10/11/2006

De gelukkige prins

Binnenkort komt bij het label FUGA LIBERA een nieuwe cd (FUG801) uit met de muziek van het theaterstuk 'De gelukkige prins' van Oscar Wilde, uitgevoerd door het Oxalys Ensemble. En vanavond (10 november 2006) gaat de voorstelling van Muziektheater Transparant in première in de Vlaamse Opera in Gent.

Al tekenend en vertellend brengt An De Donder het wereldberoemde sprookje van Oscar Wilde tot leven. Grote vingers zweven over het decor. Als in een droom laten ze reusachtige lichtbeelden en figuren verschijnen en verglijden. Plots licht ook het standbeeld op van de gelukkige prins. We horen de zoete tonen van een Schubert kwartet gespeeld door het Oxalys ensemble dat aan de voet van de prins zit. Ook de muziek neemt je mee in een verhaal over de liefde en armoede, het riet en de woestijn, een verre farao, de zwaluw en de prins. De prins die kijkt, de prins die weent ...

Regisseur An De Donder is al zo'n dertig jaar bezig met zowel volwassenen- als jeugdtheater. Ze schrijft speelt, vertelt en zingt, regisseert en ontwerpt soms ook licht en decor. De lijst van huizen en gezelschappen waar ze werkte is even lang als uiteenlopend: Monty, Reizend Volkstheater, Oud Huis Stekelbees, Nova Zembla, De Werf, De Onderneming, Theater Stap, Walpurgis, Het muziek Lod, Villanella, HETPALEIS en nu ook Muziektheater Transparant. Daarnaast werkte ze ook regelmatig samen aan losse projecten met Luc Mishalle en Elvis Peeters. Ondanks al dat heen-en-weer gereis loopt er toch een rode draad doorheen haar hele carrière: de liefde voor het kindertheater. De laatste twaalf jaar was ze voornamelijk te zien in eigen opgezette producties. Langzaamaan ontwikkelde ze een eigen theatertaal: een unieke mix van spel, vertelling, muziek en beeld, en dit allemaal het liefst live en interactief op de scène gebracht. Op het eerste gezicht staat deze multimediale aanpak haaks op haar grote theaterliefde: bewerkingen van sprookjes, bij voorkeur voor jonge kinderen. Maar An De Donder volgt nu eenmaal een heel eigen weg, uiterst consequent en wars van alle modes.

An De Donder over 'de Gelukkige Prins' : "Met De Gelukkige Prins heb ik een lange geschiedenis. Het verhaal is me bijgebleven uit mijn kinderjaren. Ik was er zo door gefascineerd, dat mijn moeder het telkens opnieuw moest vertellen. Een aantal jaren geleden heb ik er al een voorstelling rond gemaakt in de Werf in Brugge. Ik speelde toen zelf het standbeeld, en een cellist nam de rol van de zwaluw voor zijn rekening. Na die eerste versie kwam het idee om het verhaal met andere muziek te combineren. Dat doe ik wel vaker, en ik geniet er ontzettend van om te zoeken naar dingen die bij elkaar passen. De Gelukkige Prins en De dood en het meisje (Schubert) bleken heel erg bij elkaar te passen. Toen kwam het idee om er opnieuw een voorstelling mee te maken. Bij het Paleis had ik al eens een kleinere productie gemaakt, waarin ik met zand werkte. Dat wilde ik nu opnieuw proberen. Muziektheater Transparant zag daar wel iets in, en bracht het Oxalys ensemble erbij. Samen bespraken we welke muziek we wilden gebruiken, en zo kwamen we ook bij Sofia Gubaidulina terecht, die ik nog niet kende. Haar muziek is heel mooi en klopt met deze voorstelling."

Oxalys Ensemble - opgericht in 1993 door studenten van het Brussels conservatorium, groeide Oxalys in korte tijd uit tot een kamermuziekensemble met een sterke reputatie in het Belgische muzieklandschap. Hoewel de oorspronkelijke bezetting van Oxalys bestaat uit een strijkkwintet, fluit, klarinet en harp, aarzelt het ensemble sindsdien niet om andere instrumenten in te schakelen om een uitgebreider repertoire te kunnen spelen en ongewone projecten te realiseren. Oxalys verenigt muzikanten die met veel plezier vernieuwende muzikale avonturen aangaan en samenwerkingen met de theaterwereld afsluiten. Naast haar vele concerten werkt Oxalys ook mee aan verscheidene pedagogische en educatieve projecten.

Michel Vanderhaeghen (1965) - in deze productie verantwoordelijk voor de soundscapes - studeerde aan het HRITCS in Brussel en werkt sinds 1991 bij de VRT als videomonteur en sinds kort ook als sonorisator. Als zanger/gitarist vormde hij tot 1997 samen met pianist Guy Van Nueten de spil van de indie-rockgroep The Sands. Een beetje moegekeken op het eerder traditionele rock-geluid, begint Michel Vanderhaeghen te experimenteren met andere, meer elektronische muziekvormen. Na een eerste samenwerking met kunstenaar Hans Op de Beeck in 2001, krijgt hij de vraag muziek te schrijven voor een compilatie van diens videowerken, bestemd voor een tentoonstelling in Londen. In 2003 volgen nog twee opdrachten van Hans Op de Beeck.
De samenwerking met Muziektheater Transparant vloeit voort uit een eerste opdracht in 2004. Toen maakte hij de soundscape voor de voorstelling Sestina rond muziek van Claudio Monteverdi in een regie van Wouter Van Looy, met een decorontwerp van Hans Op de Beeck.

Tijd en plaats van het gebeuren :

De Gelukkige Prins
Vrijdag 10 november om 20.00 u
en zondag 12 november 2006 om 15.00 u (Oorsmeer)
Vlaamse Opera
Schouwburgstraat 3
9000 Gent

Tot 21 december 2006 trekt de voorstelling op tournee. De volledige speellijst vind je op www.transparant.be

Meer info : www.vlaamseopera.be , www.transparant.be , www.oxalys.be en www.fugalibera.com

In de pers : 'Alles gebeurt in mijn verbeelding' - An De Donder vertelt het verhaal van 'De gelukkige prins' , Geert Van der Speeten , De Standaard, 8 november 2006

16:38 Gepost in Concert | Permalink |  Facebook

Olek schoot een beer : de geboorte van een nieuwe Vuurvogel

Olek schoot een beer In opdracht van Jeugd en Muziek maakte Bart Moeyaert een nieuw verhaal, gebaseerd op het sprookje van de Vuurvogel. Wim Henderickx maakte - eveneens in opdracht van Jeugd en Muziek - deze tekst tot een compositie voor klein ensemble en verteller. Van 'Olek schoot een beer' werd eveneens een opname gemaakt met solisten van het Vlaams Radio Orkest onder leiding van Ivan Meylemans en met Bart Moeyaert als verteller. In mei verscheen het gelijknamige boek met illustraties van Wolf Erlbruch, aan wie een maand eerder in Bologna de prestigieuze Hans Christian Andersen prijs werd toegekend.

Voor 'Olek' wou Wim Henderickx meer doen dan suggestieve achtergrondmuziek schrijven. Dat hij met zijn compositie de nieuwe doelgroep - jongeren - met hedendaagse muziek in contact kan brengen, is daar niet vreemd aan. Aanvankelijk zocht hij zijn inspiratie bij 'De vuurvogel' van Stravinsky, maar qua bezetting is het werk geïnspireerd op diens 'L’histoire du soldat' : klarinet, fagot, trompet, trombone, viool, contrabas en percussie. De vrij grote slagwerkbezetting klinkt aantrekkelijk en is visueel boeiend voor het jonge publiek.
 
In deze compositie, speciaal voor jongeren geschreven, heeft Henderickx geprobeerd muziek te schrijven die tot de verbeelding spreekt, zonder echter toegevingen te doen wat de muzikale taal betreft.
Wim Henderickx opteert voor een intense verweving tussen muziek en woord, waarbij de muziek soms tussen en soms bovenop de tekstfragmenten geplaatst wordt. De muziek valt, samen met het verhaal, met de deur in huis. Samen nemen ze je als in een rollercoaster mee naar het einde en dat gebeurt via snelle passages, pauzes, soms uitbundige dan weer toegankelijke thema’s, bevreemdende klanken, instrumenten die op een bijzondere manier worden gebruikt en emoties die blijven nazinderen.

Henderickx over Olek: "Er zit schwung in Olek. Niettemin was het zwoegen om Barts ritmische tekst in mijn muziek in te passen. Maar na dat zwoegen was ik blij dat ik hiervoor had toegezegd. Ik had sprookjesmuziek kunnen componeren waarbij Bart tussen de muziekpartijen door zou voorlezen. Ik had slaafs de tekst kunnen volgen, zodat de muziek louter zou ondersteunen. Dat wilde ik niet. De muziek ondersteunt bij momenten wel (Moeyaert vertelt er zijn verhaal ook overheen) maar leidt voornamelijk toch een eigen leven. Olek wordt begeleid door een klarinet en het woud wordt verklankt door donkere partijen met altijd een speciale touch in de percussie. Toch is mijn Olek geen Peter en de Wolf. De instrumenten vertellen niet zomaar elk hun verhaaltje. En een tonaal lied om na te fluiten is er ook niet. Het is allemaal een tikkeltje abstracter. Muziek met valse noten dus, maar wel degelijk toegankelijk." (*)

Tijd en plaats van het gebeuren :

Olek schoot een Beer
Vrijdag 10 november 2006 om 20.00 u

deSingel - Blauwe zaal
Desguinlei 25
2018 Antwerpen

Nadien trekt Olek op tournee door Vlaanderen (tot 28 januari 2007) en Nederland. De volledige speellijst vind je op www.jeugdenmuziek.be

Meer info : www.desingel.be , www.wimhenderickx.com , www.bartmoeyaert.com , www.isolistidelvento.be en www.jeugdenmuziek.be (*)

In de pers :

13:41 Gepost in Concert | Permalink |  Facebook

09/11/2006

Tussen ratio en emotie : Arnold Schönberg - Thomas Mann - Anton Webern

Goeyvaerts Strijktrio Het Goeyvaerts Strijktrio bestaat sinds 1997 en concentreert zich uitsluitend op het 20ste- en 21ste-eeuwse repertoire. De programma's die zij brengen zijn vooral opgebouwd uit het omvangrijk (en indrukwekkend) repertoire voor strijktrio aangevuld met creaties van eigen bodem.

Met het project 'Tussen ratio en emotie : Arnold Schönberg - Thomas Mann - Anton Webern' wil het Goeyvaerts Strijktrio de muziek van de Tweede Weense School via een literaire invalshoek benaderen. Hoewel deze benadering een evidente toepassing is voor de vroege werken van Arnold Schönberg (1874-1951) en Anton Webern (1883-1945) waarin de literatuur een belangrijke inspiratiebron was, denk maar aan hun liederen, symfonische gedichten en programmatische kamermuziekwerken, willen we meer ongekende paden bewandelen en de dodecafonishe strijktrio's van deze componisten via de roman Doktor Faustus : das Leben des deutschen Tonsetzers Adrian Leverkühn, erzählt von einem Freunde (1947) van de Duitse schrijver Thomas Mann (1875-1955) belichten.

In Die Enstehung des Doktor Faustus. Roman eines Roman maakt Mann vermelding van zijn contacten met Schönberg wanneer hij het strijktrio schreef in opdracht van de vakgroep muziek van de universiteit van Harvard. De componist spreekt met hem over de onspeelbaarheid van het werk, maar ook over het idee dat hij geen kamermuziekwerk wilde componeren maar wel een roman schrijven. Dit lijkt te worden bevestigd in de vreemde structuur van het strijktrio: Teil 1 - 1. Episode - Teil 2 – 2. Episode – Teil 3. Hij zou er de autobiografische gegevens van zijn bijna fatale hartaanval, de ambulances, dokters en verpleegster in verwerkt hebben. Het is het jaar 1946 en de eerste berichten van de systematische uitroeiingen van de joden bereikten Amerika. Dit strijktrio gaat dan ook over meer dan zijn eigen loutere levensbeschrijving: een nostalgische terugblik naar het oude Wenen, maar ook een beschrijving van het leven zelf als een onlogische aaneenschakeling van gebeurtenissen en zijn fragmentarisch karakter.

Doktor Faustus is het tragische levensverhaal van Adrian Leverkühn, een componist die evenals de mythische Faust van de duivel vierentwintig jaren van wonderbaarlijke scheppingskracht krijgt in ruil voor de eeuwige verdoemenis. Hij ontdekt met zijn ‘Brentano-cyclus' een radicaal nieuwe methode die de componist onderwerpt aan een grote technische dwang maar er ook zo in slaagt ongekende expressieve mogelijkheden bloot te leggen. Het gaat hier om de ontwikkeling van de dodecafonische reeks. In het naschrift van Doktor Faustus zal Mann, na een polemiek in de Saturday Review , de geestelijke eigendom van deze wijze van componeren toeschrijven aan Schönberg, die in tegenstelling tot vele andere muzikanten als Bruno Walter, Otto Klemperer enz., nergens in het boek wordt vermeld.

Tegelijkertijd brengt deze roman de vertwijfelde atmosfeer van de Duitse catastrofe tot uitdrukking met de hoofdpersoon als symbool van een volk dat door zijn hoogmoed hierdoor lijkt voorbestemd.

