28/03/2011

Jean-Philippe Collard-Neven brengt eigen werk in wereldpremière in het Brusselse Conservatorium

Jean-Philippe Collard-Neven Jean-Philippe Collard-Neven kunnen we stilaan een vaste gast van Ars Musica noemen. Het hangt allicht samen met zijn universele natuur: pianist, componist, jazzman in het bijzonder en improvisator in het algemeen. Collard-Neven brengt in dit recital een eigen werk in wereldpremière. Verder zijn er stukken van componisten aan wie hij enkele jaren geleden ook al een deel van zijn recital voor Ars Musica wijdde: Alexander Skrjabin (vierde klaviersonate) en Jean-Luc Fafchamps. Na tijdens de Elisabethwedstrijd 24 keer diens 'Back to the Sound' te hebben horen passeren, krijgen we nu ook de twee zusjes van dit prachtwerk te horen: 'Back to the Pulse' en 'Back to the Voice'.

Jean-Philippe Collard-Neven (1975) is gepassioneerd door alle muziek van deze tijd en heeft zich een persoonlijke stijl verworven doorheen het contact met verschillende muziekvormen: het klassieke en het hedendaagse repertorium, jazz, improvisatie, het Franse chanson, elektronische muziek, ook doorheen ontmoeting met theater, dans en stomme film. Het uitvoeren van deze erg verschillende genres en de voortdurende confrontatie ermee hebben zich stilaan versmolten tot een visie op muziek die van dit alles loskomt. Jean-Philippe Collard-Neven laat ons onverwachte verwantschappen horen, doorgangen die een verbinding tot stand brengen tussen alle soorten muziek in de loop der tijden, die klankwerelden overbruggen zonder zich te bekommeren om grenzen of vastgelegde categorieën. Hij werkt zeer graag nauw samen met componisten en houdt ervan om deel te nemen aan het tot stand komen van werken die voor hem geschreven zijn. Jean-Philippe Collard-Neven is professor kamermuziek en improvisatie aan het Koninklijk Conservatorium van Mons. Hij geeft ook les aan de Académie d'été van Libramont.

Programma :

  • Jean-Philippe Collard-Neven, Rather the flight of a bird (Wereldpremière - opdrachty Ars Musica)
  • Alexander Skrjabin, Sonate No. 4 (1903) voor piano
  • Jean-Luc Fafchamps, Back to the sound (2010), Back to the pulse (2008), Back to the voice (1998)

Tijd en plaats van het gebeuren :

Jean-Philippe Collard-Neven : Collard-Neven, Fafchamps, Skrjabin
Dinsdag 29 maart 2011 om 12.30 u
Koninklijk Conservatorium Brussel

Regentschapsstraat 30
1000 Brussel

Meer info : www.arsmusica.be en www.kcb.be

Extra :
Jean-Philippe Collard-Neven : www.collardneven.com en youtube
Jean-Luc Fafchamps op www.compositeurs.be, www.arsmusica.be en youtube

Elders op Oorgetuige :
Spectra trekt naar het Ministerie van de Franse Gemeenschap met werk van Fafchamps, Brewaeys en Kurtág, 20/03/2011
Ars Musica werpt blik op de toekomst en focust op Belgische componisten, 24/02/2011
Jean-Philippe Collard-Neven brengt Fafchamps, Mantovani, Fiorini, Messiaen en Scriabin, 15/03/2007

Beluister alvast Alexander Skrjabins 'Sonate No. 4', uitgevoerd door Marc-André Hamelin

Noriko Kawai brengt nieuw werk van James Dillon en Saed Haddad in het Brusselse Conservatorium

Noriko Kawai Autodidact James Dillon schopte het van doedelzakspeler en rockgitarist tot vooraanstaand lesgever in Darmstadt, het Mekka van de muzikale avant-garde, en geliefde klassieke componist. Zijn pianostukken 'Charm' en 'Dragonfly', nochtans pas van 2009, werden zelfs op de Proms in Londen gespeeld. Beide krijgen hier hun Belgische première van Noriko Kawai (foto), in het echte leven Dillons partner. De dame brengt nog meer nieuwerwets werk: 'Litanie du Cristal des Fleurs' voor piano linkshandig van onze eigenste Henri Pousseur, en de 'Etudes mystérieuses' van de Jordaanse componist Saed Haddad, die Kawai hier voor het eerst integraal in ons land brengt. Verder is er ook nog Bach: de Franse suite in G. En als 'voorprogramma' brengen Dorothée Pétain, Sureya Abdou, Mikaële Rondot-Bexon en Fabien Bogaert Doina Rotaru's 'Jeu de miroirs' voor fluitkwartet.

Beginnen doet Noriko Kawai met twee miniaturen: 'Charm' en 'Dragonfly' (2009) van de Schotse componist James Dillon. Kawai lijkt wel een specialist te zijn in zijn werk. Ze heeft opnames gemaakt van The Book of Elements (Volumes I-V), Traumwerk Book 3, black/nebulae, en the soadie waste, dit allemaal in de laatste jaren. James Dillon is een van de frisse en belangrijke Britse componisten van vandaag. Een beetje auto-didact begon hij in de jaren zestig in de pop muziek om dra over te gaan naar het ernstige werk: rhythm and blues. Zijn werk is zoals het meeste werk der groten wars van het sluiten van compromissen. Dat betekent helemaal niet dat het werk onzacht is. Wat we vandaag horen kan daarvan getuigen: twee zachte beschouwende pianostukjes dienen als introductie op het concert. Charm heeft op zijn minst 3 linguistische betekenissen en bestaat uit een beetje impressionistisch getoets à la Debussy en Tippett, terwijl Dragonfly eerder alludeert op het onstaan ener betoverende regenboog.

Deze twee korte 'moments musicaux' worden gevolgd door 'Litanie du Cristal des Fleurs' van de hand van de pionier van de Belgische muziek Henri Pousseur. Een van de minder bekende feiten over deze componist is dat hij twee werken voor de linkerhand heeft gecomponeerd: 'Litanie du Cristal des Fleurs' (1984) en 'Tango de Jeanne-la-Sibylle' (2002). Zou daar een invloed van de even charismatische Ravel te bespeuren zijn?

Of je dat nu wenst of niet, maar Noriko neemt geen blad voor de mond in het terugspringen in de tijd. J.S. Bach lijkt wel een vaste waarde te zijn in Ars Musica 2011. Wie weet omdat hij ook ooit hedendaags componist was? De Franse Suite in Sol Groot is een van de zes suites die geschreven zijn voor klavier in de jaren twintig - van de achtiende eeuw weliswaar. De titel 'Franse Suite' lijkt te alluderen op een stijl. De naam werd gegeven nadat alle suites af waren. Eigenlijk vormen alle suites eerder het Italiaanse patroon, tot spijt van wie het benijdt. Eerder te zien als een contrasterend commentaar op zijn eerdere Engelse Suites.

Om het concert te eindigen zal Noriko Kawai de eerste maal in België de zeven études voor solo piano, 'Études mystérieuses', van de Jordaanse componist Saed Haddad vertolken. Zijn muziek is geworteld in zijn dubbel zijn: enerzijds voortkomend uit de arabische cultuur, maar componeren in een Westers idioom. Dit 'anders zijn' is de ruggegraat van zijn composities, zijn muziek probeert te ontsnappen aan definities wanneer die gedefinieerd worden. Hij gelooft dat muziek met een evenwicht oefening tussen fysiek (schoonheid, magie, energie, spanning en virtuositeit) en metafysiek (existentialisme, transcendentalisme en intellectualisme) gediend is. Westerse en Arabische tradities worden niet alleen samengesmolten maar ook naast elkaar gelegd. Het is de intense expressie van een componist die aan beide werelden toehoort die ons opwacht.

Programma :

  • James Dillon, Charm / Dragonfly (Belgische première)(2009)
  • Henri Pousseur, Litanie du Cristal des Fleurs for left-hand piano (1984)
  • Johann Sebastian Bach, French Suite in G major
  • Saed Haddad, Etudes mystérieuses (Belgische première)(2007)

Tijd en plaats van het gebeuren :

Noriko Kawai : Dillon, Pousseur, Bach, Haddad
Maandag 28 maart 2011 om 12.30 u
Koninklijk Conservatorium Brussel

Regentschapsstraat 30
1000 Brussel

Meer info : www.arsmusica.be en www.kcb.be

Extra :
James Dillon op www.arsmusica.be, www.composers21.com, www.edition-peters.com en youtube
Henri Pousseur : www.henripousseur.net, www.arsmusica.be en youtube
Saed Haddad : www.saedhaddad.com, www.composers21.com en www.schott-music.com
Doina Rotaru op www.composers21.com e, www.myspace.com/doinarotaru en youtube

Elders op Oorgetuige :
Ars Musica werpt blik op de toekomst en focust op Belgische componisten, 24/02/2011

10:22 Gepost in Concert, Festival, Muziek | Permalink |  Facebook

26/03/2011

Nicolas Deletaille & Boyan Vodenitcharov in Flagey

Boyan Vodenitcharov Een instrument dat in het Frans "guitare d'amour" heet, dat vinden ze bij Ars Musica een reden om er een concert aan te wijden. In het Nederlands is het als 'arpeggione' bekend en dat alleen maar omdat Schubert er een beroemde sonate voor schreef - die bijna uitsluitend op cello wordt gespeeld. De arpeggione ziet eruit als een gitaar, maar wordt bespeeld zoals een cello. Het brak nooit door als courant instrument, vandaar deze bijdrage: "D’après un rêve" van Jean-Michel Gillard en "Dépli et Configuration de l'Ombre" van Henri Pousseur voor arpeggione solo. Nicolas Deletaille speelt ten dans, bijgestaan door pianist Boyan Vodenitcharov (foto). Van die laatste krijg je enkele improvisaties en "Praeludium I" voor cello en piano te horen.

Boyan Vodenitcharov (1960) behaalde nog voor hij in 1979 aan het Conservatorium van Sofia ging studeren de 2de Prijs van de internationale wedstrijd van Senigallia. Vervolgens werd hij 3de laureaat van de Busoniwedstrijd (1981) en de Koningin Elisabethwedstrijd (1983). Eind de jaren tachtig vervolmaakte hij zich bij Leon Fleisher aan het Peabody Conservatory in Baltimore. Sindsdien is Boyan Vodenitcharov zowel in Europa, de Verenigde Staten als in Canada en Japan een gewaardeerd pianist. Al 20 jaar lang is hij geboeid door oude instrumenten, waarmee hij meerdere cd's opnam. Momenteel is hij leraar piano, pianoforte en improvisatie aan het Koninklijk Conservatorium van Brussel.

Henri Pousseur (1929-2009) is één van de sleutelfiguren in de Belgische en internationale elektronische muziekscène. In 1958 richtte hij de eerste elektronische studio in het land op. In zijn studententijd was Henri Pousseur organist en koorleider en voerde hij middeleeuwse en renaissancemuziek uit. Studie van Anton Weberns muziek wekte zijn belangstelling voor de elektronische muziek (Seismogrammes, 1953), waarin hij zich in de studio voor elektronische muziek in Keulen ging bekwamen. Ook werkte hij in de studio voor elektronische muziek in Milaan. In 1958 richtte hij in Brussel de elektronische studio APELAC op.

Pousseur, die ook doceerde in Darmstadt, bekleedde van 1966 tot 1968 een leerstoel voor moderne muziek aan de universiteit van Buffalo in de Verenigde Staten. In 1970 richtte hij te Luik met Pierre Bartholomée en Philippe Boesmans het Centre Henri Pousseur - voormalig Centre de Recherches et de Formation Musicales de Wallonie - op en in 1975 werd hij directeur van het conservatorium van deze stad. Hij componeerde aanvankelijk voor traditionele instrumenten, maar later legde hij zich toe op elektronische en concrete muziek. Daarnaast schreef hij ook een reeks belangrijke theoretische geschriften over de hedendaagse muziektechnieken.

Programa :

  • Jean-Michel Gillard, D'après un rêve (2010), voor arpeggione solo
  • Boyan Vodenitcharov, improvisations
  • Boyan Vodenitcharov, Preludium 1 (1991), voor cello en piano
  • Henri Pousseur, Dépli et Configuration de l'Ombre (2007), voor arpeggione solo

Tijd en plaats van het gebeuren :

Nicolas Deletaille & Boyan Vodenitcharov
Zondag 27 maart 2011 om 20.15 u
Flagey
- Studio 1
H.-Kruisplein
1050 Elsene (Brussel)

Meer info : www.arsmusica.be, www.flagey.be en www.nicolasdeletaille.com

Extra :
Boyan Vodenitcharov op youtube
Jean-Michel Gillard op www.cebedem.be
Henri Pousseur : www.henripousseur.net, www.arsmusica.be en youtube

Beluister alvast Boyan Vodenitcharovs Preludium 1, uitgevoerd door Nicolas Deletaille & Boyan Vodenitcharov



en een fragment uit Henri Pousseurs "Dépli et Configuration de l'Ombre" door Nicolas Deletaille

00:36 Gepost in Concert, Festival, Muziek | Permalink |  Facebook

25/03/2011

Gábor Csalog verkent de grenzen van de piano met werk van Kurtág, Ligeti en Liszt

Gábor Csalog De Hongaarse pianist Gábor Csalog heeft dit hedendaagse programma op briljante wijze samengesteld. Hij verkent de grenzen van de piano door drie componisten aan het woord te laten die de fysieke en sonore limieten van het instrument hebben beproefd: Liszt, Ligeti en Kurtág. Gabor Csalog is een van György Kurtágs meest geliefde leerlingen. Wie Kurtág al heeft zien lesgeven over zijn eigen stukken, beseft dat dit meer is dan zomaar een biografisch feit. Kurtágs strengheid is evenredig met de zin voor detail en verbeelding die hij in zijn composities aan de dag legt. Csalog brengt een selectie uit Játékok (spelen), een reeks kinderlijke, maar alles behalve kinderachtige miniaturen. Daartegenover plaatst hij enkele Etudes van Ligeti - Kurtágs landgenoot, collega-perfectionist en medespeelvogel - en hoogromantisch, introspectief werk van Franz Liszt, op papier ook een Hongaar, maar dan een met evenveel Franse als Duitse manieren.

Op vraag van pianolerares Marianne Teöke om een bijdrage te schrijven voor een pianoalbum voor kinderen, begon Gyorgy Kurtág in 1973 aan enkele stukjes die hij verzamelde onder de titel Elo-Játékok (Voor-Spelen; 1973 -74). Dit project gaf meteen gestalte aan de bevrijdende creativiteit die aan de basis ligt van Játékok (Spelen; 1973-), dat gedurende een drietal decennia tot een enorm geheel van uiterst gevarieerde twee- tot zeshandige pianominiatuurtjes is uitgegroeid. Zowel artistiek als pedagogisch, geleerd als naïef, strikt als vrij, vindt de cyclus niettemin een sterke samenhang binnen zijn diversiteit. Játékok interageert met de buitenwereld, reflecteert, commentarieert en experimenteert. Heel wat van die stukjes verwijzen dan ook rechtstreeks naar de muzikale overlevering of naar Kurtágs persoonlijke leven. Nieuwe ideeën worden uitgewerkt en staan mogelijk model voor ander werk. Daartegenover bieden bestaande technieken, stijlen en concrete composities van anderen en hemzelf een onuitputtelijke bron aan inspiratie.

György Ligeti bereikt in zijn etudes een synthese van vernieuwde pianotechniek, volksmuziek uit Oost-Europa, Afrikaanse polyritmiek en muzikale ideeën uit het verre Oosten. Ook de invloed van Conlon Nancarrow's Etudes voor player piano is duidelijk merkbaar. Ligeti zal echter nooit invloeden illustreren, maar ze verteren, verwerken en omzetten in een eigen muziektaal. De langste van Ligeti's Etudes duurt amper iets meer dan vijf minuten, maar deze composities zijn wel, stuk voor stuk, een statement.

György Ligeti over Galamb borong (1988) : " Galamb borong, de titel van de zevende studie, evoceert een soort imaginaire gamelanmuziek, die afkomstig is van een vreemd eiland dat men op geen enkele kaart kan terugvinden. De muziek is gecomponeerd in een 'indirect equidistantieel' tonaal systeem. Het getempereerde systeem van de piano laat een equidistantiatie toe van 12 of 6 tonen, maar niet van 5 (zoals in het Javaanse 'slendro'), aangezien dit een systeem is waarvan de afstanden onvindbaar zouden zijn in het getempereerde systeem. Ik heb me dus een klankwereld ingebeeld in het slendro-genre, die noch chromatisch is, noch diatonisch, noch een gamma van tonen heeft: hij bestaat, verborgen, in het gebruikelijke getempereerde klavier van de piano maar kon niet gehoord worden voordat Galamb borong werd geschreven. " (*)

Automne à Varsovie (Herfst in Warschau), de zesde studie, was in de schetsfase opgevat als een groot lamento (nagy lamento). Het voortdurend vernieuwde schema omvat een dalende suite met intervallen van halftonen en hele tonen, maar bevat ook stijgende intervallen die vaak vergezeld worden van een sforzato. Het thema werd polyfoon benaderd, heel fantasievol, met alle denkbare vormen (oorspronkelijk thema, contrathema, vermeerderingen, verminderingen, enzovoort). Het wezenlijke is dat de vermeerderingen en verminderingen elkaar niet opvolgen in de waarden van de gehalveerde of verdubbelde noten, maar in verhoudingen als 11 :7, 7 :5 en 5 :3.
Deze zesde studie werd bedacht op 11 juni 1985 en opgedragen aan Ligeti's Poolse vrienden. In die zin draagt ze een politieke lading. Ze verwijst naar het woelige klimaat in Polen begin jaren tachtig. Het lamento en de 'val van de Tataren', die het muziekstuk afsluiten, herinneren aan dat donkere moment in de Poolse geschiedenis, toen Jaruzelski de liberale regeringen verstikte, de vrije vakbond Solidarnosc verbood en de noodtoestand afkondigde.

Programma :

  • György Kurtag, Jatekok, fragmenten
  • György Ligeti, Automne à Varsovie (Etudes pour piano, Livre I), Galamb borong (Etudes pour piano, Livre II), Coloana infinita (Etudes pour le piano, Livre II)
  • Franz Liszt Chasse neige (Etudes d'exécution transcendante), Les morts (Harmonies poétiques et religieuses, S. 173), St. François d'Assise: la prédication aux oiseaux (Deux légendes, S 175/1), Sursum corda (Années de pélerinage, troisième année, S. 163)

Tijd en plaats van het gebeuren :

Gabor Csalog : Kurtág, Ligeti, Liszt
Zondag 24 maart 2011 om 11.00 u
Bozar
- Henry Le Boeufzaal
Ravensteinstraat 23
1000 Brussel

Meer info : www.arsmusica.be en www.bozar.be

Extra :
Pianist Jan Michiels is doctor in de kunsten, www.deredactie.be, 19/03/2011
György Kurtág op www.arsmusica.be, www.boosey.com en youtube
The Mind is a Free Creature. The music of György Kurtág , Rachel Beckles Willson op www.ce-review.org, 24/03/2000
György Ligeti : www.schott-musik.de, www.arsmusica.be (*) en youtube
Györgi Ligeti (1923 - 2006): emotioneel scepticus, Jan de Kruijff op www.musicalifeiten.nl, juni 2006

Elders op Oorgetuige :
Pianist Jan Michiels brengt goed doortimmerd programma in het Conservatorium Brussel, 23/03/2011
Ars Musica werpt blik op de toekomst en focust op Belgische componisten, 24/02/2011

Beluister alvast György Ligeti's 'Automne à Varsovie', uitgevoerd door Boris Feiner



Ligeti's Etude No. 7 "Galamb Borong"



en enkele stukjes uit György Kurtags Jatékok

15:08 Gepost in Concert, Festival, Muziek | Permalink |  Facebook

Muziek & Poëzie : 10 wereldcreaties in Flagey

Het Collectief Als het de taak is van een hedendaags festival om premières te brengen, dan trekt Ars Musica dat idee op zaterdagavond tot in het extreme door. Je krijgt in het kader van de reeks Muziek & Poëzie van Bozar niet minder dan tien nieuwe werken te horen. Aan zoveel Belgische componisten werd gevraagd om een gedicht in een vreemde taal te toonzetten, voor maximaal een instrumentaal kwintet (Het Collectief) en twee stemmen (sopraan Donatienne Michel-Dansac en bariton Holger Falk). Tekenden voor de noten: Annelies van Parys, Baudouin de Jaer, Renaud de Putter, Jean-Pierre Deleuze, Jacques Leduc, Michel Fourgon, Fabrizio Cassol, Jean-Marie Simonis, Luc Brewaeys en Jean-Luc Fafchamps. De mise-en-scène is van Ingrid von Wantoch Rekowski.

Tijd en plaats van het gebeuren :

Het Collectief, Donatienne Michel-Dansac & Holger Falk : It will take about 7 minutes
Zaterdag 26 maart 2011 om 20.15 u
Flagey
- Studio 4
H.-Kruisplein
1050 Elsene (Brussel)

Meer info : www.arsmusica.be, www.flagey.be en www.hetcollectief.be

Extra :
Annelies Van Parys : www.anneliesvanparys.be , anneliesvanparys.spaces.live.com, www.matrix-new-music.be en youtube
Baudouin de Jaer op www.compositeurs.be en youtube
Renaud De Putter op www.compositeurs.be
Jean-Pierre Deleuze : www.compositeurs.be en www.cebedem.be
Jacques Leduc op www.newconsonantmusic.com en youtube
Michel Fourgon op www.compositeurs.be, www.crlg.be en youtube
Fabrizio Cassol : www.fabriziocassol.com, www.compositeurs.be en youtube
Jean-Marie Simonis : www.cebedem.be, www.newconsonantmusic.com en youtube
Luc Brewaeys : www.lucbrewaeys.com, www.matrix-new-music.be en www.youtube.com
Jean-Luc Fafchamps op www.compositeurs.be, www.arsmusica.be en youtube

Elders op Oorgetuige :
Ars Musica werpt blik op de toekomst en focust op Belgische componisten, 24/02/2011

10:09 Gepost in Concert, Festival, Muziek | Permalink |  Facebook

24/03/2011

Gratis concert van Bl!ndman Vox met werk van Heiner Goebbels en David Lang in Flagey

BL!NDMAN (4x4) Vox BL!NDMAN (4x4) Vox (foto) is een jong vocaal kwartet dat op regelmatige basis samenwerkt met de andere kwartetten van het BL!NDMAN-collectief. Het vocaal kwartet wil nieuwe programma's ontwikkelen waarin oude en nieuwe muziek wordt samengesmolten tot een nieuw artistiek concept. De zangers willen daarbij een eigen klank ontwikkelen. Zij streven ernaar om de menselijke stem, de beweging, de belichting, de versterking, het gebruik van de ruimte op een bloeiende en creatieve manier te laten kristaliseren in een sfeervolle en vernieuwende productie. In het kader van Ars Musica brengen zij zaterdag een gratis concert met werk van Heiner Goebbels en David Lang in de inkomhal van het Flageygebouw in Elsene.

Heiner Goebbels (1952) groeide op in een Duits provinciestadje in een gezin waarin vooral klassieke muziek werd gemaakt. De kleine Heiner moest het pianotrio completeren met zijn oudere broers die al viool en cello speelden. Later waren het de popmuziek en de jazz die hem nieuwe muzikale horizonten boden. Als componist ingehuurd om muziek te maken bij producties in het Frankfurter Theater am Turm stond hij er met zijn neus bovenop toen theatermakers als Claus Peymann, Rainer Werner Fassbinder en Heiner Müller de bezem haalden door de sterk verouderde toneelwereld in Duitsland. Na eerst hoorspelen te hebben gemaakt voor de radio (onder meer bekroond door het Duitse Verbond van Oorlogsblinden) begon hij aarzelend te componeren voor bevriende musici van het Ensemble Modern. Dat hij deze gelouterde musici al vroeg in het scheppingsproces betrok, resulteerde in een reeks van werken die hem snel op de kaart zette als een van de origineelste componisten van zijn generatie. Goebbels bezit de kwaliteit om uit heterogeen materiaal het beste samen te voegen tot iets dat een geheel eigen signatuur draagt. Of het nou uiteenlopende muzikale stijlen betreft of literaire bronnen, theater of beeldende kunst.

De New-Yorkse postminimalist David Lang (1957) is geen onbekende in de wereld van de hedendaagse muziek. Tegelijk houdt hij zich ver van elitaire hoogdravendheid. Zo werkte hij mee aan de invloedrijke soundtrack van de cultfilm 'Requiem for a Dream'. David Lang studeerde aan de Standford University en de University of Iowa en doctoreerde aan de Yale School of Music. Zijn zin voor muzikaal avontuur, die toch diep in de klassieke traditie verankerd zit, drijft hem tot een constante zoektocht naar nieuwe muziekvormen. Veel van zijn werken trachten het begrip virtuositeit te verbreden. Wereldwijd worden Langs composities uitgevoerd, door vertolkers als de New Yorker Philharmonic, het Kronos Quartet, Cleveland Orchestra en de San Francisco Philharmonic.

Programma :

  • Heiner Goebbels, Worstward HO (2008)
  • David Lang, The little match girl Passion (2007)

Tijd en plaats van het gebeuren :

Bl!ndman Vox : Heiner Goebbels, David Lang
Zaterdag 26 maart 2011 om 18.30 u
Flagey
- Inkomhal
H.-Kruisplein
1050 Elsene (Brussel)
Gratis toegang

Meer info : www.arsmusica.be, www.flagey.be en www.blindman.be

Extra :
Heiner Goebbels : www.heinergoebbels.com en youtube
Transcript of the John Tusa Interview with Heiner Goebbels op BBC Radio 3, www.bbc.co.uk
David Lang : www.bangonacan.org, www.schirmer.com en en.wikipedia.org

Elders op Oorgetuige :
Ars Musica werpt blik op de toekomst en focust op Belgische componisten, 24/02/2011
I went to the house but did not enter : geënsceneerd concert in drie tableaus, 26/01/2010
Real Quiet & Ensemble Musiques Nouvelles spelen Bang on a Can, 17/02/2009
Stifters Dinge : muzikale theatermachine van Heiner Goebbels, 6/05/2008

13:55 Gepost in Concert, Festival, Muziek | Permalink |  Facebook

23/03/2011

Tweemaal Giya Kancheli in Brussel

Giya Kancheli "Mahler met een roze bril", zo omschreef een zeer gerespecteerde musicoloog het werk van Georgiër Giya Kancheli (foto). Goed gevonden, al zegt het onbedoeld meer over Mahler dan over Kancheli. Die kan immers niet van een al te goedlachse artistieke inborst verdacht worden. Al helemaal niet in een werk dat zijn tekst onder meer bij Paul Celan en Psalm 23 betrekt en als titel "ballingschap" draagt. Exil verwijst niet alleen naar Kancheli's vertrek uit zijn veelgeplaagde vaderland. Algemeen is het streven van deze vrome, orthodoxe christen, de vreemde stilte die in lege kerken hangt te verklanken in zijn muziek. Het is precies in 'Exil', dat hij hierin verbazend goed slaagt.

De Georgische componist Giya Kancheli (1935) is één van de leidende figuren binnen de wereld van de hedendaagse muziek. Kancheli's werken zijn ingebed in de verbondenheid met de natuur en worden gevormd door een kleurrijke beeldspraak en sterke contrasten en climaxen. Kancheli haalt zijn inspiratie uit de Georgische folklore en vult dit aan met zijn persoonlijke, verfijnde gevoeligheid. Hoewel Kancheli tal van invloeden uit de twintigste-eeuwse kunstmuziek absorbeerde, profileerde hij zich nooit als een typisch avant-gardist: het tonale systeem is attijd prominent aanwezig in zijn oeuvre en hij ambieert nooit vernieuwing omwille van de vernieuwing zelf. Zijn stijl wordt gekenmerkt door een ingetoomde, ietwat fragmentarische lyriek. In korte melodische groepjes laat Kancheli een meditatief koloriet contrasteren met een meer fysieke en zelfs agressieve toonspraak.
Kancheli studeerde compositie aan het conservatorium van Tbilisi, waar hij van 1971 tot 1978 ook zelf lesgaf. Hij werkte als muziekdirecteur voor het Rustaveli Theater in de Georgische hoofdstad en werd in 1995 door deFilharmonie, toen nog het Koninklijk Filharmonisch Orkest van Vlaanderen, uitgenodigd als componist in residentie. Sindsdien woont en werkt hij in Belgie.

Tijd en plaats van het gebeuren :

Ensemble Musiques Nouvelles : Giya Kancheli, Exil
Vrijdag 25 maart 2011 om 12.30 u
Ministerie van Cultuur van de Vlaamse Gemeenschap Brussel

Arenbergstraat 9
1000 Brussel
---------------------------
Vrijdag 25 maart 2011 om 20.00 u
Miniemenkerk Brussel
Miniemenstraat 57
1000 Brussel

Meer info : www.arsmusica.be en www.musiquesnouvelles.com

Extra :
Giya Kancheli op www.schirmer.com, nl.wikipedia.org en youtube

Elders op Oorgetuige :
Ars Musica werpt blik op de toekomst en focust op Belgische componisten, 24/02/2011
Contemplatief kamerconcert als eerbetoon aan de Poolse componist Henryk Gorecki, 22/01/2011
Tallinn Philharmonic Orchestra brengt Kancheli en Beethoven in Flagey, 5/09/2009

17:00 Gepost in Concert, Festival, Muziek | Permalink |  Facebook

Pianist Jan Michiels brengt goed doortimmerd programma in het Conservatorium Brussel

Jan Michiels Im Freien (In open lucht) heet dit bijzonder goed doortimmerde programma van pianist Jan Michiels. Het is de titel van een vijfdelige cyclus van Béla Bartók, die Michiels hier als raamwerk gebruikt voor een reeks vrije associaties en commentaren. Contrapunt komt vooral van Bartóks landgenoten Kurtág (een resem kernachtige muzikale hommages aan bewonderde collega's en vrienden) en Ligeti (twee Etudes), maar ook uit België: 'Treasure of Emotions', een eerbetoon van Kris Defoort aan jazzpianist Keith Jarrett dat deel uitmaakt van de voor Michiels geschreven cyclus Dedicatio, en 'Les ombres errantes', dat Benoît Mernier in 2004 schreef als plichtwerk van de Internationale Pianowedstrijd André Dumortier.

Klassieke pianist Jan Michiels en jazzpianist Kris Defoort (1959) zijn al jarenlang collega-docenten aan het Brusselse conservatorium. De een geeft er klassieke piano en kamermuziek, de ander doceert er aan de jazzafdeling. Op vraag van Michiels en productiehuis Lod begon Defoort aan de compositie van 'Dedicatio'. Het werd een reeks van tien pianowerken. Twee jaar heeft het geduurd voor 'Dedicatio' voltooid was. Telkens er een stuk af was, stak de componist het in het postvakje van zijn collega, die hem dan belde om te zeggen wat hij er van vond. Uit dit lange proces van 'trial and error' is de hele pianocyclus gegroeid. Elk van de delen zijn dedicaties aan vrienden of familieleden, behalve één: de hommage aan jazzpianist Keith Jarrett, niet toevallig nog een muzikant die zonder aarzelen de oversteek doet van jazz naar klassiek en terug. Deze compositie is het plichtwerk geworden voor de halve finale van de Koningin Elisabethwedstrijd 2007 voor piano.

Sinds meer dan twintig jaar verdiept Jan Michiels zich in de études van György Ligeti. Hij speelt ze regelmatig op concerten en maakte van de boeken 1 en 2 een cd-opname. Ligeti bereikt in zijn etudes een synthese van vernieuwde pianotechniek, volksmuziek uit Oost-Europa, Afrikaanse polyritmiek en muzikale ideeën uit het verre Oosten. Ook de invloed van Conlon Nancarrow's Etudes voor player piano is duidelijk merkbaar. Ligeti zal echter nooit invloeden illustreren, maar ze verteren, verwerken en omzetten in een eigen muziektaal. De langste van Ligeti's Etudes duurt amper iets meer dan vijf minuten, maar deze composities zijn wel, stuk voor stuk, een statement.

In deze studies kunnen tal van invloeden aangewezen worden. De studiecycli van Chopin en Debussy, die essentieel zijn voor de evolutie van de piano en de pianoliteratuur, zijn onmiskenbaar aanwezig, net als de klaviertechnieken van Scarlatti en Schumann. Daarnaast is er in deze studies ook een grote rol weggelegd voor de Afrikaanse cultuur bezuiden de Sahara met haar vaak complexe ritmiek. De polyritmiek en de wisselende pulsaties zijn essentieel voor de sonoriteit en het karakter van deze muziek. Ook belangrijk zijn de geometrische schema's en vooral de herhaling van 'fractals', de ritmische en metrische vernieuwingen van de Amerikaanse componist Conlon Nancarrow (1912-1997) en het spel van grote namen uit de jazz zoals Thelonious Monk en Bill Evans. Toch maakt de muziek geen eclectische indruk. Of zoals de Ligeti zelf zei: "De muziek is avant-gardistisch noch traditioneel, tonaal noch atonaal. (…) Het gaat om studies in pianistieke en compositorische zin. Ze vertrekken van een heel eenvoudig uitgangspunt en leiden van de eenvoud naar een grote complexiteit: ze gedragen zich als groeiende organismen".

Benoît Mernier (1964) studeerde orgel bij Firmin Decerf en ging nadien naar het Koninklijk Muziekconservatorium van Luik waar hij talrijke eerste prijzen behaalde alsook het hoger diploma orgel in de klas van Jean Ferrard. Van laatstgenoemde werd hij gedurende verschillende jaren assistent aan de conservatoria van Luik en Brussel. Hij volgde lessen bij Jean Boyer aan het conservatorium van Rijsel. In Luik kwam hij in contact met de hedendaagse muziek, met belangrijke figuren zoals Claude Ledoux, Henri Pousseur, Bernard Foccroulle, Célestin Deliège en Philippe Boesmans, bij wie hij later in de leer ging voor compositie. In 1995 volgde hij een stage aan het Ircam onder leiding van Emmanuel Nuñes en Luca Francesconi. Als vertolker en pedagoog treedt Benoît Mernier zowel in binnen- als buitenland op. Zijn muziek kenmerkt zich door haar beweeglijkheid, elegantie en lichtheid, zonder oppervlakkigheid. Bij het componeren speelt zijn ervaring als praktiserend musicus een grote rol.

Programma :

  • Béla Bartók, Mit Trommeln und Pfeifen (1926)
  • Kris Defoort, Treasure of emotions (2007)
  • Béla Bartók, Barcarolla (1926)
  • György Kurtág, Aus der Ferne (I) (1991) / Un brin de bruyère à Witold (in memoriam Witold Lutoslawski) / Humble regard sur Olivier Messiaen / In memoriam C. Denisov / Ligatura für Ligeti
  • György Ligeti, Der Zauberlehrling (1994)
  • György Kurtág, Hommage à Stockhausen (1993) / Kondor-Stein (Im Manier des späten Liszt / Les Adieux (In Janácek's Manier)/ Aus der Ferne (IV)
  • Béla Bartók, Klänge der Nacht (1926)
  • Benoît Mernier, Les ombres errantes (2004)
  • Béla Bartók, Musettes (1926)
  • György Ligeti, Touches bloquées
  • György Kurtág, Hommage à Stockhausen (1993) / Kondor-Stein (im Manier des späten Liszt) / Les Adieux (in Janáceks manier) / Aus der Ferne (IV)
  • Béla Bartók, Hetzjagd (1926)

Tijd en plaats van het gebeuren :

Jan Michiels : Im Freien
Vrijdag 25 maart 2011 om 12.30 u
Koninklijk Conservatorium Brussel
Regentschapsstraat 30
1000 Brussel

Meer info : www.arsmusica.be en www.kcb.be

Extra :
Pianist Jan Michiels is doctor in de kunsten, www.deredactie.be, 19/03/2011
Kris Defoort : www.matrix-new-music.be, www.lod.be en youtube
György Kurtág op www.arsmusica.be, www.boosey.com en youtube
The Mind is a Free Creature. The music of György Kurtág , Rachel Beckles Willson op www.ce-review.org, 24/03/2000
György Ligeti : www.schott-musik.de, www.arsmusica.be en youtube
Györgi Ligeti (1923 - 2006): emotioneel scepticus, Jan de Kruijff op www.musicalifeiten.nl, juni 2006
Benoît Mernier op www.compositeurs.be, www.lamediatheque.be, www.arsmusica.be en youtube

Elders op Oorgetuige :
Doctoraatspresentatie Jan Michiels in het Conservatorium Brussel, 13/03/2011
Ars Musica werpt blik op de toekomst en focust op Belgische componisten, 24/02/2011
Ligeti, gespeeld en besproken door Jan Michiels in deSingel, 2/05/2009
Dedicatio : dubbelconcert Jan Michiels en Kris Defoort, 18/12/2006
Interview : Kris Defoort over 'Dedicatio', 18/02/2006

Beluister alvast Ligeti's Etude No. 10, "Der Zauberlehrling", gespeeld door Ching-Yun Hu

12:08 Gepost in Concert, Festival, Muziek | Permalink |  Facebook

NOB met 20ste-eeuwse klassiekers en een creatie van Jean-Marie Rens in het Brusselse stadhuis

Jean-Marie Rens Onder leiding van de jonge Brits-Italiaanse dirigent Damian Iorio brengt het Nationaal Orkest van België vrijdag in het Brusselse stadhuis een programma met 20ste-eeuwse klassiekers als La création du monde van Darius Milhaud of de suite uit Pulicinella van Stravinksy. Jean-Marie Rens componeerde voor deze gelegenheid ook een nieuw werk voor accordeon en orkest waarin Christophe Delporte de solopartij zal vertolken. De drie werken op het programma gebruiken allemaal elementen uit de muziektraditie en decontextualiseren deze traditie tegelijkertijd. Dat geeft de luisteraar een unieke kans om te vervreemden van zijn normaal standpunt en een ruimere blik te werpen op alle kleine nuanceringen.

Jean-Marie Rens (1955) studeerde aan het Koninklijk Conservatorium van Brussel, waar hij een eerste prijs voor harmonie behaalde in de klas van Jean-Claude Baertsoen en een eerste prijs voor contrapunt en een eerste prijs voor fuga in de klas van Marcel Quinet. Bij Quinet studeerde hij ook nog compositie en orkestratie. Hij bekwaamde zich vervolgens verder via stages "Acanthes" in Avignon bij Olivier Messiaen, Pierre Boulez en Toro Takemitsu.

Verschillende van zijn werken werden gecreëerd door groepen zoals Musique Nouvelle, het orkest van de RTBF, het Philharmonisch Orkest van Luik, het Nationaal Orkest van België, Voices of Europe, het Wereldkoor van jongeren, en werden bekroond in compositiewedstrijden.

Momenteel is Jean-Marie Rens directeur van de Muziekacademie van Sint-Gilles en docent muziekanalyse aan het Conservatorium van Luik. Hij gaf eveneens les in analyse en muziekschriftuur aan de Universiteit van Lille.

Behalve deze activiteiten van leraar en componist, geeft hij talrijke voordrachten, concertanalyses en seminaries voor de Belgische Vereniging voor Muziekanalyse waarvan hij ondervoorzitter is, aan de Université Libre de Bruxelles, aan de Universiteit van Lille, voor de voortgezette opleidingen die door de Franse Gemeenschap worden georganiseerd, aan verschillende muziekacademies van het land.

De wereldcreatie Concerto voor accordeon en orkest (2010) van Jean-Marie Rens treedt in dialoog met de neoclassicistische traditie. Het gebruik van accordeon als solo-instrument is niet denkbaar in de eigenlijke klassieke periode. In Rens' muziek zijn invloeden van jazz en rock'n roll hoorbaar. Eveneens heeft Rens een passie voor 'prutsen' met het repertoire en spelen met muzikale codes. Een minimum aan complexiteit is een noodzaak voor zijn muziek, aangezien hij overtuigd is dat muziek ontwikkeld moet zijn en dus een vorm van intellectualisme vergt. In dit opzicht omschrijft hij zichzelf als een echte 'Boulézien'.

Programma :

  • Darius Milhaud, La création du monde (1923)
  • Jean-Marie Rens, Concerto voor accordeon en orkest (wereldpremière)
  • Igor Stravinsky, Pulcinella (1922)

Tijd en plaats van het gebeuren :

NOB & Christophe Delporte: Milhaud, Rens, Stravinsky
Vrijdag 25 maart 2011 om 18.30 u
Stadhuis Brussel

Grote Markt
1000 Brussel

Meer info : www.arsmusica.be en www.nob-onb.be

Extra :
Jean-Marie Rens op www.compositeurs.be en www.cebedem.be
Jean-Marie Rens : Stimulante complexité. Entretien avec Isabelle Françaix op www.musiquesnouvelles.com

Elders op Oorgetuige :
Ars Musica werpt blik op de toekomst en focust op Belgische componisten, 24/02/2011

07:00 Gepost in Concert, Festival, Muziek | Permalink |  Facebook

22/03/2011

Bernhard Haas vermengt muziek uit heden en verleden in een origineel programma

Bernhard Haas Componisten van vandaag tonen opnieuw grote belangstelling voor het orgel. Daarvan getuigt dit recital van Bernhard Haas (foto), een specialist van het hedendaagse repertoire. Quasi una toccata spiegelt muziek uit heden en verleden in een origineel programma. Organist Bernhard Haas heeft zijn programma 'Quasi una Toccata' genoemd, naar het werk van Gilbert Amy dat er niet alleen in figureert, maar er dus ook een soort samenvatting van is. Het quasi is alvast niet van toepassing op de stukken van Frescobaldi die Haas kiest; dat zijn immers regelrechte toccata's. De twee fantasieën van Jan Pieterszoon Sweelinck en Johann Sebastian Bach zouden ook als toccata door het leven kunnen gaan. De drie koralen van Scheidt uit het Görlitzer Tabulaturbuch zijn al minder improvisatorisch van karakter. Maar de ultieme strengheid komt verrassend genoeg van de 'jonkies' van dit programma: Henri Pousseur (Deuxième vue sur les jardins interdits) en Iannis Xenakis (Gmeeoorh).

Iannis Xenakis (1922-2001), een naar Frankrijk uitgeweken Griekse ingenieur-architect, was één van de jonge componisten die Messiaens beroemde analyseklas aan het Parijse conservatorium bezochten. Opmerkelijk genoeg gaf Messiaen hem de raad geen traditionele muziekopleiding te volgen, maar zijn eigen weg te gaan, iets waarvoor Xenakis hem dankbaar zou blijven. Xenakis zou zijn compositietechnieken inderdaad baseren op theorieën, formules en methodes uit uiteenlopende wetenschappen en de architectuur. Aan het begin van de jaren '70 veralgemeende hij bijvoorbeeld een grafische compositietechniek die hij reeds had toegepast in delen van zijn orkestwerken Metastaseis (1953-'54) en Pitoprakta (1955-'56), met hun karakteristieke glissandi en klankwolken. Op millimeterpapier tekende hij eerst 'arborescenties' of boomstructuren uit, die hij vanuit deze tweedimensionele weergave vervolgens omzette in een traditionele muzieknotatie. Geïnspireerd door organische vormen en groeiprocessen boden deze arborescenties Xenakis de mogelijkheid het continuïteitsideaal dat ook in zijn architecturale projecten een belangrijke rol speelt muzikaal gestalte te geven.

Ook in Xenakis' monumentale orgelwerk Gmeeoorh (1974) komen dergelijke boomstructuren voor. Het werk bestaat uit acht delen, elk met een verschillend karakter. In het eerste deel zoekt Xenakis de hoogste registers van het orgel op, en tast zo de rand van het hoorbare af. In het tweede deel worden met behulp van vier planken geleidelijk alle toetsen van het orgel neergedrukt, wat zorgt voor een variatie van klankkleuren. In het derde deel creëren de trompetregisters van het orgel dense en krachtige samenklanken op basis van één arborescentie die geroteerd, gespiegeld en verschoven wordt. In het vierde deel wordt een grootse boomstructuur - letterlijk van de wortels tot de kruin - gevolgd door verschillende rotaties van een deeltje van de boomstructuur uit het derde deel. Opvallend in het vijfde deel zijn de statische, uitgerekte klanken. In het zesde deel krijgen we dan weer een snelle staccato-passage, waarbij korte noten in regelmatig ritme klankwolken vormen. In het voorlaatste deel keren aanvankelijk het trage tempo en de gebonden speelwijze uit het begin van het werk terug. Vervolgens vraagt Xenakis om alle registers van het orgel toe te voegen, alsook alle tremulanten, die schokken in het fortissimo-klankweb veroorzaken, terwijl ook hier de glissandolijnen worden behouden. In het korte slotdeel wordt door middel van de vier planken een allesomvattende cluster opgebouwd, die wordt gevolgd door een schokkend neerdrukken van de planken, en uiteindelijk een aangehouden cluster als slot.

Programma :

  • Jan Pieterszoon Sweelinck, Fantasia sopra ut re mi fa sol la
  • Girolamo Frescobaldi, Two Toccatas from Libro secondo di Toccate..., Toccata sesta, Toccata settima (1627)
  • Gilbert Amy, Quasi una Toccata (1983)
  • Johann Sebastian Bach, Fantasy in G minor BWV 542
  • Giacinto Scelsi, In nomine Lucis (1974)
  • Samuel Scheidt, Three Chorals from Görlitzer Tabulaturbuch (1650)
  • Henri Pousseur, Deuxième vue sur les jardins interdits (1973)
  • Iannis Xenakis, Gmeeoorh (1974)

Tijd en plaats van het gebeuren :

Bernhard Haas : Quasi una toccata
Donderdag 24 maart 2011 om 20.00 u
Sint-Michiels en Sint-Goedelekathedraal Brussel

Sint-Goedelevoorplein
1000 Brussel

Meer info : www.arsmusica.be

Extra :
Gilbert Amy : www.gilbertamy.fr, en.wikipedia.org, brahms.ircam.fr en youtube
Giacinto Scelsi op www.arsmusica.be, brahms.ircam.fr en youtube
Fondazione Isabella Scelsi : www.scelsi.it
The Messenger: Giacinto Scelsi discovered a world in one note by Alex Ross, The New Yorker , 21/11/ 2005
Modern music: Scelsi, Todd M. McComb op www.medieval.org, 27/01/2000
Henri Pousseur : www.henripousseur.net, www.arsmusica.be en youtube
Iannis Xenakis : www.iannis-xenakis.org, www.arsmusica.be, www.xenakis-ensemble.com en youtube
Iannis Xenakis (1922-2001): Mathematicus en filosoof, Jan de Kruijff op www.musicalifeiten.nl

Elders op Oorgetuige :
Ars Musica werpt blik op de toekomst en focust op Belgische componisten, 24/02/2011
Demonische en hemelse orgelklanken, 5/10/2006

Beluister alvast het eerste deel uit Iannis Xenakis' Gmeeoorh



en deel 2



en Giacinto Scelsi's In Nomine Lucis

12:00 Gepost in Concert, Festival, Muziek | Permalink |  Facebook