21/02/2009

Klankschapper Marinos Koutsomichalis in Logos

Marinos Koutsomichalis "Waarom zouden we de klank niet louter gebruiken om ons mee uit te drukken, maar de klank zichzelf laten uitdrukken door er goed naar te luisteren?" is het uitgangspunt van de Griekse klankschapper Marinos Koutsomichalis. In zijn fijnmazige klankwereld staat de sonore autonomie van kleuren, teksturen en timbres centraal. Op dit concert krijg je twee performances van zijn recente stukken, die hij zelf omschrijft als 'sound walks', een imaginaire promenade doorheen landschappen die hij op verschillende momenten heeft opgenomen en nu in één beweging bevriest in de tijd.

Marinos Koutsomichalis (1981) is een bezige bij die zich op zijn weblog graag omschrijft als een 'multi-genre' artiest. Aan het Sibelius Conservatorium in Athene studeerde hij jazzgitaar, analyse, koor- en ensembledirectie, alsook muziektheorie en -morfologie bij Homer Komninos. Vorig jaar behaalde hij een master in Composition with Digital Media bij Tony Myatt aan de York University. Daarnaast heeft hij zich bezigghouden met songwriting, algoritmische compositie, puur hedendaags klassiek werk, noise en site-specific field recordings.

De laatste jaren focust hij meer op een soort elektroakoestische muziek waarin timbre en tekstuur belangrijker zijn dan struktuur of andere vormen van formele opbouw. Hij gebruikt de klank niet om zichzelf mee uit te drukken, maar is eerder een medium om de klank zichzelf te laten zijn. Een ander aspect van zijn werk is het grote aandeel aan improvisatie, waarin hij opnieuw zeer site-specifiek te werk gaat: de ruimte waarin hij optreedt, speelt daar, net als het aanwezige publiek, een grote rol in.

Koutsomichalis heeft al samengewerkt met The New York Miniaturist Ensemble (USA), Chimera Ensemble (UK) en het Center of Contemporary Music Research (GR). Zijn werk werd in verscheidene landen in Europa en Amerika uitgevoerd en, naast enkele uitgaven in eigen beheer, verschijnen er dit jaar twee releases van zijn werk bij de labels Entr' acte (UK) and Echomusic (GR).

Tijd en plaats van het gebeuren :

Marinos Koutsomichalis
Dinsdag 24 februari 2009 om 20.00 u
Logos Tetraëder

Bomastraat 26-28
9000 Gent

Meer info : www.logosfoundation.org en www.marinoskoutsomichalis.com

10:00 Gepost in Concert | Permalink |  Facebook

19/02/2009

Aquarius brengt hommage aan Norbert Rosseau in Lier

Norbert Rosseau Aquarius is een Vlaams vocaal ensemble met een warm hart voor hedendaagse muziek. Deze muziek heeft vele gezichten. Aquarius wil al die gezichten laten horen. In het verleden besteedden zij in hun concerten exclusief aandacht aan de eigentijdse muziek. Nu combineren zij een nieuw repertoire met bekende muziek uit het verleden. Aquarius gaat ook steeds op zoek naar verschillende theatrale manieren om naar buiten te komen. Het conventionele concert is slechts één van hun vele gezichten. In de Jezuïetenkerk van Lier brengt het intrigerende vocaal ensemble Aquarius werk van Norbert Rosseau.

Norbert Rosseau (1907 - 1975) werd op 11 december 1907 geboren te Gent, als zoon van twee circusartiesten: Max Rosseau en de Italiaanse Stella Lussie. Van hen (zijn moeder studeerde piano aan het conservatorium van Gent en zijn vader was violist en muzikale clown) ontving Norbert zijn eerste muzikale lessen.
Toen de Eerste Wereldoorlog uitbrak vluchtten ze naar Italië en daar kreeg Rosseau les van Piramo, een vooraanstaand zigeunerviolist. Als wonderkind ("il piccolo celebre violinista") doorkruiste hij heel Italië en gaf hij recitals tot na de Eerste Wereldoorlog. In Italië kreeg hij ook zijn muzikale opleiding: compositie bij Giuseppe Mulè, orgel bij Fernando Germani en piano bij Silvestri. Na het behalen van zijn diploma in het conservatorium van Rome vervolmaakt hij zich in compositie bij Ottorino Respighi. Rond 1934 studeerde Rosseau psychologie en filosofie in Gent. Aan zijn loopbaan als vioolvirtuoos komt plots een einde door een kwetsuur aan zijn rechterhand die hij in 1940 gedurende zijn krijgsdienst had opgelopen.
Na de Tweede Wereldoorlog leert Rosseau de concrete en elektronische muziek kennen en volgt hij meerdere cursussen in Darmstadt en aan het IPEM te Gent. Samen met Louis De Meester was hij de eerste componist in Vlaanderen die dodecafonische (pas na de Tweede Wereldoorlog!) en elektronische muziek componeerde. Verschillende composities van Rosseau zijn bekroond en meermaals worden zijn werken uitgevoerd voor de radio en in concertzalen. In tegenstelling tot de meeste componisten is hij nooit verbonden geweest aan één of andere instelling zoals een conservatorium, een orkest of radio.

Marc Michael De Smet : "Norbert Rosseau is helemaal niet de naam die op ieders lippen ligt. Niettemin haalt zijn indrukwekkend oeuvre een internationaal niveau, dat onder ieders aandacht moet gebracht worden. Deze hommage aan een man, wiens honderdste geboorteherdenking niet gevierd werd, presenteert enkel markante stalen van zijn koorkunst. Het zijn bijzonder verschillende werken die de verschillende stijlen van de meester illustreren: de 'Mis van de H. Geest' uit 1962 is een pareltje van hedendaagse, monodische eenvoud. De 'Messe des morts à Is' uit 1959 daarentegen, maakt van de barokke, surrealistische Franse verzen een klankkathedraal die het ontvankelijk oor aan zijn stoel genageld houdt; het argeloze, poëtische 'Vrede' tot slot, bewijst hoe Rosseau ook het genre van het kinder-en jeugdkoor magistraal verrijkte.
Geen groter lof dan deze werken te laten horen in een internationale context van hedendaagse koormeesters. Voor velen zal 'Psalm 129 - de profundis' van de jonge Franse rijzende ster Vincent Paulet een openbaring zijn. Ook Thorkell Sigurbjörnsson, die zichzelf de IJslandse Joseph Haydn noemt, baart opzien met zijn frisse, originele Recessional. Niemand zal het belang en de populariteit van Arvo Pärt bestrijden, die met zijn 'Da Pacem domine' uit 2004/06 helemaal zichzelf blijft met zijn uitgepuurde, verstilde meditatieve schriftuur."

