18/10/2011

Madrigalen op getormenteerde of hilarische wijze met Neue Vocalsolisten in Leuven

Neue Vocalsolisten Neue Vocalsolisten zingt en experimenteert met madrigalen uit de late 16de én 20ste eeuw. En dat leidt tot boeiende confrontaties tussen oud en nieuw. In madrigalen dicteert de tekst de muziek met chromatiek, ongewone akkoorden en dissonante klanken tot gevolg. Claudio Monteverdi effende zo het pad naar de barokperiode terwijl Carlo Gesualdo in zijn muziek net zo experimenteel en extreem te werk ging als in zijn privéleven. Lucia Ronchetti voert je binnen in de keuken van een aantal twistende koks en Luciano Berio trekt alle vocale registers open in een hilarisch werk dat terugblikt naar de barokke affecten.

Hoewel haar naam een teruggrijpen naar een antieke traditie verraadt, was de renaissance in de eerste plaats een periode van boeiende artistieke vernieuwing. Zo vormde de terugblik op het verleden paradoxaal genoeg net een vooruitblik, weg van de 'middeleeuwse duisternis'. Als geen andere periode was de renaissance drager van een Janushoofd. Maar rond het midden van de zestiende eeuw dreigde dit complexe evenwicht tussen de antieke en de moderne wereld uit balans te geraken.
In het muzieklandschap ontspon zich een heftig debat tussen de prima en de seconda prattica, de oude en de nieuwe muziek. Steeds meer stemmen klonken op tegen de streng contrapuntische traditie van de Vlaamse polyfonisten. Een jongere generatie was opgestaan, een generatie die weliswaar de grootsheid van deze traditie erkende, maar die na haar hoogtepunt in het oeuvre van Josquin een voortzetting ervan onmogelijk achtte en daarom nieuwe horizonten wilde verkennen.

Claudio Monteverdi was één van hen. Na een klassieke scholing in de prima prattica sprong hij vervolgens over deze academische basis heen om te gaan experimenteren met modernere genres zoals het madrigaal. Deze vocale compositie was in de loop van de veertiende eeuw ontstaan vanuit een intens verlangen eigentijdse Italiaanse poëzie te verklanken. In de tweede helft van de zestiende eeuw groeide het madrigaal uit tot experimenteerveld bij uitstek voor de ontwikkeling van de nieuwste compositietechnieken binnen de seconda prattica.

Monteverdi schreef maar liefst negen madrigaalbundels, die het hele leven van de componist omsluiten. Vanaf het allereerste, op negentienjarige leeftijd geschreven boek opteerde hij voor een gedurfde, uiterst expressieve schrijfwijze. Meermaals druiste hij daarbij in tegen de regels van het strenge contrapunt, wat uiteraard veel opzien en protest baarde in het polyfone kamp. Maar Monteverdi rechtvaardigde zijn onorthodoxe compositiewijze door te stellen dat het de tekst was die deze afwijkingen toestond, meer zelfs, hierom vroeg: "Che l'orazione sia padrona dell'armonia, e non serva".
Zo trachtte hij in zijn madrigalen de vurige emoties uitgedrukt in de tekst opnieuw te vatten en te versterken met louter muzikale, klinkende middelen, zoals chromatiek en dissonantie. Stilaan liet hij daarbij ook het polyfone, lineair gerichte denken achter zich ten voordele van een eenstemmige, door akkoorden ondersteunde structuur. Het vernieuwende opzet van deze monodische schrijfwijze wordt pas helemaal duidelijk wanneer men de gevolgen ervan in kaart brengt: de stabilisatie van de tonaliteit als allesomvattende muzikale grammatica in de barok valt rechtstreeks terug te brengen op de compositorische innovatiekracht van Monteverdi. Niet voor niets wordt hij dan ook vaak als de 'vader van de moderne muziek' bestempeld.

Veel voorzichtiger in het omspringen met deze homofone, bijna tonale schrijfwijze was Carlo Gesualdo. In tegenstelling tot Monteverdi bleef Gesualdo in zekere zin steken in het lineaire polyfonische denken van de prima prattica. Toch klinkt zijn muziek verrassend modern. Gesualdo's ietwat neurotische persoonlijkheid was namelijk niet alleen smakelijk voer voor zijn biografen, maar zorgde ook voor een sterk geladen oeuvre. De madrigalen die hij schreef fungeerden voor hem als een soort uitlaatklep. Zijn zes madrigaalbundels blinken dan ook uit qua harmonische ruwheid. De harde dissonantie en de manische chromatiek zijn typisch voor de (muzikale) persoonlijkheid van Gesualdo. Toch blijft zijn muziek ondanks haar grillige klankresultaat ver weg van de tonale vernieuwingen die bij Monteverdi zegevieren.

Eenzelfde spanning tussen oud en nieuw was ook de twintigste eeuw niet vreemd. Gevangen tussen een streven naar een radicaal nieuwe muziek enerzijds en een sterk historisch bewustzijn anderzijds, trachtte de Italiaan Luciano Berio zijn eigen weg te vinden. In de compositieklas van Giorgio Federico Ghedini aan het Milanese Conservatorium raakte hij vertrouwd met de madrigalen van Monteverdi. Meteen was hij gefascineerd door de kracht van de luisterende verbeelding. Dit repertoire loonde hem dat muziek als geen ander suggestief en dus dramatisch kan werken, zonder daarvoor daadwerkelijk beeld te behoeven. Dit besef zette Berio aan tot de compositie van A-Ronne.

Samen met vijf acteurs maakte hij een hilarische radiodocumentaire rond een gedicht van de Italiaanse auteur Eduardo Sanguinetti. Eerder dan het gedicht letterlijk te verklanken, werd het gehanteerd als 'katalysator' voor verschillende vocale situaties. Op die manier trachtte Berio heimelijk psychologismen geassocieerd met bepaalde klanken op te wekken bij zijn publiek. Hij bespeelt als het ware de verbeelding van de luisteraar. Daarmee illustreerde Berio tevens de instabiele relatie tussen het gedicht, dat trouw is aan zijn eigen woorden, en de vocale articulatie daarvan, die in staat is de originele betekenis te veranderen. Waar Monteverdi op zoek ging naar de perfecte symbiose tussen de klank en de betekenis van een woord, vond Berio het net interessant met deze dubbele gegevenheid te spelen. In 1975 maakte hij van de tape een compositie voor achtstemmig vocaal ensemble. Hierdoor kunnen we ook vandaag de dag nog live van de humor van deze compositie proeven.

Ook bij Berio's jongere landgenote Lucia Ronchetti vinden we eenzelfde fascinatie voor een 'muziektheater van de verbeelding'. Bij Ronchetti komt deze liefde tevens voort uit haar verlangen om met andere kunstvormen te werken en om de confrontatie met vreemde culturen aan te gaan.
Haar grote interesse voor de Italiaanse hedendaagse literatuur dreef haar tot een nauwe samenwerking met Ermanno Cavazzoni. Hij was het die de plot schreef voor Anatra al sal. Dit is wat men zou kunnen noemen een culinaire opera, waarin het publiek een 'luisterende blik' wordt gegund in de interne keuken van vijf meester-koks. Na een lange discussie over wat ze zullen koken, geraken de koks het maar niet eens over de wijze waarop ze hun uiteindelijk gekozen gerecht zullen bereiden: anatra al sal, eend in zoutkorst. Typisch voor Ronchetti is haar haarscherpe analyse van een doordeweekse gebeurtenis, waaruit ze net het absurde distilleert en in de verf zet. Dit resulteert veelal in composities vol humor, zonder daarbij aan muzikale kwaliteit in te boeten. De hele spanningsopbouw, de uiteindelijke oplossing en het daarmee verbonden komieke aspect: alles komt voort uit de muziek zelf. Het resultaat is een prachtige exploratie van het vocale expressiebereik van de menselijke stem
en een verrassende levendigheid in de interne keuken van de verbeelding.

Als Spaans componist lijkt José-María Sánchez-Verdú een buitenbeentje in deze tot nu toe uitsluitend Italiaanse aangelegenheid. Maar zijn grote kennis van het Italiaanse renaissancerepertoire, alsook studies te Siena bij Franco Donatoni maken dat hij zich ongetwijfeld als een vis in het water voelt in dit Italiaanse onderonsje. Sánchez-Verdú heeft bovendien een grote affiniteit met de menselijke stem. Ook hij werkte, net zoals Ronchetti, reeds intensief samen met de Neue Vocalsolisten, aan wie zijn eerste madrigaalboek tevens is opgedragen. In deze eerste bundel, die de titel Scriptura antiqva draagt, gaat de componist op zoek naar andere dan de gebruikelijke semantische verbindingsvormen tussen tekst en muziek. De neergeschreven tekst wordt door hem een materiele waarde toegekend.
Zijn madrigalen verklanken oud-Latijnse grafschriften, waarvan de kaligrafie een constitutief element vormde in de muzikale verklanking ervan. Deze teksten worden in de eerste plaats behandeld als uitingen van een schrift. In Scriptura antiqva lijkt voor het eerst het visuele aspect terug een belangrijke rol te zijn toegewezen, zij het enkel in het compositieproces. Want bij beluistering is de luisteraar opnieuw volledig aangewezen op zijn eigen verbeeldingskracht.

De grens tussen muziek en theater blijft in dit programma dan ook vaag; net zoals die tussen traditie en vernieuwing. Tenslotte is het meestal in de creatieve combinatie van beide dat de kunstenaar zichzelf ten volle weet te vinden. Eén ding is in de loop der eeuwen evenwel nooit veranderd, het expressiemiddel bij uitstek: de menselijke stem. In dit oer-instrument der natuur liggen werelden van verbeelding besloten. Sluit dus gerust de ogen, aan het theater in uw hoofd zal u toch niet ontsnappen.

Programma :

  • Claudio Monteverdi (1567-1643) , Ecco mormorar l'onde - Rimanti in pace - Ohimè se tanto amate
  • José-María Sánchez-Verdú (1968), Scriptura antiqva (Madrigalbuch I)
  • Carlo Gesualdo (ca.1561-1613), O voi troppo felici - Se la mia morte brami - Tu m'uccidi - Al mio gioir
  • Lucia Ronchetti (1963), Anatra al sal
  • Luciano Berio (1925-2003) , A-Ronne

Tijd en plaats van het gebeuren :

Neue Vocalsolisten : Madrigalen renaissance vs 20ste eeuw
Donderdag 20 oktober 2011 om 20.30 u (inleiding door Pauline Driesen om 19.45 u)
Kunstencentrum STUK Leuven
Naamsestraat 96
3000 Leuven

Meer info : www.festivalvlaamsbrabant.be en www.neuevocalsolisten.de
---------------------------------------
Vrijdag 21 oktober 2011 om 21.00 u
AMUZ - Antwerpen

Kammenstraat 81
2000 Antwerpen

Meer info : www.amuz.be en www.neuevocalsolisten.de

Bron : tekst Pauline Driesen voor het Festival van Vlaanderen Vlaams-Brabant

Extra:
José M. Sánchez-Verdú : www.sanchez-verdu.com, www.arsmusica.be en youtube
Lucia Ronchetti : www.luciaronchetti.com, en.wikipedia.org en youtube
Luciano Berio op www.compositiontoday.com, www.themodernword.com, brahms.ircam.fr, www.arsmusica.be en youtube
Portret Luciano Berio, J-L Plouvier op www.ictus.be
Luciano Berio (1925 - 2003): Duivelskunstenaar, Jan de Kruijff op www.musicalifeiten.nl

Elders op Oorgetuige :
Novecento 2011 : boeiende confrontaties tussen heden en verleden, 26/09/2011

Belusiter alvast Lucia Ronchetti 's Anatra al sal



en het eerste deel uit Luciano Berio's A-Ronne

20:21 Gepost in Concert, Festival, Muziek | Permalink |  Facebook

17/10/2011

Filmmuziekseminarie met Walter Murch in Kinepolis Gent

Walter Murch In het filmmuziekseminarie dat jaarlijks door het Filmfestival Gent en KASK (Hogeschool Gent) wordt georganiseerd, ligt de focus dit jaar op sound design, niet op klassieke filmmuziek. Reden daarvoor is de komst van Walter Murch, legendarisch beeldmonteur en sound designer. Drie Oscars bevestigen die titel: Beste Geluid voor Coppola's Apocalypse Now (1979) en Beste Geluid en Beste Montage voor Minghella's The English Patient (1996).

Walter Murch (New York, 1943) is een naam die het grote publiek misschien weinig zegt, maar in de filmwereld geldt hij als de grootste beeld- en geluid cutter van zijn generatie. Niet alleen weet hij hoe films worden gemaakt en hoe ze functioneren, maar ook hoe ze kunnen ontsporen en vooral hoe ze kunnen gered worden.

Na een opleiding aan de Californische filmschool USC ging de jonge Murch meteen aan de slag. Samen met Francis Ford Coppola en George Lucas stond hij aan de wieg van het Nieuwe Hollywood. Voor Coppola's roadmovie The Rain People (1969), tekende hij de geluidsmontage en de geluidsmix. Voor George Lucas' speelfilmdebuut THX-1138 (1971) nam hij niet alleen de geluidsmontage voor zijn rekening, maar schreef hij ook mee aan het scenario. Door de jaren heen zorgde zijn samenwerking met Coppola voor enkele huzarenstukjes op vlak van beeld- en geluidsmontage. De misleidende subtiliteit van Murch's sound design blijkt uit de geraffineerde paranoïde thriller The Conversation (1974). Daarin vormt de foute interpretatie van een geluidsopname zelfs de sleutel tot de misdaadintrige. Minder subtiel, maar niet minder indrukwekkend is de spectaculaire herschepping van de Vietnam oorlog in Apocalypse Now (1979). Murch was niet alleen een van Coppola's belangrijkste medewerkers aan de drie Godfather -films (1972/1974/ 1990), hij monteerde de drie speelfilms ook tot één doorlopend episch verhaal voor de televisieversie The Godfather Trilogy: 1901-1980. Hij was bovendien de essentiële creatieve medewerker aan Coppola's meest recente films: Youth Without Youth (2007) en Tetro (2009) .

Een andere belangrijke creatieve samenwerking had Murch met de vroegtijdig overleden Britse regisseur Anthony Minghella. Voor hun eerste film samen, The English Patient (1996), won Murch Oscars voor montage en geluid; daarna volgde The Talented Mr. Ripley (1999) en Cold Mountain (2003). In 1998 tekende Murch ook voor de montage en het geluid van de gerestaureerde versie van Touch Of Evil, Orson Welles' verminkt meesterwerk uit 1958. Andere belangrijke titels in zijn filmografie zijn Julia (1977; Fred Zinnemann), The Unbearable Lightness Of Being (1988; Philip Kaufman) en Romeo Is Bleeding (1993; Peter Medak).

Tijd en plaats van het gebeuren :

Film Sound Seminar met Walter Murch
Donderdag 20 oktober 2011 van 10.00 u. tot 16.00 u
Kinepolis Gent


Meer info : www.filmfestival.be

Extra :
Filmfestival Gent focust op filmmuziek, 9/10/2011

22:57 Gepost in Festival, Film, Muziek | Permalink |  Facebook

Flat Earth Society waagt zich aan begrafenisrepertoire met 'R.I.P.'

Flat Earth Society Flat Earth Society is een Belgisch bigband-ensemble opgericht en onder leiding van Peter Vermeersch. Met hun nieuwe project 'R.I.P.' wagen de muzikanten zich aan een waar begrafenisrepertoire : 12 nieuw gecomponeerde afscheidsliederen voor de uitvaart van de muzikanten van het orkest. Ze sterven alle vijftien, één voor één, door ziektes, accidenten, ouderdom en andere oorzaken naar keuze. En zo wordt, naarmate het concert vordert, het orkest kleiner en kleiner, een grimmige vooruitblik op wat FES ooit zal overkomen, indien iemands lege plaats niet wordt ingevuld. De volgorde van de sterfgevallen is bepaald door het lot, waardoor op willekeurige wijze misschien onlogische en dus interessante orkest-samenstellingen ontstaan.

Dus stel je voor: het FES-concert begint en op een bepaald moment verlaat de drummer het podium wegens een dodelijke val bij het buitenzetten van de gft-bak. De rest van het orkest speelt zijn afscheidslied. Dan volgt de accordeonist, hartaderbreuk. De overblijvers spelen nu zijn In Memoriam. Dit gaat zo door tot er nog één muzikant op het podium overblijft die het laatste requiem speelt om daarna zelf te verdwijnen en het podium leeg achter te laten. En op dat moment zijn alle muzikanten weer samen, net als de doden in het verhaal 'Blues voor Gaston' van Roland Topor, en ze vieren de reünie met een wild en bruisend stuk feestmuziek, een potsierlijke dodenmars die een groteske tong uitsteekt naar Pietje de Dood. R.I.P. daagt het noodlot uit, haalt schoonheid uit tragiek en verdriet en brengt met een deugddoende portie zwarte humor een macabere ode aan het leven.

Het zoeken naar nieuwe onconventionele instrumentencombinaties is een van de centrale motieven voor het project R.I.P. (Rest in Peace). In dit project toont FES ons haar verre toekomst waarbij het orkest uit elkaar zal vallen door de achtereenvolgende overlijdens van de muzikanten.
Lottrekking bepaalt de volgorde van de overlijdens van de muzikanten, die dus een na een, of soms in groep - bij een vliegtuigcrash - het podium verlaten. Zo wordt naarmate het concert vordert het orkest kleiner en kleiner en ontstaan er onlogische en dus interessante instrumentencombinaties. Voor Vermeersch was de uitdaging om telkens op een oprechte manier een in memoriam te componeren voor de medemuzikant in kwestie, en dat met de beschikbare instrumenten. De verschillende persoonlijkheden van de muzikanten geven aanleiding tot een breed spectrum van stijlen, emoties en texturen.
Als er ten slotte nog één muzikant overblijft, gaat die in zijn laatste frasen de dialoog aan met de overleden muzikanten. Wanneer ook de laatste muzikant sterft komen alle muzikanten, zoals in de roman Blues voor Gaston van Roland Topor, weer samen en wordt het ‘weerzien’ gevierd met hetzelfde uptempo stuk waarmee de cyclus begonnen was. Het is als het ware een feestmaaltijd over de dood heen, waar iedereen vrolijk is en uitgelaten zoals in de laatste scène van Kusturica's bekroonde film Underground.

Het project lijkt een grap, maar is ook ernstig: het groteske en absurde van de dramatische voortgang in R.I.P. bewandelt de smalle weg tussen droefenis en levensvreugde. En er is de muziek die zalft en energie geeft voor de toekomst.

Tijd en plaats van het gebeuren :

FES : R.I.P. / Funeral Songs
Woensdag 19 oktober 2011 om 20.00 u
(première)
Concertgebouw Brugge

't Zand 34
8000 Brugge

Meer info : www.concertgebouw.be en www.fes.be
--------------------------------
Donderdag 27 oktober 2011 om 20.30 u
Wereldculturencentrum Zuiderpershuis Antwerpen

Waalse Kaai 14
2000 Antwerpen

Meer info : www.zuiderpershuis.be en www.fes.be

Bron : Tekst Lieven Van Ael voor het Concertgebouw

Extra :
Peter Vermeersch : www.fes.be en www.matrix-new-music.be

22:25 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook

M&M Low Level : een bonte mix van infrasonie, PowerBasic en een scheut edelkitsch

M&M Low Level Special rond de 'basics' van computergestuurde machinerie, met arrangementen en composities van de voltallige Logos crew. De 50 muziekrobots van de Stichting zijn tot niet alleen maar virtuoze muzikale hoogstandjes in staat. Ook de basics, oftewel the lowest level van hun programmeerbaarheid levert bizarre exploten op, die soms letterlijk laag bij de gronds zijn. Verwacht je aan een bonte mix van infrasonie, PowerBasic en een scheut Edelkitsch.

"In computer science, a low-level program-ming language is one like assembly langu-age that contains rudimentary micropro-cessor commands."
[Bron: http://en.wikipedia.org/wiki/Low-level_programming_language]

Low Level is vooreerst een begrip dat voortkomt uit de wereld van computerprogrammeurs. Vooraleer je echter denkt aan een voorstelling vol halfwerkende apparaatjes, pedaaltjes en lo-fi cassettespelers, willen we jevoor het gemak meegeven dat het begrip in de figuurlijke zin aanleiding geeft tot tal van associaties. Low Level kan evengoed staan voor de basis, het laagste van het laagste, het diepste, Geos, grondwerk, vloerdans, ... Het hoeft niet te verwonderen dat dit alles aanzet geeft tot fantaseren en brainstormen en daarom wordt in dit concert evengoed de toer van de veredelde kitsch opgegaan. Of die van de lage, sonore bassen waar het Logos-robotorkest zo bedreven in is. De infrasonie is dan ook een niet te verwaarlozen invalshoek. Je hoort dit gedemonstreerd in een wel zeer eigenzinnige orkestratie van een nummer van SOAD, gezien door de laag bij de grondse bril van Sebastian Bradt.

Het artistieke team bestaat verder zoals elke maand uit vaste waarden Moniek Darge, Barbara Buchowiec, Xavier Verhelst, Helen White, Kristof Lauwers en niet te vergeten twee special guest performers: Marjolijn Zwakman en Dominica Eyckmans. Algemene leiding en supervisie zijn in handen van Godfried-Willem Raes.

Tijd en plaats van het gebeuren :

M&M Low Level
Woensdag 19 oktober 2011 om 20.00 u
Logos Tetraeder Gent

Bomastraat 24-28
9000 Gent

Meer info : www.logosfoundation.org

21:23 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook

Mini-festival rond de tachtigste verjaardag van Sofia Goebaidoelina in Amsterdam

Sofia Goebaidoelina Samen met Asko|Schönberg, Concertgebouw en Muziekgebouw aan 't IJ presenteert het Koninklijk Concertgebouworkest in Amsterdam een mini-festival rond de tachtigste verjaardag van Sofia Goebaidoelina, grande dame van de Russische muziek. Op 24 oktober 1931 werd ze geboren in Tsjistopol,  halfweg tussen Moskou en de Oeral. Deels Russisch, deels Tataars groeide ze op in het drukkende communistische klimaat en studeerde ze aan de conservatoria van Kazan en Moskou. Haar moderne idioom leidde ertoe dat haar werk nauwelijks uitgevoerd werd en ze haar geld moest verdienen met filmmuziek.

Het was Sjostakovitsj die haar een hart onder de riem stak en met name violist Gidon Kremer en dirigent Gennadi Rozhdestvenski zorgden voor haar doorbraak in de jaren tachtig onder meer met het indrukwekkende en voor haar typerende werk Stimmen… Verstummen. Elmer Schönberger en Reinbert de Leeuw maakten haar geliefd in Nederland.

De bijzondere magische eigenheid van haar muziek verraadt haar afkomst ver oostelijk van Moskou, maar ook haar voorliefde voor totaal verschillende componisten als Bach en Cage. Essentieel is de spirituele dimensie: in vrijwel al haar composities probeert Goebaidoelina een mystieke tijdloosheid in klanken te vangen, het oermoment van de waarheid om te zetten in een lineair proces.

Sinds 1992 heeft ze Rusland verlaten en woont ze in Hamburg. Tijdens dit festival wordt haar werk gecombineerd met andere componisten die hun vaderland verlieten en als expats door het leven gingen. Varèse vertrok in 1915 met tachtig dollar naar New York, en schreef gefascineerd door de nieuwe wereld zijn grootse orkestwerk Amériques. Ook hij was niet bang om zijn eigen koers te volgen.

Sofia Asgatovna Gubaidulina werd geboren op 24 oktober 1931 in Tschistopol, een klein dorpje aan de Wolga in de Tataarse republiek van de voormalige Sovjet-Unie. Op jonge leeftijd verhuisde de familie naar Kazan. Ze studeerde af aan het conservatorium van Kazan in het jaar 1954 voor piano en compositie en vervolgde haar studies compositie aan het 'Tsjaikovski-conservatorium' van Moskou waar ze afstudeerde in het jaar 1961 als studente van professor Vissarion Shebalin.

Sofia Gubaidulina is een componiste uit de zogenaamde 'Tweede Generatie' van de 20ste eeuwse Russische componisten. De 'Eerste generatie' telt namen als Prokofiev en Sjostakovitsj, in de 'Derde generatie' vindt men bijvoorbeeld Zjoekov en Berinski, terwijl de vierde bestaat uit de jongste, zojuist afgestudeerde componisten. Van de 'Tweede generatie' behoren Schnittke en Gubaidulina samen met Oestvolskaja en Denisov tot de bekendste.

Sofia Gubaidulina staat bekend als een zeer bevlogen en dramatische toonkunstenares met een ongewoon rijk kleurenpalet. Een essentieel kenmerk van haar oeuvre is de bijna volledige afwezigheid van 'absolute' muziek. Het merendeel van haar werken heeft namelijk opvallend aanwezige 'buiten-muzikale' dimensies als poëzie (getoonzet dan wel verklankt) of een ritueel. Daarbij is haar instrumentgebruik volstrekt eigenzinnig. Aan het eind van de zeventiger jaren werd haar religieuze persoonlijkheid steeds meer en meer herkenbaar in haar composities. Nog steeds werd religie en religieuze kunst in deze tijd zwaar onderdrukt in de voormalige Sovjet-Unie. Toch schreef Sofia Gubaidulina composities als bijv. het vioolconcerto 'Offertorium'  voor de Letse violist Gidon Kremer of haar 'Seven Last Words' voor cello, bajan en strijkorkest opgedragen aan Vladimir Toncha en Friedrich Lips, een werk dat in de USSR gepubliceerd werd onder de niet-religieuze titel 'Partita'.

Sofia Gubaidulina : "I am a religious Russian Orthodox person and I understand 'religion' in the literal meaning of the word, as 're-ligio', that is to say the restoration of connections, the restoration of the 'legato' of life. There is no more serious task for music than this."

Tijd en plaats van het gebeuren :

Expats - Goebaidoelina 80
Van woensdag 19 t.e.m. donderdag 27 oktober 2011
Op verschillende plaatsen in Amsterdam


Het volledige programma en alle verdere info vind je op www.aaaserie.nl

Extra :
Sofia Goebaidoelina op www.schirmer.com, brahms.ircam.fr en youtube
Sofia Goebaidoelina : Trancendentale muziek op www.musicalifeiten.nl
De nacht is verloren gegaan. Essay over Goubaidulina, Rob Zuidam in NRC Handelsblad op 13/04/2001

20:01 Gepost in Concert, Festival, Muziek | Permalink |  Facebook

16/10/2011

Sinfonia Varsovia speelt twee concerten in Bozar

Krzystzof Penderecki Het Poolse Voorzitterschap van de Europese Unie is een mooie gelegenheid voor Bozar om de Sinfonia Varsovia naar Brussel uit te nodigen voor maar liefst twee concerten. Dit voortreffelijke ensemble werd in 1984 opgericht door Yehudi Menuhin. Huidig artistiek directeur is Marc Minkowski, welbekend bij het Belgische publiek als oprichter en dirigent van Les Musiciens du Louvre-Grenoble. Het programma van maandagavond kleurt voor de gelegenheid uiteraard Pools, een streepje Chabrier zorgt voor een Franse noot. Hoogtepunt is de Derde symfonie van Górecki uit 1976, waarmee de componist wereldberoemd werd. Van de eerste opname werden meer dan één miljoen exemplaren verkocht!

Na Marc Minkowski is het dinsdagavond de beurt aan Krzystzof Penderecki (foto) om Sinfonia Varsovia te leiden - juist, de grootste levende Poolse componist en een van de belangrijkste musici van onze tijd. Stanley Kubrick (The Shining), Andrzej Wajda (Katyn) en Martin Scorsese (Shutter Island) gebruikten zijn muziek voor hun films. Penderecki vroeg Anne-Sophie Mutter om de solopartij van zijn Tweede vioolconcerto te spelen. Vervolgens horen we de Zevende van Beethoven, die van Wagner terecht de bijnaam 'Apotheose van de dans' kreeg.

Programma maandag 17/10 :

  • Stanislaw Moniuszko, Ouverture & Dansen (Halka)
  • Karol Szymanowski, Concerto voor viool en orkest nr. 2, op. 61
  • Emmanuel Chabrier, Fête polonaise (Le Roi malgré lui)
  • Henryk Mikolaj Górecki, Symfonie nr. 3, op. 36, "Symphony of sorrowful songs"

Programma dinsdag 18/10 :

  • Krzysztof Penderecki, Concerto voor viool en orkest nr. 2, "Metamorphosen"
  • Ludwig van Beethoven, Symfonie nr. 7, op. 92

Tijd en plaats van het gebeuren :

Sinfonia Varsovia, Kuba Jakowicz & Marita Solberg: Moniuszko, Szymanowski, Chabrier, Górecki
Maandag 17 oktober 2011 om 20.00 u
Bozar - Brussel


Meer info : www.bozar.be en www.sinfoniavarsovia.org
---------------------------------
Sinfonia Varsovia & Julian Rachlin: Penderecki, Beethoven
Dinsdag 18 oktober 2011 om 20.00 u
(inleiding door Els Van Hoof om 19.30 u )
Bozar - Henry Le Boeufzaal
Ravensteinstraat 23
1000 Brussel

Meer info : www.bozar.be en www.sinfoniavarsovia.org

Henryk Górecki op en.wikipedia.org, www.boosey.com en youtube
De post-modernen: Pärt, Górecki en Schnittke, Friska Frank op www.nopapers.nl
Composer Henryk-Mikolaj Górecki. A conversation with Bruce Duffie, Bruce Duffie op www.bruceduffie.com, 1994
Krysztof Penderecki op www.schott-musik.de en youtube
Krzysztof Penderecki (1933 -): Grensoverschrijdingen, Jan De Kruijff op www.musicalifeiten.nl
Karol Szymanowski op nl.wikipedia.org, www.usc.edu en youtube
Karol Szymanowski (1882-1937): Is zijn tijd gekomen ?, Jan De Kruijff op www.musicalifeiten.nl

Elders op Oorgetuige :
Brussels Radio Philharmonic zet Polen in de spotlights met werk van Gorecki, Lutoslawski, Penderecki en Szymanowski, 5/10/2011
Contemplatief kamerconcert als eerbetoon aan de Poolse componist Henryk Gorecki, 22/01/2011
In Memoriam Henryk Mikolaj Górecki (1933 - 2010), 12/11/2010

19:27 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook

15/10/2011

Frederik Croene brengt live experimentele muziek bij cultklassieker 'Häxan' in het Gravensteen

Häxan Voor het Internationaal Filmfestival van Vlaanderen-Gent presenteert OFFoff de Deens-Zweedse cultklassieker 'Häxan' van Benjamin Christensen. Pianist Frederik Croene componeerde speciaal een nieuwe begeleidende soundtrack, en brengt die live ... in het Gravensteen in Gent!