De muzikale kennis voor deze roman heeft Mann voornamelijk te danken aan de contacten met Theodor Adorno en zijn Philosophy of Modern Music . Uit zijn aanduidingen bij de tekst blijkt dat hij veel interesse vertoonde voor het werk van Webern en meerbepaald in zijn gebruik van de twaalftonenreeks zoals hij die ontwikkelde in zijn Concerto voor negen instrumenten , op. 24. Een reeks, waarmee hij erin slaagde een muzikaal equivalent te zoeken van het Magische Vierkant zoals hij in een brief aan Hildegard Jone beschrijft. Het Magisch Vierkant speelt ook een belangrijke rol in de composities van Leverkühn maar bevat een aantal sleutels tot het verder begrijpen van deze roman. Interessant is dat ook Schönberg deze reeks als basis voor zijn strijktrio gebruikt. Net als Leverkühn beschouwt Webern deze dwingende manier van componeren als een grote vrijheid.

Het Goeyvaerts Strijktrio wil deze strijktrio's tegenover elkaar plaatsen. Het korte Satz voor strijktrio uit 1925 behoort tot het vroegste dodecafonische werk dat Webern heeft geschreven. Het strenge dodecafonische uitgangspunt staat ook centraal in zijn strijktrio uit 1926. Het late werk van Schönberg werkt ook nog volgens het reeksprincipe maar vertoont ook tonale elementen.

Het zijn zware werken die van het publiek een inspanning vragen. Een omkadering van deze werken aan het publiek moet duidelijk maken dat het hier allesbehalve om ‘abstracte' muziek gaat, zoals de muziek van de Tweede Weense school vaak begrepen wordt. Een diepgaande tekst van kunsthistoricus Pieter Matthynssens en tevens medewerker van het project brengt meer verduidelijking over de relatie tussen deze twee componisten en de schrijver. Deze programmaboekjes verschaffen aan het publiek een beter inzicht in de gespeelde werken. Daarnaast zal Johan van Caekelbergh thematisch verwante fragmenten selecteren uit de briefwisseling tussen Schönberg en Mann, Doktor Faustus ,… en op de concerten tussen de gespeelde werken voordragen.

Daarnaast werd aan 10 studenten uit de compositieklassen van de conservatoria van Gent (docent: Frank Nuyts), Antwerpen (docent: Wim Henderickx en Luc Van Hove), Brussel (docent: Jan van Landeghem) en Amsterdam (docent: Wim Henderickx en Daan Manneke) gevraagd nieuwe composities voor strijktrio schrijven die gebaseerd zijn op de reeds aangehaalde thematiek. De studenten kregen de kans om in nauw verband met het Goeyvaerts Strijktrio samen te werken en hun composities worden mee in deze concerten opgenomen. Tijdens elk van de concerten wordt een selectie van deze composities gebracht.

Het Goeyvaerts Strijktrio heeft ook contact opgenomen met de eminente Schönbergspecialist Henk Guittart die instemde met een masterclass. Henk Guittart is de oprichter van het Schönberg-ensemble en altviolist bij het Schönbergkwartet dat bij Eugene Lehner van het Kolisch kwartet (dat een nauwe relatie had met Schönberg zelf) school heeft gelopen. Zo wil het Goeyvaeerts Strijktrio hun visie op deze werken verder uitdiepen.

Analoog naar de vele interessegebieden van Mann, Schönberg en Webern wil het Goeyvaerts Strijktrio deze aspecten op een slotdag in het Orpheus Instituut verder uitdiepen via specialisten uit verschillende disciplines: Kunsthistoricus en curator (tevens gastdocent aan de Sint-Lucas Academie te Gent) Stef van Bellingen zal verbanden aanhalen tussen de plastische kunst (Georges Van Tongerloo) en dodecafonie maar ook vergelijkingen maken met de architectuur van b.v. Daniel Liebeskind. Peter de Graef, van de Katholieke Universiteit van Leuven, gaat dieper in op Doktor Faustus .

Tijd en plaats van het gebeuren :

Zaterdag 11 november 2006 om 20.00 u

Programma :
  • Arnold Schönberg Strijktrio op. 45, 1946
  • Anton Webern Strijktrio op. 20, 1926 en beweging voor strijktrio (op. Posth.), 1925
  • Dirk Peeters, Zonder titel
  • Frederik Neyrinck, Processus No 2
  • Nathalie Goossens, Sneeuw
  • Evert Bogaert, Never in the field of human conflict was so much owed to so many by so few
Cultuurcentrum Sint-Niklaas
Salons voor Schone Kunsten
Stationstraat 73
9100 Sint-Niklaas

Meer info : www.ccsint-niklaas.be en www.stringtrio.net

---------------------------------------------------------------

Donderdag 16 november 2006 om 20.00 u

Programma :
  • Arnold Schönberg, Strijktrio op. 45, 1946
  • Anton Webern, Strijktrio op. 20, 1926 en beweging voor strijktrio (op. Posth.), 1925
  • Dirk Peeters, Zonder titel
  • Frederik Neyrinck, Processus No 2
  • Daan Janssens, .Hommage. - (en sourdine)
  • Fabian Coomans, Trio à cordes
  • Tania Sikelianau, String Trio No 1
  • Ernesto Illescas, The usual agreement
Koninklijk Conservatorium Brussel - Kleine concertzaal
Kleine Zavel 5
1000 Brussel

Meer info : www.kcb.be en www.stringtrio.net

---------------------------------------------------------------

De Nieuwe Reeks
Dinsdag 21 november 2006 om 20.30 u
( Inleidende lezing door Heidi Moyson (Matrix) om 19.45 u )
In het kader van dit concert wordt ook op maandagavond 20 november om 20u een lezing voorzien rond dit thema. Deze lezing is gratis toegankelijk voor alle geïnteresseerden.

Programma :
  • Arnold Schönberg, Strijktrio op. 45, 1946
  • Anton Webern, Strijktrio op. 20, 1926 en beweging voor strijktrio (op. Posth.), 1925
  • Verdere selectie wordt later bekend gemaakt
STUK
Naamsestraat 96
3000 Leuven

Meer info : www.denieuwereeks.be en www.stringtrio.net

---------------------------------------------------------------

Donderdag 7 december 2006 om 14.00 u

Programma :
  • Arnold Schönberg, Strijktrio op. 45, 1946
  • Anton Webern, Strijktrio op. 20, 1926 en beweging voor strijktrio (op. Posth.), 1925
  • Ermis Theodorakis, Strijktriostuk
  • Ernesto Illescas, The usual agreement
  • Tania Sikelianou, String Trio No 1
  • Catheline Meloen, Zonder titel
  • Evert Bogaert, Never in the field of human conflict was so much owed to so many by so few
  • Frederik Neyrinck, Processus No 2
Conservatorium Amsterdam
Meer info : www.cva.ahk.nl en www.stringtrio.net

---------------------------------------------------------------

Woensdag 13 december 2006
Studiedag Arnold Schönberg - Thomas Mann - Anton Webern


