14/01/2014

Brussels Jazz Orchestra en I Solisti del Vento slaan de handen in elkaar voor Close Encounters

Bert Joris Na een geslaagde eerste samenwerking in 2011 in het project 'Agatha' slaan het Brussels Jazz Orchestra en I Solisti del Vento opnieuw de handen in elkaar voor 'Close Encounters'. Samen brengen ze een repertoire dat traditioneel alleen door klassieke musici wordt gespeeld. Maar BJO zou BJO niet zijn als het daar geen uitdaging in zag. Met muziek van Stravinsky, Antheil en Bernstein tasten beide ensembles elkaars mogelijkheden af. Bij momenten ontmoeten ze elkaar in een kruisbestuiving die leidt tot een nieuwe sound, een 'Close Encounter of a New Kind'.

Bernstein en Stravinsky schreven respectievelijk 'Prelude, Fugue and Riffs' en 'Ebony Concerto' in 1949 voor Woody Hermans bigband. Marc-Anthony Turnage is een veelgehoorde hedendaagse componist in deSingel. Zijn jazzy tribuut aan Stravinsky, 'No let up', is "Loud, cheeky and great fun" schreef de Chicago Tribune bij de creatie in 2004. Het mag gerust naast 'A Jazz Symphony' uit 1925 van wonderkind en avant-gardist George Antheil staan. Maar je mag op dit concert ook bestaand werk van BJO verwachten. En een gloednieuwe compositie van Bert Joris (foto) voor deze dubbele bezetting. 'Jazz & more' dus.

No Let Up (2003) van de Britse componist Marc-Anthony Turnage, is een compositie geschreven voor jazzensemble. Turnage is een veelzijdig componist en zeker geen bewoner van ivoren torens. Hij citeert evengoed Led Zeppelin als Louis Andriessen als inspiratiebron. Voor No Let Up heeft Turnage deels inspiratie gezocht bij Stravinsky, maar hij gaat nog een stuk verder in het neerzetten van wat hij zelf 'nagging repeating rhythms' noemt. 'Let up' betekent zoveel als vertraging of vermindering van vaart, inspanning of intensiteit. Het tegendeel is dus waar in dit stuk, het is hoogspanning van A to Z en voor de muzikanten wordt het alle hens aan dek. De Chicago Tribune schreef: "No Let Up is loud, cheeky and great fun." Maar bij BJO en I Solisti houden ze nu al hun hart vast, want het werk is voor hen bijna een sprong in het duister.

Minder verrassend wordt dan weer A Jazz Symphony van George Antheil, oorspronkelijk geschreven in 1925 en voor het eerst uitgevoerd in Carnegie Hall in 1927, waar het in de schaduw liep van de Amerikaanse première van Antheils Ballet Mécanique (een schandaalsucces). Orkestleider Paul Whiteman wilde het eerst opnemen in zijn programma Experiment in Modern Music, maar - o ironie - hij vond het uiteindelijk te experimenteel. Het werk zat dan ook vol dissonanten en andere jongensachtige brutaliteiten. Het was dan ook moeilijk speelbaar. Maar Antheil heeft in 1955 een aangepaste, 'bravere' en meer pragmatische versie geschreven (zo werden om economische redenen onder meer de strijkers geschrapt). BJO en I Solisti hebben uiteindelijk (om gelijkaardige pragmatische redenen) voor deze herwerkte versie gekozen.

De bezetting voor alle stukken op het programma is telkens anders, telkens is er een aangepaste selectie van muzikanten uit BJO en I Solisti. Maar in het slotwerk van de avond komen ze vol aan de bak, het complete BJO plus het voltallige I Solisti del Vento, samen goed voor een kleine dertig muzikanten op het podium. Componist Bert Joris kreeg de opdracht om te sleutelen met die uitgebreide bezetting. "Ik heb gekozen voor een benadering à la Gil Evans," zegt Joris. "Ik zie het in eerste instantie als een compositie voor het BJO waaraan ik de kleuren van I Solisti toevoeg." Joris schreef 'How Could We Forget the Twelve Disciples' als een ballade, gecomponeerd rond een centraal melodisch motief dat steeds terugkomt, telkens in een nieuwe harmonische context. "Ik probeer het motief elke keer anders te beantwoorden om uiteindelijk in een vraag te eindigen," legt Joris uit. "Na elke deur die je opent, zie je weer een hele reeks nieuwe deuren opduiken, dat is een beetje de filosofie achter het stuk." Daarna volgt een meer muziektechnische oefening, zij het met een knipoog naar oude tradities. Het is gebaseerd op twee dodecafonische reeksen, een stijgende en een dalende. "De uitvoerder en de luisteraar hoeven dat niet eens te weten of op te merken," zegt Joris. "Ik wil de techniek diep in de muziek onderdompelen. Een beetje zoals Bach, die maakte ook muziek die je op meerdere niveaus kan lezen: toegankelijk voor iedereen maar tegelijk interessant voor luisteraars die er dieper willen op ingaan."

Programma :

  • Leonard Bernstein, Prelude, Fugue and Riffs
  • Mark-Anthony Turnage, No let up
  • Igor Stravinsky, Ebony Concerto
  • George Antheil, A Jazz Symphony
  • Bert Joris, How Could We Forget the Twelve Disciples (wereldcreatie voor bigband en blazersensemble)

Praktische info :

Brussels Jazz Orchestra & I Solisti del Vento : Close Encounters
Woensdag 22 januari 2014 om 20.00 u
(inleiding door Hugo De Craen om 19.15 u)
deSingel - Antwerpen
Desguinlei 25
2018 Antwerpen

Meer info : www.desingel.be, www.brusselsjazzorchestra.com en www.isolistidelvento.be
-------------------------------------
Dinsdag 11 februari 2014 om 20.00 u
Bozar - Brussel

Ravensteinstraat 23
1000 Brussel

Meer info : www.bozar.be, www.brusselsjazzorchestra.com en www.isolistidelvento.be
-------------------------------------
Woensdag 12 februari 2014 om 20.30 u
CC Ter Dilft - Bornem

Sint-Amandsesteenweg 41-43
2880 Bornem

Meer info : www.terdilft.be, www.brusselsjazzorchestra.com en www.isolistidelvento.be

Bron : Tekst Didier Wijnants voor deSingel, januari 2014

Extra :
Mark-Anthony Turnage : www.boosey.com, www.schott-music.com en youtube
Mark-Anthony Turnage (1960 - ) : Markante jazzinvloeden, Jan de Kruijff op www.musicalifeiten.nl
Bert Joris : www.bertjoris.be, www.muziekcentrum.be en nl.wikipedia.org

16:52 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook

Ghost Road van Fabrice Murgia & Dominique Pauwels opnieuw te zien in Brugge, Gent en Leuven

Ghost Road LOD bracht Fabrice Murgia, de 27-jarige Luikse theatermaker en 'artiste associé' van het Théâtre National, samen met componist Dominique Pauwels en acteur-dramaturg Jos Verbist. De inzet van dit 'generatiepact' is de ambitieuze trilogie Ghost Road die ze tussen 2012 en 2015 zullen realiseren. Elk deel brengt een plek in kaart die verlaten is onder druk van drie grote catastrofes van onze tijd: economisch verval, politieke chaos of ecologische rampspoed. In dit deel delen actrice Viviane De Muynck en zangeres Jacqueline Van Quaille het podium.

Een oude dame is alleen op scène. Ze is een van de zeldzame bewoners van een stad die losgekoppeld is van de menselijke beschaving, een stad in het midden van de woestijn. Ze is op zoek naar redenen die haar ertoe brengen om deze eenzaamheid te overleven. Is ze achtergelaten door een gemeenschap die gedwongen was te vluchten? Of heeft ze zichzelf tot haar eenzaamheid veroordeeld ? Het is een reis langs bijna ontvolkte steden, leegstaande panden en roestige benzinestations in Californië, Arizona en Nevada die regisseur Fabrice Murgia en componist Dominique Pauwels inspireerde tot deze creatie: een initiatiereis, een queeste, een vlucht. Ze vertellen de verhalen van mannen en vrouwen die vertrokken zijn. Volgens Murgia "zal het een heel muzikale voorstelling worden, bijna een opera, maar ook van een grote eenvoud: de monoloog speelt in op de beelden die door liederen worden geïllustreerd".

De werkelijkheid sijpelt het verhaal binnen via de beelden die Fabrice Murgia maakte tijdens een road trip langs de beroemde maar in onbruik geraakte ‘Route 66’ van Chicago naar LA. De ontvolkte steden, achtergelaten huizen en verroeste tankstations inspireerden hem tot Ghost Road, een triptiek over de wildernis die overblijft na de teloorgang van een samenleving. Elk deel van deze trilogie brengt een plek in kaart die verlaten is onder druk van de drie grote catastrofes van onze tijd: economisch verval, politieke chaos of ecologische rampspoed. Ghost Road is het testament van een beschadigd tijdsgewricht, het restbeeld van een maatschappij en een individu in staat van ontbinding.

Dominique Pauwels is een uiterst veelzijdig componist. Hij krijgt opdrachten voor muziektheater en dans, voor film, reclame, publiciteit en televisie. Hij tekende voor de muziek van de meeste Woestijnvisproducties (Man bijt hond en Het Eiland, om er maar een paar te noemen). De componist staat bekend om het gebruik van technologie en software in zijn muziek, 'nieuwe' klanken die hij op kenmerkende manier combineert met klassiek klinkende composities. Dominique Pauwels is huiscomponist van LOD, het Gentse productiehuis voor muziek en muziektheater.

Praktische info :

Fabrice Murgia & Dominique Pauwels : Ghost Road
Dinsdag 21 januari 2014 om 20.00 u
Stadsschouwburg Brugge

Vlamingstraat 29
8000Brugge

Meer info : www.cultuurcentrumbrugge.be en www.lod.be
-------------------------------------
Woensdag 29 januari 2014 om 20.00 u
NTGent

Sint-Baafsplein 17
9000 Gent

Meer info : www.ntgent.be en www.lod.be
-------------------------------------
Woensdag 19 februari 2014 om 20.00 u
Schouwburg Leuven

Bondgenotenlaan 21
3000 Leuven

Meer info : www.30cc.be en www.lod.be

Extra :
Dominique Pauwels op www.matrix-new-music.be en www.lod.be

Elders op Oorgetuige :
Ghost Road : requiem voor een verwoeste beschaving, 19/09/2012

16:06 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook

Van Baerle Trio speelt Willem Jeths, Frank Martin en Mendelssohn-Bartholdy in Bozar

Van Baerle Trio What's in a name? De musici van het Van Baerle Trio leerden elkaar kennen tijdens hun conservatoriumtijd aan de Amsterdamse Van Baerlestraat... Een bredere erkenning kregen ze in 2011, toen ze een succesvolle tournee ondernamen langs Nederlandse zalen. Sindsdien rijst hun ster: een eerste prijs op het Concours de Musique de Chambre de Lyon (2011), een gastoptreden bij France Musique (2012), een residentie in Aldeburgh (2013)... Zondagochtend spelen ze werk van de Nederlander Willem Jeths, de Zwitserse componist Frank Martin en Mendelssohn-Bartholdy in Bozar.

