24/11/2010

Camerata Aetas Nova in een sfeervol nachtkleedje

Camerata Aetas Nova Camerata Aetas Nova o.l.v. Dieter Staelens heeft een nieuw en origineel programma in petto, dat op 27 november in het Leuvense cultuurcentrum 30CC in première gaat en zal kort nadien ook op CD zal worden opgenomen. Koorwerken rond het begrip 'nacht' zijn er genoeg, maar het koor zocht een repertoire bij elkaar dat de unieke sfeer van de gotische Predikherenkerk helemaal tot zijn recht zal laten komen. Centraal staan twee grotere werken. Het koor gaf een compositieopdracht aan vier verschillende componisten, aan twee ouwe rotten in het vak en aan twee jonge nieuwkomers: Vic Nees, Raymond Schroyens, Michaël Vancraeynest en Maarten Van Ingelgem. Samen schreven ze de vierdelige koorcantate 'Nachtlied'. Daarnaast wordt Vic Nees' 'Liedjes voor de Slapelozen' uit 1979 hernomen. Daaromheen weven zich dan werken van Bikkembergs, Britten, Grieg, Hahn, Saint-Saëns en anderen. Sfeer gegarandeerd : bekend én onbekend krijgen een sfeervol (nacht)kleedje aangemeten.

Camerata Aetas Nova is een jonge koorgroep uit Leuven die de traditie hoog in het vaandel draagt, maar het eigentijdse experiment niet schuwt. Er wordt aandachtig geluisterd naar de gevestigde internationale koormuziek, maar tegelijk ook uitgekeken naar hedendaagse composities. Camerata Aetas Nova wil op een professionele manier weer aandacht schenken aan de Vlaamse koormuziek. De zanggroep zoekt onder deskundige leiding naar een dynamisch evenwicht tussen eigentijdse koormuziek en eeuwenoude polyfonie.
Camerata Aetas Nova werd in 2008 door Koor en Stem uitgeroepen tot Koor van het Jaar omwille van zijn 'onvoorspelbaar repertoire en frisse presentatie'.

Tijd en plaats van het gebeuren :

Camerata Aetas Nova : Nachtlied
Zaterdag 27 november 2010 om 20.00 u
Predikherenkerk Leuven

Onze-Lieve-Vrouwstraat
3000 Leuven

Meer info : www.30cc.be en www.camerata.be

Extra :
Vic Nees op www.matrix-new-music.be, www.muziekcentrum.be en youtube
Raymond Schroyens op www.muziekcentrum.be en www.matrix-new-music.be
Michaël Vancraeynest : www.michaelvancraeynest.noisescraper.com en www.muziekcentrum.be
Maarten Van Ingelgem op www.matrix-new-music.be en youtube
Kurt Bikkembergs : www.kurtbikkembergs.be, www.matrix-new-music.be en youtube

Elders op Oorgetuige :
Robert Schumann vs Vic Nees in de Sint-Romboutskathedraal Mechelen, 17/05/2010
Vlaams Radio Koor zet jarige KoorLink in de bloemetjes, 5/02/2009

Bekijk alvast Wals van kwart voor middernacht van Kurt Bikkembergs, uitgevoerd door Jeugdkoor Waelrant Antwerp

12:00 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook

Jubileumconcert Manteliusensemble en Musica Eyckensis in de kathedraal van Hasselt

Morten Lauridsen Dit jaar bestaat het Manteliusensemble vijfentwintig jaar, en dat nog steeds o.l.v. haar eerste dirigent Jos Cuppens. Om dat te vieren werd een samenwerking met het orkest Musica Eyckensis aangegaan. Zaterdag brengen ze in de Sint-Quintinuskathedraal in Hasselt een jubileumconcert met op het programma het Requim van Fauré en Lux aeterna van de Amerikaanse componist Morten Lauridsen (foto). Lauridsen creëerde in dit intieme muziekwerk een ervaring van hoop, troost, goedheid en schittering.

Morten Lauridsen (1943) is een Amerikaanse componist met Zweedse wortels. Hij groeide op als de zoon van Zweedse immigranten in Portland, Oregon. Hij bezocht het Whitman College en de universiteit van Southern California, waar hij Advanced Composition studeerde.
Naast zijn vaste betrekking bij het Los Angeles Master Choral bekleedt Lauridsen de leerstoel Compositie aan de universiteit van Southern California School of Music in Los Angeles. Geboren aan The Northwest Pacific verdeelt hij zijn tijd tussen Los Angeles en zijn zomerhuis op een afgelegen eiland aan de noordelijke kust van de staat Washington.
Lauridsen is een van de meest uitgevoerde componisten van Amerikaanse koormuziek. Zijn gedistingeerde muziek heeft een permanente plaats in het vocale standaard repertoire en wordt regelmatig uitgevoerd door koren en vocale artiesten over de hele wereld. Zijn lijst van werken beslaat zes grote vocale cycli : Les Chansons des Roses (Rilke), Mid-Winter Songs (Graves), Cuartro Canciones (Lorca), A Winter Come (Moss), Madriagali: Six 'Firesongs' on Italian Renaissance Poems en Lux Aeterna. Zelf schreef Lauridsen over Lux Aeterna: 'Lux Aeterna is een intiem werk van stille sereniteit gecentreerd rond een universeel symbool van hoop, geruststelling, goedheid en schittering.'

Morten Lauridsen over Lux Aeterna : "Lux Aeterna was composed for and is dedicated to the Los Angeles Master Chorale and its superb conductor, Paul Salamunovich, who gave the world premiere in the Dorothy Chandler Pavilion of the Los Angeles Music Center on April 13, 1997. The work is in five movements played without pause. Its texts are drawn from sacred Latin sources, each containing references to Light. The piece opens and closes with the beginning and ending of the Requiem Mass, with the three central movements drawn, respectively, from the Te Deum (including a line from the Beatus Vir), O Nata Lux and Veni, Sancte Spiritus.

The instrumental introduction to the Introitus softly recalls motivic fragments from two pieces especially close to my heart (my settings of Rilke's Contre Qui, Rose and O Magnum Mysterium) which recur throughout the work in various forms. Several new themes in the Introitus are then introduced by the chorus, including an extended canon on et lux perpetua. In Te, Domine, Speravi contains, among other musical elements, the cantus firmus Herliebster Jesu (from the Nuremburg Songbook, 1677) and a lengthy inverted canon on fiat misericordia. O Nata Lux and Veni, Sancte Spiritus are paired songs - the former the central a cappella motet and the latter a spirited, jubilant canticle. A quiet setting of the Agnus Dei precedes the final Lux Aeterna, which reprises the opening section of the Introitus and concludes with a joyful Alleluia." (*)

Tijd en plaats van het gebeuren :

Manteliusensemble & Musica Eyckensis : Fauré, Lauridsen
Zaterdag 27 november 2010 om 20.00 u
Sint-Quintinuskathedraal Hasselt

Vismarkt 3500 Hasselt

Meer info : www.ccha.be, www.manteliusensemble.be en www.musicaeyckensis.be

Extra :
Morten Lauridsen : www.mortenlauridsen.com (*), en.wikipedia.org, www.myspace.com/mortenjohanneslauridsen en youtube

Bekijk alvast het Agnus Dei uit Morten Lauridsens Lux Aeterna, uitgevoerd door het Vocaal ensemble Cantando in 2008

07:00 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook

23/11/2010

deFilharmonie creëert nieuw werk van Jelle Tassyns in Brugge

Jelle Tassyns De première van Tchaikovsky's vioolconcerto in 1879 was geen succes. De pers bekritiseerde de onorthodoxe vorm ervan, terwijl de violist aan wie het werk was opgedragen het afwees wegens onspeelbaar. Maar vandaag is het een van de populairste concertos uit het vioolrepertoire. De solist moet er in duizelingwekkende vaart tal van hindernissen nemen en tegelijk zijn kwaliteiten als 'zanger' tonen in heel wat lyrische passages. Een ideaal werk dus voor Yossif Ivanov, de Belgische violist die in 2005 tweede finalist was van de Koningin Elisabethwedstrijd en sindsdien is uitgegroeid tot een van de belangrijkste violisten van zijn generatie. Zijn vader is overigens concertmeester van deFilharmonie, die in Brugge ook Sergei Prokofievs geliefde vijfde symfonie brengt. Prokofiev componeerde het nu eens nostalgische dan weer opzwepende werk tijdens de Tweede Wereldoorlog en omschreef het als 'een hymne voor de vrije en gelukkige mens, voor zijn kracht en zijn zuivere en nobele geest'. Opener van de avond is de wereldcreatie van 'Lasciate ogne speranza, voi ch'intrate' van de jonge Vlaamse componist Jelle Tassyns (foto).

Jelle Tassyns (1979) studeerde compositie (Luc Van Hove) en dwarsfluit aan het Conservatorium van Antwerpen. Hij volgde masterclasses bij Mathias Pintscher, Wolfgang Rihm, Marco Stroppa, Toru Korvits en Erik-Sven Tuur. Verschillende van zijn werken werden bekroond in binnen en buitenland. De partituren van Jelle tassyns worden gekenmerkt door een voortdurend zoeken naar de expressieve mogelijkheden van de muziek. In zijn muziek tracht hij een symbiose te bekomen tussen de structurele en de emotionele werelden. Het spanningsveld tussen deze twee werelden is zijn voornaamste actieterrein.

