15/04/2008

Onbekende artistieke paden verkennen tijdens dedonderdagen#16

Machinefabriek Donderdag sluit de reeks van dedonderdagen in deSingel af met een intrigerende avond die de deur openzet voor nieuwe ontmoetingen, absurde spelen en uitstapjes richting subcultuur. Trakteer jezelf op een uitdagende avond waarop onbekende artistieke paden te verkennen zijn, op een ontmoeting met eigenzinnige kunstenaars op het terrein van de performance en dans, muziek, video of beeldende kunst.

Machinefabriek is de alias van geluidsknutselaar Rutger Zuydervelt. Sinds 2004 maakt Machinefabriek naam door in hoog tempo in eigen beheer cd's uit te brengen. In een interview in de Volkskrant legt Zuydervelt uit dat er meestal een 'uitprobeersel met een instrument' aan de basis van zijn muziek ligt. De live ingespeelde stukken worden geknipt, geplakt en gecombineerd met andere samples, zoals een gesprek, stadsgeluiden of een elektrische tandenborstel. Die klankenlaag vervormt hij met effectapparaten en looppedalen zodat al improviserend een klanktapijt ontstaat. Muzikaal gaat het geluid van Machinefabriek vele kanten uit: van hypnotiserende elektronische klanken tot een vanuit de piano opgebouwde drone met subtiele variaties, met geslaagde uitlopers richting noise.

Wixel is de indietronica outfit van de jonge Belgische muzikant Wim Maesschalck, één van de spilfiguren van het Rarefishcollectief. Zijn muziek kan omschreven worden als een warme en organische mix van akoestische instrumenten en subtiele elektronische manipulaties met veel gevoel voor de kleine details.
In 2006 bracht hij 'Heart' uit, een charmerend debuut van een jongeman met talent en het hart op de juiste plaats. Wixel slaagt erin om lieflijk en bevreemdend tegelijk te klinken. Zijn muziek is vergelijkbaar met die van een hele waaier bands, gaande van Hood tot Fennesz, van Helios en Mùm tot Manyfingers en Sigur Rós. Op dit moment werkt hij aan een nieuwe langspeler, die in de loop van 2008 het licht ziet.

Tijdens dedonderdagen#16 delen Wixel en Machinefabriek voor de eerste keer het podium. Beide muzikanten kennen elkaar al wel wat langer. Zo bracht Wixel 'Thole' van Soccer Committee & Machinefabriek uit op zijn eigen label 'Slaapwel records' : een klein platenlabel 'gespecialiseerd in muziek om bij in slaap te vallen'. Muzikaal kan het alle kanten op, maar rustig in slaap vallen zal er niet bij zijn.

Tijd en plaats van het gebeuren :

dedonderdagen#16
Donderdag 17 april 2008 om 20.00 u

deSingel
Desguinlei 25
2018 Antwerpen

Meer info : www.desingel.be, www.machinefabriek.nu en www.wixel.be

Elders op Oorgetuige :
Valentijn : dedonderdagen #15 slaat intieme zijweg in, 12/02/2008
Sleeping Machine & Discodesafinado, 23/05/2007
CAN'T/Jessica Rylan - Machinefabriek - Jeroen Vandesande, 18/10/2006

07:00 Gepost in Concert | Permalink |  Facebook

14/04/2008

Studio Modern : André Ristic en de piano van Moritz Eggert

André Ristic Onder de vlag van 'Studio Modern' wil Ars Musica een aantal jongeren en getalenteerde kunstenaars steunen aan het begin van hun carrière. Nadat hij pianist was bij het Ensemble Contemporain uit Montréal, heeft André Ristic zich in Brussel gevestigd, waar hij verder werkt aan zijn carrière als solist en componist. Terwijl het de vormvoorschriften van het traditionele concert in vraag stelt, neemt dit concert, dat opgebouwd is rond het repertoire van Moritz Eggert, fragmenten uit het muziektheater op. Het belooft een wel heel bijzondere ontmoeting te worden, die even weinig van doen heeft met een Chopin-recital als met een avondje Stockhausen…

André Ristic, die uit Québec (Canada) afkomstig is, volgt piano- en compositiestudies aan het conservatorium van Montréal en wordt, na korte vervolmakingsopleidingen in Frankrijk en de Verenigde Staten, pianist bij het Ensemble Contemporain de Montréal. Enkele jaren later richt hij samen met Gabriel Prynn en Julie-Anne Derome het Trio Fibonacci op, waar hij tot 2006 bij speelt en dat hem en zijn gezin ertoe brengt naar Brussel te verhuizen. Hij wordt heel regelmatig uitgenodigd door diverse Canadese festivals en orkesten, en brengt als solist recitals met een eclectische inhoud, gaande van kindermuziek tot elektronische parafrases van de werken van Bach. Hij is een zeer productief componist. Hij schreef onder meer de originele muziek voor vier films, en de catalogus van zijn werken omvat tientallen stukken, waaronder heel wat voor orkest. André Ristic probeert in zijn werk het optimisme te benadrukken waartoe muziek kan aanzetten en streeft ernaar de theatrale elementen van de stukken die hij vertolkt in de verf te zetten. Dat is zowel kenmerkend voor zijn spel als voor de aard van zijn composities en arrangementen.

Pierre Kolp, SUB-NEGATION - Scherzo n° 2
Pierre Kolp werd in 1969 in Keulen geboren en studeerde compositie aan het Koninklijk Conservatorium van Brussel. Hij vervolmaakte zich aan het Tsjaikovski-Conservatorium van Moskou, aan het Conservatorium Mendelssohn in Leipzig, alsook aan de Academies Chigiana in Sienna en Santa Cecilia in Rome, waar hij leerling was van Franco Donatoni. Kolp was laureaat van het European Younger Composers in 1995. Het jaar daarop wint hij in Italië de Prix de Rome (Accademia di Santa Cecilia de Rome).
Pierre Kolp heeft muziekgeschiedenis, muziekcompositie en -analyse gedoceerd aan de academies van Sint-Gillis en Aarlen. Hij is stichtend lid van het componisten- en muzikantencollectief Black Jackets Company (Internationaal kunstgenootschap voor hedendaagse creatie) en, sinds 1997, directeur van het Institut de Rythmique Jaques-Dalcroze.

André Ristic : "Bij Pierre Kolp draait alles om het spel. In al zijn gedaanten en steeds aanwezig door het systematische samenstel van mogelijke combinaties (tot op het punt dat - en dat is ook de bedoeling - het absurde, het surreële, het irrationele wordt bereikt) en in zijn structurele vormen (velden, afstellingen, tijdsruimten). Maar dat heeft geen weerslag op het publiek. Toch niet bij de eerste beluistering. Want het werk krijgt zijn vorm in lagen, sommige blijven erg geheim. Het voornaamste resultaat hiervan is dat de muzikant in staat is om de draak te steken met het stuk, en het stuk met de muzikant. Een bliksemsnelle, flagrante, fluorescente humor, een onnavolgbare bonhomie, het soort clownerie waarbij een kosmonaut met alle mogelijke eerbetuigingen wordt ontvangen door een stelletje klunzen. "

Moritz Eggert - Hämmerklavier
Moritz Eggert (1965) tudeerde eerst piano aan de Frankfurter Musikhochschule bij Leonard Hokanson en later in 1986 compositie aan de Münchner Musikhochschule bij Wilhelm Killmayer. Hij zette zijn pianostudie verder bij Raymund Havenith en Dieter Lallinger en zijn studie compositie bij Hans-Jürgen von Bose. In 1992 behaalde hij een postgraduaat aan de Londense Guildhall School of Music and Drama. Als pianist heeft hij vaak als solist samengewerkt met orkesten en ensembles. In 1989 was hij laureaat van de Gaudeamus-wedstrijd. Hij was ook de eerste pianist die op één avond het volledige werk voor piano van Hans Werner Henze uitvoerde. Als componist kreeg Moritz Eggert verschillende prijzen. Sinds 2003 is hij lid van de Bayerische Akademie der Schönen Künste.
Het oeuvre van Moritz Eggert omspant alle genres: opera - hij schreef er acht - en aan muziek voor dans, theater en film. Hij componeerde onder meer de muziek voor de openingsceremonie van het wereldkampioenschap voetbal in 2006 in Duitsland. Een van zijn meest opmerkelijke werken is de cyclus voor piano Hämmerklavier, die van start ging in 1994. Verder vermelden we Winter Songs voor vocaal kwartet (1987), Breathless voor vier fluiten die bespeeld worden door één muzikant (1995), Bad Attitude voor cello en piano (1995), Skelter voor saxofoonkwartet (1997) en Number Nine I-III voor orkest (1998).

