met Vortex Temporum kwam er via de omweg van het schrift, aangezien Gérard Grisey me - toen ik nog student was aan het conservatorium - gevraagd had hem te helpen bij het kopiëren van zijn recentste werk. Ik was verbaasd over het aantal noten, de snelheid van het discours en het repetitieve aspect die geen karakteristieken waren van de spectrale muziek. Maar ondanks mijn onvermogen om er een helder beeld van te krijgen was ik meteen overtuigd dat het hier ging om een bijzonder origineel werk. "

Inderdaad, wie spectrale muziek associeert met langzaam opgebouwde akkoorden, subtiele har- monische verschuivingen en kleurrijke samenklanken schrikt wel even bij de eerste aanblik van de partituur, of bij het horen van de eerste maten van het werk. Grisey katapulteert ons meteen naar het midden van de vortex of draaikolk (een veel gebruikte vertaling is de maalstroom van de tijd ) uit de titel. Het hele ensemble speelt een wervelende figuur gebaseerd op één akkoord, en meteen is duidelijk wat Hervé bedoelt met het repetitieve aspect van deze muziek. De contouren van deze wervelende figuren volgen trouwens de vorm van de geluidsgolven die gebruikt worden in de elektronische muziek, zoals de sinus- en de zaagtandgolf.

In de drie delen van het werk speelt Grisey eigenlijk met drie verschillende soorten tijd: de menselijke tijd, (de tijd van de taal en de ademhaling), de uitgerekte tijd van de walvissen en de gecomprimeerde tijd van de vogels en insecten. Hetzelfde basismateriaal wordt op telkens andere manieren in de tijd geprojecteerd.

Het is boeiend te zien hoe twee verschillende ontwikkelingen in de elektronische muziek gedeeltelijk leidden tot twee verschillende componeerstijlen en tradities. Helemaal opmerkelijk is dat de Duitse Helmut Lachenmann zijn compositietechniek verbindt aan de Franse musique concrète , terwijl de Franse Gérard Grisey een instrumentaal equivalent creëert voor de Duitse klanksynthese. In beide gevallen is de muziek op zich erg bijzonder, en bewijst ze dat avontuurlijke klankexploraties ook zonder elektronische hulpmiddelen mogelijk zijn.

Programma :

  • Gérard Grisey, Vortex Temporum
  • Helmut Lachenmann, Allegro Sostenuto

Tijd en plaats van het gebeuren :

Ensemble Recherche : Grisey, Lachenmann
Dinsdag 29 oktober 2013 om 20.30 u
( inleiding door Klaas Coulembier om 19.45 u )
Kunstencentrum STUK - Leuven
Naamsestraat 96
3000 Leuven

Meer info : www.festivalvlaamsbrabant.be en ensemble-recherche.de
------------------------------------------------------
Naar aanleiding van dit concert organiseert MATRIX [Centrum voor Nieuwe Muziek] een masterclass rond het oeuvre van componisten Helmut Lachenmann en Gérard Grisey. Deze masterclass werd ontwikkeld voor studenten uit het hoger muziekonderwijs en wordt gedoceerd door de muzikanten van Ensemble Recherche. De masterclass vind plaats op maandag 28 oktober 2013 van 9.30 u tot 17.00 u in het Orpheus Instituut in Gent.
www.matrix-new-music.be

Bron : tekst Klaas Coulembier voor programmaboekje Novecento

Extra :
Gérard Grisey over Vortex Temporum op www.ictus.be
Gérard Grisey op brahms.ircam.fr en youtube
Interview met Gerard Grisey, David Bündler in 20th-Century Music, 1996 op www.angelfire.com
Helmut Lachenmann op composers21.com en youtube
Thinking About Helmut Lachenmann, Dan Albertson op www.lafolia.com, november 2004
Gegen die Vormacht der Oberflächlichkeit, Interview met Helmut Lachenmann, Claus Spahn in Die Zeit, 29/04/2004

Elders op Oorgetuige :
Novecento 2013 : onbekende muzikale pareltjes en mijlpalen die richting gaven aan de muziekgeschiedenis, 22/09/2013
Het Collectief brengt twee uit de kluiten gewassen werken uit het 20ste-eeuwse kamermuziekrepertoire in Leut, 22/06/2012

16:52 Gepost in Concert, Festival, Muziek | Permalink |  Facebook

11/10/2013

Ralph van Raat & Ramon Lormans : piano versus slagwerk in de 20ste eeuw

Ralph van Raat Experiment met piano en slagwerk leidde tot een wereld boordevol nieuwe klanken in de vorige eeuw. Ralph van Raat (foto) en Ramon Lormans steken opnieuw het vuur aan de lont in een explosief concert.  Boulez voegt een extreem expressief en demonisch toccata toe in zijn eerste pianosonate. Xenakis evoceert in Rebonds een primitieve oerkracht: hyper-energetisch en luid. En in Guero van Lachenmann vervaagt de grens tussen piano en slagwerk; er is niet één vertrouwd pianogeluid te horen. In Kontakte vernieuwt Stockhausen het repertoire voor mixed media door piano en percussie te combineren met tape. Beleef de live uitvoering van vier mijlpalen uit de 20ste eeuw, het wordt een spannend avontuur!

Hamertjes beuken op snaren, vingers hameren op toetsen. Vergeet de zijdezachte akkoorden en fluwelen melodieën. De piano, voor wie daar nog mocht aan twijfelen, is in wezen een percussie-instrument. Aan het begin van de 20ste eeuw kozen componisten als Béla Bartók en Sergei Prokofiev in hun pianowerken dan ook met succes voor het benadrukken van die percussieve kwaliteit, wat perfect aansloot bij de zoektocht van hun generatie naar expressieve, energieke en allesbehalve behaaglijke muzikale elementen. Dat paste in een bredere interesse voor het doorgedreven gebruik van klank als element op zich. Daarbij hoorden ook zogenaamde alternatieve speeltechnieken en geleidelijk aan werd het hele palet van mogelijkheden op elk instrument van binnenuit herdacht.

Dat nadenken over klank als zelfstandig gegeven, plus alle mogelijke experimentele benaderingen die daarbij horen, kreeg een veel radicalere invulling na de tweede wereldoorlog. Getuige daarvan dit concert, dat de verwantschap tussen piano en percussie exploreert en systematisch het hele klankenspectrum van 'zuivere' pianoklank tot 'zuivere' percussie aftast, met bovendien een verzoenende rol voor de elektronica in Karlheinz Stockhausens Kontakte. Vanuit die optiek blijken de raakvlakken tussen beide instrumentenfamilies plots minstens zo boeiend als de verschillen.

De aandacht voor klank als een element op zich heeft een heel primaire zintuiglijke dimensie. Vandaar ook dat 'opgaan in de klank' veel te maken heeft met muzikale heftigheid: plastische akkoorden en luide intensiteit overweldigen de luisteraar. Het sterkst voel je dat in werken die de onderdompeling in de klank totaal maken, waarbij je als het ware de trillingen van de muziek in al je vezels voelt. Rebonds A+B (1987-89) van Iannis Xenakis zoekt die ervaring op in wat je nog best kan omschrijven als een percussief sjamanistisch ritueel. Rebonds is kenmerkend voor de latere werken van Xenakis. Na een periode van architecturaal ontworpen texturen, het gebruik van wiskundige systemen en denken in grote klankmassa's, keerde hij terug naar de asymmetrische, energieke ritmische patronen zoals die ook in de traditionele muziek van Centraal Europa te vinden zijn. Obsessieve herhalingen en rituele concentratie staan ten dienste van een barbaarse energie (die niettemin zeer nauwkeurig uitgeschreven is). Het maakt van Rebonds ook het meest 'zuivere' percussieve stuk.

Daar tegenover staat de al even 'zuivere' pianistiek van de Eerste Pianosonate (1946) van Pierre Boulez. Op dat moment was de zeer jonge Boulez (hij was nog maar 21 toen hij deze sonate componeerde) sterk onder de indruk van de muziek van Anton Webern. Van hem nam Boulez de voorkeur over voor een heel compact, zuinig gebruik van muzikaal materiaal. In het eerste deel van de Sonate bestaat dat uit vier zeer beknopte elementen: een stijgende kleine sext, een appogiatura, een geïsoleerde noot en een arpeggio. Die vier basisbestanddelen verschijnen meteen in de eerste maat van het stuk en duiken steeds weer op in de loop van dat eerste deel, afgewisseld met toccata-achtig materiaal. Het tweede deel wordt gedomineerd door twee andere elementen die veeleer meerstemmig gedacht zijn. Ondanks alle pianistieke vingervlugheid, is de suggestie van percussie nooit veraf. Musicoloog en pianist Charles Rosen vergeleek de heldere klank van dat tweede deel met die van een vibrafoon, als contrast met het meer droge 'xylofoon-achtige' van het eerste deel.

Alle verwijzingen naar de piano als percussie-instrument zijn natuurlijk pogingen die vooral het karakter van een specifiek klankideaal op de piano proberen te omschrijven. Voor een echte, letterlijke stap naar de piano als percussie-instrument kunnen we dan weer terecht bij Helmut Lachenmann. Deze Duitse componist voelde het als zijn plicht om ten gronde na te denken over de middelen waarmee hij muziek wilde maken. Na de relatieve abstractie van de generatie van Boulez en Stockhausen, zocht hij een herbronning in een doorgedreven herdenken van de speel- en klankmogelijkheden van muziekinstrumenten. Zijn uitspraak: "Muziek componeren is: een instrument bouwen" moet daarbij niet letterlijk worden genomen, maar leverde wel een reeks werken op waarin alle conventionele klanken gebannen zijn en enkel alternatieve speeltechnieken aan bod komen. Zo is Guero (1969) een pianowerk waarin de pianist geen enkele keer een toets indrukt. Een guero is een percussie-instrument van Latijns-Amerikaanse oorsprong met een geribbeld klanklichaam waarover met een stok heen en weer bewogen wordt, wat een scherp, raspend geluid oplevert. Op dezelfde manier wordt de pianist aanbevolen over de piano te wrijven: met de vingernagels langs de randen van de toetsen, over de stemschroeven en op de gedempte snaren. Het resultaat is een uitgekiend palet van raspende en ratelende klanken. De partituur die Lachenmann hiervoor maakte, gebruikt grafische elementen met gekromde lijnen en zwarte en witte bolletjes die aangeven in welke richting de pianist moet bewegen, hoe snel dat gaat, in welk register (hoog, midden of laag) en welk deel van het klavier of van de snaren er aangewreven moet worden. Spectaculair, radicaal en voor de argeloze toeschouwer die een 'normaal' pianowerk verwacht misschien zelfs wat schokkend, maar Lachenmann neemt zijn keuze om het hele klanklichaam van de piano maximaal te benutten bijzonder ernstig en verwerkt het materiaal in Guero heel nauwkeurig in een zeer heldere structuur.

Het terrein bij uitstek waar er werd geëxperimenteerd met klank en waar klank letterlijk volledig nieuw kon worden gefabriceerd, was de elektronische studio. Daar konden componisten rechtstreeks werken met componenten van klank en zo vanaf nul volledig nieuwe klanken vormgeven en ordenen. In de jaren 1950 was elektronica echter nog een vrij statisch medium. Maanden arbeidsintensief werk in de studio leverden vaak maar enkele minuten tape op. Een dergelijke tape afspelen was ook iets heel anders dan contact met levende muzikanten - het blijft een vreemde ervaring om in een concertzaal naar een bandrecorder en twee luidsprekers te zitten luisteren. De stap naar een combinatie tussen de brave new world van de elektronische klanken en live muzikanten op conventionele instrumenten, lag dan ook voor de hand. Het idee om muzikale gelijkenissen en verschillen tussen die twee klankbronnen te maken kon niet uitblijven en met Kontakte realiseerde Karlheinz Stockhausen er meteen één van de meest begeesterende voorbeelden van. Stockhausen, die tot dezelfde generatie van radicale vernieuwers behoorde als Pierre Boulez, had al enkele jaren de leiding over de toonaangevende elektronische studio van de WDR in Keulen wanneer hij aan Kontakte (1960) begon. De ervaring met elektronische middelen opende de aandacht voor de mogelijkheden om klanken met verschillende kleuren en verschillende kwaliteiten te maken en die kwaliteiten als muzikale leidraad te gebruiken.

De moeilijkheid in Kontakte bestaat er vooral in om de starre tape te verzoenen met de flexibiliteit van live muzikanten. Stockhausen maakte dan ook twee versies van het werk, een zuiver elektronische compositie waarin alle materiaal op tape staat en de live-versie waarin een tape wordt gecombineerd met live piano en percussie. De muzikanten krijgen op hun partituur een benaderende grafische weergave te zien van de elektronische klanken, zodat ze de timing van hun partijen (die in traditioneel notenschrift zijn) erop kunnen afstemmen. Stockhausen schept hier een continuüm van klankkwaliteiten waarin piano, slagwerk en elektronica tot een veelzijdige textuur versmelten: de meer heldere, resonante elektronische klanken sluiten aan bij het timbre van de piano, de drogere korte klanken bij de percussie, de ruischtige klanken bij de metalen percussie en ook de raakvlakken tussen percussie en piano worden afgetast. De muziek legt daarbij een traject af van een donkere klankwereld in het begin tot een open, heldere klankwereld aan het slot. Die reis van donker naar licht (de esoterische inslag van Stockhausen zou in de daaropvolgende jaren steeds nadrukkelijker naar voor komen) brengt een grote spankracht mee, die het zuiver technische gehalte van de compositie - het huzarenstukje om live en opgenomen klanken te coördineren - ver overstijgt.

Programma :

  • Pierre Boulez, Pianosonate nr. 1
  • Helmut Lachenmann, Guero
  • Iannis Xenakis, Rebonds A+B
  • Karlheinz Stockhausen, Kontakte

Tijd en plaats van het gebeuren :

Ralph van Raat & Ramon Lormans : Boulez, Lachenmann, Xenakis, Stockhausen
Maandag 14 oktober 2013 om 20.30 u
(Inleiding door Maarten Beirens om 19.45 u)
Kunstencentrum STUK - Leuven
Naamsestraat 96
3000 Leuven

Meer info : www.festivalvlaamsbrabant.be

Bron : Programmatoelichting Maarten Beirens voor Novecento

Extra :
Nieuwe klanken vanaf nul, Maarten Beirens op www.staalkaart.be
Helmut Lachenmann op composers21.com en youtube
Thinking About Helmut Lachenmann, Dan Albertson op www.lafolia.com, november 2004
Gegen die Vormacht der Oberflächlichkeit, Interview met Helmut Lachenmann, Claus Spahn in Die Zeit, 29/04/2004
Iannis Xenakis : www.iannis-xenakis.org, www.arsmusica.be, www.xenakis-ensemble.com en youtube
Iannis Xenakis (1922-2001): Mathematicus en filosoof, Jan de Kruijff op www.musicalifeiten.nl
Karlheinz Stockhausen : www.stockhausen.org en youtube
Karlheinz Stockhausen, een unicum als componist, Sebastian op duits.skynetblogs.be, 9/12/2007
Klankbeeldhouwer Karlheinz Stockhausen, Hellen Kooijman op www.computable.nl, 8/06/2001

Elders op Oorgetuige :
Novecento 2013 : onbekende muzikale pareltjes en mijlpalen die richting gaven aan de muziekgeschiedenis, 22/09/2013

Beluister alvast Iannis Xenakis' Rebonds, uitgevoerd door Ramon Lormans



en Helmut Lachenmanns Guero

17:39 Gepost in Concert, Festival, Muziek | Permalink |  Facebook

08/03/2013

Arsmusicalacademie : Brusselse academies aan het werk in Flagey

Arsmusicalacademie De jonge generatie is nieuwsgierig naar én heel enthousiast over de hedendaagse muziekvormen. Dat laten ze je graag horen. Het bewijs: het evenement Arsmusicalacademie op 10 maart in Flagey, dat het kunnen van de Brusselse academies toont.

De dynamische manier waarop de Brusselse academies met hedendaagse muziek omgaan, verdient onze aandacht, niet in het minst omdat Ars Musica de kans krijgt samen te werken met de Association des Directeurs d’Académies francophones de la Région de Bruxelles. Zonder die uiterst dynamische vereniging zou het project Arsmusicalacademie gewoonweg niet mogelijk zijn.

Leerlingen van alle leeftijden en enthousiaste leerkrachten zetten zich in om een groots evenement in Flagey te spijzen met de meest diverse composities. Met vuur verdedigen ze een programma dat een tiental creaties omvat - wat erop wijst dat de componisten evenmin verstek geven.

Met werken van Ney Rosauro, Michel Lysight, Arnould Massart, Jean-Marie Rens, Gregory D’hoop, Frédéric Devreese, Ivan Bellocq, Janos Vajda, Kristof Penderecki, Gérard Noack, Pierre Coulon, Philippe Leblanc, Jacqueline Fontyn, Georges Velev, Stéphane Orlando, André Ristic, Pierre Kolp, György Kurtag, Alfred Schnittke, Ilja Hurnik, Sofia Gubaïdulina, György Ligeti, Arvo Pärt, Helmut Lachenmann, Georges Aperghis, Jean-Luc Fafchamps, Henri Pousseur en Claude Ledoux.

Tijd en plaats van het gebeuren :

Arsmusicalacademie
Zondag 10 maart 2013 vanaf 12.00 u
Flagey - Brussel

H.-Kruisplein
1050 Elsene (Brussel)
Gratis toegang

Meer info : www.arsmusica.be en www.flagey.be

Elders op Oorgetuige :
Play Time : Ars Musica en de speeltuin van de hedendaagse muziek, 4/03/2013

23:08 Gepost in Concert, Festival, Muziek | Permalink |  Facebook

17/09/2012

ORCiM research festival 2012 : From the Known to the Unknown

ORCiM research festival Van 3 tot en met 5 oktober 2012 organiseert het Orpheus Instiuut Gent voor de vierde keer het ORCiM research festival rond het thema Artistic Experimentation. Op het programma staan o.a. discussiepanels, internationale projectpresentaties, concerten en performances. Inschrijven kan tot 19 september.

De Research Fellows van het ORCiM en enkele eminente gastsprekers stellen via concerten, presentaties en discussierondes hun nieuw verworven inzichten in vele verschillende aspecten van het muzikale bedrijf voor. Voor musici en musici-onderzoekers wil dit ORCiM-festival een bron van inspiratie zijn, op weg naar een beter begrip van de artistieke kennis die door artistiek onderzoek gegenereerd kan worden. Naast het verspreiden van onderzoeksresultaten zal het festival ook aangeven welke richting het ORCiM in de toekomst uitgaat.

ORCiM is het onderzoekscentrum in muziek dat in de schoot van het Orpheus Instituut (advanced studies & research in music) ontstond in 2007: het eerste onderzoekscentrum in zijn soort in Europa. Artistiek onderzoek in muziek is de laatste 10 jaar uitgegroeid tot een 'hot' fenomeen en tijdens dit festival brengen de onderzoekers naar trouwe gewoonte een showcase van het onderzoek dat ze het afgelopen jaar deden. Dat via presentaties, performances, panels, workshops en concerten. Thema dit jaar is 'From the Known to the Unknown. Possible Worlds for Artistic'. Speciale gast is de Duitse componist Helmut Lachenmann, van wie er ook heel wat werken op het programma staan. Uitkijken wordt het verder vooral naar de internationale première van de reconstructie van Mauricio Kagels 'Tactil' en 'Unter Strom' op woensdag 3/10 in de Minardschouwburg.

Tijd en plaats van het gebeuren :

ORCiM Research Festival 2012
Van woensdag 3 tot en met vrijdag 5 oktober 2012
Orpheus Instiuut Gent
Korte Meer 12
9000 Gent

Meer info : www.orcim.be en www.orpheusinstituut.be

Bekijk hier alvast het promofilmpje voor het ORCiM Research Festival 2012

14:14 Gepost in Concert, Festival, Muziek | Permalink |  Facebook

04/02/2012

Jonge Zwitserse pianist Francesco Piemontesi in de Academiezaal in Sint-Truiden

Francesco Piemontesi Cellist Heinrich Schiff voorspelde hem een 'stralende toekomst' en Martha Argerich was 'diep onder de indruk van zijn spel'. De jonge pianist Francesco Piemontesi (foto) laat niemand onberoerd. Hij is een van de New Generation Artists van de BBC en hij speelt alles met evenveel overtuigingskracht. Mozart, Chopin, Liszt, Schubert, ze lijken allen voor dit Zwitserse talent geschreven te hebben. Een naam om te onthouden.

De Zwitserse pianist Francesco Piemontesi werd in 1983 geboren in Locarno en begon op vierjarige leeftijd piano te spelen. Na studies in Lugano specialiseerde hij zich aan de Hochschüle für Musik in Hannover. Hij volgde masterclasses bij Alexis Weissenberg, Bernd Glemser en Cécile Ousset. Immiddels maakte hij ophef op diverse pianoconcoursen. In 2007 werd hij derde finalist op de prestigieuze Koningin Elisabethwedstrijd in Brussel. In 2008 werd hij bekroond met de Gawon Music award in Seoul.

Na zijn concertdebuut in 1994 gaf Francesco Piemontesi concerten op diverse Europese podia, maar trad hij ook op in Japan, Korea en de Verenigde Staten. Hij is een graag geziene gast op verschillende gerenommeerde festivals, waaronder de Ludwigsburger Schlossfestspielen, het Martha Argerich Project, het Klavier-Festival Ruhr, de Orpheum Musiktage Zürich en het Chopin-Festival in Duszniki. Als solist trad hij reeds met tal van vooraanstaande orkesten op. Hij werkte daarbij samen met dirigenten als Lawrence Foster, Dimitrij Kitajenko, Howard Griffiths en Christian Arming.

Ook op vlak van kamermuziek is Francesco Piemontesi actief. sinds 1998 treedt hij regelmatig op met muzikanten als Yuri Bashmet, Heinrich Schiff, Maria Kliegel, Anne Queffélec, Marie-Elisabeth Hecker, het Quartet Ebène. Hij is ook artistiek leider van het kamermuziekfestival van Bellizona. In november 2008 debuteerde hij in de Wiener Musikverein met het Tonkünstler Orchester o.l.v. Bruno Weil. Daarnaast gaf hij recitals doorheen Europa, maar ook in de gerenommeerde Carnegie Hall in New York.

Helmut Lachenmann werd geboren te Stuttgart in 1935 en studeerde aldaar aan de Musikhochschule tussen 1955 en 1958. Zijn interesse voor de toenmalige avant-garde werd versterkt door zijn eerste bezoek aan de Darmstadt Ferienkurse in 1957 waar hij voor het eerst Luigi Nono onmoet met wie hij zal verder studeren in Venetië tussen 1958 en 1960. Later kruist zijn pad de figuur van Stockhausen tijdens de Kölner Neue Musik Kurse. Met een extreme radicaliteit stelt de muziek van Lachenmann elke luisterconventie in vraag. Vanuit een schijnbare geborgenheid wil Lachenmann doorstoten tot de werkelijkheid van de ongeborgenheid om de rijkdom aan nog onvermoede ervaringen te openbaren. Schoonheid door het afwijzen van gewenning, kunst als een openlijk verzet tegen traditionalisme en formalisering. Wat een componist immers moet verwezenlijken is een nieuwe vorm van horen: een situatie van bevrijde waarneming en dit door een volledig nieuwe belichting en een herdefiniëring van het vertrouwde. Componeren gaat voor Lachenmann ook veel verder dan het tautologisch benutten en herschikken van wat aan expressiviteit reeds voorhanden is: het is geen 'samenstellen', wel een 'uit elkaar halen'. Alle traditionele structuren en middelen worden onderworpen aan een compromisloos deconstructieproces: Lachenmann bouwt nieuwe instrumenten, laat ze ruisen, krassen, spreken. Eerst ziet men een stuk van hem, vervolgens hoort men het. De musici schijnen zich hierbij te bekwamen in absurde handelingen die nog in het pre-muzikale terrein liggen. Langzaam tast Lachenmann deze ruimte af en de luisteraar is als een blinde die zich pas geleidelijk weet te oriënteren.

De ascetische abstracte muziek die zijn muziek kenmerkt vanaf de jaren zestig is in de 'Fünf Variationen über ein Thema von Franz Schubert' uit 1956 nog niet aanwezig. Het gaat hier om een oude werkvorm waarbij de componist schatplichtig is aan een thema uit het werk van Schubert en hierop een aantal variaties heeft uitgewerkt. De creatie vond plaats in de Musikhochschule te Stuttgart in 1957 met aan het klavier Jost Cramer. In 1985 schreef Lachenmann zelf hierover: "Alhoewel de variaties voornamelijk gebaseerd zijn op het dodecafonische denken van Schönberg en de laatse werken van Stravinsky, is het muzikale speelse en dansant karakter bewaard gebleven".

Programma :

  • Wolfgang Amadeur Mozart, Fantasia nr. 3 in d, KV397
  • Frédéric Chopin, Barcarolle in Fis, op. 60
  • Franz Liszt, Après une Lecture de Dante: Fatasia quasi Sonata Interval
  • Helmut lachenmann, Fünf Variationen über ein Thema von Franz Schubert
  • Franz Schubert, Piano Sonate in A D959

Tijd en plaats van het gebeuren :

Pianorecital Francensco Piemontesi : Mozart, Schubert, Chopin, Liszt, Lachenmann
Zaterdag 11 februari 2012 om 20.15 u
Academiezaal - Sint-Truiden

Plankstraat 18
3800 Sint-Truiden

Meer info : www.debogaard.be en www.piemontesi.org

Extra :

Helmut Lachenmann op composers21.com en youtube
Thinking About Helmut Lachenmann, Dan Albertson op www.lafolia.com, november 2004
Gegen die Vormacht der Oberflächlichkeit, Interview met Helmut Lachenmann, Claus Spahn in Die Zeit, 29/04/2004

Beluister alvast Helmut lachenmanns Fünf Variationen über ein Thema von Franz Schubert

23:06 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook

01/01/2012

Bl!ndman tast opnieuw de grenzen van de concertervaring af in Kwadratur #3 / Cube

BL!NDMAN Voor 'Kwadratur' tasten de zestien Blindmannen - vier saxen, vier strijkers, vier stemmen en vier percussionisten - opnieuw de grenzen van de concertervaring af. 'Cube' is het laatste deel van de 'Kwadratur'-triptiek. Klank vermengt zich met licht en architectuur. Muziek bespeelt bewust de perceptie van tijd en ruimte als een puur zintuiglijk gegeven. De toeschouwer legt een auditief parcours af en is beurtelings degene die observeert en geobserveerd wordt. Aan de hand van werk van Annelies Van Parys (creatie), Matt Wright, Oscar Bettison, Georgia Spiropoulos, Daniele Ghisi, Kaija Saariaho, Morton Feldman, Béla Bartók, Helmut Lachenmann, Gilles Gobert, Roderik De Man, Pierluigi Billone, Javier Alvarez, John Cage, Klaus Huber, Heinz Holliger, Iannis Xenakis, Philip Glass, Hans Peter Kuhn en Eric Sleichim.

De laatste twee kunstenaars uit de rij werken intensief samen aan de vormgeving van de productie. De gerenommeerde kunstenaar Hans Peter Kuhn maakt het lichtontwerp voor de voorstelling en integreert er een licht- en geluidsinstallatie in. Met een achtergrond als rockmuzikant en geluidstechnicus in het theater realiseert hij installaties waarin klank en licht elkaar aanvullen. Eric Sleichim heeft met Blindman steeds veel aandacht geschonken aan het theatrale aspect van het concert, de ruimtelijke ervaring en het lichtontwerp. Spannend om te zien hoe deze twee elkaar zullen inspireren in 'Cube'.

De 'kwadratuur van de cirkel' is een eeuwenoud meetkundig vraagstuk waarbij de oude Grieken probeerden om met behulp van passer en liniaal een vierkant te construeren met precies dezelfde oppervlakte als een gegeven cirkel. Omwille van de irrationaliteit van het getal pi was dit meetkundig probleem onoplosbaar binnen de toenmalige beperkingen van de geometrie. Hetzelfde vraagstuk kan vertaald worden naar de driedimensionale vormen van de bol en de kubus, waarbij het volume van beide objecten gelijk is. Cirkel en vierkant - of bolvorm en kubus - zijn complete tegenovergestelden; de verbinding tussen beide staat tot op vandaag symbool voor een onbereikbaar doel.

In Kwadratur #1/Globe (2008), Kwadratur #2/Transfo (2010) en Kwadratur #3/Cube (2012) is de aanwezigheid van deze beelden duidelijk. In 2008 domineerde een grote bol de scene als ware het een ballon gevuld met de lucht die de muzikanten van BL!NDMAN in de twintig voorgaande jaren door hun instrument hadden gejaagd. Dit eerste luik was dan ook vooral opgevat als een soort retrospectieve. De tweede Kwadratur symboliseerde de overgang of transformatie van de bol in de kubus die (letterlijk én figuurlijk) centraal staat in Kwadratur #3, de voltooiing van het drieluik. Ook de selectie van composities maakte een heuse transformatie door tussen 2008 en vandaag. Aanvankelijk nog sterk geënt op de zogeheten minimal music en op werken die voorheen bij BL!NDMAN de revue gepasseerd hadden, evolueerde het programma van de Kwadratur-triptiek naar een bijzonder actuele mengeling van composities, niet aan één esthetisch kader. Belangrijk is niet zozeer dat alle (in dit geval meer dan twintig!) composities een stilistische eenheid vormen, maar wel dat ze samen functioneren in een gecreëerde context.

Daarmee komen we bij de essentie van Kwadratur #3/Cube, (en bij veralgemening van het hele BL!NDMAN-verhaal): het presenteren van muziek in een passende en vernieuwende context. Eric Sleichim gaat daarbij de dialoog met andere kunstvormen niet uit de weg. Naast de muziek spelen ook videokunst, plastische kunst en vooral lichtkunst een belangrijke rol. Het doel van Kwadratur #3 is de luisteraar uit zijn vertrouwde habitat (het traditionele concertritueel) te halen en hem of haar op die manier aan te zetten tot reflectie. Niet alleen wordt de relatie tussen publiek en uitvoerder ter discussie gesteld, ook de verhouding van de muziek ten opzichte van de ruimte waarin ze weerklinkt wordt onderwerp van Sleichims onderzoek. Het doel is zowel de muziek als het gebouw uit zijn vertrouwde positie te halen en alle componenten van het concertgebeuren op die manier te herdefiniëren. Concreet neemt Eric Sleichim de identiteit van het gebouw als uitgangspunt voor het hele gebeuren. Dat betekent ook dat elke verschillende uitvoering een compleet andere realisatie wordt. Het Concertgebouw heeft namelijk andere troeven dan deSingel, Muziekgebouw aan 't IJ of het Kaaitheater. Elke ruimte in een concerthuis heeft een bepaalde functie zoals onthaal, doorstroming (de gangen), zitruimte (de tribune), ontmoeting (de foyer), organisatie (de burelen), logistiek (technische ruimtes rond podia) en ruimtes voor de artiesten (loges).

Door ook in niet- concertgerelateerde ruimtes muziek te laten weerklinken, verandert de verhouding tussen muziek, gebouw, uitvoerder en publiek volledig. De muziek wordt van haar sokkel gehaald en kan plots heel dicht bij het publiek worden gebracht, zoals het geval zal zijn met 'Pression' van Helmut Lachenmann. De muzikanten kunnen opgesteld worden in de tribune, terwijl het publiek hen van op het podium overschouwt, zoals bij 'Music with Changing Parts' van Philip Glass. 'Aria' van John Cage wordt dan weer uitgevoerd in een lift waarvan de deuren op elke verdieping opengaan, waardoor er slechts flarden muziek de gang worden ingestuurd.

Ook met de belichting wordt het gebouw geherdefinieerd. Westerse en oosterse ideeën rond licht (waarvoor Eric Sleichim de mosterd haalde bij het boek 'Lof der Schaduw' van de Japanse Junichiro Tanizaki) worden vertaald in enerzijds helder, niets verhullend neonlicht en anderzijds heel schaars licht, dat onduidelijkheid en daardoor een zekere diepte creëert. De impact op het gebouw is duidelijk: onbeduidende plaatsen kunnen met behulp van helder licht ontsloten worden, terwijl schaars licht nieuwe verborgen hoekjes kan creëren.

Het muzikale programma is heel duidelijk opgebouwd uit zestien solo's voor elk van de muzikanten van de vier kwartetten die BL!NDMAN rijk is. Daarnaast zijn er nieuwe en bestaande composities voor kleinere en grotere ensembles. De centrale ruimte van het hele gebeuren is de zogenaamde 'kubus-zaal'; in het geval van het Concertgebouw is dit het podium van de concertzaal (scène op scène). Wanneer er geen livemuziek wordt uitgevoerd, verspreiden acht luidsprekerkanalen het prachtige 'Hibiki hana ma', een elektro-akoestische compositie van Iannis Xenakis uit 1970. Ook worden er videobeelden geprojecteerd op de ribben van een gigantische kubus (denk terug aan de grote luchtballon in Kwadratur #1). Van de nieuw gecomponeerde werken maakt het strijkkwartet van Hans Peter Kuhn het meest duidelijk de verbinding tussen lichtkunst en muziek. Het basisidee is ontwapenend eenvoudig en tegelijk ijzersterk: één kleur wordt heel langzaam getransformeerd in een andere kleur, zonder dat de verandering waarneembaar is. Pas als begin- en eindkleur naast elkaar zouden
geplaatst worden, blijkt het grote verschil. Dit proces krijgt een muzikaal equivalent in een tergend langzame, tien minuten durende - en dus quasi onhoorbare - glissando in het hele strijkkwartet. Een ware beproeving voor de muzikanten, die uitzonderlijk veel beheersing en controle aan de dag moeten leggen om dit te realiseren. Annelies Van Parys, die in Vlaanderen inmiddels bekend staat als componist van kleurrijke, poëtische werken, tekende voor een compositie voor vier maal vier muzikanten: de volledige BL!NDMAN groep. Vanuit een solopartij voor saxofoon ontwikkelde ze de andere kwartetten. Haar grote orkestratietalent staat garant voor een perfecte balans tussen de 'vier elementen': sax, stem, strijkers en percussie.

In zijn globaliteit heeft Kwadratur #3/Cube eigenlijk meer gemeen met een museumbezoek dan met een traditioneel concert. Daarin verschilt deze derde vleugel ook van de eerdere twee Kwadraturen. De solistische composities worden grotendeels simultaan uitgevoerd op verschillende locaties, en de luisteraar kiest zelf hoe lang hij bij elk werk blijft stilstaan. Net zoals in een museum is het mogelijk om snel doorheen het programma te zappen, of om net heel lang bij één werk te blijven stilstaan om het volledig in zich op te nemen. De luisteraar maakt zijn eigen mix en kan daarvoor putten uit een bijzonder divers en rijk aanbod.

Tijd en plaats van het gebeuren :

Bl!ndman : Kwadratur #3 / Cube
Vrijdag 6 januari 2012 om 20.00 u
(Inleiding door Klaas Coulembier om 19.15 u )
Concertgebouw Brugge
't Zand 34
8000 Brugge

Meer info : www.concertgebouw.be en www.blindman.be
---------------------------------
Donderdag 12 januari 2012 om 20.00 u (inleiding door Pauline Driesen om 19.15 u )
deSingel - Antwerpen
Desguinlei 25
2018 Antwerpen

Meer info : www.desingel.be en www.blindman.be
---------------------------------
Woensdag 14 maart 2012 om 20.30 u
Kaaitheater - Brussel

Sainctelettesquare 20
1000 Brussel

Meer info : www.kaaitheater.be en www.blindman.be

Bron : tekst Klaas Coulembier voor het Concertgebouw

Elders op Oorgetuige :
Kwadratur #2 / Transfo : een verrassend visueel concert, 28/12/2009

16:29 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook

01/08/2011

Stephane Ginsburgh doorloopt 20ste-eeuwse pianomuziek in Brussel en Leuven

Stephane Ginsburgh De Brusselse pianist Stephane Ginsburgh (foto) wordt alom geprezen voor zijn gedurfd en volwassen pianospel. Sinds jaren geeft hij talrijke recitals, zowel het klassieke en romantische repertoire als moderne muziek komt aan bod. Hij steekt veel van zijn energie in nieuwe muziek en hij werkt veel samen met jonge componisten, maar toch verliest hij het klassieke repertoire niet uit het oog. Deze week brengt hij in Brussel en Leuven een zeer gevarieerd en goedgevuld programma gaande van Schönberg tot Zappa, met creaties van Jean-Luc Fafchamps en Fabian Fiorini.

Programma :

  • Arnold Schönberg (1874-1951), Klavierstück op. 11 n° 3 (1909)
  • Luciano Berio (1925-2003), Wasserklavier (1965)
  • Peter Eötvös (1944-), Erdenklavier - Himmelklavier (In memoriam Luciano Berio) (2003)
  • György Kurtág (1926-), Henri Pousseur in memoriam (2009)
  • György Ligeti (1923-2006), Touches bloquées (Etude n°3, livre 1, 1985)
  • John Cage (1912-1992), A Room (1943)
  • Frank Zappa (1940-1993), G-Spot Tornado (1986, transcriptie van Vika Yermolieva)
  • Morton Feldman (1926-1987), Intermission 5 (1952)
  • Frederic Rzewski (1938-), "Flowers 1" for speaking pianist op een tekst van Charles Dickens ( (For Howard Skempton, 2009)
  • Helmut Lachenmann (1935-), Guero (1969 /1988)
  • Vykintas Baltakas (1972-), (how does the silver cloud s)ou(nd ?) (2006)
  • Luc Brewaeys (1959-), In Between (Dedicated to Ian Pace, 1997)
  • Jean-Luc Fafchamps (1960-), "Rap" op een tekst van Jambes Baldwin (To Frederic Rzewski, 2011, creatie)
  • Jean-Luc Fafchamps (1960-), Tap (In memory of Bill "Bojangles" Robinson, 2011, creatie)
  • Fabian Fiorini (1973-), Attracteurs étranges (Etude voor piano nr.1, 2011, creatie)

Tijd en plaats van het gebeuren :

Pianorecital Stephane Ginsburgh : Encyclopédie minime
Donderdag 4 augustus 2011 om 12.15 u
Koninklijk Conservatorium Brussel

Regentschapsstraat 30
1000 Brussel

Meer info : www.midis-minimes.be en www.ginsburgh.net
----------------------
Vrijdag 5 augustus 2011 om 12.15 u
30CC / Schouwburg Leuven

Bondgenotenlaan 21
3000 Leuven

Meer info : www.zomer-van-sint-pieter.be en www.ginsburgh.net

Extra :
Luciano Berio op www.compositiontoday.com, www.themodernword.com, brahms.ircam.fr, www.arsmusica.be en youtube
Portret Luciano Berio, J-L Plouvier op www.ictus.be
Luciano Berio (1925 - 2003): Duivelskunstenaar, Jan de Kruijff op www.musicalifeiten.nl
Peter Eötvös : www.eotvospeter.com, brahms.ircam.fr, en.wikipedia.org en youtube
György Kurtág op www.arsmusica.be, www.boosey.com en youtube
The Mind is a Free Creature. The music of György Kurtág, Rachel Beckles Willson op www.ce-review.org, 24/03/2000
György Ligeti : www.schott-musik.de, www.arsmusica.be en youtube
Györgi Ligeti (1923 - 2006): emotioneel scepticus, Jan de Kruijff op www.musicalifeiten.nl, juni 2006
John Cage : www.johncage.info en youtube
Morton Feldman op www.champdaction.be, wikipedia (en) en youtube
Morton Feldman: Fijnzinnig klankschilder, Jan de Kruijff op www.musicalifeiten.nl
American Sublime. Morton Feldman's mysterious musical landscapes, Alex Ross in The New Yorker, 19/06/2006
Frederic Rzewski op www.composers21.com en youtube
Perfect Sound Forever: Interview with Frederic Rzweski , Daniel Varela op www.furious.com, maart 2003
Composer/Pianist Frederic Rzewski. A Conversation with Bruce Duffie op www.kcstudio.com, januari 1995
Helmut Lachenmann op www.arsmusica.be en youtube
Thinking About Helmut Lachenmann, Dan Albertson op www.lafolia.com, november 2004
Gegen die Vormacht der Oberflächlichkeit, Interview met Helmut Lachenmann, Claus Spahn in Die Zeit, 29/04/2004
Vykintas Baltakas op www.mic.lt, www.universaledition.com en youtube
Luc Brewaeys : www.lucbrewaeys.com, www.matrix-new-music.be en youtube
Jean-Luc Fafchamps op www.compositeurs.be, www.arsmusica.be en youtube
Fabian Fiorini op www.muziekcentrum.be, users.telenet.be/newszine/fabianfiorini.htm en youtube

Elders op Oorgetuige :
Van de middeleeuwen tot hedendaagse creaties : zomerse lunchconcerten op Midis-Minimes, Zomer van Sint-Pieter & Maca-Minimes, 24/06/2011
Integrale uitvoering van de strijkkwartetten van Helmut Lachenmann tijdens Hölderlinweekend in Brugge, 31/05/2011
Ars Musica plaatst Hongaarse componist Peter Eötvös in de kijker, 28/03/2011
Concert voor Valentijn in het Brusselse Conservatorium, 6/02/2011
Muzikale miniaturen van György Kurtág in Espace Senghor, 6/12/2010
Champ d'Action & Zwerm in het spoor van Frederic Rzewski, 19/11/2010
De kunst van Morton Feldman, 12/02/2008
Interview met pianist, componist en improvisator Fabian Fiorini, 1/12/2006

Beluister alvast Luciano Berio's 'Wasserklavier', 'Brin' en 'Luftklavier'



György Ligeti's 'Touches bloquées'



John Cage 's 'A Room'



Frank Zappa's 'G-Spot Tornado' (versie voor ensemble)



Morton Feldman's 'Intermission 5'



en Helmut Lachenmann's 'Guero'

16:36 Gepost in Concert, Festival, Muziek | Permalink |  Facebook