De composities van Willem Jeths (1959) geven een eigenzinnige reactie op de muziektraditie. Hij schrijft kamermuziek, orkestmuziek (waaronder soloconcerten), liederen en een opera - aanvankelijk in een atonaal idioom, maar later flirtend met traditionele tonaliteit. Het is zijn streven de muzikale parameters van het verleden uit te buiten, ermee te experimenteren en ze te verrijken: "Juist met de traditie als vertrekpunt is het nog mogelijk om nieuwe wegen te bewandelen". Van die parameters trekt klankkleur en timbre zijn sterkste aandacht ("Kleur is het thema van al mijn werken"). Kleurwerking gaat bij Jeths ver: vaak schrijft hij speeltechnieken voor die (in de westerse traditie, en soms ook daarbuiten) ongebruikelijk zijn, of voegt hij inventieve geluidsbronnen toe: speelgoedinstrumenten, brekend glas, druppelend water. Dat lijkt subtieler dan het soms klinkt, want fijnzinnigheid en schoonheid is niet altijd Jeths' doel - extremen tonen vindt hij belangrijker. "Mijn muziek gaat over uitersten: strak zuiver versus vervorming, hard tegenover zacht." Zo laat hij een mooie viooltoon smoren in gekras en klinkt, in zijn 'Bandoneonconcert', de bandoneon niet tango-achtig maar bij vlagen "als een uitgeputte hond." Zo kleurrijk zijn muziek is, zo spaarzaam is Jeths in zijn gebruik van het muzikaal materiaal. Hij beperkt zich tot een paar motieven en toont die vanuit wisselend perspectief tot het (zoals zijn compositiedocent Tristan Keuris het noemde) 'uitgewoond' is. (*)

Programma :

  • Willem Jeths, Chiasmos
  • Frank Martin, Trio sur des mélodies populaires irlandaises
  • Felix Mendelssohn-Bartholdy, Trio nr. 1 voor viool, cello en piano, op. 49

Praktische info :

Van Baerle Trio : Willem Jeths, Frank Martin, Mendelssohn-Bartholdy
Zondag 19 januari 2014 om 11.00 u
Bozar - Brussel

Ravensteinstraat 23
1000 Brussel

Meer info : www.bozar.be en www.vanbaerletrio.com

Extra:
Willem Jeths : www.willemjeths.com, nl.wikipedia.org, www.donemus.nl (*) en youtube

15:38 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook

13/01/2014

Hallveig Agustsdottir en Marieke Berendsen op zoek naar de link tussen klank en beeld

Marieke Berendsen & Hallveig Ágústsdóttir Nog tot 26 januari kun je in Galerie William Wauters in Oosteeklo terecht voor een project van de IJslandse kunstenares Hallveig Agustsdottir. Hallveig Agustsdottir is een geboren IJslandse die tien jaar geleden naar Gent kwam om klarinet te studeren aan het Conservatorium. Maar haar leven nam een andere wending. De muziek heeft haar niet verlaten, ze maakt nu heel subtiele tekeningen als reactie op het geluid in de haar omgevende ruimte, of dat nu het krassen is van haar pen of de klank van de cello, de piano, de klarinet... Daarnaast staan er nog een live-performance op het programma. Op zaterdag 18 januari laat de Nederlandse violiste Marieke Berendsen (foto rechts) zich inspireren door de tekeningen en schilderijen van Hallveig Agustsdottir (foto links) en imroviseren ze samen in de zoektocht naar de link tussen klank en beeld.

Hallveig Guðný Kolsöe Ágústsdóttir werd in 1976 in Ijsland geboren. Reeds in haar kinderjaren ontwikkelde ze een scherpe gevoeligheid voor de combinatie van klank en beeld. In 2000 verkaste ze naar Gent om 'visuele kunsten' aan Sint-Lukas te volgen en er in 2006 af te studeren als Master in Visual Arts. Nadien volgde ze een postgraduaat in Kunst, Design & Media aan Sint-Lukas in Brussel. Haar interesse in de wisselwerking tussen klank en beeld vertaalde zich in de loop der jaren op heel uiteenlopende manieren: via tekeningen ('sound drawings') die tegelijkertijd ook een partituur zijn, via een fotoreeks getiteld 'music chords' (waarbij knikkers en hun schaduw doen denken aan een grillige partituur), via audiovisuele improvisaties met muzikanten of via zuiver elektroakoestische stukken. Op dit ogenblik bereidt ze een doktoraat in een onderzoek naar grafische notatiesystemen aan Brunel University in Londen.