Programma :
  • 9.30-10.30u: Lecture Prof Dr. Peter de Graeve Doctor Faustus
  • 11.00-12.30u: Lecture Stef Van Bellingen: The relation between 12-tone technique and visual arts
  • 14.:00-15.00u: Lecture Dr. Steven Vande Moortele: Aspects of form and pitch organisation in Schönberg's String Trio Op. 45
  • 15.15-16.15u: Panel with teachers composition
  • 16.:30-17.:30u: Panel with all the composers who have written for this project
  • 19:30-20:00u: film 'Anton Webern' (director Thierry Knauff)
  • 20.00u: concert
    - Arnold Schönberg, Strijktrio op. 45, 1946
    - Anton Webern, Strijktrio op. 20, 1926 en beweging voor strijktrio (op. Posth.), 1925
    - Ermis Theodorakis, Strijktriostuk
    - Ernesto Illescas, The usual agreement
    - Tania Sikelianou, String Trio No 1
    - Catheline Meloen, Zonder titel
    - Natalie Goossens, Sneeuw
    - Fabian Coomans, Trio à cordes
    - Tom Dejonckhere, Textures
    - Dirk Peeters, Zonder titel
    - Frederik Neyrinck, Processus No 2
    - Daan Janssens, ... Hommage... - (en sourdine)
    - Evert Bogaert, Never in the field of human conflict was so much owed to so many by so few
Orpheus Instituut
Korte Meer 12
9000 Gent

Meer info : www.orpheusinstituut.be en www.stringtrio.net

23:45 Gepost in Concert | Permalink |  Facebook

70 jaar Nationaal Orkest van België (update)

Heinrich Schiff Op vrijdag 10 en zondag 12 november viert het Nationaal Orkest van België zijn 70ste verjaardag. Naar aanleiding van deze gelegenheid nodigde het orkest de beroemde cellist Heinrich Schiff uit. Hoogtepunt van het concert wordt Pini di Roma van Ottorino Respighi, een werk dat het NOB heeft uitgevoerd bij de creatie in 1936, onder impuls van Koningin Elisabeth.
Vanaf 1958 neemt het orkest aan belang toe door het aantrekken van een eerste chef-dirigent, André Cluytens. Een verhaal dat nog steeds verdergaat, vermits de Fin Mikko Franck volgend seizoen zijn dirigeerstokje doorgeeft aan Walter Weller uit Wenen. Fred Brouwers en Eve Marie Vaes presenteren dit dubbelconcert in het Paleis voor Schone Kunsten. Nadien wordt een gratis compilatie met de hoogtepunten van het NOB uitgedeeld.
 
Om gezondheidsredenen kan Mikko Franck de concerten op 10 en12 november niet dirigeren. Daarom zal Rumon Gamba de leiding op zich nemen. Het programma zelf blijft ongewijzigd.

Rumon Gamba is tot in het seizoen 2008-'09 de eerste dirigent en de muziekdirecteur van het Symfonisch orkest van IJsland. Als leerling van Colin Metters aan de Royal Academy of Music (Londen) was hij de eerste student die een DipRAM ontving, de hoogste onderscheiding die een uitvoerend kunstenaar van de Royal Academy kan krijgen. In 1998 behaalde hij de Lloyds Bank BBC Young Musicians Conductors Workshops waarna hij assistent en vervolgens mede-dirigent werd van de BBC Philharmonic
Het voorbije seizoen bracht Rumon Gamba 
samen met het BBC Concert Orchestra Candide van Bernstein in de Royal Festival Hall (februari 2005) en de wereldpremière van het Concerto voor altviool van Brett Dean (april 2005). Samen met het City of Birmingham Symphony Orchestra voerde hij een oratorium uit van  Per Norgard,  The Will o The Wisps Go To Town, dat besteld was ter gelegenheid van de 200e verjaardag van Hans Christian Andersen (april 2005).
Tijdens het seizoen 2005-2006 leidt Rumon Gamba het BBC National Orchestra of Wales tijdens de BBC Proms, evenals de Münchner Philharmoniker en het Rundfunk-Sinfonieorchester Berlin. Samen met het Symfonisch orkest van IJsland bracht hij de IJslandse première van Scherzoid van Mark-Anthony Turnage. Hij werkt verder aan zijn cyclus van symfonieën van Sjostakovitsj en in januari 2006 bracht hij La Clemenza di Tito van Mozart in concertversie. Zijn volgende engagementen brengen hem aan het hoofd van de London Philharmonic, het Symfonisch orkest van Tokyo en de  Hessischer Rundfunk.

De Italiaanse componist Ottorino Respighi (1879-1936) is vooral bekend geworden met zijn Romeinse symfonische gedichten, waaronder 'Pini di Roma', 'Feste Romane' en 'Fontane di Roma'. Vooral zijn algemene virtuoze componeerstijl wil daarbij wel eens tot de verbeelding spreken. 'Pini di Roma' (1924), of 'De Pijnbomen van Rome', is wellicht zijn beroemdste orkestwerk. Het voert de luisteraar in vier stappen van onder de lommerrijke bomen rondom de Villa Borghese naar de antieke Via Appia. Onderweg wordt halt gehouden aan de ingang van Romeinse catacomben en weerklinkt een nachtegaal in de pijnbomen op de toeristische Janiculumheuvel.

Frédéric Devreese (1929) is een van de bekendste Belgische componisten en auteur van een honderdtal werken in zowat alle genres: orkest-en koorwerken, toneelmuziek en kamermuziek. Het bekendst is hij wellicht om zijn filmmuziek. Hij schreef de muziek voor bijna alle films van de Begische cineast André Delvaux, met wie hij trouwens goed bevriend was. Zijn muziek voor het oeuvre van André Delvaux mag gerekend worden tot zijn beste composities. Benvenuta, suite voor viool, cello en piano, schreef hij voor de gelijknamige film van André Delvaux uit 1983.

Programma:

NOB olv Rumon Gamba - Heinrich Schiff, cello
  • Dmitri Sjostakovitsj, Concerto voor cello nr.1, op.107
  • Frédéric Devreese, Benvenuta
  • Ottorino Respighi, Pini di Roma
Tijd en plaats van het gebeuren :

Nationaal Orkest van België
Vrijdag 10 november 2006 om 20.00 u en zondag 12 november 2006 om 15.00 u

Zaal Paleis voor Schone Kunsten - Henry Le Boeufzaal
Ravensteinstraat 23
1000 Brussel

Meer info : www.bozar.be , www.nob.be en www.rumongamba.com

Elders op Oorgetuige : Hommage aan Frédéric Devreese I , 20/09/2006 en Hommage aan Frédéric Devreese II , 2/10/2006

Extra : Leven en werk van Dmitri Sjostakovitsj (1906-1975), T. Claehout op www.liberales.be

Luister : Ottorino Respighi, Metamorphoseon, op www.beriato.com

16:14 Gepost in Concert | Permalink |  Facebook

08/11/2006

Ward De Vleeschouwer / HyeKyung Lee

HyeKyung Lee Op 8 november speelt de Gentse componist/pianist Ward De Vleeschhouwer samen met de jonge bloedmooie Amerikaans-Koreaanse pianiste/componiste HyeKung Lee een pianorecital met werk van bekende en minder bekende componisten.
 
Ward De Vleeschhouwer studeerde piano aan het Koninklijk Conservatorium Gent bij Claude Coppens en Daan Vandewalle, compositie bij Luc Brewaeys en Frank Nuyts en improvisatie bij Peter Vermeersch. In zijn compositorische creaties laat hij zich voornamelijk inspireren en fascineren door volksmuziek. In 2003 deed hij "A Tryst", een project waarin hij originele composities, traditionele West-Afrikaanse muziek en moderne dans samenbracht. In 2005 componeerde hij voor de theaterproductie "Raisonnez" van de Toneelgroep NUNC. Jongerentheater Fabuleus gaf hem opdracht om in 2006 voor hun grote zaalproductie "Forza".

HyeKyung Lee (geboren te Seoul, Korea) studeerde compositie en piano aan de univ van Texas/Austin en sleepte als componiste reeds heel wat prijzen in de wacht. Zij schreef voor piano, kamermuziek, orkest, maar ook elektronakoestische muziek. Haar werk staat op cd's van New Arial, Capstone, Mark Custom, Aurex, Robin Cox Ensemble en de SEAMUS CD. Als pianiste speelde ze oa. in de VS, Korea, Hawaii en Europa. Momenteel is HyeKyung assistent professor aan de Denison universiteit in Granville, Ohio, USA.

Programma :
  • HyeKyung Lee, Frenetic Dreams
  • Louis Andriessen, Nuit d' été (1957)
  • Juan María Solare, FAQ
  • Frederic Rzewski, Winnsboro Cotton Mill Blues
  • Ward De Vleeschhouwer, Dounoumba (2006, creatie)
  • HyeKyung Lee, Opposed Directions
  • Jalalu Kalvert Nelson, Night Songs (2005)
  • Vladimir Tosic, Dual
  • Alvin Curran, For Cornelius
Louis Andriessen (°Utrecht, 6 juni 1939) is een van de belangrijkste levende Nederlandse componisten. Hij studeerde eerst bij zijn vader, Hendrik Andriessen, en vervolgens bij Kees van Baaren en Luciano Berio. Meer dan enige andere componist van zijn generatie heeft hij het Nederlandse muziekleven beïnvloed en veranderd, zowel door zijn muziek als door zijn maatschappelijke activiteiten. Als docent aan het Haagse Koninklijk Conservatorium was - en is - hij een mentor voor veel jonge componisten uit binnen- en buitenland. Zijn muziek, waarvoor hij diverse prijzen ontving, wordt, in weerwil van de zelden alledaagse bezettingen, geregeld uitgevoerd in de V.S. en tal van Europese landen.

Over zijn manier van componeren zegt Andriessen het volgende : "Essentieel voor mijn manier van componeren is het besef dat muziek altijd over andere muziek gaat. Dat heb ik natuurlijk van Stravinsky, die in veel opzichten mijn grote voorbeeld is. Het is een houding die er toe leidt dat je voortdurend je interesses verplaatst. Bij componisten die altijd maar in één richting doorwroeten, zoals Schönberg, voel ik me niet thuis. Eerder bij de alleskunners: de Purcells en de Stravinsky's, die van allerlei markten thuis zijn, links wat lenen, rechts wat stelen, en - niet te vergeten - veel voor het theater gewerkt hebben.(..) Met het ontwikkelen van een eigen stijl heb ik me nooit bewust beziggehouden. Als in mijn stukken zoiets als een eigen toontaal te horen is komt dat eerder door mijn beperkingen. Er zijn nu eenmaal dingen die je opschrijft, en andere dingen die je niet opschrijft, omdat die niet in je hoofd zitten. (...) Ik heb, meer dan anderen misschien, het gevoel dat ik de taak heb om de muziek te vernieuwen. En goed beschouwd is dat onzin. Want je vernieuwt alleen jezelf, of althans je eigen componeren. En toch: er is iets dat buiten jezelf ligt. Ik vind mijn stukken pas goed als ze hun eigen betekenis en eigen waarde hebben, als er een kwaliteit in zit die losstaat van de maker.(..) Muziek moet zijn eigen leven kunnen leiden, en de maker hoort daar achter te verdwijnen." (*)

... en over Nuit d'été : "Nuit d'été schreef ik toen ik nog op het Conservatorium in Den Haag studeerde (piano, theorie en compositie). Het was bestemd voor twee leerlingen die plezier hadden in piano vierhandig spelen, iets dat ook in mijn familie sterk gestimuleerd werd. En als je zeventien wordt als jonge componist, ontdek je waar zomernachten eigenlijk bestemd voor zijn"

Frederic Rzewski (°1938) is een buitengewoon begaafde pianist, een begenadigde improvisator én een erg productieve componist. In de jaren zestig richtte hij samen met Alvin Curran en Richard Teitelbaum het mythisch ensemble Musica Elettronica Viva op. Met deze groep komt de Amerikaanse elektronische muziekpraktijk bijna letterlijk naar Europa overwaaien. Als componist wordt hij vooral geassocieerd met grote politiek geëngageerde meesterwerken als "Coming Together" en "Attica". Rzewski's invloed op de jongere generaties componisten en uitvoerders is niet te onderschatten. Zijn samenwerkingen met namen als Steve Lacy, Anthony Braxton, Dave Holland, John Cage en Christian Wolf golden als ware impulsen voor generaties van artiesten, zoals de Velvet Underground en Living Theatre. Sinds de jaren zestig speelt hij een voortrekkersrol door onophoudelijk de muzikale normen en verwachtingspatronen te ondergraven.

Alvin Curran (°1938) is een klankkunstenaar in de breedste zin van het woord. Hij maakte zowel strijkkwartetten als een concerto voor scheepshoorn, hij ontwierp een herdenkingsinstallatie voor de Holocaust en fabriceerde geautomatiseerde hoorns (van een ram). Zijn studies deed hij aan Brown en Yale University o.a. bij Elliott Carter. Samen met Frederic Rzewski en Richard Teitelbaum richtte hij in 1966 het radikale muziekcollektief Musica Elettronica Viva op dat later internationale erkenning kreeg. Tijdens de jaren '70 trad hij vooral solo op in performances met stem, keyboards, natuurgeluiden en gevonden objecten. Nog later maakte hij grootse produkties in open lucht (op meren, rivieren, in grotten,...) en gebruikte de radio om simultane concerten op verschillende lokaties te realiseren.

Alvin Curran over For Cornelius: "For Cornelius (1982-94) was written in December 1981 just after my hearing the news of the accidental and tragic death of the English composer Cornelius Cardew. Cornelius was a visionary and his humane, prophetic powers affected everyone around him. Since my first meeting with him in Rome in 1965 and later through the many collaborations of MEV (Musica Elettronica Viva) and Cardew's AMM group, his subtle influence has remained with me. For Cornelius is structured simply in three sections-a song, a thundering study on slowly changing harmonies, and a chorale. Though not intentionally made so, this piece may be seen as a tribute to Cardew's own utopian dreams of making "elitist" music popular." (**)

Alvin Curran componeerde For Cornelius in 1982 nadat hij kennis had genomen van de plotselinge dood van Cornelius Cardew, een Britse componist, die begon als avantgardist en eindigde als hardcore maoïst. Curran heeft het waarschijnlijk niet zo bedoeld, maar zijn elegie laat zich moeiteloos beluisteren als een biografische schets in drie delen. Deel 1: Cardew als jonge gevoelige ziel (een licht verchromatiseerde Satie - die van de Gnossiènnes). Deel twee: Cardew is veranderd in een rechtlijnige communistische drammer ( een haast eindeloze reeks van gerepeteerde gehamerde mineurdrieklanken in een adembenemend en ruim veertig minuten durend crescendo: meedogenloos, benauwend en voor de pianist vanwege het radicaal motorische karakter geen pretje om te spelen). Deel drie: Cardew wordt met gepaste droefenis herdacht in een koraal met majeur slotakkoord.

Tijd en plaats van het gebeuren :

Pianorecital Ward De Vleeschouwer / HyeKyung Lee
Woensdag 8 november 2006 om 20.30 u
De Rode Pomp
Nieuwpoort 59
9000 Gent

Meer info: www.rodepomp.be en www.warddevleeschhouwer.com

(*) Louis Andriessen, 'De maker hoort te verdwijnen achter de muziek', www.donemus.nl
(**) Alvin Curran op www.dofoundation.com

17:23 Gepost in Concert | Permalink |  Facebook

30/10/2006

De Nieuwe Reeks : Karlheinz Stockhausen

Karlheinz Stockhausen Karlheinz Stockhausen geldt ongetwijfeld als een van de meest beroemde én beruchte componisten van de voorbije halve eeuw avant-garde. Hij wordt samen met enkele generatiegenoten terecht beschouwd als wegbereider van de hedendaagse kunstmuziek en zelfs heel wat dj's uit de technoscène zien hem als een soort van godfather.
 
Dit seizoen presenteert De Nieuwe Reeks enkele werken, waaronder Belgische creaties, uit Stockhausens monumentale Licht (1977-2003). Deze cyclus duurt in totaal maar liefst 29 uur en omvat zeven opera's genoemd naar de dagen van de week. Hoofdrolspelers zijn de archetypes Michael, Eva en Lucifer, die in verschillende gedaantes ten tonele verschijnen. Zij symboliseren de kosmische strijd tussen Goed en Kwaad. Naast de overwegend mystieke en religieuze thematiek bevat Licht bovendien talrijke autobiografische verwijzingen.
 
Karin de Fleyt (fluit), Michele Marelli (bassethoorn) en Marc Maes (synthesizer/elektronica) brengen tijdens dit concert enkele werken uit Montag. Op het programma staan Entführung, Wochenkreis, Ave en een elektronische versie van Europa-Gruss uit Mittwoch.

Programma :

K. Stockhausen
  • Entfführung (1986)
  • Wochenkreis (1988)
  • Ave (1984)
  • Europa-Gruss (1992)
Tijd en plaats van het gebeuren :

De Nieuwe Reeks - Stockhausen Trio

Maandag 6 november 2006 om 20.30 u (Inleiding door Maarten Quanten om 19.45u)
STUK
Naamsestraat 96
3000 Leuven

Meer info : www.denieuwereeks.be en www.stockhausen.org

18:58 Gepost in Concert | Permalink |  Facebook

Ensemble Musiques Nouvelles : Sarangi Strings Sound System en Arvo Pärt

Ensemble Musiques Nouvelles In de Brusselse Sint-Michielskathedraal brengen de muzikanten van het Ensemble Musiques Nouvelles en het Choeur de Chambre de Namur een avondvullend programma met muziek van de internationaal vermaarde Estse componist Arvo Pärt.

Pärts klankwereld is die van het Gregoriaans, van de 'paralelle organa' van Leoninus en Perotinus uit de middeleeuwse muziek en van vroege renaissance componisten, waaronder vooral Josquin Desprez. Een belangrijke drijfveer in het werk van Pärt is een het religieuze: de schuldbelijdenis en het lijden der mensheid. Met componisten als Kantsjeli en Gorecki, die een vergelijkbare eenvoudige structuur in hun muziek kennen, wordt hij daarom gerekend tot de voormannen van de zogenaamde 'nieuwe spirituele muziek'’.

Toch hanteerde Pärt in de eerste tien jaar van zijn componistenloopbaan ook elementen uit de heersende moderne compositietechnieken zoals het serialisme en de invloeden van John Cage. Na een jarenlange herbezinning schreef hij het korte repetitieve pianowerk Für Alina in 1976 en veranderende zijn muziek daarmee fundamenteel. Hij begon de zogenaamde tintabulli (bel- of klok-)techniek toe te passen waarin variaties van drieklanken een hoofdrol spelen op een essentieel manier dan we tot dan toe kenden.. Pärt componeerde nadien een lange reeks composities waarbij verstilling, reductie van het materiaal en de behoefte aan 'verinnelijking' hoorbaar worden. Bezettingen waarin koren, strijkorkest en orgel worden gebruikt, vormen daarbij een rode draad.
 
Programma :

Arvo Pärt (1935)
  • Cantus in memoriam Benjamin Britten
  • Psalom
  • Fratres
  • Te Deum

Tijd en plaats van het gebeuren:

Ensemble Musiques Nouvelles, Choeur de Chambre de Namur (Jean-Paul Dessy), Arvo Pärt
Zaterdag 4 november 2006 om 20.00 u

Sint-Michielskathedraal
Brussel

Meer info: www.cathedralestmichel.be , www.musiquesnouvelles.be en en.wikipedia.org/wiki/Arvo_Part

Audio : Arvo Pärt, 'Psalom'

Artikel : The Bright Sadness of Arvo Pärt, Dale Nelson, Touchstone, maart 2002

-------------------------------------------

Vrijdagavond scheppen Dhruba Ghosh, de musici van het Ensemble Musiques Nouvelles en Jean Paul Dessy samen een muterende, 'metafonische' muzikale wereld, tegelijk erg Indisch en erg actueel van aard. Het Sarangi Strings Sound System is een nieuw type orkest waarin sarangi, violen, cello's en elektronische tampura een soort transcultureel 'consortium' vormen, een symbiose van kunst en van een minimalistische schriftuur.

Tijd en plaats van het gebeuren :

Ensemble Musiques Nouvelles/Dhruba Gosh
: Sarangi Strings Sound System
Vrijdag 3 november 2006 om 20.00 u
Paleis voor Schone Kunsten - Zaal M

Ravensteinstraat 23
1000 Brussel Meer info : www.bozar.be en www.musiquesnouvelles.be

18:29 Gepost in Concert | Permalink |  Facebook

Russische accordeonmuziek

An Raskin Een solorecital waarin An Raskin de bajan - een variant van de knopaccordeon - solorecital. Dit typisch Russische instrument ontwikkelde zich vanuit de volkscultuur tot een volwaardig concertinstrument. Russische componisten uit de 20e eeuw haalden de bajan uit de beperkende context van de volksmuziek en componeerden enkele schitterende partituren voor dit intimistische instrument. De bekende componiste Sofia Gubaidulina viert in 2006 haar 75e verjaardag. In haar vijfdelige sonate Et Exspecto vormen spirituele en religieuze achtergronden de grondslag. De Partita van Wladislaw Solotarjow is een lyrisch filosofisch drama in vier delen, waarin de tegenstelling tussen goed en kwaad de aanleiding vormt voor een intense muzikale emotionaliteit. In het tweede deel van het programma verlaat An Raskin de hedendaagse toonspraak voor een selectie werken waarin de melancholie van de Russische volksmuziek centraal staat.

Programma :

  • Wladislaw Solotarjow (1942-1975), Partita
  • Sofia Gubaidulina (1931), Et Exspecto
  • Eugenie Derbenko (1949), Toccate
  • Anatoli Kusjakow (1945), Winterbilden
  • Ivan Panitzki, Oh, du schöner kleiner Schneeballstrauch
  • Georgi Schenderjew (1937-1984), Russische dans
  • Wjatscheslaw Semjonow (1946), Bulgaarse suite
Tijd en plaats van het gebeuren:

An Raskin, Russische accordeonmuziek
Donderdag 2 november 2006 om 20.00 u
Concertgebouw - Kamermuziekzaal
't Zand 34
8000 Brugge

Meer info : Concertgebouw

Elders op Oorgetuige : Glasnost, 6/10/2006

16:11 Gepost in Concert | Permalink |  Facebook

26/10/2006

Transit Festival voor Nieuwe Muziek

Transit Festival Het Leuvense festival voor actuele kunstmuziek Transit is reeds aan zijn zevende editie toe en is daarmee een vaste waarde in het muzieklandschap. Zelf noemen ze zich een festival voor nieuwe muziek. Dat is in hun geval erg letterlijk te nemen. Naast elf creaties, die veelal in opdracht van Transit zijn geschreven, presenteert het festival vijf werken die de afgelopen jaren zijn geschreven. Er is geen enkel festival in dit land dat zo exclusief zeer recente muziek laat horen. Voor wie de vinger aan de pols wil houden dan ook een uitgelezen gelegenheid.

Naast het feit dat Transit een zeer uitgesproken artistiek profiel heeft, kenmerkt het zich ook door zijn gebaldheid. Van vrijdagavond tot zondagavond vinden zeven concerten plaats. Transit heeft steeds aandacht voor componisten en uitvoerders van eigen bodem, die men dan in een internationale context plaatst. Maar ook deze internationale context is erg op de actualiteit gericht. Geen enkel boegbeeld van de jaren vijftig of zestig is present, ook niet met recent werk. Geen Boulez, Stockhausen, Berio en ga zo maar door.

Een festival ontstaat natuurlijk niet zomaar, omdat er bijvoorbeeld in een bepaalde stad nog geen is . Het ontstaat omdat de organisator een bepaald gemis aanvoelt, of omdat hij een eerdere aanzet uitwerkt. Transit is een organisatie van het Festival van Vlaanderen Vlaams-Brabant, maar heeft haar wortels in de afdeling musicologie van de Leuvense universiteit. Vanaf 1991 vond hier onder de naam 'Nieuwe Stemmen' tweejaarlijks een festival van nieuwe muziek plaats, dat meegeorganiseerd werd door de licentiaatstudenten. Zo wilde initiatiefnemer Mark Delaere een brug slaan tussen de studie en de latere beroepspraktijk. Er zijn van ‘Nieuwe stemmen' vier edities geweest. Toen in 1995 een nieuwe afdeling van Festival van Vlaanderen, nl. Vlaams-Brabant opgericht werd, stelde Delaere voor om van 'Nieuwe Stemmen' binnen deze organisatie een nieuwe cyclus te maken. Aanvankelijk had Transit nog veel aandacht voor de voorvaders van de actuele kunstmuziek zoals Arnold Schönberg en Iannis Xenakis. Gaandeweg werd het profiel echter aangescherpt. Actuele kunstmuziek is een exponent van een lange muziektraditie. Deze traditie is niet statisch. Maar, stelt het Festival van Vlaanderen – Vlaams-Brabant doorheen zijn programmatie terecht, stilaan kunnen we de twintigste eeuw als een afgesloten periode beschouwen. Daarom is de opsplitsing tussen een festival dat zich richt op twintigste eeuwse muziek en één dat zich op eenentwintigste eeuwse muziek richt, zoals nu in Vlaams-Brabant gebeurt, erg verfrissend en duidelijk. Uiteraard is een absolute grens stellen op de eeuw- en milleniumwissel arbitrair. Maar men geeft hiermee wel aan dat er met muziek van de twintigste eeuw noodzakelijk anders wordt omgegaan dan met muziek die nu wordt gemaakt. Bij de twintigste eeuwse muziek is er al een historische uitkristallisering gebeurd. Er ontstaat al een soort canon. Er zullen hierbij zeker en vast nog verschuivingen aangebracht worden, maar de grote krijtlijnen liggen vast. Bij hedendaagse muziek is dat uiteraard niet mogelijk. Hier wordt een bodem gecultiveerd waarop nieuwe vruchten kunnen groeien. De oogst zal wel volgen. Uiteraard groeien op zo een verse grond niet alleen de gezaaide vruchten, maar ook onkruid. Het is de geschiedenis die uiteindelijk het onkruid wiedt. Een proces dat natuurlijk niet neutraal is, en waarbij gesteund wordt op het gezag van enkelen.

Je zou kunnen stellen dat er zoveel festivals zijn als mensen die er maken. De samenstelling van een programma is subjectief, waarbij de zin van de keuze bepaald wordt door de context van het festival. Elke programmator heeft zijn eigen smaak, zijn eigen zicht op de scène, en een zekere verknochtheid aan het milieu waar hij uit komt. Een objectief en exhaustief overzicht geven van de muziek van vandaag kan niet. Daarom moet je stelling innemen. Mark Delaere doet dat. Hij maakt door zijn programmatie duidelijk wat hij waardevol vindt en minder waardevol. Het is niet vrijblijvend of om het even wat. Zijn affiniteit met het modernisme is duidelijk het grootst, maar in zijn keuzes blijkt dat hij zich niet louter baseert op stijlrichtingen of bepaalde compositietechnieken die al dan niet toegepast worden. Doorslaggevend is wel dat hij in de keuze van componisten zoekt naar diegenen die de misschien utopische mogelijkheid openhouden dat er dingen kunnen gezegd worden op een manier die nog niet ontwikkeld is. De zoekende en onderzoekende instelling van de componist is van groot belang. Het verschil met het naoorlogse modernisme van Stockhausen, Boulez en Goeyvaerts is echter groot. Iedereen die vandaag iets uitdrukt, heeft in meerdere of mindere mate de loutering van het postmodernisme ondergaan, die filosofische strekking die de grote verhalen en het grote gelijk onderuit heeft gehaald. Toch tonen deze componisten aan dat een te groot relativisme, waarbij elke uitdrukkingsvorm evenwaardig is, evenmin soelaas biedt. Het is nog steeds mogelijk om op een persoonlijke, uitgepuurde en vernieuwende manier muziek vorm te geven. Muziek is niet statisch, is dat ook nooit geweest, en verandert zoals de maatschappij verandert.

Peter-Paul De Temmerman
journalist actuele kunstmuziek
 
-----------------------------------------
 
TRANSIT gaf compositie-opdrachten aan componisten uit Duitsland, Frankrijk, Vlaanderen, Canada en de Verenigde Staten. Naast elf creaties staan er ook vijf recente werken op het programma met als blikvanger Farben der frühe van Mathias Spahlinger voor 7 concertvleugels. TRANSIT gaat dit jaar ook in dialoog met dans en fotografie. En heel wat randactiviteiten omkaderen dit nieuwe-muziekfeest: een jongerenproject, een lezing, een debat en verhelderende introducties op alle concerten
 
De openingsavond op vrijdag is voorbehouden aan het jonge componistenvolkje actief in Vlaanderen: Jurgen De Pillecyn, Boudewijn Cox, Stefan Prins en Stefan Van Eycken. Tegenover al dat jong geweld staat altijd een werk van een éminance grise en dit jaar valt die eer te beurt aan Serge Verstockt.
 
Zaterdag start met de finissage van de fototentoonstelling van Maarten Vanvolsem. Joachim Brackx laat zijn tentoonstellingsinstallatie Nadir / Zenith converseren met Bl!ndman junior [4x4], een jongere versie van het welbekende saxofoonkwartet.
Om 14u gebruikt Slagquartett Köln slaande argumenten in zijn pleidooi voor de nieuwe muziek.
's Avonds zweept Drumming Grupo de Percussao de vier perfomers van Arco Renz op in Bullitt op muziek van Marc Appart en Edmund J. Campion.
 
Zondagvoormiddag is voor de leerlingen van het conservatorium in Leuven. Stephane Vande Ginste componeerde op maat voor een ensemble van klarinetten, fagotten, contrabassen en stemmen.
Om 14u speelt Trio Fibonacci drie creaties voor pianotrio. Ze herstellen het genre in ere en heel wat componisten componeren speciaal voor dit schitterend trio.
Voor het slotconcert worden 7 concertvleugels op het podium geplaatst mét het kruim van de Vlaamse pianisten actief in hedendaagse muziek, samengebracht rond Jan Michiels.

Transit Festival voor Nieuwe Muziek in Leuven
Vrijdag 27 , zaterdag 28 en zondag 29 oktober 2006
Alle concerten gaat door in STUK (Naamsestraat 96) , behalve Bullitt zaterdagavond, dat plaatsvindt in de Schouwburg (Bondgenotenlaan 21, 3000 Leuven)

Voor alle verdere info : www.festivalvanvlaanderen.be
 
Extra : Aankondiging Transit, Koen Van Meel op Kwadratuur.be , 1/10/2006
 
Info en audio (Kwadratuur.be)

19:32 Gepost in Concert | Permalink |  Facebook

Tremblement, Rythmes Tactiles : muziek die op je tenen slaat

Leon van Noorden, Regenpijpmarimba Geluidskunst (of audio art) is een product van de technologische evolutie, waarvan de oorzaak terug te vinden is op het einde van de 19de eeuw met de uitvinding van de fonograaf, de telefoon en telegraaf en iets later ook de radio. De mens werd plots in staat het immateriële vast te leggen en te verplaatsen. De tegenwoordig gebanaliseerde virtuele werkelijkheid is daar een uitloper van; de vierde dimensie werd van de theoretische fysica overgeheveld naar de vrije tijdsindustrie.
Voor kunstenaars is het anders zo vluchtige klankmedium een kneedbaar plastisch materiaal geworden. Zeker tijdens de laatste decennia waar de technologie betaalbare hoogwaardige werktuigen en media is gaan leveren met een alsmaar hogere definitie.

De conventionele concertpodia hebben echter nog steeds, ondanks de technische evolutie inzake geluidsversterking, een vooral 19de eeuwse benadering van het product 'muziek' en musea en galerijen zijn zelden of nooit voorzien zijn op geluidskunst. Het CCNOA (Center for Contemporary Non-Objective Art ) wil daarom een 'podium' bieden waarop de geluidskunstenaars hun werk kunnen brengen. Met het 'Earwitness' initiatief wil CCNOA optreden als platform voor geluidskunst:  niet tijdens de tentoonstellingen met visuele kunst, maar parallel ermee, op voet van gelijkheid in een even neutrale ruimte, wars van elke visuele afleiding.

Voor de programmasamenstelling kiest het CCNOA bewust voor kunstenaars/componisten met een onderbouwde muzikale achtergrond en voor  wie geluid het enige werkmateriaal is (in tegenstelling tot beeldhouwers die klanksculpturen of -machines bouwen). De 4 jaarlijkse Earwitness-events verlopen telkens volgens hetzelfde stramien : een presentatie 's avonds in aanwezigheid van de kunstenaar en een doorlopende installatie op zaterdag- en zondagnamiddag.

Dit weekend biedt het CCNOA een podium aan Leon Van Noorden en zijn installatie 'Tremblement, Rythmes Tactiles'.

Leon van Noorden (Maastricht, 1945) is ingenieur technische natuurkunde, analist van de auditieve waarneming, automatiseerder van muziek, promotor van Europese interactieve audiovisuele diensten en sinds 1972 lid van het Maciunas ensemble (met Paul Panhuysen, Jan van Riet en Mario van Horrik). Hij werkte mee aan een groot aantal groeps- en solo uitvoeringen en installaties met computergestuurde akoestische instrumenten.
Momenteel is hij docent aan het Instituut voor Psychoakoestiek en Elektronische Muziek van de Universiteit van Gent (IPEM), waar hij muziek en beweging onderzoekt.

De installatie 'Tremblement, Rythmes Tactiles' toont aan dat muziek niet noodzakelijk klank behoeft. Dit experiment daagt de 'luisteraar' uit om de muziek te voelen. Het is een tactiele versie van 'Les Marteaux sans Maître'. Soms slaan ze op je tenen.

(Op de foto : "Regenpijpmarimba contra la bass", een installatie van Leon van Noorden waarbij acht regenpijpen gestemd volgens de witte toetsen van de piano dienden als koppelstukken tussen reële en virtuele akoestiek.)

Tijd en plaats van het gebeuren :

Leon van Noorden, Tremblement, Rythmes Tactiles
Vrijdag 27 oktober 2006 om 18.00 u

Zaterdag 28 en zondag 29 oktober van 14.00 tot 18.00 u
ccnoa
Barthelemylaan 5
1000 Brussel

Meer info : www.ccnoa.org en www.earwitness.de.vu

Elders op Oorgetuige : 'Music & Motion: Maciunas Ensemble', 26/04/2006

19:15 Gepost in Concert | Permalink |  Facebook