André Ristic : "In de verzameling stukken met de titel Hämmerklavier (totnogtoe werden er 19 geschreven), herijkt Moritz Eggert de recitalpianistiek op de meest uiteenlopende manieren. Daarbij bedient hij zich van technieken die extreem zijn op compositorisch vlak en in de eisen die ze opleggen aan de uitvoerder. Er wordt gebruik gemaakt van scenische en visuele handelingen, bijkomende instrumenten, een 'nieuwe' virtuositeit; de structuren van de werken verkennen formele grenzen (Hämmerklavier XI, bijvoorbeeld, is een suite die 60 stukken van minder dan één seconde op een lijn zet), wat soms hoogst merkwaardige technische vereisten meebrengt (gebruik van neus, mond, diverse voorwerpen…).
Hämmerklavier omvat werken van grote schoonheid die de zeldzame deugd bezitten een volledig nieuwe recitalkunst naar voor te brengen, langs waar Moritz Eggert zich toegang heeft verschaft tot een creatief universum dat tot op heden nauwelijks door componisten werd bezocht. "

Programma :
  • Pierre Kolp, SUB-NEGATION (version . versie 2.00), 2007 (Belgische creatie )
  • Pierre Kolp, Scherzo n° 2, 2007 (Belgische creatie )
  • Moritz Eggert, Hämmerklavier, 1994-2007 (Belgische creatie )
    XVIII - 3 Miniaturen
    a) Skizze
    b) Vierdimensionales Objekt mit Souvenircharakter
    c) An einer Walzer (von Schostakovitsch)
    XI - What if 1 composer from 1 country wrote 60 pieces under a second for solo piano ?
    a)
    b) versie met toelichting
    XIX - Hymnen der Welt
    (Afghanistan bis Zimbabwe)
    III - One Man Band
    IX - Jerusalem
Tijd en plaats van het gebeuren :

Ars Musica 2008 - Studio Modern : André Ristic
Donderdag 17 april 2008 om 12.30 u

Flagey Studio 1
Heilig Kruisplein
1050 Elsene

Meer info : www.arsmusica.be en www.flagey.be

Bron : Bio's en tekten André Ristic voor Ars Musica

Moritz Eggert : www.moritzeggert.de, www.schott-music.com en www.arsmusica.be
Pierre Kolp : http://users.skynet.be/sky96988/kolp.html

Elders op Oorgetuige :
Eerst voortdoen, daarna beginnen : directeur Laurent Langlois over Ars Musica 2008, 4/04/2008
Made in Belgium : Ars Musica trekt Belgische kaart, 4/04/2008
Ensemble Musiques Nouvelles : Bartholomée, Gobert, Eggert, Viñao, 12/03/2007

12:00 Gepost in Concert | Permalink |  Facebook

Le Grand Gamelan : Ictus & Octurn spelen Bo Van der Werf

Le Grand Gamelan Woensdag hebben de muzikanten van Ictus een ontmoeting met de moderne jazz van Octurn. Octurn is een collectief waarbij enkele van de beste Belgische jazzmuzikanten kind aan huis zijn. Muzikanten die gefocust zijn op de zoektocht naar ritmiek, harmonische dubbelzinnigheden, onderling vervlochten texturen… Le Grand Gamelan is de titel van een concertsuite die Bo Van der Werf, de baritonsax van de groep, geschreven heeft voor Octurn en de vijf percussionisten van Ictus, die een heel arsenaal resonerende en getemperde slaginstrumenten beheren: klokken, vibrafonen, lithofonen… De schoonheid van de timbres, de rijkdom van het geluidsspectrum, de ritmische gedachte uitgedrukt via cycli en lagen, de complementariteit van de in archipelvorm opgestelde slagwerkers, de ongelijkmatige temperamenten waarvan de kleuren zich vermengen met de getemperde instrumenten… Je vindt het allemaal terug in Grand Gamelan, een werkstuk waarin het geschrevene, de improvisatie en het pure spelen met ritme elkaar afwisselen.

Saxofonist en componist Bo Van der Werf (1969) studeerde aan het conservatorium van Hilversum. Hij is artistiek leider van de groep Octurn en lid van het Brussels Jazz Orchestra en het Magic Malik Orchestra. Naast deze vaste groepen leidt hij ook zijn eigen kwintet en treedt hij geregeld op als freelance muzikant of als gast in diverse projecten.

Bo Van der Werf - Le Grand Gamelan
Bo Van der Werf : "De verwijzing naar het gamelanorkest is vooral intuïtief, in die zin dat ik me vrij geïnspireerd heb op het geluid en op enkele principes die te maken hebben met de uitwerking en de ontwikkeling van deze muziek: combinaties van strata (het orkest is een collectief instrument dat bestaat uit diverse lagen), afgewerkte of 'onafgewerkte' cyclische opeenstapelingen, symmetrieën, gelijktijdige melodielijnen, periodieke motieven, polyritmiek, complementaire ritmes, modaliteit, verborgen melodieën enz. Maar voor het overige wordt er in dit werk geen enkele poging gedaan om de gamelanmuziek te imiteren. Er zit geen enkele 'authentieke' verwijzing in, geen rituelen, hertranscripties, formules…

Alle muzikale ideeën worden gekleurd door harmonisch materiaal waarrond de groep nu al jaren aan het werken is. Het steunt vooral op de beperkt transponeerbare modi en de talrijke mogelijke toepassingen ervan in een context waarin improvisatie een centrale plaats inneemt.
Voor dit project heb ik als uitgangspunt een 'niet-hiërarchische' organisatie genomen, waarin de solopartijen met elkaar versmelten in het muzikale weefsel, de 'rollen' minder afgelijnd zijn, de kleuren complementair, de verschillende materialen voor de improvisatie simultaan kunnen functioneren, meerdere wegen mogelijk zijn en de toevallige keuzes van de muzikanten de muziek elke keer andere contouren geven.

Het naast elkaar bestaan van getemperde en niet-getemperde instrumenten in dit project helpt de ritmische en harmonische opeenstapelingen en de tonale en modale ambiguïteiten die eruit voortvloeien duidelijker te maken.

Andere, meer specifieke aspecten van gamelan hebben me ook geholpen bij het schrijven: het principe van de uitbarstende melodie, bijvoorbeeld, waardoor ze meestal impliciet en zelfs totaal subjectief wordt. Ik heb deze idee van melodieën proberen te behouden die een of meer onzichtbare wegen traceren en soms met elkaar vervlochten raken, zodat ook zij versmelten in het geheel. Ze zijn veeleer als consequenties dan als basisreferenties te beschouwen.
Terwijl ik me door al dit materiaal liet inspireren, heb ik me gerealiseerd dat de modus operandi van Octurn van nature al enkele van die organisatorische basisprincipes van de gamelanmuziek bevat, vooral dan de idee van het collectieve instrument.

De klankmatige verwijzing naar gamelan ligt voor de hand in de keuze van de resonerende en metaalachtige, getemperde en niet-getemperde percussies (vibrafoon, koebellen, buisklokken, thai gongs, tamtams, glockenspiel, crotales, Tibetaanse bollen, gongs, metalen gamelanxylofoon, klokken...) die worden aangevuld door de warmte van het hout: marimba's, xylofoon, woodblocks en celesta. Een denkbeeldige en hybridische 'gamelan'... "

Tijd en plaats van het gebeuren :

Ars Musica 2008 - Ictus & Octurn : Le Grand Gamelan
Woensdag 16 april om 20.30 u

Kaaitheater
Sainctelettesquare 20
1000 Brussel

Meer info : www.arsmusica.be, www.kaaitheater.be, www.ictus.be en www.octurn.com

Elders op Oorgetuige :
Eerst voortdoen, daarna beginnen : directeur Laurent Langlois over Ars Musica 2008, 4/04/2008
Made in Belgium : Ars Musica trekt Belgische kaart, 4/04/2008

07:00 Gepost in Concert | Permalink |  Facebook

13/04/2008

Tweedaagse hommage aan Giacinto Scelsi

Giacinto Scelsi Twintig jaar geleden overleed Giacinto Scelsi (1905-1988). Musicoloog Célestin Deliège vat mooi samen hoe weinig de muziekwereld weet over deze Italiaanse graaf: "Het is niet zonder enige schaamte dat men nu begint te spreken over deze musicus die tot zijn 75ste haast doodgezwegen werd." Meestal zijn de marathons en de nachten van de muziek, of zoals vandaag, de portretten van componisten, hoogtepunten die voor de festivals zijn weggelegd. Ars Musica nodigt je uit om twee dagen lang nader kennis te maken met deze Italiaanse componist, dichter en ongewone persoonlijkheid.

Met het Théâtre Marni, de Heilig-Kruiskerk, Studio 1 en de foyers van Flagey worden de vier concerten in een akoestische omgeving geprogrammeerd die zich uitermate leent voor het oeuvre van iemand die tot het uiterste ging in de verkenning van de klank.
Op dinsdag zal Okanagon, het meesterwerk dat nog nooit eerder op Ars Musica werd gespeeld, de grote zaal van de Marni vullen met zijn genereuze klanken. Is er op dit late uur een betere plek denkbaar dan het sacrale kader van de Heilig-Kruiskerk om een 'ceremonie-concert' van Arne Deforce bij te wonen, die in zijn eentje en enkel gewapend met zijn cello in het mooie schip van de kerk zal postvatten ?
De volgende ochtend zet Ars Musica al 's ochtends vroeg de dag muzikaal in met een solotocht door de foyers van Flagey. Dé gelegenheid om een bijzondere concertervaring mee te maken en enkele ogenblikken zeer ongewone, bijna ritualiserende muziek te beleven voor je tot de orde van de dag overgaat.
De Hommage aan Scelsi sluit af met een middagconcert in Flagey met het jeugdige Kryptos Quartet, dat met het Derde en het Vijfde strijkkwartet twee totaal verschillende pareltjes opvoert.

Graaf Giacinto Scelsi werd op 8 januari 1905 in La Spezia geboren. Van kindsbeen af improviseerde hij op de piano en gaf hij blijk van een uitzonderlijk muzikaal talent. In Rome studeerde hij compositie bij Giacinto Sallustio. Tijdens het interbellum en tot in het begin van de jaren vijftig reisde hij regelmatig naar Afrika en het Oosten en verbleef hij lange periodes in Frankrijk en Zwitserland. Van 1935 tot 1936 studeerde hij in Wenen bij Walter Klein, een leerling van Schönberg, vervolgens in Genève bij Egon Köhler, een leerling van Scriabin. Na een lange crisisperiode ontwikkelde hij begin jaren vijftig een geheel nieuw muzikaal concept door zich te concentreren op de klank, 'de kosmische kracht waarvan alles afkomstig is'. Sindsdien beschouwde Scelsi zich niet langer als componist maar als medium dat de boodschappen van de transcendentale realiteit moet helpen openbaren. In Rome sloot hij zich aan bij de groep 'Nuova Consonanza' aan. Hier maakte hij kennis met verschillende avant-gardecomponisten, waaronder Franco Evangelisti. Met zijn Quattro Pezzi (su una nota sola) (1959), vier stukken op een noot, verkende de componist alle parameters, articulaties, micro-intervallen van één noot.

Het zou echter nog lang duren alvorens Scelsi erkenning kreeg. Pas in de loop van de jaren zeventig, tachtig groeide zijn algemene bekendheid mede door de Franse spectralisten (Tristan Murail, Gérard Grisey en Michael Levinas) en door de zomercursussen in Darmstadt (1982). Bij zijn dood op 9 augustus 1988 liet de componist een groot aantal gedichten en essays over esthetica na en een oosters getinte oeuvre dat ook vandaag nog de poort van onze waarneming wijd openzet.

Ensemble Musiques Nouvelles olv Jean-Paul Dessy
  • Giacinto Scelsi, Okanagon, 1968
  • Anne Martin, Les sept Moments de l'Arc-en-ciel, 2008 (wereldcreatie)
  • Claude Ledoux, Zap's Init, 2008 (wereldcreatie)
  • Michaël Lévinas, Se briser, 2007 (Belgische creatie)
  • Giacinto Scelsi, Pranam II, 1973
Arne Deforce, cello
  • Giacinto Scelsi : Trilogia, I tre stadi dell'uomo (1956-1965)
    - Triphon, 1956
    - Diathome, 1957
    - Igghur, 1965
Solisten van Ensemble Musiques Nouvelles : Dominica Eyckmans, altviool en Denis Simandy, hoorn
  • Giacinto Scelsi, Manto, 1957
  • Giacinto Scelsi, Quatro Pezzi, 1956
Ontmoeting 'Giacinto Scelsi' : Harry Halbreich, Nicola Cisternino, Pierre Albert Castanet & Jean-Paul Dessy

Studio Modern : Denis Simandy & Kryptos Quartet
Ars Musica sluit zich graag aan bij het initiatief van Ictus om een aantal jongeren en getalenteerde kunstenaars te steunen aan het begin van hun carrière. Dit jaar vinden onder de vlag van 'Studio Modern' drie concerten plaatsvinden in Flagey.

Denis Simandy, hoorn
  • Giacinto Scelsi, Quatro Pezzi, 1956
Het Kryptos Quartet en de geluidskunst van Giacinto Scelsi
De grootste uitdaging voor dit jonge kwartet (opgericht in 2002) bestaat erin het 'geheim van de klank' te zoeken in de muziek van Scelsi. Ze hebben twee belangrijke stukken van de maestro gekozen : het 3de strijkkwartet, dat ons in een quasi narratieve sfeer dompelt, en het 5de, dat abstracte verdichtingen weeft.
  • Giacinto Scelsi, Quartetto n. 3, 1963
  • Giacinto Scelsi, Quartetto n. 5 (Alla memoria di Henri Michaux), 1984
Tijd en plaats van het gebeuren :

Ars Musica 2008 - Giornata Scelsi
Dinsdag 15 april 2008

Ensemble Musiques Nouvelles om 20.30 u
Théâtre Marni

Rue de Vergnies 25 B
1050 Brussel

Arne Deforce om 22.30 u

Heilig-Kruiskerk
Heilig Kruisplein
1050 Elsene

Meer info : www.arsmusica.be, www.musiquesnouvelles.com en www.arnedeforce.be

Woensdag 16 april 2008
Ontbijtconcert Solisten van EMN om 8.30 u
Ontmoeting 'Giacinto Scelsi' van 10.00 u tot 12.00 u
Studio Modern om 12.30 u

Flagey Studio 1
Heilig Kruisplein
1050 Elsene

Meer info : www.arsmusica.be, www.flagey.be, www.musiquesnouvelles.com en www.kryptosquartet.be

Bron : Bio Giacinto Scelsi op brahms.ircam.fr , vertaling Ars musica

Extra :
Giacinto Scelsi, Claude Ledoux, Michaël Lévinas op brahms.ircam.fr
Fondazione Isabella Scelsi : www.scelsi.it
Giacinto Scelsi 1905-1988, Trilogia 1956-1965 op www.arnedeforce.be
Arne Deforce : Giacinto Scelsi, Trilogia, I tre Stadi Dell Uomo op Kwadratuur.be (met tijdelijke audio)
Giacinto Scelsi (1905 - 1988): Muzikaal aristocraat op www.musicalifeiten.nl
The Messenger: Giacinto Scelsi discovered a world in one note by Alex Ross, The New Yorker , 21/11/ 2005
Modern music: Scelsi, Todd M. McComb op www.medieval.org, 27/01/2000

Review :
Arne Deforce : Giacinto Scelsi, Trilogia, I tre Stadi Dell Uomo, Dries Reynders op Kwadratuur.be, 08/01/2008

Elders op Oorgetuige :
Eerst voortdoen, daarna beginnen : directeur Laurent Langlois over Ars Musica 2008, 4/04/2008
Made in Belgium : Ars Musica trekt Belgische kaart, 4/04/2008
Arne Deforce brengt hommage aan Scelsi, 22/05/2007
La machine à remonter le son : Giacinto Scelsi, 11/12/2006

10:00 Gepost in Concert | Permalink |  Facebook

12/04/2008

De Nieuwe Reeks neemt laatste tussensprint

Apsara, Tomma Wessel & Ines Rasbach Deze week trakteert De Nieuwe Reeks op niet minder dan drie niet te missen concerten. Zondag staat in het teken van de wereldtentoonstelling van 1958. De Nieuwe Reeks verleent haar medewerking aan een concert met elektronische werken die ook destijds weerklonken. Dinsdag speelt Frederik Croene een pianorecital met meesterwerken uit de tweede helft van de vorige eeuw. Jan Christiaens, pianist en musicoloog geeft een inleidende lezing.
Woensdag is APSARA te gast. Tijdens dit concert staat de verhouding tussen de Italiaanse en Duitse blokfluitmuziek centraal. Ignace Bossuyt, kenner van vooral renaissance- en barokmuziek, geeft een lezing over de culturele verhoudingen tussen Duitsland en Italië door de eeuwen heen. En tijdens het laatste concert van dit seizoen treed violiste Marieke Berendsen voor het voetlicht met haar eindexamenprogramma, dat volledig is opgesteld rond Italiaanse componisten.

Hoe verhouden de Italiaanse en Duitse blokfluitmuziek zich tot elkaar? Apsara (Tomma Wessel & Ines Rasbach) zoekt in samenwerking met Stefan Prins (electronics) een antwoord op deze vraag, met composities van Di Scipio, Garuti, Manca, Riehm en anderen. Verder op het programma: de wereldcreatie van een werk voor basblokfluit en live-electronics, van de Mexicaanse componist Juan Sebastián Lach Lau.
Apsara is een ensemble met een flexibele bezetting, opgebouwd rond de blokfluit. Gedreven door hun grenzeloze entoesiasme en brede belangstelling voor hedendaagse muziek zijn de musici steeds op zoek maar ongehoorde klanken en nieuwe combinaties met andere instrumenten en media.

Mario Garuti (1957) studeerde compositie bij Umberto Rotondi en vervolmaakte zich nadien bij Franco Donatoni in Siena. Momenteel doceert hij compositie aan het conservatorium van Milaan.
Mario Garuti beschrijft zijn werk 'Bezel' (1997) als volgt: "De schuine, reflecterende kant van een geslepen diamant, altijd veranderlijk en toch altijd gelijk. Een hellend vlak waarop de tijd ons mee naar beneden zuigt in een niets ontziende beweging, als een helse, ironische geest." Het werk lijkt zich telkens weer op te zwepen, zit vol beweging en wordt alleen doorbroken door korte abrupte stilstanden.

Rolf Riehm (1937) studeerde hobo en compositie. Hij was een van de oprichters van de Frankfurter Vereinigung fur Musik en was ook lid van Gruppe 8, een componistenvereniging uit het Keulse. Van 1974 tot 2000 was hij professor compositie aan de Musikhochschule Frankfurt/M. Van 1976 tot 1981 maakte hij deel uit van het legendarische "Sogenannte Linksradikale Blasorchester" uit Frankfurt. In 1992 ontving hij de Kunstpreis des Saarlandes en in 2002 de Paul-Hindemith prijs van de stad Hanau.
Weeds in Ophelia's Hair (1992) speelt zich af in het bereik van de kleinste luchtdrukverandering, in het gebied tussen articulatie en het tot klinken brengen van een toon. De titel is een poëtische omschrijving van het compositorische proces: teruggrijpen naar wat voorbij is - het haar van een drenkeling, drijft boven, zinkt weg en klit samen met algen en modder. Zoals het lichaam verteert, vervaagt bewustzijn, verdwijnen herinneringen. Enkel nog resten van hoop, lust, liefde, pijn dobberen rond op het water.
Rolf Riehm over 'Gebräuchliches'(1973): "In vergelijking met de technische levensstandaard is de blokfluit een eenvoudig, anachronistisch instrument: een buis met gaten erin. Op het niveau van wat vandaag als concurrentieel kan beschouwd worden (=gebräuchliches) nodigt het instrument uit om een complex en veeleisend stuk te componeren. Het instrument dwingt wegens zijn eenvoud de speler tot een op de spits gedreven, helemaal uitgewerkte speeltechniek."

Componist/piaist Gabriele Manca (1957) studeerde compositie bij Giacomo Manzoni aan het conservatorium van Milaan. Hij tradt op als pianobegeleider van Cathy Berberian, werkte voor de RAI en het Teatra alla Scala en behoort tot medeoprichters van de elektronische muziekstudio Musica Muscisti e Technologie (MM&T). Daarnaast is hij ook werkzaam aan het CERM (Centro Ricerche Musica e Sperimentazione).

Agostino Di Scipio (1962) maakt tapemuziek, composities voor live-musici met interactieve computersystemen en geluidsinstallaties waarin vooral de interactie mens-machine-omgeving onderzocht wordt. De meeste van zijn stukken zijn gebaseerd op ongebruikelijke synthesemethodes van ruis en turbulentie. Hij doceert elektronische muziek aan het conservatorium van Napels en 'real time elektronica' aan het CCMIX (Centre de Création Musicale Iannis Xenakis) in Parijs.

Componist/gitarist Maurizio Pisati (1959) studeerde gitaar, analyse en compositie aan het conservatorium van Milaan. Nadien trok hij naar de Accademia in Citta di Castello waar hij compositielessen nam bij Salvatore Sciarrino. Hij schrijft kamer- en theatermuziek, elektro-akoestische en multimediale werken en is daarnaast ook nog actief als (elektrische) gitarist (o.a. in in ZONE, zijn eigen ensemble voor nieuwe muziek). Momenteel doceert hij compositie aan het Conservatorio Steffani in Castelfranco Veneto.

Emanuele Casale (1974) en studeerde contrabas bij Sebastiano Nicotra, compositie bij Eliodoro Sollima, en elektronische muziek bij Agostino Di Scipio en Alessandro Cipriani. Hij vervolmaakte zich vervolgens aan het Istituto Musicale Vincenzo Bellini in Catania door zich bij Aldo Clementi en Salvatore Sciarrino te specialiseren in compositie en bij Giorgio Nottoli, Riccardo Santoboni en Barry Truax in elektronische muziek.
Emanuele Casale is de huidige artistieke directeur van de Associazione Musicale Etnea en onderwijst elektronische muziek aan het Istituto Superiore di Studi Musicali Vincenzo Bellini (Catania).

Programma :
  • Mario Garuti, Bezel
  • Rolf Riehm, Weeds in Ophelia's Hair
  • Rolf Riehm, Gebräuchliches
  • Gabriele Manca, Il congegno del sole passante
  • Agostino di Scipio , 4 variazioni sul ritmo del vento
  • Maurizio Pisati, the Running Duo
  • Emanuele Casale, studio no. 2a
  • Juan Sebastián Lach Lau, nieuw werk
Rolf Riehm : www.rolf-riehm.de
Gabriele Manca op www.milanomusica.org
Agostino di Scipio : www.arsmusica.be (bio)
Maurizio Pisati : www.composers21.com, www.larecords.it
Emanuele Casale : www.emanuelecasale.it en www.arsmusica.be (bio)
Juan Sebastian Lach Lau : homepage.mac.com/jslach

Video : Tomma Wessel, Maurizio Pisati

Tijd en plaats van het gebeuren :

Erfgoeddag : Muzikale hoogdagen op Expo 58 en nu
Zondag 13 april 2008 vanaf 10.00 u

Openbare bibliotheek Tweebronnen
Rijschoolstraat 4/49
3000 Leuven

Meer info : www.erfgoedcelleuven.be, www.denieuwereeks.be en www.matrix-new-music.be
-----------------------------
De Nieuwe Reeks : Frederik Croene
Dinsdag 15 april 2008 om 20.30 u
(Inleiding door Jan Christiaens i.s.m. MATRIX om 19.45 u)
STUK
Naamsestraat 96
3000 Leuven

Meer info : www.denieuwereeks.be, www.stuk.be en www.frederikcroene.com
-----------------------------
Apsara & Stefan Prins @ Logos
Dinsdag 15 april 2008 om 20.00 u

STUK
Naamsestraat 96
3000 Leuven

Meer info : www.logosfoundation.org, www.apsara.be en www.stefanprins.be
-----------------------------
De Nieuwe Reeks : Apsara & Stefan Prins
Woensdag 16 april 2008 om 20.30 u
(Inleiding door Ignace Bossuyt i.s.m. MATRIX om 19.45 u)
STUK
Naamsestraat 96
3000 Leuven

Meer info : www.denieuwereeks.be, www.stuk.be, www.apsara.be en www.stefanprins.be
-----------------------------
De Nieuwe Reeks : Marieke Berendsen & Friends
Zondag 20 april 2008 om 20.30 u (Inleiding door Herman Parret om 19.45 u)
Sint-Michielskerk
Naamsestraat
3000 Leuven

Meer info : www.denieuwereeks.be

Dit seizoen van De Nieuwe Reeks wordt afgesloten op 20 april, maar op 2 en 3 mei is er wel nog de tweede editie van NewNoise, het festival voor vrije improvisatie. Alle info daarrover vind je op de gloednieuwe website www.newnoise.be.

Elders op Oorgetuige :
Muzikale hoogdagen op Expo 58 en nu, 11/04/2008
Frederik Croene laat passie voor nieuwe muziek de vrije loop, 4/04/2008
Marieke Berendsen stelt eindexamenprogramma rond Italiaanse componisten voor, 27/03/2008
A Search for Renoise : Champ d'Action en het gebruik van nieuwe media op TRANSIT, 25/10/2007
Integrating the recorder, 17/04/2007

15:00 Gepost in Concert | Permalink |  Facebook

Free Radicals : huwelijk tussen geluid en beeld

Free Radicals Wie aan de editie 2003 van Ars Musica terugdenkt, met Counter Phrases van Ictus, Rosas en Thierry De Mey, denkt meteen: cinema, beweging en livemuziek. Maandag zorgt het Klangforum Wien voor een gelijkaardige ervaring door op een verrassende manier films en hedendaagse muziek met elkaar te vermengen. Het Free Radicals-project is opgevat als een reis die begint bij de radicale avant-garde en eindigt bij de audiovisuele creaties van vandaag.

Met het fameuze Le retour à la raison van Man Ray - 's werelds eerste dadafilm - als vertrekpunt, ontwikkelt Free Radicals zich snel, lichtvoetig en knetterend: de films zijn kort, zelden gezien, verrassend, soms grappig. Passeren de revue: Recreation (1957) van Robert Breer, de kinetisch beeldhouwer en tekenaar, die de montagesnelheid naar onvermoede hoogten deed stijgen; Parasympathica (1986) van de Bulgaarse Mara Mattuschka, die in zwart-wit de monsterlijke kant van het menselijke lichaam laat zien…
De muzikale werken, die werden gekozen door twee musici van het Klangforum, bestrijken een eeuw muziekgeschiedenis: Schönberg, Xenakis, Stockhausen, Furrer, Aperghis, Feldman, Mochizuki…
De Luxemburgse artieste Bady Minck, die medebedenker is van de avond, beweegt zich tussen interventiekunst, graffiti, mail-art en experimentele cinema. Hier draait ze de verhouding tussen muziek en klank om door een subtiele, vals naïeve film te vertonen waarin de muzikanten van het Klangforum zelf in het beeld belanden als maatstreepjes op de partituur van Beat Furrer.

Tijd en plaats van het gebeuren :

Ars Musica 2008 - Klangforum Wien : Free Radicals
Maandag 14 april 2008 om 20.00 u

Bozar - Henry Le Boeufzaal
Ravensteinstraat 23
1000 Brussel

Meer info : www.arsmusica.be, www.bozar.be, www.badyminck.com en www.klangforum.at

Video :
Man Ray, Le retour à la raison en andere fims op YouTube en UbuWeb Film
Mara Mattuschka, Parasympathica en ander werk op YouTube

Elders op Oorgetuige :
Eerst voortdoen, daarna beginnen : directeur Laurent Langlois over Ars Musica 2008, 4/04/2008
Made in Belgium : Ars Musica trekt Belgische kaart, 4/04/2008
Gesprek met Beat Furrer, 24/03/2007

10:00 Gepost in Concert | Permalink |  Facebook

11/04/2008

Muzikale hoogdagen op Expo 58 en nu

Karlheinz Stockhausen Zondag is het weer Erfgoeddag. Het thema dit jaars is 'Wordt verwacht': Hoe keken (en kijken) we aan tegen de onzekerheden van de toekomst? Dit is de vraag van waaruit alle activiteiten op Erfgoeddag vertrekken. Geen alledaags thema, toegegeven. Maar wel veelzijdig en verrassend. Een hele dag lang kun je in het heel Vlaanderen terecht voor een fantastisch en veelzijdig erfgoedaanbod.

Nostalgische beiaardklanken
In Leuven laten drie beiaardiers vanuit de torens van de Sint-Pieterskerk, de Sint-Geertruikerk en de Universiteitsbibliotheek muziek uit de tijd van Expo 58 klinken. Nostalgische klanken die 50 jaar geleden de belofte van een voorspoedige toekomst inhielden... Wie dat wil, kan de beiaardiers aan het werk zien in de toren.

Muzikale hoogdagen op Expo 58 en nu - De experimentele muziek van de jaren '50 in de kijker
In de Openbare bibliotheek Tweebronnen belicht Matrix de experimentele muziek ten tijde van Expo 58. Je krijgt een muziekhistorisch overzicht van verschillende stijlen en genres, en de context waarin ze ontstaan zijn. Daarnaast kun je kennismaken met klankexperimenten en opnametechnieken uit die periode. De Nieuwe Reeks vertaalt alles live in een experimenteel concert.

Tijdens de Internationale dagen van de experimentele muziek op Expo '58 werden heel wat baanbrekende muziekstukken gebracht. De meeste van hun scheppers waren er bovendien in levende lijve aanwezig. We hebben het over de componisten John Cage, Karlheinz Stockhausen, Pierre Schaeffer, Luciano Berio, Henri Pousseur, om er maar enkele te noemen. De crème de la crème van de nieuwe muziek was toen dus samen in Brussel.

De tentoonstelling belicht het programma en het historisch belang van deze dagen op Expo '58. Aan de hand van studiomateriaal, documenten, realisatiepartituren en fotomateriaal krijgen de bezoekers de kans om de twee richtingen van waaruit de elektronische muziek zich in de jaren 1950 ontwikkelde, te leren kennen. Het gaat hier met name over de ontwikkeling van de Franse musique concrète en de Duitse zuivere elektronische muziek. De Nieuwe Reeks vertaalt deze tweespalt in een live concert waarop twee werken die op Expo '58 ook weerklonken te horen zijn. De verschillende technieken die gehanteerd werden bij de creatie van deze muziek, worden door Mattias Parent in een workshop gedemonstreerd. Daarnaast zullen verschillende klankfragmenten en realisatiepartituren op de tentoonstelling liggen zodat de bezoeker actief kan kennismaken met deze boeiende muziek.

Concert: o.l.v. Stefan Prins (organisatie De Nieuwe Reeks)

Programma :
  • Pierre Schaeffer en Pierre Henry, Symphonie pour un homme seul
  • Gottfried Michael Koenig, Essai
Workshop o.l.v. Mattias Parent (organisatie MATRIX)
Wil je zelf ervaren hoe moeilijk het was om in het pre-computertijdperk elektronische klanken te produceren ? Mattias Parent toont ons hoe men toen tewerk ging en daarna kan u het zelf ook eens proberen.

Thomas Alva Edison ontwikkelde in 1877 de eerste grammofoon die hij 'fonograaf' doopte. Met dit apparaat werd het  mogelijk om geluiden op te nemen en die later weer af te spelen. De eerste opgenomen klanken aller tijde kwamenvan Edison zelf die het gedichtje 'Mary had a little lamb' insprak en zichzelf onmiddelijk daarna kon beluisteren.
De eerste 'klankdragers' waren ronde cilinders bedekt met een laag was; de eerste grammofoonplaten (in zink) werden omstreeks de eeuwwisseling ontwikkeld. Aan het begin van de jaren 1930 werd er voor het eerst geexperimenteerd met magnetische staalbanden, die in de loop van de jaren 1940 vervangen werden door de pvc-banden die we nog steeds terugvinden op recentere bandopnemers. De bandopnemer was als opnamer-apparaat natuurlijk veel gebruikvriendelijker dan de grammofoonplaat, waarvoor een ingewikkeld maakproces bestond. Iedereen kon een bandopnemer bedienen, opnames maken en die nadien weer wissen.

Ook de meest vooruitstrevende (na-oorlogse) componisten hadden dit gemerkt. Pierre Scheaffer en Pierre Henry hadden al enige ervaring met het componeren voor grammofoonplaten. Ze namen alledaagse geluiden op en 'verwerkten' die nadien tot een 'concrete' compositie. De 'Musique concrète' was geboren. Natuurlijk werd hun werk heel wat vergemakkelijkt door de intrede van de bandopnemer in hun Parijse studio.
In respectievelijk België en Duitsland zagen de boezemvrienden Karel Goeyvaerts en Karlheinz Stockhausen in de bandopnemer de ideale oplossing voor een aantal problemen die we waren tegengekomen bij het componeren van hun zogenaamde seriële muziek. Zij wilden namelijk elke klank van hun composities exact kunnen definiëren volgens haast wiskundige regels. Muzikanten kunnen misschien wel virtuoos uit de hoe komen, maar de ongelooflijk complexe ritmes die de twee jonge componisten voor ogen hadden konden onmogelijk nog door mensen uitgevoerd worden. Taperecorders konden dat wel: een goede klanktechnicus kon klankduren tot op 1/760e seconde exact bepalen. Dat probleem was al opgelost.

Een tweede, misschien nog groter probleem, was dat Goeyvaerts en Stockhausen gebonden waren aan traditionele klankkleuren zoals de vioolklank, de pianoklank, ... Kortom: klanken die ze niet zelf ontworpen en gestructureerd hadden, hetgeen toch wel enigszins botste met hun esthetische overtuiging dat ze elke klankdimensie moesten kunnen controleren. Ook hier bracht de bandopnemer weer soelaas. Met zogenaamde sinusgeneratoren werd het namelijk mogelijk om zelf klanken met de gewenste kleur te ontwikkelen. De componisten gingen hierbij uit van de ideeen van de Franse natuurkundige Joseph Fourier die had ontdekt dat elke klank uit een soort 'klankatomen' bestaat: de sinusgolven (lijkt op de bezettoon van de telefoon). Theoretisch gezien was het dus mogelijk om elke gewenste klankkleur te ontwerpen door de juiste sinustonen op elkaar te stapelen (klanksynthese).
Speciale bandopnemers hadden inderdaad reeds in de jaren 1950 de mogelijkheid om verschillende sinustonen op elkaar te stapelen en zo een nieuwe klank te bouwen. Stockhausen slaagde er voor het eerst in 1953 in om een volledig elektronisch werk te componeren in de elektronische radiostudio van Keulen. Hiermee legde  hij de basis voor de moderne synthesizer! Al snel werd hij gevolgd door een heel aantal collega's zoals Gottfried Michael Koenig, György Ligeti en Henry Pousseur.

In de eerste helft van de jaren vijftig bestond er een duidelijke esthetische polarisering tussen de Parijse en de Keulse componisten. De enen werkten namelijk met bestaande klanken, de anderen met zelfgemaakte klanken. Later loste dit esthetisch purisme op en gebruikten componisten zowel concrete als elektronische klanken. Denk hierbij bijvoorbeeld aan Karlheinz Stockhausens Schitterende Gesang der Jünglinge (1956). Dit werk werd naast een aantal zuiver elektronische werken en enkele concrete composities uitgevoerd tijdens de expo van 1958 in Brussel.  De wereldtentoonstelling bracht op die manier niet enkel de nieuwste opname- en afspeeltechnieken onder de aandacht van het grote publiek, maar ook de meest recente artistieke ontwikkelingen van een van de boeiendste decennia uit de muziekgeschiedenis. 

Concert en rondleiding: Exclusieve beiaardmuziek 'Expo 58'
Zondag 13 april 2008

Verschillende locaties in Leuven
Universiteitsbeiaard: 14.00 u
Beiaard Sint-Geertruikerk: 15.00 u
Beiaard Sint-Pieterskerk: om 16.00 u
------------------------------------
Muzikale hoogdagen op Expo 58 en nu - De experimentele muziek van de jaren '50 in de kijker
Zondag 13 april 2008

Tentoonstelling (leeszaal) doorlopend open tussen 10.00 u en 18.00 u
Concert (auditorium) om 11.00 u en om 13.30 u
Workshop o.l.v. Mattias Parent om 13.30 u - 14.15 u - 15.00 u - 15.45 u en 16.30 u (organisatie MATRIX)
Openbare bibliotheek Tweebronnen
Rijschoolstraat 4/49
3000 Leuven

Meer info : www.erfgoeddag.be, www.erfgoedcelleuven.be, www.denieuwereeks.be en www.matrix-new-music.be

Bront : Tekst Rebecca Diependaele voor Matrix

15:00 Gepost in Concert | Permalink |  Facebook

Zondagse reis door ruimte en tijd, tussen kunstmuziek en populaire muziek

Arditti String Quartet Het festival Ars Musica wil een eigentijds trefpunt zijn waar muziek kan worden beluisterd op het ritme van het leven en de stemming van het moment : bij de de zondagse brunch bijvoorbeeld. Met hun mix van muziek en besprekingen, een gemoedelijke sfeer en lekker eten en drinken zijn de brunchconcerten een perfecte gelegenheid om musici op een andere manier te leren kennen.

Kunstmuziek vs populaire muziek
In het 'musicologisch café' van zondag worden de artistieke lijnen verkend van twee 'genres' die op het eerste gezicht niets met elkaar gemeen hebben. En toch... Heeft de hedendaagse muziek, van Aperghis tot Zappa en alles wat er tussenin zit, zich ook niet overvloedig gelaafd aan de bronnen van de muzen ?
Iedereen weet hoe in het werk van componisten als Bartók en Stravinsky het culturele erfgoed van hun voorouders doorklinkt. We kunnen ook allemaal de moderne ingrediënten smaken die de muzikale taal van de 20ste eeuw een eigen plek hebben gegeven. Van de aforistische vorm van Webern, via de polyritmiek van Carter - wiens 100ste verjaardag we dit jaar vieren - tot de 'New Complexity' van Ferneyhough.
De Arditti's zouden hun wereldfaam te kort doen als ze in hun instrumentenkoffers niet een heleboel primeurs en verrassingen meebrachten. Zo zijn er zondag premières van Baltakas en Felder te horen zijn. De muziek van deze vier strijkers neemt je mee op een reis door ruimte en tijd, tussen verheven kunst en populaire kunst.

Brian Ferneyhough, Fifth String Quartet (2005)
De Britse componist Brian Ferneyhough (1943) stamt uit een eenvoudig milieu waar men vooral luisterde naar folk en populaire muziek. Hij studeerde achtereenvolgens bij Lennox Berkeley in Londen, Ton de Leeuw in Amsterdam en Klaus Huber in Basel. Zelf onderwees hij compositie in Freiburg, in Darmstadt en in Milaan. Brian Ferneyhough is ongetwijfeld een van de meest enigmatische figuren in de hedendaagse muziek. Zijn uitermate complexe muziek is de concrete uitwerking van een intellectueel denken dat zijn oorsprong vindt in het serialisme van de jaren vijftig en zestig en in het streven om muziek te maken met een grote dichtheid als basis voor een radicale expressie. Door de rol van de schriftuur tot het uiterste op te voeren, slaagt hij erin door een spel van tegengestelde verbindingen de attitude van de uitvoerder - die in een strijd met de tekst gewikkeld is - te overstijgen.

Brian Ferneyhough : "In de hedendaagse muziek bekleedt variatie een twijfelachtige positie: aangezien de meeste posttonale vormen een doorgedreven variërende bewerking veronderstellen, is de variatie op zich een formele overbodigheid. Mijn eerste idee was om de algemene en specifieke connotaties van het concept tegen elkaar uit te spelen in een soort van actief conflict, door drie variaties te schrijven. Ik heb er uiteindelijk voor gekozen een werk in één deel te componeren waarvan de interne discursieve energieën worden opgewekt door de informele doorsnijding, opeenstapeling en botsing van drie verschillende originele materialen. Tijdens de eerste helft van het kwartet slagen de varianten van deze materialen erin een zekere autonomie te bewaren, maar van langsom meer zorgen de krachten die de samendrukking van de tijd erop uitoefent dat hun eigen prioriteiten in de verdrukking geraken en aan chaos ten prooi vallen. Het werk stevent niet af op een conventionele synthese. Integendeel, een onstabiele en tijdelijke herstructurering dompelt de verre afgeleiden van de originele materialen in een toestand van antagonistische uitputting, zoals na de doortocht van een tornado, wanneer de verwoeste gebouwen in hun gemeenschappelijke onderwerping aan onweerstaanbare externe krachten nieuwe aspecten van hun co-existentie onthullen. Ik heb mijn Vijfde Strijkkwartet begin 2006 gecomponeerd. Het betreft een gezamenlijke opdracht van de West Deutsche Rundfunk en de BBC voor het Arditti Quartet. Het is opgedragen aan componist Michael Finnissy, naar aanleiding van zijn 60ste verjaardag. "

Elliott Carter, String Quartet No. 5 (1995)
Elliott Carter (1908), die in december 2008 honderd wordt, studeerde Engelse literatuur en muziek aan de universiteit van Harvard. Zijn eerste werken waren sterk beïnvloed door de ideeën van Nadia Boulanger en de Frans-Amerikaanse muziek uit die tijd, vandaar hun vrij neoklassieke karakter. Al snel ging zijn muziektaal een andere richting uit. Hij ontwikkelde een nieuwe, vloeiende ritmiek, het zogenaamde principe van de 'ritmische modulatie' dat hij onder meer toepaste in zijn 'Sonata for violoncello and piano' uit 1948 en in zijn 'Eerste strijkkwartet' uit 1950-1951. Vervolgens schreef hij een aantal indrukwekkende instrumentale werken, waaronder het 'Double Concerto' voor klavecimbel, piano en twee kamerorkesten uit 1961, een soort van 'klankenchoreografie'.
Toch ging de grote publieke aandacht veeleer uit naar Carters vocale oeuvre. Daarvoor haalde hij zijn inspiratie uit de dichtkunst van Elizabeth Bishop, Emily Dickinson, Walt Whitman en Robert Lowell. Carters muziek is veeleisend en heeft weinig gemeen met de Amerikaniserende stijl van componisten als Copland of Bernstein. Zonder gebruik te maken van de seriële technieken heeft Elliott Carter een uiterst persoonlijk oeuvre weten te creëren, dat een synthese is van de verschillende twintigste-eeuwse muziekstromingen.

Elliott Carter : "Repetities van kamermuziekensembles zijn fascinerend: de muzikanten spelen korte of lange fragmenten van het werk waarmee ze bezig zijn, onderbreken elkaar om verbeteringen te bespreken die aan hun spel kunnen worden aangebracht, herbeginnen, en zo van voor af aan. Dit proces lijkt verbluffend sterk op wat er in onszelf omgaat bij het verwekken, het produceren, het fijn afstellen en zelfs het verbannen van onze gevoelens en ideeën! Dit schema van menselijk gedrag vormt het stramien van mijn 5de strijkkwartet. Tijdens de inleiding worden de muzikanten een voor een voorgesteld. Ze spelen fragmenten uit een van de zes korte delen die het ensemble later zal spelen en knopen tegelijkertijd een gesprek aan. Tussen elk deel in bespreken ze op uiteenlopende manieren wat ze hebben gespeeld en wat ze nog gaan spelen. Het thema van de samenwerking tussen de mensen, met alle mogelijke gevoelens en bespiegelingen die ze oproept, stond centraal tijdens het schrijven van dit werk."

Vykintas Baltakas, b(ell) tree (2007 - nieuwe versie)
De Litouwse componist Vykintas Baltakas (1972) ging van 1993 tot 1997 naar Duitsland om er aan de Hochschule für Musik in Karlsruhe te studeren, compositie bij Wolfgang Rihm en orkestdirectie bij Andreas Weiss. Van 1994 tot 1997 studeerde hij aan het International Eötvös Institute en assisteerde hij Peter Eötvös bij verschillende projecten in Duitsland en Frankrijk. In 1997 volgde hij lessen compositie bij Emmanuel Nuñes aan het CNSM de Paris en in de periode 1999-2000 de cursus compositie en muzikale informatica aan het Ircam. Bovendien studeerde hij filosofie aan de Katholieke Universiteit van Leuven. Vykintas Baltakas ontving de beurs voor compositie van de Heinrich-Strobel Foundation (1996, Freiburg), de beurs van de Fondation Nadia et Lili Boulanger (2000 en 2002), de Stipendiumpreis van de summer classes in Darmstadt (1996) en de Claudio Abbado-prijs (2003). Op uitnodiging van Peter Eötvös verbleef hij in 1997 aan het Herrenhaus in het Duitse Edenkoben). Baltakas won eveneens een aantal prijzen voor zijn orkestdirectie.

Vykintas Baltakas : "Wanneer een musicus een stuk begint te componeren, is zijn vrijheid van bij het begin beperkt door de grenzen van zijn eigen denken. Naarmate hij evolueert, krijgt hij constant nieuwe prikkels. Maar al zijn inzichten, alle keuzes die hij maakt, zijn bepaald door zijn traject, dat op zijn beurt in het verlengde ligt van een verleden waaruit zijn beleving voortvloeit. Daarom ben ik zo sterk geïnteresseerd in wat de muziek mij te bieden heeft. Het is iets onbewusts en dikwijls verrassends. Ik hoor 'geluidsobjecten', neem ze op, beluister ze, tracht ze te begrijpen - wat voor wezens zijn het, hoe leven ze, wat is belangrijk voor hen? - en probeer hun leven te laten voortduren. Mijn strijkkwartet is gebouwd op de ritmische opeenstapeling van het geklingel van Zwitserse koebellen. Ik ben het geluid beginnen te bestuderen, heb geprobeerd de wezensvorm te imiteren en heb wat ik gevonden heb doen voortbestaan. En zo ben ik in een nieuwe wereld beland; nieuw voor mij en voor het 'ontdekte' geluid."

David Felder, 'Stuck-Stücke' (2007)
David Felder is een van de Amerikaanse topcomponisten van de nieuwe generatie. Hij heeft compositie gestudeerd bij Roger Reynolds en Donald Erb. Hij is geëerd met onderscheidingen van de voornaamste stichtingen (Guggenheim, Koussevitzky, Rockefeller) en zijn werken worden op de grote Europese en Amerikaanse internationale festivals gespeeld. David Felder heeft gedoceerd aan het Cleveland Institute of Music, aan de universiteit van San Diego en aan de universiteit van de staat Californië (Long Beach). Hij is momenteel geassocieerd hoogleraar en geeft compositie aan de universiteit van de staat New York (SUNY), in Buffalo. Hij is sinds 1985 artistiek leider van het June Festival in Buffalo en dirigeert sinds twee jaar het Center for 21st Century Music van de universiteit.

David Felder : "Stuck-stücke werd gecomponeerd voor het Arditti String Quartet in 2007 in opdracht van de Siemens Stichting. Het werk bestaat uit dertien korte stukken in drie onderbroken, maar wel met elkaar gerelateerde stromen muzikaal materiaal. De titel verwijst naar de onophoudelijke herhaling van kleine gebaren die sommige, maar niet alle stromen in het werk karakteriseren. En de culturele vorm van de alomtegenwoordige 'reclamespot' (met zijn schetterende slagzinnen en slim uitgekiende campagnes) is de minivorm van het oermodel van de compositie. Het werk is opgedragen aan de buitengewone Irvine Arditti en de leden van het Arditti String Quartet. De oneindige energie van Irvine, zijn visie en die van zijn collega's, dienen nu al meer dan twintig jaar als inspiratie voor mijn werk. Ik bied dit werk aan met gevoelens van vriendschap en diepste bewondering."

Programma :

Concert
  • Anton Webern, Fünf Sätze, opus 5 (1909)
  • Brian Ferneyhough, Fifth String Quartet (2005)
  • Elliott Carter, String Quartet No. 5 ( 1995)
Brunch

Musicologisch café : Populaire muziek/Kunstmuziek
  • Igor Stravinsky,Three pieces (1914)
  • Vykintas Baltakas, b(ell) tree (2007 - nieuwe versie) - wereldcreatie
  • David Felder, 'Stuck-Stücke' (2007) - Belgische creatie
  • Béla Bartók, 4de Strijkkwartet (1928)
Tijd en plaats van het gebeuren :

Ars Musica 2008
Brunchconcert Arditti String Quartet - Musicologisch café : Populaire muziek/Kunstmuziek
Zondag 13 april 2008 om 12.00 u

Flagey Studio 4
Heilig Kruisplein
1050 Elsene

Meer info : www.arsmusica.be, www.flagey.be en www.ardittiquartet.co.uk

Extra :
Brian Ferneyhough : www.myspace.com/ferneyhough en composers21.com
"The Melting Point: Two European Composers in America", Molly Sheridan in conversation with Brian Ferneyhough op www.newmusicbox.net, 22/07/2005
Elliott Carter : www.schirmer.com, www.boosey.com en www.carter100.com
Eliott Carter : conservatieve erudiet, Jan de Kruijff op www.musicalifeiten.nl
Carter en de polyfonie (pdf), Leo Samama op www.bloomline.net ,1993
Vykintas Baltakas : members.aol.com/baltakas
David Felder : www.music.buffalo.edu/faculty/felder

Elders op Oorgetuige :
Eerst voortdoen, daarna beginnen : directeur Laurent Langlois over Ars Musica 2008, 4/04/2008
Made in Belgium : Ars Musica trekt Belgische kaart, 4/04/2008
Ives, Carter & Curran : een eeuw Amerikaanse pianomuziek, 14/11/2006

12:01 Gepost in Concert | Permalink |  Facebook

Gentse Conservatorium zet deuren open

Opendeurdag Conservatorium Gent Het einde van het schooljaar komt stilaan in zicht. Traditiegetrouw zetten de Vlaamse Conservatoria in deze periode hun deuren wagenwijd open, en het Gentse Conservatorium bijt daarbij zondag de spits. Met de opendeurdag wil het Departement Muziek en Drama toekomstige studenten en ook het brede publiek bekend maken met alle soorten activiteiten die er worden georganiseerd binnen en buiten de lessen.

Zowel in de Campus Hoogpoort als in de Campus Bijloke zijn er de hele dag door open lessen, toonmomenten, optredens en audities. De dag wordt symfonisch afgesloten met een solistenconcert met studenten van het Conservatorium als solist. Op het programma : werk van W.A. Mozart, L. van Beethoven, J. Brahms, R. Strauss, M. Bruch, C. Saint-Saëns, F. Waxman, D. Brossé en van studenten compositie : Joris Blanckaert, Eke Firdevs, Daniel Pastene en Michiel de Malsche.

Tijd en plaats van het gebeuren :

Opendeurdag Koninklijk Conservatorium Gent
Zondag 13 april 2008 van 10.00 u tot 17.00 u

Solistenconcert : 20.00 u
Koninklijk Conservatorium Gent
Campus Hoogpoort
Hoogpoort 64
9000 Gent

Campus Bijloke
J. Kluyskensstraat 2
9000 Gent

Meer info : cons.hogent.be

07:00 Gepost in Concert | Permalink |  Facebook

10/04/2008

Van Bommershoven tot Borgloon : nieuwe muziek op ongewone locaties

Ictus, Bison Futé Dit weekend brengen de musici van Ictus een nieuw Bison Futé-programma op drie alternatieve locaties die letterlijk en figuurlijk 'weg van de snelweg liggen': verscholen in de plooien van Droog-Haspengouw, parallel aan de oude Romeinse Weg die Keulen met Bavai verbond, in het dorpje Bommershoven. Ze bespelen locaties die samen de eenheid symboliseren van de vroegere rurale gemeenschappen: de kerk van Bommershoven en de hoeve Daerden, verbonden aan het kasteeldomein van Bommershoven.

Nieuwe muziek op ongewone locaties
Nieuwe muziek doet beroep op een enorme virtuositeit, sterk gelieerd aan de ademhaling en aan het musculaire apparaat van de uitvoerder: ideaal materiaal om in de intimiteit van ongewone, historische locaties over te brengen. In de 20ste eeuw ontstond er een nieuwe instrumentenbouw waarbij de hoofdrolspelers niet zozeer de traditionele instrumentenbouwers zijn, noch de onvermoeibare techneuten, maar wel de kunstenaars, muzikanten en componisten zelf. De oorsprong van dit fenomeen ligt in het werk van Amerikaanse componisten als Harry Partch met zijn systeem van zuivere intonatie en John Cage met zijn preparaties en manipulaties van bestaande instrumenten. Ictus leidt je Bison Futé-gewijs terug naar de bron en wijst tegelijkertijd naar de toekomst door de uitvinders van vandaag met hun vreemde sonore utopieën aan het woord te laten.

Banshee !
"De schreeuw van de Banshee is de meest gruwelijke die men zich kan inbeelden, hij doet denken aan het huilen van de wolf, aan het schreeuwen van een verlaten kind, aan het lijden van een barende vrouw en aan de schreeuw van de wilde eend". In de Keltische folklore kan de Banshee een jonge vrouw of een kleurrijke vogel zijn, wiens schreeuw gek maakt. De Engelse componist Simon Holt munt uit in het schetsen van de sfeer uit die gothische legendes. Xenakis raakt dan weer aan het reële van de zaak: de klagende zang van de hobo rivaliseert hier met een gigantisch slagwerk arsenaal. Als intermezzo's, twee swingende solo's van Donatoni, om wat te kunnen ademhalen tussen twee huiveringwekkende gebeurtenissen.

Programma :
Banshee : Piet Van Bockstal, hobo - Gerrit Nulens, slagwerk
  • Iannis Xenakis, Dmaathen (1976) voor hobo en slagwerk
  • Franco Donatoni, Omar (1985) voor vibrafoon
  • Simon Holt, Banshee (1994) voor hobo en slagwerk
  • Franco Donatoni, Incisici (1995) voor hobo
Scelsi
"Componeren is trouwens een verkeerd woord. Scelsi noemde zichzelf geen componist, maar 'ontvanger', en wat hij 'ontving' legde hij in de vorm van improvisaties vast op een soort orgeltje. Scelsi's schafte in zijn muziek ritme, harmonie en melodie af en ging vervolgens tot het uiterste in verkenningen van de klankkleur. Het had, vond hij, doodeenvoudig geen zin te doen wat anderen voor hem ook al hadden gedaan." (Het Parool, 2006)

Programma :
Scelsi : George Van Dam, viool - Paul Declerck, altviool - Geert De Bièvre, cello
  • Giacinto Scelsi, 'Xynobis' (1964) voor viool solo
  • Giacinto Scelsi, Tryphon - Jeunesse (1956) uit 'Trilogy : Three Stages of Men
  • Giacinto Scelsi, Elegia per Ty (1958) voor altviool en cello
  • James Tenney, Harmonium #5 (1978) voor viool, altviool en cello
Round the star and back
Twee synthesizers en één piano op een trip doorheen vier decennia elektronisch muziek: hypnotiserend minimalisme uit de jaren '60 met "Piano Phase" van Steve Reich; een half uitgeschreven werk uit de jaren '70 van Jonathan Harvey; een elektronische fresco uit de jaren '80 van Tristan Murail op wee vintage syhnthesizers (de eerste digitale synthesizers) en een post-modern delirium met Tex Avery citaten van David Shea, pure jaren '90.

Programma :
Round the star and back : Jean-Luc Fafchamps & Jean-Luc Plouvier, toetsen
  • Steve Reich, Piano Phase (1967) voor twee synthesizers
  • Jonathan Harvey, Round the Star and Back (1974) voor piano en synthesizer
  • Tristan Murail, Vision de la Cité Interdite (1986) voor twee synthesizers (DX7)
  • David Shea, Tex (1997) voor piano en sampler
Brins
Dit concert is opgevat als een meta-compositie voor twee violen: aan het ene uiterste werken als Japanse Haïku's, aan het andere uiterste barokke explosies van ongebreidelde fantasie. Voor Berio gaat het eerder om het zoeken naar het maximale genot met zo weinig mogelijk retorisch vuurwerk, James Dillon zoekt dan weer naar onvermoede betekenis door opeenhoping van materiaal, zoals gedachtenassociaties in een droomwereld. Wat elk van die miniaturen gemeenschappelijk hebben is dat hun schoonheid, van zodra in alle hevigheid ontplooid, onmiddellijk weer vervaagt. Dit concert kan men genieten als een sprong in het donker, gewapend met een twintigtal lucifers.

Programma :
Brins : George Van Dam & Igor Semenoff, viool
  • Bela Bartok, selectie uit 44 duets for 2 Violins, Sz 98 (1931)
  • Luciano Berio, 34 Duetti (1979-1982)
  • James Dillon, Traumwerk (1996)
Ursonate
De schilder-dichter Kurt Schwitters werd geboren in Hannover op 20 juni 1887. In deze stad stond hij aan de wieg van 'Merz' een dissidente tak van de Dada beweging (het woord 'Merz' kwam tevoorschijn bij het verknippen van een Kommerzbank affiche). Aanvankelijk wierp hij zich op de techniek van de collage waarin hij industrieel afval verwerkte maar stelselmatig verruimde hij zijn horizon: alles werd Merz, van Merzbilden tot Merzbau (woningen gedacht als ruime kunstobjecten) tot toneelwerk en een reeks van fonetische gedichten. De Ursonate, bestaande uit vier delen met vele ironische verwijzingen naar de klassieke sonatevorm is bestemd voor een acteur-muzikant-verteller. In een imaginaire taal, ontworpen op basis van vooral sonore en ritmische kwaliteiten, confronteert Schwitters de uitvoerder met uitgelezen materiaal voor een explosie van vocale energie: virtuoos, vreemd en ook wel grappig.

Programma :

Kurt Schwitters : Ursonate (1934) voor solo stem, door Michael Schmid

Bedtime stories
Onthechte poëzie - onderkoelde humor... Twee klarinettisten - oog in oog - spelen werk van Beat Furrer, ontdaan van alle franjes maar zo gevoelig en mysterieus als een Japans gedicht. Daarnaast demonstreren ze al spelend en sprekend de muzikale raadsels van Tom Johnson, opgevat als een absurde cursus fysica met een onvermijdelijk gevoel voor 'mislukking'. Bepaalde compositorische problemen worden voor iedereen tastbaar gemaakt in de vorm van korte verhaaltjes à la Jacques Tati: hoe vier koppels aan tafel laten plaatsnemen? een fluit solo componeren zoals men een straat plaveid? zo snel mogelijk alle variaties spelen van één groep noten? …sadistisch vingerbrekers voor muzikanten, tot groot jolijt van wie 't benijdt.

Programma :
Bedtime stories : Dirk Descheemaeker & Benjamin Dieltjens, klarinet
  • Tom Johnson, Bedtime Stories (1985) voor klarinet en verteller
  • Beat Furrer, Apoklisis (1998) voor twee basklarinetten
  • Tom Johnson, Eggs and Baskets (1987) voor twee klarinetten en stem
Tijd en plaats van het gebeuren :

Ictus : Bison Futé
Zaterdag 12 april 2008
Banshee : Hoeve Daerden om 20.00 u
Scelsi : Kerk Bommershoven om 21. 30 u

Zondag 13 april 2008 (in het kader van Erfgoeddag Borgloon)
Round the star and back : Schooltje Colen om 11.00 u
Brins : Kerk Bommershoven om 14.00 u
Ursonate : Hoeve Daerden om 15.30 u
Bedtime stories : Hoeve Daerden om 17.00 u

Alle concerten : gratis toegang

Meer info : www.borgloon.be en www.ictus.be

15:00 Gepost in Concert | Permalink |  Facebook