Programma :
  • Norbert Rosseau, Mis van de Heilige Geest
  • Vincent Paulet, Psalm 129
  • Arvo Pärt, Da Pacem Domine
  • Norbert Rosseau, Vrede
  • Norbert Rosseau, Messe des morts à Is
  • Thorkell Sigurbjörnsson, Recessional
Tijd en plaats van het gebeuren :

GC Aquarius : Hommage Rosseau
Zaterdag 21 februari 2009 om 20.15 u
Jezuïetenkerk Lier

Gasthuisvest 50
2500 Lier

Meer info : www.lierscultuurcentrum.be en www.gc-aquarius.be

Norbert Rosseau op www.matrix-new-music.be
Vincent Paulet : vincentpaulet.com
Arvo Pärt op www.musicolog.com en YouTube

Elders op Oorgetuige :
Aquarius brengt hulde aan Norbert Rosseau, 23/11/2007

07:00 Gepost in Concert | Permalink |  Facebook

18/02/2009

Futuristische performance en elektro-vaudeville als afsluiter van Performatik

Taxi Val Mentek Op vrijdag 20 februari, exact 100 jaar na de publicatie van het futuristisch manifest in Le Figaro, brengen regisseur en multimediakunstenaar Claudio Sinatti en componist Black Fanfare/Demetrio Castellucci een project waarin zij vertrekken van de poëtica van het futurisme - verheerlijking van snelheid, beweging, actie, kleur en geluid etc. - om iets totaal nieuws te maken, niet met de bedoeling om het futurisme opnieuw tot leven te wekken maar om tot een nieuw begrip ervan te komen. De live-mediaperformance zal elektronische tracks en animatiebeelden mixen; actie en kleur zullen het hart van de performance vormen; ze zal de talen en media van vandaag gebruiken om te kijken naar de honderd jaar oude, futuristische esthetica.

Het slotconcert van Performatik wordt verzorgt door het Zwitserse duo Dominik Scherrer en Christoph Hefti. Scherrer en Hefti zijn bedrijvig in muziek, film en mode (Christoph maakt deel uit van het creatief team van Dries Van Noten). Samen vormen zij het art-pop combo Taxi Val Mentek. Zij brengen een frivool elektro-vaudeville concert tussen cabaret en videokunst in.

Tijd en plaats van het gebeuren :

Performatik 09
Claudio Sinatti & Black Fanfare/Demetrio Castellucci: RHOMBOIDE (Creatie)
Vrijdag 20 februari 2009 om 22.00 u
Kaaitheater

Sainctelettesquare 20
1000 Brussel

Meer info : www.kaaitheater.be
-------------------------
Taxi Val Mentek : Performatik Closing Concert
Zaterdag 21 februari 2009 om 22.00 u
Kaaistudio's

Onze-Lieve-Vrouw van Vaakstraat 81
1000 Brussel

Meer info : www.kaaitheater.be
Beide performances zijn gratis toegang

Extra :
Claudio Sinatti : www.claudiosinatti.com en www.vimeo.com/claudiosinatti
Black Fanfare/Demetrio Castellucci : www.myspace.com/blackfanfare
Dominik Scherrer : www.dominikscherrer.com
Claudio Sinatti, Demetrio Castellucci en Taxi Val Mentek op Youtube

Elders op Oorgetuige :
Performatik 09 in het teken van 100 jaar futurisme, 6/02/2009

13:00 Gepost in Concert | Permalink |  Facebook

Waanzin en oude goden in de magische wereld van Stef Lernous en Daan Janssens

Aeon Regisseur Stef Lernous van Abattoir Fermé en de jonge componist Daan Janssens werkten met twee jonge zangeressen en twee muzikanten aan een onderzoeksproject dat vertrekt van het oeuvre van H.P. Lovecraft en dat baadt in een sfeer van chaos, mistroostigheid, waanzin en oude goden. Lovecraft is bekend om zijn kortverhalen, poëzie, essays en manifesten en is een van de 'grootouders' van de moderne sciencefiction en horror. Hij verzon de 'kosmische horrorliteratuur' en schreef de mensheid een gruwelijke wereld tegemoet. In zijn Cthulhu Mythos voert hij een pantheon aan goden/monsters op die de mensheid tot op de rand van de waanzin brengen om dan 'hun' aarde opnieuw op te eisen. Lovecraft zelf leed aan zogenaamde 'Night-Terrors', nachtmerries terwijl je wakker bent.

Aeon is het resultaat van een ontmoeting tussen twee mensen die leven en creëren voor en vanuit een verwondering voor het leven. En dit in de meest tegengestelde zin. Lernous creëert een eigen universum van theaterbeelden vanuit een fascinatie voor levende organismen, en het menselijke lichaam in het bijzonder. Janssens daarentegen creëert een eigen klankwereld en vertrekt hierbij van een begeestering door klankobjecten die hem aanzetten tot componeren én muzikaal in dialoog treden met die klankobjecten.

Lernous' theaterwereld meets Janssens' klankwereld, dat is de inzet van Aeon. De creatie draagt de stempel van hun beider fascinaties in zich en verenigt deze tot een unieke muziektheatertaal die de menselijke stem tot een oneigenlijke klank maakt in een pantheon van oude goden en onwezenlijke monsters. Het is een pantheon dat de mensheid in de ogen kijkt, dat ons confronteert met onze nietigheid enerzijds én met de onwaarschijnlijke kracht van onze fantasie en verbeelding anderzijds. Oog in oog met Aeon staan we oog in oog met onze fysieke beperktheid en geestelijke ongeremdheid. In klank en beeld.

Stef Lernous is van jongs af aan gefascineerd door de onderwereld (of bovenwereld) die zich als een mysterieuze partner van de (onze) werkelijkheid gedraagt. Dat hij als achtjarige met zijn spaarcentjes een unieke uitgave van Lewis Carroll's "Alice in Wonderland" - zijn eerste boek - kocht, onderstreept die fascinatie. Carrolls verhaal blijft Lernous fascineren. En vormt als het ware een vertrekpunt voor een diepgravende verkenning van de horror- en sciencefictionliteratuur en -films. Onrechtstreeks vormt het verhaal ook het beginpunt - of beter: de kiem - van Lernous' theatertaal.
Terwijl zijn leeftijdgenootjes legoblokjes tot huisjes stapelden, liet Lernous de blokjes in water drijven of hij onderzocht hoe de blokjes in het vuur tot kneedbare massa's transformeerden en - eigenlijk - tot leven kwamen. Of hij vatte het idee op om tijdens een toneeluurtje in de lagere school een meisje in twee te zagen. Dus trok hij naar school met zaag en plastic hersens. Hij vroeg het meisje om vooraan in de klas te komen. En hij besefte dat hij niet verder kon dan de zaag tegen het meisje houden. Dit markeert ook zijn huidige attitude als theatermaker. Lernous zoekt in zijn theater constant grenzen op en tracht deze ook constant te overschrijden. 

Als artistiek leider van het Mechelse theatercollectief Abattoir Fermé maakt hij sinds 1999 opmerkelijke creaties die niet alleen verwondering bij een publiek willen opwekken maar tevens ook vertrekken vanuit verwondering. Het is verwondering voor de voornoemde fantasieverhalen (maar evengoed het werk van William Shakespeare) waarin de wreedheid een uitvergrote vorm van de realiteit blijkt te zijn en daardoor aanzet tot reflectie en begeestering. Het vertrekpunt van elke creatie is eigenlijk de relatie van het menselijke lichaam tot de realiteit én de fantasiewereld die uit dat vleselijke lichaam - dat geworteld is in de werkelijkheid - kan ontstaan. Lernous' theater - dat als een symbiose van onwezenlijke theaterbeelden en hyperrealistische filmshots aandoet - ontstaat letterlijk en figuurlijk vanuit het lichaam. De nietigheid van dit lichaam in een doldraaiende, desolate - al dan niet echte - wereld is het uitgangspunt van Aeon. Hiervoor schreef Lernous overigens het libretto. Hij inspireerde zich op de mythische goden- en monsterwerelden die de Amerikaanse horror- en sciencefictionschrijver Howard Phillips Lovecraft ontwikkelde.

Het is de absolute muzikaliteit van Lernous' theatertaal, zowel in de montage van de beelden als door de soundscape waarin deze beelden groeien en bestaan, die hem tot een waardevolle creatiepartner van LOD maakt. LOD nodigde Lernous uit om onder hun vleugels de relatie van zijn taal tot muziek en muzikaliteit verder te onderzoeken. Lernous ging de uitdaging aan. Aeon is daar de eerste 'vrucht' van. Dat hij daarvoor niet met zijn vertrouwde componist Pepijn Caudron (Kreng) in zee gaat maar met jong talent Daan Janssens, maakte het avontuur nog spannender.

Ook voor Daan Janssens is deze creatie een uitdaging. De jonge componist groeide op in Brugge waar hij aan de muziekschool viool en piano studeerde. Op zijn twaalfde ontdekte Janssens de opera en was verrukt. Het is dan ook weinig verwonderlijk dat de eerste CD die hij kocht Mozarts "Le Nozze di Figaro" was. Stap voor stap, vertrekkende vanuit de Romantiek, verkende Janssens het gehele operagenre. Vanaf zijn 13de begon hij ook zelf composities te schrijven, hierin gestimuleerd door zijn leerkracht Octaaf Van Geert. Op zijn 15de schreef Janssens zijn eerst operastukje: hij zette eigen muziek (voor piano en stem) op de tekst van Verdi's Othello.
Janssens' jeugdige parcours stoomde hem klaar voor een opleiding aan het Koninklijk Conservatorium van Gent. Daar werd hij - in zijn componeren en verkennen van de (hedendaagse) klassieke muziek - gestimuleerd en geïnspireerd door muzikant en componist Frank Nuyts. Gaandeweg ontwikkelde Janssens een eigen idioom dat zich laat kenmerken als een taal die de fascinatie voor de dialoog tussen klankkleur en stilte uitademt. Hierbij bezit de componist een bijzondere voorliefde voor het extreem rijke klanktimbre van de strijkers.
Janssens ontwikkelt zijn atonale muziektaal verder binnen het muziekensemble dat dat hij mee oprichtte en krijgt nu - dankzij Frank Nuyts die Janssens' werk onder de aandacht van LOD (en zo Lernous) bracht - de kans om die taal nog verder te ontwikkelen.

De muziek die Janssens voor Aeon componeerde, is in meerdere opzichten een belangrijke stap in het oeuvre van Janssens. Enerzijds is het zijn eerste échte muziektheatercompositie ooit. Anderzijds grijpt Janssens voor het eerst sinds lang terug naar percussie en basklarinet in de plaats van zijn muziek door strijkers te laten kleuren. De muziek zal vanuit een instrumentale kiem open bloeien tot een complexe atonale reis voor zangstem, spreekstem en elektronische klanken. Op die manier slaagt Janssens erin om doorheen het beeldenuniversum van Lernous een verrijkend klankenuniversum te verweven. Aeon is een beklijvende halte op de weg van twee kunstenaars die u zal verwonderen en fascineren. Met beelden en klanken. Onwerelds in hun herkenbaarheid.

Tijd en plaats van het gebeuren :

Performatik 09
Stef Lernous & Daan Janssens : AEON
Vrijdag 20 februari 2009 om 19.30 u
Zaterdag 21 februari 2009 om 22.00 u
Kaaitheater

Sainctelettesquare 20
1000 Brussel

Meer info : www.kaaitheater.be, www.lod.be en www.abattoirferme.be
------------------------
Woensdag 25, donderdag 26 en vrijdag 27 maart 2009, telkens om 21.30 u
Oude zwemdok Mechelen

Rode Kruisplein 2
2800 Mechelen

Meer info : www.stadsvisioenen.be, www.lod.be en www.abattoirferme.be

Bron : tekst Els Van Steenberghe voor LOD

Daan Janssens op www.nadarensemble.be

Elders op Oorgetuige :
Performatik 09 in het teken van 100 jaar futurisme, 6/02/2009
Foto's AEON, muziektheater Stef Lernous & Daan Janssens, 28/11/2008
AEON : horror en gruwel in nieuwe opera van Stef Lernous & Daan Janssens, 24/11/2008

07:00 Gepost in Concert | Permalink |  Facebook

17/02/2009

Oorstrelend concert met topsolisten van eigen bodem

Benjamin Dieltjens Geert De Bièvre, Benjamin Dieltjens en Piet Kuijken zijn drie topsolisten van eigen bodem. Ze verenigen zich met slechts een doel: de muziek voor cello, klarinet en pianoforte in een nieuw licht plaatsen. Composities uit de romantische traditie van Schumann en Brahms staan naast werk van Kurtág en Sciarrino, twee voorname vertegenwoordigers van de 20ste-eeuwse muzikale vernieuwingen. Het resultaat is een opmerkelijke synthese van continuïteit en stilte, van diepmenselijke emoties en sereniteit. Ook in de bezetting weet het trio overvloedig variatie te creëren, van solistische werken tot duo's en een enkel trio, van historische tot moderne instrumenten die de solisten beide op hoog niveau beheersen. Al deze ingrediënten leveren een onbevangen en frisse aanpak op, die deze samenwerking laat uitmonden in een oorstrelend concert.

Programma :
  • Robert Schumann (1810-1856), Fünf Stücke im Volkston voor cello en piano opus 102
  • György Kurtág (1926), In Nomine voor basklarinet
  • Robert Schumann, Fantasiestücke voor klarinet en piano opus 73
  • Salvatore Sciarrino (1947), 2 studies voor cello solo nr. 1
  • Robert Schumann, Nachtstücke op. 23
  • Salvatore Sciarrino, 2 studies voor cello solo nr. 2
  • Johannes Brahms (1833-1897), Trio voor klarinet, cello en piano opus 114
Tijd en plaats van het gebeuren :

Geert De Bièvre, Benjamin Dieltjens en Piet Kuijken
Donderdag 19 februari 2009 om 20.00 u
(Inleiding door Elise Simoens om 19.15 u )
Concertgebouw Brugge
't Zand 34
8000 Brugge

Meer info : www.concertgebouw.be

Salvatore Sciarrino op brahms.ircam.fr en www.arsmusica.be
György Kurtág op www.arsmusica.be en www.boosey.com
György Kurtág : Grilligheid troef op www.musicalifeiten.nl
The Mind is a Free Creature. The music of György Kurtág , Rachel Beckles Willson op www.ce-review.org, 24/03/2000
Portret van György Kurtág, Yves Knockaert op www.arsmusica.be
Salvatore Sciarrino en György Kurtág op Youtube

Elders op Oorgetuige :
De schaduwklanken van Salvatore Sciarrino, 15/02/2008

16:00 Gepost in Concert | Permalink |  Facebook

Real Quiet & Ensemble Musiques Nouvelles spelen Bang on a Can

Michael Gordon, David Lang & Julia Wolfe De New-Yorkse postminimalist David Lang is geen onbekende in de wereld van de hedendaagse muziek. Tegelijk houdt hij zich ver van elitaire hoogdravendheid. Zo werkte hij mee aan de invloedrijke soundtrack van de cultfilm 'Requiem for a Dream'. Vrijdagavond spelen Jean Paul Dessy en co. werk van zijn hand dat nooit eerder te horen was. Het programma wordt angevuld met werk van andere 'Bang on a Can' - componisten Michael Gordon en Julia Wolfe. Later volgt een cd-opname.

Vier werken van de stichtende leden van het productieve New Yorkse collectief Bang On a Can (David Lang, Michael Gordon, Julia Wolfe) worden in Belgische première of wereldpremière voorgesteld aan het publiek. Of het nu om minimalisten of de jongste generatie gaat, Bang On A Can heeft met de beroemdste componisten van onze tijd samengewerkt: Philip Glass, Steve Reich, Meredith Monk, Brian Eno (met hun arrangement van Music for Airports, verschenen bij Universal), Ornette Coleman, Thurston Moore, DJ Spooky… Op het programma staat Pierced van David Lang, in april 2008 bekroond met de prestigieuze Pulitzer Price for Music. Dit werk werd gecomponeerd voor het trio Real Quiet. David Cossin, Felix Fan en Andrew Russo vliegen over uit New York om het samen met het Ensemble Musiques Nouvelles uit te voeren.

Bang on a Can ontstond in 1987 in New York. Dit veelzijdige, sterk vernieuwende collectief brengt experimentele muziek vol invloeden uit de rock, jazz en geïmproviseerde muziek. Deze nieuwe generatie profileert zichzelf als de erfgenamen van de Amerikaanse avant-garde van de Amerikaanse van Charles Ives en John Cage tot Steve Reich en Philip Glass.

Bang on a Can is niet zomaar een ensemble. Het is eerder een merknaam, een muziekesthetische filosofie, een manier van denken en bovenal een poging om in de Amerikaanse muziekwereld - die doorgaans strakker en conservatiever gestructureerd is dan in Europa - de gedreven ideeën van jongere generaties componisten en muzikanten een stem te geven. Aan de wieg van Bang on a Can staan drie eigenzinnige componisten: Michael Gordon (1956), David Lang (1957) en Julia Wolfe (1958). Zij hebben een gedegen klassieke opleiding gekregen - ze studeerden alledrie compositie bij Martin Bresnick in Yale - maar zo behoren ook tot de jonge generatie die is opgegroeid met rock en popmuziek.Wat hen alledrie verbindt, is de wil om uit die brede waaier van invloeden nieuwe muziek to scheppen, die tegelijk de erfenis van de klassieke traditie, het radicalisme van de avant-garde en de rauwheid en directheid van rock of geïmproviseerde muziek kan verenigen. Niet hoeven te kiezen tussen verschillende genres, stijlen en (verborgen) regels, maar muziek maken die tegelijk ruw en complex of zacht en dissonant, of brutaal en melodieus kan zijn. Evident is dat allerminst in de Verenigde Staten, met een duidelijke tweespalt tussen enerzijds de academische componisten (die vooral lesgeven aan de universiteiten en conservatoria en ofwel strak in het postserialistische keurslijf werken, ofwel een soort neoromantische stijl hanteren) en anderzijds de 'alternatieve' nieuwe muziek-scène die allerlei niet-klassieke invloeden omarmt, van vrije improvisatie, over rock tot elektronica, waarvan mensen als John Zorn of gitaargrootmeester Glenn Branca de grote boegbeelden zijn. In New York worden die twee groepen doorgaans getypeerd aan de hand van de wijken waarin ze actief zijn: de academici 'uptown' en de alternatievelingen 'downtown'.

Wat de Bang on a Can-componisten nastreven, is een benadering waarin die twee polen elkaar niet noodzakelijk uitsluiten. Hoewel Bang on a Can duidelijk geworteld is in de 'downtown'-scène, trachten ze elementen uit beide tendenzen te combineren. Gordons muziek moet in ritmische complexiteit niet onderdoen voor die van Elliott Carter, al zijn de achtergronden en uitgangspunten (en leeftijd) van beide componisten zeer verschillend. Een voorbeeldfiguur voor Lang, Gordon en Wolfe, is de Nederlandse componist Louis Andriessen, bij wie sinds de late jaron '60 de combinatie van zogenaamd ernstige en lichte muziek (of 'hoge' en 'lage' kunst) steevast aan de orde is. Dat Andriessen zelf beïnvloed is door de Amerikaanse minimal music - de stijl die 'downtown' op het internationale voorplan zette en een repertoire dat Bang on a Can nog steeds met hand en tand vordedigt - helpt daar natuurlijk bij.

In een muziekwereld waar nog sterk in hokjes wordt gedacht, is het niet vanzelfsprekend om zulke ideeën door te drukken. Vandaar dus dat Gordon, Lang en Wolfe behalve vrienden en medestanders ook echt artistieke partners zijn goworden. Samen richtten ze eerst een festivalletje op onder de titel Bang on a Can, dat sindsdien is uitgegroeid tot een vaste waarde in de New Yorkse alternatieve muziekscène. Behalve het festival, omvat Bang on a Can sindsdien ook een ensemble, de Bang on a Can All- Stars (met als basisbezetting: piano, cello, contrabas, elektrische gitaar, klarinet en percussie) en Gordon, Lang en Wolfe fungeren samen als antistieke directeurs van festival en ensemble. Daarnaast hebben ze nog hun eigen muziekuitgeverijtje (Red Poppy Music) en heeft Bang on a Can ook een eigen platenlabel (Cantaloupe Music). Die tendens om het initiatief in eigen handen te nemen en om hun moeilijk classificeerbare muziek meteen zelf te laten uitvoeren en opnemen, sluit aan bij de Amerikaanse traditie van avant-gardisten die wars van de bestaande structuren en orkesten gewoon hun eigen ding deden zoals Conlon Nancarrow, die zijn complexe ritmische studies op en voor zijn eigen (mechanische) pianola maakte, Harry Partch die zijn eigen instrumentarium bouwde voor zijn microtonale werken, of de minimalisten als Philip Glass en Steve Reich die hun eigen ensembles oprichtten.

Met de minimalisten hebben Gordon, Wolfe en Lang ook een zekere stilistische verwantschap. De harmonische stasis, de langzame opbouw, de duidelijk hoorbare puls, het zijn allemaal elementen die schatplichtig zijn aan de minimal music, zij het dan eerder de recht-voor-de-raapse dissonantere stijl van Louis Andriessen dan de meer behaaglijke aspecten van Reich of Glass. Maar minimal music is zeker niet het enige referentiepunt voor Lang, Gordon en Wolfe, die een veel grilliger stijl hebben ontwikkeld. Wat hun muziek kenmerkt, is vooral de eclectische mengeling van invloeden - van pop tot klassiek-hedendaags - waardoor hun werk niet onder één noemer valt te plaatsen. David Lang, bijvoorbeeld, heeft zowel introverte, bijna etherische werken als harde, rockachtige dingen op zijn palmares staan. Het zou ook fout zijn deze drie componiston als één homogene groep to schilderen. Hun stijlen zijn wel degelijk verschillend, al delen ze natuurlijk wel dezelfde basisbekommernissen. Daarbij valt natuurlijk vooral de aandacht voor niet-klassieke invloeden op: de snedige trekjes uit jazz, de rauwe klank van overstuurde elektrische gitaren, de prominente rol van ritmische figuren, of het werken met samples: het zijn allemaal zaken die een vaste plaats in hun muziek hebben gekregen.

Programma :
  • Michael Gordon, Wheater One
  • David Lang Little Eye, Pierced
  • Julia Wolfe Fuel
Tijd en plaats van het gebeuren :

Real Quiet & Ensemble Musiques Nouvelles : Bang on a Can
Vrijdag 20 februari 2009 om 20.00 u

Bozar Studio
Ravensteinstraat 23
1000 Brussel

Meer info : www.bozar.be en www.musiquesnouvelles.com

Bron : Tekst programmaboekje Maarten Beierens voor Bang on a Can All Stars, deSingel, 17/10/2008

Extra :
Bang on a Can : www.bangonacan.org
Bang on a Can op Youtube

Elders op Oorgetuige :
De Volharding plays Bang on a Can en Iva Bittová & Bang on a Can All Stars, 12/10/2008

12:00 Gepost in Concert | Permalink |  Facebook

Assim mixt Vlaamse polyfonie met hedendaagse stadsblazersklanken en Indonesische gamelanmuziek

Zefiro Torna In het najaar van 2008 creëerde Dick van der Harst een nieuw werk, Assim, geïnspireerd op de polyfone schrijfwijze van de in Gent geboren componist Jacob Obrecht. In Assim kruiden hedendaagse stadsblazersklanken en Indonesische gamelanmuziek het muzikale betoog. Dick van der Harst maakt gebruik van de collectie gongs van onder andere Wim Konink, en combineert die met de westerse polyfone muziek van Obrecht en de misstructuur. Het cantus firmus-procédé van Obrecht krijgt door de typische polyfone gamelanstijl een nieuw geluid. Het concert krijgt een 'mise-en-place': in een happening-atmosfeer kan het publiek geleidelijk binnensijpelen, zich rond en tussen de muzikanten installeren en zich laten onderdompelen in de muziek.

Jacob Obrecht (1457-1505) was de zoon van een Gents stadstrompetter. Als zang- en kapelmeester was hij onder meer actief in Brugge, Antwerpen, Parijs, en het Italiaanse Ferrara, waar hij stierf. Hij wordt beschouwd als één van de toonaangevende vertegenwoordigers van de Vlaamse polyfonie uit de late middeleeuwen en de vroege renaissance. Hij was ook uitermate vernieuwend, vooral op het vlak van harmonisering.
Gents stadscomponist Dick van der Harst bewerkt zijn muziek nu tot een nieuwe productie. Hij laat zich hiervoor enerzijds inspireren door de muzikale en tekstuele eigenschappen van Obrechts missen, motetten en chansons, en anderzijds door de Indonesische traditionele muziek, die het meest wordt gekenmerkt door de gamelan.
Het resultaat van deze tweeledige inspiratiebron: een concert dat verwijst naar oude rituelen (missen en Javaanse geloofssystemen). Muziek die de typerende eigenschappen van haar inspiratiebron een nieuw cachet geeft: drie zangeressen, luiten, vedel en viola da gamba zorgen voor een renaissanceklank die zich mengt met die van bronzen gongs, xylofoons en slagwerk.

Tijd en plaats van het gebeuren :

Zefiro Torna & Het Nieuw Gents Blazerscollectief: Dick van der Harst, Assim
Donderdag 19 februari 2009 om 20.15 u
Begijnhofkerk Sint-Truiden

Begijnhof (vlakbij Veemarkt)
3800 Sint-Truiden

Meer info : www.academiezaal.be, www.lod.be en www.zefirotorna.be
---------------------
Zondag 22 februari 2009 om 16.00 u
Predikherenkerk Leuven

OLVrouwstraat
3000 Leuven

Meer info : www.30cc.be, www.lod.be en www.zefirotorna.be
---------------------
Vrijdag 13 maart 2009 om 20.00 u
Collegekerk Sint-Niklaas

Collegestraat
9100 Sint-Niklaas

Meer info : www.ccsint-niklaas.be, www.lod.be en www.zefirotorna.be

Elders op Oorgetuige :
Assim : bewerking van Obrecht-composities door Dick van der Harst, 23/09/2008
Een gesprek met Dick van der Harst over oud en nieuw, over Gent en Indonesië, 20/09/2008

07:00 Gepost in Concert | Permalink |  Facebook

16/02/2009

Berliner Philharmoniker met religieus programma in Bozar

Olivier Messiaen Na de historische instrumenten van het Orchestra of the Age of Enlightenment keert Simon Rattle terug naar de Berliner Philharmoniker. Op het intense programma Bruckner en Messiaen, die componeerden met religieuze inspiratie. Dit gaat in het bijzonder op voor de Negende, Bruckners laatste en onafgewerkte symfonie, die hij aan God opdroeg. Het eerste werk op het programma is van een van de belangrijkste Franse componisten van de vorige eeuw, Olivier Messiaen. Net als Bruckner was hij een diep religieus componist die zijn inspiratie voor een belangrijk deel in de natuur vond. Et exspecto resurrectionem mortuorum is een religieuze en bovenaards gekleurde apocalyptische compositie voor blazers en slagwerk. Messiaen schreef het werk ter nagedachtenis van de doden uit de twee wereldoorlogen. Het is een monumentale en tumultueuze compositie, gestuwd door Indiase ritmes, vogelgeluiden en gregoriaanse melodieën.

Als overtuigd katholiek was ook de overwinning van Christus op de dood voor Messiaen een feit. Toen minister voor cultuur André Malraux hem vroeg om een stuk te schrijven ter ere van de gesneuvelden in de Eerste en Tweede Wereldoorlog vond Messiaen het dan ook logisch om het thema van de heropstanding voorop te stellen. Hij koos vijf fragmenten uit de Bijbel als leidraad voor elk deel. Daarnaast koos hij een veertigkoppig ensemble waarin strijkers en piano ontbreken, maar blazers en slagwerk heel prominent zijn. Het lijkt wel alsof Messiaen samen met de strijkers en de piano de sensuele ornamentering heeft laten vallen die veel van zijn orkestwerken kenmerkt. 'Et exspecto' is direct, puur en gaat zonder omwegen de ether in.

In het eerste deel 'Des profondeurs de l'abîme, je crie vers toi, Seigneur. Seigneur, écoute ma voix!' (een citaat van Psalm 130, 1-2) komt het thema 'van de diepten' tot uiting in de lage regionen van de kopers in unisono, gevolgd door de 'schreeuw' in acht gigantische akkoorden. Daarna volgt een lange stilte die Messiaen wenst tussen elke deel.

De centrale idee van het werk komt naar voren in het citaat dat aan het tweede deel vooraf gaat: 'Le Christ, ressuscité des morts, ne meurt plus; la mort n'a plus sur lui d'empire' (Romeinen 6, 9). De overwinning van Christus dient logischerwijs in zeven luiken voorgesteld worden, in dit geval volgens de structuur ABCBCAB. A laat het thema horen, eerst snel, dan gebroken. B werkt het thema verder uit via een lange monodie in de hobo en klarinet, met echo's in de fluit. C geeft dan weer alle ruimte aan het slagwerk dat de decitala simhavikrama combineert met een oud-Grieks ritme. Deze Indische decitala wordt 'de kracht van de leeuw' genoemd. De analogie met Christus die de dood overwint is niet moeilijk te vinden. De melodie in de trompet, gesteund door de andere blazers, moeten als het ware de kracht van het ritme met licht omgorden.

In het derde deel 'L'heure vient où les morts entendront la voix du Fils de Dieu' (Johannes 5, 25) komt het motief aan bod van de uirapuru, een vogel uit het Amazonewoud die je volgens de legende hoort als je sterft. Hier klinkt de zang als de stem van de zoon Gods. Daarnaast wordt Messiaens voorliefde voor de metallofonen in de slagwerksectie duidelijk en trekt een extreem luide roffel op gong en tamtam de aandacht van iedereen. De stem klinkt aldus lieflijk en verschrikkelijk tegelijkertijd.

Het rijkst klinkende deel is wellicht het vierde. 'Ils ressusciteront, glorieux, avec un nom nouveau - dans le concert joyeux des étoiles et les acclamations des fils du ciel' (Korintiërs I 15, 43 - Openbaring 2, 17 - Job 38, 7). De vijf secties waaruit het deel bestaat worden telkens ingeleid door drie slagen, eerst zacht en dan telkens luider. Centraal in dit luik staan het 'Alleluia' uit de paasmis en de zang van de kalanderleeuwerik, een vogel die ook lijkt te jubelen. Eenvoud en vreugde zijn ook hier een goede combinatie. Geen vrolijke zang meer in het laatste deel, 'Et j'entendis la voix d'une foule immense...' (Openbaring 19, 6). Wat gepresenteerd wordt is een massief koraal in Messiaens woorden, een enorm fortissimo, unaniem en simpel. Niet toevallig zijn er opnieuw drie presentaties van het materiaal, eerst in de kopers die ook in het eerste deel prominent waren en daarna door het hele ensemble. Uiteindelijk mondt het uit in een coda dat nauwelijks genoeg decibels lijkt te kunnen produceren. Of hoe de stem van 'une foule immense' bulderen kan.

De première van 'Et exspecto' vond in besloten kring plaats in La Sainte Chapelle te Parijs. Met zijn letterlijk stralende glasschilderingen en oorspronkelijk bedoeld als rustplaats voor wat de doornenkroon van Christus moest voorstellen, kon Messiaen zich geen betere plek indenken waar deze muziek voor het eerst zou klinken.

Programma :
  • Olivier Messiaen, Et exspecto resurrectionem mortuorum
  • Anton Bruckner, Symfonie nr. 9
Tijd en plaats van het gebeuren :

Berliner Philharmoniker olv Simon Rattle: Messiaen, Bruckner
Donderdag 19 februari 2009 om 20.00 u
(Inleiding door David Baeck om 19.30 u )
Bozar - Henry Le Boeufzaal
Ravensteinstraat 23
1000 Brussel

Meer info : www.bozar.be en www.berliner-philharmoniker.de

Bron : Tekst programmaboekje Jelle Dierickx voor 'L'Esprit Messiaen', deSingel, december 2008

Extra :
Olivier Messiaen : www.messiaen2008.com en www.oliviermessiaen.org
Olivier Messiaen (1908 - 1992): Exotische volgelkenner, op www.musicalifeiten.nl
Messiaen: cd-recensies op www.musicalifeiten.nl
Olivier Messiaen, Harry Mayer op www.mayertjes.nl
Olivier Messiaen op www.youtube.com

Elders op Oorgetuige :
L'Esprit Messiaen : 100 jaar Olivier Messiaen in deSingel, 28/11/2008
De muzikale taal van Olivier Messiaen, 5/03/2008
Colloquium : De Messiaen Generatie, 4/03/2008
Olivier Messiaen en de christelijke inspiratie, 4/03/2008
Olivier Messiaen : een leven gewijd aan het onderzoeken van ritmiek, kleur en ornithologie, helemaal in het teken van het katholieke geloof, 2/03/2008

07:00 Gepost in Concert | Permalink |  Facebook

15/02/2009

Twee ensembles van eigen bodem vinden elkaar in muzikale dierenriem

Capilla Flamenca & het Collectief, 12 x 12 Deze week kun je opnieuw getuige zijn van een creatief experiment onder de naam '12 x 12' waarbij de middeleeuwse Ars Nova/Subtilior van Capilla Flamenca en de 'Tierkreis' van Karlheinz Stockhausen een verrassende dialoog aangaan. Het is op het eerste gezicht weinig vanzelfsprekend: werk van de avant-garde componist Karlheinz Stockhausen combineren met middeleeuwse muziek. Toch zijn Capilla Flamenca en Het Collectief, twee Vlaamse ensembles, respectievelijk gespecialiseerd in oude en nieuwe muziek, er met '12x12' in geslaagd de twee op een originele manier bij elkaar te brengen. Wie deze muzikale dierenriem nog niet heeft kunnen horen, kan in Gent, Sint-Niklaas of in Middelburg (Nederland) alsnog naar een uitvoering gaan luisteren.

Twee ensembles van Vlaamse bodem, Capilla Flamenca en Het Collectief bundelden hun artistieke krachten en brachten in het najaar 2007 een unieke voorstelling. In het muzieklandschap zijn er wellicht nauwelijks grotere tegenstellingen tussen ensembles te vinden, maar toch werd een inhoudelijke gemene deler gevonden: de dierenriem.

Het Collectief ontdekte 'Tierkreis' van Karlheinz Stockhausen, een op de sterrenbeelden geïnspireerd werk bestaande uit twaalf korte, geconcentreerde melodietjes, onderbouwd met simpele akkoorden. Elk melodietje illustreert de specifieke karaktertrekken van een bepaald sterrenteken. De originele versie van dit in 1974 gecomponeerde werk bestaat uit twaalf muziekdoosjes met deze karakteristieke deuntjes. In de loop der jaren groeide uit dit materiaal een aantal  kamermuziekversies. In dit programma wordt het stuk ingekleurd door zangers en tevens door muzikanten die zowel moderne als oude instrumenten bespelen. Het werk onderscheidt zich in zijn ongecompliceerde welluidendheid enigszins van de radicale avant-gardemuziek die we van Stockhausen gewoon zijn.

Het verband met het gevierde 'Zodiac'-programma van Capilla Flamenca ligt voor de hand. Een ruime selectie uit dit Ars Nova-repertoire vormt in deze voorstelling een tegengewicht voor het twintigste-eeuwse repertoire van Het Collectief. De Ars Nova overspoelde in de veertiende eeuw vanuit Frankrijk heel Europa. Deze nieuwe (levens-) kunst zette zich af tegen de stroeve en logge ideëen van het verleden (Ars Antiqua).
In de vormgeving van het Zodiac-programma inspireerde Capilla Flamenca zich aanvankelijk op de prachtige dierenriem die hertog Jean de Berry liet schilderen door de gebroeders van Limburg: de twaalf maanden van het jaar en de wisselende seizoenen worden op deze schilderijen vereenzelvigd met de twaalf tekens van de dierenriem. In die zin is dit kunstwerk een evocatie van de innerlijke gemoedsstemmingen van de veertiende-eeuwse mens wiens leven in ruime mate bepaald werd door de grillige wetten van de natuur.

Beide ensembles betreden in '12 x 12' daadwerkelijk elkaars artistieke terrein met een Nieuwe Kunst - Ars Nova, zodat een boeiende historische boog ontstaat tussen uiteenlopende muziekstijlen, genres en periodes. Het geheel wordt een verrassende vermenging van vocale, instrumentale, oude en nieuwe muziek uitgevoerd door twaalf zangers en musici.

Tijd en plaats van het gebeuren :

Het Collectief & Capilla Flamenca : 12x12
Woensdag 18 februari 2009 om 20.15 u
(Inleiding met Marnix De Cat en Thomas Dieltjens om 19.30 u)
Handelsbeurs

Kouter 29
9000 Gent

Meer info : www.handelsbeurs.be, www.capilla.be en www.hetcollectief.be
---------------------
Vrijdag 20 februari 2009 om 20.00 u
Zeeuwse Concertzaal

Verwerijstraat 14
4331 TC Middelburg (Nederland)

Meer info : www.zeeuwseconcertzaal.be, www.capilla.be en www.hetcollectief.be
---------------------
Zaterdag 21 februari 2009 om 20.00 u
Collegekerk Sint-Niklaas

Collegestraat z/n
9100 Sint-Niklaas

Meer info : www.ccsint-niklaas.be, www.capilla.be en www.hetcollectief.be

Extra :
Karlheinz Stockhausen : www.stockhausen.org
Karlheinz Stockhausen - Meester en musicus, Richard Steinitz / Karlheinz Stockhausen, een veelbesproken icoon van de hedendaagse muziek, Stefan Fricke op Arsmusica.be
Karlheinz Stockhausen: Globalist, Jan de Kruijff op musicalfeiten.nl, 15/04/2006
Stockhausen: A kozmic music for a kozmic age op Shadowlight.gydja.com

Audio :
Klaas Hoek speelt composities van Stockhausen (waaronder Tierkreis) op het Marcussen-orgel in de Nicolaïkerk te Utrecht, Orgelconcerten.ncrv.nl, 1982

Elders op Oorgetuige :
Spraakmakende sterrenbeelden-crossover van Capilla Flamenca en Het Collectief, 22/01/2008
In memoriam Karlheinz Stockhausen (1928 - 2007), 10/12/2007
12 x 12 : buitengewone voorstelling rond de dierenriem, 2/11/2007

16:00 Gepost in Concert | Permalink |  Facebook

Neue Vocalsolisten Stuttgart in de Bijloke

Filip Rathé en Bart Vanhecke Carlo Gesualdo (1566-1613) was een belangrijk vernieuwer. De vocale lijnen van zijn madrigaalkunst vertonen een verrassend chromatisch en ritmisch karakter, steeds ingegeven door de teksten. De Duitse componisten Karin Haußmann en Caspar Johannes Walter zijn in hun recent werk op datzelfde elan doorgegaan. Zij krijgen gezelschap van de Vlaamse componisten Bart Van Hecke en Filip Rathé. Meteen een wereldcreatie, want op vraag van Muziekcentrum De Bijloke componeerde Filip Rathé een vocaal werk voor de Neue Vocalsolisten Stuttgart.

Bart Vanhecke (1964) studeerde compositie aan het Koninklijk muziekconservatorium van Brussel bij André Laporte en aan de Academia Musicale Chigiana in Siena (Italië) bij Franco Donatoni. Zijn werk stond op het programma van verscheidene hedendaagse muziekfestivals in binnen- en buitenland en werd uitgevoerd door vooraanstaande musici en ensembles. In het voorjaar van 2008 verscheen een portet-cd met zijn werk uitgevoerd door Walpurgis en Het Collectief. Zijn mini-opera 'Icarus' voor fluit en zes stemmen (2004) werd gecreëerd tijdens het Klarafestival 2004.

Bart Vanhecke over Icarus
"Icarus is een mini-opera voor kinderen met een bezetting van zes stemmen en fluit (ook piccolo en altfluit) die ik geschreven heb in opdracht van muziektheatercollectief Walpurgis en die door hen en fluitist Toon Fret gecreëerd werd tijdens het Klarafestival in 2004. De opera vertelt het verhaal van de vogelverschrikker Icarus die beroepshalve de schrik van de vogels is maar eigenlijk jaloers op hen is omdat zij kunnen vliegen en hij niet.(...)
Hoewel de opera voor een publiek van kinderen geschreven is heb ik stilistisch geen enkele toegeving gedaan. De taal van de opera is systematisch atonaal en a-motivisch, omdat ik ervan overtuigd ben dat kinderen openstaan voor wat volwassenen 'moeilijke' muziek noemen. De personages zijn niet verbonden met bepaalde zangers (of de fluit) en de tekst gebruikt zes verschillende talen. Bovendien heb ik ernaar gestreefd een stuk te schrijven waarbij het wat eenvoudige verhaal eigenlijk geen belang hoeft te hebben en de muziek op zichzelf kan staan, zodat Icarus zowel door kinderen kan gesmaakt worden als door de (gevorderde) volwassen luisteraar, en zodat het stuk net zo goed scènisch als concertant kan uitgevoerd worden. Wel heb ik het beluisteren iets vergemakkelijkt door de scènes niet te lang te maken en voor elke scène een andere bezetting te gebruiken (verschillende combinaties van de zes stemmen en 3 verschillende fluiten).
Icarus is opgedragen aan mijn vader die kan vliegen."

Filip Rathé (1966) studeerde piano en directie aan het Koninklijk Conservatorium van Gent. Hij vervolmaakte zich verder als dirigent bij Laszlo Heltay en Pierre Cao en studeerde compositie bij Lucien Goethals. Aan de Universiteit van Gent behaalde hij een Meestergraad Musicologie bij Professor Herman Sabbe.
Sinds 1993 is Filip Rathé artistiek directeur en dirigent van het Spectra Ensemble waarmee hij concerteerde doorheen heel Europa en Zuid-Amerika en meer dan 60 nieuwe werken creëerde. Hij was gastdirigent van o.m. het Symfonieorkest van Vlaanderen, het Vlaams Radio Koor en verschillende ensembles. Filip Rathé is leraar analyse en hedendaagse kamermuziek aan de Conservatoria van Gent en Antwerpen, en werkt aan onderzoeksproject rond de Duitse componist Nicolaus A. Huber.

Programma :
  • Karin Haußmann, Klage
  • Caspar Johannes Walter, L'infinito
  • Filip Rathé, compositieopdracht door Muziekcentrum De Bijloke (creatie)
  • Carlo Gesualdo, madrigalen
  • Bart Van Hecke, Icarus
Tijd en plaats van het gebeuren :

Neue Vocalsolisten Stuttgart: Haussmann, Walter, Rathé, Gesualdo, Vanhecke
Donderdag 19 februari 2009 om 20.00 u
De Bijloke - Kraakhuis

Jozef Kluyskensstraat 2 
9000 Gent

Meer info : www.debijloke.be en www.neue-vocalsolisten.de

Karin Haußmann en Caspar Johannes Walter op www.musikrat.de (met audiofragmenten)
Bart Vanhecke en Filip Rathé op www.matrix-new-music.be

15:00 Gepost in Concert | Permalink |  Facebook