Marieke Berendsen heeft steeds een nauwe band gehad met de hedendaagse viooltechniek en kwam om die reden dan ook naar Gent, waar ze aan het Conservatorium les volgde bij George van Dam en er met grote onderscheiding afstudeerde. Als uitvoerder is ze actief in eigen initiatieven zoals bijvoorbeeld Mr. Probe (met Bruno Nelissen, elektrisch gitaar), dat zich richt op hedendaagse muziek, ook in een interdisciplinaire context. Mr. Probe zoekt steeds de samenwerking op met componisten en kunstenaars van deze tijd. Daarnaast speelt ze regelmatig in projecten van ensembles als Champ d' Action, Ictus, het Spectra ensemble, Nadar en bESIdES. Ook gaat ze regelmatig de samenwerking aan met zowel jonge als reeds gevestigde componisten. Zo werkte zij o.a. samen met componisten als Willem Jeths, Richard Barret, Peter Swinnen en Simon Steen-Andersen.

Marieke Berendsen : " Samenwerken met componisten, het ontdekken van nieuwe muzikale talen, interdisciplinair denken en doen, experimenteren en bezig zijn met het nu. Al deze zaken hebben er voor gezorgd dat ik als violist een bewuste keuze heb gemaakt voor het hedendaagse repertoire en de actuele muziek. Naast het uitvoerende vak richt ik mij ook steeds meer op het "maken". Eigen ideeën vormgeven en uitwerken. De behoefte hieraan is niet enkel ontstaan vanuit een persoonlijke drang maar ook vanuit de wil om actuele muziek in een breder kader te kunnen plaatsen. In het maken zoek ik steeds de samenwerking op met kunstenaars uit verschillende richtingen zoals choreografen, beeldend kunstenaars, en acteurs. Zij maken dat ik op verschillende manieren naar muziek kan kijken en luisteren. "

Praktische info :

Marieke Berendsen & Hallveig Ágústsdóttir : kLAnk-performance
Zaterdag 18 januari 2014 om 16.00 u
Galerie William Wauters - Oosteeklo

Antwerpse Heirweg 5
9968 Oosteeklo
Gratis toegang

Meer info : www.facebook.com, www.galeriewilliamwauters.be en www.hallveiggkagustsdottir.com

De expositie van Hallveig Agustsdottir (simultaan met Johan Boutelegier) loopt nog t.e.m. zondag 26 januari 2014

17:33 Gepost in Concert, expositie, Muziek | Permalink |  Facebook

De Munt creëert Les Mamelles de Tirésias met jonge Europese talenten

Les Mamelles de Tirésias Les Mamelles de Tirésias, de eerste opera van Francis Poulenc, werd gecomponeerd tijdens de Tweede Wereldoorlog naar het gelijknamige surrealistische drama van Guillaume Apollinaire. De muzikale wereld van deze opera is onweerstaanbaar en verwijst even goed naar variététheater als naar de muziek van tijdgenoten zoals Chabrier en Satie. Vanaf de eerste maten zet de Theaterdirecteur de toon: "Publiek, wacht maar af, ik breng u een stuk dat onze zeden en gewoonten wil veranderen." Van geslacht wisselen om macht te krijgen in een mannenwereld, dat is wat Thérèse / Tirésias voorstelt om het hoofd te bieden aan de samenleving. Het muzikaal arrangement, in handen van Emily Hindrichs, is gebaseerd op schetsen uit 1958 van Benjamin Brittens bewerking voor twee piano's. Met een combinatie van dans en zang belicht regisseur Ted Huffman samen met veelbelovende, jonge zangers de bevreemdende poëzie van dit werk.

Francis Poulenc & Benjamin Britten
Francis Poulenc (1899-1963) groeide op in een familie van melomanen. Hij studeerde eerst piano bij Ricardo Viñes en sloot zich in 1919 aan bij de vermaarde Groupe des Six met geestesgenoten Georges Auric, Louis Durey, Arthur Honegger, Darius Milhaud en Germaine Taillefer. Op aanraden van Darius Milhaud vervolmaakte hij zijn muzikale schriftuur bij de componist Charles Koechlin die al snel zijn leermeester wordt. Francis Poulenc was achtenveertig toen zijn eerste opera, Les Mamelles de Tirésias, op 3 juni 1943 in première ging in de Parijse Opéra Comique. Deze opera buffa werd tijdens de Tweede Wereldoorlog gecomponeerd op het gelijknamige surrealistische drama van Guillaume Apollinaire dat tijdens de Eerste Wereldoorlog werd geschreven. Het muzikale universum van deze opera verwijst zowel naar het variététheater als naar toenmalige componisten als Emmanuel Chabrier en Erik Satie. Poulenc toont een echt talent in het componeren van buitengewone momenten van echte waanzin met een volmaakt respect voor ritme en muzikale tijd. Alle dansen en lyrische vormen worden hier subtiel gekarikaturiseerd, waarbij ze een passend antwoord bieden op de surrealistische tekst van Apollinaire, een van de lievelingsdichters van de componist.

De muzikale bewerking die in de Munt wordt gebracht, is van Emily Hindrichs en werd gebaseerd op Benjamin Brittens schetsen van de bewerking van de orkestpartituur voor twee piano's zoals die in 1958 werd voorgesteld op het Festival van Aldeburgh. Deze pianoreductie was Brittens oplossing voor de beperkte capaciteit van het podium van de Jubilee Hall. Van Brittens bewerking voor twee piano's resten slechts twee onvolledige schetsen van een zangpartituur, geannoteerd, vol doorhalingen en moeilijk te ontcijferen. Deze gereduceerde versie werd sedert 1958 nooit meer hernomen. Het opnieuw creëren van dit jeugdwerk met jonge Europese talenten in samenwerking met ENOA, het Britten-Pears Young Artist Programme van Aldeburgh Music en de Muziekkapel Koningin Elisabeth krijgt vandaag zijn volle betekenis.