Bezeten nonnen, satanische rituelen, foltering en inquisitie ... De Zweedse cultfilm 'Häxan' uit 1922 onderzoekt bijgeloof en vervolging in de middeleeuwen, en brengt tegelijk deze duistere wereld tot leven. In een mengeling van documentaire en reconstructie, geschiedenis en verbeelding voert regisseur Benjamin Christensen (1879-1959) de toeschouwer mee in een spektakel van hysterie en onkuise verlangens. Vol visuele flair, en moeiteloos laverend tussen middeleeuwse vignetten en moderne duiding, combineert deze film horror en zwarte humor tot zijn eigen occulte genre.

In het kader van het Internationaal Filmfestival van Vlaanderen - Gent trakteert Art Cinema OFFoff je op een unieke soundtrack, speciaal voor deze voorstelling gecomponeerd door pianist Frederik Croene. Een Hammondorgel, tijdens een concert in Brussel in 1971 als het ware ritueel geprepareerd door Keith Emerson (van Emerson, Lake & Palmer), die het doorboorde met dolken, op één hoek liet rondtollen en het bereed als een wilde stier, vormt het ideale instrument voor een Häxansoundtrack. Geflankeerd door materiaal uit de onderste regionen van het klassieke instrumentarium brengt Croene live experimentele muziek, die de surreële onderlaag van de film op feestelijke wijze ontmaskert. Voeg daarbij nog eens de betoverende locatie van het Gravensteen, dat met zijn eigen middeleeuwse geschiedenis en foltermuseum het perfecte historische kader biedt, en het alchemistisch recept voor een reis door de tijd is compleet.

Frederik Croene wil de kelk van het pianistenberoep tot op de bodem leegdrinken. Naast zijn focus op het creëren van nieuwe pianostukken met (bevriende) jonge componisten, herdenkt hij vanuit het concept van de gedeconstrueerde piano de traditionele situaties waarin het instrument en zijn uitvoerder terechtkomen. Dat resulteerde in (piano)muziek voor dans, live begeleidingen van stomme films, muziekinstallatiekunst en soloperformances met ‘Le Piano démécanisé' in samenwerking met kunstenaars uit verschillende disciplines: Hallveig Ágústsdóttir (beeldende kunst), Lawrence Malstaf (installatiekunst), Liv Hanne Haugen (dans), Edurne Rubio (videokunst), Timo Van Luijk (muziek), Erik Bassier (performance), Joris Verdoodt (grafische vormgeving) en tal van muzikanten uit alle mogelijke stijlrichtingen.

Tijd en plaats van het gebeuren :

Häxan (Benjamin Christensen, 1922) met live soundtrack door Frederik Croene
Zondag 16 oktober 2011 om 20.00 u
Gravensteen Gent

Sint-Veerleplein 11
9000 Gent

Meer info : www.offoff.be, www.filmfestival.be en www.frederikcroene.com

19:08 Gepost in Concert, Festival, Film, Muziek | Permalink |  Facebook

Dag van de Vlaamse Koormuziek en dubbelconcert Calliope Choeur de Femmes & Vlaams Radio Koor in Antwerpen

Vic Nees Op zondag 16 oktober dag dompelen lezingen, workshops en concerten in deSingel volwassenen, jongeren én kinderen helemaal onder in de koormuziek uit Vlaanderen. Tijdens een aperitiefconcert maak je kennis met de hoogtepunten uit de geschiedenis van de Vlaamse koormuziek van Peter Benoit over Jules Van Nuffel tot Vic Nees (foto) en Kurt Bikkembergs.
Laat je daarna inspireren door de gespecialiseerde workshops rond muziek voor gemengd jeugdkoor, vrouwenkoor of gemengd koor met aandacht voor zowel het romantische als hedendaagse repertoire met de nieuwste lichting koorcomponisten. Of zing je liever mee met eenvoudiger repertoire uit Vlaanderen voor driestemmig gemengd koor ? Ook voor kinderen en kinderkoren is ze een afwisselende workshop rond de kinderkoorbewerkingen van 'Is beter nog ver?' van Jan Coeck waarvan het resultaat tijdens het toonmoment te zien zal zijn. De dag wordt afgesloten met een concert van Calliope, choeur de femmes uit Lyon o.l.v. Régine Théodoresco en het Vlaams Radiokoor o.l.v. Johan Duijck.

Dit dubbelconcert is de apotheose van de Dag van de Vlaamse Koormuziek in deSingel. Het fenomenale Franse vrouwenkoor Calliope en het Vlaams Radio Koor laten het beste van zich horen met een programma waarin Vic Nees de compositorische schakel vormt. In 2000 richtte Régine Théodoresco in Lyon Calliope choeur de femmes op. Zij put voor dit programma uit de rijke Franse koortraditie van de negentiende en twintigste eeuw, een overlevering die door Calliope bijzonder hooggehouden wordt.
Het 'Magnificat' van Vic Nees werd in 1980 door de koorwereld en de muziekpers unaniem als een meesterwerk begroet. Met dit werk slaat Nees een nieuwe richting in. Na een experimentele en neoromantische fase keert hij terug naar de diatonische schrijfwijze en de repetitieve muziek. Het Vlaams Radio Koor plaatst die nieuwe eenvoud van Nees naast werk van een jongere generatie. Rudi Tas' Cantiones Spirituales klinkt speels, verfrissend, melodisch, feestelijk, zelfs uitbundig en uiteindelijk intiem. Vakmanschap ook bij het polychrome 'On Death' van Kurt Bikkembergs op tekst van John Keats.

Tijd en plaats van het gebeuren :

Dag van de Vlaamse Koormuziek
Zondag 16 oktober 2011 vanaf 11.00 u
deSingel - Antwerpen


Meer info : www.dagvandevlaamsekoormuziek.be en www.desingel.be
------------------------------------
Dubbelconcert Calliope Choeur de Femmes & Vlaams Radio Koor
Zondag 16 oktober 2011 om 20.00 u
deSingel - Antwerpen

Desguinlei 25
2018 Antwerpen

Meer info : www.desingel.be, www.vlaamsradiokoor.be en ccalliope.chez.com

Extra :
Vic Nees op www.matrix-new-music.be, www.muziekcentrum.be en youtube
Kurt Bikkembergs : www.kurtbikkembergs.be, www.matrix-new-music.be en youtube
Rudi Tas : www.ruditas.be, www.matrix-new-music.be, www.cebedem.be en youtube

16:04 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook

11/10/2011

Sound as sound : Zorn, Riley & Cage

Terry Riley Toen de zoon van David Harrington, de violist van het Kronos Quartet, tijdens een wandeling op de spectaculaire Mount Diablo in Californië onverwacht overleed, schreef Terry Riley (foto) een groot en merkwaardig in memoriam. Daarin vervoegt een New Orleans-achtige wilde carnavalsfanfare (op tape) het strijkkwartet op het hoogtepunt van het werk. Het is een requiem dat een dodenmars naast uitbundigheid plaatst en allerlei elementen vrolijk door elkaar mengt. De eclectische aanpak van Riley wordt tijdens dit concert geflankeerd door de sereniteit van John Cage en de al even bizarre, ongebreidelde fantasie van de koning van de alternatieve New Yorkse improvisatiescène: John Zorn. Enkele van de meest eigenzinnige Amerikaanse componisten, die allemaal hun onconventionele ding doen, verzameld in één concert, met de meest klassieke van alle bezettingen: het strijkkwartet.

Terry Riley (1935) is een van de grondleggers van de minimal music. Oorspronkelijk onder invloed van Stockhausen raakte hij steeds meer in de ban van Cage. 'Requiem for Adam' kende zijn première in 1999. Riley schreef het ter nagedachtenis aan de 16-jarige Adam Harrington, zoon van David Harrington, de violist van het Kronos Quartet. Voor Riley was het een manier om het verlies van een dierbare te verwerken. John Cage (1912-1992) componeerde zijn 'String Quartet in four parts' in 1950. Het werk is verdeeld in vier movements die verwijzen naar de vier seizoenen: creëren, behouden, vernietigen en rusten. 'Cat O'Nine Tails' (1988) is het oudste van de vier strijkkwartetten van John Zorn (1950). Het vormt een spectaculaire caleidoscoop van overbekende tot nooit gehoorde kwartetklanken die vaak op eenvoudige motiefjes zijn gebaseerd, maar steeds een verrassende pointe hebben. De muziek varieert van een sentimenteel walsje, over scheurend gescratch, tot een persiflage op een van de bekendste Paganini caprices.

John Zorn - Cat o' nine tails
De Amerikaanse componist John Zorn (1953) is zowel binnen de jazzscene als binnen de nieuwe klassieke muziek een opmerkelijk figuur. Bij het jazzpubliek onderscheidt hij zich door zijn kennis van de bebop en zijn beheersing van de altsaxofoon. In de klassieke muziek zet hij aanvankelijk de conceptuele kunst van de jaren 1960 verder, wat duidelijk wordt in de bundel Game Pieces (vanaf 1977). In deze verzameling waarin hij het muziekstuk als een sport met zelf verzonnen spelregels opvat, is improvisatie prominent aanwezig. In de jaren 1980 sloopt hij de grens tussen de genres met The big Gundown (eigenzinnige adaptaties van Morricones filmmuziek) en heeft hij een tijd zijn eigen ensemble 'Naked City'. Hij vermengt jazz met genres als rock punk, metal of klezmer (traditionele joodse muziek) zonder onderscheid. Zijn stijl is meestal agressief, bijna gewelddadig, en zijn geliefkoosde vorm is het 'zappen' waarbij hij telkens verschillende korte fragmenten achter elkaar plakt, zoals bij de montage van een tekenfilm. Cat O'Nine Tails (1988), geschreven voor het Kronos Quartet, is zeer representatief voor die 'zappende' schrijfstijl. Met dit werk schrijft Zorn voor het eerst op een klassieke manier voor strijkkwartet. De musici spelen een opeenvolging van zeer korte fragmenten die telkens in een ander tempo staan. De luisteraar krijgt een zeer bonte waaier te horen van klankkleuren die variëren van conventioneel (zoals een wals) tot letterlijk ongehoord (met 'scratch'-geluiden). Aan het einde wordt een capriccio van de Italiaanse vioolvirtuoos en componist Paganini geciteerd en gepersifleerd. Het vraagt een enorme concentratie van de musici om dit alles als een evidente waterval van gemonteerde geluidsfragmenten te laten klinken. Het is juist de voortdurende omschakeling van de ene naar de andere wereld die de uitvoering zo moeilijk maakt.

Vanaf 1960 zullen LaMonte Young en Terry Riley (beiden geboren in 1935) in de VS een aantal baanbrekende werken schrijven die onder de noemer minimal music vallen. Zij behoren tot de eerste generatie minimal composers (samen met Steve Reich, Philip Glass en Tom Johnson) die, elk op hun manier, het principe van minimal art zullen uitwerken: ze proberen met zeer weinig materiaal tot een zeer intens proces van waarneming te komen. Riley zal in 1964 met In C geschiedenis schrijven. In deze compositie wordt één noot (de do, C) voortdurend herhaald en speelt een vrij te bepalen aantal instrumenten 53 motieven, in een vaste volgorde, en in een zelf te kiezen hoeveelheid. Improvisatie en het repetitieve gaan bij Riley hand in hand. Zijn vroege werken hebben modernistische kenmerken, zo heeft bijvoorbeeld elk werk zijn eigen en uniek concept. In zijn latere werken zoals Salomé Dances for Peace (1985/86, strijkkwartet) is al duidelijk sprake van postmodernisme. De harde kern van de principes uit de vroege jaren blijft op de achtergrond aanwezig, maar geldt niet meer als centrale gedachte. Die krijgt een inhoudelijke invulling zoals bijvoorbeeld in het Requiem for Adam (1999). Op 16 april 1995 overleed Adam Harrington - de zoon van David Harrington, violist van het Kronos Quartet - op 16-jarige leeftijd aan een hartstilstand, tijdens een wandeling op de Mount Diablo. Riley schreef naar aanleiding van dit tragische gebeuren het drieluik Ascending the Heaven ladder - Cortejo Fúnebre en el Monte Diablo - Requiem for Adam. Voor wie alleen de vroege Riley kent, is dit werk een grote verrassing: de herhalingsstructuren zijn er weliswaar nog, maar ze zijn minder rigide. Ze verdwijnen, duiken weer op, veranderen van harmonische context en worden meegenomen in het meanderende muzikale betoog.

Het String Quartet in 4 Parts (1949-50) schreef John Cage (1912-1992) na een belangrijk keerpunt in zijn leven. Hij was in de jaren 1930 zeer actief als slagwerker en maakte daarbij gebruik van minder conventionele geluidsbronnen (schroothopen waren bijvoorbeeld een dankbare voedingsbron voor zijn instrumentarium). Zijn muziek was erg ritmisch georiënteerd en sprak de toenmalige choreografen sterk aan, wat zou leiden tot een levenslange samenwerking met Merce Cunningham. Hoewel hij ook analyselessen kreeg van Schönberg, bleef de Europese traditie voor hem een domein waar hij zich ver van hield. Cage bedacht rond 1940 het concept van de prepared piano. Hij transformeerde de vleugelpiano in een percussief én melodisch slagwerkinstrument. In de loop van de jaren 1940 maakte hij een crisismoment door: zijn huwelijk strandt en hij maakt een reis naar het Oosten. Daar komt hij in contact met het zenboeddhisme en het confucianistische Boek der Veranderingen (I Ching). Hij ontleent aan die ervaring de visie van de egoloze kunst, een invalshoek die vanaf dan zijn composities zal beheersen. Steeds meer zal hij trachten het ego van de componist uit te schakelen, en klanken gewoonweg 'klanken' te laten zijn ('sound as sound'). Zijn meest radicale werk zal Tacet worden (beter bekend als 4'33”), waarin de uitvoerder gedurende 4 minuten en 33 seconden niets actief doet: de compositie wordt gevormd door de omgevingsgeluiden die zich toevallig aandienen. In het String Quartet in 4 Parts zijn de eerste aanzetten tot die egoloze kunst een feit. Wie vertrouwd is met de strijkkwartetten van bijvoorbeeld Beethoven, zal heel erg vreemd opkijken. Er is geen sprake van 'expressieve' muziek in romantische zin. We krijgen niet de indruk dat de componist iets wil vertellen of 'uitdrukken', de klanken lijken elkaar gewoon op te volgen, zonder meer. De rustige beweging in elk van de delen versterkt de indruk nog dat er niets lijkt te 'gebeuren'. Cage, die in die tijd vrij goede contacten onderhield met Pierre Boulez, durfde dit strijkkwartet niet aan deze laatste te tonen. Hij liet het wel zien aan de dodecafonische componist Jacques-Louis Monod. Deze vroeg verbijsterd aan Cage: 'Where are you trying to get to?' Waarop deze antwoordde: 'Nowhere.'

Programma :

  • Terry Riley (1935), Requiem for Adam
  • John Cage (1912-1992), String quartet in 4 parts
  • John Zorn (1953), Cat o' nine tails

Tijd en plaats van het gebeuren :

Bl!ndman [Strings] : Requiem for Adam
Zondag 26 oktober 2011 om 15.00 u
(Inleiding door Yves Senden om 14.15 u )
Concertgebouw Brugge
't Zand 34
8000 Brugge

Meer info : www.concertgebouw.be en www.blindman.be
------------------------------------
Zaterdag 29 oktober 2011 om 20.00 u
CC Ysara - Nieuwpoort

Dienstweg Havengeul 14
8620 Nieuwpoort

Meer info : www.ysara.be en www.blindman.be

Het concert is op 25 mei 2012 ook nog te beleven in Vrijstaat O in Oostende.

Bron : tekst Yves Senden voor het Concertgebouw

Extra :
Terry Riley op en.wikipedia.org, www.otherminds.org, UbuWeb en youtube
Terry Riley (1935-) : Grondlegger van de minimal music, Jan de Kruijff op www.musicalifeiten.nl
John Cage : www.johncage.info en youtube
John Cage at Seventy: An Interview, Stephen Montague (1985) op UbuWeb Papers
John Cage Online : links compiled by Josh Ronsen
John Cage (1912 - 1992) : Goeroe of charlatan ?, Jan De Kruijff op www.musicalifeiten.nl
John Zorn : en.wikipedia.org en youtube

Elders op Oorgetuige :
Desert Light : muziek als grenzeloos landschap, 10/10/2011
BL!NDMAN [new strings] laveert tussen Beethoven, Berg, Pärt, Henderickx, Crumb en John Zorn, 28/02/2011

Beluister alvast het eerste deel uit Terry Riley's Requiem for Adam

17:13 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook

Hans Reichel & Paul Lytton : twee buitenbeentjes uit de Europese improvisatiescène in Les Ateliers Claus

Paul Lytton Zondag kan je in het Bruselse alternatieve kunstenbolwerk Les Ateliers Claus terecht voor een zeldzaam dubbelconcert van twee buitenbeentjes uit de Europese improvisatiescène: Hans Reichel en Paul Lytton (foto).

Hans Reichel wordt sinds een veertigtal jaar internationaal erkend als één van de meest innovatieve gitaristen in Europa. Behalve een divers gamma aan speeltechnieken, ontwierp hij ook instrumenten met opvallende nieuwe mogelijkheden, hetgeen hem onderscheidt van zijn collega gitaristen. Sinds de jaren ’80 speelt hij ook daxofoon, een snaarloos instrument van eigen makelij bestaande uit een houten tong, die bespeeld wordt met een strijkstok. Live is Reichel een devoot improvisator omwille van het directe aspect en de entertainende relatie tot het publiek. Hij bracht verscheidene LP's en CD's uit, voornamelijk op het Duits FMP label en werkte samen met performers uit verscheidene disciplines als Koreaanse Komungo en Butoh dans.

Paul Lytton is een inventieve drummer in de traditie van de Europese free jazz, en een pionier in zowel het elektronisch bewerken van geluid als het ontwerpen van instrumenten. Eind jaren '60 stortte hij zich in de vrije improvisatie - samen met Evan Parker met wie hij grensverleggende albums uitbracht op de labels Incus en Moers. Lytton was ook stichtend lid van de London Musicians' Cooperative en speelde een voorname rol in de Londense improv scene van '70 tot ’75. Sindsdien werkte hij samen met o.a. Paul Lovens, Barry Guy, Fred van Hove, Derek Bailey, Ken Vandermark en Nate Wooley. Sinds enkele jaren is Lytton voornamelijk te vinden op het befaamde ECM label.

Tijd en plaats van het gebeuren :

Musiques Insolites : Hans Reichel & Paul Lytton
Zondag 16 oktober 2011 om 15.00 u
Les Ateliers Claus - Brussel
Charles Rogierdoorgang (tussen Noordstation en Rogierplein)
1210 Brussel

Meer info : www.lesateliersclaus.com

Extra :
Hans Reichel : www.daxo.de, en.wikipedia.org en youtube
Paul Lytton op en.wikipedia.org, www.allmusic.com en youtube

12:51 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook