26/02/2008

Vlaanderen internationaal : Philippe Boesmans, Luigi Dallapiccola en Luciano Berio

Philippe Boesmans Op donderdag 28 februari staat de concertreeks 'Vlaanderen Internationaal' in het Brusselse conservatorium in het teken van de Tongerse componist Philippe Boesmans (1936). Het internationale luik wordt vertegenwoordigd door de Italianen Luigi Dallapiccola (1904-1975) en Luciano Berio (1925-2003).

Phillippe Boesmans was in zijn kindertijd uren aan de radio gekluisterd. De kennismaking met de muziek van Chopin en Wagner was voor hem een even grote sensatie als de ontdekking van de liefde tijdens de pubertijd. Hij wou musicus worden om te zijn zoals Wagner en begon met een studie piano aan het conservatorium van Luik. Maar opnieuw speelde de radio een bepalende rol. Dankzij een toevallige ontmoeting kwam hij bij de RTBF terecht om een dag per week muziekmontages te maken in heel uiteenlopende stijlen. Misschien heeft dat van hem een componist gemaakt. De rest van de week kon hij aan componeren wijden. De jonge Boesmans baadde in het avant-gardemilieu van Darmstadt en maakte deel uit van het Ensemble Musiques Nouvelles.

Boesmans is beïnvloed door het serialisme, maar hij stootte met deze techniek op te veel grenzen en verboden, op een verlies van vrijheid. Voor hem moest de creatie altijd een noodzaak zijn en niet het alibi om een systeem (dogmatisch) toe te passen. Hij had moeite om de logica van het systeem te volgen als het resultaat niet muzikaal was.

Boesmans ziet een duidelijk verband tussen de muziek en de geschiedenis, het tijdsklimaat. Na de oorlog mocht het gevoel niet geuit worden, men verkoos de koude en de complexiteit. De muziek was eerder puur en hard. Hoe kon men na de Tweede Wereldoorlog immers van plezier spreken? Maar volgens hem verwarde men plezier met een voor hem noodzakelijke bevalligheid. Hij zocht een zekere lichtheid, en meer licht...

Daarom probeerde hij te 'reconstrueren': de betekenis van het vertellen terugvinden, de muziek weer laten 'spreken'. In plaats van abstract te schrijven in functie van een theorie, wou hij een soort van plezier terugvinden, want een obsessioneel systeem neemt - zo zegt hij - het plezier van de communicatie weg.

Het resultaat is een heel persoonlijke taal, waarin de communicatie met de luisteraar centraal staat. Terwijl hij schrijft, denkt hij namelijk aan mensen die hij kent en hij schat voortdurend hun reacties in. Het publiek moet volgens Boesmans het discours beter kunnen volgen. De complexiteit of een complex procédé is voor hem een middel, geen doel. Men moet virtuositeit aandurven om ze expressief te maken. Er moet een evenwicht zijn tussen complexiteit en verstaanbaarheid.

Boesmans laat zich dus niet dicteren door een systeem. Hij houdt ervan te vergeten om opnieuw te kunnen leren. In de ascese van het lege blad vindt hij vreugde, plezier en geluk. Hij moet altijd opnieuw 'beschikbaar zijn'. Hoewel hij natuurlijk over een goede dosis vakmanschap beschikt, geeft hij af en toe de indruk die te verwerpen, uit schrik om academisch te zijn. Kleuren, ritmes en vormen bedenkt hij 'sur-le-champ'. Voor hem bestaat de kunst erin bij elk stuk te kunnen kiezen wat hij nodig heeft, niet wat toevallig opduikt door de toepassing van een systeem.

Wat bij Boesmans overgebleven is van het postseriële en het totaal chromatische tijdperk, is de precisie van de notatie. Die is altijd van groot belang gebleven voor hem. Men heeft toen de dingen leren preciseren. Aan elke noot werden nuances gegeven, wat de aanslag en de intensiteit betreft. Die evolutie was al begonnen bij Mahler, maar bereikte in het serialisme de extreemste radicaliteit.

Boesmans' muziek heeft de reputatie van niet gemakkelijk uitvoerbaar te zijn. Hij houdt ervan de mogelijkheden van een instrument uit te breiden, nieuwe timbres te creëren. Van de hedendaagse muziek behoort de muziek van Berio tot die welke hem het meest geraakt heeft. Uit het volgende citaat blijkt dat Boesmans zich echt aangetrokken voelde door de muziek van Berio: " Il ya a de l’amour dans sa musique, un don. Il avait trouvé comment faire chanter et parler la percussion. Elle disait des mots, des syllabes. C’était tout un univers acoustique qui s'ouvrait pour moi... Berio renouait avec une composante éternelle de la musique: le jeu tension/détente et, en plus, il lui offrait la saveur des mélanges de couleurs les plus excitants."

Programma :
  • Luigi Dallapiccola, Piccola musica notturn
  • Philippe Boesmans, Pianosextet
  • Philippe Boesmans, Tunes
  • Philippe Boesmans, Sur Mi
  • Luciano Berio, El mar la mar
Tijd en plaats van het gebeuren :

Vlaanderen internationaal : Philippe Boesmans, Luigi Dallapiccola en Luciano Berio
Donderdag 28 februari 2008 om 20.00 u
(Introductie : gesprek met Philippe Boesmans en Kristin Van den Buys om 19.30 u )
Koninklijk Conservatorium Brussel - Kleine concertzaal
Kleine Zavel 5
1000 Brussel

Meer info : www.kcb.be

Bron : Tekst Veerle Van Bouchaute, Publicaties KCB, februari 2008

Extra :
Philippe Boesmans Bio en Portret (Serge Quoidbach) op www.arsmusica.be
Review : Philippe Boesmans 'Julie', Tristan Faes op Kwadratuur.be, 27/07/2006
Interview : Philippe Boesmans schrijft 'Julie' voor de Munt. Kleine opera, grote gevoelens, Geert Van der Speeten in De Standaard, 8/03/2005
Een expresinterview met Philippe Boesmans op www.ictus.be

12:00 Gepost in Concert | Permalink |  Facebook

Bast : een muzikale zoektocht tussen oost en west

Laïla Amezian, Bast De Belgisch-Marokkaanse zangeres Laïla Amezian, bekend van o.a. de groep Arabanda, zet in haar muzikale universum de deuren open voor alle mogelijke klanken, genres en instrumenten. In haar nieuwe project Bast put zij inspiratie uit The Prophet (1923), een filosofisch verhaal van de Arabisch-christelijke schilder en dichter Gibran Khalil Gibran.

Uit de originele Engelse versie van Gibrans boek en uit de Arabische vertaling heeft Laïla Amezian kleine gedichtjes gedistilleerd en omgezet in melodische gezangen. Cistrespeler Michaël Grébil zorgt voor de arrangementen. Bast iseen menselijke en muzikale zoektocht naar het evenwichtspunt tussen oost en west, naar het punt waarin traditie, jazz, hedendaagse muziek, postrock en electro een onbegrensde vermenging met elkaar aangaan.

Al meer dan 10 jaar staat Laïla Amezian op de planken van vele concertzalen en festivals, zowel in België als in Italië, Spanje, Nederland, Groot-Brittannië en Marokko, haar land van origine. Talloos zijn de optredens van deze zangeres, van wie het stemgeluid gevormd is door de Maghrebijnse traditie, waarna zij al snel beïnvloed werd door de jazz, het Franse chanson en door wereldmuziek in het algemeen, wat haar een heel bijzonder timbre gaf Laïla Amezians parcours is eclectisch: van bij haar debuut zingt zij jazz-standards en Franse chansons, om dan weer te swingen op het ritme van soul en funk... Van nature geïnteresseerd in de confrontatie tussen haar Magherbijnse achtergrond en het muzikale leven dat haar in Brussel omgeeft, gaat ze daarna onvermoeibaar op zoek naar muziek-, theater- en dansprojecten die haar toelaten soms een 'echte Brusselse' te zijn en op andere momenten weer heel Marokkaans. In 1996 brengt Amezian in België, Spanje en Japan een CD uit die de titel Initial meekrijgt. Dit betekent echter niet het begin van een solo-carrière. "Ik heb de zaken in omgekeerde volgorde aangepakt", zal zij later besluiten. Om de dingen in een natuurlijke volgorde te laten verlopen, gaat ze op zoek: ze experimenteert, opnieuw en opnieuw, om op een dag haar eigen muzikale stijl te vinden. Zo begeleidt er overal in België verschillende groepen, in het Frans, Maghrebijns, Engels, Spaans en Nederlands, soms zelfs in het Duits, Bulgaars of Georgisch. Met die verschillende groepen neemt ze ook cd's op. Maar vooral staat ze op het podium: van culturele centra tot grote zomerfestivals, van concertcafé's tot tenten... Altijd met diezelfde drang om te geven en te ontvangen, om daarna nog meer te geven...

Met Bast wil ze de oren van het publiek verwennen met intieme melodieën, ondersteund door zorgvuldig gekozen muzikanten die de echo van haar stem en haar universum zijn. Voor dit soloproject heeft ze ervoor gekozen The Prophet op muziek te zetten, een van de grote werken van de dichter Gibran Khalil Gibran. Ze zal zingen in de twee talen van de auteur: het Engels en het Arabisch. Het is niet alleen door hun beider gebruik van twee talen (bij Amezian het Frans en het Arabisch) dat ze zich verbonden voelt met deze auteur: waar zijn hart uitgaat naar Amerika én naar Libanon, gaat haar hart uit naar hier én naar Marokko, maar vooral, naar hier. Want het is uit het hier dat zij beslist haar inspiratie te putten, het hier en het nu. Een ingesteldheid die resoluut kiest voor het heden, met de blik gericht op de toekomst. Het gaat niet om hernemingen of om een bestaand reperoire dat werd overgedragen door de traditie, maar om de wil om voorbij te gaan aan de nostalgie om zo te kunnen handelen en creëren.

Doorheen alle voorgaande fases hebben haar verwachtingen en muzikale intuïtie haar telkens een stap dichter bij zichzelf gebracht, en vandaag stelt zij haar eerste creatie voor aan het publiek: Bast. Een creatie die is gegroeid vanuit haar wens om het publiek te bevragen rond het begrip identiteit, niet alleen de culturele identiteit, maar simpelweg de menselijke...

Laïla Amezian over Bast : "Geïnspireerd door de soefische traditie, waarbij een woord herhaald wordt tot in het oneindige om die staat van verlichting te bereiken waarin het zelf verdwijnt, heb ik de tekst van Khalil Gibran benaderd vanuit deze innerlijke trance, die herhaling, om er uiteindelijk uit te puren wat mij persoonlijk de essentie leek. 'De Profeet' is het vertrekpunt van het project, en de zangmelodieën zijn gecomponeerd op basis van fragmenten in het Engels (de originele schrijftaal) en het Arabisch. Rondom dit 'skelet' zullen de instrumenten hun rol toebedeeld krijgen. De instrumenten voegen een extra dimensie toe door middel van tegenmelodieën, accenten, nuancering of contrast, dit alles in een orkestratie die vrij is van enige bestaande voorgeschreven vorm.
De arrangementen van de liederen heb ik toevertrouwd aan Michaël Gébril. Het modale muzikale universum induceert een horizontaal perspectief, dat binnen een traditionele muzikale context niet noodzakelijk om een andere benadering vraagt. Maar in de mukzikale context die ik wilde bereiken, waar werelden zich verstrengelen, zich boven elkaar plaatsen, overlappen, hun plaats verlaten om een andere plek binnen te dringen, is het verticale perspectief dat door Michaël Grébil wordt aangebracht noodzakelijk. Op die manier kunnen de twee assen zich kruisen in een constante beweging van evenwicht en onevenwicht. Erwin Vann werkte mee aan de muzikale leiding, en zorgde op die manier voor vloeiendheid en een perfecte afwerking.
De zang is de centrale as. De instrumenten worden gekozen in functie van de arrangementen: minimalistisch met elektronica, somber en compact met elektrische gitaar, sober met luit en sister, impressionistisch met sax, lyrisch en bevlogen met cello. Bij dit alles wordt plaats gelaten voor de ritmische kracht van de teksten, ondersteund door slagwerk, maar zonder opgelegde rol voor elk instrument."

Tijd en plaats van het gebeuren :

Laïla Amezian : Bast
Donderdag 28, vrijdag 29 februari en zaterdag 1 maart 2008, telkens om 20.30 u

Kaaitheaterstudio's
Onze-Lieve-Vrouw van Vaakstraat 81
1000 Brussel

Meer info : www.kaaitheater.be

Elders op Oorgetuige :
De echo van De Profeet : Gesprek met Laïla Amezian,  24/02/2008
Soirée composée - Ensemble Explorations, Laïla Amezian, Erwin Vann & friends, 4/09/2006

07:00 Gepost in Concert | Permalink |  Facebook

25/02/2008

Iceland on the edge : een stukje IJsland in Brussel

Iceland on the Edge In het Paleis voor Schone Kunsten in Brussel loopt van eind februari tot begin juni een het festival Iceland on the edge. Met dit IJslandfestival stelt Bozar zich open voor de veelzijdigheid van die IJslandse kunstscène : maar liefst 20 evenementen, ingedeeld volgens 4 thema' s. Je kan er kennis maken met beeldende kunst, film, dans, theater en uiteraard veel muziek.

IJsland, bevolkt door de afstammelingen van Noormannen en Kelten, spreekt al eeuwen tot de verbeelding. Het vulkanische eiland in de Noord-Atlantische oceaan wordt vaak geroemd voor zijn geisers, gletsjers en verrassende natuur. Ondanks het feit dat er maar 300.000 inwoners zijn en die slechts één vijfde van het land bewonen, is het opvallend hoe het culturele leven er bruist als nergens anders. IJsland heeft immers 90 muziekscholen, 6.000 koorzangers, 400 orkesten en ensembles en kan uitpakken met enkele van de beste muzikanten en artiesten ter wereld, denk bijvoorbeeld maar aan Björk en Sigur Ros. Bovendien blijken IJslandse artiesten van alle markten thuis. Muzikanten blijken ook talent te hebben als beeldend kunstenaar, schrijvers worden acteurs en zangers maken films.

Het hele festival berust op grofweg vier pijlers. 'Pure Energy' staat symbool voor de dynamiek tussen cultuur en natuur, 'Independent People' voor de kracht en de overlevingsdrang van de IJslanders. 'Bad Taste' (Smekkleysa) is de naam van een IJslands cd-label, maar staat vooral symbool voor de veelzijdigheid van de IJslandse kunstscène, en 'Sagas' ten slotte verwijst naar de rijke geschiedenis, die begint met de Vikings in de 9de eeuw.

Tij en plaats van het gebeuren :

Iceland on the Edge
Van woensdag 27 februari tot zondag 15 juni 2008

Paleis voor Schone Kunsten,
Ravensteinstraat 23
1000 Brussel

Het volledige programma en alle verdere info vind je op www.bozar.be en www.bozar.be/blog/iceland

Extra :
www.icelandreview.com
Festival: Iceland on the Edge, Anne Brumagne op www.brusselnieuws.be, 12/02/2008

Elders op Oorgetuige :
Iceland Airwaves : een staalkaart van de IJslandse muziekscène, 12/02/2008

07:00 Gepost in Concert | Permalink |  Facebook

24/02/2008

Blue Note Records Festival Indoor : intiem festival met aandacht voor jazzvormen waarvoor het zomerfestival te groot geworden is

Blue Note Records Festival Indoor Blue Note Records Festival & Muziekcentrum De Bijloke Gent presenteren in 2008 voor het eerst het 'Blue Note Records Festival Indoor' dat zal plaatsvinden op donderdag 28 februari en zondag 2 maart 2008 in de gebouwen van Muziekcentrum De Bijloke in Gent. Net als bij het bekende zomerfestival, dat in juli 2008 al aan zijn 7de editie toe is, staat kwaliteit in presentatie en muziek centraal.

De schitterende nieuwe infrastructuur van de Bijloke leent zich bijzonder goed voor een intiem festival met aandacht voor jazzvormen waarvoor het zomerfestival te groot geworden is. Tijdens de Indooreditie zal dan ook plaats gemaakt worden voor integere, akoestische projecten en meer vrije vormen van jazz. Op donderdag 28 februari en zondag 2 maart zullen telkens twee concerten geprogrammeerd worden in de grote concertzaal van de Bijloke Muziekcentrum. Tussen deze concerten zullen in de verschillende ruimtes van het muziekcentrum akoestische concerten te beluisteren zijn waaronder veel creaties die voor dit festival werden uitgewerkt. De bezoekers kunnen daarbij een keuze maken uit het aanbod en de muziek van erg dichtbij beleven. De capaciteit van deze ruimtes is beperkt en de deuren sluiten bij aanvang van de concerten.

Donderdag wordt het festival op gang getrokken door Gianluca Petrella met zijn Indigo 4 project. Deze trombonist maakte afgelopen zomer reeds een gesmaakte passage op het Blue Note Records Festival en bewees dat hij de erkenning van Downbeat als meest veelbelovend talent op trombone waard is.
Daarna heeft Bart Maris, in samenwerking met de programmatoren een reeks concerten voorzien waarin beeldhouwers-muzikanten centraal staan. Zelf stelt hij in het Toegangsgebouw van de Bijloke zijn installatie 'Loops' op. Dertig bandopnemers vormen, elk met hun eigen trompetfragment gemonteerd in een variabele stilte, een zichzelf steeds vernieuwende compositie. In het Kraakhuis presenteert hij een multimediale voorstelling voor klank en beeld, gebracht door Peter Jacquemyn, Sigrid Thange en André Goudbeek.
In de Aula staat een creatie van Zeger Vandebussche en Dirk Wouters en op de Mezannine brengen Paul van Gysegem, Paula Bartoletti en Bart Maris eveneens een creatie.
Als afsluiter van de avond kon het festival pianist Cecil Taylor strikken. Taylor staat, naast Ornette Coleman, bekend als een van de grondleggers van de free jazz. Zijn energieke en ritmisch complexe muziek is uitdagend en fascinerend. Zijn gebalde pianospel met sterke aanslag kan bij een eerste confrontatie moeilijk te verwerken zijn maar zijn baanbrekende werk en de rijke gelaagdheid maken hem tot een van de absolute grootmeesters in het genre. Zijn speeltechniek wordt vaker vergeleken met drums en percussie dan met andere pianisten en heeft zowel wortels in de moderne klassieke muziek als in jazz. Deze pianoleeuw krijgt solo alle ruimte die hij nodig heeft om u genadeloos bij de strot te grijpen met zijn intense spel.

Zondag bijten Stefano di Battista en Baptiste Trotignon de spits af. Di Battista, een van de meest boeiende artiesten op de Europese scene, opende het allereerste Blue Note Records Festival. Hij gaf toen al, letterlijk na een ouverture van bliksem en donderslag een schitterend concert. Trotignon leverde dit jaar een fantastische plaat af waar ook onze eigen Dré Pallemaerts op meespeelt. Dit duo zal ongetwijfeld zorgen voor een beklijvende start van de dag.
Daarna is het de beurt aan de gastprogrammatoren van CiCliC. Een muziek-collectief, een 'opnamelabel' en een platform voor jazz en experimentele muziek met thuisbasis in Gent. De drijvende krachten achter CiCliC, drummer Giovanni Barcella en gitarist Eli Van de Vondel, stellen een reeks creaties voor waarin filosofie en muziek elkaar raken. Het Kryptos Kwartet, duo Erik Thielemans en Eli Van de Vondel en duo Heleen Van Haegenborgh en Esther Venrooy vinden elkaar op drie podia in het Kraakhuis.
Op de Mezzanine brengen drie zangeressen met Weaving with Saliva, een spraakverwarrende discussie, begeleid door elektronica. In de Aula brengt Giovanni Barcella, samen met Pierre Bernard, Sylvie Strosser, Irene Aebi en Berlinde Deman Sofocles' Antigone. Een tragedie over de liefde en over de eeuwige idioterie van de macht in een versie voor 5 instrumenten, elektronica en recitatieve stemmen. Op de videoschermen in de Foyer zal videoproject "Dark Speeches" van Lazara Rosell Albear te zien zijn. Het festival wordt afgesloten door Steve Kuhn Trio & Sheila Jordan. Sheila Jordan bracht met Portrait of Sheila Jordan in 1963 een van de beste vocale cd 's ooit op het Blue Note label uit. In de jaren zeventig werkte ze voor het eerst met Steve Kuhn. Deze pianist werd bekend door zijn samenwerking met legendarische muzikanten als Stan Getz, Kenny Dorham en John Coltrane.

Tijd en plaats van het gebeuren :

Blue Note Records Festival Indoor
Donderdag 28 februari vanaf 18.00 u en zondag 2 maart 2008 vanaf 16.00 u
Muziekcentrum De Bijloke
Jozef Kluyskensstraat 2
9000 Gent

Meer info : www.bluenoterecordsfestival.com, www.myspace.com/bluenoterecordsfestival en www.debijloke.be

Reviews :
Baptiste Trotignon/David El-Malek 'Fool Time', Kris Baetens op Kwadratuur.be, 04/11/2007
Frederik Croene & Esther Venrooy, 'Hout', Koen Van Meel op Kwadratuur.be, 18/02/2006
Gianluca Petrella, 'Indigo 4', Simon Claessens op Kwadratuur.be, 20/01/2006
André Goudbeek / Xu Fengxia / Joe Fonda - 'Seperate Realities', Simon Claessens op Kwadratuur.be, 28/10/2004
Esther Venrooy, 'To Shape Volumes, Repeat', Koen Van Meel op Kwadratuur.be, 29/02/2004

Video :
Bart Maris, Gianluca Petrella, Stefano di Battista, Baptiste Trotignon, Erik Thielemans, Giovanni Barcella, Cecil Taylor, Steve Kuhn en Sheila Jordan op YouTube

Extra :
Aankondiging Blue Note Records Festival Indoor, Koen Van Meel op Kwadratuur.be, 10/02/2008
Cecil Taylor, 'Part 2' door Cecil Taylor (piano)op Kwadratuur.be (met tijdelijke audio)
Gianluca Petrella - Indigo 4: Kaleido in De Morgen, 16/01/2008
Blue Note Records Festival 2008 Indoor, Koen De Bruyn op www.crooze.fm, 12/12/2007

Elders op Oorgetuige :
De Solist : Paola Bartoletti & Sanne van Giel, 20/02/2008
Peter Jacquemyn, Arne Deforce & Sigrid Tanghe : dialoog over de grenzen van beeldende kunst en muziek, 17/02/2008
Improvisatie-opera en trompetvuurwerk op tweede avond Free Music 2007, 19/09/2007
Ciclic : False Time - Slow Memory, 8/04/2007
Radio Art : Shift coordinate points, 17/11/2006
Bloedstollende, warme sound van 'Hout' en 'Scratch'-keramiek, 3/06/2006

18:50 Gepost in Concert | Permalink |  Facebook

(K-RAA-K)³ festival dompelt je onder in alles wat fris, wild en legendarisch is

(K-RAA-K)³ Festival 2008 Het (K-RAA-K)³ festival verhuist voor zijn tiende editie naar de hoofdstad. De muzikale reis gaat deze keer deels door in Recyclart en deels in Kunstencentrum Les Brigittines, op een steenworp van elkaar verwijderd. Een ontheiligde muziekclub en een gerestaureerde kerk. En ook dit jaar wordt er weer gegoocheld met verschillende muziekstijlen. Modern klassiek, improvisatie, skiffle, weird punk, (weird) boogie rock, boogie punk en uiteraard een greep onvermijdelijk psychedelisch gitaargeweld. Voor wie het even niet meer aankan zijn er bovendien vluchtroutes naar een filmzaal, één van de twee cafés en frisse lucht tussen de beide locaties. Nog maar eens een hoop redenen voor een jaarlijkse tien uur durende onderdompeling in alles wat fris, wild en legendarisch is.

(K-RAA-K)³ is een muziekorganisatie die presentatie- en ontwikkelingsmogelijkheden biedt binnen het veld van nieuwe, avontuurlijke muziek. Doorheen de jaren wist (K-RAA-K)³ zich te profileren als een echte kwaliteitsnaam op het vlak van vernieuwende populaire muziek. Bij de artistieke keuzes wordt vooral rekening gehouden met hoe boeiend, uitdagend, vernieuwend en relevant de muziek is. (K-RAA-K)³ wil telkens opnieuw verrassen, nieuwe zaken presenteren of muziek vanuit een andere hoek belichten.

De Belgische acts op het festival zijn Henri Pousseur (componist electro-akoestische muziek), Hellvete (freefolk & drones) en R.O.T. (improvisatie & drones).
Voorts zullen ook Marshall Allen & Paul Hession (us/uk), Bardo Pond (us), Ceramic Hobs (uk), Cherry Blossoms (us), Dragons of Zenyth (us), Richard Crandell (us), Clockcleaner (us), Ton Lebbink (nl), Alex Mackenzie (ca), Sean Meehan (us), Pink Reason (us), Psychedelic Horseshit (us), Silver Apples (us) en Up-tight (jp) van de partij zijn.

De filmaffiche vermeldt LAFMS: The lowest form of music, Not there, Hommage au sauvage: Henri Pousseur, Luc Ferrari devant sa Tautologie en Labrat matinee

Tijd en plaats van het gebeuren :

(K-RAA-K)³ Festival 2008
Zaterdag 1 maart 2007 vanaf 14.00 u
Recyclart

Ursulinenstraat 25
1000 Brussel
www.recyclart.be

Les Brigittines
Korte Brigittinenstraat
1000 Brussel
www.brigittines.be

Het volledige programma en alle verdere info vind je op www.kraak.net/festival2008

Extra :
(K-RAAK-K)³-festival 2008: Jaarlijkse duik in de muzikale underground, Sven Claeys op Kwadratuur.be,  20/02/2008
Interview : Dave Driesmans en Steve Marreyt - (K-RAA-K)³, Sven Claeys op Kwadratuur.be,  01/06/2007
Program 'Silver Apples' en Take it to Ride 'Dragons of Zynth' op Kwadratuur.be (met tijdelijke audio)

Elders op Oorgetuige :
Luc Ferrari : film voor de oren, 22/10/2007
Portretconcert Luc Ferrari, 25/06/2007
De Nieuwe Reeks : Voix et vues planétaires, 22/04/2007

16:00 Gepost in Concert | Permalink |  Facebook

23/02/2008

Politiek engagement en artistieke vernieuwing : de weg van Luigi Nono

Luigi Nono Vanaf 25 februari kan je bij De Nieuwe Reeks in Leuven opnieuw terecht voor 6 concerten met avontuurlijke, nieuwe muziek. Tijdens het eerste concert brengt het Nederlandse Schreck Ensemble een twintigste-eeuws programma met twee grote werken uit het oeuvre van de Italiaanse avant-gardist Luigi Nono: "La fabbrica illuminata" en "La lontananza utopica nostalgica futura". "De muziek van Nono vergt van de musici uiterste concentratie en een bijzonder goede timing in een traag dramatisch ritme. Dat gaat de leden van het Schreck-Ensemble goed af ", aldus Emile Wennekes in het NRC Handelsblad (21/11/1996)

Het Ensemble Schreck, gespecialiseerd in hedendaagse instrumentale en elektro-akoestische muziek, brengt twee hoogtepunten uit het veelzijdig oeuvre van sociaal geëngageerd Italiaans componist Luigi Nono. Met de integratie van akoestische en elektronische klanken en zijn speurtocht naar nieuwe muzikale vormen zoekt Nono naar een evenwicht in de verhouding tussen mens en machine.

De Italiaanse componist Luigi Nono (1924-1990) zocht in zijn composities naar een samengaan van politiek engagement en artistieke idealen. Muziek was voor Nono het middel in zijn strijd tegen het neofascisme. Tegelijkertijd zocht hij naar artistieke vernieuwing. Beide aspecten zag Nono verenigd in het werk van Arnold Schönberg, met wiens dochter Nuria hij was getrouwd. Samen met componisten als Pierre Boulez en Karlheinz Stockhausen behoorde Nono tot de grote vernieuwers van de naoorlogse muziek. Nono keerde zich echter af van de bourgeois cultuur en wilde op een meer directe wijze communiceren met de luisteraar. Hij ging zich richten op de elektronische muziek en maakte een aantal expliciet politieke werken, waaronder 'Y entonces comprendió' (1970) met daarin de stem van Fidel Castro.
Toen begin jaren tachtig de politieke verhoudingen complexer werden en het moeilijker werd een eenduidig statement te maken, kwam Nono in aanraking met de Experimentalstudio van Heinrich Strobel in Freiburg. Vanaf dat moment ging hij zich steeds meer interesseren in de ruimtelijkheid van klank. Zijn laatste composities kenmerkten zich door verstilling en vertraging en kunnen gezien worden als een aanklacht tegen de afstompende massamedia van de moderne samenleving.

La Fabbrica illuminata
'La Fabbrica Iilluminata' bestaat uit een viersporenmontage van geluiden uit een hoogovenbedrijf dat indertijd bekend stond als de dodenfabriek. Het rauwe geluid wordt gemixt met de live-zang van een sopraan. Nono wilde op zijn manier de onmenselijke werkomstandigheden aanklagen. Het is de tweede studio-compostie van Luigi Nono. Dit werk was in eerste instantie gecomponeerd voor de opening van dc ‘Prix Italia’ 1964 van de RAI, maar de uitvoering werd afgelast vanwege de openlijke politieke stellingname van de tekst. Uiteindelijk vond de première plaats in 1965 in het theater La Fenice in Venetië.
Als klankmateriaal voor de band voor de band gebruikte Nono opnames die hij gedurende drie dagen kon maken in de 'Italsider'-metaalfabriek in Genua-Cornigliano, die werden aangevuld met het koor van de RAI, met de stem van zangeres Carla Henius en met elktronische klanken. De band werd gesrealiseerd in de Studio di Fonologica in Milaan in samenwerking met technicus Marino Zuccheri.
De teksten zijn samengesteld door Guiliano Scabia uit interviews die hij had met verschillende arbeiders van de fabriek over hun arbeids- en levensomstandigheden. Daarnaast gebruikte hij eigen observaties en vervolledigde hij het stuk met enkele versregels van de dichter Cesare Pavese.

La Fabbrica Illuminata is een van de bekendste werken uit de vroege periode van de elektronische muziek, een werk dat de barrière van de 'vreemdheid' van dit type muziek kon doorbreken. Mogelijk heeft de politieke boodschap en de eenheid van inhoud, klankmateriaal en muzikale structuur dit onmiddelijke begrip in de hand gewerkt. De linkse, communistische oriëntering is kenmerkend voor Nono's werken uit deze periode, waarin hij zich bezig houdt met de tegenstelling tussen realiteit en utopie.
In La Fabbrica Illuminata uit zich dat in enerzijds het aan de kaak stellen van de belabberde arbeidsomstandigheden in de metaalfabriek, de 'fabbrica dei morti', en de ontwrichtende uitwerking daarvan op het leven van de arbeiders zelf. Zo merkt Nono op dat "de klankomgeving van de arbeid de manier van spreken van de arbeiders beïnvloedt tot in hun dagelijks leven, en zelfs tot in hun gezinsleven". Zijn muziek heeft hier een illustrerende werking, onder meer door de quadrofonische uitsturing van de band, die de ruimte-ervaring van de fabriek oproept. Anderzijds voegt hij met de solo-stem de hoop op een betere toekomst toe. Het is niet alleen fabriek vol schel licht, maar ook een fabriek die naar verlichting leidt. De solo aan het slot leidt ons weg van de 'citta dei morti'.

La lontananza nostalgica utopica futura
'La lontananza nostalgica utopica futura' is een compositie uit 1988-1989. De ondertitel luist : "Madrigale per più "caminantes" con Gidon Kremer, violino solo, 8 nastri magnetici, da 8 a 10 leggi (soloviool, 8-sporen bandrecorder en 8 tot 10 lessenaars). De titel wordt als volgt verklaard: het verleden (nostalgica), weerkaatst in het heden, leidt tot een nieuwe ideale wereld (utopica ) in de toekomst (futura). La lontananza betekent verte.

Het is een erg experimentele compositie. Op de plaats waar de uitvoering plaatsvindt worden 6 lessenaars (met muziek voor de solist) en 2 lege lessenaars verspreid over de concertzaal (ook eventueel tussen publiek). De lessenaars met de solopartij moeten zo geplaatst worden dat de solist niet direct van lessenaar tot lessenaar kan lopen; hij moet er altijd eentje overslaan. Het is de bedoeling dat de solist tijdens zijn wandeling van de ene naar de andere lessenaar een keuze kan maken naar welke lessenaar hij/zij loopt. De 6de lessenaar bevat het slotstuk en staat dus dichtbij de uitgang van het podium. Al naar gelang de wens van de solist moeten minimaal 2 tot maximaal 4 extra (dus lege) lessenaar bijgeplaatst worden. De compositie begint met het starten van de tape, de solist valt daarna in. De tape bevat allerlei omgevingsgeluid: een passerende trein, een vallende pen, stemmen, percussie-instrumenten, lessenaars die op de grond vallen etc. De acht sporen zijn nooit tegelijk in gebruik. De tape is gefabriceerd onder leiding van de componist en Hans Peter Heller in de studio van de Heinrich-Strobel-Stifting van de SWR Freiburg; geluidsman toen: Rudolf Strauss.

'La lontananza nostalgica utopica futura' voert ons als mede-reizigers verder mee op de weg die Nono ons wijst naar een mogelijke utopische wereld,
Nono : "Ik geloof dat de mens meer dan ooit over gelegenheid en ook het vermogen beschikt om te studeren, andere wegen open te leggen, om toppen te vinden, te ontdekken, die verder reiken dan de hemel, andere ruimtes, andere aardes, andere afgronden, andere fantasieën".
De muziek doet echter geen enkele poging om het publiek te behagen: de violist en de 8 tapes zoeken allemaal een eigen weg, waarbij de violist zijn weg baant langs acht opgestelde muziekstandaards. Daarmee creëerde Nono een desolaat landschap, dat beantwoord aan de regels die de componist aantrof op de muur van een klooster in Toledo: 'Reiziger, er zijn geen wegen, maar laten we gaan".

Programma :
  • Luigi Nono, La Fabbrica illuminata
  • Luigi Nono, La lontananza nostalgica utopica futura
Tijd en plaays van het gebeuren :

Schreck Ensemble : Luigi Nono
Maandag 25 februari 2008 om 20.30 u
(Inleiding door Daan Janssens i.s.m. MATRIX om 19.45 u)
STUK
Naamsestraat 96
3000 Leuven

Meer info : www.denieuwereeks.be, www.stuk.be en www.schreck.nl

Bronnen : Wikipedia en teksten Hans van Eck voor het Schreck Ensemble op www.schreck.nl

Extra :
Luigi Nono, biografie op www.arsmusica.be
Luigi Nono op d-sites.net
Luigi Nono : Componeren met gebalde vuisten. De revolutie-muziek van Luigi Nono, Paul Luttikhuis op www.arsmusica.be
Luigi Nono : Antifascist, Jan de Kruijff op www.musicalifeiten.nl
Luigi Nono: een hedendaags Italiaans componist, Harry Mayer op www.mayertjes.nl, 19/12/2006
Luigi Nono: on what would have been the composer's 80th birthday, John Warnaby reflects on his life and music, John Warnaby op www.musicweb-international.com, 2004

Elders op Oorgetuige :
Percussieconcert met verrassende instrumenten en spectaculaire klanken, 20/11/2006
Nono-Project : Champ d'Action en Josse De Pauw, 20/06/2006

10:00 Gepost in Concert | Permalink |  Facebook

22/02/2008

Een verhaal van goed en kwaad : de 20ste eeuwse sonate

Frederik Croene Onder de noemer 'De 20ste eeuwse sonate' speelt pianist Frederik Croene 4 sonates van Béla Bartok, Igor Stravinsky, Alban Berg en Leoš Janáček. De keuze om deze vier cruciale componisten van de eerste helft van de 20ste eeuw die elk slechts één sonate componeerden samen te brengen garandeert een boeiend verhaal: de enorme diversiteit aan pianistieke mogelijkheden in een tijdsspanne van zo'n 20 jaar. Vier sonates vertellen met ongeëvenaarde spirituele intensiteit een archetypisch verhaal van goed en kwaad. Doordat de werken als koppels voorgesteld worden krijgt de luisteraar de kans kennis te maken met duidelijke tegengestelde manieren van componeren. Hij kan telkens twee werken tegenover elkaar afwegen: complexe, ondoordringbare compositorische arbeid wordt naast een gebalde, eenvoudige compositie geplaatst. Als klap op de vuurpijl is er nog 'Just Before', een spectaculair pianowerk met soundtrack van de jonge Nederlander Michel Van der Aa.

Béla Bartók - Sonate voor piano Sz80
Béla Bartók
(1881-1945) had een grote etnomusicologische gbelangstelling en verzamelde een enorme hoeveelheid volksmuziek. In tegenstelling tot vele andere zgn. nationale componisten die volksliederen gebruikten om couleur locale te verlenen aan hun werk, distilleerde hij eerst de bouwstenen van de volksmuziek en gebruikte de resultanten van dit fijnzinnig proces op onnavolgbare wijze en in zeer geconcentreerde vorm in zijn muziek.
Bartóks Sonate voor piano Sz80 is een van zijn belangrijkste meesterwerken. Hij componeerde ze in 1926, nadat hij zich bovenop zijn reeds decennialange studie van de Hongaarse volksmuziek twee jaar lang verdiept had in de muziek van Bach, Couperin, Scarlatti en Stravinsky. Dat resulteerde in een nieuwe reeks topwerken. 1926 was trouwens een sleuteljaar in Bartóks productie: hij bracht een heleboel materiaal bijeen en voltooide verschilende projecten die de basis waren van een nieuwe op synthese gerichte stijl, gekenmerkt door een lineaire textuur en een feilloos evenwicht tussen motorische gedrevenheid en vormbesef. Zijn enige 'sonate' dateert van dat jaar en bestaat uit drie delen: het is een granieten, bijna angstaanjagend werk dat een gote invloed had op de 20ste euwse pianoliteratuur.
In zijn Sonate knoopt Bartók uiteraard aan bij de klassieke sonatestructuur, maar hij integreert er ook elernenten in uit de Hongaarse volksmuziek: de onstuitbare polyritmische spankracht en een inventieve toepassing van modale toonladders, waarmee hij de traditionele alternering van mineur- en majeurtoonaarden doorbreekt. Binnen de module van de traditionele sonatevorm (expositie van de thema’s, doorwerking en re-expositie) is het eerste deel - Allegro moderato - echter van een compromisloze moderniteit: spanningsvolle, complexe thema's, genadeloos dissonant en percussief, quasi-orkestraal, massief en onstuitbaar.
Het tweede deel, Sostenuto e pesante, zoekt verbeten en met de hypnotiserende aandrang van zijn talloze gerepeteerde noten en motieven naar houvast, maar biedt niet de verhoopte ontspanning. Het blijft percussief, genadeloos en onherbergzaam.
De Finale is een snel Rondo (Allegro molto), dat danst op elementaire maar zeer aanstekelijke ritmische patronen, ontleend aan de Hongaarse volksmuziek. Het bezit dezelfde onstuitbare en frenetieke stuwing van het eerste deel, en culmineert eveneens in een orgiastisch versneld stretto.

Igor Stravinsky - Sonate voor piano
De 'Sonate voor piano' van 1924 behoort met het 'Concerto voor piano en blazers' en het 'Octet' tot de werken waarin Igor Stravinsky (1882-1971) zijn naoorlogse koerswijziging demonstreerde. De nieuwe esthetiek werd door de opinieleiders van het Parijse milieu aangeduid met termen zoals 'nouveau classicisme', '‘objectivisme', 'réalisme' of 'style dépouillé'. De openlijke verwijzingen naar Bach in die muziek werden niet begrepen als een terugkeer naar een retrospectieve stijl, maar als een demonstratie van universeel geachte muzikale waarden.
De 'retour à Bach' groeide uit tot de belangrijkste mode in het Franse muziekleven van de jaren twintig. De slogan stond niet voor een terugkeer naar een historische stijl, maar voor een antiromantische esthetiek: het ideaal van een niet-descriptieve, niet-expressieve muziek van objectieve constructie.
Niet iedereen was echter ingenomen met die retour à Bach. Sergej Prokofjev verklaarde: "Stravinsky heeft een vreselijke pianosonate op de wereld gezet, die hij zelf uitvoert niet zonder een enige chique. Maar de muziek op zichzelf klinkt als Bach met pokken." Critici die Stravinsky's sonate genegen waren roemden de tendens tot lineariteit of contrapuntische ontwikkeling.
De uitgeweken Russische componist Arthur Lourié was in die tijd Stravinsky's bevoorrechte woordvoerder. Hij stelde dat de terugkeer naar oorspronkelijke muzikale vormen geen reactionaire houding was: "de originele klassieke vormen bevatten in zichzelf nieuwe ideeën… In de compositie van de sonate vergeet Stravinsky bewust de evolutie van die vorm sinds Beethoven doorheen de negentiende eeuw naar de Duitse pseudo-klassieke traditie. Stravinsky poneert opnieuw het principe van het instrumentale probleem en van de organische vorm van de sonate. Dit is de geest van zijn terugkeer naar de originele traditie van de achttiende eeuw." (*)

Alban Berg - Sonate op. 1
Alban Berg
(1885-1935) schreef met zijn eendelige Sonate op.1 (1908) zijn enige pianowerk van enige omvang (een 10-tal minuten). Het is een jeugdwerk dat in formeel opzicht aanleunt bij het klassieke sonate-allegro en geschreven werd onder supervisie van Schönberg, die Berg aanraadde het bij één deel te laten. De romantische gedrevenheid, dramatische zeggingskracht en formele expansiedrang van Berg komen reeds op sublieme wijze aan de oppervlakte in dit vroege werk.

Leoš Janáček, Sonate '1 Oktober 1905'
Leoš Janáček
(1854-1828) stamde uit een zeer muzikale familie en werd een uitmuntende pianist en organist. Hij was de belangrijkste Tsjechische componist van het einde van de negentiende eeuw en het begin van de twintigste eeuw. Janácek werd pas op zeventigjarige leeftijd internationaal beroemd door zijn opera Jenufa, een werk dat hij twintig jaren voordien had gecomponeerd. Het revolutionaire in zijn werk is het gebruik van proza als tekst in zijn opera's. De zogenaamde 'woordmelodie' vormt een van de belangrijkste kenmerken van zijn oeuvre. Het muzikaal reproduceren van het ritme en de intonatie van de gesproken taal ligt ook aan de basis van zijn oeuvre voor piano. De sonate '1.X.1905' (of Z Ulice, 'Van de straat') bestaat uit 2 delen : "Voorgevoel" en "De dood". Het werk werd geïnspireerd door de gewelddadige dood van Frantisek Pavlik tijdens een betoging voor de oprichting van een Tsjechische universiteit in Brno waar de Duitsers toen in de meerderheid waren.

Michel Van der Aa - Just Before
Michel van der Aa (1970) studeerde muziekregistratie en compositie aan het Koninklijk Conservatorium in Den Haag. Hij volgde compositielessen bij Diderik Wagenaar, Gilius van Bergeijk en Louis Andriessen. In 2002 volgde hij een opleiding filmregie aan de New York Film Academy. Deze opleiding droeg in niet geringe mate bij tot het filmisch karakter van zijn werk; het gebruik van filmbeelden en filmmuziek werden essentiële componenten van zijn partituren. Zo schreef hij niet alleen de muziek, maar verzorgde hij ook de regie en concipieerde en realiseerde hij de filmfragmenten in de opera's 'One' (2002) en 'After Life' (2005-2006), waarin regie, film en muziek op een hoogst eigen wijze versmelten.

'Just before' (2000) is een werk voor piano en soundtrack, waarbij de soundtrack uit vervormde pianogeluiden bestaat die een soort 'echo' zijn van het pianothema waar het stuk mee aanvangt. De elektronische component in Van der Aa's muziek hangt nauw samen met zijn achtergrond. In zijn jeugd speelde hij als gitarist in bandjes. Vóór hij aan het Koninklijk Conservatorium Den Haag compositie ging studeren, voltooide hij daar eerst de opleiding muziekregistratie. "Ik nam mezelf niet serieus genoeg om meteen aan een studie compositie te beginnen", zegt Van der Aa. "De studie muziekregistratie gaf me vier jaar tijd om analytisch met geluid bezig te zijn, mijn gehoor te trainen en met mijn neus in andermans partituren te turen. Toen ik eenmaal echt begon te componeren, wist ik daardoor erg goed wat ik wel en niet wilde. Dat maakte me als compositieleerling van Louis Andriessen, Gilius van Bergeijk en Diderik Wagenaar minder beïnvloedbaar, maar dat betekent niet dat mijn muziek wars is van stijlkenmerken van de Haagse componeerschool. Mijn voorkeur voor een zekere bondigheid in het gebruik van muzikaal materiaal is kenmerkend. En mijn muziek kan ook 'echt Haags' doorgieren en bonken, maar dat zijn secundaire kenmerken. De kwetsbare en poëtische kant die in veel van mijn stukken veel wezenlijker is, is weer helemaal niet typerend voor de Haagse school." (**)

In een belangrijk deel van zijn oeuvre combineert hij op geraffineerde wijze een live uitvoering met elektronische klanken op tape. Hij is gefascineerd door het spanningsveld dat onstaat door de rigiditeit van de tape tegenover het menselijke van de musicus. Die moet reageren op hele strenge cues. "Musici moeten echt op het puntje van hun stoel zitten om op tijd te zijn, de energie die je daarvan krijgt vind ik interessant. Ik houd erg van een uitputtingsslag, van een bijna masochistisch gevecht tegen de tape, zoals in Oog en in Attach", aldus Van der Aa.
"Ik zie de tape als extra instrument, een verlengstuk: ik gebruik hem alleen maar omdat ik er dingen mee kan doen die ik niet met een instrument kan doen, zoals het losknippen van boventonen of het maken van akoestieken om een live instrument heen. Mijn tapes zijn erg leeg en vormen geen volle klankbanen, waar zo nu en dan een instrument in verdrinkt." De tape is alleszins geen middel tot vervreemding : "De tape maakt juist deel uit van de illusie. Ik gebruik hem om een andere kant van het stuk te laten zien, de tape is organisch verbonden met het stuk."

Een belangrijk stijlkenmerk van Van der Aa vormen zijn zogenaamde 'luchtzakken'. Just Before gaat bij uitstek daarover. "Als je uit een vliegtuig springt, is er een moment dat je niet valt en niet omhoog springt. Op dat moment voel ik even helemaal niks." Van der Aa rekt een moment op en bevriest de tijd. Wanneer een akkoord uitklinkt, knipt hij de galmstaarten van akkoorden open, in verschillende etappes. In het vacuüm spelen de instrumenten, of volgt er eerst een korte stilte. "Dit is misschien mijn manier om met polyfonie om te gaan. Ik maak er gewoon een nieuwe tijdas bij."
Ook het theatrale aspect is heel belangrijk. De theatrale gebaren zijn visueel vormgegeven in een ballet van kruislingse armbewegingen. Van der Aa : "Wat ik doe is het omdraaien van de gestiek bij bepaalde akkoorden, een geweldig groot majestoso akkoord aangeven, terwijl het mezzopiano is." De uitvoerder moet met de rechterarm over de linker heen springen met onmogelijk snelle Ligeti-achtige clusters, als een op hol geslagen snare drum tegen de puls in. (***)

Programma :

  • Béla Bartok, Sonate (1926)
  • Igor Stravinsky, Sonate (1924)
  • Michel van der Aa (1970), Just Before (2000)
  • Alban Berg, Sonate Op.1
  • Leoš Janáček, Sonate "1 Oktober 1905"
Tijd en plaats van het gebeuren :

Frederik Croene : de 20ste eeuwse sonate
Zondag 24 februari 2008 om 11.00 u

Het Atelier
Rozebroekstraat 94
9040 St-Amandsberg

Reservatie vereist: j.pringiers@skynet.be of 0478 44 67 32 (Jef Pringiers)
---------------------------
Vrijdag 29 februari 2008 om 20.15 u
CC Maasmechelen - Kasteel Vilain XIIII

Dreef 148
3630 Leut-Maasmechelen

Meer info: www.frederikcroene.com en www.ccmaasmechelen.be

Het concert in St-Amandsberg is intussen volledig uitverkocht, in Maasmechelen zijn er wel nog tickets verkrijgbaar voor dit toch wel heel uitzonderlijk concert !

Michel van der Aa : www.donemus.nl en www.doublea.net

(*) Bron : Teksten Elmer Schönberger en Francis Maes voor deSingel, 5/03/2004
(**) Componist Michel van der Aa tovert in zijn muziek met tijd, waarneming en vervreemding, Mischa Spel, NRC, 10/01/2003
(***) Michel van der Aa: Theatrale verbeelding, Sylvia Stoetzer, Augustus 2000 (Donemus Brochure, pdf)

Extra :
Alban Berg - Analysis of Piano Sonata, Op. 1 (1907-8), by Andrew Kuster, 2004

Audio: De pianosonates van Bartok en Janacek kun je integraal online beluisteren op de website van pianist Frederik Croene, die deze werken opnam op zijn debuutalbum in 2003.

Elders op Oorgetuige :
Erfgoed van morgen, 17/04/2007
Frederik Croene en Luc Van Loo brengen topwerken uit de twintigste eeuwse pianoliteratuur, 17/04/2007

15:00 Gepost in Concert | Permalink |  Facebook

Spectaculair Pneumafoonorkest op tournee

Logos Pneumafonenorkest Nog tot begin maart trekt Stichting Logos de baan op met een spectaculaire klankinstallatie: het pneumafoon orkest ontworpen door Godfried-Willem Raes. Twintig klanksculpturen worden bespeeld via opblaasbare kussens. Een unieke installatie die Logos reeds meer dan vijftien jaar behalve in Vlaanderen ook in Nederland, Frankrijk, Duitsland en Italië getoond heeft.

De klank van elke Pneumafoon wordt gevormd door een combinatie van fluiten, enkelrieten, lippen, tongen, dubbelrieten, mirlitons, waterorgels, blaasmembranen. Boreas, Favonius, Kolpia, Zu, Awhio-whio, Ehecatl, Apu-Hau, Oonawieh Unggi, Gucumatz, Aeolus, Tawhiri, Teshub, Seth, K , Eurus, Notus, Astraeos, Adad, Apu-Matangi, Ventus, Tembo, Xix, Shu, Njord... De pneumafoons zijn genoemd naar mythische figuren die verband houden met wind, lucht enzomeer en samen vormen ze een gigantisch blaasorkest: Pneumafoon.

Tijd en plaats van het gebeuren :

Logos Pneumafonenorkest @ Pepernoot
Zondag 24 februari 2008 van 13.30 u tot 17.30 u

Cultureel Centrum Begijnhof
Infirmeriestraat z/n
3290 Diest
---------------
Zondag 2 maart 2008 van 13.30 u tot 17.30 u
CC Westrand
Kamerijklaan z/n
1700 Dilbeek
---------------
Zondag 9 maart 2008 van 14.00 u tot 17.00 u
Cultureel Centrum 30CC - Predikherenkerk

O.L.-Vrouwstraat
3000 Leuven

Meer info : www.logosfoundation.org en www.pepernoot.be

Extra :
Spektakel met Pneumafoonorkest, De Standaard, 15/02/2008

Elders op Oorgetuige :
Pepernoot : een pittig muziekfestival voor kids en koters, 1/02/2008

12:00 Gepost in Concert | Permalink |  Facebook

Donder en bliksem op de harp

Lavinia Meijer De Nederlandse harpiste Lavinia Meijer - laureate van talrijke onderscheidingen, waaronder onlangs de Fortis MeesPierson Award 2007 - is begiftigd met een bevlogen enthousiasme en een vingervlugge techniek. Het Concertgebouw van Amsterdam koos haar uit als Rising Star en bevestigt zo haar kwaliteiten, die ze met verve in Brussel zal verdedigen.

Lavinia Meijer (1983) is pas 24, maar nu al een zeer succesvolle harpiste. In december 2007 speelde ze in Carnegie Hall in New York, zowat het hoogst haalbare voor een klassiek musicus. Het doel van Lavinia is om de harp van haar duffe imago af te helpen. "Nooit geweten dat je met een harp vuurpijlen kunt afschieten. Lavinia Meijer ontlokt haar instrument niet alleen poezelige sprookjesklanken, maar ze laat het ook ferme mannentaal spreken. En ze heeft er zichtbaar plezier in", aldus Frits van der Waa in De Volkskrant.

Programma : Tijd en plaats van het gebeuren

Harprecital Lavinia Meijer
Zondag 24 februari 2008 om 11.00 u

Bozar - Henry Le Boeufzaal
Ravensteinstraat 23
1000 Brussel

Meer info : www.bozar.be en www.laviniameijer.com

Lavinia Meijer op YouTube

07:00 Gepost in Concert | Permalink |  Facebook

21/02/2008

Jerusalem Kwartet : chronisch kippenvel en een niet aflatende verwondering

Jerusalem Quartet De vier leden van het Jerusalem Quartet ademen en denken als één. Hun volmaakte eensgezindheid voegt een nieuwe dimensie aan het kwartetspel toe. De interne balans is onberispelijk, hun collectieve intonatie loepzuiver, het ensemblespel vlekkeloos tot in de kleinste details. Daarbij is het onmogelijk te zeggen wie initiatief neemt. Alles groeit organisch en lijkt gestuurd te worden door een niet nader te noemen innerlijke energie. Wat deze vier musici teweegbrengen kunnen we wel benoemen: chronisch kippenvel en een niet aflatende verwondering.

"Jerusalem Quartet behoort tot het zeldzame slag van musici bij wie instinct en rede één lijken. Weinig sterren zijn zo snel gerezen als die van het Jerusalem Quartet de jongste jaren. Nauwelijks drie jaar geleden was het nog een van de vele jonge strijkkwartetten die zowel het moeilijke genre op zich als de niet echt massale belangstelling voor kamermuziek probeerden te bedwingen, intussen hebben ze concerten op zak in de meest prestigieuze zalen te wereld", aldus Rudy Tambuyser in De Morgen (2005). "De ingrediënten van hun succes liggen voor de hand, maar komen zelden samen voor: technische vlekkeloosheid als onmisbare randvoorwaarde, een gedeeld verleden, een groot verstand, een hormonenspiegel die het verschil tussen job en plezier nog niet kent, goede instrumenten, en, gezien de geschiedenis der wonderbaarlijke strijkers niet onbelangrijk, Joods bloed. Nog zeldzamer, en wellicht hangt dat samen met de prille leeftijd waarop deze muzikanten samen begonnen te spelen, is hun volstrekte gelijkwaardigheid, die zich zowel in de dynamiek van hun akoestisch plaatje als in hun 'choreografie' weerspiegelt.(...)
Een misschien discutabele kant van Jerusalem Quartet is hun expliciet Israëlische discours - chauvinisme is redelijk onhip in muziekland. Terecht, al is alvast een voordeel ervan dat heel wat meer muziek een klinkend leven leidt in plaats van liggend in een lade."(*)

Programma :
  • Joseph Haydn, Strijkkwartet Opus 33 nr 3 'Vogelquartett'
  • Menachem Wiesenberg, Between the Sacred and the Prophane(1991)
  • Alexander Borodin, Strijkkwartet nr 2 in d
Tijd en plaats van het gebeuren :

Jerusalem Quartet
Zaterdag 23 februari 2008 om 20.00 u
(Inleiding door Tom Janssensom 19.15 u)
deSingel - Blauwe Zaal
Desguinlei 25
2018 Antwerpen

Meer info : www.desingel.be

Menachem Wiesenberg op www.frido.co.il

(*) Muzikale doodsverachting, Rudy Tambuyser in De morgen, 13 december 2005 op www.desingel.be

15:00 Gepost in Concert | Permalink |  Facebook