Praktische info :

Francis Poulenc / Benjamin Britten : Les Mamelles de Tirésias
Donderdag 16 en vrijdag 17 januari 2014, telkens om 20.00 u
Zaterdag 18 januari 2014 om 15.00 u en om 20.00 u
Zondag 19 januari 2014 om 15.00 u
De Munt - Mailibranzaal - Brussel

Leopoldstraat 23
1000 Brussel 

Meer info : www.demunt.be

Extra :
Benjamin Britten op en.wikipedia.org, www.brittenpears.org, www.boosey.com en youtube
Benjamin Britten (1913 - 1976): Persoonlijkheid onder invloeden op www.musicalifeiten.nl
Emily Hindrichs : www.emilyhindrichs.com

16:58 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook

10/01/2014

Vooruit laveert tussen techno, noise en gemillimeterde geluidskunst met Pete Swanson, Yves De Mey en Kaumwald

Yves De Mey Na het uiteenvallen van het legendarische noiseduo Yellow Swans ontpopte Pete Swanson zich tot een baarlijke dokter Frankenstein die de verschroeiende noise van weleer mengde met gemuteerde technobeats. Resultaat: een soort van mismaakte retrofuturistische industrial rave. Yves De Mey is een vaste waarde in de Belgische muziekwereld, dit vooral onder zijn alter ego Eavesdropper. 'Metrics' is een masterclass in een atmosfeer waarin mossige ambient drones doorprikt worden met dubby technobeats en sputterende electronica. Openingsact Kaumwald is een duo uit Lyon dat duistere, op loops gebaseerde electronica vol gaten en spinnenwebben maakt. Live balanceren ze kundig tussen artschool en dancefloor.  

Yves De Mey (BE) aka Eavesdropper is een vaste waarde in de Belgische muziek. Hij presenteert o.m. de EP 'Metrics': ambient drones doorprikt met dubby techno en sputterende electronica. Gekraak, geruis, glitch, gefonkel en zelfs enkele herkenbare melodische cellen worden filterfijn gemanipuleerd tot een klankbeeld dat continu in beweging is, schrijft Kwadratuur over zijn sound (jan 2014).

Pete Swanson (US, ex Yellow Swans) zet er noise met gemuteerde technobeats tegenover. Pete Swanson (...) moet niks hebben van laptops en ook niet van het podium: zijn tafel met analoge apparatuur, onderling verbonden met een wildgroei aan kabels staat gewoon op de vloer van de kleine zaal, zodat iedereen mee kan kijken wat Swanson doet. En dat is dikke herrie maken. Gierende en scheurende noise, bijeengehouden door hypnotische sequencers en een hele dikke beat die nooit stopt. Uit recensie Gonzo (sept 2013)

Praktische info :

Pete Swanson + Yves De Mey + Kaumwald
Donderdag 16 januari 2014 om 21.00 u
Kunstencentrum Vooruit - Gent

Sint-Pietersnieuwstraat 23
9000 Gent

Meer info : vooruit.be

Extra :
Pete Swanson, Yves De Mey, Kaumwald. Elektronica in 3D, Koen Van Meel op Kwadratuur.be, 1/01/2014

18:43 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook

Traditie en vernieuwing volgens het Ensemble intercontemporain

Yves Chauris Kenners en liefhebbers weten dat Ensemble Intercontemporain uitblinkt in vertolkingen van baanbrekende, nieuwe muziekcomposities. Tijdens dit concert zal je daarvan opnieuw oorgetuige kunnen zijn. Naast een creatie van de jonge componist Yves Chauris (foto) ontdek je hoe Luigi Dallapiccola een persoonlijke stijl vond door neoclassicisme en dissonantie te verbinden. Zijn 'Piccola Musica Notturna' herinnert aan een verlaten dorpsplein en fascineert door een sublieme, in klank gevatte eenzaamheid. Daartoe aangespoord door twaalftoonstovenaar Dallapiccola geeft ook Bruno Maderna zijn eigen draai aan de erfenis van Arnold Schönberg. De Serenata nr 2 voor dertien instrumenten illustreert deze vernieuwingsdrang en experimenteerdrift. 'Lied der Waldtaube' neemt je op een nog andere manier in beslag. Arnold Schönberg herwerkte dit lied uit zijn 'Gurre-Lieder' voor kamerorkest. In een uitgesproken zangerig, expressief en quasi symmetrisch geheel voert donker sentiment de toon. Een intense ervaring die het laatromantische 'Lieder eines fahrenden Gesellen' van Gustav Mahler ook voor je bewaart. Want daar vlucht een afgewezen minnaar op chromatische melodieën doorheen de natuur om verdriet te vergeten. En dan ben je als luisteraar met mezzo Susan Graham in perfect

Het fameuze Ensemble Intercontemporain heeft een naam hoog te houden als het op het uitvoeren van de nieuwste muziek aankomt. Die muziek staat echter niet los van de traditie. 'Ik geloof sterk in de eeuwige vernieuwing van kunst. Maar het is krankzinnig om de traditie de rug toe te keren', vond Luigi Dallapiccola al. In zijn dromerige Piccola musica notturna is de invloed van zowel Schönberg als Debussy te bespeuren. Schönberg op zijn beurt borduurt in het ‘Lied van de woudduif’ uit Gurrelieder voort op Gustav Mahler. Hij bewerkte bovendien Mahlers Lieder eines fahrenden Gesellen voor ensemble. Yves Chauris componeerde voor het Ensemble intercontemporain een orkestwerk dat schittert in alle kleuren, het licht van de glazen façades van het moderne Parijs weerkaatsend. Beethoven was de jeugdheld van de jonge Fransman, maar qua verbeeldingskracht treedt Chauris in de voetstappen van Debussy.