Jelle Tassyns spitst zich vooral toe op 'hedendaagse klassiek'. "Hedendaags klassiek beperkt zich niet tot het louter experimentele. Het is inderdaad zeer expressief, maar dat kun je op 1000 manieren interpreteren." Termen als 'fusion' en 'eclectisch' neemt hij evenwel niet graag in de mond: "Laat het ons erop houden dat al veel materiaal bruikbaar is, zolang het past of aan te passen is aan hetgeen ik met een bepaald stuk wil uitdrukken". Een grote invloed in dit alles is Frank Zappa. "Ook Zappa heeft heel sterk dat ‘alles is bruikbaar-principe’. Zappa was één van de eersten die komaf maakte met de hokjementaliteit in de muziek; populaire muziek werd vermengd met hedendaagse avant-garde en soms was het zelfs pure Stravinsky. Niet dat ik persé het werk van Zappa wil kopiëren, maar zijn drang om die muren weg te schoppen en zijn gewoonte om van schijnbaar onsamenhangende dingen,toch een samenhangend geheel te maken, deel ik wel." Toch ligt met deze Zappa vergelijking de jump naar avant-garde niet ver. Tassyns uit ook zijn liefde voor de New Complexity. Binnen deze stroming worden extreem complexe composities gemaakt met het oog op creeëren van obstakels die dan zorgen voor een uniek werk. "Je hoort als het ware de muzikant heel hard zijn best doen om het stuk te doen slagen, maar toch lukt dat soms niet. En dat is dan net de sterkte van die New Complexity." (*)

Programma :

  • Jelle Tassyns (1979), Lasciate ogne speranza, voi ch'intrate (wereldcreatie)
  • Pyotr Il'yich Tchaikovsky (1840-1893), Vioolconcerto in D, opus 35
  • Sergei Prokofiev (1891-1953), Symfonie nr. 5 in Bes, opus 100

Tijd en plaats van het gebeuren :

deFilharmonie & Yossif Ivanov: Jelle Tassyns, Tchaikovsky, Prokofiev
Zaterdag 27 november 2010 om 20.00 u
Concertgebouw Brugge

't Zand 34
8000 Brugge

Meer info : www.concertgebouw.be en www.defilharmonie.be

Extra :
Jelle Tassyns : www.jelletassyns.be en www.muziekcentrum.be
(*) Jelle Tassyns - Een Dendermonds componist, Davy De Decker op www.denderend.be, 22/05/2007

Elders op Oorgetuige :
Odysseia Ensemble brengt nieuw werk van jonge, talentvolle componisten in Brussel en Antwerpen, 11/11/2010

16:01 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook

Cellist Arne Deforce stort zich op poëtische hoogtepunten van de verbeeldingskracht

Arne Deforce Arne Deforce is een grote naam in het internationale muziekcircuit. Als cellist concentreert hij zich vooral op het hedendaagse solorepertoire, met een voorkeur voor elektronische toepassingen. Zaterdag in de Handelsbeurs brengt hij werk van Richard Barrett, Kaija Saariaho, Karlheinz Stockhausen, Hèctor Parra en Kee Yong Chong.

Arne Deforce (1962) studeerde hedendaagse muziek, cello en kamermuziek aan het Koninklijk Conservatorium van Gent en Brussel. Zijn muzikale interesse gaat uit naar de historische avant-garde van de 20ste eeuw en experimentele improvisaties met beeld en geluid . Als cellist concentreert hij zich voornamelijk op het hedendaagse solowerk (recitals, concerti) en het kamermuziekrepertoire, met een voorkeur voor zogenaamd 'onspeelbare' werken (Iannis Xenakis, Richard Barrett, John Cage, Brian Ferneyhough) en elektronische adaptaties in samenwerking met CRFMW (Luik).

In zijn nieuwe programma stort cellist Arne Deforce zich op enkele poëtische hoogtepunten van de verbeeldingskracht van de 'Ars Elektronica'. Het werk van de Finse Kaija Saariaho exploreert ijle en subtiele boventonen in prachtige pastelklanken. Haar werk 'Petals' (naar de 'Nymphéa's' van Monet) is een fragiel spel van klankkleuren, dat een sensuele, dromerige maar ook onheilspellende sfeer uitstraalt. De Spaanse componist Hèctor Parra gaat in 'L'Aube Assaillie' op zoek naar de diepe warme ondertonen van de cello en bouwt daarbovenop in hoge registers een dialoog tussen de razendsnelle bewegingen van de cellist en verdubbelingen daarvan of commentaren daarop in de luidsprekers. Von hinter dem schmerz is een compositie van Richard Barrett voor versterkte cello solo. De titel komt uit een gedicht van de Paul Celan, de dichter van de holocaust. Net als Celan onderzoekt Barrett in zijn muziek de mogelijkheden om het onnoembare te zeggen. Als afsluiter is er Timeless Echoes van de Malinese componist van Chinese origine Kee Yong Chong, die dit stuk speciaal schreef voor cellist-improvisator Arne Deforce en beeldend kunstenares Sigrid Tanghe.

Karlheinz Stockhausen
Karlheinz Stockhausen
(1928-2007) behoort tot de grote boegbeelden van de muziek van de 20ste eeuw. Zijn carrière begint in de periode vlak na de Tweede Wereldoorlog. Via contacten met de Belg Karel Goeyvaerts komt hij in Parijs terecht in de analyselessen van Olivier Messiaen, waar hij ook Pierre Boulez ontmoet. Samen zullen zij, elk op hun manier, tot het serialisme komen, muziek die tot stand komt via een zo groot mogelijke, rationele controle van het materiaal. Stockhausen werkte het serialisme van zijn leraar verder uit door alle muzikale parameters (factoren) in reeksen te ordenen. Hij onderwierp zijn werken aan een strenge structuur en legde alles vast, van toonhoogte tot klanksterkte.

Stockhausen interesseerde zich buitengewoon voor nieuwe technische en esthetische aspecten in de muziek. Hij correspondeerde en discussieerde met andere componisten en theoretici over vernieuwing in hun composities. Daarin namen ook nieuwe technologische ontwikkelingen een plaats in en Stockhausen maakte in 1956 de eerste uitgebreide elektronische compositie. In zijn 'Gesang der Jünglinge' manipuleerde hij de klanken van een stem, door deze elektronisch te vermenigvuldigen. Stockhausen onderwierp tevens de verstaanbaarheid van de tekst aan het serialisme. Hij stelde een reeks op voor de factor 'verstaanbaarheid', die hij in zeven trappen verdeelde. Zo werd elke factor in een compositie volledig vastgelegd. In technisch opzicht was dat knap, maar artistiek gezien had het serialisme weinig kans van slagen. Evenals Boulez zag Stockhausen dit in en hij richtte zich op gevoelsmuziek. Vanaf 1970 begon hij in zijn muziek naar eenvoud en harmonie te zoeken. In zijn compositie 'Stimmung' beschreef hij bijvoorbeeld de schoonheid van zintuiglijke waarnemingen. Stockhausen nam zich voor de rest van zijn leven te wijden aan een stuk dat heel zijn leven zou omvatten. Het culminatiepunt van alle aspecten (het grootse, mystieke, belerende, belijdende, technische, explorerende) is het zevendaagse operaproject 'Licht -Die sieben Tage der Woche', dat al vanaf 1977 tot aan zijn dood in 2007 'in progress' was.

Kaija Saariaho
De in Parijs verblijvende Finse componiste Kaija Saariaho (1952) heeft een heel persoonlijke instrumentatiekunst ontwikkeld. Ze beperkt zich niet tot de zuiver instrumentale klanken maar richt zich ook tot ruis en sinustonen. Het contrast tussen deze twee uitersten geeft haar nieuwe structurele mogelijkheden. Saariaho verricht met behulp van computer muzikaal onderzoek. Haar aandacht gaat uit naar het vinden van mogelijke hiërarchische organisatiemodellen voor timbre en het realiseren van compositorische netwerken voor het controleren van verschillende muzikale parameters. Het uitgangspunt voor haar composities zijn vooral lyrische ideeën, gebaseerd op kunst, literatuur of film. 

Haar werk kan omschreven worden als een fragiel spel van klankkleuren, dat een sensuele, dromerige maar ook mysterieuze sfeer uitstraalt. Petals ("Bloembladen") is een uitloper of afsplitsing van Nymphéa ("Waterlelie"), het strijkkwartet met elektronica van Saariaho. In Petals bespeelt zij de tegenstelling tussen geruis - zuivere toon en boventoonspectrum. Dit gebeurt door o.a. de  boogdruk op de snaren te verhogen tot krasgeluiden waardoor de korreltextuur van de klank hoorbaar wordt of omgekeerd de boogdruk te verminderen - sul ponticello - waardoor het timbre en harmonisch boventoonspectrum van de toon verschijnt. De overgang tussen deze twee contrasterende klanksubstanties gebeurt geleidelijk. Het resultaat is een gedurige transformatie, verglijding en transformatie van de klanksubstantie, plastisch een kaleidoscopisch klankleurenspel. 

