06/10/2014

Gautier Capuçon & Frank Braley spelen Schuman, Schubert, Debussy en Britten in de Handelsbeurs

Frank Braley Welk repertoire plaatsen uitvoerders idealiter naast  de welbekende Arpeggionesonate, opdat Schuberts fenomenale meesterwerk niet op eenzame hoogte zou komen te staan? Frank Braley (foto) en Gautier Capuçon, allebei grootheden met een warm engagement voor kamermuziek, zoeken het antwoord in de 20ste eeuw. Geen vrijblijvend lappendeken aan impressies, maar een geconcentreerd portret van de cello: in zijn sonate klitte Claude Debussy komedie, kleur en kracht op onnavolgbare wijze samen. Ongeveer een halve eeuw later markeerde Benjamin Brittens cellosonate een terugkeer naar klassieke vormstructuren. Hoewel het vijfdelig opgevat is, past dit werk structureel perfect binnen een lange traditie. Van een unheimisch openingsdeel tot in de wildernis van de brutale finale: Brittens taal moest duidelijk niet inboeten aan creatieve eigenzinnigheid. Schumanns meer pittoreske Fantasiestücke zijn een prikkelend aperitief bij dit banket, dat door de patrons van het raffinement wordt opgeluisterd.

Brittens sonate opus 65 ( (1961) markeerde voor de componist een terugkeer naar instrumentale muziek. De successen die zijn opera's boekten vanaf Peter Grimes (1945) gingen gepaard met kritiek op zijn vorige verwezenlijkingen. Men schreef dat hij niet geschikt was om niet-programmatische muziek te schrijven en jarenlang had Britten zich als gevolg niet aan een majeure instrumentale partituur gewaagd. Onmiskenbaar geeft de sonate blijk van Brittens eigengereide idioom, onder meer via de tonale aanduiding bovenaan de partituur. Daar staat "in C", maar in feite baadt de vijfdelige sonate in chromatiek. Hoogst intiem trekt het openingsdeel (Dialogo) zich op gang. Onder de zacht mijmerende cellopartij ontstaat een ruimtelijk veld dat de piano opvult met stijgende tertsen. Aan deze gewichtige introductie ontleent bijna de hele sonate haar basismateriaal. Naderhand schakelt Britten over op een meer rigide ritme en neemt de cello motieven uit de introductie van het klavier over. Uiteindelijk schakelt de piano naar een hoger register en voeren fonkelende harmonieken in de cello naar een intiem slot. Het Scherzo-pizzicato, waarvoor de boog aan de kant blijft, plaatst het spel met intervallen uit het eerste deel in een lichter kader. In Elegia zijn het wederom door het klavier gespeelde tertsen die de sfeer van het openingsdeel uitademen, waarna de Marcia expliciet terugverwijst naar het begin van Dialogo. Het Moto perpetuo is tenslotte een abstracte rondovorm, waar de toonaard C majeur uiteindelijk als een verlossend harmonisch baken aan de horizon verschijnt.

Programma :

  • Robert Schumann, Fantasiestücke voor cello & piano, opus 73
  • Franz Schubert, Sonate voor cello en piano in a, D 821, 'Arpeggione'
  • Claude Debussy, Sonate voor cello en piano in d
  • Benjamin Britten, Sonate voor cello en piano in C, opus 65

Praktische info :

Gautier Capuçon & Frank Braley : Schuman, Schubert, Debussy, Britten
Maandag 6 oktober 2014 om 20.15 u
Handelsbeurs - Gent


Meer info : www.handelsbeurs.be

Extra :
Benjamin Britten op en.wikipedia.org, www.brittenpears.org, www.boosey.com en youtube

Beluister alvast Benjamin Brittens Sonate voor cello en piano in C, opus 65

00:31 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook

07/07/2014

Nieuwe muziek voor cello solo met Friedrich Gauwerky in Logos

Friedrich Gauwerky Nieuwe muziek voor cello solo, het is een vruchtbaar werkterrein gebleken voor tal van 20ste-eeuwse experimentele componisten. Friedrich Gauwerky is een van die Old School Veterans die nog steeds een heus verhaal weet te vertellen met slechts één instrument. Zijn geheim: een ijzersterk repertoire, met voornamelijk klassiekers als Karlheinz Stockhausen, Luciano Berio, Ernst Krenek en Michael Blake.
Het wordt een eclektisch programma waarin oud en nieuw samenkomen, maar waarin ook heel wat ambachtelijkheid doorschemert. Gauwerky neemt tevens de kans te baat om de grote Stockhausen onder handen te nemen, met eigen variaties op materiaal uit Amour (1976).

Programma :

  • Ernst Křenek, Suite, op. 84 (1939)
  • Michael Blake, Pentimenti (2012)
  • Volker Heyn, Blues in B-flat (1981-83)
  • Luciano Berio, Sequenza XIV (2002)
  • Karlheinz Stockhausen/Friedrich Gauwerky: selectie uit Amour (1976/2013) (Cheer up!, Your angel is watching over you & A little bird sings by your window)

Praktische info :

Cellorecital Friedrich Gauwerky
Donderdag juli 2014 om 20.00 u
Logos Tetraëder - Gent

Bomastraat 26-28
9000 Gent

Meer info : www.logosfoundation.org en www.gauwerky.de

16:17 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook

03/09/2012

Arne Deforce brengt Dillon, Cage, Scelsi en Harvey in De Munt

Arne Deforce In het oude Griekenland was het pad tussen hemel en aarde geplaveid met goddelijke helden en mensgoden. Godin van het ochtendgloren was Eos, die elke dag opsteeg van de rand van de oceaan om haar broer Helios te groeten en de hemelpoorten te openen voor diens vurige koets. Eos speelt de titelrol in een compositie van de Schotse eclecticus James Dillon: een complex weefsel van ritmen en texturen als een muzikaal spel van licht en schaduw. Jonathan Harvey keek nog verder oostwaarts voor zijn Curve with Plateaux, dat de luisteraar meevoert van de fysieke wereld naar het niveau van de passies, tot aan het transcendente - en weer terug. Onderweg stranden passages op tussenliggende plateaus en het eindpunt van de curve is… een dodenmars. Tussen deze sluitstenen verstrengelt topcellist Arne Deforce werk van Giacinto Scelsi en John Cage, dat langs verschillende wegen het aardse ontstijgt: Cage houdt één oog gericht op de sterren; Scelsi blikt voorbij de realiteit naar de eeuwigheid en vat zijn indrukken in drie woordenloze gebeden. Meer nog dan een duivelskunstenaar, zal de musicus van dienst hier een gids voor de ziel moeten zijn, die leidt van introspectie tot metafysische ervaring.

Programma :

  • James Dillon, Eos
  • John Cage, Etudes Boreales I, II, III, IV
  • Giacinto Scelsi, Three Latin Prayers - Ave Maria, Pater Noster & Alleluia
  • Jonathan Harvey, Curve with Plateau

Tijd en plaats van het gebeuren :

Arne Deforce : Dillon, Cage, Scelsi, Harvey
Donderdag 6 september 2012 om 12.30 u
De Munt - Brussel

Leopoldstraat 23
1000 Brussel

Meer info : www.klarafestival.be

Extra :
James Dillon op www.composers21.com, www.edition-peters.com en youtube
John Cage : www.johncage.info en youtube
John Cage at Seventy: An Interview, Stephen Montague (1985) op UbuWeb Papers
John Cage Online : links compiled by Josh Ronsen
John Cage (1912 - 1992) : Goeroe of charlatan ?, Jan De Kruijff op www.musicalifeiten.nl
Giacinto Scelsi: www.scelsi.it en youtube
Giacinto Scelsi , The Messenger by Alex Ross, The New Yorker , Nov. 21, 2005
Modern music: Scelsi, Todd M. McComb, 27/01/2000 op www.medieval.org
Jonathan Harvey : www.vivosvoco.com, www.chesternovello.com en youtube
>
Elders op Oorgetuige :
Blazers van de Munt brengen hulde aan John Cage, 3/09/2012
Knockin' on Heaven's Door : KlaraFestival tussen hemel en aarde, 28/08/2012
deFilharmonie brengt Britten, Harvey en Debussy hertaald door Brewaeys in Antwerpen en Brugge, 25/01/2012
Noriko Kawai brengt nieuw werk van James Dillon en Saed Haddad in het Brusselse Conservatorium, 28/03/2011

Beluister alvast Jonathan Harvey's Curve with Plateau

16:04 Gepost in Concert, Festival, Muziek | Permalink |  Facebook

07/12/2011

Cello, percussie & electronics op het scherp van de snee met Audrey Chen & Luca Marini in Logos

KAMAMA KAMAMA, da's cello, percussie & electronics op het scherp van de snee. Celliste/stemkunstenares Audrey Chen doet snaren en stembanden losbranden op het energetische drumspel van Luca Marini.

De term 'Kamama' komt uit het Tsalagi (een Irokese taal die gesproken wordt door de Cherokee indianen) en verwijst zowel naar het begrip 'olifant' als naar 'vlinder'. Er is geen inhoudelijk overlappende betekenis, alleen een vormelijke: een langwerpig voorwerp dat wordt geflankeerd door 2 loshangende, symmetrische flappen. (let your dirty thoughts wander). Twee kanten die door een gemeenschappelijke drive worden verbonden dus, of in dit geval: celliste/stemkunstenaar Audrey Chen en slagwerker Luca Marini gaan met hun respektievelijke instrumenten een dialoog aan die wordt verbonden en gemanipuleerd door live electronics.

De twee ontmoetten elkaar niet lang na het optreden met Abattoir (7/04/2010)en hebben sedertdien ruim 50 concerten gespeeld in Europa en de USA. Ze zochten daarbij naar een nieuwe uitvoeringstaal waarin beide uitvoerders nu eens van elkaar wegevolueren, dan weer samensmelten in een helse kakofonische jam. De luisteraar weze hierbij gewaarschuwd en mag zich verwachten aan ruwe, ongepolijste energie en doordringende improvisaties. Zelf houden ze liever van de omschrijving 'extatisch' en 'een beetje controversieel'.

Audrey Chen is geboren in Chicago, in een familie van wetenschappers, artsen en ingenieurs. Ze begon cello te studeren op haar achtste en vervolmaakte zich aan verscheidene conservatoria, waar ze zich naast experimentele muziek al evenzeer op oude muziek toelegde. Vandaag de dag werkt ze voornamelijk met haar (al dan niet geprepareerde) cello en haar stem in combinatie met analoge synthesizers, zoals steeds op zoek naar een eigen esthetiek. Ook multimedia laat haar niet koud: bij haar samenwerkingen mogen we Phil Minton, Elliott Sharp, Phill Niblock, James Pugliese en Michel Doneda niet onvermeld laten. Op dit ogenblik is ze verkast naar Berlijn, van waaruit ze haar drukke concerttoernee door Europa verderzet. Over zichzelf stelt ze: "I am attempting to make an example of why I can only approximate the languages I speak ... one and a half bona fide and the rest entirely subject to hunger, temperature, humidity, cello, voice, electronics on occasion, live performance and antics, cardboard spaceship shields, underwater mumbling, body/sound installations, ... sometimes just me, sometimes with others. Enjoy."

De Duits-Italiaanse drummer Luca Marini (1982) woonde en werkte op verscheidene plekken over de hele wereld. Deze kosmopoliet studeerde voornamelijk aan de conservatoria van Parijs, Montreal, Amsterdam en New York maar bleef uiteindelijk in Berlijn hangen. Zijn drumspel kenmerkt zich door een eclektische mix van verschillende drumstijlen en -genres (jazz, rock, electro & pop). Een basisdrumkit is zijn voornaamste medium, maar hij breidt dit uit met tal van preparaties en alternatieve slagtechnieken om een zo breed mogelijk spektrum van teksturen en timbres te genereren. Ook hij heeft een toernee-agenda die aardig vol steekt, met tussenstops in Europa en de USA, evenals een rist samenwerkingen met klinkende namen als Nicolas Masson, Storyship, Guillaume Heurtebize, Tomomi Adachi en Spyros Manesis.

Tijd en plaats van het gebeuren :

KAMAMA : Audrey Chen & Luca Marini
Donderdag 8 december 2011
om 20.00 u
Logos Tetraëder - Gent
Bomastraat 26-28
9000 Gent

Meer info : www.logosfoundation.org en www.myspace.com/kamamaband

Extra :
Luca Marini : www.myspace.com/lucamarini en youtube
Audrey Chen : www.myspace.com/audreychen en youtube

Elders op Oorgetuige :
Improvisatiemuzikanten Bonnie Jones, Christine Sehnanoui, Andrea Neumann en Kamama in de Q-O2 werkplaats, 4/03/2011
Abattoir : cello, stem en live electronics, maar niet voor tere zieltjes, 6/04/2010

23:02 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook

21/06/2011

Amerikaanse celliste Frances-Marie Uitti confronteert 20ste-eeuwse muziek voor cello solo met tijdloze suites van Bach

Frances-Marie Uitti De Amerikaanse celliste en componiste Frances-Marie Uitti kwam begin jaren zeventig naar Europa en woont al vijfentwintig jaar in Amsterdam. Om de harmonische mogelijkheden van de cello te vergroten, experimenteerde Uitti met het spelen met twee strijkstokken tegelijk in één hand. Zij heeft deze unieke en revolutionaire speelwijze zo verfijnd, dat ze veel hedendaagse componisten heeft uitgedaagd om voor haar te schrijven. Dat leidde tot nieuwe composities van o.a. György Kurtág, Luigi Nono, Giacinto Scelsi, Louis Andriessen, Jonathan Harvey, Richard Barrett en Sylvano Bussoti, die met deze techniek in hun compositieproces rekening hielden en de werken speciaal aan Uitti opdroegen. Uitti werkte ook nauw samen met vooraanstaande componisten als John Cage, Iannis Xenakis, Elliott Carter en Brian Ferneyhough.

Enerzijds vervlochten met de wereld van de hedendaagse muziek, anderzijds actief in de wereld van de vrije improvisatie en freejazz, ontwikkelde Uitti - geheel in de lijn van de Amerikaanse avant-garde - een uiterst persoonlijke, op de improvisatie gebaseerde manier van spelen, die je zou kunnen omschrijven als een vorm van anti-acrobatiek: virtuoos op een manier die tegen alle conventies ingaat. Tijdens dit concert confronteert ze 20ste-eeuwse muziek voor cello solo en een eigen werk met de tijdloze suites van J.S. Bach.

Frances-Marie Uitti concerteerde de voorbije decennia als soliste over de hele wereld en op prestigieuze festivals als de Biennale Di Venezia, Strasbourg Festival, Gulbenkian Festival Ars Musica en Holland Festival, en gaf als pedagoge en gastprofessor lezingen en masterclasses aan alle belangrijke Europese conservatoria en aan de muziekafdelingen van diverse Amerikaanse universiteiten: California San Diego, Berkeley, Stanford, Yale en Harvard. Ook gaf ze masterclasses aan de The Juilliard School of Music, met Anner Bijlsma en Ralph Kirschbaum op het Internationale Cello Festival in Aarhus en was ze gastprofessor in 2002-2003 aan het Oberlin Conservatorium, waar ze het klassieke cellorepertoire en kamermuziek doceerde.

Giacinto Scelsi (1905-1988) noemde zichzelf geen componist, maar een boodschapper. Zijn muziek is naar eigen zeggen eenvoudig, want anders zou ze volgens hem geen muziek zijn. De spirituele bronnen waarop Scelsi zich beroept zijn de geschriften van Gurdjieff, Blavatsky, Sri Aurobindo, Steiner en de invloeden die hij opdeed tijdens zijn reizen door India en Nepal. Zijn sonore zoektocht bracht hem van seriële invloeden naar een eigen microtonaal stelsel waarin het systematisch-intuïtief onderzoek van de toon centraal staat.

Een groot deel van het oeuvre van Scelsi was bestemd voor strijkers, ofwel solo, ofwel in combinaties. Scelsi's interesse voor strijkers begon in het midden van de jaren '50, toen hij de piano, tot dan toe zijn geliefde instrument om zich uit te drukken, vaker links liet liggen omdat deze niet kon voldoen aan het kwarttoonssysteem. Vanaf dan werden Scelsi's intiemste stukken geschreven voor strijkers en namen deze een centrale plaats in in zijn oeuvre.

'Ygghur' is het laatste deel van Scelsi's indrukwekkende 'Trilogia' voor cellosolo. De drie delen 'Triphon' uit 1956, 'Dithome' uit 1957 en 'Ygghur', voltooid in 1961 maar pas in 1965 finaal uitgeschreven, kregen als ondertitel 'The Three Ages of Man' mee. 'Ygghur', wat sanskriet is voor katharsis, kreeg net als de andere delen nog extra benamingen mee voor de subsecties, in dit geval Ouderdom, Herinneringen en Katharsis. Ook deze compositie concentreert zich op één toon en schaaft en schuurt die tot de ware aard ervan naar boven komt. Om dit te bereiken gebruikte Scelsi vibrato's, trillers, glissandi en microglissandi - voornamelijk in het laatste deel - dynamische verschillen en scordatura, waarbij de cello anders wordt gestemd. Dit is geen muziek die zich bezighoudt met spanning-ontspanning of met tonaal-atonale gegevens. Het spel met de tijd wordt hier een duizelingwekkende rit naar de diepten van de klank, naar wat Scelsi het bolkarakter ervan noemt of 'la réelle dimension sphérique du son'.

'Trilogia' neemt een ietwat aparte plaats in in het oeuvre van Scelsi. Tot op zekere hoogte is het een persoonlijke getuigenis, met een duidelijk programma. Het leven zelf dat doorheen diverse stadia van inwijding vibrerende muziek wordt. Dat vertaalt zich in drie delen met als centrale thema's jeugd, volwassenheid en ouderdom. Het gebruik van harmonisch materiaal is vrij beperkt. Niettegenstaande het grootste deel van het werk gebouwd is rondom twee nauwe intervallen, weet Scelsi toch een breed draagvlak van aanslagen en dynamische varianten te specificeren, waarbij hij microtonale spectra creëert waarbinnen een perfecte balans tussen intense activiteit en functionele stilte wordt bereikt.

Autodidact Salvatore Sciarrino is sedert de jaren zeventig prominent aanwezig op de podia waar hedendaagse westerse muziek aan bod komt. Zijn klankidioom heeft samen met dat van Luigi Nono een grote impact gehad op een hele generatie componisten. Het spel met stilte en niet-stilte, met omgevingsgeluid, met biologische structuren en extended techniques heeft Sciarrino op een ander niveau gebracht. Telkens is zijn muziek letterlijk een belevenis. Het is een delicaat evenwicht binnen een tijdsruimte dat veel vraagt van zowel musici als toehoorders. Zelf zegt hij : "Mijn muziek vraagt buitengewone uitvoerders. Niet alleen virtuozen, maar musici die kunnen tranformeren. Om de essentie van onze alledaagse bezigheden te herontdekken moeten we het wonder kunnen doorbreken: het wonder van een utopia dat zichzelf openbaart (...). We willen dat de muziek spreekt met de poëtische betovering van een Orpheus waardoor zelfs de stenen ontroerd raken. Waar is muziek anders voor? "

Ondanks zijn geboortejaar 1947, kan je Sciarrino toch nog tot de Italiaanse avant-garde rekenen: hij is erop uit om de klankentaal te vernieuwen met onconventionele geluiden, hij situeert zich als een modern artiest op zoek naar het nieuwe en hij vindt aansluiting bij een landgenoot, die een echte voorvechter was voor authentieke en bezielde nieuwe muziek, Luigi Nono.

Sciarrino vertoonde op zeer jonge leeftijd een bijzondere gave voor de plastische kunsten. Vanaf zijn vier jaar schilderde hij en op tien jaar was hij al informeel abstract. Hij dacht er dan ook oorspronkelijk aan om zich in de richting van de plastische kunsten te ontwikkelen, maar vanaf 1959 voelde hij zich zodanig aangetrokken door de muziek, dat hij begon te experimenteren met compositie. Drie jaar later werd zijn eerste werk uitgevoerd voor publiek tijdens de Nieuwe Muziek Week te Palermo. Van zijn talent voor visuele kunsten blijft de interesse voor opera en muziektheater over. Nog duidelijker visueel zijn de talloze schema's, schetsen en roosters, die Sciarrino voor grote composities maakt: deze worden zelfs als plastisch werk tentoongesteld. Als componist is Sciarrino zijn eigen weg gegaan. Hij heeft zich laten begeleiden door figuren zoals Franco Evangelisti, zonder dat je echt van een leraarschap kan spreken. Hij heeft zich teruggetrokken in Umbrië, in Città di Castello, ver van de grootstad. De grootste invloed heeft hij ondergaan van Luigi Nono, zowel in de zin van het streven naar vernieuwing als een obsessie, als in de zin van de economisering en uitpuring van de klank, die tegenover de zeer belangrijke stiltes geplaatst wordt. Verschillend van Nono is Sciarrino's dialoog met alle mogelijke muziek uit het verleden en uit andere genres: hij demonstreert een brede encyclopedische muzikale kennis in bewerkingen en verwerkingen van muziek van de zestiende eeuw over Bach tot Amerikaanse volksliedjes.

Programma :

  • J.S. Bach, Cellosuites BWV 1008 & 1009
  • M. Feldman, Projection 1 (1950)
  • G. Scelsi, Ave Maria (1970), Ygghur (1961/65)
  • S. Sciarrino, Due Studi (1974)
  • F.M. Uitti, Rap't

Tijd en plaats van het gebeuren :

Cellorecital Frances-Marie Uitti
Vrijdag 24 juni 2011 om 20.15 u
Sint-Remigiuskerk Vucht

Dorpsstraat
3630 Vucht-Maasmechelen

Meer info : www.ccmaasmechelen.be en www.uitti.org

Extra :
Frances-Marie Uitti op youtube
Morton Feldman op www.champdaction.be, wikipedia (en) en youtube
Morton Feldman: Fijnzinnig klankschilder, Jan de Kruijff op www.musicalifeiten.nl
American Sublime. Morton Feldman's mysterious musical landscapes, Alex Ross in The New Yorker, 19/06/2006
Giacinto Scelsi: www.scelsi.it en youtube
Giacinto Scelsi 1905-1988, Trilogia 1956-1965 op www.arnedeforce.be
Giacinto Scelsi , The Messenger by Alex Ross, The New Yorker , Nov. 21, 2005
Modern music: Scelsi, Todd M. McComb, 27/01/2000 op www.medieval.org
Recencie : Giacinto Scelsi: Ohoi, Ave Maria, Anâgâmin, Ygghur, Natura renovatur, Alleluja, Emanuel Overbeeke op www.klassiekezaken.nl
Salvatore Sciarrino op brahms.ircam.fr, www.arsmusica.be en youtube
Sciarrino in De Nacht: Nieuwe muziek, Concertzender, 17 april 2007

Elders op Oorgetuige :
De schaduwklanken van Salvatore Sciarrino, 15/02/2008
De kunst van Morton Feldman, 12/02/2008
Arne Deforce brengt hommage aan Scelsi, 22/05/2007

Beluister alvast Morton Feldmans Projection 1



Giacinto Scelsi's Ave Maria



het eerste deel uit Scelsi's Trilogia - 'Ygghur'



en deel 2

15:03 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook

07/04/2011

Jonge Franse dirigent Ludovic Morlot debuteert bij Koninklijk Concertgebouworkest met Franck, Messiaen en Dutilleux

Henri Dutilleux De jonge Franse dirigent Ludovic Morlot maakt vrijdag zijn debuut bij het Nederlandse Koninklijk Concertgebouworkest met drie voorbeelden van de rijkgeschakeerde Franse muziek. In de enige symfonie van César Franck is de invloed van Beethoven en Wagner nog goed herkenbaar. Messiaen toonde zich in 1931 met zijn symfonische meditatie als nieuwe belofte voor de Franse orkestmuziek in een hoogstpersoonlijk en geëxalteerd idioom. Na de Tweede Wereldoorlog werd een heel eigen plek ingenomen door Henri Dutilleux (foto). De Amerikaanse cellist Lynn Harrell soleert in diens celloconcert 'Tout un monde lontain'.

Henri Dutilleux werd in 1916 te Angers geboren in een gezin dat de kunsten zeer was toegenegen. Hij studeerde aan het Parijse conservatorium, en hem werd in 1938 de Prix de Rome toegekend. In de jaren 1944 tot 1963 was hij hoofd van de muziekafdeling van Radio France, en vanaf 1961 doceerde hij compositieleer aan de École normale de musique. In 1967 werd Maître Dutilleux onderscheiden et de Grand Prix National de la musique. Hij componeerde voornamelijk instrumentale muziek, maar eveneens het ballet Le Loup (1953), twee symfonieën (1951 resp. 1956), Metaboles voor orkest (1965) en het al snel internationale vermaard geworden celloconcert 'Tout un monde lointain'.

Net als zijn oudere tijdgenoot Messiaen geneerde Henri Dutilleux zich nooit om heel sonore, heldere muziek met vrij sensuele timbres te produceren. In zijn vroege werken zijn invloeden van Debussy, Ravel, Roussel en Honegger bespeurbaar, maar later ontwikkelde hij zich tot een tamelijk geïsoleerde Einzelgänger en produceerde hij een klein, maar heel oorspronkelijk aantal werken van een opvallende breedte, bij voorkeur op instrumentaal gebied. Hij tracht traditionele vormen te vernieuwen en toont een fascinatie voor fenomenen van tijd en herinnering. Hij werkt ook graag volgens het principe van de 'progressieve groei'. Hij componeerde voornamelijk instrumentale muziek, maar eveneens het ballet Le Loup (1953), twee symfonieën (1951 resp. 1956), Metaboles voor orkest (1965) en het al snel internationale vermaard geworden celloconcert 'Tout un monde lointain' (1970 ).

' Tout un monde lointain' behoort tot de niet zo ruim voorziene categorie van heel direct literaire celloconcerten. Net in die periode las de componist het integrale werk van de Franse dichter Charles Baudelaire (1821-1867) opnieuw: dit in het kader van een balletproject dat het Ministerie van Cultuur ter gelegenheid van de honderdste sterfdag van die dichter wilde organiseren, maar wat uiteindelijk op niets uitliep. Doordat Dutilleux echter volkomen in beslag genomen was door de wereld die in Baudelaire's poëzie was gecreëerd, zag hij hier een basis voor de sfeer die hij in de muziek van het Celloconcert wilde creëren. Het solo-instrument zou de rol van 'medium' moeten vervullen en alle delen van het concert moesten worden gebaseerd op een versfragment uit 'Les Fleurs du Mal', en in het bijzonder uit het onderdeel 'La Chevelure' - een suite van drie gedichten daaruit die in een roes de vlucht beschrijven naar "Tout un monde lointain, absentpresque défunt . . ."

Henri Dutilleux componeerde zijn concert voor cello en orkest 'Tout un monde lointain' voor de Russische cellist Mstislav Rostropovitsj. Een meesterlijk werk, en typerend voor Dutilleux: ongekend mooie akkoorden in het orkest, een fijngevoelige orkestratie, pakkende thematiek, sprekende lyriek en een mysterieuze ondertoon.

Programma :

  • Olivier Messiaen, Les offrandes oubliées, méditation symphonique
  • Henri Dutilleux, Tout un monde lointain..., concerto voor cello en orkest
  • César Franck, Symfonie in d

Tijd en plaats van het gebeuren :

Koninklijk Concertgebouworkest & Lynn Harrell : Messiaen, Dutilleux, Franck
Vrijdag 8 april 2011 om 20.00 u
(inleiding door Waldo Geuns om 19.30 u)
Bozar - Henry Le Boeufzaal
Ravensteinstraat 23
1000 Brussel

Meer info : www.bozar.be en www.concertgebouworkest.nl

Extra :
Henri Dutilleux op www.schott-music.com, www.sospeso.com en youtube
Henri Dutilleux (1916-) : Meester der timbres op www.musicalifeiten.nl
Dutilleux en kamermuziek: zonnebloemen uit de schaduw gehaald, op www.nopapers.nl
Tout un monde lointain op fr.wikipedia.org

Elders op Oorgetuige :
Jong Fins strijkkwartet Meta4 in de Handelsbeurs Gent, 29/03/2011
Belgische première van Dutilleux' Mystère de l'instant in Bozar, 19/03/2011

Beluister alvast het eerste deel uit Dutilleux' 'Tout un monde lointain'

10:40 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook

30/03/2011

Cellovirtuoos versus Freikörperkulturfilm gemaakt uit found footage op super 8

Marianne Art Cinema OFFOff in Gent sluit de maand maart af met Marianne (2004). Cellovirtuoos Lode Vercampt en Yves Sondermeier presenteren deze verrassende Freikörperkulturfilm op super 8!

Marianne heeft haar jeugd in de 'Bund Deutscher Mädel' doorgebracht en is zo slachtoffer van de nazistische propaganda-machinerie geweest. In 1970 echter leeft ze in een drastisch veranderd Duitsland, een gespleten Duitsland, een rijk Westen. Ze beleeft het Wirtschaftswunder en geniet met volle teugen van de recent verworven vrijheden en welvaart. Kroatië, 1970 : Marianne rijdt met haar man Max en een gevolg vrienden naar een nudistenkamp, een jaarlijkse vakantie, een jaarlijks ritueel, zo lijkt. Max is een smallfilm-afficionado, hij registreert hun genot, hun excessen.
Jaren later, worden de beelden gevonden op een rommelmarkt. Wat eerst aandoet als een excentriek curiosium verglijdt echter langzaam in een document. Deze mensen dragen iets mee. Maar ondanks de bacchanalen en het bijna ritueel beleven van hun vrijheid lijkt hun verleden nooit ver weg, al wordt dat nooit meer dan een vage schaduw doorheen de film. We zien mensen, ooit kinderen in de 'Hitler Jugend' of jonge soldaten en hun (aanstaande) vrouwen die zich, nu twintig jaar later, in allerlei excessen verliezen.

Yves Sondermeier (1984, Keulen) behaalde het diploma 'Gesselenbrief Pianobouwer und Stimmer' aan de Oscar Walcker Schule. Hij werkte bij Heirseele, werkte mee aan de opnames van verscheidene tv-programmas en stemde de Pianos voor opnames van Tobias Koch, Sioen en Zita Swoon. Ondertussen studeert hij film aan de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten (KASK). De film van deze avond is een montage van super-8 beelden. 

Lode Vercampt studeerde cello aan het Gentse Conservatorium en pendelt sindsdien tussen concert- en theaterpodia. Hij speelt en schrijft muziek voor verschillende theaterproducties van onder andere LOD, Villanella, Het Net, Kunstencentrum Vooruit en de Beursschouwburg waarvan de reisvoorstellingen hem naar diverse locaties in Amerika, Japan, Europa en Taiwan brengen. Hij werkt freelance voor Il Novecento, de Vlaamse Opera, I Fiamminghi en Prima la Musica. Maar hij werkt ook samen met verschillende muzikanten zoals Gorki, Jo Lemaire, Johan Verminnen en Dirk Blanchard. Balancerend tussen klassieke muziek en vrije improvisatie toert hij momenteel met verschillende formaties in binnen- en buitenland. Lode Vercampt is laureaat van diverse nationale
muziekwedstrijden, waaronder Pro Civitate en Astoria-wedstrijden Jeunes Talents. Hij bespeelt de meeste uiteenlopende muziekgenres, gaande van popmuziek tot de meest experimentele muziek.

Tijd en plaats van het gebeuren :

Lode Vercampt & Yves Sondermeier : Marianne
Donderdag 31 maart 2011 om 20.30 u
Art Cinema OffOff Gent

Begijnhof Ter Hoye
Lange Violettestraat 237
9000 Gent

Meer info : www.offoff.be

Extra :
Lode Vercampt op www.muziekcentrum.be

16:11 Gepost in Concert, Film, Muziek | Permalink |  Facebook

29/03/2011

Turks-Belgische componist en pianist Muhiddin Dürrüoglu brengt première van eigen werk in Brussels Conservatorium

Marie Hallynck & Muhiddin Dürrüoglu Premières zijn mooi, maar extra fijn is het, wanneer componisten die zelf komen spelen. Pianist Muhiddin Dürrüoglu brengt celliste Marie Hallynck mee voor de creatie van zijn 'Emotions fugitives nr. 3'. Minder vluchtig is alvast de Sonate voor cello en piano opus 32 van Nicolas Bacri, die waarschijnlijk over niet al te lange tijd in de grote canon zal worden opgenomen. Janáceks Pohádka, het sprookje dat hij depressief schreef en navenant klinkt, is die eer al lang te beurt gevallen, maar klinkt zoals alles van de grote Tsjech nog uitdagend genoeg voor een plaatsje op Ars Musica. Tenslotte is er 'Crépuscule' van Zhang Hao-Fu, hoewel een generatie ouder dan Dürrüoglu ook een leerling van Jacqueline Fontyn.

Programma :

  • Leos Jánacek, Pohádka (1910/192
  • Hao-Fu Zhang, Crépuscule (1988-1989)
  • Muhiddin Dürrüoglu, Emotions fugitives n°3 (wereldpremière)
  • Nicolas Bacri, Sonate op.32 (1990-92/1994), voor cello en piano

Tijd en plaats van het gebeuren :

Marie Hallynck & Muhiddin Dürrüoglu : Jánacek, Hao-Fu Zhang, Dürrüoglu, Bacri
Donderdag 31 maart 2011 om 12.30 u
Koninklijk Conservatorium Brussel

Regentschapsstraat 30
1000 Brussel

Meer info : www.arsmusica.be en www.kcb.be

Extra :
Muhiddin Dürrüoglu op www.muziekcentrum.be, www.composers21.com, www.turkishculture.org en youtube
Hao-Fu Zhang op brahms.ircam.fr
Nicolas Bacri : www.nicolasbacri.net, en.wikipedia.org en youtube
Interview met Nicolas Bacri door Virginie Palu op www.resmusica.com, 11/07/2007 (fr)

Elders op Oorgetuige :
Oosters percussiewerk en westerse muziek met Ensemble OII in Théâtre Marni, 20/03/2011
Ars Musica werpt blik op de toekomst en focust op Belgische componisten, 24/02/2011

Beluister alvast Leoš Janáčeks Pohádka



en Nicolas Bacri's Cellosonate

16:32 Gepost in Concert, Festival, Muziek | Permalink |  Facebook

26/03/2011

Nicolas Deletaille & Boyan Vodenitcharov in Flagey

Boyan Vodenitcharov Een instrument dat in het Frans "guitare d'amour" heet, dat vinden ze bij Ars Musica een reden om er een concert aan te wijden. In het Nederlands is het als 'arpeggione' bekend en dat alleen maar omdat Schubert er een beroemde sonate voor schreef - die bijna uitsluitend op cello wordt gespeeld. De arpeggione ziet eruit als een gitaar, maar wordt bespeeld zoals een cello. Het brak nooit door als courant instrument, vandaar deze bijdrage: "D’après un rêve" van Jean-Michel Gillard en "Dépli et Configuration de l'Ombre" van Henri Pousseur voor arpeggione solo. Nicolas Deletaille speelt ten dans, bijgestaan door pianist Boyan Vodenitcharov (foto). Van die laatste krijg je enkele improvisaties en "Praeludium I" voor cello en piano te horen.

Boyan Vodenitcharov (1960) behaalde nog voor hij in 1979 aan het Conservatorium van Sofia ging studeren de 2de Prijs van de internationale wedstrijd van Senigallia. Vervolgens werd hij 3de laureaat van de Busoniwedstrijd (1981) en de Koningin Elisabethwedstrijd (1983). Eind de jaren tachtig vervolmaakte hij zich bij Leon Fleisher aan het Peabody Conservatory in Baltimore. Sindsdien is Boyan Vodenitcharov zowel in Europa, de Verenigde Staten als in Canada en Japan een gewaardeerd pianist. Al 20 jaar lang is hij geboeid door oude instrumenten, waarmee hij meerdere cd's opnam. Momenteel is hij leraar piano, pianoforte en improvisatie aan het Koninklijk Conservatorium van Brussel.

Henri Pousseur (1929-2009) is één van de sleutelfiguren in de Belgische en internationale elektronische muziekscène. In 1958 richtte hij de eerste elektronische studio in het land op. In zijn studententijd was Henri Pousseur organist en koorleider en voerde hij middeleeuwse en renaissancemuziek uit. Studie van Anton Weberns muziek wekte zijn belangstelling voor de elektronische muziek (Seismogrammes, 1953), waarin hij zich in de studio voor elektronische muziek in Keulen ging bekwamen. Ook werkte hij in de studio voor elektronische muziek in Milaan. In 1958 richtte hij in Brussel de elektronische studio APELAC op.

Pousseur, die ook doceerde in Darmstadt, bekleedde van 1966 tot 1968 een leerstoel voor moderne muziek aan de universiteit van Buffalo in de Verenigde Staten. In 1970 richtte hij te Luik met Pierre Bartholomée en Philippe Boesmans het Centre Henri Pousseur - voormalig Centre de Recherches et de Formation Musicales de Wallonie - op en in 1975 werd hij directeur van het conservatorium van deze stad. Hij componeerde aanvankelijk voor traditionele instrumenten, maar later legde hij zich toe op elektronische en concrete muziek. Daarnaast schreef hij ook een reeks belangrijke theoretische geschriften over de hedendaagse muziektechnieken.

Programa :

  • Jean-Michel Gillard, D'après un rêve (2010), voor arpeggione solo
  • Boyan Vodenitcharov, improvisations
  • Boyan Vodenitcharov, Preludium 1 (1991), voor cello en piano
  • Henri Pousseur, Dépli et Configuration de l'Ombre (2007), voor arpeggione solo

Tijd en plaats van het gebeuren :

Nicolas Deletaille & Boyan Vodenitcharov
Zondag 27 maart 2011 om 20.15 u
Flagey
- Studio 1
H.-Kruisplein
1050 Elsene (Brussel)

Meer info : www.arsmusica.be, www.flagey.be en www.nicolasdeletaille.com

Extra :
Boyan Vodenitcharov op youtube
Jean-Michel Gillard op www.cebedem.be
Henri Pousseur : www.henripousseur.net, www.arsmusica.be en youtube

Beluister alvast Boyan Vodenitcharovs Preludium 1, uitgevoerd door Nicolas Deletaille & Boyan Vodenitcharov



en een fragment uit Henri Pousseurs "Dépli et Configuration de l'Ombre" door Nicolas Deletaille

00:36 Gepost in Concert, Festival, Muziek | Permalink |  Facebook

13/02/2011

Alexander Gebert & Anna Magdalena Kokits brengen Dünser, Grieg, Miaskovski en Schnittke in Leut

Richard Dünser Sinds het voorjaar van 2007 concerteren Alexander Gebert en Anna Magdalena Kokits als duo. Ze vertolken in Leut 20ste eeuwse muziek van Miaskovski en Schnittke en de recente compositie van Richard Dünser (1959), The Garden of Desires, die aan hen beiden werd opgedragen en door hen werd gecreëerd in de Musikverein Wien in april 2010.

Het duo Gebert-Kokits debuteerde in januari 2009 in de Musikverein Wien en een eerste cd verscheen in de loop van 2010 bij Gramola. Pianiste Anna Magdalena Kokits (1988, Wenen) won talrijke eerste prijzen op internationale wedstrijden, waaronder Prima La Musica, de 26ste Internationale Smetana Pianowedstrijd in Pilsen/Tsjechië, het 17de Concorso Pianistico Internazionale Roma 2006, en was te gast op muziekfestivals, zoals het Internationale Brahmsfest Mürzzuschlag, de 13de Klavierfrühling Deutschlandsberg en het Nei suoni dei luoghi Festival in Italië.

Cellist Alexander Gebert (1977, Warschau) werd in 1989 toegelaten tot de Sibelius Academie in Helsinki. Tussen 1995 en 1998 studeerde hij aan de Chopin Academie te Warschau, daarna bij Philippe Muller aan het Conservatorium van Parijs en aan de Stuttgarter Musikhochschule bij Natalia Gutman. In 1997 werd hij 2de op de Lutoslawski Wedstrijd Warschau, in 2000 3de op de Antonio-Janigro Wedstrijd in Zagreb, 2de (en publieksprijs) op de Internationale Wedstrijd in Genf (waar hij met het Orchestre de la Suisse Romande o.l.v. Heinrich Schiff speelde) en hij won datzelfde jaar de 1ste prijs op het Concorso Valentino Bucchi in Rome. Alexander Gebert speelde in Europa en Noord- Amerika als solist en kamermusicus op diverse gerenommeerde festivals (Kuhmo Festival, Oleg Kagan Muziekfestival, Festival de Deauville, Ravinia Festival) en is sinds 2004 cellist van het Altenberg Trio Wien.

Programma :

  • Richard Dünser, The Garden of Desires (2010)
  • E. Grieg, Sonate in A klein, Op. 36
  • N. Miaskovski, Sonate nr 2 in A klein Op. 81 (1948)
  • Alfred Schnittke, Sonate NR 1 (1978)

Tijd en plaats van het gebeuren :

Alexander Gebert & Anna Magdalena Kokits : Dünser, Grieg, Miaskovski, Schnittke
Donderdag 17 februari 2011 om 20.15 u
Sint-Pieterskerk Leut

Sint-Pietersstraat 1
3630 Leut

Meer info : www.ccmaasmechelen.be

Extra :
Richard Dünser : www.richard-duenser.at
Alfred Schnittke : www.schnittke.de, www.schirmer.com, www.arsmusica.be, www.boosey.com en youtube
Alfred Schnittke (1934 - 1998): Meer dan een polystilistisch kameleon, Jan de Kruijff op www.musicalifeiten.nl
Alfred Schnittke's Sonate nr 1 voor cello en piano op nl.wikipedia.org

Bekuister alvast het eerste deel uit Schnittke's Sonate nr 1, uitgevoerd door Heinrich Schiff (cello) en Paul Gulda (piano)

00:07 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook