11/05/2011

Symfonieorkest Vlaanderen speelt benefietconcert voor Japan

Toru Takemitsu Het Symfonieorkest Vlaanderen onder leiding van de Japanse chef-dirigent Seikyo Kim organiseert een benefietconcert voor de slachtoffers van de aardbeving, de tsunami en de nucleaire ramp die Japan midden maart getroffen heeft. Het concert 'Fantastique' dat plaatsvindt op vrijdag 13 mei in het Paleis voor Schone Kunsten in Brussel zal opgedragen worden aan alle Japanse slachtoffers. Alle ticketinkomsten die na 16 maart 2011 voor dit concert geïnd werden, zullen integraal overgemaakt worden aan het Rode Kruis Vlaanderen.  Dat bedrag zal vervolgens gestort worden op de rekening van het Rode Kruis Japan.

Het Symfonieorkest Vlaanderen verwelkomde in november 2010 hun nieuwe Japanse chef-dirigent Seikyo Kim. Hij was in Tokyo toen de aarde hevig beefde en hij besliste het geplande concert met het Kanagawa Filharmonisch Orkest de dag nadien toch te laten doorgaan. Omdat mensen muziek nodig hebben. Omdat muziek mensen samenbrengt en de zeden verzacht… Daarom heeft het Symfonieorkest Vlaanderen in nauwe samenwerking met de Belgian Japan Association beslist een benefietconcert te organiseren als eerbetoon aan de Japanse bevolking en de getroffen regio's.

Het programma werd licht gewijzigd. De Roemeense Rapsodie nr. 1 van George Enescu zal vervangen worden door het 'Requiem for Strings' van de Japanse componist Toru Takemitsu. Daarna volgt het 'Vierde Vioolconcerto' van Mozart, gespeeld door de rising star Alina Ibragimova die onlangs nog de cover sierde van het BBC Music Magazine. Het concert besluit met de 'Symphonie Fantastique' van Hector Berlioz.

De Japanner Toru Takemitsu (1930-1996) ging na de oorlog compositie studeren bij Yasuji Kiyose, maar is hoofdzakelijk autodidact. Hij leerde de westerse muziek kennen via de jazzplaten van zijn vader. Als autodidact vermengde hij invloeden van Debussy en Messiaen met traditionele Japanse muziek.

In 1951 stichtte hij samen met artiesten van de meest uiteenlopende disciplines de 'Experimental Workshop', een multimedia groep die onmiddellijk van zich deed spreken door haar avant-garde projecten. Reeds in 1950 gebruikte hij bandopnemers om muzikale collages te maken van 'echte geluiden'. In de jaren 60 deden twee nieuwe invloeden hun intrede in zijn muziek: de natuur en de traditionele muziek van Japan. In zijn vroegste stukken merken we invloeden van Schönberg en Berg, maar het is de Franse stijl - en dan in het bijzonder die van Debussy - die zijn werk blijvend zou kenmerken. Hij was een echt instrumentaal componist: zelfs voor zijn 'musique concrète' gebruikt hij in zijn elektronische werken uitsluitend natuurlijke geluiden, nooit elektronische. Hij doceerde compositie aan de universiteit van Yale, was gastdocent aan vele universiteiten in de V.S., Canada en Australië en hij werd vereerd met talrijke internationale onderscheidingen.

Toru Takemitsu over zijn muziekesthetica: "Ik geloof in het bestaan van een stroom van klanken. Klanken coëxisteren met ons leven, en dat erkennen we doorgaans niet. Muziek is steeds hier en daar. De taak van een componist bestaat er dus in die klanken op maat te snijden en de vorm te geven van wat wij muziek noemen.
Ik gebruik geen tonen om een compositie te maken, ik werk samen met tonen. Mijn muzikale vorm is het directe en natuurlijke resultaat van wat de klanken zelf opleggen, en niets kan op voorhand het vertrekpunt bepalen. Ik probeer op geen enkele wijze mijzelf uit te drukken doorheen deze klanken, maar door met hen om te gaan brengt het werk zichzelf voort. Ik zou mijzelf in twee richtingen tegelijk willen ontwikkelen: als een Japanner met respect voor traditie en als een Westerling met respect voor innovatie. Diep in mijn binnenste zou ik beide muzikale lijnen willen bewaren, elk in zijn eigen legitieme vorm. Deze  fundamenteel onverzoenbare elementen enkel als vertrekpunt voor verschillend compositorisch gebruik nemen, is in mijn ogen niet meer dan een eerste stap. Ik wil de vruchtbare contradicties niet verwijderen, integendeel: ik zou willen dat de twee krachten met elkaar de strijd aanbonden. Op deze wijze kan ik voorkomen geïsoleerd te raken van de traditie en toch een stapje naar de toekomst te doen in elk nieuw werk.
Muziek is als een Japanse tuin waarin alles verenigd is als in de natuur, met een vaste grond van zand, de eindeloze stroom van het water, de rotsen waarvan het voorkomen verandert afhankelijk van het perspectief van de toeschouwer, de bomen die het water uit de aarde opzuigen, gras
en bloemen die snel groeien... " (*)

Programma :

  • T. Takemitsu, Requiem for Strings (1957)
  • W.A. Mozart, Vioolconcerto nr. 4 in re groot K. 218
  • H. Berlioz, Symphonie Fantastique opus 14

Tijd en plaats van het gebeuren :

Symfonieorkest Vlaanderen & Alina Ibragimova : Takemitsu, Mozart, Berlioz
Donderdag 12 mei 2011 om 20.00 u
Concertgebouw Brugge

't Zand 34
8000 Brugge

Meer info : www.concertgebouw.be en www.symfonieorkest.be
------------------------------
Vrijdag 13 mei 2011 om 20.00 u
Bozar
- Henry Le Boeufzaal
Ravensteinstraat 23
1000 Brussel

Meer info : www.bozar.be en www.symfonieorkest.be
------------------------------
Zaterdag 14 mei 2011 om 20.00 u ( inleiding om 19.15 u )
Muziekcentrum de Bijloke Gent
Bijlokekaai 7
9000 Gent

Meer info : www.debijloke.be en www.symfonieorkest.be
------------------------------
Zondag 15 mei 2011 om 15.00 u
deSingel Antwerpen

Desguinlei 25
2018 Antwerpen

Meer info : www.desingel.be en www.symfonieorkest.be

(*) Yves Knockaert voor De Munt, 16 september 2004

Extra :
Toru Takemitsu op en.wikipedia.org, www.themodernword.com en youtube

Elders op Oorgetuige :
Unieke ontmoeting tussen oost en west in Muziekcentrum de Bijloke Gent, 5/05/2011
20ste eeuwse Japanse muziek in Logos, 18/06/2007

Beluister alvast Toru Takemitsu's Requiem for Strings

12:05 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook

Brussels Philharmonic brengt symfonisch werk met een exotisch tintje in Kortrijk

Heiner Goebbels Zaterdag brengt het Brussels Philharmonic Westerse composities die hun inspiratie vinden in andere culturen. Bij Aram Khatchaturian zijn invloeden uit de Armeense volksmuziek prominent aanwezig. De 'Gayaneh Suite' met de wereldberoemde 'Sabeldans' is daar een mooi voorbeeld van. In de Belgische première van 'Ou bien Sunyatta' van de Duitse componist Heiner Goebbels (foto) zijn de Afrikaanse zanger en kora-speler Boubakar Djebate en zangeres Sira Djebate de solisten. Met 'Sheherazade' brengt Rimski-Korsakov ons dan weer in de Oosterse sferen van de verhalen van 'Duizend-en-één-nacht'. Symfonisch werk met een exotisch tintje.

Heiner Goebbels (1952) woont sinds 1972 in Frankfurt en heeft sociologie en muziek gestudeerd. Aanvankelijk maakte hij composities voor film en theater. In de jaren 1980 heeft hij ook een aantal stukken voor radio gemaakt, vooral naar teksten van Heiner Müller, waarmee hij verscheidene malen in de prijzen viel. Jarenlang heeft hij concerten en opnames verzorgd met de 'Sogenanntes Linksradikales Blasorchester' en het art-rock-trio 'Cassiber'. In diezelfde periode componeert hij ook voor het Ballet van Frankfurt. Hij creërde ook verscheidene werken die gepresenteerd werden in een bredere context binnen de hedendaagse kunst. Zo participeerde hij onder meer aan Documenta X in Kassel met een muzikale theatersketch 'Landscape with man being killed by a snake' (1997), en maakte hij geluidsinstallaties zoals 'Timeios' en 'Fin de Soleil' voor Centre Pompidou in Parijs (2000), en een performatieve installatie, 'Stifters Dinge', hetgeen zijn eerste theaterstuk was zonder performers of muzikanten (2007). Sinds 1998 produceert hij de meeste van zijn stukken in het Théatre Vidy in Lausanne, Zwitserland. Een groot deel van zijn werk maakt deel uit van het repertoire van verschillende theaterhuizen en ensembles en werd wereldwijd uitgenodigd op verschillende theater- en muziekfestivals. Heiner Goebbels werkt sinds 1999 als professor en bestuurder aan het 'Institut für Angewandte Theaterwissenschaft' van de Justus-Liebig-Universitüt in Giessen, en is sinds 2006 voorzitter van de Hessische Theaterakademie.

Programma :

  • Aram Katchaturian, Gayaneh Suite ( Introduction - Lullaby - Gayane's Adagio - Sabre dance)
  • Heiner Goebbels, Ou bien Sunyatta (Belgische creatie)
  • Nikolai Rimsky-Korsakov, Sheherazade, op. 35

Tijd en plaats van het gebeuren :

Brussels Philharmonic : Khatchaturian, Goebbels, Rimski-Korsakov
Zaterdag 14 mei 2011 om 20.15 u (Inleiding door 19.45 u - musicologe Pauline Driesen spreekt met Heiner Goebbels)
Kortrijkse Schouwburg
Schouwburgplein 14
8500 Kortrijk

Meer info : www.festivalkortrijk.be en www.brusselsphilharmonic.be

Extra :
Heiner Goebbels : www.heinergoebbels.com, www.boosey.com, en.wikipedia.org en youtube

Elders op Oorgetuige :
Songs of Wars I Have Seen : Heiner Goebbels en het leven van vrouwen in oorlogstijden, 10/05/2011
De Kortrijkse lente zit vol muziek met een frisse mix van klassiek, hedendaags en geluidskunst, 27/04/2011
I went to the house but did not enter : geënsceneerd concert in drie tableaus, 26/01/2010
Stifters Dinge : muzikale theatermachine van Heiner Goebbels, 6/05/2008

07:00 Gepost in Concert, Festival, Muziek | Permalink |  Facebook

10/05/2011

Interview : Oorgetuige sprak met Barbara Hannigan

Barbara Hannigan Naar aanleiding van de wereldcreatie van 'Matsukaze' in de Munt konden wij titelrolzangeres Barbara Hannigan (foto) tussen de repetities door strikken voor een interview. Het is trouwens niet de eerste keer dat de Canadese zangeres in de Munt aantreedt. Tijdens het seizoen 2008-2009 liet ze al een verpletterende indruk na met haar vertolking van Venus en Gepopo, Chief of the Secret Police in 'Le Grand Macabre' van Ligeti. In hetzelfde seizoen zong ze, eveneens in de Munt, de solistische zangpartij in 'House of the Sleeping Beauties', de wereldpremière van de opera van Kris Defoort. En in september 2007 creëerde ze de liedcyclus van Friedrich Cerha, 'Auf der Suche nach meinem Gesicht', een opdracht van de Munt waarin ze haar liefde voor het hedendaagse repertoire kon etaleren.

Oorgetuige : Om te beginnen : wat is jouw relatie tot de hedendaagse muziek ?

Barbara Hannigan : Ik kom uit Canada en begon al op heel jonge leeftijd piano, hobo en zang te studeren. Ik ben afkomstig uit een klein plaatsje waar er niet veel te beleven viel, en we hadden een goeie muziekleraar, dus iedereen was wel op een of andere manier met muziek bezig. Ik vertel dit omdat mijn 'muzikant zijn' vanaf het prille begin heel intens was. Zichtlezen, harmonie, analyse, ik was er van in het begin sterk mee begaan. Op mijn 17de gaf ik mijn eerste wereldpremière. Ik was nog een tiener en werkte toen samen met een jonge componist. Op mijn 19de startte ik mijn professionele carrière met een première van een toch wel substantieel werk. Dus ik was heel erg geïnteresseerd in het samenwerken met componisten en het voelde ook heel comfortabel en helemaal niet vreemd aan. Voor mij is er geen verschil tussen het samenwerken met levende componisten en het uitvoeren van Bach of Mozart, de twee gaan perfect samen. Het hedendaagse repertoire beïnvloedt zeker de manier waarop ik het klassieke repertoire breng, en omgekeerd. Het zingen van moderne muziek bezorgt mij meestal een gevoel van bangeloosheid, het niet bevreesd zijn om een ongelooflijke tessituur te gebruiken, iets wat wel ook gebeurt bij Mozart, maar niet zo vaak. In het moderne repertoire zing ik alt, mezzo, hoog tot zeer hoog. Daarbij komen ook nog vaak de heel complexe ritmes en harmonsiche structuren. Ik wil deze uitdagingen zo snel mogelijk overwinnen zodat ik de muziek direkt naar het publiek toe kan brengen zonder dat het zich zorgen hoeft te maken over hoe moeilijk of gek die muziek wel is.

Ik heb tot nu toe al meer dan 75 wereldpremières gebracht en ik heb met heel veel componisten samengewerkt, waaronder belangrijke namen als Stockhausen, Ligeti, Dutilleux, en ook minder bekende maar volgens mij toch fantastische mensen en voor mij is dat even natuurlijk als muziek brengen van Mozart en Mahler.

Oorgetuige : Voor mij is het ook heel natuurlijk om naar hedendaagse muziek te luisteren, maar dat is blijkbaar niet voor iedereen zo. De meeste mensen die geïnteresseerd zijn in hedendaagse kunst gaan naar musea, galerijen, dansproducties en lezen schrijvers van vandaag, maar luisteren wel naar jazz of het klassieke repertoire. Blijkbaar zien ze hedendaagse muziek niet als een uitdrukking van deze tijd. Heb je daar een verklaring voor ?

BH : Ik heb daar niet echt een verklaring voor. Ik denk dat kinderen en jongeren daar heel erg voor openstaan omdat zij nog niet beïnvloed zijn door traditionele harmonsiche structuren. Het is onze verantwoordelijkheid als muzikant om de muziek zo natuurlijk mogelijk te laten klinken, zo organisch dat er een directe communicatie is, zodat het publiek ook direct kan reageren, met hun hart, met hun gevoel. Ik probeer de muziek zodanig te belichamen dat het er niet meer toe doet wanneer die geschreven is of hoe de harmonische structuur in elkaar zit of wat dan ook. Het is anderzijds wel zo dat het publiek is beginnen afhaken op het moment dat Schönberg is afgestapt van het traditionele harmonische systeem en met zijn twaalftonenstelsel op de proppen kwam, en dat ligt zeker niet aan de uitvoerders. In de jaren '80 van de 19de eeuw waren er tal van wereldpremières, denk maar aan Verdi, Mahler, maar met Schönberg geraakte het publiek gefrustreerd en haakte men af.

Oorgetuige : Maar in de jaren '60 was er nog steeds een connectie tussen de verschillende kunstvormen. In '2001 : A Space Odyssey' werd er muziek van Ligeti gebruikt, The Beatles verwezen naar Stockhausen... Er was dus toen nog altijd een link tussen de andere kunstvormen en hedendaagse muziek, maar die is intussen verdwenen.

BH : Daar kan ik eigenlijk niet veel over zeggen, ik vrees dat ik dat aan de analysten moet overlaten. Ik ben zelf zodanig met de muziek bezig dat ik geen aandacht meer heb voor wie er niét luistert.

Oorgetuige : Er is eigenlijk ook niet zo'n groot aanbod aan hedendaagse muziek, zeker niet in vergelijking met andere kunstvormen.

BH : Misschien wel, maar ik zing dit repertoire met het London Symphony Orchestra, Berliner Philharmoniker, Los Angeles Philharmonic, New York Philharmonic, in alle grote operahuizen en concertzalen voor een groot publiek, dus voor mij geldt dat alleszins niet. Het aanbod is er zeker, misschien wel nog niet zo groot als we zouden willen, maar toch. Toen ik begon zong ik in kleine zalen voor een publiek van 30-40 man, en nu voor duizenden mensen die dit repertoire willen horen, dus voor mij zit het allezins goed.

Oorgetuige : Misschien ligt het voor opera nog iets anders dan voor de andere disciplines omdat er daarvoor toch al een zeker repertoire voor handen is. In kamermuziek bijvoorbeeld is de nood aan premières veel groter. Operaproducties zijn ook heel duur, waardoor de voorstellingen langer op het programma blijven staan en in verschillende operahuizen spelen. Er is dus ook zeker een economische component.

BH : Misschien, maar er zijn zangers die 'The Messiah' of de 'Mattheuspassie' 25 keer per jaar zingen, en ik zing Ligeti of Dutilleux - ook de kamermuziek - even vaak. Dus ik zing ook voor een kamermuziekpubliek en mijn ervaringen zijn alleszins positief. Het publiek is er, vooral bij samenwerkingen zoals bijvoorbeeld met Sacha Waltz, waar dan ook nog eens de mensen die geïnteresseerd zijn in dans op afkomen. Vorig jaar heb ik nog een andere productie met Sacha gedaan, 'Passion' van Dusapin, en de zalen zaten afgeladen vol en de mensen stonden aan te schuiven om extra tickets te kunnen bemachtigen. Alles was volledig uitverkocht.

Oorgetuige : Wat is de verhouding van de hedendaagse opera tot het ijzeren repertoire ? Bij klassieke muziek - de naam zegt het al zelf - is er de referentie naar het repertoire van grofweg Bach tot Richard Wagner, naar de westerse muziekgeschiedenis. Al wat daarvoor komt maakt geen deel uit van die geschiedenis, en wat nadien komt evenmin. Mijn ervaring is - hier in België althans - dat nieuwe muziek altijd vergeleken wordt met het klassieke repertoire.

BH : Mensen willen inderdaad altijd vergelijken, ze willen vasthouden aan iets, verwijzen naar iets. Maar wanneer ik muziek hoor van Ligeti, herken ik het ook onmiddellijk als Ligeti. Ook al weet ik dat Ligeti partituren van Monteverdi, Rossini, Mozart en vele anderen bestudeerde.

Oorgetuige : Maar kan men Ligeti nog beschouwen als 'hedendaagse' muziek ? Eigenlijk behoort hij tot de Zeitgeist van het naoorlogse modernisme. Maar na Ligeti, de generatie van Stockhausen en Boulez, kwam er een postmodernistische benadering die de hele modernistische gedachte tot één stijl bombardeerde.

BH : Over welke componisten heb je het dan ?

Oorgetuige : Ik spreek eerder in het algemeen, de filosofische gedachte van de culturele gelijkheid en dergelijke, waarin het modernistische gedachtengoed als progressief wordt beschouwd, als een uitdrukking van vandaag, als een superieure uitdrukking van vandaag, als iets waarvoor je moet kiezen en vechten. Nu kan je kiezen uit een heel gamma aan uitdrukkingen, er is geen sprake meer van één moderne stijl.

BH : Ja, je hebt neoromantische componisten, of, als ik het voorbeeld van 'Matsukaze' neem, denk ik bij het instuderen van de partituur aan bepaalde renaissancemuziek of traditionele Japanse muziek, shakuhachi-muziek, of ook een beetje aan Puccini... In de vierde scène heb je een enorme 'tour-de-force'-aria en onlangs zei één van de zangers : "dit is je 'Brunhilde'-moment". Het klinkt niet als Brunhilde, maar het doet je er wel aan denken, het doet je denken aan iets groots en bombastisch en Wagneriaans. En zo zijn er vele referenties, niet alleen muzikaal... op sommige momenten zou je kunnen zeggen : "hier ben ik een vogel", of "nu ben ik een wolf", en als ik het daarover met Toshio praat, dan weet hij totaal niet waarover ik het heb. Maar het is menselijk, het heeft te maken met wie ik ben, met mijn eigen levenservaringen en referenties in vergelijking met die van hem, en op een gegeven moment komen die samen en wordt er iets totaal nieuws gecreëerd. Wat de moderne stijl betreft : er zijn natuurlijk compositiestijlen waar ik niet zo van hou binnen het moderne repertoire en die wil ik dan ook niet zingen, het neoromantische repertoire bijvoorbeeld.

Oorgetuige : Maar het modernisme was niet zozeer een 'stijl', het was een manier van denken, een filosofische benadering van de muziek. Het werd pas achteraf als een stijl beschouwd.

BH : Maar er zijn componisten die me schrijven en me stukken opsturen en zeggen : "ik schrijf in de moderne romantische stijl", dus ze plakken er zelf een etiket op. Het is nogal een verraderlijk onderwerp, je kan er niet altijd je vinger op leggen. Ikzelf baseer me eigenlijk enkel op het feit of ik van een stuk hou of niet, of het me ontroert, me raakt op emotioneel, muzikaal en intellectueel vlak, of het een catharsisch karaktermoment heeft, of de structuur van het werk me aanspreekt... Als ik al deze dingen samen neem en het bevalt me, dan kan ik het naar voren brengen en kan ik op een positieve manier een brug slaan tussen componist en publiek.

Oorgetuige : Dat is een interessant gezichtspunt om over te gaan naar het volgend onderwerp : het verhaal van de opera.

BH : Het is een heel dramatisch verhaal. Het is gebaseerd op een nô-theaterstuk, een van de bekende stukken. Er zijn twee zussen, Matsukaze en Murasame - ik speel Matsukaze - die enkele honderden jaren geleden in een hut aan de rand van het water woonden en zout verzamelden in het maanlicht. Yukihira, een edelman die verbannen was uit de stad komt naar hun dorp en wordt verliefd hen, allebei, en de zussen worden ook verliefd op hem. Op dit punt vraagt men zich soms af of er geen sprake was van jaloersheid, maar dat blijkt geen probleem te zijn geweest. Hij bleef drie jaar bij hen - daarover worden geen verdere details gegeven, maar je kan wel veronderstellen dat het drie prachtige jaren moeten zijn geweest - en dan moest hij terug naar de stad. Hij liet zijn jas en hoed achter als een soort van 'waarborg' en beloofde terug te keren. Jammer genoeg stierf hij op de terugweg naar de stad. De zussen wisten van niks, ze hoorden niets meer van hem, ze bleven maar wachten en uiteindelijk stierven ze van verdriet en onvervuld verlangen. Hun zielen werden nooit bevrijd en hun geesten bleven doen wat de zussen hun hele leven hadden gedaan tijdens het wachten op de man, zout verzamelen, wachten en zingen over hun verlangen, en dan, zoals meestal het geval is in een nô-stuk, komt er een monnik naar het dorp die er op een of andere manier in slaagt - ik weet niet precies hoe - om hun zielen te bevrijden. Op dat moment verbeelden de zussen, en dan vooral mijn personage, Matsukaze, dat Yukihira echt is teruggekomen en dat ze met zijn ziel verenigd is. En ik probeer er mijn zus van te overtuigen dat hij er is, ik heb een visioen waarin ik hem zie in een boom, maar mijn zus zegt 'nee, hij is het niet, het is maar een boom', en ik zeg 'nee, kijk!', en ze kijkt en ze ziet hem en dan dansen we en keren we terug naar de natuur. We worden een met de natuur, onze zielen zijn bevrijd, we hebben rust. Het is een schitterend verhaal.

Oorgetuige : De edelman is verliefd op beide vrouwen tegelijkertijd en omgekeerd, de twee vrouwen zijn verliefd op dezelfde man. Zo'n gegeven zou binnen onze traditie de basis van het drama uitmaken.

BH : In deze opera is dat van geen enkel belang. Het maakt geen verschil, in plaats van één vrouw zijn er nu twee vrouwen verliefd op de man. Er is geen drama, geen competitie, het wordt zelfs niet vermeld. Het concept van jaloersheid is onbestaande. Het is heel zuiver.

Oorgetuige : Dat is helemaal het tegenovergestelde dan in onze traditie.

BH : Ik denk wel als je de opera ziet dat je er ook geen punt van zou maken. Toshio hield er geen rekening mee in de muziek, we zingen samen in perfecte harmonie, we maken elkaars zinnen af, we zijn complementair...

Oorgetuige : ... in de kalmte en de rust die typisch is voor zijn muziek, en ook voor de nô-traditie. Ik herinner me het stuk van Benjamin Britten, 'Curlew River', waarin de Japanse traditie vanuit een Westers oogpunt wordt benaderd.

BH : Toshio hoeft natuurlijk niets te benaderen, het is zijn traditie, hij schrijft een opera op basis van een verhaal waar hij erg vertrouwd mee is. In de muziek hoor je dan ook een aantal zaken die heel Japans aandoen, vocale versieringen die klinken als een shakuhachi-fluit of als een koto (Japanse zither, nvdr), maar we doen nu niet echt een speciale inspanning om Japans te klinken, we zingen enkel de muziek zoals ze geschreven staat, in het Duits. Onlangs vroeg iemand me of het me stoorde dat het in het Duits was. Absoluut niet dus, het voelt heel natuurlijk aan. We vertellen een verhaal en het heeft geen belang in welke taal dat gebeurt. Het grote conflictmoment zit in de vierde scène waar Matsukaze de geest van Yukihira tracht op te roepen tot ze hem ziet in een pijnboom. Dan wordt de muziek steeds hartstochtelijker, vloeiender, hoger, sterker, de orchestratie wordt zwaarder. Is dit eindelijk het moment waarop ze verenigd zullen worden, waarop hun zielen na al die honderden jaren wachten één zullen worden. Het conflict is dat mijn zus Murasame dat niet ziet, ze ziet geen persoon in de boom, ze zegt 'nee, nee, hij is het niet, hij is niet hier', en ik blijf maar doorgaan en doorgaan en uiteindelijk bezwijk ik.

Oorgetuige : Is het feit dat jij hem wel ziet een teken van waanzin ?

BH : Ja, er is iets extatisch, waanzinnigs aan. Extase betekent uit jezelf stappen en dat is wat Matsukaze doet en uiteindelijk is ze buiten zichzelf, buiten de werkelijkheid. Het is inderdaad een waanzinnige scène en Toshio en ik hebben heel voorzichtig en zorvuldig samengewerkt om die muzikaal op te bouwen, we hebben noten gewijzigd, ik deed voorstellen over hoe we de notatie zouden kunnen veranderen, om sommige dingen hoger of langer te maken opdat het beter zou inpassen, zodat het ultieme moment waarop ze hem ziet ook effectief het sterkste moment is. Het was heel opwindend om dat te doen. Ik hou van zingen en we begonnen enkele dagen geleden met het orkest, het was fantastisch om al die kleuren van het orkest te horen, en iederen was aan het luisteren naar elkaar. Het was zoals samen surfen op een gigantische golf, samen luisteren, ademen en spelen, het was heel intens. Ik raak er nog steeds opgewonden van.

Oorgetuige : Wordt de andere zus in het verhaal ook gek door het gemis van de geliefde ?

BH : Nee, Murasame is niet gek, ze is alleen vervuld van verlangen, er is heel veel 'Sehnsucht'.

Oorgetuige : Ik dacht opnieuw aan het verhaal van 'Curlew River' over de waanzinnige moeder die op zoek gaat naar haar zoon en de functie van de monnik in het verhaal. Wat is de betekenis van de monnik in dit stuk ?

BH : Hij is het louterende personage die de zielen van de zussen bevrijdt, hij is de connectie met de andere wereld, de link met het spirituele. Hij heeft een heel mooie zangpartij, maar bewegen en dansen doet hij nauwelijks. Charlotte Hellekant, die Murasame speelt, en ikzelf hebben de centrale rollen op het podium, zeker wat dans en beweging betreft.

Oorgetuige : En het dansen is ook heel zwaar ?

BH : Het is ontzettend zwaar. Ik heb vroeger al met Sacha gewerkt, dus ik weet het wel, maar het blijft zeer moeilijk. Je moet heel veel spierkracht hebben en een perfecte ademhalingscontrole, want soms spring ik op in het midden van een zin en draai ik rond iemands schouder terwijl ik blijf verder zingen, hele moeilijke passages zelfs. Je moet dus je ademhaling, je bewegingen, je spieren en je zang compleet onder controle hebben en tegelijk moet je muzikaal blijven en de dirigent kunnen volgen. Dat is een hele grote uitdaging.

Oorgetuige : Ook de grens tussen acteren en dansen, theater en muziektheater is nogal vaag.

BH : Tegenwoordig wordt er in de opera nog weinig stil gestaan. Het gaat er dikwijls heel fysiek aan toe, operazangers moeten kunnen bewegen, ze moeten fit zijn. Het publiek houdt daar ook van. Het drama wordt er geloofwaardiger door.

Oorgetuige : De spektakelwaarde stijgt ook.

BH : Inderdaad. Ik moet wel zodadelijk mijn pruik gaan passen, dus om af te sluiten zou ik nog willen zeggen dat het een grote eer is om in deze productie te staan, om met Sacha te werken, om te werken met Pablo Heras-Casado als dirigent, om terug te zijn in de Munt - het is de derde productie die ik hier doe - en om de première van Toshio's nieuwste opera te mogen doen, dat is echt een hele eer. Ik ben dus gelukkig.

Oorgetuige : Je ziet er ook heel gelukkig uit.

Interview : Peter-Paul De Temmerman - Kristel Vastenavont, 23/04/2011

Elders op Oorgetuige :
Tussen droom en werkelijkheid : wereldcreatie Matsukaze in de Munt, 27/04/2011

20:51 Gepost in Concert, interview, Muziek | Permalink |  Facebook

Songs of Wars I Have Seen : Heiner Goebbels en het leven van vrouwen in oorlogstijden

Heiner Goebbels In 'Wars I Have Seen' beschrijft Gertrude Stein het dagelijkse leven van vrouwen in oorlogstijden. De Duitse componist Heiner Goebbels (foto) - één van eregasten van het Festival van Vlaanderen Kortrijk - liet zich door haar boek inspireren voor een theatrale compositie, overwegend door vrouwen uitgevoerd. Zijn verrassende muziek wordt afgewisseld met flarden tekst van Stein en citaten uit het werk van barokcomponist Matthew Locke. Daarnaast organiseerden het Festival van Vlaanderen Kortrijk en het Conservatorium Gent onder leiding van docent Filip Rathé een masterclass met Heiner Goebbels. Als apotheose dirigeert de Zweedse Marit Strindlund de laatstejaarsstudenten in aanwezigheid van de componist.

Heiner Goebbels (1952) groeide op in een Duits provinciestadje in een gezin waarin vooral klassieke muziek werd gemaakt. De kleine Heiner moest het pianotrio completeren met zijn oudere broers die al viool en cello speelden. Later waren het de popmuziek en de jazz die hem nieuwe muzikale horizonten boden. Als componist ingehuurd om muziek te maken bij producties in het Frankfurter Theater am Turm stond hij er met zijn neus bovenop toen theatermakers als Claus Peymann, Rainer Werner Fassbinder en Heiner Müller de bezem haalden door de sterk verouderde toneelwereld in Duitsland. Na eerst hoorspelen te hebben gemaakt voor de radio (onder meer bekroond door het Duitse Verbond van Oorlogsblinden) begon hij aarzelend te componeren voor bevriende musici van het Ensemble Modern. Dat hij deze gelouterde musici al vroeg in het scheppingsproces betrok, resulteerde in een reeks van werken die hem snel op de kaart zette als een van de origineelste componisten van zijn generatie. Goebbels bezit de kwaliteit om uit heterogeen materiaal het beste samen te voegen tot iets dat een geheel eigen signatuur draagt. Of het nou uiteenlopende muzikale stijlen betreft of literaire bronnen, theater of beeldende kunst.

Tijd en plaats van het gebeuren :

Heiner Goebbels - Spectra Ensemble - Conservatorium Gent : Songs of Wars I Have Seen
Zaterdag 14 mei 2011 om 16.30 u
Budascoop Kortrijk

Kapucijnenstraat 10
8500 Kortrijk

Meer info : www.festivalkortrijk.be en www.spectraensemble.com

Extra :
Heiner Goebbels : www.heinergoebbels.com, www.boosey.com, en.wikipedia.org en youtube
Transcript of the John Tusa Interview with Heiner Goebbels op BBC Radio 3, www.bbc.co.uk
Heiner Goebbels : Interview by Dan Warburton & Guy Livingston op www.paristransatlantic.com, 1997

Elders op Oorgetuige :
De Kortrijkse lente zit vol muziek met een frisse mix van klassiek, hedendaags en geluidskunst, 27/04/2011
I went to the house but did not enter : geënsceneerd concert in drie tableaus, 26/01/2010
Stifters Dinge : muzikale theatermachine van Heiner Goebbels, 6/05/2008

Bekijk hier Heiner Goebbels' Songs of Wars I Have Seen (2002/07) in een versie van The London Sinfonietta en het Orchestra of the Age of the Enlightenment

12:00 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook

Eric Robberecht en Raphaella Smits in Bonheiden

Raphaella Smits Het Festival van Vlaanderen Mechelen organiseert vrijdag een concert met het duo Eric Robberecht - Raphaella Smits. Voor de liefhebbers van de combinatie viool-gitaar staat er onder meer werk van Niccolo Paganini, Luigi Legnani, Franz Schubert, David Leisner, Jorge Cardoso, Astor Piazolla en een creatie van Boudewijn Cox op het menu.

Niccolò Paganini zet met zijn Sonate meteen de virtuoze toon. Luigi Legnani combineert die virtuositeit met de zangerigheid van het Italiaanse belcanto terwijl Schubert imponeert met wijd uitgeschreven arpeggio's op gitaar.
De Zuiderse toon klinkt door in Astor Piazzolla's tango Soledad en de samba en wals uit David Leisners danssuite. Tres Piezas van Jorge Cardoso voert je mee naar het zwoele Argentinië. En als kers op de taart is er nog de creatie van het werk van Boudewijn Cox voor viool en gitaar.

Eric Robberecht en Raphaella Smits zijn ervaren rotten op viool en gitaar. Eric is adjunct-concertmeester bij het symfonieorkest van de Koninklijke Muntschouwburg en is actief in verschillende ensembles (o.a. het bekende Ensor Strijkkwartet). Uit nieuwsgierigheid naar de muziek van vandaag engegeerde hij zich in ensembles als De Nieuwe Muziekgroep en het Atelier Instrumental d'Expression Contemporaine (Fr).
Raphaella is al jaren de leading lady als het over gitaar gaat. Ze bespeelt gitaren met acht snaren en treedt wereldwijd op als soliste en in kamermuziekensembles. Vanaf de eerste snaarvibratie nemen ze je mee op een wervelende ontdekkingsreis door verschillende eeuwen en continenten, balancerend op de rand van kunst en spektakel.

Raphaella en Eric : "Beiden hebben we de drang om met plezier muziek te maken. In dit programma laten we melancholische klanken, ontroering en diepgang contrasteren met humor en lichtvoetigheid. Niets liever willen we dan deze gevoelens en het plezier van het musiceren delen met zo veel mogelijk muziekliefhebbers."

Programma :

  • Nicolò Paganini, Sonate
  • Luigi Legnani, Selectie uit 36 Capricci voor gitaar
  • Franz Schubert, Sonate Arpeggione
  • David Leisner, Dances in the Madhouse
  • Jorge Cardoso, Tres Piezas
  • Astor Piazzolla, Soledad uit Suite Lumière
  • Boudewijn Cox, creatie

Tijd en plaats van het gebeuren :

Eric Robberecht & Raphaella Smits
Vrijdag 13 mei 2011 om 20.15 u

GC 't Blikveld Bonheiden
Waversesteenweg 11
2820 Bonheiden

Meer info : www.festivalmechelen.be en www.rsmits.com


Extra :
Boudewijn Cox : www.boudewijncox.eu, www.muziekcentrum.be, www.matrix-new-music.be, www.cebedem.be en youtube
David Leisner : www.davidleisner.com, www.myspace.com/davidleisner, en.wikipedia.org en youtube
Jorge Cardoso op www.guitarsint.com, en.wikipedia.org en youtube

Bekijk en beluister alvast het Allegro uit Capricio nr 31 van Luigi Legnani, gespeeld door Raphaella Smits op een concert in Duitsland in 2004



en meer van Raphaella Smits op youtube

07:00 Gepost in Concert, Festival, Muziek | Permalink |  Facebook

09/05/2011

Impact Sessions : Jaap Blonk en Jan Pillaert in Recyclart

Jaap Blonk Impactsessies is een reeks eclectische avonden met performances, hedendaagse experimentele muziek en dans, video, experimentele instrumentenbouw, avant- jazz... Ook dit seizoen zijn de programma's zo gedifferentieerd mogelijk. Voorstellingen waarbij het gebeuren primeert op het object en de actie op het resultaat. Voorafgaand is er een lezing door de performer(s). Zo wordt de voorstelling in een ruim perfectief geplaatst binnen zijn internationale artistieke context en binnen het oeuvre van de kunstenaar. Tijdens de Impactsessie van woensdag kun je de Nederlands componist, performer en dichter Jaap Blonk (foto) en de Belgische tubaspeler Jan Pillaert aan het werk zien.

Jaap Blonk (1953) begon ruim dertig jaar geleden met de voordracht van poëzie, enige tijd later werd dat (vooral) klankpoëzie. Legendarische uitvoeringen van onder meer de Ursonate van Kurt Schwitters, werk van Hugo Ball en andere dadaïsten. Als performer, saxofonist en componist is hij ook in diverse bands actief, waaronder de door hem opgerichte muziekgroepen Splinks en Braaxtaal. Sinds 2000 werkt hij steeds vaker met electronica, eerst met samples van zijn stem, later ook vanwege de pure synthese van geluid.

IMPACTsession : Jaap Blonk & Jan Pillaert
Woensdag 11 mei 2011 om 19.00 u (lezing) en om 20.30 u (performance)
Recyclart
(station Brussel-Kapellekerk)
Ursulinenstraat 25
1000 Brussel
Gratis toegang

Meer info : www.impactsessions.be, www.recyclart.be, www.jaapblonk.com en www.myspace.com/janpillaert

Extra :
Jaap Blonk & Jan Pillaert op youtube

12:25 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook

Gratis hommageconcert aan Annette Vande Gorne in Flagey

Annette Vande Gorne Naar aanleiding van de 65ste verjaardag van Annette Vande Gorne (foto) organiseert Musiques & Recherches in Flagey een gratis hommageconcert aan deze Belgische componiste. Annette Vande Gorne is sinds jaar en dag de motor achter het Belgische centrum voor elektroakoestische muziek. Stephan Dunkelman staat in voor dit project, waarbij 4 akoesmatische componisten een eerbetoon brengen aan de avant-gardistische Vande Gorne en haar bijzonder rijk oeuvre. Behalve componiste is ze ook een begenadigd docente aan het Koninklijk Conservatorium van Bergen, waar ze een specifieke afdeling oprichtte voor elektroakoestische muziek. Annette Vande Gorne is ook de oprichtster van het internationaal akoesmatisch festival L'Espace du Son.

Annette Vande Gorne
(1946) is sinds jaar en dag de motor achter het Belgische centrum voor elektro akoestische muziek, het Centre Musiques & Recherches. Zij kan gezien worden als de onvolprezen mentor van de Belgische elektro akoestische muziekscène. Haar eigen compositorisch werk is vooral gestoeld op de principes van de 'Franse school', de 'Musique Concrète'. Toch is zij hierin zeker geen purist. Annette Vande Gorne werkt gestaag aan een elektronisch oeuvre met een geheel eigen invalshoek. Tekst en poëzie spelen steeds vaak een rol in haar composities.

Na haar klassieke muziekopleiding ontdekt Annette Vande Gorne de akoesmatiek. Daarbij wordt het geluid puur op zijn klankeigenschappen benaderd, zonder dat de bron ervan enige betekenis overhoudt. Een ingrijpende verandering in het waarnemen dus, dat nu veel meer gericht is op de klankspectra van die geluiden. Dat brengt ook een andere manier van componeren met zich mee. Om zich op dat gebied bij te scholen heeft ze ondermeer ook nog een stage gevolgd bij Pierre Schaeffer. Omdat er geen mogelijkheden in België waren om deze muziek te leren kennen en te kunnen spelen richtte ze in 1982 de vzw Musiques et Recherches op en de studio Métamorphoses d'Orphée (ondertussen bestaande uit meerdere studio's voorzien van de modernste middelen). Ze doceert nu aan het conservatorium te Mons.

Tijd en plaats van het gebeuren :

Concert acousmatique : Eerbetoon aan Annette Vande Gorne
Maandag 9 mei 2011 om 20.15 u
Flagey
- Studio 1
H.-Kruisplein
1050 Elsene (Brussel)
Gratis toegang

Meer info : www.flagey.be en www.musiques-recherches.be

Extra :
Annette Vande Gorne : www.electrocd.com, www.arsmusica.be, en.wikipedia.org en youtube
Cafe sonore : Portret Annette Vande Gorne op www.vpro.nl, 1/10/2003 (met audio)

Elders op Oorgetuige :
Focus op Annette Vande Gorne in Espace Senghor in Etterbeek, 24/04/2009

10:33 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook

Born in the Sound of Rockets : noisy improvisaties uit het Oostblok

George Bagdasarov & Alexandr Vatagin Als klein joch zag George Bagdasarov in Kazakstan tal van raketten de ruimte ingaan. Het waren beelden die de man, die zich later tot experimenteel saxofonist zou ontpoppen, altijd zijn bijgebleven. Voor deze voorstelling besloot hij à l'improviste ook een paar muzikale raketten te lanceren, en daarvoor bundelt hij de krachten met de Oekraïense techno-cellist Alexandr Vatagin.

George Bagdasarov werd geboren in 1978 in een Armeens gezin. Na een reeks nomadische omzwervingen in Oost-Europa (onderwijl liep hij eventjes stage aan het Conservatorium van Moskou en de Sint-Petersburgse filmacademie) belandde hij uiteindelijk in Praag. Daar begon hij een blitzcarrière als saxofonist bij een psychedelische punkband maar hij ontpopte zich later via het pad van de conceptuele techno tot fulltime improvisator. Een groot deel van de elektronische apparatuur die hem daarbij van pas kon komen, vergaarde hij intussen op vlooienmarkten of tijdens nachtelijke ritten als taxichauffeur. De genres die hij aandoet, zijn jazz, noise en experimentele elektronica of een mengeling van de drie. Althans, wat de muziek betreft, want de man produceert vandaag de dag nog steeds films en beeldend werk.

Alexandr Vatagin stamt dan weer uit Jalta (Oekraïne, 1982) maar verhuisde in 1991 naar Oostenrijk. Daar kreeg hij op de relatief late leeftijd van 23 jaar - en geheel als autodidact - de principes van cello en contrabas onder de knie. Deels als producer, deels als singer-songwriter en deels als improvisator kamt hij met grote regelmaat de Weense experimentele muziekscène uit. Hij speelt mee in vier groepen: Port-Royal, Tupolev, Slon en het Werner Kitzmüller Trio. Tot nog toe heeft hij twee studio-albums uitgebracht bij Valeot Records en werd hij in 2009 door het Oostenrijkse kunsttijdschrift TheGap bij de 100 meestbelovende Oostenrijkse muziektalenten gerekend.

'Born in the Sound of Rockets' heet het projekt dat George en Alexandr in Logos komen voorstellen: een bonte mix van noise, improvisatie en gesofistikeerde grooves waarvan je reeds een voorproefje kan smaken als je surft naar jokebux.klingt.org

Tijd en plaats van het gebeuren :

New Media XV : Born in the Sound of Rockets
Maandag 9 mei 2011 om 20.00 u
Logos Tetraëder Gent

Bomastraat 26-28
9000 Gent

Meer info : www.logosfoundation.org

10:12 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook

07/05/2011

Wibert Aerts creëert werk van drie jonge Vlaamse componisten in het Concertgebouw Brugge

Wibert Aerts "Een inwendige groei waarvan het verloop niet te voorspellen is", zo omschreef Pierre Boulez zijn eigen compositorische ideaal, verwijzend naar het werk van Johann Sebastian Bach. De Vlaamse violist Wibert Aerts (foto) vertolkt in zijn solorecital muziek van beide componisten. Anthèmes II van Boulez (voor viool en elektronica) groeide organisch uit de elektronische spatialisatie en figuratieve ontwikkeling van het oudere Anthèmes voor soloviool. De kiem van het stuk ligt echter in de historische vorm van de strofische psalmzetting, die bij Boulez in een hedendaagse gedaante verschijnt. Boulez' muziek wordt in dit concert gecombineerd met Bachs weergaloze Chaconne en zijn Ricercar a 3 uit Das Musikalische Opfer, bewerkt voor viool door Bram Van Camp. De 'scoop' komt van drie jonge Vlaamse componisten, die speciaal voor Wibert Aerts een gloednieuw werk schreven : Daan Janssens, Bram Van Camp en Mattijs Van Damme.

Er zit meer dan 250 jaar tussen de werken van Bach en Boulez. Toch delen beide componisten een fundamentele ambitie om met een viool solo een complexe, veelgelaagde muzikale textuur te realiseren. Drie jonge Vlaamse componisten namen Bachs en Boulez’ werken als referentiepunten voor hun creaties.

Johann Sebastian Bach schreef drie sonates en partita’s voor soloviool. Dit waren niet de eerste werken voor een soloviool zonder begeleiding, maar ze zetten de mogelijkheden voor het instrument wel op scherp. De manier waarop Bach erin slaagde om met een zogenaamd eenstemmig, melodisch instrument toch een veelgelaagde textuur bestaande uit melodie en (soms zelfs drieof vierstemmige) begeleiding neer te zetten is indrukwekkend. De partituur vraagt om virtuoze vertolkers die op hun viool die suggestie van meerstemmigheid effectief kunnen realiseren, maar toont ook een enorme compositiorische vindingrijkheid. De Chaconne uit de Partita in d geldt daarbij als het meest treffende voorbeeld. Hoewel de Partita in d de enige van de drie is die het traditionele patroon van een suite (een reeks gestileerde dansen) volgt (Allemande - Courante - Sarabande - Gigue), sluit het af met een monumentale Chaconne (variaties op een herhaalde reeks akkoorden). Deze overstijgt in lengte en in muzikale en speeltechnische complexiteit de voorafgaande delen en stuurt zo de partita een heel andere richting uit. De Chaconne staat hier naast een ander monument van Bachs contrapuntische meesterschap: het driestemmige Ricercar waarmee Bach zijn Musikalisches Opfer (1747) opende, hier in een bewerking voor soloviool van Bram Van Camp.

Bij Pierre Boulez is de meerstemmigheid niet langer een kwestie van suggestie, maar van technologie. In Anthèmes II (1997) wordt de viool live verveelvoudigd door elektronica, die aan de - op zich al veelgelaagde - solopartij nog verschillende niveaus toevoegt. Zoals zo vaak bij Boulez is dit werk met oudere composities verbonden. Een flard uit …explosante-fixe… (vanaf 1972) werkte Boulez uit tot Anthèmes voor viool solo (1991). In Anthèmes II neemt hij het materiaal uit Anthèmes als vertrekpunt, maar componeert het verder uit én geeft er letterlijk een nieuwe dimensie aan met de electronics. De violist speelt dus tegen een veelvoud van zichzelf, waarbij de electronics ook nog eens dienst doen als verlengstuk van de violist: het toevoegen van kleuren, filteren en vervormen van de vioolklank. Door het verdelen van de klanken over de luidsprekers wordt ook de (akoestische) ruimte een element dat de componist heel bewust kan controleren.

De jonge Vlaamse componisten die de confrontatie met Bach en Boulez aangaan, kunnen in hun schriftuur voor soloviool onmogelijk Bachs voorbeeld en de hoogstaande hedendaagse antwoorden daarop, van componisten als Boulez, naast zich neerleggen. Mattijs Van Damme componeerde Interview enkele jaren geleden voor violiste Patricia Kopatchinskaja en maakte een nieuwe versie van het stuk voor deze gelegenheid. De titel van het driedelige werk refereert volgens de componist aan een interview met zichzelf. De contrasterende delen tonen achtereenvolgens heel beknopt verschillende facetten van het vioolspel (en van de componist die zichzelf bevraagt?).

Improvisations van Bram Van Camp zoekt de vergelijking met Bachs werk heel bewust op. De titel lijkt iets anders te suggereren, maar improvisatie komt er in dit werk niet aan te pas. Wel nodigt de partituur de muzikant uit om te spelen met de gedrevenheid en levendigheid die een goede improviserende muzikant kenmerkt. Ook dit werk is een Chaconne: dezelfde harmonische basis (in dit geval een cyclus van 64 akkoorden – heel wat uitgebreider dan de beknoptere Chaconnecyclus zoals die bij Bach voorkomt) wordt herhaald en intussen voortdurend gevarieerd. Waar Bach nog vierstemmigheid suggereerde, gaat Van Camp een stapje verder door het technisch zo aan te pakken dat de violist in de meeste akkoorden een vijfstemmige textuur doet vermoeden.

Daan Janssens vertrekt vanuit een compleet ander uitgangspunt. In zijn (…sans titre...) (face à moi) II zoekt hij een toestand van onbeweeglijkheid op: noten verschijnen als geïsoleerde elementen. Gaandeweg blijkt dit een dynamisch proces, dat zich vooral in de speeltechniek laat voelen: in het begin worden de noten aangestreken ‘col legno’ (met het hout van de strijkstok), dit evolueert naar conventioneel aanstrijken met de haren van de boog en eindigt tenslotte in een afwisseling van beide. De geïsoleerde noten van het begin ruimen plaats voor dynamischere snelle trekjes tot op het einde de tegenstelling tussen statische en dynamische elementen terugkeert. De uitgepuurde benadering en de doordachte relatie tussen alle muzikale elementen plaatsen dit werk meer in de lijn van Boulez. Net als bij Boulez is ook bij Daan Janssens dit werk verwant aan zijn andere composities zoals (face à moi) I (voor solopiccolo) en het ingetrokken (face à moi) voor solofluit. Bovendien wijst het vooruit naar (…sans titre) II dat het materiaal van dit vioolwerk zal ‘vermenigvuldigen’ tot een werk voor strijkkwartet.

Programma :

  • Johann Sebastian Bach (1685-1750)
    - Chaconne, uit Partita in d BWV 1004
    - Ricercar a 3, uit Das musikalische Opfer (transcriptie voor soloviool door Bram Van Camp)
  • Pierre Boulez (1925), Anthèmes II, voor viool en live-electronics
  • Daan Janssens (1983), (…sans titre...) (face à moi) II, voor soloviool (2010) (creatie in opdracht van het Concertgebouw Brugge)
  • Bram Van Camp (1980), Improvisations, voor soloviool (2011) (creatie in opdracht van het Concertgebouw Brugge)
  • Mattijs Van Damme (1975), Interview (2011) (creatie van de nieuwe versie in opdracht van het Concertgebouw Brugge)

Tijd en plaats van het gebeuren :

Wibert Aerts : Bach, Boulez, Janssens, Van Camp, Van Damme
Zaterdag 7 mei 2011 om 20.00 u
(Inleiding door Maarten Beirens om 19.15 u )
Concertgebouw Brugge
't Zand 34
8000 Brugge

Meer info : www.concertgebouw.be en www.wibert-caridad.be

Bron : Tekst Maarten Beirens voor het Concertgebouw, Mei 2011

Extra :
Daan Janssens : www.daanjanssens.be en youtube
Bram Van Camp : www.bramvancamp.com en www.matrix-new-music.be
Pierre Boulez op brahms.ircam.fr, www.arsmusica.be en youtube
Pierre Boulez : veelzijdig revolutionair, Jan de Kruijff op www.musicalifeiten.nl

Beluister alvast dit fragment uit Anthèmes II van Pierre Boulez

19:05 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook

05/05/2011

Klinkende Stad : vier Europese geluidskunstenaars in Kortrijk

Esther Venrooy Geluidskunst is de schemerzone waarin beeldende kunst, muziek en klank elkaar vinden. Het Festival van Vlaanderen Kortrijk is stichtend lid van het Europees netwerk 'Resonance', dat Europese geluidskunstenaars uitnodigt om nieuwe werken te creëren in Berlijn, Kortrijk en Maastricht. Van 7 tot en met 22 mei krijg je tijdens Klinkende Stad de eerste vier resultaten te zien. Maia Urstad (NO) en Paul Devens (NL) presenteren het werk dat ze vanaf april in Kortrijk maken. Pierre Berthet (BE) en Esther Venrooy (BE) tonen het werk dat ze eerder in Berlijn en Maastricht realiseerden.

'Extended Drops' is gebaseerd op twee eerdere werken van Pierre Berthet, 'Extended Loudspeakers' en 'Drops'. Zelfgemaakte luidsprekers brengen via een stalen draad geluidsvibraties over naar metalen keteltjes. In 'Extended Drops' weerklinken geluiden van traag vallende waterdruppels in dat netwerk. De druppelgeluiden en hun elektronische bewerking worden een bijzonder sfeervol, avontuurlijk en ruimtelijk percussieinstrument. 

Esther Venrooy (foto) is in het bijzonder gefascineerd door de fysieke en ruimtelijke eigenschappen van klank. Samen met architecte Ema Bonifacic creëert ze een architecturale geluidsinstallatie. Door de precieze plaatsing van het geluid onder een hellend vlak ontstaat een dialoog tussen haar compositie, de ruimte en de dagdagelijkse klanken uit de omgeving. Om het geluid en de vibraties ten volle te beleven is aanraken aanbevolen! De installatie nodigt uit om erop te gaan zitten, te liggen, te klimmen of ervan te glijden.

Fietsend door Kortrijk neemt Paul Devens geluiden op. Niet stilstaand, maar bewegend. Met een mobiele recorder rijdt hij doorheen de meest karakteristieke plaatsjes van de stad en brengt ze auditief in kaart. Door de voortdurende verplaatsing wordt een focus op één bepaald geluid vermeden en is er steeds een natuurlijke overgang van de ene klank naar de andere. Deze 'database' van geluiden staat centraal in een ruimtelijke installatie waarin het geluid ook continu wordt verschoven.

Radio is een steeds terugkerend element in Maia Urstad's installaties. In 'Meanwhile in Shanghai…' mengt Urstad de stemmen van omroepers die wereldwijd plaats en datum aankondigen met andere karakteristieke radiogeluiden. Zappend van kanaal naar kanaal kan je vanop je eigen plekje afstemmen op het dagelijkse ritme van de verschillende tijdzones. Nacht in Shanghai, dag in Kopenhagen, ieder uur van de klok heeft zijn eigen karakter. De polyfonie van stemmen, tonen en ruis vullen de kamer via tientallen opgehangen radio's, soms van ver en soms van dichtbij.

Elk van de gepresenteerde kunstenaars is ook performer. De opening van de tentoonstelling is de ideale gelegenheid om hen aan het werk te zien in vier korte concerten (20 à 30 min). Bij Pierre Berthet en Maia Urstad is hun installatie het voornaamste instrument, terwijl Esther Venrooy en Paul Devens je uitnodigen in een concertzaal.

Tijd en plaats van het gebeuren :

Festival van Vlaanderen Kortrijk - Klinkende Stad
Van zaterdag 7 tot en met zondag 22 mei 2011
Budatoren Kortrijk

Korte Kapucijnenstraat z/n
8500 Kortrijk

Meer info : www.festivalkortrijk.be
-----------------------
Openingsconcerten Klinkende Stad
Zaterdag 7 mai 2011 om 20.15 u
Budascoop Kortrijk

Kapucijnenstraat 10
8500 Kortrijk

Meer info : www.festivalkortrijk.be

Extra :
Pierre Berthet : www.pierre.berthet.be en youtube
Esther Venrooy : www.esthervenrooy.net, www.muziekcentrum.be en youtube
Paul Devens : www.pauldevens.nl en youtube
Maia Urstad : www.maia.no

Elders op Oorgetuige :
De Kortrijkse lente zit vol muziek met een frisse mix van klassiek, hedendaags en geluidskunst, 27/04/2011

Bekijk alvast de voorbereidingen van Maia Urstad voor Klinkende Stad in Kortrijk