Het basismateriaal van Petals zijn computeranalyses van cello-ruisklanken die met behulp van de machine verwerkt zijn tot verschillende "ruismodulaties". Bij Petals wordt gebruik gemaakt van een reverb(erator), die een dynamisch schakeerbare galm produceert van 3 tot 15 seconden; en van een harmonizer, die een microtonale pitch-shifting doet, m.a.w. de toon moduleert tot een kwarttoon hoger of lager.  Saariaho over Petals: "De elementen die hier tegenover elkaar staan zijn fragiele, kleurige passages, waaruit nogal energetische gebeurtenissen ontstaan met een duidelijk ritmisch en melodisch karakter. Deze figuren met scherpe contouren, doorlopen verschillende stadia van transformatie, om uiteindelijk te versmelten tot minder dynamische, maar nier minder intensieve filigraine texturen. Mijn doel was om door deze verbinding van sterk tegengestelde uitdrukkingswijzen, de uitvoerder tot verruiming van zijn sensibiliteit te dwingen". (*) 

Richard Barrett
De Britse componist Richard Barrett (1959) maakte vooral naam met elektro-akoestische composities. Barrett ziet componeren als een holistisch gebeuren, met een aantal onmisbare accenten zoals communicatie en samenwerking met de uitvoerders, het onderzoek van de verhouding tussen uitgecomponeerde en geïmproviseerde muziek, of het aanwenden van live electronics. Barrett wordt - net zals zijn landgenoot Brian Ferneyhough - vaak geassocieerd met de zogenaamde New Complexity omdat zijn werken heel hoge technische vereisten aan de uitvoerders stellen.

Von hinter dem schmerz is een compositie voor versterkte cello solo. De titel komt uit een gedicht van de Paul Celan, de dichter van de holocaust. Net als Celan onderzoekt Barrett in zijn muziek de mogelijkheden om het onnoembare te zeggen.

Richard Barrett over Von hinter dem schmerz : " Von Hinter Dem Schmerz was completed in the summer of 1996; it is dedicated to Christopher Fox. It has a double existence: as a solo composition, and also (in fragmented form) as part of the instrumental/vocal/electronic work Opening of the Mouth. Its overall structure is defined timbrally: the three lengthening sections involve firstly the harsh and unstable sound of the open low F string (produced by tuning the cello's lowest string down by a fifth), secondly a complex discourse which is so to speak ôtrapped inside the instrumentö by the use of a heavy practice mute, and thirdly a scattering of disconnected sounds, suspended in silence, mostly produced by more or less unconventional playing techniques.

A late poem by Paul Celan (whose work forms the textual basis of Opening of the Mouth) begins thus: CELLO-EINSATZ von hinter dem Schmerz: As the poem continues, Celan seems to describe, in extremely elliptical language, the experience of being in an aeroplane taking off; and most if not all references to being airborne in Celan's work carry with them the connotation of being among the vapourised remains of the Jews incinerated in the Nazi death-camps. By mentioning this, I do not mean to imply that the music is intended to function in an illustrative way, any more than does Celan's work. All of the music of Opening of the Mouth is concerned to some degree with questioning the possibility of expression, of symbolism, especially faced with the unspeakable - the same poem concludes: alles ist weniger, als es ist, alles ist mehr. Von Hinter Dem Schmerz was conceived and written for Friedrich Gauwerky, as a consequence of working with him on performances of both solo and ensemble music over a period of several years; those experiences have made a central contribution to the identity of the music, and in particular the somewhat ôextremeö situation in which it places the performer, whose concentration must be on the most intense level whether negotiating the most rapid and intricate physical/timbral actions, or framing an extended silence with almost intangible gestures." (**)

Hèctor Parra
De jonge Spaanse componist Hèctor Parra (1976) doceert electro-akoestische compositie aan het Conservatorium van Aragón. Hij is ook componist in residentie van het Ircam. Hij studeerde aan het Conservatorium van Barcelona, waar hij de ereprijs voor compositie, piano en harmonie behaalde, en ook een vermelding kreeg als koordirigent. Daarnaast behaalde hij een master in compositie aan de universiteit van Parijs. Hij studeerde o.a. bij Brian Ferneyhough, Jonathan Harvey en Michael Jarrell. Zijn werk werd reeds door heel wat befaamde orkesten op internationale festivals gespeeld en hij werd ook al met talrijke prijzen vereerd. Zijn werken worden gepubliceerd bij Tritó (Barcelona). In 2008 verscheen bij Kairos een monografische CD (die het ensemble Recherche aan hem wijdde) en in 2010 verscheen de CD Hypermusic Prologue.

Kee Yong Chong
Kee Yong Chong (1971) is een Maleisisch componist die tijdens zijn studies compositie aan het Brusselse conservatorium een groot netwerk van bevriende musici in Vlaanderen uitbouwde. Heel wat vooraanstaande ensembles presenteerden zijn werk op de belangrijkste festivals en concertpodia. Dat is enkel mogelijk omwille van de zeer hoge kwaliteit van zijn muziek, die voor elke luisteraar onmiddellijk evident is. Chong verenigt twee totaal verschillende tradities in zijn werk: een radicaal, doorgedreyen modernisme en elementen uit de (Chinese) volks- en hofmuziek. Zijn opleiding in Europa scherpte zijn zin aan voor de exploratie van nieuwe klankkleuren, die verkregen worden door alternatieve speeltechnieken. In de klankvorming is zijn werk dus vaak uitgesproken avant-gardistisch. De invloeden vanuit de Aziatische muziek situeren zich zowel in de esthetiek - de verzoening van de Westerse drang naar beweging met de Qosterse waardering van rust en stasis - als in de compositietechniek - het gebruik van het oneindig verfijnde articulatiesysteem dat in Aziatische muziek in zwang is. Deze ontmoeting tussen Oost en West dringt tot de kern van de zaak door en houdt dus oneindig veel meer in dan het oppervlakkige exotische laagje dat in vele cross-overprojecten te vinden is.

Programma :

  • Karlheinz Stockhausen, In Freundschaft voor cello solo (1978)
  • Kaija Saariaho, Pétals voor cello en live-electronics (1988)
  • Richard Barrett, Von hinter dem Schmerz voor amplified cello solo (1992-96)
  • Héctor Parra, L'aube assaillie voor cello live-electronics (2007)
  • Kee-Yong Chong, Timeless Echoes voor cello live-electronics (2010)

Tijd en plaats van het gebeuren :

Arne Deforce : Ars Elektronica
Zaterdag 27 november 2010 om 20.15 u
Handelsbeurs Gent

Kouter 29
9000 Gent

Meer info : www.handelsbeurs.be en www.arnedeforce.be

Extra :
(*)  Toelichting K. Saariaho, Petals op www.arnedeforce.be
(**) Richard Barrett op www.ump.co.uk

Richard Barrett op en.wikipedia.org, www.ump.co.uk, www.arsmusica.be en youtube
Richard Barrett op www.arnedeforce.be
Kaija Saariaho : www.saariaho.org, www.chesternovello.com, www.finncult.be en youtube
Kaija Saariaho: de geboren buitenstaander, Jan de Kruijff op www.musicalifeiten.nl
Karlheinz Stockhausen : www.stockhausen.org, www.arsmusica.be, www.componisten.net en youtube
Karlheinz Stockhausen, een unicum als componist, Sebastian op duits.skynetblogs.be, 9/12/2007
Klankbeeldhouwer Karlheinz Stockhausen, Hellen Kooijman op www.computable.nl, 8/06/2001
Karlheinz Stockhausen (138-2007) : Globalist, Jan de Kruijff op www.musicalifeiten.nl
Karlheinz Stockhausen. Een Wagner voor de twintigste eeuw, Kasper Jansen op www.nrc.nl, 8/12/2007
Hèctor Parra op brahms.ircam.fr, en.wikipedia.org en www.ffn.ub.es (met een opname van 'L'Aube Assaillie')
Kee-Yong Chong : www.chongkeeyong.com, www.compositiontoday.com, www.myspace.com/keeyongchong, www.arsmusica.be en youtube

Elders op Oorgetuige :
L'Amour de loin : een hedendaagse opera die het grote romantische gebaar niet schuwt, 14/09/2010
Vlaamse opera opent seizoen met concert rond Mahler en Saariaho, 1/09/2010
Holland Festival Holland Festival brengt uitgebreid eerbetoon aan Stockhausen, 15/06/2008
In memoriam Karlheinz Stockhausen (1928 - 2007), 10/12/2007
Interview met Kaija Saariaho en Jean-Baptiste Barrière, 22/02/2007

12:00 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook

Pianorecital Veronika Iltchenko in het Kursaal Oostende

Veronika Iltchenko De talentvolle Russische pianiste Veronika Iltchenko (foto) verrast ons dit seizoen met de sublieme uitvoering van composities van Debussy en haar 'landgenoot' Modest Moessorgski (1839-1889). De pianowerken van Debussy op haar programma evolueren van muzikaal symbolisme naar impressionisme, terwijl de pianominiaturen die samen de suite 'Schilderijententoonstelling' vormen, ons een muzikaal beeld scheppen van zowel het 19de eeuwse Rusland als van taferelen in Parijs. De originele versie van deze meesterlijke en virtuoze compositie, die we eerder kennen door de orkestversie van Ravel, heeft Moessorgski in 1874 gecomponeerd voor pianosolo. Het programma wordt aangevuld met werk van de Armeense componist Arno Babadjanian.

Arno Babadjanian (1921-1983) is een Armeense componist die tot voor kort maar zelden werd gespeeld buiten de voormalige Sovjetunie. Hij was niet enkel een gevierd componist in Armenië en in de rest van de toenmalige Sovjetunie, maar ook een briljant pianist. En dat blijkt ook uit de pianomuziek die hij heeft gecomponeerd. Zijn werken krijgen eindelijk ook buiten de voormalige Sovjetunie de aandacht die ze verdienen.

De invloed van het oriëntalisme van de Russische school is manifest in de Prelude, met zijn ritmische flexibele melodie en zijn modale wendingen. Ook Ex promptu hoort thuis in die categorie, met zijn reminiscenties aan Borodin. Dans van Vagarshapat is gebaseerd op een bekende volksmelodie, waarvan de oorsprong nochtans onzeker is. Het thema werd opgetekend in 1902 door Komitas. Deze laatste kan worden beschouwd als de grondlegger van de volksliedstudie in Armenië. Vergeleken met de oudere versie van Komitas heeft Babadjanian de dans een grotere energie gegeven, conform aan de percussie-effecten uit de Armeense volksmuziek. De harmonische wendingen en expressieve rubato's komen daarentegen uit de Russische romantische school.

In Zes schilderijen gaat Babadjanian een modernere weg op. De volkse bronnen van zijn muziek zijn meer verwerkt volgens de modernistische, agressieve technieken in het spoor van Bartók, dan met de verfijnde harmonieën van de Russische School.

"Voor de muziek van de bij ons onbekende Arno Babadjanian breekt ze met verve een lans. Licht en transparant en doortastend geeft ze de heel verschillende werken weer, ze toont veel gevoel voor zowel de vroege tonale als de latere minder tonale klanktaal van deze Armeense componist. Ook de Schilderijententoonstelling van Mussorgsky zet ze boeiend neer", zo verscheen in Luister, april 2008 over haar debuutalbum.

Tijd en plaats van het gebeuren :

Pianorecital Veronika Iltchenko
Zaterdag 27 november 2010 om 20.00 u
Kursaal Oostende

Monacoplein
8400 Oostende

Meer info : www.kursaaloostende.be en www.veronikapiano.com

Extra :
Arno Babadjanian op www.naxos.com en youtube
Modest Moessorgski 'Beelden uit een Schilderijententoonstelling: De Grote Poort van Kiev' door Veronika Iltchenko op Kwadratuur.be
Veronika Iltchenko: 'Recital' Arno Babadjanian, Galina Oestvolskaja, Modest Moessorgski, Review Tristan Faes op Kwadratuur.be, 3/01/2008

Elders op Oorgetuige :
Veronika Iltchenko stelt debuutalbum voor, 4/01/2008

Beluister alvast dit fragment uit 'Zes schilderijen' van Arno Babadjanian, uitgevoerd door pianist Hayk Melikyan (2010)

10:33 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook

The Unicorn, the Gorgon and the Manticore : kooropera rond een vreemde stadsbewoner en drie fabeldieren

The Unicorn, the Gorgon and the Manticore Dit weekend brengen het Novecanto en Arc-en-Ciel "The Unicorn, the Gorgon and the Manticore" van de Italiaanse componist Gian Carlo Menotti, een 'kooropera' uit 1956 rond een vreemde stadsbewoner en drie fabeldieren. Het stuk bestaat uit een inleiding, 12 madrigalen en een mars voor koor, afgewisseld door instrumentale intermezzi door orkest. Vooraf speelt het ensemble Arc-en-Ciel o.l.v. Tom Deneckere uit Aalst "L' histoire du soldat" van Igor Stravinsky, een stuk dat naar vorm en inhoud perfect aansluit bij 'The Unicorn'.Sint-Martinuskerk, Leernsesteenweg, 9800 Sint-Martens-Leerne

'The Unicorn, the Gorgon and the Manticore' is een 'kooropera' uit 1956 van Gian Carlo Menotti (1911-2007). Menotti zelf beschouwde het stuk als een ballet, in Italië en Frankrijk spreekt men over een operette, andere bronnen hebben het dan weer over een madrigalenfabel voor koor, dansers en instrumenten.
Het libretto is van Menotti zelf. Op een kasteel w oont een vreemd heerschap, een vrij asociale man die elk contact met de overige stadsbewoners schuwt. Hij wordt op een zondag gezien met een eenhoorn, waarna iedereen in de stad op zijn beurt een eenhoorn wil. De volgende zondag komt de eigenaardige man op straat met een gorgon, een redelijk schrikbarend monster. Een nieuwe rage ontstaat, alle stedelingen schaffen zich een identiek dier aan. Wanneer de man zich de derde zondag vertoont met een nog gruwelijker fabeldier, de manticoor, laat het vervolg zich raden… Wanneer ook dat beest na een poos uit het stadsbeeld verdwijnt, trekken de bewoners in stoet naar het kasteel. Daar treffen ze de man - een dichter blijkt nu - op zijn sterfbed, omringd door de drie dieren.

De drie fabeldieren staan voor Menotti voor de drie fases in zijn leven als musicus: de eenhoorn voor de jeugd: grillig, dom en beïnvloedbaar maar ook mooi. De gorgon is de kunstenaar als man in de bloei van zijn leven: hij heeft successen behaald, is luidruchtig, trots en zonder angst. Natuurlijk moet de eenhoorn wel sterven. De manticore is de artiest op leeftijd: mensenschuw, en hoewel hij het goed bedoelt blijkt hij de mensen toch regelmatig te kwetsen.

Het stuk bestaat uit een inleiding, twaalf madrigalen en een mars voor gemengd koor. De madrigalen worden van elkaar gescheiden door een aantal instrumentale intermezzis. Novecanto zingt, het kamerorkest Arc-en-ciel van Tom Deneckere zorgt voor de orkestrale klanken. De vormgeving is in handen van Emilie Lauwers, Benoit Deleersnyder regisseert het koor. . .

Gian Carlo Menotti
De Italiaans-Amerkaanse componist, librettist, dirigent en festival-directeur Gian Carlo Menotti (1911-2007) was niet enkel één van de leidende componisten van de twintigste eeuw, hij verwierf die positie ook in een periode dat openlijke homoseksualiteit nog een maatschappelijk taboe was. Hij leefde in de Verenigde Staten vanaf de veertiger jaren openlijk samen met collega-componist Samuel Barber (1910-1981). Tijdens het homofobe McCarthy-tijdperk en - hoewel het woord 'homoseksueel' toen nooit viel - maakten beide mannen daarmee een publiek statement dat wereldwijd een teken van hoop was voor homoseksuele mannen en lesbische vrouwen.

Menotti werd op 7 juli 1911 geboren in het Italiaanse Cadegliano in een niet bijzonder muzikale familie. Zijn moeder merkte echter zijn bijzondere muzikale talent op en onder haar begeleiding begon Menotti al als kind met componeren. Hij schreef zijn eerste opera 'De Dood van Pierrot' al op elfjarige leeftijd. Menotti studeerde tot 1923 aan het Verdi Conservatorium in Milaan, maar na de dood van zijn vader verhuisde hij samen met zijn moeder naar de Verenigde Staten waar hij zijn studie voortzette aan het Curtis Institute of Music in Philadelphia.

Daar waren Leonard Bernstein en Samuel Barber zijn studiegenoten. De ontmoeting van Barber en Menotti in 1928 vormde de opmaat tot een muzikale legende, vergelijkbaar met die van de Britse componist Benjamin Britten en de tenor Peter Pears. Voor Barber schreef Menotti het libretto voor diens meest succesvolle opera 'Vanessa' (1964). Van 1943 tot 1973 woonden Barber en Menotti samen in in New York. Na zijn breuk met Barber verhuisde Menotti met zijn geadopteerde zoon naar Schotland.

Menotti was, net als zijn partner Barber, zeker geen avant-gardistische componist. Hij schreef in de populaire tonale stijl van componisten als Schubert en Puccini. De moderne atonale technieken van de Tweede Weense School gebruikte hij slechts spaarzaam in zijn opera's om bepaalde dramatische effecten te bereiken.

Menotti eerste volwassen werk was de opera-buffa 'Amelia Goes to the Ball' (1936). Deze eenakter ging in Philadelphia in première en werd daarna met groot succes opgevoerd door de Metropolitan Opera in New York. Daarna schreef Menotti de muziek en het libretto voor een aantal opera's die met groot succes op Broadway opgevoerd werden: 'The Medium' (1945), 'The Telephone' (1946), 'The Consul' (1949) en 'The Saint of Bleecker Street' (1954). Voor de laatste twee werken kreeg Menotti de prestigieuze Pullizer Prize. Daarmee vestigde Menotti zijn reputatie als de meest succesvolle Amerikaanse operacomponist. Met de opera's die hij vanaf het einde van de vijftiger jaren schreef, zoals 'Maria Golovin' (1958), 'The Last Savage' (1963), 'La Loca' (1979), 'Goya' (1986) en 'The Singing Child' (1993) was Menotti echter minder succesvol.

Grote bekendheid kreeg Menotti ook met het speciaal voor televisie gecomponeerde kerstverhaal 'Amahl and the Night Visitors', dat sindsdien wereldwijd een klassiek kerststuk geworden is. Daarnaast schreef Menotti orkestwerken, solo-concerten, kamermuziek en het ballet 'Sebastian' (1944), dat als ballet-suite nog veel in concertzalen gespeeld wordt.

Eén van zijn grootste triomfen beleefde Menotti met de oprichting in 1958 van het Festival van Twee Werelden in het Italiaanse Spoleto. Dat festival, dat gericht is op de bevordering van de samenwerking tussen Europese en Amerikaanse klassieke muziek, werd één van de meest succesvolle muziekfestivals in zijn soort. In 1977 kreeg dit initiatief een Amerikaanse pendant met de oprichting van Spoleto USA in Charleston in de staat Zuid-Carolina. Menotti leidde dit festival tot 1993 toen hij muzikaal directeur werd van de Opera van Rome.

Menotti bleef tot ver in de tachtig dirigeren en componeren. Zijn laatste compositie, het vocale werk 'Jacob's Prayer', ging in 1997 in première. In 1991 werd Menotti door Musical America ter gelegenheid van zijn tachtigste verjaardag uitgeroepen tot Musician of the Year.

Tijd en plaats van het gebeuren :

Novecanto : The Unicorn, the Gorgon and the Manticore
Zaterdag 27 november 2010 om 17.00 u en om 20.30 u
Zaal Parnassus Gent
Oude Houtlei 124
9000 Gent

Meer info : www.novecanto.be en www.parnassus.be
---------------------------------
Zondag 28 november 2010 om 10.30 u
Sint-Martinuskerk Sint-Martens-Leerne

Leernsesteenweg
9800 Sint-Martens-Leerne

Meer info : www.deinze.be en www.parnassus.be

Extra :
Gian Carlo Menotti op www.absolutefacts.nl, en.wikipedia.org, www.schirmer.com, www.imdb.com en youtube

Elders op Oorgetuige :
Stravinsky's muziektheater: ontwrichting en vernieuwing, 9/10/2007

Bekijk alvast de tiende madrigaal uit The Unicorn, the Gorgon and the Manticore, uitgevoerd door de Bolingbrook High School Sunrise Singers in 2008

07:00 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook

22/11/2010

Schubert revisited : Franz Schubert vs Frederik Neyrinck

Frederik Neyrinck De beroemde klarinettist F. Troyer gaf Franz Schubert de opdracht een octet te schrijven naar het voorbeeld van L.v. Beethovens' septet. De bezetting (enkel een tweede viool is toegevoegd) en de structuur zijn dan ook zeer verwant. De erfenis van Beethoven was voor velen een zware last om dragen. Schubert deed dat echter op magnifieke wijze. Hij borduurde niet verder op het werk van zijn grote voorbeeld, maar schiep een geheel nieuwe klankwereld. In brieven aan vrienden schreef hij rond 1824 (de ontstaansperiode van het werk) dat hij aan een nieuwe grootse symfonie werkte. Bedoelde hij daarmee misschien het octet? Frederik Neyrinck (foto), huiscomponist van het Odysseia Ensemble, nam het octet en enkele liederen van Schubert als uitgangspunt voor Der Wanderer. De twaalf korte deeltjes bestaan enerzijds uit solistische echo's en anderzijds uit ensemblefragmenten. Samen vormen ze één organisch geheel waarin de 19de-eeuwse Wanderer, als een ware Odysseus, een ontdekkingstocht maakt doorheen allerlei kleuren- en instrumentcombinaties.

Frederik Neyrinck werd geboren in 1985 in Kortrijk. Na pianolessen aan de Stedelijke Academie voor Muziek en Woord te Menen, schreef hij zich in aan het Koninklijk Conservatorium van Brussel. Daar volgde hij compositie bij Jan Van Landeghem en piano bij Piet Kuijken. Sinds oktober 2008 studeert Neyrinck aan de Hochschule für Musik und Darstellende Kunst in Stuttgart, waar hij een leerling is van Marco Stroppa. Daarnaast volgde hij reeds meerdere stages en masterclasses, onder meer bij Andras Schiff, André de Groote, Boyan Vodenitcharov, Peter Swinnen, en de leden van het Oxalys-ensemble alsook de leden van MP21. Neyrinck was laureaat van verschillende compositiewedstrijden, waaronder twee maal het KBC Aquariusproject, de compositiewedstrijd van de provincie West-Vlaanderen, de Emanon Compositiewedstrijd en de Prijs Agniez.

Programma :

  • F. Neyrinck, Der Wanderer
  • F. Schubert, Octet in F, D 803

Tijd en plaats van het gebeuren :

Odysseia Ensemble : Schubert revisited
Vrijdag 26 november 2010 om 20.00 u
Kerk Edegem

Drie Eikenstraat
2650 Edegem

Meer info : www.myspace.com/odysseiaensemble
------------------------
Zondag 12 december 2010 om 17.00 u
De Kleine Stooringhe

Blinde Rodenbachstraat 23
8800 Rumbeke

Meer info : www.dekleinestooringhe.be en www.myspace.com/odysseiaensemble

Extra :
Frederik Neyrinck op www.muziekcentrum.be, www.goldenrivermusic.be en en youtube

Elders op Oorgetuige :
Odysseia Ensemble brengt nieuw werk van jonge, talentvolle componisten in Brussel en Antwerpen, 11/11/2010

16:00 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook

Flat Earth Society met De Oesterprinses en Answer Songs in Avelgem

De Oesterprinses Roerganger van Flat Earth Society is componist, muzikant en producer Peter Vermeersch. Hij maakte muziek met tal van eigen groepen en componeerde voor theater- en dansproducties van o.m. Anne Teresa De Keersmaeker en Josse De Pauw.  De muziek die Flat Earth Society maakt, gaat van pure improvisatie tot strikte partituur en het hele boeiende veld daar tussenin. Flat Earth Society heeft een heel eigen sound, waarbij alle schotten tussen genres (pop, rock, jazz, wereldmuziek) feestelijk worden opgeblazen.  Flat Earth Society kleurt niet alleen buiten de vakjes van de jazz, maar gaat ook allianties aan met andere kunstdisciplines zoals theater en film. Getuige daarvan is hun project 'De Oesterprinses', waarbij Flat Earth Society live muziek brengt tijdens de vertoning van de stille film 'De Oesterprinses' van Ernst Lubitsch. En in 'Answer songs' geeft Flat Earth Society een muzikaal antwoord op bestaande nummers die om één of andere reden vatbaar zijn voor een antwoord, of gewoonweg om een antwoord schreeuwen. Onder meer Gerda Dendooven, Peter Verhelst en Peter Vermeersch werkten aan tekst en muziek voor een twaalft al songs voor Flat Earth Society. Esther Lybeert is de zangeres van dienst, maar ook andere stemmen weerklinken.

Answer Songs gaat terug op een Amerikaanse traditie uit de dertiger en veertiger jaren van de vorige eeuw om songs te schrijven in antwoord op net verschenen nummers. Ook nadien ligt de weg van de popmuziek bezaaid met dergelijke Answer Songs. Muzikaal bleef men zich meestal inspireren op de originele songs, soms betrof het pure persiflage. De beste 'antwoordliederen' waren echter volledig nieuw. Enkele voorbeelden spreken voor zich: Waltzing Mathilda (Banjo Paterson) - And the band played Waltzing Mathilda (Eric Bogle), Oh Carol (Neil Sedaka) of Street fighting man (The Rolling Stones) en Revolution (The Beatles).


De Duitse cineast Ernst Lubitsch (1892-1947) maakte 'De Oesterprinses' in 1919. Subtiele en ironische humor, perfecte timing en visuele virtuositeit zijn typisch voor zijn eerste films. Geen wonder dat Hollywood hem enkele jaren later met open armen verwelkomde. Zelfs de voor verschillende cineasten fatale overgang naar de geluidsfilm wist hij met nonchalance te overbruggen. Lubitsch laat sublieme klassiekers na als 'Heaven can't wait' (1943), 'The Shop around the Corner' (1940) en 'Ninotchka' (1939).

'De Oesterprinses' is een bruisende satire over een hilarische trouwpartij van de dochter van een schatrijke oesterkoning. Het is niet zomaar een komedie, maar een rake satire op de levensstijl van de nieuwe rijken. De briljante en bij momenten absurde humor is niet wars van een bitterzoete nasmaak.
Naar aanleiding van de restauratie van de film schreef Peter Vermeersch er in 2005 in een opdracht van het Internationaal Filmfestival van Vlaanderen Gent een nieuwe soundtrack bij. Die wordt bij de vertoning live uitgevoerd door de Flat Earth Society. Wie de prettig gestoorde bigband van Vermeersch al heeft gehoord, weet dat hij zich aan een avond pretentieloos en frivool spelplezier kan verwachten. Zo ook bij deze filmscore, waarbij beeld en muziek steeds in evenwicht blijven. De live synchronisatie verloopt vlekkeloos. De ene keer illustreert de muziek, de andere keer contrasteert ze met de film. Maar steeds heerst er een milde gekte die deze 'Oesterprinses' onvergetelijk maakt.

Peter Vermeersch (1959) verschijnt in zoveel gedaantes dat je nooit goed weet welk aspect van hem het eerst te benaderen. Hij is een breed-spectrum-musicus, componist, uitvoerder, producer, enzovoort. Sinds 1999 staat voor Vermeersch het ensemble FES of de Flat centraal. Earth Society. Zoals de titel zegt: lichtjes tegendraads, hoopvol nonsensicaal en vooral voortdurend bezig met het plezier van het muziekmaken.

Peter Vermeersch windt geen doekjes van mysterie rond zijn manier van componeren. Voor hem is het letterlijk 'werken' met noten (zoals Stravinsky het zag, als een homo faber). Het enige wat belangrijk is, is dat het stuk dat hij aan het schrijven is goed wordt. Datzelfde geldt voor het vorige en het volgende stuk, zonder aandacht voor overkoepelende eenheid of stijlvorming vanuit de componist. "Er zijn twaalf noten in een octaaf en er bestaan miljoenen manieren om daar iets mee te doen." Alles bestaat uit het uitwerken van een grondgedachte. Een muziekstuk is "borduren op een idee" en een "construeren in de werkkamer".

Dat de eenvoud de basis vormt voor elk stuk, geeft hij ook graag toe: "Ik ben geïnteresseerd in simpele muzikale basisprincipes. De toonladder, een wals, een maat 4/4, het refrein, de strofe, de intro, enzovoort." De eenvoud wordt ook geformuleerd naar de luisteraar toe: de muziek moet iets herkenbaars hebben en iets transparants. "Ook de grote heren doen dat. Iemand als Ligeti werkt met dingen die je kunt herkennen, hoe hij die ook hanteert en herschikt, enzovoort. En het werkt. Als het goed werkt, is het goed geconstrueerd. En daar hoef je je dus niets van aan te trekken terwijl je luistert. Want een goede constructie is onzichtbaar."

Vermeersch ziet echter ook in dat de constructie op zichzelf geen garantie is voor goede muziek. Hij verwijst naar het symfonische denken van Beethoven en wijst erop dat je met hetzelfde materiaal als Beethoven ook een slechte constructie, een slechte symfonie kunt maken. Constructie en materiaal moeten een zekere vrijheid en spontaneïteit in hun uitwerking behouden. Vermeersch probeert dan ook een melodie of een thema uit zichzelf te laten ontwikkelen tot zijn eigen 'muzikaal verhaal'. En op dat punt verwijst hij weer naar de kracht van Stravinsky. Hij distantieert zich dan ook van de 'verplichting' om een bijdrage te leveren aan de muziekgeschiedenis: "Ik doe geen echt conceptuele stappen. En daar heb ik reden toe, vind ik. Want alles is nu opengebroken. Er is nu geen geschiedenis waarbinnen je stappen kunt doen."

Tijd en plaats van het gebeuren :

Flat Earth Society : De Oesterprinses/Answer Songs
Vrijdag 26 november 2010 om 20.15 u
GC Spikkerelle Avelgem

Scheldelaan 6
8580 Avelgem

Meer info : www.avelgem.be en www.fes.be

Bron : tekst Yves Knockaert voor programmaboekje deSingel, september 2006

Extra :
Peter Vermeersch : www.fes.be, www.matrix-new-music.be en youtube

Elders op Oorgetuige :
Flat Earth Society & Esther Lybeert brengen Answer Songs in Mechelen, Gent en Strombeek, 7/01/2009
Cinema De Rode Pomp, 8/10/2007
De Oesterprinses + FES live, 28/09/2006

Bekijk alvast dit fragment uit 'De Oesterprinses', met muziek van Peter Vermeersch/FES

12:00 Gepost in Concert, Film, Muziek | Permalink |  Facebook

Traumgesichter : vergezichten van Huber tot Nono

Klaus Huber De werken van de Zwitserse componist Klaus Huber (foto) staan voor oprechtheid, eenvoud, durf en strijd. De voorstelling 'Traumgesichter' - naar een van Hubers werken - voert de toeschouwer mee naar eigenaardige muzikale landschappen die een aaneenrijging vormen van identiteiten en culturele streken. De verschillende werken verklanken volkeren die met elkaar delibereren, maar ook perfect naast elkaar kunnen resideren. In al deze vocale werelden schuilt een diepe wens naar minder strikte grenzen, ook in de 21ste eeuw. De solisten van VocaalLAB wenden alle mogelijkheden van de stem aan, ingebed in een elektronisch gestuurde klankenveloppe.

VocaalLAB's theatrale concert Traumgesichter is gefundeerd op de filosofie van de Zwitserse componist Klaus Huber - winnaar van Ernst von Siemens prijs 2009 - ook wel de Nobel-muziekprijs genoemd. Klaus Huber's levensvisie en werken zit bol van oprechtheid, eenvoud, durf en strijd. In al zijn composities zit een humane boodschap. In Traumgesichter, waarin Japanse, Cubaanse, Zwitserse, Frans-Griekse, Italiaanse en Nederlandse werken een aaneenrijging vormen van eigen identiteiten en culturele streken, wordt de toeschouwer meegevoerd naar eigenaardige muzikale landschappen. De luisteraar kan ze als 'stammen' ervaren, of volkeren die met elkaar delibreren en perfect naast elkaar kunnen resideren.

Te midden van Klaus Huber's conceptie van Traumgesicht en Nous?-La raison du coeur positioneren zich werken als Halai van Misato Mochizuki als ook Luigi Nono's La Fabbricca Illuminata. In Nono's werk bijvoorbeeld is de roep naar betere werkomstandigheden voor de eenvoudige fabrieksarbeiders nog steeds even actueel als in 1964. Ook anno nu moeten vele arbeiders presteren onder erbarmelijke omstandigheden, zelfs in Oost-Europese landen. De personages op het podium alterneren - in dit theatrale concert - van zanger naar figurant of spreekloze acteur en vice versa. In La Fabbrica Illuminata bijvoorbeeld vormen ze de arbeiders op de barricades terwijl de soliste ons via enkele woorden meevoert naar een fabriek met barre werkomstandigheden.

Klaus Huber
Klaus Huber
werd in 1924 in Bern geboren. Voor hij muziekstudies in viool en compositie startte aan het conservatorium van Zürich, was hij onderwijzer. In 1955-1956 volgde hij een extra opleiding bij Boris Blacher aan de Hochschule für Musik in Berlijn. Hij was gedurende tien jaar leraar viool aan het conservatorium van Zürich. Later onderwees hij muziekgeschiedenis en muziektheorie aan het conservatorium van Luzern. Van 1973 tot 1990 was hij verantwoordelijk voor de lessen compositie aan de Musikhochschule van Freiburg (Duitsland). Hij stelde zijn voormalige leerling Brian Ferneyhough als assistent aan. Andere studenten van hem waren onder meer Kaija Saariaho, Younghi Pagh-Paan, Wolfgang Rihm en Michael Jarrell. Toen hij in 1990 zijn functies in Freiburg neerlegde, zette Klaus Huber zijn onderwijsactiviteiten op zelfstandige basis voort. Hij geeft als gastdocent overal in de wereld les en houdt conferenties. Professor Huber heeft er zich altijd op toegelegd jonge componisten rechtstreeks met de praktijk in contact te brengen. Zijn genereuze ingesteldheid op het vlak van muziek en ideeëngoed, leidde tot een overvloedig en soms complex oeuvre. Vormelijk altijd wijds en met een versmelting van muzikale, politieke, poëtische en mystieke facetten.

Lange tijd werd Klaus Huber beschouwd als een introverte en zonderlinge mysticus. Belangrijk was zijn kennismaking in 1958 met Stravinski's 'Threni' en zijn doorbraak in 1959 in Rome met zijn eigen werk 'Des Engels Anredung an die Seele'. Al vanaf de 'Sonata da chiesa' opus 1 (1953) bekleedde de religieuze muziek een centrale plaats in het werk van de componist. Daarbij waren geestelijke en profane muziek weliswaar moeilijk uit elkaar te houden.

Vanaf 1967 keert Huber zich tot de tijdskritiek: "Het is thans niet meer mogelijk hermetische kunst over een idealere toekomst te scheppen." Men moet volgens hem positie kiezen, als componist, uitvoerder en toehoorder. Huber heeft zelf ook altijd positie gekozen. Het nadrukkelijkst was dat in zijn Nicaragua-oratorium 'Erniedrigt - geknechtet - verlassen - verachtet ...' (1975/78-81/82). Door middel van schokeffecten wilde hij mensen ontstellen en bewustmaken van het feit dat de realiteit moet veranderen. De brutaliteit van het regime dat in dit oratorium wordt aangeklaagd, richt zich echter ook tegen de luisteraar.

Steeds heeft Huber de neiging gehad om ofwel zeer luide ofwel zeer zachte muziek te schrijven. In het Nicaragua-oratorium komt het pianissimo aan de uiterste gehoorgrens in aanvaring met het fortissimo aan de uiterste pijngrens. "Ik ben ervan overtuigd dat mijn engagement noodzakelijk is. Met mijn extreem geëngageerde muziek heb ik niet de bedoeling sociale structuren te veranderen. Ik schep deze geëngageerde muziek om door middel van de schokeffecten en de turbulentie van mijn expressie, de beleving en het bewustzijn van de luisteraar te ontstellen en te veranderen." (*)

Henry Vega
Henry Vega
(New York, 1973) werkt als componist en musicus in modern theater, dans en concertmuziek. Zijn muziek varieert van instrumentale virtuositeit tot subtiele kleurrijke composities waarin traditionele instrumenten gecombineerd worden met elektronische geluid. Hij combineert theatrale uitvoeringen met video volgens een minimale esthetiek waarin simpele harmonieën kruisen met noisy contrapunt. Vega's werk is uitgevoerd in Europa en Amerika. Hij treedt vaak op met zijn trio The Electronic Hammer en de elektronische muziektheatergroep The Spycollective. Hij schrijft muziek voor o.a. het ensemble MAE, VocaalLab, Ensemble Integrales en The Roentgen Connection.

Nadir Vassena
De Zwitserse componist Nadir Vassena (1970) baseerde zijn 'Altri infidi luoghi' (2009) op Shakespeares 'Othello'. Het jaloezie-thema speelt hier nog een rol, maar de muziek voert de luisteraar naar andere ruimtes.

Misato Mochizuki
De Japanse componiste Misato Mochizuki (1969) (1969) studeerde aan de Tokyo National University of Fine Arts and Music. Daarna trok ze naar Parijs, waar ze compositie studeerde bij Paul Mefano en Emmanuel Nunes aan het Conservatoire National Superieur de Musique en later bij Tristan Murail aan het IRCAM. Ze krijgt opdrachten van orkesten en ensembles uit de hele wereld en behaalde talrijke onderscheidingen. De muziek van Mochizuki vermengt technieken uit onze hedendaagse klassieke muziek met Aziatische: ze is rijk aan transformaties die op een subtiele manier ingrijpen op de verschillende klankkleuren en bestaat uit uiterst verfijnde klankschakeringen.

Katarzyna Glowicka
De Poolse, in Nederland verblijvende Katarzyna (Kasia) Glowicka (1978) studeerde aan het Wroclaw conservatorium bij Grazyna Pstrokonska-Nawratil en vervolgde haar studie bij Louis Andriessen aan het Koninklijk Conservatorium in Den Haag en bij Ivan Fidele aan het conservatorium van Straatsburg. Nadien trok ze naar het Sonic Arts Research Centre in Noord-Ierland.
Glowicka heeft muziek voor verschillende soorten ensembles geschreven, waaronder voor kamerorkest en symfonieorkest. Haar oeuvre bevat tevens theatermuziek en elektro-akoestische werken. Ze heeft reeds verschillende beurzen en onderscheidingen ontvangen, onder meer van het ministerie van OC&W, de Europese Commissie, de Poolse Society of Contemporary Music en de Musica Sacra Competition.

Luigi Nono
Engagement en experiment vormen samen het belangrijkste kenmerk van de muziek van de italiaanse componist Luigi Nono (1924-1990). Zijn hele oeuvre kan dan ook beschouwd worden als één lange zoektocht naar de middelen om zijn sociale en politieke betrokkenheid ook op muzikaal overtuigende wijze tot uitdrukking te brengen. Stond zijn werk lange tijd in dienst van zijn communistische idealen, graadeweg ging hij zich steeds meer concentreren op een andere bevrijding: die van de klank. Ondanks zijn radicale ideologie, die hij ook in het dagelijks leven in de praktijk bracht (hij was actief lid van de communistische partij en woonde in Venetië tussen de arbeiders) heeft Nono's muziek nooit een strijdlied-achtig karakter gekregen, daarvoor hield hij te veel van componeren en van de mogelijkheden van klanken. Nono's composities waren steeds weer het resultaat van een onoplosbaar conflict tussen politiek engagement en artistieke idealen. Hij gaf in zijn muziek telkens nieuwe antwoorden. Zijn politieke idealen bleef hij trouw, maar toen de maatschappelijke verhoudingen gecompliceerder werden, werd het onmogelijk om de boodschap met de vroegere directheid uit te dragen. Nono besefte dat de tijd van muzikaal geweld voorbij was, en bezon zich voor de zoveelste keer op zijn muzikale uitgangspunten. In de afstompende massamedia van de moderne samenleving, en het daardoor zwakker wordende waarnemingsvermogen vond hij een nieuwe vijand.

'La Fabbrica Iilluminata' bestaat uit een viersporenmontage van geluiden uit een hoogovenbedrijf dat indertijd bekend stond als de dodenfabriek. Het rauwe geluid wordt gemixt met de live-zang van een sopraan. Nono wilde op zijn manier de onmenselijke werkomstandigheden aanklagen. Het is de tweede studio-compostie van Luigi Nono. Dit werk was in eerste instantie gecomponeerd voor de opening van dc ‘Prix Italia’ 1964 van de RAI, maar de uitvoering werd afgelast vanwege de openlijke politieke stellingname van de tekst. Uiteindelijk vond de première plaats in 1965 in het theater La Fenice in Venetië.
Als klankmateriaal voor de band voor de band gebruikte Nono opnames die hij gedurende drie dagen kon maken in de 'Italsider'-metaalfabriek in Genua-Cornigliano, die werden aangevuld met het koor van de RAI, met de stem van zangeres Carla Henius en met elktronische klanken. De band werd gesrealiseerd in de Studio di Fonologica in Milaan in samenwerking met technicus Marino Zuccheri. De teksten zijn samengesteld door Guiliano Scabia uit interviews die hij had met verschillende arbeiders van de fabriek over hun arbeids- en levensomstandigheden. Daarnaast gebruikte hij eigen observaties en vervolledigde hij het stuk met enkele versregels van de dichter Cesare Pavese.

La Fabbrica Illuminata is een van de bekendste werken uit de vroege periode van de elektronische muziek, een werk dat de barrière van de 'vreemdheid' van dit type muziek kon doorbreken. Mogelijk heeft de politieke boodschap en de eenheid van inhoud, klankmateriaal en muzikale structuur dit onmiddelijke begrip in de hand gewerkt. De linkse, communistische oriëntering is kenmerkend voor Nono's werken uit deze periode, waarin hij zich bezig houdt met de tegenstelling tussen realiteit en utopie.

In La Fabbrica Illuminata uit zich dat in enerzijds het aan de kaak stellen van de belabberde arbeidsomstandigheden in de metaalfabriek, de 'fabbrica dei morti', en de ontwrichtende uitwerking daarvan op het leven van de arbeiders zelf. Zo merkt Nono op dat "de klankomgeving van de arbeid de manier van spreken van de arbeiders beïnvloedt tot in hun dagelijks leven, en zelfs tot in hun gezinsleven". Zijn muziek heeft hier een illustrerende werking, onder meer door de quadrofonische uitsturing van de band, die de ruimte-ervaring van de fabriek oproept. Anderzijds voegt hij met de solo-stem de hoop op een betere toekomst toe. Het is niet alleen fabriek vol schel licht, maar ook een fabriek die naar verlichting leidt. De solo aan het slot leidt ons weg van de 'citta dei morti'.

Wouter Snoei
De composities van Wouter Snoei (1977) bestrijken het brede veld van strikt 'synthetische' producties tot en met de meest uiteenlopende vormen van live electronics. In 1997, nog tijdens zijn studie, won hij met zijn eigen dance project xceptional de Grote Prijs van Nederland en dat kenmerkt hem als een van de componisten van de jongste generatie, die zich niets meer aantrekken van de onzinnige loopgravenoorlogen tussen 'ernstig' en 'licht'.

Wouter Snoei behaalde in 2000 zijn Master of Music na 6 jaar studie aan het Instituut voor Sonologie (Koninklijk Conservatorium Den Haag). Als specialist in elektronische muziek werkte hij zowel uitvoerend als componerend in verschillende muzikale disciplines. Zo verzorgde hij de klankregie voor stukken van o.a. Luigi Nono en John Cage. Ook speelde Wouter met Jasper Blom en andere jazzmuzikanten in het Bimhuis en op het North Sea Jazz festival.

Tijdens zijn studie componeerde Wouter al een aantal tape-stukken. Vanaf 2000 richtte hij zich op live elektronica. In 2004 kreeg hij de Matthijs Vermeulen Aanmoedigingsprijs voor Pulse, een stuk voor solo live electronica. In 2006 componeerde Wouter ook een stuk voor het Wave Field Synthesis systeem van Stichting the Game of Life, waarvan hij tevens mede-ontwikkelaar is.

Henri Pousseur
De Belgische componist Henri Pousseur (1929-2009) genoot internationale faam als componist van nieuwe muziek en voorvechter van hedendaagse uitvoeringspraktijken aan de conservatoria. Hij was een belangrijk theoreticus, pionier van de elektroakoestiek, pedagoog en esthetisch vernieuwer. Tijdens zijn muziekstudies aan de Luikse en Brusselse conservatoria ontdekte hij het serialisme, met als ultieme uitloper de dodecafonische muziek, het twaalftoonenstelsel dat toen wereldwijd verspreid raakte binnen de ernstige muziek. In de vijftiger jaren was Pousseur de bezielende kracht en oprichter van 'Musiques nouvelles'.
Pousseur kwam later aan het hoofd te staan van het conservatorium van Luik en richtte tevens in Luik het muziekstudiecentrum 'Centre de Recherches musicales de Wallonie' - intussen herdoopt tot het Centre Henri Pousseur - op. Daarnaast was hij ook gastdocent in muziekcentra in Keulen, Bazel en Buffalo. Nadat hij officieel op rust ging, zette hij zijn muzikale praktijk verder en richt in 2000 een nieuwe multimediale muziekrichting op, die elektro-akoestische muziek en digitale beelden vermengt.
Pousseur behoorde samen met Pierre Bartholomée aan Waalse zijde en Louis De Meester en Karel Goeyvaerts aan Vlaamse zijde tot de top van de Belgische nieuwe muziek. Ook internationaal werden zijn composities uitgevoerd naast werk van Karlheinz Stockhausen en Pierre Boulez. Binnen het muziekonderwijs pleitte Henri Pousseur voor een groter aandeel van de hedendaagse muziek in het algemeen muziekonderwijs.

Georges Aperghis
Georges Aperghis
(1945) is een revolutionaire componist die tegen elke conventionele muzikale vorm in druist. Zijn muziek breekt elke wet en geeft de luisteraar ruimte voor nieuwe vergezichten. Aperghis is vooral bekend om de manier waarop hij de stem en taal in zijn werk opneemt.
Georges Aperghis werd in 1945 in Athene geboren. Na een dubbele, voornamelijk autodidactische vorming als schilder en muzikant, vestigde hij zich in 1963 in Parijsen en belandt er in de wereld van het serialisme en het onderzoek van Yannis Xenakis. Daarna zoekt hij artistiek meer toenadering tot het universum van John Cage en Mauricio Kagel. Deze laatste leert hem te componeren met een grote theatrale gevoeligheid. Vervolgens ontdekte hij het theater, een wereld die hij nooit zou verlaten. Hij werd medewerker van Antoine Vitez en richtte het Atelier Théâtre et Musique (ATEM ) op. Zijn muzikaal-scenische wereld is tegelijk humoristisch en tragisch, krachtig en broos. Het werk van Georges Aperghis bekleedt een centrale plaats en is dé referentie in het Franse muziektheater geworden.

Programma :

  • Klaus Huber, Traumgesicht
  • Henry Vega, The Hallelujah Drones
  • Nadir Vassena, Altri infidi luoghi
  • Misato Mochizuki, Halai
  • Kasia Glowicka, Luminescence
  • Luigi Nono, La Fabbricca Illuminata
  • Wouter Snoei, Nieuw werk
  • Henri Pousseur, Pour Baudelaire
  • Georges Aperghis, Rondo
  • Tomohisa Hashimoto, Nieuw werk
  • Klaus Huber, Nous? La raison du coeur

Tijd en plaats van het gebeuren :

Vocaallab & Romain Bischoff : Traumgesichter
Vrijdag 26 november 2010 om 20.00 u
(Inleiding om 19.15 u )
Muziekcentrum De Bijloke Gent
Bijlokekaai 7
9000 Gent

Meer info : www.debijloke.be en www.vocaallab.com

Extra :
Klaus Huber : www.klaushuber.com, brahms.ircam.fr, www.schott-music.com, www.arsmusica.be (*) en youtube
Henry Vega : www.henryvega.net en youtube
Nadir Vassena : web.ticino.com/nadir, www.classical-composers.org en youtube
Misato Mochizuki : www.misato-mochizuki.com, www.arsmusica.be en youtube
Kasia Glowicka : www.glowicka.com, www.muziekencyclopedie.nl en vimeo.com
Luigi Nono op www.arsmusica.be, d-sites.net en youtube
Luigi Nono : Antifascist, Jan de Kruijff op www.musicalifeiten.nl
Luigi Nono: een hedendaags Italiaans componist, Harry Mayer op www.mayertjes.nl, 19/12/2006
Luigi Nono: on what would have been the composer's 80th birthday, John Warnaby reflects on his life and music, John Warnaby op www.musicweb-international.com, 2004
Wouter Snoei : www.woutersnoei.nl, www.muziekencyclopedie.nl en youtube
Henri Pousseur : www.henripousseur.net, brahms.ircam.fr, www.arsmusica.be en youtube
Georges Aperghis : www.aperghis.com, brahms.ircam.fr, www.arsmusica.be en youtube
Tomohisa Hashimoto : www.myspace.com/tomohisahashimoto, www.ne.jp en youtube

Elders op Oorgetuige :
In memoriam Henri Pousseur (1929 - 2009), 7/03/2009
Electronic Hammer : aanstekelijke mix van elektronische en akoestische geluiden, 27/04/2008
Machinations : muziekspektakel voor vier vrouwen en een computer, 20/04/2008
Politiek engagement en artistieke vernieuwing : de weg van Luigi Nono, 23/02/2008
Happy End: sadistisch sprookje en een een schitterende animatiefilm, 18/09/2008
De zondvloed van Aperghis, 25/11/2007

Bekijk alvast Henry Vega's The Hallelujah Drones, uitgevoerd door VocaalLAB Nederland tijdens het Gaudeamus Music Festival 2008 in Amsterdam

07:00 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook

21/11/2010

Kamermuziekensemble van De Munt brengt Rota en Martinu in Brussel en Leuven

Nino Rota In de stemmige Grote Foyer van de Munt brengen de Concertini elke vrijdag van begin oktober tot half juni op het middaguur vijfenveertig minuten kamermuziek die van ver of van nabij verband houdt met de hoofdlijnen van de opera-, concert- en recitalprogrammering. Musici van het huis brengen er met de diverse vaste ensembles en in wisselende formaties de bekende parels van de kamermuziek. Je hoeft geen doorwinterde kenner van kamermuziek te zijn om te komen meegenieten van deze exquise concertjes of om na te praten met de musici of met gelijkgestemde muziekliefhebbers.

De Italiaanse componist Nino Rota (1911-1979) is vooral bekend om zijn filmmuziek, o.a. voor 'The Godfather'. Hij componeerde ook acht opera's, vier symfonieën, verscheidene concerti en heel wat kamermuziek. Zijn troeven? Een krachtige melodie, complexloze harmonie en sterke ritmes. Zijn 'Nonet' bekoort door zijn spontaniteit en directheid. Rota werkte er maar liefst 18 jaar aan. Ook in het 'Nonet' van Bohuslav Martinu (1890-1959) vinden we sterke, Tsjechische melodieën en ritmes.

Nino Rota (foto) was behalve de vaste filmcomponist van Federico Fellini ook een begenadigd 'klassiek componist'. Zijn eerste oratorium, L'infanzia di San Giovanni Battista, componeerde hij op zijn elfde en werd in het begin van de jaren twintig opgevoerd. Hij werd eerst onderwezen door Ildebrando Pizzetti aan het conservatorium van Milaan, en verhuisde later naar Rome waar hij lessen volgde aan het Accademia Nazionale di Santa Cecilia. Tussen 1930 en 1932 woonde Rota in de Verenigde Staten, waar hij studeerde aan het Curtis Institute te Philadelphia. Daar volgde hij lessen in orkestratie bij Fritz Reiner en compositie bij Rosario Scalero.

In de jaren veertig was hij voornamelijk actief als filmcomponist. Hij componeerde de filmmuziek voor enkele van de belangrijkste filmregisseurs van Italië, waaronder Luchino Visconti, Franco Zeffirelli en Mario Monicelli. Het vruchtbaarst was zijn samenwerking met Federico Fellini. Hij was verantwoordelijk voor de muziek van alle films die Fellini maakte tussen 1952 en 1978. Hij was tevens de componist van de eerste twee The Godfather-films. Hij werd voor beide films genomineerd voor de Academy Award voor beste originele muziek, maar zijn eerste nominatie werd teruggetrokken toen bleek dat hij de muziek gedeeltelijk van een vorige film had gebruikt. Voor The Godfather II won hij samen met Carmine Coppola de Oscar. Zijn muziek werd ook postuum nog voor verscheidene films gebruikt.

Als goeddeels autodidactisch componist was Bohuslav Martinu een waardige voortzetter van de door Smetana en Dvorák gevestigde Tsjechische muzikale traditie. Verder is vooral de ritmische vitaliteit van Stravinsky en de techniek om een in wezen harmonisch-statisch veld de schijn te geven van een beweeglijk stemmenweefsel kenmerkend voor zijn werk. De stijl van Martinu is ondanks deze en neoklassicistische invloeden individueel en markant. Van eenheid in stijl is echer nauwelijks sprake. Men vindt er zowel slechte passages - misschien te wijten aan zijn nogal onorthodoxe muzikale opvoeding (op zijn zevende kreeg hij zijn eerste vioollessen van de plaatselijke kleermaker, in 1906 ging hij naar het conservatorium van Praag in de hoop een vioolvirtuoos te worden, vier jaar later werd hij er echter ontslagen wegens 'onverbeterlijke nalatigheid') -, als schitterende stukken. Het beste van zijn muziek is zeer gevarieerd, levendig en origineel, zijn minder geïnspireerde werken neigen enigszins tot het stereotype. Martinu publiceerde tevens de eerste encyclopedie over de vernieuwingen in de muzieknotatie gedurende de 20ste eeuw, een boek dat zeer weinig tekst, maar vooral veel afbeeldingen bevat. Programma :

  • Nino Rota, Divetimento / Nonet
  • Bohuslav Martinu, Nonet, H.374 (1959)

Tijd en plaats van het gebeuren :

Kamermuziekensemble van De Munt : Rota, Martinu
Vrijdag 26 november 2010 om 12.30 u

De Munt - Grote Foyer
Muntplein
1000 Brussel

Meer info : www.demunt.be
-----------------------------
Zondag 23 januari 2011 om 11.00 u
Wagehuys Leuven

Brusselsestraat 63
3000 Leuven

Meer info : www.30cc.be

Extra :
Nino Rota : www.ninorota.com, en.wikipedia.org, www.schott-music.com, www.imdb.com en youtube
Bohuslav Martinu op www.componisten.net, en.wikipedia.org, www.martinu.cz, www.boosey.com en youtube

16:00 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook