05/05/2011

Afstudeerproject jong talent Alexander Ponet in de Academiezaal Sint-Truiden

Alexander Ponet Alexander Ponet (1988) begon zijn muzikale opleiding reeds op jonge leeftijd. De eerste pianolessen kreeg hij van zijn moeder, pianolerares Regina Gilissen. Vanaf zijn vijfde volgde hij privéles piano bij Brigitte Timmermans en Frans Van Beveren. Zijn slagwerkopleiding kreeg hij achtereenvolgens van Jan Nihoul (Academie Tongeren), Werner Theunissen (Conservatorium Hasselt) en Aloïs Verbeeck (Kunsthumaniora Leuven). Reeds tijdens zijn studietijd aan het Conservatorium in Hasselt combineerde hij de instrumentale opleiding met een opleiding algemene muziektheorie bij Jos Cuppens. Aan de kunsthumaniora van het Lemmensinstituut in Leuven studeerde hij naast slagwerk en piano ook orgel bij zijn vader, Luc Ponet.

Sinds 2006 studeert Alexander aan het Koninklijk Vlaams Conservatorium in Antwerpen. Zijn leraars voor slagwerk zijn Carlo Willems en Koen Wilmaers. Hij legt er zich ook nog steeds toe op piano, bij Eliane Rodrigues, en volgt er orkestdirectie bij Ivo Venkov. Vanaf september 2010 combineert hij deze masteropleiding in Antwerpen met de specialisatie pauken bij Rainer Seegers (paukenist Berliner Philharmoniker) en dit aan de Hochschule der Künste in Zürich.  De voorbije jaren volgde hij masterclasses en privélessen bij internationaal gerenomeerde slagwerkers waaronder Raymond Curfs, Jan Pustjens, Luk Artois, Koen Plaetinck, Christopher Lamb, Markus Rhoten, Mike Quinn, David Searcy en Rainer Seegers.

Reeds op jonge leeftijd was het duidelijk dat Alexander over een opmerkelijk muzikaal en creatief talent beschikt. Al vanaf zijn eerste noten op de piano gaf hij immers blijk van een sterk gevoel voor het creatief, improvisatorisch omgaan met de muziektaal. Tegenwoordig staat hij dan ook bekend voor zijn geïnspireerde, virtuose improvisaties, zowel op vibrafoon, marimba als op piano. Hij componeerde reeds meerdere werken voor slagwerk en piano, muziek voor theaterproducties, etc..

Op internationale wedstrijden en festivals behaalde Alexander meerdere prijzen en onderscheidingen. In 2009  won hij de 3de prijs op de International Percussion Competition van het Italy PAS. In 2008 werd hij laureaat van de Forte-audities en in datzelfde jaar won hij (in duo met saxofonist Pieter Pellens) de 2e prijs op het Prinses Christina Concours. In 2006 behaalde hij een 1e prijs op de Dexia Classics in Brussel.    Als slagwerker en toetsenist werkte hij reeds samen met verscheidene professionele orkesten waaronder deFilharmonie (Antwerpen), de St-Petersburg Academic Symphony Orchestra (Rusland), De Vlaamse Opera (Antwerpen en Gent), het Nationaal Jeugd Orkest (Nederland), het symfonieorkest van de Koninklijke Muntschouwburg (Brussel), het orkest van de Zomeropera Alden Biesen en het Barockorchester und VocalEnsemble der Zürcher Hochschule der Kunste.                      

Op het programma staan werken van J. S. Bach, Takayoshi Yoshioka (Rhapsody, voor marimba, fluit, klarinet, kontrabas en drums), Chick Corea en Alexander Ponet zelf.

Tijd en plaats van het gebeuren :

Afstudeerproject jong talent : Alexander Ponet
Vrijdag 6 mei 2011 om 20.15 u
Academiezaal Sint-Truiden

Plankstraat 8
3800 Sint-Truiden
Gratis toegang

Meer info : www.villarte.eu

Bekijk alvast A. Nishimura's 'Duologue', gespeeld door Alexander Ponet tijdens zijn Openbare proef (Bachelor) aan het Koninklijk Vlaams Conservatorium Antwerpen (juni 2009)

12:37 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook

Unieke ontmoeting tussen oost en west in Muziekcentrum de Bijloke Gent

Toru Takemitsu Japan en het westen. De twee ontmoeten elkaar geregeld, muzikaal zelfs op een heel intense manier. Componisten Toru Takemitsu (foto) en Toshio Hosokawa combineerden het Japanse mondorgel shô met westerse instrumenten, een niet alledaagse ontmoeting. Westerse componisten waagden zich op hun beurt op klassieke Japanse paden. De Vlaming Geert Logghe liet zich inspireren door één van de oudste stijlen 'tagaku' binnen de gagaku, de Japanse hofmuziek. Ook Giacinto Scelsi begaf zich na een intensieve samenwerking met de Japanse zangeres Michiko Hirayama op nieuwe paden. 'Khoom' werd één van zijn meest opmerkelijke composities, waarin de solostem in een zelf uitgevonden taal zingt.

Somei Satoh - Birds in Warped Time II
Somei Satoh werd geboren in Sendai in 1947. Zijn moeder was docente Japanse dans en zijn grootmoeder professor sangen, eer traditioneel Japans driesnarig instrumert. Op zijn vijftiende hoorde Satoh voor het eerst westerse muziek, maar pas op zijn achttiende raakte hij echt geïnteresseerd. Op het einde van de jaren zestig schreef hij muziek voor een twaalf uur durend multimediaprojekt getiteld 'Global Vision'. In 1973 componeerde hij Litania voor twee piano's er digital delay (of piano en bandopnemer), zijn eerste compositie waarin hij notenschrift gebruikte. Satoh's werken worden veelvuldig uitgevoerd in de Verenigde Staten, Europa en veel Aziatische landen. Omdat ze het postminimalisme vertegenwoordigen zijn Satoh's werken vooral populair in de VS.

'Birds in Warped Time II' opent met largzame portamenti - het glijden van de ene toon naar de andere - doorheen omringerde klanken, menig luisteraar voelt zich zeeziek worden. De rest van het werk is een lange cantilene met minimalistische twitters op de piano, een meditatie slechts één keer onderbroken door een climax (na ongeveer driekwart van de compositie).

Toshio Hosokawa - Cloudscapes - Moon night (shô en accordeon)
Toshio Hosokawa werd geboren te Hiroshima in 1955 en studeerde piano en compositie in Tokyo. Nadat hij de Koreaanse componist Isang Yun tijdens een bezoek aan Japan ontmoet had, ging hij in 1976 in West-Berlijn aan de Hochschule der Künste compositie studeren. Van 1983 tot 1986 was hij student compositie aan de Hochschule fûr Musik te Freiburg bij Klaus Huber en Brian Ferneyhough. Hosokawa begon in 1970 als vijftienjarige te componeren. Hij was toen al een jaar of twee geboeid door hedendaagse muziek. Hij vermeldt speciaal 'November Steps' van Toru Takemitsu, de grootste Japanse componist van de tweede helft van de twintigste eeuw. In 1970 bezocht Hosokawa de wereldtentoonstelling in Osaka, waar hij voor het eerst elektronische muziek hoorde in het Duitse paviljoen dat aan Stockhausen gewijd was.
Hosokawa geniet algemene erkenning en kreeg verschillende prijzen. Zijn muziek werd en wordt gespeeld op de belangrijkste grote festivals. Sinds 1990 is hij voordrachthouder van de Internationale Ferienkurse für Neue Musik in Darmstadt.
Van 1989 tot 1998 werkte hij in Japan als artistiek directeur van het jaarlijkse festival voor nieuwe muziek Akiyoshidai. Sinds 2001 is hij muziekdirecteur van het Takefu irternationaal muziekfestival. Zijn vaste woonplaats is de Duitse stad Meinz.

John Cage - The Wonderful Widow of 18 springs
John Cage is een van de meest tot de verbeelding sprekende en invloedrijke kunstenaars uit de Amerikaanse avantgarde van de tweede helft van de twintigste eeuw. Hij werd bekend als componist, maar was evenzeer graficus, dichter en essayist. In 1930-1931 vertrok Cage naar Frankrijk om er architectuur en muziek te studeren. Hij wou graag schrijver worder, maar de mentaliteit en structuur van een universiteit bevielen hem niet. Hij begon te schilderen en muziek te schrijven volgens mathematiscbe modellen, waarin het toeval niettemin een hoofdrol toebedacht werd.

Toeval kreeg geleidelijk aan een centrale rol toebedeeld in de composities van Cage. Hij was ervan overtuigd dat men klanker niet moest onderwerpen aan causale structuren, zoals gebruikelijk was in de westerse muziektreditie, maar dat men hun eigen expressie moest zien bloot te leggen. Dat gold ook voor geluiden uit het dagelijks leven, die hij in toenemende mate in zijn composities verwerkte. De toevalsoperaties ('aleatoriek', waarbij 'alea' dobbelsteen betekent) werden eerst alleen tijdens het componeren zelf gebruikt, in de vorm van het opgooien van muntjes, of het toepassen van de 'I Ching', maar later ook tijdens de uitvoeringen. Aan de musici werd steeds meer beslissingsvrijheid gelaten om, bijvoorbeeld, de tempi te bepalen of de tijdsduur, of de volgorde van de compositiedelen. Deze evolutie culmineerde in grafische pertituren die de uitvoerder naar eigen inzicht en vermogen kon interpreteren. Daarmee werd een verhouding tussen 'compositie' en 'uitvoering' geschapen waarbij het laatste de doorslaggevende factor werd. In 1958 introduceerde Cage deze ideeën in Europa (met Merce Cunningham), waarbij hij grote opschudding veroorzaakte. In de Verenigde Staten echter werden ze overgenomen door een hele generatie kunstenaars.

'The wonderful widow of eighteen springs' (1942, tekst van James Joyce) voor zangstem en gesloten piano is precies kort genoeg om boeiend te blijven. De zangstem gebruikt slechts twee tonen en de begeleiding wordt in dit geval getokkeld met de vingers op de gesloten piano (waarbij wel de pedaal gebruikt kan worden). 'Night by silentsailing night... Isabel Wildwood's eyes and primarose hair, quietly ...'

Toru Takemitsu - Distance (shô en hobo) / A Bird came down the walk
Het werk van Takemitsu (1930-1996) als comporist, leraar en schrijver heeft ongetwijfeld nieuwe banden gesmeed tussen de oosterse er de westerse wereld Toru Takemitsu ontwikkelde zich op compositorisch vlak grotendeels als autodidact. Gedurende WO II groeide zijn fascinatie voor westerse muziek, meer bepaald voor de kleur en de sonoriteit bij Debussy, voor de compacte vorm bij Webern er later ook voor de stijl van Olivier Messiaen. Zijn interesse voor de muziek van zijn vaderland Japan ontstond pas later. Hij verwierf internationale vermaardheid toen Igor Stravinsky zijn eerste grote werk, 'Requiem for String Orchestra' (1957), in 1959 als een meesterwerk bestempelde.

Het feit dat hij op compositorisch vlak grotendeels autodidact was liet hem toe zijn stijl vrij te ontwikkelen tot een persoonlijke en idiomatische taal die elementen uit de traditionele Japanse muziek vermengde met elementen uit de moderne westerse muziek Terwijl zijn eerste composities nog gekenmerkt waren door een expressieve stijl vol dissonanten, verminderde hij in zijn latere werken het klankvolume stelselmatig tot hij bereikte wat nu de specifieke Takemitsu-sound geroemd wordt, namelijk een zachte, gevoelige klank die ten dienste staat van een muziek die de stem nooit verheft en steeds kiest voor de middenpositie tussen de uitersten. Hij componeert om zijn eigen existentie te ontdekken en daardoor tevens zijn relatie te voelen met de medemens.
Toru Takemitsu heeft werken geschreven in de meest uiteerlopende genres, gaande van symfonische muziek over koormuziek, kamermuziek en elektronische muziek tot toneel- er filmmuziek. Hij overleed in 1996 voor de voltooiing van zijn eerste opera. Zorder te behoren tot een bepaalde school, zonder de druk van het westers modernisme heeft hij een onnavolgbare stijl geschapen die hem tot een unieke figuur maakt in de muziekwereld.

Takemitsu schreef 'Distance' in 1972 voor hobo en shô (mondorgel). De titel verwijst raar de fysieke afstand tusser beide uitvoerders, de grote intervallen tussen de verschillerde delen én de cortrasten in articulatie en klankvolume. Het cyclische tijdsverloop is typisch voor de Aziatische muziekcultuur.

'A bird came down the walk' componeerde hij in 1992 voor altvioliste Nobuko Imai. De altviool vertolkt verschillende keren het vogelthema uit zijn orkestwerk 'A Flock Descends into the Pentagonal Garden', telkens met subtiele kleurverschillen.

Giacinto Scelsi - Khoom
Giacinto Scelsi hield zich in zijn composities vooral bezig met de diepte van de klank (la profordeur du son), of wat hij noemde "de derde dimensie van de klank" naast de toonhoogte en de toonduur. Na een crisisperiode in de jaren veertig bekeerde Scelsi zich tot de oosterse filosofie, waardoor de klank in het middelpunt van zijn muzikale denken kwam te staan. In 1959 sloot hij een experimentele periode af, waarna een verdieping in de klank van zijn muziek ontstond. Alle facetter werden subtiel gevarieerd zorder ooit hun identiteit te verliezen. Varaf 1960 schreef Scelsi een groot aantal werken voor solostem, het resultaat van een intensieve samenwerking met de Japanese zargeres Michiko Hirayama. Dit aspect van zijn werk zou verder evolueren in de richting van kamermuziek met zijn cyclus 'Khoom' (1962). 'Khoom' is een van Scelsi's meest opmerkelijke composities, waarin de solostem geen woorden, maar vreemde, door de componist zelf uitgevonden, fonemen, klinkers er medeklinkers zingt. Eer onmiskenbare verwijzing naar het verre land waarnaar in de titel wordt verwezen. Deze 'Seven episodes of an unwritten story of love and death in a distant land' werden geschreven voor sopraan, hoorn. percussie en strijkkwartet maar de volledige bezetting wordt enkel in het vijfde deel gebruikt. Het werk werd opgedragen aan Michiko Hirayama.

Geert Logghe - Togaku
'Togaku' is de naam van één van de drie gangbare toonsystemen uit de Japanse hofmuziek (gagaku). Het werk is opgebouwd rond een geheel van zeven pentatonische reeksen die elk worden bijgekleurd door twee versieringsnoten. Geert Logghe was lange tijd geboeid door deze muziek. "Vroeger heb ik veel naar Japanse muziek geluisterd, vooral naar gagaku omdat dit zeer statische er bijzonder sobere muziek is. Net zoals in deze muziek heb ik in mijn compositie de hoeveelheid materiaal zeer beperkt gehouden. Alvorens aan dit werk te beginnen heb ik me grondig gedocumenteerd. Ik heb een aantal belangrijke theoretische werken doorgenomen in verbard met Japanse gagaku (vooral in het Duits bestaat er heel wat literatuur), en bovendien heb ik veel geluisterd naar deze muziek. Nochtans wil ik benadrukken dat ik geenszins de intentie had om Japarse muziek te schrijven, maar wel muziek die erdoor beïnvloed is."

In Togaku speelt heterofonie een belangrijke rol: de verschillende instrumenten omspelen eenzelfde melodisch gegeven. Het geheel klinkt daardoor als een weefsel waarin alle stemmen door elkaar heen vloeien.

Programma :

  • Somei Satoh, Birds in Warped Time II (1980)
  • Toshio Hosokawa, Cloudscapes - Moon Night (1998)
  • John Cage, The wonderful widow of eighteen springs (1942)
  • Toru Takemitsu, Distance (1972)
  • Toru Takemitsu, A Bird came down the Walk (1995)
  • Giacinto Scelsi, Khoom (1962)
  • Geert Logghe, Togaku (1994)

Tijd en plaats van het gebeuren :

Spectra Ensemble : East meets West - Reflecties op gagaku
Donderdag 5 mei 2011 om 20.00 u
(inleiding om 19.15 u )
Muziekcentrum de Bijloke Gent

Bijlokekaai 7
9000 Gent

Meer info : www.debijloke.be en www.spectraensemble.com

Bron : Tekst Johan Vanacker voor Muziekcentrum De Bijloke, mei 2011

Extra :
Somei Satoh op en.wikipedia.org, www.moderecords.com en youtube
Toshio Hosokawa op www.schott-music.com, www.karstenwitt.com, www.arsmusica.be en youtube
John Cage : www.johncage.info en youtube
Toru Takemitsu op en.wikipedia.org, www.themodernword.com en youtube
Giacinto Scelsi op www.arsmusica.be, brahms.ircam.fr en youtube
Fondazione Isabella Scelsi : www.scelsi.it
Giacinto Scelsi (1905 - 1988): Muzikaal aristocraat op www.musicalifeiten.nl
The Messenger: Giacinto Scelsi discovered a world in one note by Alex Ross, The New Yorker , 21/11/ 2005
Modern music: Scelsi, Todd M. McComb op www.medieval.org, 27/01/2000
Geert Logghe op www.muziekcentrum.be en www.matrix-new-music.be

Elders op Oorgetuige :
Tussen droom en werkelijkheid : wereldcreatie Matsukaze in de Munt, 27/04/2011
Toshio Hosakawa's tweede opera Hanjo in de Munt, 3/04/2011
Izumi Okubo en Audrey Gallez brengen werk voor 2 violen van Berio en Takemitsu, 1/03/2011
Khoom : een parcours vol uiteenlopende gevoelens, 24/10/2008
Aus der Ferne : Scelsi, Vivier en Henderickx, 11/03/2007

12:08 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook

01/05/2011

Zefiro Torna & Brody Neuenschwander : Shadows, een meditatie over tijdelijkheid

Jeroen D'hoe Een kapel, dertien kaarsen. Eén voor één worden ze gedoofd. Ze symboliseren de twaalf apostelen die Christus verlaten alvorens hij sterft. Shadows is een muziektheatrale productie geïnspireerd op de Tenebrae-traditie en op de oosterse beleving van het spel der schaduwen. De muzikale compositie van Jeroen D'hoe (foto) vormt een cyclus van zeven 'songs', uitgevoerd door twee zangeressen, een luit- en viola da gambaspeler. Tekstkunstenaar Brody Neuenschwander creëert gedurende de voorstelling een kalligrafisch werk op de achterzijde van frames bespannen met Japans papier. Regisseuse Ingrid von Wantoch Rekowski schikt de elementen tot een intrigerend, minimalistisch ritueel. Bereid je voor op een buitenmuzikale ervaring in de Mechelse Minderbroederskerk.

Musicoloog Jeroen D'hoe (1968) bekwaamde zich als componist verder bij John Corigliano aan The Juilliard School (N.Y.). Hij won diverse prijzen, zoals de Compositiewedstrijd van de Koningin Elisabeth Wedstrijd, de Compositiewedstrijd van de Provincie Vlaams-Brabant en The Juilliard Composers Competition. D'hoe werkte eerder samen met Brody Neuenschwander, onder meer voor een soundscape voor ensemble en elektronica en voor een audiovisuele installatie. Met groot respect voor de traditie, maar met gezonde nieuwsgierigheid naar het nieuwe, streeft hij ernaar een directe expressiviteit en communicatie met het publiek te combineren met een brede en technische vormgeving: een werk moet ontroeren, structureel en formeel herkenbaar, maar technisch verrassend zijn. Jeroen D'hoe is momenteel docent compositie, muziekanalyse en muziekgeschiedenis en artistiek onderzoeker aan het Lemmensinstituut en docent compositie en muziekgeschiedenis aan het Utrechts Conservatorium. 

Jeroen D'hoe's idioom bestaat in essentie uit twee bestanddelen: enerzijds haalt hij inspiratie uit de compositietechnische vernieuwingen die componisten de voorbije decennia doorvoerden, en anderzijds is er een sterke band met de traditie. Hij voelt bovendien een grote affiniteit met twintigste-eeuwse componisten als Charles Ives, Aaron Copland, Witold Lutoslawski, György Ligeti en John Corigliano. Zijn roots liggen in het algemeen in het grote symfonische repertoire met een directe expressiviteit. Daarnaast vermeldt Jeroen D'hoe het grote belang van zijn opleiding als musicoloog en het onderzoekswerk dat hij aansluitend deed. Ze zijn even essentieel als zijn puur muzikale opleiding. Hij stelt dat een historisch, esthetische en analytisch perspectief - vanuit de musicologie - een noodzakelijke background geeft voor compositie. Hij streeft dan ook naar een ideale wisselwerking tussen het artistieke en het wetenschappelijke.

De meeste composities van Jeroen D'hoe's werden in opdracht geschreven. Op de vraag of hij zichzelf beschouwt als componist ten dienste van een opdrachtgever, of een componist die voor zichzelf schrijft, antwoordde de componist: "De intrinsieke interesse en motivatie van de componist om een bepaald werk te schrijven is uiteraard van wezenlijk belang voor het creatieve proces. Een compositieopdracht (en daaraan gekoppeld de uitvoeringsmogelijkheden) maken mee mogelijk dat een compositie en een bepaalde visie die er aan ten grondslag ligt, een publiek bereikt. De gestelde vraag bevat mijns inziens niet noodzakelijk aan elkaar tegengestelde waarden. Beide kunnen perfect samengaan en de meerwaarde hiervan voor zowel de opdrachtgever, het publiek als de componist ligt voor de hand." (*)

De Texaan Brody Neuenschwander (1958) is tekstkunstenaar en kalligraaf. Zijn werk neemt heel diverse vormen aan: van collages tot schilderijen, video's en installaties. Zijn werk wordt tentoongesteld in Europa, de Verenigde Staten en Japan. In 1989 begon Neuenschwander aan een twintig jaar durende samenwerking met regisseur Peter Greenaway, onder andere voor de films 'Prospero's Books' en 'The Pillow Book'. Neuenschwander werkte reeds eerder samen met componist Jeroen D'hoe: in 2007 creëerden ze 'SKIN', een soundscape met video-installatie voor het Memlingmuseum in Brugge. In 2009 maakten ze 'Change Ringing', een permanente video-installatie voor de Sint-Romboutstoren in Mechelen. Neuenschwanders werk probeert de kloof te dichten tussen conceptuele kunst en de daad van het tekenen, schilderen en schrijven. Zowel medium als boodschap zijn betrokken in een dialectiek tussen de kunstenaar en zijn ervaring van de wereld.  

Tijd en plaats van het gebeuren :

Zefiro Torna & Brody Neuenschwander : Shadows
Donderdag 5 mei 2011 om 21.00 u
Cultuurcentrum Mechelen
- Minderbroederscomplex
Minderbroedersgang 5
2800 Mechelen

Meer info : www.festivalmechelen.be en www.zefirotorna.be

Extra :
Jeroen D'hoe : www.jeroendhoe.org, nl.wikipedia.org, www.muziekcentrum.be en www.matrix-new-music.be (*)

Elders op Oorgetuige :
Mechelen hoort Stemmen : vocaal feestgewoel in de Dijlestad, 21/04/2011

22:37 Gepost in Concert, Festival, Muziek | Permalink |  Facebook

30/04/2011

Love among the Ruins : vocaal kwartet van wereldklasse op Festival van Vlaanderen Kortrijk

Gavin Bryars Een vocaal kwartet van wereldklasse komt naar Kortrijk. Schitterende klassieke polyfonie van o.m. Janequin en De Rore worden afgewisseld met het eerste madrigalenboek van Gavin Bryars (foto). Een programma waarin de vreugde en het verdriet die de liefde met zich meebrengt bezongen wordt. Een niet aflatende bron van inspiratie voor componisten, dichters en filosofen uit alle windhoeken.

De controversiële Brtise componist Gavin Bryars (1943) creëert een voortdurende spanning in zijn muziek, balancerend tussen afstandelijkheid en intimiteit. Lange tijd opereerde de Brit in de marge, maar sinds het midden van de jaren tachtig benadert een groeiend aantal kunstenaars hem voor samenwerking, onder wie Tom Waits, Jessye Norman, William Forsythe en Robert Wilson. Bryars' ster rijst nog steeds: zijn recente composities belanden zelfs in de Britse hitlijsten.

Gavin Bryars studeerde aanvankelijk filosofie, maar werd jazzbassist en een pionier in vrije improvisatie, samen met Derek Bailey en Tony Oxley. Hij werkte met John Cage in de VS en met Cornelius Cardew in Engeland. Zijn vroege werken, 'The sinking of the Titanic' (1969) en 'Jesus' Blood Never Failed Me Yet' (1971), kenden beiden enorm succes. Hij schreef erg veel werken voor het podium, inclusief drie volledige opera’s en dansstukken voor onder meer Merce Cunningham, Edouard Lock en William Forsythe. Verder heeft hij een lange lijst van instrumentale, orkestrale en vocale werken op zijn naam staan, voor artiesten als het Hilliard Ensemble, Red Byrd, Trio Mediaeval, Latvian Radio Choir en de BBC Scottish Symphony Orchestra.

Zijn oeuvre omhelst drie opera's, een groot aantal werken voor kamermuziek, diverse concertos en vele vocale composities voor onder meer het Hilliard Ensemble, Trio Mediaeval, Red Byrd en het Latvian Radio Choir. Vanaf 1981 leidt Gavin Bryars zijn eigen ensemble, waar hij met diverse musici zijn projecten uitvoert. Sinds begin 2007 werkt hij samen met zangeres Anna Maria Friman en zanger John Potter. Via diverse platenmaatschappijen en zijn eigen label GB Records heeft hij zijn werk op CD kunnen uitbrengen.

Tijd en plaats van het gebeuren :

Hilliard Ensemble : Love among the Ruins
Donderdag 5 mei 2011 om 20.15 u
(Inleiding door Maarten Beirens om 19.30 u )
Sint-Rochuskerk Kortrijk
Doorniksewijk 85b
8500 Kortrijk

Meer info : www.festivalkortrijk.be en www.hilliardensemble.demon.co.uk

Toonmoment Masterclass Hilliard Ensemble om 19.00 u
Docenten en ex-leerlingen van het Conservatorium Kortrijk presenteren het resultaat van hun masterclass met het Hilliard Ensemble

Extra :
Gavin Bryars : www.gavinbryars.com, www.schott-music.com, nl.wikipedia.org en youtube
An interview with Gavin Bryars op www.culturekiosque.com

Elders op Oorgetuige :
De Kortrijkse lente zit vol muziek met een frisse mix van klassiek, hedendaags en geluidskunst, 27/04/2011

22:40 Gepost in Concert, Festival, Muziek | Permalink |  Facebook

29/04/2011

Intimate Strangers : de keuze van Meg Stuart

Intimate Strangers Na eerdere edities in Berlijn (Volksbuehne 2006), Brussel (te gast bij Beursschouwburg, Kaaitheater, deBuren, QO-2 e.a. 2008) en Toulouse (Théâtre Garonne 2011) komt Intimate Strangers, een minifestival waarvoor choreografe Meg Stuart (Damaged Goods) curator is, naar Gent. Ze kiest voorstellingen van artiesten met wie ze graag heeft samengewerkt: collega-choreografen, videokunstenaars, theatermakers en muzikanten met een uitgesproken visie en stijl - artiesten die vlot tussen al die disciplines in bewegen. Telkens gaat het om werk waarin een vanzelfsprekende, geforceerde of bevreemdende intimiteit publiek wordt gemaakt.

Op de affiche staat o.m. 'The fault lines' (Meg Stuart, Philipp Gehmacher en Vladimir Miller), een nieuw project tussen performance, dans en installatie. Na hun eerdere samenwerking voor 'Maybe Forever' wilden Stuart en Gehmacher opnieuw samen aan de slag, deze keer met hulp van videokunstenaar Vladimir Miller.Op Intimate Strangers #4 in Vooruit zal ook de dernière van 'Blessed' te zien zijn, een solo van Meg Stuart voor danser Francisco Camacho. Verder zijn o.a. Benjamin Verdonck, Varinia Canto Vila, Jeremey Wade, Eavesdropper, Scanner & Jochen Arbeit en Myriam van Imschoot te gast.

Afsluiter op zaterdag 7 mei zijn de gratis caféconcerten & party met Eavesdropper & Dirk Serries, Hahn Rowe & Ha-Yang Kim - Scanner en Jochen Arbeit. Geluidskunstenaar Yves De Mey ontwerpt in zijn set een experimenteel klanktapijt van live elektronica met gewaagde akoestische bewerkingen. Componist en multi-instrumentalist Hahn Rowe werkt sinds 1991 op regelmatige basis samen met Meg Stuart / Damaged Goods. Rowe ontwikkelde een unieke en persoonlijke sound waar akoestische en elektronische klank door analoge en digitale manipulatie versmelten in een oneindig geluidsweefsel van organische en polymorfe soundscapes.Voor dit concert wordt Rowe vergezeld door celliste Ha-Yang Kim. En de experimentele underground muzikant Scanner en Jochen Arbeit, gitarist bij Einstürzende Neubauten, duwen samen het begrip 'soundscapes' tot een breekpunt in een geïmproviseerde set met noise, zware grooves, energieke industriële ritmes, stroomstoten, dubstep en elektronica. Tot slot brengt Visual Kitchen, pioniers in de Belgische vj-scene, enkele live audiovisuele performances.

Tijd en plaats van het gebeuren :

Intimate Strangers #4
Van woensdag 4 t.e.m. zaterdag 7 mei 2011
Kunstencentrum Vooruit Gent

Sint-Pietersnieuwstraat 23
9000 Gent

Het volledige programma en alle verdere info vind je op www.vooruit.be

23:11 Gepost in Concert, Dans, Festival, Muziek | Permalink |  Facebook

28/04/2011

Zes strijkers van het NOB brengen werk van Brahms en Peter Swinnen in Bozar

Peter Swinnen Zes strijkers van het NOB vertolken tijdens dit middagconcert in het Paleis voor Schone Kunsten in Brussel het intrigerende strijksextet opus 36 van Johannes Brahms. Het werk kreeg de ondertitel 'Agathe' mee, want Brahms betuigt hier zijn liefde voor Agathe von Siebold door een motief met de tonen A-G-A-H-E te gebruiken (de T bestaat jammer genoeg niet als notennaam). Voor strijktrio schreef Peter Swinnen het fascinerende 'Dorce IX'. De titel is een anagram voor 'corde' of snaar, maar ook voor de knoop die in deze compositie verstrengeld én ontward wordt.

Peter Swinnen : " Dorce is een reeks van 9 stukken, alle gebaseerd op dezelfde drie melodieën (voor respectievelijk viool, altviool en cello). Met deze 3 melodieën kan je in allerlei combinaties niet minder dan 4 solostukken, 4 duetten en 1 strijktrio spelen, zonder ook maar 1 noot te wijzigen.
Daarvan komt trouwens ook de titel: niet enkel als anagram van "Corde" (= snaar), maar ook in de betekenis van een streng, een knoop, waar je draad per draad uit kan halen. Zoals in de 4 duos en het trio de verschillende melodieën zich ook effectief beetje bij beetje in een knoop verstrengelen, om aan het einde opnieuw uit elkaar te gaan, ieder in haar eigen individualiteit." (*)

Programma :

  • Peter Swinnen, Dorce IX, voor strijktrio
  • Johannes Brahms, Strijksextet nr. 2, op. 36

Tijd en plaats van het gebeuren :

Middag van het NOB : Peter Swinnen, Brahms
Donderdag 5 mei 2011 om 12.30 u
Bozar

Ravensteinstraat 23
1000 Brussel

Meer info : www.bozar.be en www.nob-onb.be

Extra :
Peter Swinnen : www.peterswinnen.be (*) en www.matrix-new-music.be

21:53 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook

27/04/2011

Opmerkelijke hedendaagse artistieke creaties tijdens Kunstenfestivaldesarts

Kunstenfestivaldesarts Op vrijdag 6 mei gaat de zestiende editie van het Brusselse Kunstenfestivaldesarts, hét internationale podiumkunstengebeuren in ons land, van start. Het Kunstenfestivaldesarts biedt gedurende drie weken ruimte voor opmerkelijke hedendaagse artistieke creaties. Het creëert een moment van reflectie, van confrontatie en dialoog tussen werken en mensen. Mensen die willen creëren, kijken en hun ervaringen met elkaar delen.

Het festival toont dit jaar een dertigtal werken, vooral wereldcreaties van levende, levendige, vitale kunst. Er staan grote namen in de internationale hedendaagse artistieke scène op de affiche, gevestigde kunstenaars die jong blijven in hun creatie en die risico's durven te nemen. Er zijn ook minder of zelfs onbekende stemmen, wegbereiders voor de kunst van de toekomst. Het is een plek voor buitengewone creaties, maar ook een gelegenheid voor onderzoek en experiment. Het Kunstenfestivaldesarts opent een breed spectrum, laat zich niet in een hokje stoppen en kijkt voorbij culturele en esthetische grenzen, tot ver buiten het Europese continent.

Als geheel vormt het dertigtal werken dat jaarlijks op het programma staat een referentiekader. Geen gesloten maar een open kader: open voor oordelen, interpretaties, kortom voor dialoog. Drie weken lang nodigt het festival toeschouwers uit in een vloeiende, stimulerende ruimte. Doorheen deze editie verdwijnen woorden vaak naar de achtergrond, om plaats te maken voor de taal van het lichaam. De Japanse Toshiki Okada, een opvallende gast op de voorbije festivaledities, spreekt over de wereld in aangrijpend bewegingstheater. Hij combineert vormabstractie en betekenis op meesterlijke wijze en zijn unieke taal krijgt ook in deze editie een prominente plaats. Okada's radicale landgenoot, Daisuke Miura, choreografeert een realiteit waar afwachtende lichamen alleen nog gehoor geven aan hun eigen instincten.

Misschien is het wel interessant om deze editie te volgen aan de hand van de toestand van de lichamen die erin bewegen ? Bouchra Ouizguen onthult de lichamen van Marokkaanse Aitas, getekend door tijd en clandestiniteit. Philipp Gehmacher regisseert grauwe, manke lichamen op zoek naar harmonie. De jonge Belgische Franstalige regisseurs Fabrice Murgia en Anne-Cécile Vandalem zijn geïntrigeerd door stilte en het onuitsprekelijke. Hun persoonlijke en inspirerende podiumcreaties tonen inerte lichamen, afgesneden van de werkelijkheid. In een reactie op schreeuwerige mediatisering, de massieve vloed aan informatie en de almacht van entertainment, zoeken de theatermakers lege en uitgeholde ruimten op en proberen ze de tijd te vertragen. In zijn buitengewone choreografie suggereert Boris Charmatz de opstelling van een neutrale ruimte, een lange, exponentiële loop waarin elk individu gelijkwaardig zijn plaats vindt; misschien een manier om een einde te maken aan conflicten ?

Muziek is dit jaar vaak de drijvende kracht achter creaties. Het draagt de verhalen die geënsceneerd worden door Richard Maxwell, een bescheiden maar vooraanstaand figuur in het New Yorkse theater, die naar het festival komt met een wereldpremière. Muziek overheerst ook in de futuristische visioenen van Eszter Salamon, die de toeschouwers onderdompelt in een zintuiglijke totaalervaring. Jan Decorte, de grote Vlaamse theaterregisseur, waagt zich aan opera, een genre dat hij in de meest elementaire eenvoud wil uitpuren.

Dit jaar trekt het Kunstenfestivaldesarts een schoolgebouw binnen en vestigt zijn festivalcentrum in het Rits. Jongeren en educatie zijn misschien ook wel een van de uitgangspunten van deze editie, die de nadruk legt op een jonge generatie die voor haar creatie worstelt met de economische realiteit waarin de middelen voor kunst en cultuur 'quantité négligeable' lijken. Ook op deze festivaleditie: een jury van kinderen die wordt uitgenodigd om vanuit hun eigen perspectief te oordelen over deze wereld bedacht door volwassenen, een project van Mammalian Diving Reflex. Andere kunstwerken, waaronder een recente film van Federico León en Martín Rejtman of de voorstelling van het Mexicaanse collectief Lagartijas tiradas al sol, houden de generaties intrigerende spiegels voor. Ten slotte brengt deze festivaleditie hulde aan een reus uit het Europese theater: Krystian Lupa, die een voorstelling toont die barst van jeugdigheid en radicalisme.

Tijd en plaats van het gebeuren :

Kunstenfestivaldesarts 2009
Van vrijdag 6 t.e.m. zaterdag 28 mei 2011
Op verschillende locaties in Brussel


Het volledige programme en alle verdere info vind je op www.kfda.be

22:46 Gepost in Concert, Dans, Festival, Film, Muziek | Permalink |  Facebook

De Kortrijkse lente zit vol muziek met een frisse mix van klassiek, hedendaags en geluidskunst

Festival van Vlaanderen Kortrijk Op donderdag 5 mei gaat de tweede editie van het Festival-van-Vlaanderen-Kortrijk-nieuwe-stijl van start. Muziek is de motor van het festival, maar de kruisbestuiving met andere disciplines wordt niet uit de weg gegaan.  De editie van 2011 biedt opnieuw een frisse mix van klassiek en hedendaags, van composities die een verhaal vertellen, projecten waarin oud en nieuw spontaan samensmelten en de wondere wereld van de geluidskunst. Geniet van beklijvende concerten, Europese geluidskunst, een muzikale stadshappening, de oogstrelende 'Club Klassiek' en tal van educatieve projecten en inleidingen.

Hoogtepunten zijn ongetwijfeld het openingsconcert met het vermaarde Hilliard Ensemble, het concert van Brussels Philharmonic met ondermeer werk van de Duitse componist Heiner Goebbels met twee Afrikaanse solisten én 'The Arabian Passion according to J.S. Bach' waarin de orient en de Westerse traditie samenkomen. Opmerkelijk is ook '7': de uitvoering van Haydn's Zeven Laatste Woorden op pianoforte door Piet Kuijken in een hedendaags audiovisueel decor van Anouk De Clercq en Anton Aeki. En dan hebben we het nog niet over de nieuwe kamersymfonie van Frank Nuyts, Sigiswald Kuijken, een gedanste versie van Mahler's 'Abschied' ('Das Lied Von der Erde') en de uitvoering van Goebbels' 'Songs of Wars I Have Seen' op tekst van Gertrude Stein.

In 'Stadsmuziek' wordt de link tussen oost en west nog verder gemaakt. Op zondag 15 mei krijg je voor slechts €16 toegang tot minstens vijf concerten. Ontdek hoe Tibetaanse monniken en pianist Tae- Hyung Kim (laureaat Koningin Elisabeth Wedstrijd 2010) met Westerse muziek omgaan en beleef hoe Westerse componisten zich laten inspireren door de Oosterse cultuur. Een muzikale ontdekkingstocht.

'Klinkende Stad: Resonance' presenteert dan weer geluidskunst of de schemerzone tussen beeldende kunst, muziek en klank. Het Festival is één van de Europese voortrekkers in het genre en medestichter van het Europese netwerk Resonance. Van 7 tot 22 mei presenteren Maia Urstad, Esther Venrooy, Pierre Berthet en Paul Devens nieuwe projecten.

Tot slot wordt theater Antigone speciaal voor het festival omgetoverd tot Club Klassiek. Een warm salon met knusse stoelen, sfeervolle verlichting en oogstrelende decoratie als het decor bij uitstek voor drie beklijvende concerten.

Tijd en plaats van het gebeuren :

Festival van Vlaanderen Kortrijk
Van donderdag 5 t.e.m. zondag 22 mei 2011
Op verschillende locaties in Kortrijk


Het volledige programma en alle verdere info vind je op www.festivalkortrijk.be

17:48 Gepost in Concert, Festival, Muziek | Permalink |  Facebook

Tussen droom en werkelijkheid : wereldcreatie Matsukaze in de Munt

Matsukaze Meteen na de herneming van 'Hanjo' presenteert de Munt de wereldpremière van 'Matsukaze', de nieuwe opera van Toshio Hosokawa waarvan het huis de opdrachtgever is. Deze creatie wordt ongetwijfeld een belangrijk hoogtepunt in de internationale opera-agenda. Twee zussen, Matsukaze en Murasame, verloren hun hart aan een verbannen edelman. Jaren later, na hun dood, blijven hun zielen ronddolen en naar hem verlangen. Matsukaze danst als een waanzinnige, uitgedost met de hoed en mantel van haar geliefde, en denkt hem te herkennen in de gestalte van een pijnboom… Net als voor 'Hanjo' uit 2004 grijpt Toshio Hosokawa opnieuw naar de no-traditie voor zijn nieuwe opera. Eenzelfde intimistische benadering, eenzelfde droomsfeer die zo typisch is voor het no-theater, zetten de toon van deze nieuwe compositie waarin Hosokawa een viertal personages en klein koor opvoert, begeleid door een kamerorkest. Na 'Hanjo', in een enscenering van Anne Teresa De Keersmaeker, vertrouwt de Munt de regie andermaal toe aan een talentvolle choreografe, Sasha Waltz.

Matsukaze is een klassieker van het No-theater, geschreven door Kan'ami Kiyotsugu, een Japanse nô-acteur uit de 14de eeuw en werd herwerkt door Zeami Motokiyo, estheticus, acteur en schrijver (15de eeuw). Het drama verhaalt de vernietigende kracht van passie en ongecontroleerde verlangens. Twee zussen, Matsukaze (Wind in de Pijnbomen), en Murasame (Herfstregen) woonden aan de baai van Suma en distilleerden er zout uit zeewater. Ze werden allebei verliefd op een hoveling die daar in ballingschap leefde. Kort na zijn vertrek vernamen ze het nieuws van zijn dood en ze stierven van verdriet, maar hun geesten bleven ronddwalen op de oever, vol onvervulde verlangens. Bij Matsukaze brandde de liefdespijn zo hevig dat ze haar verloren liefde meende te herkennen in de gestalte van een pijnboom en er krankzinnig van werd.

Toshio Hosokawa is inderdaad heel erg geworteld in de zenfilosofie maar heeft een Westerse muziekopleiding gevolgd. Hij studeerde compositie bij Isang Yun, piano bij Rolf Kuhnert en analyse met Witold Szaloneck aan de Berliner Hochschule der Künste maar keerde daarna terug naar Japan om zijn kennis van de traditionele muziek te verrijken. Het is deze dubbele cultuur die zijn werk beïnvloedt en die put uit de grote Westerse traditie - Bach, Mozart, Beethoven, Schubert maar ook Nono - en uit de traditionele Japanse hofmuziek, de gagaku.

"De Europese kunst zegt: de tijd mag niet voorbijgaan, zo staan ook de kathedralen er voor de eeuwigheid. De Japanse kunst gaat mee met de tijd en zegt: vergankelijkheid is mooi. Het geluid komt voort uit het zwijgen, komt tot leven - en keert naar het zwijgen terug."
Het zijn niet alleen zulke uitspraken, geïnspireerd door het zenboeddhisme, waardoor men Toshio Hosokawa graag beschouwt als een "typisch Japanse" componist, hij is zondermeer de meest succesvolle componist van zijn land vandaag. Zelf ziet hij zich veeleer als een reiziger tussen werelden, even vast verankerd in het Europese modernisme als in de filosofie en de culturele traditie van zijn vaderland.

Toshio Hosokawa's grootvader was een meester in het ikebana, de edele kunst van het bloemenschikken, zijn moeder gaf les in het koto spelen, de Japanse citer met gebolde klankbodem en dertien snaren. Maar dat alles maakte weinig indruk op de jonge Toshio, die sinds zijn vijfde pianoles nam. "Als ik mijn moeder hoorde spelen op de koto, klonk dat voor mij eentonig, zo traag, en ik begreep er niets van", vertelt hij. "Mozart, Beethoven, dat was voor mij geweldige muziek, daar hield ik van." Een radio-uitzending in 1970 van de 'November Steps' van Tōru Takemitsu deed een nieuwe wereld voor hem opengaan. In deze partituur werden traditionele Japanse instrumenten zoals de biwa, een luit met korte hals, of de shakuhachi, een bamboefluit, samengebracht met het Europese orkest. Vooral het bewijs dat er een typisch Japans modernisme bestaat, dat inderdaad probeert een brug te slaan en niet alleen de Europese avant-garde imiteert, wekte bij Hosokawa het verlangen om zelf compositie te studeren.

"Het probleem van ons, Japanners, is dat wij onze eigen cultuur niet kennen”, geeft Hosokawa grootmoedig toe. "Er wordt vandaag wel telkens weer traditionele muziek gespeeld, maar zij klinkt in mijn oren niet authentiek, eerder kitscherig. Wij hebben ook zeer goede musici voor Europese klassieke muziek, maar ik denk niet dat zij Europa echt kennen. We zijn dus aan weerskanten oppervlakkig."

Een sleutelervaring was voor Toshio Hosokawa de confrontatie met het klassieke nō-theater, waarvan de rituele afgemetenheid hem veel meer lag dan het burgerlijke kabuki-theater met zijn stuitende, grove humor. Dat men deze oeroude kunst, waarvan de vandaag bekende vormen uit de 16de eeuw stammen, niet alleen kan overleveren, maar ook een nieuwe geest kan geven . De bewegingen van de acteurs bij Suzuki, die niet de werkelijkheid nabootsen maar de psychologie van de personages abstraheren en in een artificiële lichaamstaal vertalen, waren medebepalend bij deze compositie. Woord, geluid en gebaar werden verenigd tot een Gesamtkunstwerk met een heel eigen expressie - de langzame, geritualiseerde bewegingen ontmoeten een stijl van declameren die vrijer dan de westerse zangkunst met de toonhoogten omgaat en een archaïsch aandoende vibratotechniek vraagt, die de hoofdtoon tot en met een terts doet veranderen. Tegelijk echter gebruikt Hosokawa de Engelse taal en westerse instrumenten: Oost en West, oud en nieuw verrijken elkaar.

Een andere weg om toegang te vinden tot de artistieke kosmos van Hosokawa wordt geboden door de kalligrafie. "Mijn muziek is kalligrafie", geeft hij toe, "geschilderd in de open rand van tijd en ruimte. Elk geluid heeft een vorm, zoals een lijn of een punt, die met het penseel getrokken wordt. Deze lijnen worden op een doek van zwijgen geschilderd. Hun rand, het zwijgen dus, is even belangrijk als de hoorbare rest."

De natuurklanken - de wind, de golven, de adem of het zoemen van de cicaden - inspireren hem bij het componeren. "Het zijn geen lelijke geluiden, maar altijd klanken die we in de natuur horen en waar we in de muziek dichter bij komen, om de geest ervan te kunnen beroeren", verduidelijkt Hosokawa. "Een Shakuhachi-speler streeft ernaar om een ademgeluid voort te brengen dat als een natuurgeluid klinkt, zoals een zuchtje wind in een bamboestruik. En ik zou ook graag zulke klanken hebben, schrijven en horen - elk geluid laadt zich met de kracht van de natuur en heeft daardoor iets dat de mensen overstijgt." Precies met deze principes vond Toshio Hosokawa zijn meest persoonlijke klanktaal, die geen stijlkopie is van de westerse avant-garde, maar de oeroude Japanse ziel laat voortleven, ook al is ze gehuld in een hedendaags klankkleed.

Voor de enscenering deed de Munt een beroep op Sasha Waltz. Na Anne-Teresa de Keersmaeker is zij de tweede choreografe die een opera van Hosokawa ensceneert in de haar zo kenmerkende stijl van de 'gechoreografeerde opera'. Net zoals voor Hosokawa is het ritme van de beweging en de gebaren één van de grote kenmerken van de kunst van Sasha Waltz. Voor deze nieuwe productie werkt Sasha Waltz met Pia Maier-Schriever en Chiharu Shiota voor de decors, Christine Birkle voor de kostuums, Martin Hauk voor de belichting en Ilka Seifert voor de dramaturgie. Sasha Waltz was in de Munt te gast met 'Dido and Aeneas' (Purcell) in 2008, met 'Gezeiten' in 2009  en met 'Medea', een opera-en dansspektakel op de partituur van Pascal Dusapins 'Medeamaterial' in 2010.

Sasha Waltz behoort tot de belangrijkste choreografen van de hedendaagse Europese danskunst. Ze stichtte haar eigen groep Sasha Waltz & Guests in 1992 na haar opleiding aan de School for New Dance Development te Amsterdam, waarna ze zich vervolmaakte in New York en Berlijn. Terwijl ze actief verder samenwerkt met de Schaubühne te Berlin, maakt haar gezelschap tournees met ongeveer 140 voorstellingen per jaar. Buiten haar vaste dansers verwelkomt ze ook artiesten ' in residentie', voor het ogenblik zijn het 150 'guests' die uit 25 verschillende landen komen.

Sasha Waltz is gepassioneerd door de interactie tussen theater, muziek en beweging en realiseert choreografische operaregie's, denken we maar aan 'Dido & Aeneas', de productie van de Munt die in januari 2008 werd voorgesteld in het Théâtre National, 'Medea', en 'Roméo et Juliette' van Hector Berlioz dat gecreëerd werd in l'Opéra national te Parijs in 2007. Ze ontwikkelde zo een heel nieuwe vorm waarin dans, zang en muziek op een moderne manier samensmelten en slaagt er altijd in om met grote vooraanstaande hedendaagse componisten samen te werken.

Voor het allereerst staat de jonge Spaanse dirigent Pablo Heras-Casado aan het hoofd van het Muntorkest. Hoewel hij pas 34 jaar oud is - hij werd geboren in Granada in 1977 - heeft hij al een breed en gevarieerd professioneel traject afgelegd.

De titelrol van Matsukaze wordt vertolkt door de Canadese Barbara Hannigan die in de Munt tijdens het seizoen 2008-2009 een verpletterende indruk naliet met haar vertolking van Venus en Gepopo, Chief of the Secret Police in 'Le Grand Macabre' van Ligeti. In hetzelfde seizoen zong ze, eveneens in de Munt, de solistische zangpartij in 'House of the Sleeping Beauties', de wereldpremière van de opera van Kris Defoort. In september 2007 creëerde ze de liedcyclus van Friedrich Cerha, 'Auf der Suche nach meinem Gesicht', een opdracht van de Munt waarin ze haar liefde voor het hedendaagse repertoire kon etaleren. Ze bracht creaties van György Ligeti, Karlheinz Stockhausen, Kaija Saariaho, Luigi Nono en vele anderen, zong onder leiding van beroemde dirigenten als Peter Eötvös, Essa Pekka Salonen, Sir Simon Rattle, Reinbert de Leeuw, Ingo Metzmacher en Thomas Adès en werkte samen met componisten als Louis Andriessen, Henri Dutilleux, Oliver Knussen en Gerald Barry.
Na de wereldpremière in Brussel zal ze de rol zingen voor de creatie in de Nationale Poolse Opera te Warschau, in het Grand Théâtre du Luxembourg en in de Staatsoper Berlin, telkens onder leiding van par Pablo Heras-Casado.

De Zweedse mezzosopraan en getalenteerde actrice Charlotte Hellekant kon het Muntpubliek voor het eerst al aan het werk horen in 'Giulio Cesare in Egitto' in januari 2008, en in december 2009 was ze terug te horen in 'Iphigénie en Aulide' waar ze zich overtuigend inleefde in de rol van Klytämnestra. Ze komt hier terug in de rol van de zuster Murasame.

De Noorse bas-bariton Frode Olsen neemt de partij van 'der Mönch' voor zijn rekening. De Munt is voor hem bekend terrein: hij zong er Fasolt (Der Ring), König Marke (Tristan und Isolde) en Gurnemanz (Parsifal), Erster Soldat en Erster Nazarener (Salome), Sarastro (Die Zauberflöte), maakte zijn roldebuut als Vodnik in 'Rusalka' (seizoen 08/09) en was datzelfde seizoen te horen als Nostradamus in 'Le Grand Macabre'. De belangrijkste operahuizen vragen hem voor een gevarieerd operarepertoire dat loopt van Mozart, Beethoven, Berlioz tot Puccini, Wagner en Strauss. Ook op het concertpodium is hij actief: regelmatig brengt hij concerten met werk van Verdi, Rossini, Dvorak, Händel, Haydn en Beethoven. De Duitse bariton Kai-Uwe Fahnert maakte zijn Muntdebuut in 2006 in 'L'Incoronazione di Poppea', en komt terug voor de rol van ' der Fischer'.

Tijd en plaats van het gebeuren :

Toshio Hosokawa : Matzukaze
Di 3, wo 4, do 5, vrij 6, di 10 en wo 11 mei 2011, telkens om 20.00 u
Zondag 8 mei 2011 om 15.00 u
De Munt Brussel

Muntplein
1000 Brussel

Meer info : www.demunt.be
-------------------------------
Meet the Artist : Toshio Hosokawa & Sasha Waltz
Maandag 2 mei 2011 om 18.30 u


Aan de vooravond van de wereldcreatie van Matsukaze nodigt de Munt je uit om een kijkje te nemen achter de schermen van dit uitzonderlijke evenement. Dompel je onder in het hart van deze hedendaagse creatie met de Japanse componist Toshio Hosokawa, de jonge librettiste Hannah Dübgen, de Duitse choreografe Sasha Waltz, de regisseuse van deze langverwachte voorstelling, en de dramaturge van de productie, Ilka Seifert.

De ontmoeting, die in het Duits zal plaatsvinden met simultaanvertaling, zal geleid worden door journalist Hans Reul. Deze bevoorrechte ontmoeting zal opgeluisterd worden door werken van Toshio Hosokawa voor solo-instrumenten. Femke Sonnen zal 'Elegy for violon' vertolken en Carlos Bruneel brengt 'Vertical Song I for flute'.
-------------------------------
A Night at the Opera with Lucy Lucy

Ben je jonger dan 26, dan kun je op donderdag 5 mei een avond in de opera doorbrengen in het bijzijn van de Belgische pop-rock groep Lucy Lucy! en tegelijk de nieuwste opera van de Japanse componist Toshio Hosokawa in een regie van de Duitse choreografe Sasha Waltz ontdekken. Een dansworkshop als inleiding tot het werk van Sasha Waltz, de operavoorstelling en een verrassende ontmoeting tussen de zangers uit Matsukaze en de leden van de groep Lucy Lucy! maken van deze Night at the Opera een onvergetelijke totaalervaring!

Extra :
Toshio Hosokawa op www.schott-music.com, www.karstenwitt.com, www.arsmusica.be en youtube
Sasha Waltz & Guests : www.sashawaltz.de

Elders op Oorgetuige :
Toshio Hosakawa's tweede opera Hanjo in de Munt, 3/04/2011

Naar aanleiding van de wereldcreatie van 'Matsukaze' in de Munt konden wij op zaterdag 23 april titelrolzangeres Barbara Hannigan tussen de repetities door strikken voor een interview. Dat verschijnt later deze week op Oorgetuige.

14:07 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook

25/04/2011

De verlichte fabriek : nieuwe muziek & sociaal engagement tijdens Erfgoeddag in Leuven

Erfgoeddag Op zondag 1 mei is het weer Erfgoeddag. Thema van deze Erfgoeddag is 'Armoe troef!'. Deze editie van Erfgoeddag probeert aan de hand van zo'n 600 activiteiten na te gaan hoe men in het verleden tegenover armoede en mensen in armoede stond. Stad Leuven doet opnieuw mee met allerhande interessante iniatieven. Daarbij kon HistarUZ, het museum van UZ Leuven, uiteraard niet ontbreken. Daar organiseert Matrix Centrum voor nieuwe muziek de tentoonstelling 'De Verlichte Fabriek'. Deze expo zet de sociaal geëngageerde kunstmuziek uit de 20ste eeuw in de kijker.

Mee met de maatschappelijke omwentelingen van de voorbije 100 jaar, deden heel wat kunstenaars hun artistieke zeg over armoede en sociaal onrecht. Muziek werd een wapen in de strijd tegen sociale ongelijkheid, soms met enkel klank, soms hand in hand met ruimere maatschappelijke actie. Naar aanleiding van Erfgoeddag, met het thema Armoe troef, zet Matrix sociaal geëngageerde kunstmuziek uit de 20ste eeuw in de kijker. Luigi Nono bijvoorbeeld schreef in 1964 de socialistische opera La fabbrica illuminata, 'De verlichte fabriek' en bracht ook letterlijk muziek naar de fabrieksarbeiders. Vijf jaar later zetten de zogeheten Notenkrakers Amsterdam op stelten met muzikale (en andere) acties tegen de heersende bourgeoisie, de woningnood in Amsterdam, het arresteren van straatmuzikanten en andere vormen van maatschappelijk onrecht. Aan het einde van de jaren 1970 maakte Logos de muziek voor enkele animatiefilmpjes rond sociale en politieke thema's. En tot slot gluren we ook even binnen bij het Scratch Orchestra van Cornelius Cardew.

Naar aanleiding van Erfgoeddag werkte Matrix samen met Buurtwerk 't Lampeke aan een project rond muziek en klankbeleving. Frederik Croene vroeg de aanwezige buurtbewoners naar hun ervaringen en gedachten rond klank en muziek. Achteraf bracht Matrix de verhalen, muziek en de unieke klank van het buurthuis samen in een bijzonder klankkunstwerk. Het resultaat is te horen in het kader van de tentoonstelling 'De Verlichte Fabriek'.

Tijd en plaats van het gebeuren :

De Verlichte Fabriek - tentoonstelling i.h.k.v. Erfgoeddag
Zondag 1 mei 2011 van 10.00 u tot 18.00 u
mUZeum van HistarUZ Leuven

Kapucijnenvoer 33
3000 Leuven
Gratis toegang

Meer info : www.matrix-new-music.be en www.erfgoeddag.be

Elders op Oorgetuige :
Traumgesichter : vergezichten van Huber tot Nono, 22/11/2010
Lonely at the top : Cornelius Cardew, 3/06/2008

23:03 Gepost in expositie, Muziek | Permalink |  Facebook