11/12/2006

La machine à remonter le son

Giacinto Scelsi Dinsdag slaan het Ensemble Musiques Nouvelles en de gerenommeerde musicoloog Harry Halbreich de handen in elkaar voor een concertlezing over de Italiaanse componist Giacinto Scelsi. Deze lezing is de eerste in een reeks van drie: in januari komt Claude Vivier aan bod, in feburari volgt nog een lezing over Iannis Xenakis. Halbreich is een autoriteit op het vlak van de hedendaagse kunstmuziek en hij heeft bovendien een speciale band met de componisten die hij tijdens de komende lezingen in de kijker wil zetten. Zijn passie voor deze monumenten uit de 20ste eeuwse muziek werkt aanstekelijk, en het Ensemble Musiques Nouvelles zet zijn uiteenzetting nog extra kracht bij met een briljante live performance.

Wat Scelsi, Vivier en Xenakis in eerste instantie gemeenschappelijk hebben, is dat ze de klank boven alles stelden. Giacinto Scelsi (1905-1988) werd aanvankelijk nog sterk beïnvloed door de compositieteorieën van Skrjabin en Schönberg, maar na een persoonlijke crisis en reizen naar Afrika en het Verre Oosten ontwikkelde hij vanaf de jaren '50 een eigen stijl waarin de "diepte van de klank" een grote rol speelt. Vanaf dan speelde microtonaliteit een prominente rol in zijn werk.

"Voor Scelsi is een klank een levende substantie met een oneindig complex en verfijnd organisch bestaan. Hij haalt in dit verband graag de volgende zin aan: 'De klank is de eerste beweging van het onbeweeglijke' en voegt daaraan toe: 'dit is het begin van de schepping.' In rust is de klank bolvormig, maar door zijn dynamiek kan hij elke vorm aannemen en wordt daardoor meerdimensionaal. In het innerlijk van de klank schuilt oneindig veel energie, niet alleen energie in natuurkundige zin, maar ook geestelijke ene kortom scheppende kracht. De klank leeft en beweegt, hij verplaatst zich in de ruimte; hij trilt als plasma, heeft diepte en dikte; hij is in ruimte onbegrensd, zelfs wanneer we daar maar een klein gedeelte van kunnen zien. De componist onderzoekt de klankruimte. Het gedeelte wat we horen in zijn compositie is te vergelijken met wat we zien in de lichtbundel van een schijnwerper. Dat we verder (lager, hoger, harder, zachter ... ) niets kunnen horen betekent echter geenzins dat de klank daarbuiten niet bestaat. Het trillen binnen de bolvormige klank wordt door clusters, trillers, tremoli, glissandi, verschillende speelwijzen en contrasten tussen ruwheid en gladheid waarneembaar gemaakt. In de eerste plaats manifesteert het trillen zich echter door het snelle, brede vibrato, dat het spoor van een toonhoogte verbreedt van een straal tot een bundel. Luisteren naar in het spoor van die klank is Scelsi's muziek un voyage spirituele au centre du son een ontmoeting met de energie sonore van de levende klank. " (*)

Scelsi schreef Manto in 1967 voor Geneviève Renon, een altvioliste die tegelijk ook zangeres was. Het stuk bestaat uit drie delen, en Scelsi heeft van die combinatie van talenten van Renon dankbaar gebruik gemaakt om van het derde deel een duo voor vrouwenstem en altviool te maken. De tekst bestaat uit onverstaanbare fonemen die de woordenstroom van de Sybille voorstellen - in de Griekse oudheid een priesteres uit het orakel van Delphi die in trance gebracht werd door bedwelmende dampen en dan allerlei voorspellingen deed.
In dit bedwelmende werk zingt Dominica Eyckmans de orakeltekst terwijl ze tegelijkertijd haar instrument bespeelt.

Programma:
  • Manto, voor altviool en vrouwenstem (1967), door Dominica Eyckmans
  • Funérailles de Charlemagne, rituele mars voor cello en percussie (1976), Belgische creatie door  Jean-Paul Dessy en Louison Renault
Tijd en plaats van het gebeuren :

Ensemble Musiques Nouvelles & Harry Halbreich 
La machine à remonter le son!
Dinsdag 12 december 2006 om 20.00 u
Rue de Vergnies, 25 B
1050 Brussel

Meer info : www.musiquesnouvelles.com, www.theatremarni.com en www.scelsi.it

Extra:
(*) 'Giacinto Scelsi 1905-1988, Trilogia 1956-1965', Arne Deforce naar Harry Halbreich op www.arnedeforce.be
" Giacinto Scelsi , The Messenger " by Alex Ross, The New Yorker , Nov. 21, 2005
' Modern music: Scelsi ', Todd M. McComb, 27/01/2000 op www.medieval.org


Elders op Oorgetuige :
Cathedrals of Sound (Scelsi, Suite nr. 8 'Bot- Ba'), 8/12/2006
Vertelconcert Scelsi, Carter, Jolivet en Reich, 29/05/2006

14:31 Gepost in Concert | Permalink |  Facebook

Altitude 1000 zet Brusselse audiovisuele scène in de kijker

Altitude 1000 Deze week - van 9 tot 16 december - loopt in Recyclart in Brussel Altitude 1000, een Festival dat de Brusselse audiovisuele scène wat meer zichtbaarheid wil geven. Altitude 1000 werd op poten gezet door Foton, Cimatics en Recyclart naar aanleiding van de release van de gelijknamige dvd die Foton begin december zal uitbrengen. Gedurende een hele week presenteert de Brusselse audiovisuele scène zichzelf met allerhande performances, films en installaties.

Foton woont en werkt in Brussel, net als alle andere artiesten op de affiche van het festival 'Altitude 1000'. Zij houden zich bezig met elektronische muziek en media. De dvd  'Altitude 1000' compileert werk van verschillende Brusselse video- en mediakunstenaars die in hun audiovisueel werk sterk met geluid spelen. Elk van de kunstenaars benadert de audiovisuele kunst vanuit zijn/haar eigen perspectief.

De Brusselse audiovisuele scène is heel gevarieerd, maar ook vrij versnipperd. Het festival biedt een unieke gelegenheid om met een brede waaier van initiatieven en projekten van deze kunstenaars kennis te maken. Op het programma staan performances en installaties, vertoningen van cultfilms, ontmoetingen tussen de Brusselse mediaplatforms, workshops en de obligatoire feestjes die het geheel afronden. Verschillende Brusselse organisaties houden informatieve sessies. Q-O2, die workshops geven rond hedendaagse muziek en audiovisuele kunst, het kunstlaboratorium Bains::Connective, het cultuurmagazine Etcetera, het kunstenaarscollectief OKNO, het mediaplatform FoAM en nog anderen zullen hun werking dan toelichten.

Een greep uit het programma :
  • Els van Riel & Stefaan Quix (Q-O2) , The Bazaar and The Cathedral 1.5 : dagelijks tussen 14.00u en 18.00 u
  • Els Van Riel and Silvia Platzer, Doundo/recycling G : dinsdag 12 december 2006 om 20.00u
  • Public meetings met Bains::Connective & Q-O2 : woensdag 13 december 2006 tussen 15.00 u en 18.00u
  • Eavesdropper & Visual Kitchen, Everything that silence breaks : donderdag 14 december 2006 om 20.00 u
  • Uiteraard wordt ook de dvd Altitude 1000 aan het publiek voorgesteld : elke dag om 14.00 u, zaterdag om 19.00
Tijde en plaats van het gebeuren:

Altitude 1000
Zaterdag 9 tot zaterdag 16 december 2006
Recyclart
Ursulinenstraat 25
1000 Brussel

Meer info : www.altitude1000.be , www.recyclart.be , www.q-o2.be , www.fotonrecords.com

Elders op Oorgetuige :

The Bazaar and The Cathedral 1.5, 17/05/2006
QO-2 doundo/recycling G, 6/10/2006

00:32 Gepost in Concert | Permalink |  Facebook

09/12/2006

Gradus ad Parnassum : Berio, Goethals, De Baerdemacker, Smetryns en Janssens.

Luciano Berio Zondagochtend brengt het Ensemble Hedendaagse Muziek van het Conservatorium van Gent in de reeks Gradus ad Parnassum een concert met werk van Luciano Berio, Lucien Goethals, Kris De Baerdemacker, Thomas Smetryns en Daan Janssens.

Luciano Berio is wellicht de meest invloedrijke figuur uit de Italiaanse hedendaagse muziek. Nadat hij samen met Maderna een studio voor elektronische muziek opricht in Milaan, krijgt hij de leiding van het Ircam te Parijs. Vanuit zijn opleiding die sterk door Webern is bepaald, creëert Berio composities die uitgaan van de meest gedurfde vormen van klankonderzoek. Zo dwingt hij zowel zangers als instrumentalisten om de grenzen van hun mogelijkheden af te tasten.
In 1958 schreef Luciano Berio (1925-2003) zijn eerste 'Sequenza' voor fluit solo. Dit stuk is het eerste ooit dat proportioneel werd genoteerd. Er wordt geen gebruik gemaakt van uitgeschreven ritmes maar de afstand tussen de noten bepaalt de tijdsspanne ertussen. Jammer genoeg slaagde volgens Berio geen enkele fluitist erin dit juist te interpreteren en later schreef hij een tweede versie met ritmes. Sinds de Sequenza voor fluit zijn de in totaal 14 Sequenza's de rode draad in zijn oeuvre gebleven. Berio schreef de Sequenza's voor de meest uiteenlopende solo-instrumenten, waarbij hij de expressieve en technische mogelijkheden van het betreffende instrument onderzocht. Berio's Sequenza's worden gekenmerkt door hun extreme virtuositeit, die altijd boeiend, vaak theatraal, maar nooit oppervlakkig is.
'O King' werd geschreven in memoriam voor Martin Luther King en bestaat in twee versies, een voor stem, fluit, klarinet, viool, cello en piano (1967) en een versie voor stem en orkest (1968). Berio integreerde de georchestreerde versie van O King in zijn beroemdste werk, Sinfonia (1968-69)

'Brassens' (2001) voor piano solo van de Gentse componist Thomas Smetryns is een serie korte stukjes van telkens één pagina waarbij hij telkens uitging van één van Georges Brassens zijn chansons. 'Brassens' is het eerste deel uit een hele reeks composities waarbij hij telkens variaties maakt op liederen of composities van muzikanten die hij om uiteenlopende redenen erg waardeert.

Tableau - Double - (Passages II) voor cello solo van Daan Janssens is het tweede deel van een vijfdelige cyclus voor verschillende bezettingen. Het vertrekpunt voor deze cyclus is een kort werk voor altvioolsolo, het doek (tableau), dat de componist via de diverse stukken steeds verder 'overschildert'. Soms gaat hij te werk als een restaurateur die minuscuul en waarheidsgetrouw zijn doek retoucheert, soms is hij een iconoclast die breekt met het oorspronkelijke beeld. Daan gelooft immers niet in de finaliteit van een op voorhand uitgestippelde teleologische weg. In deze zin zijn de verschillende werken van de cyclus als een 'work-in-progress' te beschouwen.
Als een geboren operaliefhebber kan Daan natuurlijk zijn romantische inborst niet verloochenen. Deze komt tot uiting in het componeren met kleine cellen die aan Webern herinneren, maar dan wel Webern begrepen als een sluitsteen van de romantische beweging in plaats van de 'grootvader' van het serialisme. Voorts vinden we gelijkaardige verwijzingen terug in het gebruik van steeds verder evoluerende klankkleuren en atonaliteit.
Het is de uitvoerder zijn taak om het werk met grote overtuiging aan het publiek te communiceren, hoewel hij tegelijkertijd de toeschouwer een deel van het verhaal lijkt te onthouden: er zijn vele fermata, het dynamische niveau is voornamelijk piano, het tokkelen van linkerhand is soms meer hoorbaar dan de noten en via de aanduiding 'tutto sul ponticello' wordt de voorgeschreven toon onhoorbaar. Zo weet de componist een continue spanning te creëren en een maximale aandacht van het publiek op te eisen.

Pampa (1979) bekleedt een sleutelpositie in het oevre van Lucien Goethals (°1931). In dit werk maakt hij zich los van de modernistische objectieve stijl van zijn vroegere werken en evolueert hij naar een meer persoonlijke, melancholische stijl. Goethals schreef Pampa op een gedicht van de Argentijnse dichter Ricardo Güiraldes en keert daarmee terug naar zijn eigen Argentijse roots - tussen 1934 en 1945 woonde hij zelf in Buenos Aires. De hier aangehaalde thematiek van de eenzaamheid wordt een constante in het latere vocale oeuvre van Goethals.
In Pampa fixeert hij de twaalf toonhoogtes : op enkele uitzonderingen in de stem na, komen ze elk slechts in één octaafligging voor, waardoor een bijzondere spanning gecreërd wordt. Pampa luidt een tendens naar versobering in, een tendens die zich tot op vandaag verderzet.

Programma :
  • Luciano Berio, Sequenza I (1958)
  • Kris De Baerdemacker, Verse…(H. Heine) (2006)
  • Thomas Smetryns, 'Brassens' var. I – VII (2001)
  • Luciano Berio, O King (1967-1968)
  • Daan Janssens, Tableau - Double - (Passages II) (2005-2006)
  • Lucien Goethals, Pampa (1979)
Uirvoerders : Els Mondelaers, zang - Katrien Gaelens, fluit - Niels Hap, klarinet - Gwendolyn De Smet, viool - Francis Michels, altviool - Pieter Matthynssens, cello - Elisa Medinilla, piano - Ruben Coomans, percussie - Ingo De Graeve, percussie - Daan Janssens, directie

Tijd en plaats van het gebeuren :

Gradus ad Parnassum : Ensemble Hedendaagse Muziek
Zondag 10 december 2006 om 11.00 u

Conservatorium Gent - Miryzaal
Hoogpoort 64
9000 Gent

Meer info : www.hogent.be

Componisten:
Kris De Baerdemacker : www.logosfoundation.org, www.matrix.mu en www.muziekcentrum.be
Thomas Smetryns : www.thomassmetryns.be, www.matrix.mu en www.muziekcentrum.be
Lucien Goethals : www.matrix.mu, www.cebedem.be, www.muziekcentrum.be en www.slg.be
Luciano Berio op www.universaledition.com (met luistervoorbeelden en partituuruittreksels)

Elders op Oorgetuige :
75 jaar André Laporte en Lucien Goethals, 17/11/2006
Swing Jugend ( Thomas Smetryns), 5/10/2006

00:16 Gepost in Concert | Permalink |  Facebook

08/12/2006

Ex Tempore creëert Dyptichon van Jan Van Landeghem

Jan Van Landeghem In de bibliotheek van het Gentse Muziekconservatorium deed musicoloog en dirigent Florian Heyerick een opmerkelijke vondst: hij stootte op een nooit eerder gedane ontdekking van een interessante bewerking van de Messe des Morts van F. J. Gossec. In deze 'Gentse' uitgave zijn een aantal delen uit de requiem-mis vervangen door fragmenten uit het Stabat Mater van tijdgenoot Joseph Haydn. Ook de orkestratie werd op een aantal plaatsen grondig aangepakt. Een zeldzame ervaring dus voor publiek én uitvoerders. Verder op het programma: een Sinfonia van Mozarts miskende tijdgenoot Michael Haydn, en de creatie van Dyptichon, een koorwerk gecomponeerd door Jan Van Landeghem in opdracht van Ex Tempore.

Het repertoire van Jan Van Landeghem is heel divers van aard. Het besef beïnvloed te zijn door tal van stijlen en factoren leidde ot een geïnterpreteerde polystilistische, eclectische schrijfwijze. Voor zijn composities vertrekt Van Landeghem vaak vanuit een buitenmuzikaal gegeven. Hij kiest daarvoor uit een heel breed spectrum van beelden en themata.
Die zeer grote variatie treffen we niet enkel aan in de geëvoceerde beelden, maar ook in de gebruikte technieken. Jan Van Landeghem haalt zijn inspiratie uit alle mogelijke domeinen van de muziekgeschiedenis en uit een waaier aan technische mogelijkheden. Hij slaagt erin om de meest divergente stijlen en technieken tot een coherente synthese te brengen.
Van Landeghem combineert heel traditionele elementen (gregoriaanse modi, bijbelteksten, koralen van Bach, ...) met heel progressieve elementen (kwarttonen, aleatoriek, Japanse tekst, bitonale passages, ...) en komt zo tot een persoonlijke, originele muziektaal.
Dit eclectisme sluit nauw aan bij de visie die Van Landeghem (en zo ook vele andere componisten van zijn generatie) erop na houdt in verband met de functie van de componist en zijn muziek in onze samenleving. Vooreerst willen de componisten van zijn generatie, aan de hand van hun eclectische techniek, uitdrukking geven aan de universaliteit van de zinvragen en verder gaan ze zich maatschappelijk engageren (een typische modernistische idee, terwijl de sfeer van de werken vaak postmodern is) door als kunstenaar op zoek te gaan naar allerlei idealen die een alternatief bieden voor de vele extremistische bewegingen in onze maatschappij.

Dyptichon werd geschreven in opdracht van Florian Heyerick en Ex Tempore in november 2006. De titel verwijst naar de tegenstelling tussen licht donker en is deels gebaseerd op poëzie van Dora Mahy (de moeder van Florian) en ook op - zoals de opdracht luidde - fragmenten van gregoriaanse teksten rond advent en kerst. Het is een zesdelig werk - waarvan er 5 delen gebracht  worden tijdens dit concert - voor sopraan, bas, viool en hoorn solo, slagwerk en koor. Het is een polystilistisch werk met seriële invloeden waarbij Van Landeghem gebruik maakt van neomodalilteit, polymodaliteit, polyritmiek en aleatorische elementen.

Programma :
  • J. Van Landeghem, Dyptichon (2006, creatie )
  • M. Haydn, Sinfonia in Es
  • F. J. Gossec /J. Haydn, Requiem
Tijd en plaats van het gebeuren :

Ex Tempore & Les Agrémens o.l.v. Florian Heyerick: Requiem
Zondag 10 december 2006 om 16.00 u

Bijloke Concertzaal
Jozef Kluyskensstraat 2
9000 Gent
Toegang gratis

Meer info : www.debijloke.be, www.extempore.be en www.kantata.be

Jan Van Landeghem : www.matrix.mu en www.muziekcentrum.be

15:56 Gepost in Concert | Permalink |  Facebook

The Waste Land

Emanon De dood is wellicht één van de meest universele thema's in de kunst. Nochtans is zij in onze hedendaagse tijd in de taboesfeer terechtgekomen. Maar voor muzikale composities blijft ze nog steeds een onuitputtelijke inspiratiebron.
Emanon selecteerde drie componisten - waaronder twee Vlaamse - die het requiem als uitgangspunt voor hun compositie kozen. We krijgen Emanon te horen 'in vol ornaat', met niet minder dan 17 uitvoerders - 15 musici, 2 spreekstemmen en dirigent. In verschillende combinaties stellen de musici tevens de tweede cd van het ensemble voor.

Centraal staat het Kleines Requiem für eine Polka van H. Gorecki. Deze Poolse componist inspireerde zich op de polyfonie van Palestrina en liturgische orgelmuziek, maar evenzeer op de dynamiek van Beethoven en zelfs op eenvoudige 'boerenmuziek'. Het requiem voor een Poolse vrouw (Polka) is een smeltkroes van al deze muziekstijlen en dat maakt het tot een meesterwerk waar je als kamermuziekensemble nauwelijks omheen kunt.

Naast Litanie con Epitaffio van de gevestigde waarde André Laporte - een compositie in gevarieerde en repetitieve stijl - wordt werk van Stéphane Vande Ginste uitgevoerd. Op zijn eigen typische manier verklankt Vande Ginste in Toen de donder sprak de Nederlandstalige versie van The Waste Land van T.S. Elliot. Opvallend is de religieuze ondertoon, die zorgt voor een sterke eenheid. De compositie bestaat uit acht korte taferelen. De muziek hangt nauw samen met de tekst, die nu eens ritmisch wordt gescandeerd, dan weer vrij wordt geciteerd. De vele beelden in de tekst worden muzikaal uitgebeeld door de textuur, de keuze van de instrumenten, het karakter. Zo krijgt het werk de vorm van een kleine 'opera', weliswaar gesproken. Belangrijk is het slagwerk, dat de muzikale interventies met elkaar verbindt.

Programma :
  • A.Laporte, Litanie con Epitaffio (1994)
  • S.Vande Ginste, Toen de donder sprak (1997)
  • H. Gorecki, Kleines Requiem für eine Polka (1993)
Tijd en plaats van het gebeuren :

Emanon Ensemble : The Waste Land
Zaterdag 9 december 2006 om 20.00 u

Kloosterkapel
Kloosterstraat 15
9255 Buggenhout

Meer info : www.emanon.be

Elders op Oorgetuige:
75 jaar André Laporte en Lucien Goethals (Laporte, Litanie con Epitaffio), 17/11/2006
Zingen van duistere tijden ( Gorecki), 22/11/2006

Componisten:
André Laporte : www.matrix.mu, www.cebedem.be en www.muziekcentrum.be
Stéphane Vande Ginste : bloggers.nl/composer , www.matrix.mu en www.muziekcentrum.be

13:31 Gepost in Concert | Permalink |  Facebook

Cathedrals of Sound

Geoffrey Douglas Madge Vrijdag 8 december is de Australische pianist Geoffrey Douglas Madge, één van 's werelds grootste pianisten, te gast in de Rode Pomp, met een programma waar geen enkele rechtgeaarde muziekliefhebber kan aan weerstaan. Het concert is het eerste in een reeks van 3 onder de titel "Cathedrals of Sound". De reeks werd tien jaar geleden samengesteld voor het Festival van Adelaide in Australië. "Cathedrals of Sound" presenteert een selectie van werken die een bepaalde relatie tot de architectuur gemeenschappelijk hebben.

Pianist en componist Geoffrey Douglas Madge (Adelaide, 1941) ontwikkelde al heel vroeg een neus voor miskende grote componisten, en het brengen van hun werk blijft een van zijn grote doelen. Hij toerde drie jaar lang doorheen Australië met een pianotrio en trok in 1963, nadat hij de eerste prijs in de ABC piano competition van Sydney gewonnen had, naar Europa om in Brussel bij Eduardo del Pueyo in de leer te gaan, en bij Geza Anda in Luzern. Nadien gaf hij opgemerkte debuutconcerten in London, Keulen, Budapest en Amsterdam. Hij vond een stek in Holland, waar hij prof piano is in het Conservatorium van Den Haag.
Kort na zijn aankomst in Europa werd Madge ontdekt door Iannis Xenakis en er groeide een intense samenwerking tussen de pianist en de onlangs overleden componist. Een van de highlights in Geoffrey Madge's samenwerking met Xenakis was zijn succesrijke bijdrage tot het Xenakis Festival in 1975 in Athene, met Herma, Evryali en Synaphai. In datzelfde jaar nam Decca het eerste piano concerto "Synaphai - connexities for piano and orchestra" op op LP, met de New Philharmonia Orchestra o.l.v. Elgar Howarth en Geoffrey Madge als solist. Nadien volgden nog vele Xenakis-performances over heel de wereld.
Geoffrey Madge werd vooral bekend door zijn integrale uitvoering van het "Opus Clavicembalisticum" van Kaikhosru Sorabji. Hij was trouwens de enige die van de componist de toelating kreeg om dit werk te spelen.
Via zijn connecties met de Griekse muziekwereld kwam hij in kontakt met de Skalkottas Society in Athene. Hij creëerde de 32 Piano Pieces van Nikos Skalkottas op het ISCM Festival van 1997 in Athene. Het werd de start van een hele reeks uitvoeringen en het begin van een diepe vriendschap met Skalkottas.

Geoffrey Madge's recital programma's zijn steeds een combinatie van klassiek, romantisch en hedendaags, met een voorliefde om onbekende naast bekende werken te zetten. Voor speciale projecten, zoals deze "Cathedrals of Sound" serie, zet hij een aantal spraakmaakende werken uit elke periode naast elkaar. Madge presenteert de werken met een uitgebreide commentaar...

Stefan Wolpe (1902 - 1972) studeerde aanvankelijk aan de Hochschule der Künste in zijn geboortestad Berlijn, maar hij stoorde zich zodanig aan het conservatisme van het toenmalige onderwijs dat hij al snel zijn studies afbrak en enkel nog contact bleef houden met de compositieklas van Feruccio Busoni, voor wie hij een grote bewondering koesterde. In de vroege jaren '20 zocht hij aansluiting met het Bauhaus in Weimar en de Dadabeweging. Hij ging zich meer en meer politiek engageren en probeerde dat engagement ook muzikaal te uiten. Hij liet zich daarbij inspireren door de songachtige stijl van Hanns Eisler en door de jazz. Tegelijk was Wolpes schrijfwijze in die tijd vrij atonaal.
Na een verblijf in Palestina, waar hij geen voet aan de grond kreeg omdat zijn muziek te 'modern' was, vestigde hij zich in Amerika, waar hij al snel een bijzondere plaats innam in de New Yorkse kunstenaarsscene. Wolpe was een leerling van Anton Webern, en die invloed blijft steeds aanwezig. Kenmerkend voor zijn werk is een tot het uiterste doorgedreven vorm van abstract expressionisme.

Giacinto Scelsi (1905-1988) maakt nagenoeg in al zijn werken gebruik van het 24-toonsysteem (kwarttoonsysteem). Scelsi houdt zich in zijn composities vooral bezig met de diepte van de klank (la profondeur du son), of zoals hij het noemt, de derde dimensie van de klank (naast de toonhoogte en de toonduur) een dimensie volgens hem tot op heden niet kan worden beschreven. Dit derde element noemt hij het bolkarakter van de klank (la réelle dimension sphérique du son). Uit het feit dat Scelsi in zijn creatieve periode (1956-1976) bijna uitsluitend werkt met kwarttoonmateriaal, mag worden geconcludeerd dat de diepte van de klank kan worden geaccentueerd met microtonen, in zijn geval kwarttonen.
Na een crisisperiode in de jaren veertig, keerde Scelsi zich tot de oosterse filosofie, wat tot gevolg had dat de klank in het middelpunt van zijn muzikale denken kwam te staan. In 1959 sluit hij een experimentele periode af, waarna een verdieping in de klank van zijn muziek ontstaat: alle facetten worden subtiel gevarieerd zonder ooit hun identiteit te verliezen. In dit licht moet ook zijn gebruik van microtonaliteit worden bezien.
Suite nr. 8 'Bot- Ba' uit 1952 is de 'klinkende evocatie van Tibet met zijn kloosters in het hooggebergte': een hoogtepunt in de pianomuziek waarmee Scelsi zijn passie voor de unieke klank uitdrukt.

Iannis Xenakis (1922 - 2001), een naar Frankrijk uitgeweken Griekse ingenieur-architect, was één van de jonge componisten die Messiaens beroemde analyseklas aan het Parijse conservatorium bezochten. Opmerkelijk genoeg gaf Messiaen hem de raad geen traditionele muziekopleiding te volgen, maar zijn eigen weg te gaan, iets waarvoor Xenakis hem dankbaar zou blijven. Xenakis zou zijn compositietechnieken inderdaad baseren op theorieën, formules en methodes uit uiteenlopende wetenschappen en de architectuur. Aan het begin van de jaren '70 veralgemeende hij bijvoorbeeld een grafische compositietechniek die hij reeds had toegepast in delen van zijn orkestwerken Metastaseis (1953-'54) en Pitoprakta (1955-'56), met hun karakteristieke glissandi en klankwolken. Op millimeterpapier tekende hij eerst 'arborescenties' of boomstructuren uit, die hij vanuit deze tweedimensionele weergave vervolgens omzette in een traditionele muzieknotatie. Geïnspireerd door organische vormen en groeiprocessen boden deze arborescenties Xenakis de mogelijkheid het continuïteitsideaal dat ook in zijn architecturale projecten een belangrijke rol speelt muzikaal gestalte te geven.
'Evryali' uit 1973 wordt algemeen beschouwd als een werk dat nauwelijks speelbaar is. Xenakis zelf omschreef het als "...a kind of athletics for hands, body and brain".

Pianist Steve Layton over Evryali : "Evryali is a wildly imposing work, yet one that has a kind of directness and even "play". This directness comes from the simple and intuitive forms that lie beneath the barrage of notes, and is what makes the piece immensely engaging, almost "familiar", for both the performer and the listener. While traditional notation might obscure the work's compositional origins, a slightly different representaion of the notes will show the actual framework of purely free graphic inspiration that lies at the heart of the piece. It reveals a piece that was much more "drawn" than "composed" in the traditional sense. Granular (composed of many discrete "bits" or notes) blocks of sound alternate with many equally granular, entangled or branching lines or curves (Xenakis called these "aborescences" or "Medusa's hair"). The visual demands of Xenakis' "drawings", when translated to traditional notation, make for many passages that are strictly impossible for any human pianist." (*)

Programma :
  • Jan Pietersz. Sweelinck, Fantasia in d
  • J. S. Bach, Cappricio on the departure of his most beloved brother (in Bes)
  • Stefan Wolpe, Stehende Musik (1925)
  • Giacinto Scelsi, Suite nr. 8 (1952)
  • Iannis Xenakis, Evryali (1973)
Tijd en plaats van het gebeuren :

Cathedrals of Sound : Geoffrey Douglas Madge
Vrijdag 8 december 2006 om 20.30 u
De Rode Pomp
Nieuwpoort 59
9000 Gent

Meer info: www.rodepomp.be , www.wolpe.org en www.iannis-xenakis.org

Extra:
(*) Steve Layton Realizes Xenakis' Evryali, Steve Layton op Beepsnort.org, 25/05/2003
Examples of "clouds" and "arboresences" in Xenakis' Evryali, Steve Layton op www.niwo.com (Laytons uitvoering van Evryali is trouwens te domwnloaden op iTunes)
'Modern music: Scelsi', Todd M. McComb, 27/01/2000, en 'Modern music: Xenakis', Todd M. McComb, 13/01/2004, op www.medieval.org
Xenakis: His Life In Music, James Harley op www.uoguelph.ca (University of Guelph, Canada)

00:34 Gepost in Concert | Permalink |  Facebook

07/12/2006

deFilharmonie pakt uit met sterviolist Yossif Ivanov

Yossif Ivanov Dit weekend pakt deFilharmonie uit met de 20-jarige Antwerpse sterviolist Yossif Ivanov. Ivanov werd tweede laureaat van de Koningin Elisabethwedstrijd (mei 2005), een unieke prestatie, want nog nooit haalde een Belg de topdrie. Op het programma : Bartóks Tweede Vioolconcerto en de Vijfde Symfonie van Beethoven. Met zijn Tweede Vioolconcerto ging Bartók de romantische toer op: veel soepele melodieën, een grote dosis vertelkracht en een uitgekiend vernuftig contrapunt. Van het brutale gekletter in zijn vorige pianoconcerto 's schiet niet veel meer over: de ritmische durf en stoutmoedige klankkleuren worden ingeruild voor een meer gebalanceerde, maar niet minder vindingrijke aanpak. Gunt Béla Bartók in zijn herfstige Tweede Vioolconcerto een kijkje in het diepste van zijn ziel, Beethoven laat in zijn beroemde Vijfde Symfonie de tragiek hevig op de deur kloppen.

Bartók schreef zijn Tweede Vioolconcerto in 1937-38 op bestelling van de Hongaarse sterviolist Zoltán Székoly. De manier waarop hij dit concerto vormgeeft, vertoont heel wat gelijkenissen met zijn Tweede Pianoconcerto. Bartók - die het debacle omtrent zijn Eerste Vioolconcerto nog niet vergeten was, wou eigenlijk liever een grote variatiecyclus voor viool en orkest schrijven, maar daar had Székoly geen oren naar. Beide heren kwamen daarop tot de volgende overeenkomst : de derde beweging zou een vrije variatie zijn van het materiaal uit het eerste deel en het middendeel werd een onafhankelijke variatiecyclus. Net zoals in zijn pianoconcerto's legde Bartók een overkoepelende, symmetrische eenheid over de bewegingen heen. Wat de uitwerking betreft, investeerde Bartók volop in melodische zwier. Ook de strijkersgroep wordt opnieuw in ere hersteld, zodat alle aandacht naar de klankkleur van de snaarinstrumenten gaat.

Programma :

  • Béla Bartók, Vioolconcerto nr. 2
  • Ludwig van Beethoven, Symfonie nr. 5 opus 67
Tijd en plaats van het gebeuren :

deFilharmonie: Bartók, Beethoven
Vrijdag 8 december 2006 om 20.00 u
De Bijloke Concertzaal
Jozef Kluyskensstraat 2
9000 Gent

Meer info : www.debijloke.be en www.defilharmonie.be

----------------------------------------

Zaterdag 9 december om 20.00 u
Koningin Elisabethzaal
Koningin Astridplein  26
2018 Antwerpen

Meer info : www.elisabethzaal.be en www.defilharmonie.be

Elders op Oorgetuige :
Bartók : Improvisaties op Hongaarse Boerenliederen, 2/09/2006
Tijd, eeuwigheid en andere contrasten (Bartók, Contrasten), 9/10/2006

Extra:
Bartók , Violin Concerto No. 2 op www.cso.org (Chicago Symphony Orchestra)

16:25 Gepost in Concert | Permalink |  Facebook

06/12/2006

Mauricio Kagel : Antithese

Mauricio Kagel, Antithese Ter afsluiting van de reeks concerten rond Mauricio Kagel brengt het Gentse KunstArbeidersgezelschap vrijdagavond de live performance van Antithese. Antithese (1962) is Kagels tweede tapecompositie. In dit muziek-theaterwerk wordt het spectrum van abstracte elektronische klanken uitgebreid door het toevoegen van deels realistische en deels technisch vervormde dagelijkse klanken. Antithese speelt zich af in een absurde technische inspirerende wereld van grappige paranoia waarin een studio-ingenieur plichtmatig klanken produceert die leiden naar een psychische kortsluiting. Antithese is een performance die bestaat uit een aaneenschakeling van incoherente en absurde acties.

Tijd en plaats van het gebeuren :

Mauricio Kagel : Antithese (live performance en film)
Vrijdag 8 december 2006 om 22.00 u

Begijnhof Ter Hoye
Lange Violettestraat 237
9000 Gent

Meer info : www.ka-g.be en www.offoff.be

Elders op Oorgetuige :
Ludwig Van... Kagel, 22/11/2006
Mauricio Kagel : componist en cineast, 20/10/2006
Parcours : Spectra Ensemble verkent de vier windstreken...(Kagel, Die Stücke der Windrose), 27/11/2006
Flat Earth Society (Mauricio Kagel, Zehn Märsche um den Sieg zu verfehlen), 18/10/2006

Extra :
Extra : 'Mauricio Kagel, een inleiding...', Godfried-Willem Raes op www.logosfoundation.org
Video : Mauricio Kagel op UbuWeb Film (met o.a. een 19 minuten durend fragment uit Antithese)

19:50 Gepost in Concert | Permalink |  Facebook

Raum : een samenzwering van muziek, dans en scenografie

Raum In Raum gaan choreograaf Marc Vanrunxt en het ensemble voor nieuwe muziek Champ d'Action een nieuwe samenwerking aan. Opnieuw kiezen zij voor de rijke muzikale wereld van de Amerikaanse componist Morton Feldman. Met de composities Patterns in a Chromatic Field (voor piano en cello) en Crippled Symmetry (voor fluit, piano en glockenspiel), beide uit 1981, worden we geconfronteerd met het meer monumentale facet van Feldmans oeuvre. Drie uur lang worden we meegenomen in een brede stroom van tijd en ruimte, van kijken en luisteren. Het tempo van de voorstelling is traag, zonder dramatische climaxen of 'gebeurtenissen'. Feldman weeft een compositie als een Turks tapijt of als een minimaal schilderij van Mark Rothko of Barnett Newman. In het eerste deel (Patterns in a Chromatic Field) focust de choreografie op helderheid en strengheid: drie dansers en twee muzikanten in het spanningsveld tussen chaos en monotonie. In het tweede deel (Crippled Symmetry) wordt de toeschouwer zelf midden in het weefwerk van voortdurende transformaties geplaatst.
 
Raum is een ervaring die schaamteloos tijd voor zichzelf neemt. De tijd nemen, dat impliceert ook ruimte creëren. De tijd wordt een labyrint, een dwaalparcours waardoor zich dansers, muzikanten en publiek bewegen, tegelijk samen en ieder op zich. Achter het trage tempo en de afwezigheid van dramatische climaxen herbergt deze tijd een rijk palet aan dynamiek. De dynamiek en schaal van de compositie brengen tijd en ruimte met elkaar in verband. Ze smelten samen tot een 'gebeuren', een activiteit zonder welbepaald onderwerp - tijd en ruimte an sich, tastbaar gemaakt door verschil en transformatie.

Morton Feldman had een bijzondere voorliefde voor Turkse tapijten, die voortkomen uit de context van de traditionele ambachten, maar die merkwaardig veel overeenkomsten vertonen met de minimale schilderkunst van Mark Rothko of Barnett Newman. De sleutel tot hun compositie is het patroon, een basisstructuur die zonder al te veel logische of rationele samenhang wordt herhaald en getransformeerd, met een dens veld van kleur, toon of beweging als resultaat, dat er vanop afstand monotoon of monochroom uitziet, maar van naderbij beschouwd zijn grillige en chaotische microwereld prijsgeeft.
Spaarzaamheid en reductie zijn de sleutels voor de Gestaltswitch tussen de microscopische en de macroscopische blik. Feldman en Vanrunxt plooien terug op het moment zelf: de aanzet, de voltrekking en het wegebben van de beweging; zijn kleur, intensiteit en richting.

Het eerste deel van Raum focust op de helderheid en gestrengheid van deze beweging: het vindt plaats op scène, wordt uitgevoerd door drie dansers en twee instrumenten (piano en cello). Het verglijden van de tijd en de concentratie construeert het bouwwerk van de herinnering, een spanningsveld tussen chaos en monotonie.
Het tweede deel zet de toeschouwer midden in het weefwerk. Het podium wordt leeg achtergelaten, de spelers bewegen zich tussen het verstrooide publiek. De klank van de fluit, glockenspiel en piano in Crippled symmetry is een stuk ambiguer. Hier staan voortdurende verandering en transformatie centraal, waarin de singuliere aanzet van een noot of beweging opgaat in een stroom van andere indrukken en echo's. Herkomst en richting tuimelen langzaam door elkaar heen, tot er - opnieuw - vooral ervaring overblijft: 'change itself changes' .

Marc Vanrunxt is al meer dan twintig jaar actief als danser en choreograaf. Zijn dansopleiding stond voornamelijk in het teken van de Centraal-Europese dans, maar hij werd minstens even sterk beïnvloed door de contestatie van de punk. Hij debuteerde als choreograaf in 1981, en maakte sindsdien meer dan 30 choreografieën.
Vanrunxt heeft zich nooit aan trends geconformeerd, en bouwde ook geen uitgebreid apparaat achter zich uit. Zijn werk is hoogst individueel, zelfs raadselachtig, zwevend tussen mystiek en materialisme. Hij neemt daardoor een unieke plek in het dansveld in, die telkens weer ontdekt kan worden. Vanrunxt poogt choreografie telkens opnieuw te definiëren als een compositie van lichamelijkheid in beweging. Hij streeft naar het uitpuren van die compositie, naar een dans die uit de wereld en in het beeld wil stappen, maar blijft zich altijd scherp bewust van de materie die de dans omgeeft en stuurt. Ernst, beheersing en compositie kruisen knipogen, chaos en citaten.

"De vraag naar de 'betekenis' van dans is altijd een moeilijke. Nog meer misschien dan bij andere podiumkunsten geldt voor een moderne dansvoorstelling dat het de bewegingen zelf zijn die mogelijke betekenissen moeten genereren: ze refereren aan een werkelijkheid, ze roepen een wereld op maar ze zijn er geen afbeelding of illustratie van. Voor Marc Vanrunxt gaan zijn stukken vooral over de kracht en de kwetsbaarheid van de mens. Een directe maatschappelijke boodschap wil hij niet aan zijn werk meegeven, maar het gaat hem er wel om dat binnen de grenzen van de voorstelling een beeld wordt geschetst van hoe we leven en hoe we zouden kunnen leven: waardig in onze eenzaamheid, betrokken bij wat ons omringt, verkenners in het ijle rijk van de mogelijkheden, van de suggesties en van de herinneringen." (*)

Tijd en plaats van het gebeuren :

Champ d'Action / Marc Vanrunxt : Raum
Vrijdag 8 (première) en zaterdag 9 december 2006, telkens om 19.30 u
Kaaitheater
Sainctelettesquare 20
1000 Brussel

Meer info : www.kaaitheater.be , www.champdaction.be en www.kunst-werk.be

Deze voorstelling is ook nog te zien op 25 januari 2007 in de Gentse Minardschouwburg en op 2 mei 2007 in het Concertgebouw in Brugge.

Elders op Oorgetuige :
Last Pieces : cocktail van hedendaagse dans en muziek, 29/05/2006
Percussieconcert met verrassende instrumenten en spectaculaire klanken (Morton Feldman), 29/11/2006

Extra :
"Marc Vanrunxt" door Myriam Van Imschoot, Kritisch Theaterlexicon, VTI, 1997 (pdf)
Morton Feldman Texts: Essays and Articles on MF and his music
Morton Feldman op UbuWeb Sound

(*) 'Marc Vanrunxt: Tussen de aarde en de oneindigheid', Rob de Graaf in TM, oktober 2001

18:30 Gepost in Concert | Permalink |  Facebook

05/12/2006

Marc Behrens : Sound & Architecture

Marc Behrens Geluiden van bouwsites, elektriciteitscircuits en verwarmingssystemen ombouwen tot een fijnmazig klankweb. De Duitse geluidskunstenaar Marc Behrens weet als geen ander het publiek te fascineren met zijn interesses voor omgevingsgeluiden, gebouwen en architectuur. Met een laptop vol opgenomen klanken, enkele kleinere licht- en klankobjecten en een opstelling met 6 luidsprekers tovert hij klankruimtes tevoorschijn. Ondanks zijn jonge leeftijd is hij al ruim 15 jaar aktief als kunstenaar. Logos laat hem voor het eerst op een Vlaams podium los!

Marc Behrens presenteert in Logos een concert waarbij vooraf opgenomen concrete geluiden de hoofdrol spelen. Deze geluiden zijn via de computer op meerdere kanalen te horen. Daarnaast brengt hij allerlei kleine objecten mee die met geluid, licht of warmte werken. Recente composities van hem die aan bod komen (en die vaak door elkaar gemixt worden) zijn "Architectural Commentaries" en "Untitled Song". Het eerste stuk maakt gebruik van een uitgebreide klankarchief dat Behrens gemaakt heeft de voorbije 15 jaren met opnames van ventilatiesystemen en gasverwarmingen in metro's, treinen en stations. "Untitled Song" is gemaakt op basis van vuurgeluiden (gas, hout, kolen en turf).

Marc Behrens (°1970) woont en werkt deels in Frankfurt-am-Main en (sinds 2003) deels in Grimacco, Italië. Hij studeerde communikatiewetenschappen en product design en was reeds vanaf 20 jarige leeftijd in verschillende artistieke takken werkzaam. Na zijn studies stortte hij zich eind jaren '80 op diverse experimentele jazz- and rockbands en bracht daarmee in de jaren "90 een reeks CD-releases voort, evenals akoestische feedback-opnames en multimediale stukken.
Vandaag werkt Behrens als sound artist in tal van performances, installaties en recorded media (zowel audio als video). Hij is ook erg begaan met fotografie en met het ontwerpen van CD-hoesjes. Verder geeft hij ook intensief performances en exposities n het Midden-Oosten, Noord-Amerika en Oost-Azië en Europa.

Tijd en plaats van het gebeuren :

Marc Behrens : Sound & Architecture
Donderdag 7 december 2006 om 20.00 u
Logos Tetraeder,
Bomastraat 26
9000 Gent

Meer info : www.logosfoundation.org en www.mbehrens.com

23:32 Gepost in Concert | Permalink |  Facebook