Programma :

  • Luigi Dallapiccola, Piccola Musica Notturna
  • Bruno Maderna, Serenata nr 2
  • Arnold Schönberg, Lied der Waldtaube (uit de Gurrelieder)
  • Yves Chauris, Un minimum de monde visible (wereldcreatie)
  • Gustav Mahler, Lieder eines fahrenden Gesellen

Praktische info :

Ensemble Intercontemporain & Susan Graham : Dallapiccola, Schönberg, Chauris, Mahler
Donderdag 16 januari 2014 om 20.00 u
(inleiding door Piet De Volder om 19.15 u )
deSingel - Antwerpen
Desguinlei 25
2018 Antwerpen

Meer info : www.desingel.be en www.ensembleinter.com

Extra :
Luigi Dallapiccola op en.wikipedia.org, brahms.ircam.fr, www.compositiontoday.com en youtube
Bruno Maderna : nl.wikipedia.org, brahms.ircam.fr en youtube
Yves Chauris : www.yveschauris.com
Un minimum de monde visible, entretien avec Yves Chauris, Jéremie Szpirglas op www.ensembleinter.com, 3/01/2014

Beluister alvast Bruno Maderna's Serenata nr 2

18:21 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook

Avontuurlijke kamermuziek voor strijkers uit de drie Weense Scholen in Brugge

Solistenensemble Kaleidoskop Na hun overweldigende passage vorig seizoen komt het hippe Berlijnse Solistenensemble Kaleidoskop terug naar Brugge met onder andere Arnold Schönbergs Verklärte Nacht onder de arm. Op de première van dit strijksextet uit 1902 reageerde het publiek radeloos en ook de pers was vol onbegrip. Schönberg baseerde zijn sextet op Richard Dehmels gelijknamige gedicht. Vooral de erotische ondertoon van het gedicht vond men aanstootgevend. Schönberg, een van de pioniers van de zogenaamde Tweede Weense School, had dit met sensuele harmonieën en smachtende chromatiek zeer beeldrijk in muziek omgezet. Kaleidoskop omwikkelt dit ontroerende en toegankelijke werk van Schönberg met werk uit de Eerste en Derde Weense Scholen. Op de lessenaar ook werk van Haubenstock-Ramati, de 'peetvader van de Derde Weense School', want voormalig leraar van zowel Furrer, Ablinger als Herndler. Prachtige en avontuurlijke kamermuziek voor strijkers uit de drie Weense Scholen door een hoogst opwindend ensemble.

Beat Furrer - Wie diese Stimme voor twee celli (1985/86)
Vier secties, waarin twee celli grotendeels hetzelfde materiaal spelen. Kleine motieven komen terug maar worden gevarieerd en op verschillende manieren met elkaar gecombineerd. Langzame glissando's en een zeer zachte dynamiek geven het begin een fragiel, ijl karakter, balancerend op de grens tussen klank en stilte. Of is het ruis? Doorheen het stuk introduceert de componist bepaalde vrijheden voor de uitvoerders. Om de vierde en laatste sectie te realiseren moeten twee pagina's gecombineerd worden, één met ritmisch melodische motieven, maar zonder exacte toonhoogtes, en één met enkele combinaties van noten. In de laatste pagina van de partituur geeft Beat Furrer een mogelijke realisatie, wat betekent dat andere uitwerkingen even goed mogelijk zijn. Op het vlak van speeltechniek en muzikaal materiaal is de componist wel erg precies en veeleisend. Elke handeling wordt nauwkeurig voorgeschreven, maar de precieze synchronisatie tussen de twee cello's is voor interpretatie vatbaar.

Christoph Herndler - Abschreiben (2005)
Zestien vakjes. In elk vakje staan stijgende en dalende lijnen getekend. Deze lijnen geven geen melodie weer, maar duiden aan welke handeling de strijkers met hun strijkstok moeten uitvoeren: een op of neerwaartse beweging. Toonhoogtes of ritmes zijn niet eenduidig genoteerd, en dus is elke uitvoering anders. Er zijn geen regels, behalve de summiere instructies die bij de grafische partituur horen. Herndler is heel duidelijk over het opzet van deze compositie: "Als het de taak van de notatie was het resultaat precies vast te leggen, zouden er met allerhande opnametechnieken betere alternatieven zijn. En als het anderzijds zou gaan om de vele mogelijke realisaties, was het beter en eenvoudiger geweest die met een vorm van improvisatie te bereiken. Abschreiben is een methode; het onveranderlijke noteren, om het in het afschrift te bevrijden."

Georg Nussbaumer - Gruppenbild mit Bach und Blitz (2011)
In dit werk zijn alle muzikale (en niet muzikale) elementen dan weer uiterst nauwkeurig beschreven. De strijkers mogen gedurende de zes minuten van het stuk slechts één boogstreek gebruiken. Ze moeten de lengte van hun strijkstok als het ware onderverdelen in vier stukken, één per minuut (de eerste en laatste minuut is er stilte). Van begin tot einde weerklinken alleen de toonhoogtes si mol, la, do en si, ook wel gekend als het B A C H motief (waarbij H voor si staat en B voor si mol). Daar houdt de link met Bach ook meteen op, want er is geen enkele muzikale ontwikkeling. Om de minuut is er een duidelijke cesuur die gepaard gaat met de bewuste 'Blitz', en op die momenten veranderen de instrumenten ook van noot. In dit geval is het echter de vraag of de strikte regels überhaupt gerealiseerd kunnen worden. Eén enkele boogstreek spreiden over vier minuten vereist van de uitvoerders een immense beheersing.

Peter Ablinger - Weiss/Weisslich 17b, Violine und Rauschen (1995)
Peter Ablingers Violine und Rauschen, nummer 17b in zijn Weiss/Weisslich cyclus vereist een even grote concentratie. Hier is er slechts één toonhoogte aanwezig van begin tot eind, een onveranderlijke hoge mi. Ablinger laat wel meerdere boogstreken toe, maar deze moeten dan weer onhoorbaar in elkaar overgaan. De ene noot van de viool wordt gecombineerd met een al even onveranderlijke witte ruis. Die ruis kan gegenereerd worden met een radio, een televisie of een bandopnemer. Verder geeft Ablinger nog aan dat de viool duidelijk hoorbaar moet zijn, maar dat de ruis tegelijk niet te veel naar de achtergrond verwezen mag worden

Roman Haubenstock-Ramati - Strijktrio nr. 1 'Ricercari' (1948/78)
Roman Haubenstock-Ramati is het cement tussen al deze verschillende werken. Hoewel hij niet bij Schönberg studeerde, geldt hij toch als een van de erfgenamen van de Tweede Weense School. Vanaf de jaren 1950 neemt het belang van grafische elementen toe in zijn muziek, samen met de ruimte voor variabele vormen en muziek zonder ontwikkeling. Zijn invloed is dan ook het duidelijkst merkbaar in de stukken van Furrer en Herndler, twee van zijn leerlingen. Zijn Strijktrio nr. 1 slaat een chronologische en stilistische brug tussen de wereld van Verklärte Nacht en de verschillende recentere composities in dit programma.

Programma :

  • Ludwig van Beethoven, Strijktrio in D, opus 9 nr. 3 III. Scherzo. Allegro molto e vivace
  • Arnold Schönberg, Verklärte Nacht, opus 4
  • Georg Nussbaumer, Gruppenbild mit Bach und Blitz (2011)
  • Beat Furrer, Wie diese Stimme (1985/86)
  • Roman Haubenstock-Ramati, Strijktrio nr. 1 'Ricercari' (1948/78)
  • Christoph Herndler, Abschreiben (2005)
  • Peter Ablinger, Weiss/Weisslich 17b (1995)

Praktische info :

Solistenensemble Kaleidoskop : Beethoven, Schönberg, Nussbaumer, Furrer, Haubenstock-Ramati, Herndler, Ablinger
Donderdag 16 januari 2014 om 20.00 u
(inleiding door Klaas Coulembier om 19.15 u )
Concertgebouw - Brugge
't Zand 34
8000 Brugge

Meer info : www.concertgebouw.be en www.kaleidoskopmusik.de

Bron : tekst Klaas Coulembier voor het Concertgebouw, januari 2014

Extra :
Georg Nussbaumer : georgnussbaumer.com
Beat Furrer op en.wikipedia.org, brahms.ircam.fr, www.baerenreiter.com en youtube
Roman Haubenstock-Ramati op de.wikipedia.org en youtube
Christoph Herndler : www.herndler.net en youtube
Peter Ablinger : ablinger.mur.at, www.bbc.co.uk en youtube

16:38 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook

Orchestre Philharmonique Royal de Liège speelt Webern, Tsjajkovski en Sjostakovitsj in Bozar

Dmitri Sjostakovitsj Het OPRL heeft zo zijn lievelingen, en de Oekraïner Valeriy Sokolov is een van hen, zeker sinds hij in 2007 het Derde vioolconcerto van Saint-Saëns uitvoerde. Nu vertolkt hij het schitterende concerto van Tsjajkovski, een monument uit de vioolliteratuur. Hij maakte een opname van dit werk (Virgin) en kent het dus op zijn duimpje. Het programma wordt vervolledigd met een ander Russisch meesterwerk, de Vijftiende symfonie van Sjostakovitsj (foto), plus de Sechs Stücke van de Oostenrijker Anton Webern.

De Vijftiende - en laatste - Symfonie (1971) van Sjostakovitsj kan men lezen als een muzikale reis 'van de wieg tot het graf'. In dit afwisselend dramatische en serene werk citeert hij bovendien enkele geladen passages uit Wagners opera's. Wagner kon dan ook niet ontbreken met fragmenten uit Tristan und Isolde, waarin ware liefde de dood overstijgt.

Dmitri Sjostakovitsj componeerde zijn Symfonie nr. 15 opus 141 in A majeur gedurende 1971 tijdens een verblijf in het kuuroord Repino. Het is zijn laatste voltooide symfonie. In zijn laatste jaren werkte hij nog aan een zestiende symfonie, maar wat daarvan voltooid is bleef ongepubliceerd. De symfonie valt op door zijn vele muzikale citaten, van onder meer Giacomo Rossini, Richard Wagner, Michail Glinka maar ook van Sjostakovitsj zelf. Van Rossini citeert hij een gedeelte uit de Ouverture Wilhelm Tell. Richard Wagner komt aan bod met de treurmuziek uit Siegfried en een leidmotief uit Tristan en Isolde. Een aantal malen citeert Sjostakovitsj uit zijn eigen Vierde Symfonie.

In de inleiding van deel 8 van de Verzamelde Werken van Sjostakovitsj, dat in 1980 verscheen, schrijft de componist dat het eerste deel "de jeugd beschrijft - gewoon een speelgoedwinkel met een wolkenloze hemel erboven". In zijn Memoires zegt hij dat het werk "gebaseerd is op motieven van Tsjechov... een groot deel van de Vijftiende heeft te maken met De zwarte monnik, hoewel het een volkomen onafhankelijk werk is".

De symfonie begint met een dubbele slag op het glockenspiel, waarop de dwarsfluit antwoordt. Dit spel ontwikkelt zich tot een prelude totdat het gehele orkest wordt ingeschakeld. Net als in zijn 14de symfonie gebruikt de componist niet de volledige bezetting van het symfonieorkest. Telkens is er sprake van een solist of solistengroep. Slechts enkele maten speelt het orkest tutti.

Het largo begint met een koraal in het koper. Aansluitend daarop een solo voor de cellist in een twaalftonenreeks; dan weer terug naar het koraal. Later volgt een trage en sombere trombonesolo, die wordt gevolgd door allerlei plechtstatige motieven.

Deel 3 begin met een inleiding van de fagotten, gevolgd door een groteske dans van afwisselend andere houtblazers en de strijkers, steeds onderbroken door trompetten en gemarkeerd door het woodblock. In dit deel komt de muzikale handtekening van de componist voorbij, het zogenaamde DSCH-motief.

Na een lange passage van zachte strijkmuziek ontwikkelt de muziek zich met verschillende blazergroepen en morse-achtige paukenritmen. Het deel wordt onderbroken door een aan andere symfonieën herinnerende groeiende crisis die in een berustende strijkerspassage overgaat. Opvallend is het gebruik van allerlei klikklakkende slaginstrumenten aan het einde, als een gedroomde winkel vol levend speelgoed dat tenslotte met een opgeruimd majeurakkoord en één finale glockenspielslag tot stilstand komt.

Programma :

  • Anton Webern, Sechs Stücke, op. 6
  • Pjotr Tsjajkovski, Concerto voor viool en orkest, op. 35
  • Dmitri Sjostakovitsj, Symfonie nr. 15, op. 141

Praktische info :

OPRL & Valeriy Sokolov : Webern, Tsjaikovski, Sjostakovitsj
Donderdag 16 januari 2013 om 20.00 u
(inleiding door David Baeck om 19.30 u )
Bozar - Henry Le Boeufzaal - Brussel
Ravensteinstraat 23
1000 Brussel

Meer info : www.bozar.be en www.oprl.be

Extra :
Dmitri Sjostakovitsj op nl.wikipedia.org, www.boosey.com en youtube
Dmitri Sjostakovitsj (1906 - 1975): Traditionele modernist, Jan De Kruijff op Musicalifeiten
Review : Dmitri Shostakovich. Symphony No.15 - Hamlet op.32, Bart Cypers op Kwadratuur.be, 19/08/2009
Review Dmitri Sjostakovitsj, Symphony nr. 15 op www.klassiekezaken.nl

Beluister alvast het eerste deel uit Sjostakovitsj' 15de Symfonie

13:48 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook

M&M Gelukkige Robots : een feestelijk concert met de gebruikelijke nieuwjaarsknipogen

Emilie De Vlam 'Vers van de pers' is steeds een constante bij Logos: 2014 is nog maar net uit de startblokken geschoten en de medewerkers hebben alweer een waslijst aan nieuwe creaties voor het robotorkest klaar. Met 12 vaste thema's blikken ze vooruit op een goedgevuld produktiejaar. Naast 'Dances', 'Noces', 'Shakers' en 'Bellies' op de agenda, heeft het Logos team nog meer verrassingen in petto. Zo komen er wellicht ook enkele kersverse robottelgen en nieuwe interfaces de formatie vervolledigen. Op naar de kaap van 60 muziekrobots? Wie weet ...

Maar vooreerst is er M&M Gelukkige Robots 2014: een concert dat -zoals het thema aangeeft- een feestelijke editie wordt met de gebruikelijke nieuwjaarsknipogen en -rituelen, alsook enkele veelbelovende opwarmertjes voor wat komen gaat. Met Dominica Eyckmans, Emilie De Vlam, Moniek Darge, Sebastian Bradt, Xavier Verhelst en Kristof Lauwers, o.l.v. Godfried-Willem Raes.

Praktische info :

M&M Gelukkige Robots !
Woensdag 15 januari 2014 om 20.00 u
Logos Tetraëder - Gent

Bomastraat 26-28
9000 Gent

Meer info : www.logosfoundation.org

12:29 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook