27/04/2011

Tussen droom en werkelijkheid : wereldcreatie Matsukaze in de Munt

Matsukaze Meteen na de herneming van 'Hanjo' presenteert de Munt de wereldpremière van 'Matsukaze', de nieuwe opera van Toshio Hosokawa waarvan het huis de opdrachtgever is. Deze creatie wordt ongetwijfeld een belangrijk hoogtepunt in de internationale opera-agenda. Twee zussen, Matsukaze en Murasame, verloren hun hart aan een verbannen edelman. Jaren later, na hun dood, blijven hun zielen ronddolen en naar hem verlangen. Matsukaze danst als een waanzinnige, uitgedost met de hoed en mantel van haar geliefde, en denkt hem te herkennen in de gestalte van een pijnboom… Net als voor 'Hanjo' uit 2004 grijpt Toshio Hosokawa opnieuw naar de no-traditie voor zijn nieuwe opera. Eenzelfde intimistische benadering, eenzelfde droomsfeer die zo typisch is voor het no-theater, zetten de toon van deze nieuwe compositie waarin Hosokawa een viertal personages en klein koor opvoert, begeleid door een kamerorkest. Na 'Hanjo', in een enscenering van Anne Teresa De Keersmaeker, vertrouwt de Munt de regie andermaal toe aan een talentvolle choreografe, Sasha Waltz.

Matsukaze is een klassieker van het No-theater, geschreven door Kan'ami Kiyotsugu, een Japanse nô-acteur uit de 14de eeuw en werd herwerkt door Zeami Motokiyo, estheticus, acteur en schrijver (15de eeuw). Het drama verhaalt de vernietigende kracht van passie en ongecontroleerde verlangens. Twee zussen, Matsukaze (Wind in de Pijnbomen), en Murasame (Herfstregen) woonden aan de baai van Suma en distilleerden er zout uit zeewater. Ze werden allebei verliefd op een hoveling die daar in ballingschap leefde. Kort na zijn vertrek vernamen ze het nieuws van zijn dood en ze stierven van verdriet, maar hun geesten bleven ronddwalen op de oever, vol onvervulde verlangens. Bij Matsukaze brandde de liefdespijn zo hevig dat ze haar verloren liefde meende te herkennen in de gestalte van een pijnboom en er krankzinnig van werd.

Toshio Hosokawa is inderdaad heel erg geworteld in de zenfilosofie maar heeft een Westerse muziekopleiding gevolgd. Hij studeerde compositie bij Isang Yun, piano bij Rolf Kuhnert en analyse met Witold Szaloneck aan de Berliner Hochschule der Künste maar keerde daarna terug naar Japan om zijn kennis van de traditionele muziek te verrijken. Het is deze dubbele cultuur die zijn werk beïnvloedt en die put uit de grote Westerse traditie - Bach, Mozart, Beethoven, Schubert maar ook Nono - en uit de traditionele Japanse hofmuziek, de gagaku.

"De Europese kunst zegt: de tijd mag niet voorbijgaan, zo staan ook de kathedralen er voor de eeuwigheid. De Japanse kunst gaat mee met de tijd en zegt: vergankelijkheid is mooi. Het geluid komt voort uit het zwijgen, komt tot leven - en keert naar het zwijgen terug."
Het zijn niet alleen zulke uitspraken, geïnspireerd door het zenboeddhisme, waardoor men Toshio Hosokawa graag beschouwt als een "typisch Japanse" componist, hij is zondermeer de meest succesvolle componist van zijn land vandaag. Zelf ziet hij zich veeleer als een reiziger tussen werelden, even vast verankerd in het Europese modernisme als in de filosofie en de culturele traditie van zijn vaderland.

Toshio Hosokawa's grootvader was een meester in het ikebana, de edele kunst van het bloemenschikken, zijn moeder gaf les in het koto spelen, de Japanse citer met gebolde klankbodem en dertien snaren. Maar dat alles maakte weinig indruk op de jonge Toshio, die sinds zijn vijfde pianoles nam. "Als ik mijn moeder hoorde spelen op de koto, klonk dat voor mij eentonig, zo traag, en ik begreep er niets van", vertelt hij. "Mozart, Beethoven, dat was voor mij geweldige muziek, daar hield ik van." Een radio-uitzending in 1970 van de 'November Steps' van Tōru Takemitsu deed een nieuwe wereld voor hem opengaan. In deze partituur werden traditionele Japanse instrumenten zoals de biwa, een luit met korte hals, of de shakuhachi, een bamboefluit, samengebracht met het Europese orkest. Vooral het bewijs dat er een typisch Japans modernisme bestaat, dat inderdaad probeert een brug te slaan en niet alleen de Europese avant-garde imiteert, wekte bij Hosokawa het verlangen om zelf compositie te studeren.

"Het probleem van ons, Japanners, is dat wij onze eigen cultuur niet kennen”, geeft Hosokawa grootmoedig toe. "Er wordt vandaag wel telkens weer traditionele muziek gespeeld, maar zij klinkt in mijn oren niet authentiek, eerder kitscherig. Wij hebben ook zeer goede musici voor Europese klassieke muziek, maar ik denk niet dat zij Europa echt kennen. We zijn dus aan weerskanten oppervlakkig."

Een sleutelervaring was voor Toshio Hosokawa de confrontatie met het klassieke nō-theater, waarvan de rituele afgemetenheid hem veel meer lag dan het burgerlijke kabuki-theater met zijn stuitende, grove humor. Dat men deze oeroude kunst, waarvan de vandaag bekende vormen uit de 16de eeuw stammen, niet alleen kan overleveren, maar ook een nieuwe geest kan geven . De bewegingen van de acteurs bij Suzuki, die niet de werkelijkheid nabootsen maar de psychologie van de personages abstraheren en in een artificiële lichaamstaal vertalen, waren medebepalend bij deze compositie. Woord, geluid en gebaar werden verenigd tot een Gesamtkunstwerk met een heel eigen expressie - de langzame, geritualiseerde bewegingen ontmoeten een stijl van declameren die vrijer dan de westerse zangkunst met de toonhoogten omgaat en een archaïsch aandoende vibratotechniek vraagt, die de hoofdtoon tot en met een terts doet veranderen. Tegelijk echter gebruikt Hosokawa de Engelse taal en westerse instrumenten: Oost en West, oud en nieuw verrijken elkaar.

Een andere weg om toegang te vinden tot de artistieke kosmos van Hosokawa wordt geboden door de kalligrafie. "Mijn muziek is kalligrafie", geeft hij toe, "geschilderd in de open rand van tijd en ruimte. Elk geluid heeft een vorm, zoals een lijn of een punt, die met het penseel getrokken wordt. Deze lijnen worden op een doek van zwijgen geschilderd. Hun rand, het zwijgen dus, is even belangrijk als de hoorbare rest."

De natuurklanken - de wind, de golven, de adem of het zoemen van de cicaden - inspireren hem bij het componeren. "Het zijn geen lelijke geluiden, maar altijd klanken die we in de natuur horen en waar we in de muziek dichter bij komen, om de geest ervan te kunnen beroeren", verduidelijkt Hosokawa. "Een Shakuhachi-speler streeft ernaar om een ademgeluid voort te brengen dat als een natuurgeluid klinkt, zoals een zuchtje wind in een bamboestruik. En ik zou ook graag zulke klanken hebben, schrijven en horen - elk geluid laadt zich met de kracht van de natuur en heeft daardoor iets dat de mensen overstijgt." Precies met deze principes vond Toshio Hosokawa zijn meest persoonlijke klanktaal, die geen stijlkopie is van de westerse avant-garde, maar de oeroude Japanse ziel laat voortleven, ook al is ze gehuld in een hedendaags klankkleed.

Voor de enscenering deed de Munt een beroep op Sasha Waltz. Na Anne-Teresa de Keersmaeker is zij de tweede choreografe die een opera van Hosokawa ensceneert in de haar zo kenmerkende stijl van de 'gechoreografeerde opera'. Net zoals voor Hosokawa is het ritme van de beweging en de gebaren één van de grote kenmerken van de kunst van Sasha Waltz. Voor deze nieuwe productie werkt Sasha Waltz met Pia Maier-Schriever en Chiharu Shiota voor de decors, Christine Birkle voor de kostuums, Martin Hauk voor de belichting en Ilka Seifert voor de dramaturgie. Sasha Waltz was in de Munt te gast met 'Dido and Aeneas' (Purcell) in 2008, met 'Gezeiten' in 2009  en met 'Medea', een opera-en dansspektakel op de partituur van Pascal Dusapins 'Medeamaterial' in 2010.

Sasha Waltz behoort tot de belangrijkste choreografen van de hedendaagse Europese danskunst. Ze stichtte haar eigen groep Sasha Waltz & Guests in 1992 na haar opleiding aan de School for New Dance Development te Amsterdam, waarna ze zich vervolmaakte in New York en Berlijn. Terwijl ze actief verder samenwerkt met de Schaubühne te Berlin, maakt haar gezelschap tournees met ongeveer 140 voorstellingen per jaar. Buiten haar vaste dansers verwelkomt ze ook artiesten ' in residentie', voor het ogenblik zijn het 150 'guests' die uit 25 verschillende landen komen.

Sasha Waltz is gepassioneerd door de interactie tussen theater, muziek en beweging en realiseert choreografische operaregie's, denken we maar aan 'Dido & Aeneas', de productie van de Munt die in januari 2008 werd voorgesteld in het Théâtre National, 'Medea', en 'Roméo et Juliette' van Hector Berlioz dat gecreëerd werd in l'Opéra national te Parijs in 2007. Ze ontwikkelde zo een heel nieuwe vorm waarin dans, zang en muziek op een moderne manier samensmelten en slaagt er altijd in om met grote vooraanstaande hedendaagse componisten samen te werken.

Voor het allereerst staat de jonge Spaanse dirigent Pablo Heras-Casado aan het hoofd van het Muntorkest. Hoewel hij pas 34 jaar oud is - hij werd geboren in Granada in 1977 - heeft hij al een breed en gevarieerd professioneel traject afgelegd.

De titelrol van Matsukaze wordt vertolkt door de Canadese Barbara Hannigan die in de Munt tijdens het seizoen 2008-2009 een verpletterende indruk naliet met haar vertolking van Venus en Gepopo, Chief of the Secret Police in 'Le Grand Macabre' van Ligeti. In hetzelfde seizoen zong ze, eveneens in de Munt, de solistische zangpartij in 'House of the Sleeping Beauties', de wereldpremière van de opera van Kris Defoort. In september 2007 creëerde ze de liedcyclus van Friedrich Cerha, 'Auf der Suche nach meinem Gesicht', een opdracht van de Munt waarin ze haar liefde voor het hedendaagse repertoire kon etaleren. Ze bracht creaties van György Ligeti, Karlheinz Stockhausen, Kaija Saariaho, Luigi Nono en vele anderen, zong onder leiding van beroemde dirigenten als Peter Eötvös, Essa Pekka Salonen, Sir Simon Rattle, Reinbert de Leeuw, Ingo Metzmacher en Thomas Adès en werkte samen met componisten als Louis Andriessen, Henri Dutilleux, Oliver Knussen en Gerald Barry.
Na de wereldpremière in Brussel zal ze de rol zingen voor de creatie in de Nationale Poolse Opera te Warschau, in het Grand Théâtre du Luxembourg en in de Staatsoper Berlin, telkens onder leiding van par Pablo Heras-Casado.

De Zweedse mezzosopraan en getalenteerde actrice Charlotte Hellekant kon het Muntpubliek voor het eerst al aan het werk horen in 'Giulio Cesare in Egitto' in januari 2008, en in december 2009 was ze terug te horen in 'Iphigénie en Aulide' waar ze zich overtuigend inleefde in de rol van Klytämnestra. Ze komt hier terug in de rol van de zuster Murasame.

De Noorse bas-bariton Frode Olsen neemt de partij van 'der Mönch' voor zijn rekening. De Munt is voor hem bekend terrein: hij zong er Fasolt (Der Ring), König Marke (Tristan und Isolde) en Gurnemanz (Parsifal), Erster Soldat en Erster Nazarener (Salome), Sarastro (Die Zauberflöte), maakte zijn roldebuut als Vodnik in 'Rusalka' (seizoen 08/09) en was datzelfde seizoen te horen als Nostradamus in 'Le Grand Macabre'. De belangrijkste operahuizen vragen hem voor een gevarieerd operarepertoire dat loopt van Mozart, Beethoven, Berlioz tot Puccini, Wagner en Strauss. Ook op het concertpodium is hij actief: regelmatig brengt hij concerten met werk van Verdi, Rossini, Dvorak, Händel, Haydn en Beethoven. De Duitse bariton Kai-Uwe Fahnert maakte zijn Muntdebuut in 2006 in 'L'Incoronazione di Poppea', en komt terug voor de rol van ' der Fischer'.

Tijd en plaats van het gebeuren :

Toshio Hosokawa : Matzukaze
Di 3, wo 4, do 5, vrij 6, di 10 en wo 11 mei 2011, telkens om 20.00 u
Zondag 8 mei 2011 om 15.00 u
De Munt Brussel

Muntplein
1000 Brussel

Meer info : www.demunt.be
-------------------------------
Meet the Artist : Toshio Hosokawa & Sasha Waltz
Maandag 2 mei 2011 om 18.30 u


Aan de vooravond van de wereldcreatie van Matsukaze nodigt de Munt je uit om een kijkje te nemen achter de schermen van dit uitzonderlijke evenement. Dompel je onder in het hart van deze hedendaagse creatie met de Japanse componist Toshio Hosokawa, de jonge librettiste Hannah Dübgen, de Duitse choreografe Sasha Waltz, de regisseuse van deze langverwachte voorstelling, en de dramaturge van de productie, Ilka Seifert.

De ontmoeting, die in het Duits zal plaatsvinden met simultaanvertaling, zal geleid worden door journalist Hans Reul. Deze bevoorrechte ontmoeting zal opgeluisterd worden door werken van Toshio Hosokawa voor solo-instrumenten. Femke Sonnen zal 'Elegy for violon' vertolken en Carlos Bruneel brengt 'Vertical Song I for flute'.
-------------------------------
A Night at the Opera with Lucy Lucy

Ben je jonger dan 26, dan kun je op donderdag 5 mei een avond in de opera doorbrengen in het bijzijn van de Belgische pop-rock groep Lucy Lucy! en tegelijk de nieuwste opera van de Japanse componist Toshio Hosokawa in een regie van de Duitse choreografe Sasha Waltz ontdekken. Een dansworkshop als inleiding tot het werk van Sasha Waltz, de operavoorstelling en een verrassende ontmoeting tussen de zangers uit Matsukaze en de leden van de groep Lucy Lucy! maken van deze Night at the Opera een onvergetelijke totaalervaring!

Extra :
Toshio Hosokawa op www.schott-music.com, www.karstenwitt.com, www.arsmusica.be en youtube
Sasha Waltz & Guests : www.sashawaltz.de

Elders op Oorgetuige :
Toshio Hosakawa's tweede opera Hanjo in de Munt, 3/04/2011

Naar aanleiding van de wereldcreatie van 'Matsukaze' in de Munt konden wij op zaterdag 23 april titelrolzangeres Barbara Hannigan tussen de repetities door strikken voor een interview. Dat verschijnt later deze week op Oorgetuige.

14:07 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook

25/04/2011

De verlichte fabriek : nieuwe muziek & sociaal engagement tijdens Erfgoeddag in Leuven

Erfgoeddag Op zondag 1 mei is het weer Erfgoeddag. Thema van deze Erfgoeddag is 'Armoe troef!'. Deze editie van Erfgoeddag probeert aan de hand van zo'n 600 activiteiten na te gaan hoe men in het verleden tegenover armoede en mensen in armoede stond. Stad Leuven doet opnieuw mee met allerhande interessante iniatieven. Daarbij kon HistarUZ, het museum van UZ Leuven, uiteraard niet ontbreken. Daar organiseert Matrix Centrum voor nieuwe muziek de tentoonstelling 'De Verlichte Fabriek'. Deze expo zet de sociaal geëngageerde kunstmuziek uit de 20ste eeuw in de kijker.

Mee met de maatschappelijke omwentelingen van de voorbije 100 jaar, deden heel wat kunstenaars hun artistieke zeg over armoede en sociaal onrecht. Muziek werd een wapen in de strijd tegen sociale ongelijkheid, soms met enkel klank, soms hand in hand met ruimere maatschappelijke actie. Naar aanleiding van Erfgoeddag, met het thema Armoe troef, zet Matrix sociaal geëngageerde kunstmuziek uit de 20ste eeuw in de kijker. Luigi Nono bijvoorbeeld schreef in 1964 de socialistische opera La fabbrica illuminata, 'De verlichte fabriek' en bracht ook letterlijk muziek naar de fabrieksarbeiders. Vijf jaar later zetten de zogeheten Notenkrakers Amsterdam op stelten met muzikale (en andere) acties tegen de heersende bourgeoisie, de woningnood in Amsterdam, het arresteren van straatmuzikanten en andere vormen van maatschappelijk onrecht. Aan het einde van de jaren 1970 maakte Logos de muziek voor enkele animatiefilmpjes rond sociale en politieke thema's. En tot slot gluren we ook even binnen bij het Scratch Orchestra van Cornelius Cardew.

Naar aanleiding van Erfgoeddag werkte Matrix samen met Buurtwerk 't Lampeke aan een project rond muziek en klankbeleving. Frederik Croene vroeg de aanwezige buurtbewoners naar hun ervaringen en gedachten rond klank en muziek. Achteraf bracht Matrix de verhalen, muziek en de unieke klank van het buurthuis samen in een bijzonder klankkunstwerk. Het resultaat is te horen in het kader van de tentoonstelling 'De Verlichte Fabriek'.

Tijd en plaats van het gebeuren :

De Verlichte Fabriek - tentoonstelling i.h.k.v. Erfgoeddag
Zondag 1 mei 2011 van 10.00 u tot 18.00 u
mUZeum van HistarUZ Leuven

Kapucijnenvoer 33
3000 Leuven
Gratis toegang

Meer info : www.matrix-new-music.be en www.erfgoeddag.be

Elders op Oorgetuige :
Traumgesichter : vergezichten van Huber tot Nono, 22/11/2010
Lonely at the top : Cornelius Cardew, 3/06/2008

23:03 Gepost in expositie, Muziek | Permalink |  Facebook

24/04/2011

Gradus ad Parnassum : Sjostakovitsj, Goeyvaerts, Silvestrov en Brackx

Karel Goeyvaerts In het kader van de concertreeks Gradus ad Parnassum van het Conservatorium Gent brengen studenten Anna Pardo Canedo (sopraan), Stefanie Arys (klarinet), Géraldine Clément (fluit), Naomi Vercauteren (viool), Anna Katharina Grote (cello) en Adriaan Debbaut (piano) op zondag 1 mei werk van Dimitri Sjostakovitsj, Karel Goeyvaerts (foto) , Valentin Silvestrov en Joachim Brackx.

Dimitri Sjostakovitsj, 7 romances op poëzie van Blok, voor sopraan, viool, cello en piano, opus 127 (1967)
Toen de gezondheid van Sjostakovitsj eind jaren zestig te wensen overliet, deed hij het wat rustiger aan en doodde hij de tijd met lezen. Zo maakte hij kennis met de De twaalf, een ballade van Alexander Blok (1880-1921). Het werk van Blok sprak Sjostakovitsj zozeer aan dat hij inging op de uitnodiging van cellist Mstislav Rostropovitsj om poëzie van Blok op muziek te zetten. Sjostakovitsj zag echter al snel in dat een combinatie van zang met pianotrio meer expressieve mogelijkheden bood. Zo komt het dat elk deeltje uit deze liedcylus voor een verschillende combinatie van instrumenten is gecomponeerd, van viool-, cello- of pianosolo met zang tot een combinatie van de vier muzikanten samen. De thematiek is erg donker en richt zich op angst, duistere voorgevoelens en de dood.

Karel Goeyvaerts - Litanie IV (1981)
Karel Goeyvaerts studeerde aan de conservatoria van Antwerpen en Parijs, waar hij les volgde bij Darius Milhaud en Olivier Messiaen. Zijn Sonate voor twee piano's (1950) wordt beschouwd als het eerste integraal serialistisch werk. In samenwerking met onder andere Stockhausen realiseerde hij in 1953 voor het eerst muziek die geproduceerd werd via elektronische generatoren. Van de jaren 60 tot zijn dood bewandelde hij experimentele, aleatorische, repetitieve wegen die uitmondden in zijn late neo‐tonale stijl. Zijn belangrijkste werk is zijn laatste, de opera Aquarius. De vijf Litanieën dateren uit zijn repetitieve periode.

De reeks van vijf Litanieën belichamen de stijl die Goeyvaerts zelf omschreef als 'evolutief-repetitief'. Het basisprincipe daarvan was volgens Goeyvaerts: "(…) dat muzikale cellen voortdurend ontwikkeld worden door er nieuwe elementen aan toe te voegen en dan zodra ze voltooid zijn meteen weer verbrokkelen en langzaam verdwijnen, terwijl andere cellen op gelijkaardige wijze verschijnen en ontwikkeld worden." Concreet betekent dat dat rusten stelselmatig worden vervangen door noten tot het motief in de meest volledige gedaante verschijnt en daarna het omgekeerde proces inzet waarbij meer en meer noten wegvallen en rusten in de plaats komen. Dat het 'evolutieve' aspect in de voortdurende me-tamorfose van die muzikale cellen in essentie niets anders is dan 'process music' mag duidelijk zijn, al verloopt het proces bij Goeyvaerts veel sneller dan in de vroege Amerikaanse minimal music.

'Litanie IV' (1981) werd gecomponeerd in opdracht van Radio France en is geschreven voor sopraan en vijf instrumenten (fluit, klarinet, viool, cello en piano). Typisch voor Goeyvaerts is dat er niet één overkoepelend proces is, maar verschillende processen tegelijk, die in verschillende lagen boven elkaar worden gestapeld. In 'Litanie IV' volgen zes zulke muzikale lagen/processen elkaar op waarbij de volgende laag al begint op te bouwen als de vorige laag nog maar net aan de afbouwfase is begonnen. Die overlapping wordt bruusk afgebroken wanneer het materiaal uit het begin van het werk opnieuw verschijnt en op een licht gevarieerde manier terug wordt ontwikkeld. Dat mondt uit in een droog machinaal ostinato (dat is afgeleid uit het laatste akkoord dat eraan voorafging) dat het afsluitende karakter van het einde van de compositie benadrukt. De tekst die de sopraan zingt is half-nonsensicaal, maar gebruikt klanken en lettergrepen die bij momenten verdacht veel aan betekenisvolle gehelen doen denken, zo lijkt het begin ('Ayo. Horia in ecce hi De') merkwaardig goed op de tekst van het Gloria uit de Latijnse mis ('Gloria in excelsis Deo'). Goeyvaerts zelf geeft in het voorwoord van de partituur toe dat in de loop van het stuk muzikale referenties naar bestaande stukken zijn verwerkt, waaronder een psalm en een Russisch wiegeliedje. (*)

Valentin Vasiljovitsj Silvestrov - Postludium DSCH (1981-82)
Valentin Silvestrov is een Oekraïense componist, pianist en bouwkundig ingenieur. Hij studeerde compositie in Kiev bij Boris Lyatosjinski (1895‐1968). Omwille van zijn avant‐gardistisme werd hij niet toegelaten tot de Sovjet componistenbond zodat zijn werk niet openbaar mocht uitgevoerd worden. Pas in 1995 komt er in Rusland een album uit zijn werk.

Een postludium, normaal een instrumentaal naspel, wordt hier gebruikt als zelfstandige vorm. De letters DSCH zijn ontleend aan de naam van Dmitri Sjostakovtisj (of Schostakovich) aan wie het werk opgedragen werd; als alfabetische notennamen leveren die de tonen d es c b, die de aanhef vormen van het adagio - middendeel.

Programma :

  • Dimitri Sjostakovitsj, 7 romances Opus 127 voor sopraan, cello, viool en piano
  • Karel Goeyvaerts, Litanie IV voor sopraan, fluit, klarinet, viool, cello en piano o.l.v. Filip Rathé
  • Valentin Silvestrov, Postludium Nr.1 'D-S-C-H’ voor sopraan, viool, cello en piano
  • Joachim Brackx, La princesa esta triste... (2001) voor sopraan, viool, cello en piano

Tijd en plaats van het gebeuren :

Gradus ad Parnassum : Sjostakovitsj, Goeyvaerts, Silvestrov, Brackx
Zondag 1 mei 2011 om 11.00 u
Koninklijk Conservatorium Gent
- Miryzaal
Hoogpoort 64
9000 Gent

Meer info : cons.hogent.be

(*) Bron : Tekst Maarten Beirens voor deSingel, mei 2007

Extra :
Dmitri Sjostakovitsj op nl.wikipedia.org en youtube
Dmitri Sjostakovitsj (1906 - 1975): Strijd om de geestelijke integriteit, Jan De Kruijff op www.musicalifeiten.nl
Valentin Silvestrov op www.schott-music.com en youtube
Valentin Silvestrov - Portret van een onaagepaste op tempeldertoonkunst.blogspot.com
Valentin Silvestrov : 'Metamusik/Postludium', Bart Cypers op Kwadratuur.be, 04/10/2003
Karel Goeyvaerts op www.matrix-new-music.be, www.cebedem.be en youtube
Joachim Brackx : www.brackx.info, www.matrix-new-music.be en youtube

Beluister alvast de eerste van Sjostakovitsj' 7 romances Opus 127



Je kan de 7 romances hier in hun geheel beluisteren

Het eerste deel van Karel Goeyvaerts' Litanie IV



en deel 2

22:27 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook

De gehangenen : muziektheater over ongelovige thomassen die luidop vragen durven te stellen

Josse De Pauw & Jan Kuijken De gehangenen zijn zij die luidop vragen stelden, die luidop hun bevindingen verkondigden, die zich niet wilden neerleggen bij wat al geweten was of bij wat geschreven stond, ze eisten de vrijheid op om te twijfelen en te onderzoeken. Vaak moesten ze die nieuwsgierigheid met hun leven bekopen. De muzikanten van het Orchestre Royal de Chambre de Wallonie voeren de muziek van Jan Kuijken uit. Een muzikaal verhaal waar acteurs, zangers en Jan zélf met cello en opgenomen materiaal, hun plek in vinden. Boven het strijkersensemble worden drie zangers en twee spelers opgehangen. Voor hen schreef Josse De Pauw de tekst. Voor de zangers werd die in het Latijn vertaald, waardoor hun vertelling soms aan een mis doet denken, aan een requiem misschien, maar evengoed herinnert aan het Latijn als eerste universele taal voor de wetenschap. De acteurs spelen in het Nederlands, een man en een vrouw, twee onderzoekers die te vroeg en te luid hebben gesproken. De voorstelling wil een ode zijn aan het vrije denken en het vrijmoedig verwoorden van die gedachten.

Jan Kuijken streeft naar een organische verwevenheid van zijn muziek met het spel van de acteur, waardoor een vorm van muziektheater ontstaat, waarbij het één niet meer zonder het andere kan. Met Josse De Pauw heeft hij eerder al onder andere Die siel van die mier (2004) en Liefde/zijn handen (2008) gemaakt.

Jan Kuijken studeerde als telg uit een muzikale familie cello en piano aan de muziekacademie in Asse. Hij speelde al in de meest uiteenlopende projecten: Urbanised van Luk Mishalle en Trevor Watts, Fukkeduk, De Oplosbare Vis van Peter Vermeersch en Josse De Pauw, The Sands of Time van Dick van der Harst, Passages van Kris Defoort en Fatou Traoré. Daarnaast componeert hij ook zelf. Typisch voor Jan Kuijken is het vermengen van stijlen en het werkzaam zijn op verschillende artistieke terreinen. En Kuijken blijft zoeken. Als huiscomponist bij LOD kan hij daartoe zijn eigen parcours uitstippelen. Muziektheater maken is een oud verlangen. Jan Kuijken wil voorstellingen creëren waarin zijn muziek organisch verweven is met het spel van de acteurs. Voorstellingen waarin het één niet meer zonder het ander kan. Zo schreef hij de muziek voor 'Brutalis', een performance van Karine Ponties. Dezelfde zoektocht naar verwevenheid tussen woord en muziek komt tot uiting in de dramatische concerten die Jan Kuijken en Josse De Pauw samen maakten. 'Die Siel van die Mier' (2004, ook in samenwerking met George van Dam), waarin een professor over orde en chaos reflecteert, heeft tussen november 2006 en februari 2007 getoerd in Frankrijk en België. Het muzikale liefdessprookje 'Liefde/zijn handen' (Jan Kuijken & Josse De Pauw) ging in première eind 2007.

In september 2006 werd 'Concertino voor Cello en Speakers' voor de eerste maal opgevoerd: een solo performance, waarin Jan Kuijken live improviseert op cello, bovenop verschillende lagen vooraf opgenomen muziek. In 2007 creëerde hij, samen met actrice Marlies Heuer (o.m. Toneelhuis), een uitbreiding: in het Dubbelconcertino wordt de compositie voor cello en speakers aangevuld met een compositie voor actrice en speakers. In 2009 maakte Jan Kuijken in Nederland met Marlies Heuer en Ria Eimers de voorstelling 'Szymborska!', een muziektheatervoorstelling rond gedichten van Szymborska. In het najaar 2010 werd deze voorstelling hernomen in Nederland. De volgende LODproductie werd 'Hoeveel jaren telt november', een samenwerking met Hans Spilliaert en Yoris Van den Houte. 'Hoeveel jaren telt november' werd een ontmoeting tussen installatie, poëzie, muziek en video, gebaseerd op het 'Boek der vragen' van Pablo Neruda. Intussen werkte hij samen met Josse De Pauw aan de nieuwe LODproductie, 'De gehangenen', die eind april 2011 in première gaat.

Tijd en plaats van het gebeuren :

LOD/Jan Kuijken : De Gehangenen
Za 30 april, di 3, wo 4 en do 5 mei 2011, telkens om 20.00 u
KVS BOL

Lakensestraat 146
1000 Brussel

Meer info : www.kvs.be en www.lod.be
----------------------------
Zaterdag 7 mei 2011 om 20.00 u
Cultuurcentrum Hasselt

Kunstlaan 5
3500 Hasselt

Meer info : www.ccha.be en www.lod.be
----------------------------
Dinsdag 10 mei 2011 om 20.00 u (inleiding door Geerdt Magiels om 19.15 u )
Concertgebouw Brugge

't Zand 34
8000 Brugge

Meer info : www.concertgebouw.be en www.lod.be
----------------------------
Woensdag 11 mei 2011 om 20.15 u
de Warande Turnhout

Warandestraat 42
2300 Turnhout

Meer info : www.warande.be en www.lod.be
----------------------------
Zaterdag 28 en zondag 29 mei 2011, telkens om 20.00 u
deSingel Antwerpen

Desguinlei 25
2018 Antwerpen

Meer info : www.desingel.be, www.operaxxi.be en www.lod.be

Extra :
Jan Kuijken op www.lod.be, www.muziekcentrum.be en youtube

12:29 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook

21/04/2011

Mechelen hoort Stemmen : vocaal feestgewoel in de Dijlestad

Mechelen hoort Stemmen Eén oor in, een andere wereld uit. Mechelen hoort Stemmen brengt ook dit jaar de mooiste vocale muziek uit de vier windstreken samen in het hart van de stad. Het Mechelse stadhuis, het Cultuurcentrum, Martin's Patershof en de Sint-Romboutskathedraal vormen in april en mei het decor voor creatieve combinaties en muzikale confrontaties: van close harmony van de King's Singers over Mudéjars ballades en romances uit Toledo tot het heerlijke Gloria van Vivaldi.

De eerste tonen van Mechelen hoort Stemmen klinken op zaterdag 30 april. In en rond het Stadhuis van Mechelen kan je die zaterdag genieten van koormuziek, wervelende tarantella’s en swingende jazz. Ook aan de jongste muziekliefhebbers is gedacht: voor hen is er een doe-voorstelling en een muzikale vertelling. Goedgesmeerd en in vrolijke stemming begeleiden de stemmen van onder meer Boboto, Cantus Amici, kinderkoor Kolor, Les Amis de P., Korile, het Onze-Lieve-Vrouwekoor, Salvocalee en Scala Vocale je doorheen de stad. En voor wie in de namiddag op het marktplein rondkuiert of geniet van een eerste terrasje, heeft Mardi brass een muzikale verrassing in petto.

Op donderdag 5 mei brengt Zefiro Torna in de Minderbroederskerk de wereldcreatie van Shadows, een liedcyclus van Jeroen D'hoe in zeven bewegingen, afgewisseld met zes gearticuleerde stiltes. Shadows vindt zijn inspiratie in de christelijke Tenebrae-traditie. Het libretto van tekstkunstenaar Brody Neuenschwander en D'hoe is een lyrische meditatie over schaduw in al zijn vormen.

Op donderdag 19 mei overschouwt de Letse dirigent Kaspars Putniņš met het Cappella Amsterdam de Baltische koormuziek van de voorbije eeuw. Hoewel zeer toegankelijk, is deze meditatieve, haast etherische muziek zeker niet vrijblijvend. Haal alvast je kompas boven!

In de productie 'Heaven and Hell', geïnspireerd op het fascinerende werk van William Blake, krijgt de klassieke recitalcontext een fikse adrenalinestoot van... een metalband. "Verbeeldingskracht aan de macht", had het credo van Blake kunnen zijn. Dit unieke concert - op dinsdagg 24 mei in het Minderbroederscomplex - brengt hulde aan de meester. Op het programma : muziek van Jonathan Harvey, Benjamin Britten, Ralph Vaughan-Williams, Jacob Ter Veldhuis, en Annelies Van Parys.

Tijd en plaats van het gebeuren :

Mechelen hoort Stemmen
Van zaterdag 30 april t.e.m. zaterdag 28 mei 2011
Op verschillende locaties in Mechelen


Het volledige programma en alle verdere info vind je op www.festivalmechelen.be

Festival van Vlaanderen-Mechelen op Facebook

17:29 Gepost in Concert, Festival, Muziek | Permalink |  Facebook

Feniks Festival : een heel weekend muziektheaterfeest

Walpurgis Op 29 april wordt in de muziektheaterwerkplaats van Walpurgis aan het Deurneleitje in Mortsel het startsein gegeven voor de 3de editie van het Feniks Festival. Voor deze editie mag je je verwachten aan een feestelijke opening, een verrassende librettolezing en tal van andere artistieke projecten in allerlei stadia van ontwikkeling: van eerste lezing, over work-in-progress en tryouts tot nieuwe voorstellingen die al dan niet in opdracht van Walpurgis gecreëerd worden. En tussen de bedrijven door kan je buiten op het terras met een drankje op adem komen of op plundertocht gaan in het festival-winkeltje met Walpurgisrecords, accessoires en kostuums uit vroegere producties... Op zondagavond wordt het Feniks Festival feestelijk afgesloten met een gevarieerd en smakelijk buffet waarbij publiek en artiesten samen aan tafel zitten. En op 8 mei gaat het Feniks Festival op locatie : die dag wordt het Moorkensplein in Borgerhout hoofdrolspeler in een levende stadscompositie. David Bovée en Liesbet Swings maakten een partituur voor een beiaard, twee kinderkoren, een sopraan, een open raam, een huilende baby en hier en daar een ijskar.

20 jaar geleden ging Walpurgis in het Nieuwpoorttheater in Gent in premiere met haar allereerste muziektheaterproductie Mignon. En wat is er sindsdien niet allemaal voor bijzonders gecreëerd. Misschien herinner jij je nog Saterzang Antigone i.s.m. Leporello (de eerste 'opera' die Luc Brewaeys voor het muziektheater componeerde) of het eerste muziektheaterproject van Josse De Pauw en Peter Vermeersch - De oplosbare vis, of Harawi met pianist Alain Franco, De kleine zeemeermin in Les Bains in Brussel il.s.m. Bronks en de Roovers, Charms met o.a. Benjamin Verdonck en Philippe Thuriot, De helling van de oude wijven met mezzosopraan Gerrie de Vries, de hilarische librettolezingen met o.a. Sam Bogaerts, Adriaan Van den Hoof en Tania Van der Sanden of de noces/svadebka/debruiloft met de Roovers en het SPECTRA Ensemble.

Ook voor de komende jaren staan er weer boeiende projecten en samenwerkingen op het programma. Genoeg redenen dus om te feesten en dat doet Walpurgis in stijl met een nieuwe editie van het Feniks Festival. Net als vroeger is het Feniks Festival door de informele sfeer die gecreëerd wordt en de onconventionele combinatie van genres en artiesten een uniek gebeuren dat uitnodigt tot artistieke dialoog en verrassende ontmoetingen.

Hedendaagse muziektheaterproducties
Walpurgis specialiseert zich sinds haar oprichting in 1989 in de creatie en de ontwikkeling van hedendaags muziektheater waarin de zanger als maker en uitvoerder centraal staat. Walpurgis is een plek van artistieke en culturele diversiteit: multidisciplinair en meerstemmig. Zij is een open huis voor zangers, acteurs, muzikanten en een publiek met een uitgesproken interesse in muziektheater. Sinds 1999 is Judith Vindevogel (sopraan) artistiek leider. Walpurgis geeft regelmatig schrijf-en compositieopdrachten en geeft onder het label Walpurgisrecords ook CD's uit.

Dialoog
Muziektheater kenmerkt zich door haar multidisciplinariteit. Net zoals in een multiculturele samenleving kan er in het muziektheater alleen opgebouwd, samengewerkt en gecreëerd worden op basis van dialoog, respect en wederzijds vertrouwen. Dialoog is, behalve het fundament van de artistieke werking, in vele - zoniet alle - Walpurgis projecten een belangrijk weerkerend thema. Met de dialoog als uitgangspunt vertrekt Walpurgis niet vanuit een absoluut idee van wat muziektheater zou moeten zijn maar laat zij ruimte voor wat muziektheater kan worden. Welke gedaante zij ook aannemen, de muziektheaterprojecten van Walpurgis kenmerken zich door hun artistieke kwaliteit, hun generositeit en zorgzaamheid tot in de kleinste details.

Collectief
Als grondtoon in het artistiek parcours hanteert Walpurgis de ensemblegedachte: een collectief van vrije en individuele artiesten met wie over de jaren heen regelmatig samengewerkt wordt. Omdat deze artiesten niet vast verbonden zijn aan Walpurgis brengen zij met elke nieuwe samenwerking hun diverse artistieke ervaringen mee in het werkproces. In de realisatie van onze producties hebben alle betrokken makers een evenwaardige stem.

Workshops en Generosità
Het muziektheater heeft nood aan veelzijdige artiesten die vanuit een sterke individualiteit telkens opnieuw bereid zijn om de stap in het onbekende te zetten, grenzen af te tasten en grenzen te schenden. Om met deze gelijkgezinden in contact te komen organiseert Walpurgis op regelmatige basis workshops.
Walpurgis interesseert zich in het potentieel van een artistieke persoonlijkheid in ontwikkeling en probeert door te dringen tot de persoonlijke stem van de artiesten met wie zij werkt. Walpurgis ondersteunt daarom via de Generosità-formule verschillende freelance werkende kunstenaars. Vanaf 2008 biedt Walpurgis onderdak aan Eurudike De Beul, Steffie Van Cauter en Wilfried Van den Brande.

Publiekswerking
'Ongekend is onbemind' zegt men, daarom probeert Walpurgis het publiek via het gekende met het ongekende kennis te laten maken.
Elke kunstenaar droomt van een zo groot (en dus breed) mogelijk publiek. Dat geldt ook voor Walpurgis. Daarom probeert Walpurgis, zonder aan artistieke integriteit in te boeten, de kloof te dichten die bestaat tussen 'de kunst' en 'het grote publiek'. De publiekswerking is erop gericht om het publiek op een plezierige en enthousiaste manier kennis te laten maken met de wereld van de klassieke en hedendaagse muziek door het organiseren van inleidingen, nabesprekingen, try-outs,... Walpurgis wil elke dialoog aanmoedigen tussen publiek en artiesten, en biedt de omkadering om dat gesprek op een heel directe manier te voeren.

Tijd en plaats van het gebeuren :

Feniks Festival
Van vrijdag 29 april tot en met zondag 1 mei 2011
Muziektheaterwerkplaats deFeniks

Deurneleitje 6
Mortsel
---------------------------
Zondag 8 mei 2011 om 15.00 u en om 17.00 u
Moorkensplein - Borgerhout

Meer info : www.Walpurgis.be

16:41 Gepost in Concert, Festival, Muziek | Permalink |  Facebook

Orgelrecital Jan Van Landeghem in de Sint-Bernardusabdij Bornem

Jan Van Landeghem Jan Van Landeghem (foto) studeerde orgel aan de Conservatoria van Brussel en Maastricht, waar hij onder leiding van K. D'Hooghe het meesterdiploma behaalde. Daarnaast vervolmaakte hij zich bij Xavier Darasse (Frankrijk) en Harald Vogel (Duitsland). Als organist concerteerde hij in de meeste Europese landen, de Verenigde Staten en het Verre Oosten. Als componist haalde hij meer dan 15 nationale en internationale onderscheidingen. Hij is ook al jaren directeur van de Bornemse Academie voor Muziek, Woord en Dans. Op vrijdag 29 april brengt Jan Van Landeghem in de Sint-Bernardusabdij van Bornem een programma met Vlaamse Romantische muziek van Tinel en Van Durme, maar ook werk van Mendelssohn, Rheinberger, Franck en eigen composities voor orgel.

Jan Van Landeghem (1954) behoort tot de gematigde modernisten. Hij maakt dankbaar gebruik van citaten en schrijft bij voorkeur virtuoze muziek. Daarbij zoekt hij bewust naar vernieuwing en verdieping van bestaande stijlen. Het repertoire van Jan Van Landeghem is heel divers van aard. Het besef beïnvloed te zijn door tal van stijlen en factoren heeft bij hem geleid tot een geïnterpreteerde polystilistische schrijfwijze. Opvallend daarbij is dat die diversiteit zowel de buitenmuzikale elementen van zijn muziek als het muzikale materiaal zelf betreft.

In zijn composities vertrekt Van Landeghem vaak vanuit een buitenmuzikaal gegeven dat eerder als inspiratiebron, dan wel als echt programma fungeert. Hij kiest daarvoor uit een heel breed spectrum van beelden en themata. Die zeer grote variatie treffen we niet alleen aan in de geëvoceerde beelden, maar ook in de gebruikte technieken. Voor zijn muziek haalt Jan Van Landeghem zijn inspiratie uit alle mogelijke domeinen van de muziekgeschiedenis en uit een waaier aan technische mogelijkheden. Hij slaagt erin om de meest divergente stijlen en technieken tot een coherente synthese te brengen.

Dat eclectisme sluit nauw aan bij de visie die Van Landeghem (en ook vele andere componisten van zijn generatie) erop na houdt in verband met de functie van de componist en zijn muziek in onze samenleving. Vooreerst willen de componisten van zijn generatie, aan de hand van hun eclectische techniek, uitdrukking geven aan de universaliteit van de zinvragen en verder gaan ze zich maatschappelijk engageren (een typische modernistische idee, terwijl de sfeer van de werken vaak postmodern is) door als kunstenaar op zoek te gaan naar allerlei idealen die een alternatief bieden voor de vele extremistische bewegingen in onze maatschappij.

Tijd en plaats van het gebeuren :

Orgelrecital Jan Van Landeghem
Vrijdag 29 april 2011 om 20.30 u
Sint-Bernardusabdij Bornem

Kloosterstraat 71
2880 Bornem

Meer info : www.terdilft.be

Bron : teksten Eva Demeyer en Rebecca Diependaele voor MATRIX

Extra :
Jan Van Landeghem : www.janvanlandeghem.be, www.cebedem.be, www.matrix-new-music.be en youtube

14:42 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook

Arsis4 met vroegmodern Hongaars repertoire in Vrijstaat O

György Kurtág Met 'Scoop on Tour' wil het Concertgebouw Brugge in samenwerking met het Provinciebestuur West-Vlaanderen een lans breken om jong talent een podiumkans te geven in de regio. Na briljante passages van Trio Otono en het strijkkwartet EnAccord i.h.k.v. 'Scoop on Tour' in het Oostendse Kunstencentrum Vrijstaat O is het op 29 april de beurt aan de jonge wolven van Arsis4, het jonge strijkkwartet dat vroeger onder de naam Bl!ndman [strings] met het gelijknamige saxofoonkwartet samenwerkte. Zij kiezen voor een vroegmodern Hongaars repertoire. Zo spelen zij Bartóks zelden uitgevoerde, laatromantische eerste strijkkwartet in combinatie met het geniale vierde kwartet uit de reeks van zes kwartetten, die zich volgens kenners kunnen meten met de composities van Beethoven voor het genre. Harmonische en ritmische experimenteervreugde gaan er hand in hand met een strenge formele logica, invloeden uit de Hongaarse volksmuziek en een extreme expressiviteit.
Bij Officium Breve, het derde strijkkwartet van György Kurtág (foto), zijn compressie en exptressie de sleutelwoorden. In het werk verwijst de componist niet alleen naar Bartók als zijn grote inspirator, hij maakt ook muzikale zinspelingen op Beethoven, Bach en Szervansky.

György Kurtág - Officium Breve, in Memoriam Andreae Szervánszky, Op. 28
Andreae Szervánszky was een vriend en collega van Kurtág aan de Muziekacademie van Boedapest. Beiden hadden een enorme bewondering voor de muziek van hun grote voorganger Bartok maar bij Szervánszky is diens modern folklorisme wat directer terug te vinden dan bij Kurtág. Muzikaal is er dus een grote afstand tussen beide componisten, maar dat belette Kurtág niet in zijn hommage fragmenten te integreren uit Szervánszky's ' Serenade voor strijkers' (1947-48). Maar er zijn nog veel meer expliciete referenties in deze compositie. Webern was altijd al een voorbeeld voor Kurtág, met zijn compacte, uiterst gestructureerde composities waarin veel wordt uitgedrukt met weinig middelen. Het zal hem niet ontgaan zijn dat ook Weberns Strijkkwartet het opusnummer 28 had. Een van de delen uit dit kwartet is overigens niet meer of minder dan een bewerking van de finale uit Webems 'Tweede Cantate' (de beroemde polymetrische canon) voor strijkkwartet. Ook zijn er hints naar werk van Beethoven, Bach ('Johannes Passie', in de tweede beweging van het Officium breve) en ook naar zijn eigen pianocyclus 'Jatekok', sowieso een bundeling van korte ideeën die later meer zouden uitgewerkt worden. Zo krijgt dit 'requiem zonder woorden' (Paul Griffiths) voor een dierbare vriend een meer universeel karakter.

Programma :

  • Béla Bartók, Strijkkwartet nr. 1 in a, opus 7 Sz.40
  • Béla Bartók, Strijkkwartet nr. 4, Sz.91
  • György Kurtág, Officium Breve, opus 28

Tijd en plaats van het gebeuren :

Arsis4 : Bartok, Kurtag
Vrijdag 29 april 2011 om 20.00 u
Kunstencentrum Vrijstaat O - Oostende

Zeedijk thv. Drie Gapers
8400 Oostende

Meer info : www.vrijstaat-o.be en www.arsis4.be

Bron : tekst Mark Delaere voor deSingel, maart 2011

Extra :
György Kurtág op www.arsmusica.be, www.boosey.com en youtube
The Mind is a Free Creature. The music of György Kurtág , Rachel Beckles Willson op www.ce-review.org, 24/03/2000

Elders op Oorgetuige :
Het jonge strijkkwartet Arsis4 sluit Antwerpse Ars Musica-driedaagse af, 16/03/2011
ARSIS4 brengt uitdagend werk van Bartók en Kurtág in Brugge, 22/02/2011

Beluister alvast dit fragment uit György Kurtágs 'Officium Breve'

13:42 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook

20/04/2011

GUSO swingt en improviseert met Gershwin, Henderson en Michiel De Malsche

Michiel De Malsche Het Gents Universitair Symfonisch Orkest (GUSO) opent dit concert met een Cubaanse Ouverture van George Gershwin. In dit muzikaal gedicht wordt de Rumba-Beat in de verf gezet met een leidende rol voor de kopersectie. In 'Duke Ellington Symphonic' - een heuse symfonisch Duke Ellington-adaptatie van de hand van L. Henderson - wordt een eerste keer geflirt met de improvisatie. Voor de gelegenheid geven de solisten uit 'In Progress' een voorsmaakje van hun uiterst specifiek improvisatietalent.

Voor het kraaknieuwe symfonisch gedicht 'In Progress' van componist Michiel De Malsche (foto) werkt het GUSO samen met een speciaal voor dit stuk samengesteld kwintet met wortels in de alternatieve improvisatie-scene: Bert Dockx (gitaar, frontman van The Flying Horseman), Vincent Brijs (Sax/effects, frontman Brazzaville), Andrew Claes (Electronic Wind instrument (EWI), Brazzaville, The Go Find,…), Han Swolfs (Analoge Synths, frontman van The Pink Flamingo Fusion Project) en Lynn Cassiers (zang/effects, Octurn, Lidlboy, Crazy Mini Band,…) Met dit stuk poogt De Malsche aan de hand van de 5 solisten om het orkest uit te breiden met 5 extra secties en en laat hij bovendien het symfonisch orkest experimenteren met improvisatietechnieken.

Michiel De Malsche (1982) zette zijn eerste muzikale stappen aan de muziekacademie van Sint-Niklaas en hij begon te componeren op zijn twaalfde. Al de composities die hij maakte tot zijn 17de ontstonden al improviserend aan de piano. Een aantal van deze composities werden gebruikt voor de documentaire 'De Meidagen van 1940' in het kader van 'Stad in de Tijd'. Na de Kunsthumaniora van Antwerpen studeerde hij één jaar Jazz-Compositie & Arrangement aan het conservatorium van Rotterdam bij Paul van Brugge en Klaas De Vries. Vervolgens werd hij toegelaten in de compositie-afdeling van het Conservatorium van Gent waar hij er een grote interesse voor orkestratie en het Symfonisch Orkest ontwikkelt. Zijn werken werden uitgevoerd door het Gents Universitair Orkest, het Symfonisch orkest van Het Gentse Conservatorium en het Harmonieorkest van het Gentse Conservatorium. Daarnaast schreef hij theatermuziek voor o.a. fABULEUS ('Leuke Mieke' te Leuven), Productiehuis d*Amor ('Ronja de Roversdochter' in Amersfoort) en het 'Huis van Bourgondië ('Het oor van Maria' in Maastricht).

Programma :

  • G. Gershwin, Cuban Overture
  • L. Henderson, Duke Ellington Symphonic
  • Michiel De Malsche, In Progress (-a symphonic poem about life-) voor orkest & improvisatie-kwintet (wereldcreatie)

Tijd en plaats van het gebeuren :

GUSO : Gershwin, Henderson, De Malsche
Donderdag 28 april 2011 om 20.30 u
Groenzaal Gent

Reep 4
9000 Gent
--------------------
Vrijdag 29 april 2011 om 20.30 u
Muziekcentrum De Bijloke Gent

Jozef Kluyskensstraat 2 
9000 Gent

Meer info : www.guso.be

15:14 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook

ARSIS4 en Marie Hallynck brengen werk van Beethoven, Widmann en Schubert in Schilde

Jörg Widmann ARSIS4 zijn vier jonge strijkers die drie jaar lang werkten onder de naam BL!NDMAN [strings]. De fameuze celliste Marie Hallynck vervoegt het strijkkwartet voor Schuberts geniale strijkkwintet opus 163. Beethoven en Schubert verlegden de grenzen van het klassieke strijkkwartet richting romantiek. De energie en passie in Beethovens opus 18 nr. 3 ontmaskeren als het ware zijn dramatische persoonlijkheid. Schubert voegde aan het strijkkwartet een extra cellist toe voor een intenser en warmer muzikaal kleurenpallet. Zijn strijkkwintet opus 163 is van een geniale originaliteit zowel wat  harmonie als vorm betreft.  De romantische sfeer wordt even doorbroken met het  Eerste Strijkkwartet van Jörg Widmann (foto). De composities van deze hedendaagse componist vallen op door virtuositeit en betoverende klankrijkdom. Je wordt zonder twijfel overdonderd door de intense en prachtige klankwereld van de muziek én door de meeslepende muzikale dialoog tussen de musici. 

Jörg Widmann werd in München geboren in 1973. Hij volgde klarinet aan de Hochschule für Musik in München bij Gerd Starke en later bij Charles Neidisch aan de Juilliard School in New York. Als klarinettist won hij verscheidene prestigieuze wedstrijden. Widmann trad op met de grote internationale orkesten. Widmann was ook 'artist in residence' bij het Deutsche Sinfonieorchester Berlin, Heidelberger Frühling, bij het festival Spannungen en de Salzburger Festspiele. In oktober 2001 volgde hij Dieter Klöcker op als professor klarinet aan de Staatliche Hochschule für Musik in Freiburg.

Heel jong, op elfjarige leeftijd, begon Widmann compositie te studeren bij Kay Westermann. Daarna ging hij in de leer bij Hans Werner Henze, Wilfried Hiller en Wolfgang Rihm. Jörg Widmann ontving de afgelopen jaren tal van prijzen voor zijn composities, waaronder de prestigieuze Prijs van de Ernst von Siemens Stichting en de Ehrenpreis der Münchner Opern-Festspiele. Widmann componeerde tot nog toe vijf strijkkwartetten. Het eerste strijkkwartet dateert uit 1998 en werd geschreven in opdracht van de Internationaler Karl Klingler Wettbewerb für Streichquartett.

Programma :

  • Ludwig Van Beethoven, Strijkkwartet opus 18 nr. 6
  • Jörg Widmann, Strijkkwartet nr. 1
  • Franz Schubert, Strijkkwintet opus 163 D 956

Tijd en plaats van het gebeuren :

ARSIS4 & Marie Hallynck : Beethoven, Widmann, Schubert
Donderdag 28 april 2011 om 20.30 u
Kerk Schilde-Bergen

Pater Nuyenslaan
2970 Schilde

Meer info : www.festivalmechelen.be en www.arsis4.be

Extra :
Jörg Widmann : www.joergwidmann.com, www.schott-music.com en youtube

Elders op Oorgetuige :
Hagen Kwartet brengt Beethoven, Widmann en Debussy in Brugge, 24/11/2009
Hagen Quartett brengt minder bekende strijkkwartetten van Zimmermann, Kurtág en Widmann, 25/10/2009
Jörg Widmann : een unieke ontmoeting met een fascinerende persoonlijkheid, 21/09/2009

13:48 Gepost in Concert, Festival, Muziek | Permalink |  Facebook