25/03/2009

Sloowjob : geestverruimende raga's, kosmische dronejams en tegendraadse acid folk

Sloowjob Zaterdag staat er in het Aalsterse centrum voor hedendaagse kunst Netwerk een festival geprogrammeerd onder de prikkelende naam 'Sloowjob'. Vanaf 16 uur tot diep in de nacht zijn er concerten van o.a. Embryo en Julie Mittens, Peter Walker en (al dan niet muziekgerelateerde) films van Eric de Jesus, Marja Mikkonen, Matt Valentine en Erika Elder, evenals een audiovisueel tourdagboek van Wooden Wand and the Vanishing Voice. De gemene deler en inspirator van dit eendaagse festival is Bart De Paepe van Sloow Tapes, een cassettelabel met naam en faam voor releases van vooral psychedelische, experimentele muziek, steeds voorzien van originele handgemaakte artwork in beperkte oplage. Sinds 2005 verschenen er reeds een 60-tal tapes op Sloow Tapes, met muziek van o.a. My Cat Is An Alien, Gnod -Kosmische Muzik uit Manchester-, de Japanner Sachiko en acidfolkicoon Keijo. Een catalogus vol vreemde geluiden uit de underground, soms verontrustend en ontwrichtend maar evengoed verstild en spiritueel.

Sinds hun debuut Opal uit 1970, alom bejubeld als een psychedelisch meesterwerk, reisde Embryo de afgelopen veertig jaar onafgebroken de wereld rond met een mengeling van krautrock, psychedelica, jazz en, vooral de laatste jaren, wereldmuziek. Muziek als levensstijl, de oren open voor onvoorspelbare ontmoetingen met exotische omgevingen en eigenzinnige muzikanten als Mik Quantius en No Neck Blues Band.

Peter Walker is een monument. In de jaren 1960 bracht hij twee legendarische platen uit, Rainy Day Raga (1967) en Second Poem to Karmela (1969) waar hij op verbluffende wijze Oosterse invloeden van leermeesters Ravi Shankar en Ali Akbar Khan samenbracht met Amerikaanse folk. Hij leerde Jim Gurley (Big Brother and the Holding Company) zijn eerste gitaarakkoorden en werkte nauw samen met LSD goeroe Timothy Leary. De laatste decennia legde Walker zich vooral toe op Spaanse flamenco muziek, nauw verwant aan de Indische raga, en recente optredens getuigden van een intense trip heen en terug met deze meester der nylon snaren.

Gnod is een kosmisch collectief uit Manchester, dat grenzen binnenste buiten keert met een zak vol delay en distorion en in één ruk door de geest transporteert doorheen een rondtollend universum van wah wah en fuzz. Jamden onder meer met White Hills. Gnod bless Tangerine Dream, Hawkwind, Sun Ra en Acid Mothers Temple. Verwacht u aan het onverwachte. Gnod have mercy.

Julie Mittens is nog altijd de beste band uit Nederland, met nu ook releases op Holy Mountain en Rococo onder de arm. De instrumentale jams van dit gitaar/drum/bas trio sturen luide feedback blues, donderende ritmes en hypnotiserende baslijnen tot het punt waarop hun free-rock oplost in een bedwelmende psychedelische harmonie van elektrische sferen.

Cosmic Trip Machine is een psychedelisch space folk trio uit Luik. Ze brengen binnenkort een cassette Vampyros Roussos uit op Sloow Tapes.

Tijd en plaats van het gebeuren :

Sloowjob Festival
Zaterdag 28 maart 2009 vanaf 16.00 u
Netwerk / centrum voor hedendaagse kunst

Houtkaai
9300 Aalst

Meer info : www.netwerk-art.be en www.kraak.net

Extra :
In een roes voorbij alfa. Interview met Bart De Paepe, Steve Marreyt in Ruis (#47), maart 2009, p.9
Interview Bart De Paepe (Sloow Tapes): Saai is gewoon korter voor professionalisme, Laetitia Parmentier op Kwadtratuur.be, 1/03/2009
Julie Mittens, 'April 3 2007' op Kwadratuur.be (met tijdelijke audio)

07:00 Gepost in Concert | Permalink |  Facebook

24/03/2009

Wim Henderickx en deFilharmonie verkennen het universum

Wim Henderickx Tejas (What does the sound of the universe look like). Zo heet het nieuwste werk van de Belgische componist Wim Henderickx. Als opdrachtgever van het werk staat deFilharmonie in voor de creatie op vrijdag 27 maart in deSingel. Chef-dirigent Jaap van Zweden koppelt Henderickx' trip door het universum aan Stravinski's meesterwerk Le sacre du printemps en trekt met dat programma ook naar het Concertgebouw in Brugge. 

"Tejas is een poging om de klank van het universum te vatten", zegt Henderickx over het zesde een voorlaatste deel van zijn Tantric Cycle. "Uiteraard heb ik opzoekingswerk gedaan naar de verschillende vibraties en pulsaties die in het heelal aanwezig zijn. Toch was het niet mijn bedoeling om die klanken naar het orkest te transponeren. Ik wil de klank van het universum vanuit een tantrische, niet-westerse hoek benaderen."

deFilharmonie had Henderickx aanvankelijk gevraagd een symfonie te schrijven, maar dat is het duidelijk niet geworden. "Een symfonie is een klassiek, westers muziekgenre. Ik voelde dat ik eerst nog een door oosterse filosofieën geïnspireerd werk moest schrijven. Tejas bevat zeven delen, die naadloos in elkaar overlopen. Het begint met een gigantisch akkoord, een soort oerknal of oerklank, die de energie levert voor de rest van de compositie. En ik heb gezorgd voor symbolische verwijzingen en relaties, onder meer in de orkestopstelling, die afwijkt van de norm. Daarenboven is er ook een verband tussen de macro- en microstructuur van het werk: de laatste maten die de soloviool speelt, zijn een synthese van het hele werk."

Wim Henderickx (1962) studeerde compositie en percussie aan het Conservatorium van Antwerpen. Hij volgde ook compositiecursussen in Darmstadt en sonologiestudies aan het IRCAM (Parijs) en aan het Conservatorium in Den Haag. Hij doceert compositie en muziekanalyse aan de Conservatoria van Antwerpen en Amsterdam. Jaarlijks organiseert Musica in Neerpelt de compositiestage Wim Henderickx voor jongeren. Sedert enkele jaren is hij huiscomponist bij Muziektheater Transparant. Hij componeerde zowel kamermuziek, orkestwerken als muziektheater en opera (uitgegeven bij CeBeDeM, Brussel). Zijn werk werd bekroond in binnen- en buitenland.

Porgramma :
  • Wim Henderickx, Tejas (What does the sound of the universe look like?) (wereldcreatie)
  • Igor Stravinski, Le sacre du printemps
Tijd en plaats van het gebeuren :

deFilharmonie : Stravinsky, Wim Henderickx
Vrijdag 27 maart 2009 om 20.00 u
(inleiding door Stephan Weytjens om 19.15 u)
deSingel - Blauwe zaal
Desguinlei 25
2018 Antwerpen

Meer info : www.desingel.be, www.arsmusica.be en www.defilharmonie.be
-----------------------------
Zaterdag 28 maart 2009 om 20.00 u (inleiding door Tom Janssens om 19.15 u)
Concertgebouw Brugge
't Zand 34
8000 Brugge

Meer info : www.concertgebouw.be en www.defilharmonie.be

Wim Henderickx : www.wimhenderickx.com en www.matrix-new-music.be

Elders op Oorgetuige :
Ars Musica viert twintigste verjaardag, 7/03/2009
Schaduwklanken : Salvatore Sciarrino en Wim Henderickx, 28/01/2009

16:00 Gepost in Concert | Permalink |  Facebook

HERMESensemble brengt Soirée Ars Musica in Wijnegem

Salvatore Sciarrino en Jean Delouvroy HERMESensemble is een Antwerps collectief voor hedendaagse muziek en kunst. Het repertoire en de uitvoeringspraktijk van de klassieke avant-garde vormen steeds het startpunt van de producties, maar het ensemble streeft er bewust naar artistieke grenzen te verleggen. Enerzijds zoekt het confrontaties op met oude muziek, pop- en wereldmuziek, anderzijds onderzoekt het synergieën met andere disciplines zoals (muziek)theater, beeldende kunsten, video, film en multimedia. Vele van de concerten worden door een expliciet visueel karakter gekenmerkt, zoals de projecten met historische pelicules. Vaak vinden ze plaats op bijzondere, passende locaties, zoals bijvoorbeeld de monumentale kunstwerken van Anish Kapoor of in een interessante industriële architectuur. Donderdag presenteert HERMESensemble in Het Kanaal in Wijnegem recent werk van Jean Delouvroy en iets oudere composities van Salvatore Sciarrino.

In 1988 werd Jean Delouvroy (1967) laureaat van de jazz-compositie-/arranging wedstrijd (Belgische Artistieke Promotie SABAM). Nadien werkte hij enige tijd als arrangeur voor de BRT radio, waar ook zijn interesse voor hedendaagse klassieke muziek aangewakkerd werd. De laatste jaren legt hij zich hoofdzakelijk toe op de samenwerking met andere kunstdisciplines.

Salvatore Sciarrino (1947) dacht er oorspronkelijk aan om zich in de richting van de plastische kunsten te ontwikkelen, maar vanaf 1959 voelde hij zich zodanig aangetrokken door de muziek, dat hij begon te experimenteren met compositie. Drie jaar later was zijn eerste werk uitgevoerd voor publiek, tijdens
de Nieuwe Muziek Week te Palermo. Als componist is Salvatore Sciarrino steeds zijn eigen weg gegaan. Hij heeft zich laten begeleiden door figuren als Franco Evangelisti, maar van een echt van een leraarschap is geen sprake. Hij werd wel beïnvloed door Luigi Nono, vooral wat het een obsessief streven naar vernieuwing en de economisering en uitpuring van de klank, die tegenover de zeer belangrijke stiltes geplaatst wordt, betreft. Verschillend van Nono is Sciarrino's dialoog met alle mogelijke muziek uit het verleden en uit andere genres: hij demonstreert een brede encyclopedische muzikale kennis in bewerkingen en verwerkingen van muziek van de zestiende eeuw over Bach tot Amerikaanse volksliedjes.

Programma :
  • Anish Kapoor - "At The Edge of the World" - 22.30 u en 23.15 u
    Jean Delouvroy, Icarus' Equilibrium (2008) -
    door : Geert Callaert, piano
  • Lohan - Boeddhakamer - 22.45 u en 23.30 u
    Salvatore Sciarrino, Appendice alla Perfezione (1986)
    Salvatore Sciarrino, L'orrizonte luminoso di Aton (1989)
    door : - Karin Defleyt, fluit & Gaetan La Mela, percussie
  • Studio - Video-installatie John Gerard - 23.00 u en 23.45 u
    Salvatore Sciarrino, Tre notturni brillanti - Di volo (1975)
    Salvatore Sciarrino, Ai limiti della notte (1979)
    door : Marc Tooten, altviool
Tijd en plaats van het gebeuren :

HERMESensemble : Soirée Ars Musica
Donderdag 26 maart 2009 om 22.30 u
Het Kanaal

Stokerijstraat 19
2110 Wijnegem

Meer info : www.hermesensemble.be

Extra :
Salvatore Sciarrino op brahms.ircam.fr en www.arsmusica.be (*)
Jean Delouvroy op www.muziekcentrum.be

Audio :
Sciarrino in De Nacht: Nieuwe muziek, Concertzender, 17 april 2007

Video :
Salvatore Sciarrino op www.youtube.com

Elders op Oorgetuige :
Ars Musica viert twintigste verjaardag, 7/03/2009
Schaduwklanken : Salvatore Sciarrino en Wim Henderickx, 28/01/2009
Hypervirtuoos pianorecital van Geert Callaert, 16/10/2008
De Verbeelding van de Klank : hedendaagse kamermuziekparels, 12/09/2008
De schaduwklanken van Salvatore Sciarrino, 15/02/2008

12:01 Gepost in Concert | Permalink |  Facebook

Gitarist Yaron Deutsch brengt concert vol contrasten in Flagey

Fausto Romitelli Voor zijn eerste recital in Brussel stelt gitarist Yaron Deutsch 2 x 2 werken voor. Aan de ene kant van het spectrum werken die volop gebruik maken van de elektrische gitaar en zijn effectvol heden en verleden (Hugues Dufourt en Fausto Romitelli), aan de andere kant twee 'officiële' transcripties van werken voor dwarsfluit (Philippe Hurel en Helmut Oehring). Een concert dus met sterke contrasten: zintuiglijkheid, explosiviteit en een psychedelische klankmassa tegenover droge materie, procesmuziek en de rauwe werkelijkheid.

Programma :
  • Philippe Hurel, "Loops" for egtr (2008)
  • Helmut Oehring, "Philipp" for egtr and CD (2008)
  • Fausto Romitelli, "Trash TV Trance" for egtr (2002)
  • Hugues Dufourt, "Le Cite Des Saules" for egtr (1997)
Tijd en plaats van het gebeuren :

Piknikmusik : Yaron Deutsch
Vrijdag 27 maart 2009 om 12.30 u

Flagey - Studio 1
H.-Kruisplein
1050 Elsene (Brussel)

Meer info : www.flagey.be en www.arsmusica.be

Extra :
Helmut Oehring op www.boosey.com
Rotes Rauschen. Interview met Helmut Oehring, Andrea Thilo op www.zeit.de, 2008
De musicus volgens de filosoof - een ontmoeting met Hugues Dufourt, Pierre Goldé op www.arsmusica.be, 1992
Gesprek met Hugues Dufourt, Bastien Gallet op www.arsmusica.be, 2002
Portret Hugues Dufourt op www.arsmusica.be
Hugues Dufourt op brahms.ircam.fr en www.henry-lemoine.com
Hugues Dufourt, 'The Watery Star' op Kwadratuur.be (met tijdelijke audio)
Fausto Romitelli op www.arsmusica.be en brahms.ircam.fr
Fausto Romitelli, 'Hellucination 2/3: Risingril / Earpiercingbells' en 'An Index of Metals' op Kwadratuur.be
Professor Bad Trip en zijn lessen, Jean-Luc Plouvier op www.ictus.be
Philippe Hurel : brahms.ircam.fr en www.philippe-hurel.fr

Elders op Oorgetuige :
Hugues Dufourt & Mark Andre : akoestische bliksemschichten en luchtspiegelingen, 12/03/2009
Erewhon : dromerige, duistere symfonie voor 150 slagwerkers, 7/03/2009
Ars Musica viert twintigste verjaardag, 7/03/2009
Sax- en strijkkwartet openbaren mysterieuze wereld van Helmut Oehring, 15/01/2008

07:00 Gepost in Concert | Permalink |  Facebook

23/03/2009

The Circle of Nature : de vier seizoenen van Dirk Brossé in het Conservatorium van Gent

Dirk Brossé Donderdag brengt het Kamerorkest van het Conservatorium Hogeschool Gent onder leiding van Wim Belaen en Dirk Brossé een concert met 'The Circle of Nature', Vier seizoenen voor cello, klarinet en kamerorkest van Dirk Brossé. Solisten zijn Judith Ermert, docente cello aan het Conservatorium, en Eddy Vanoosthuyse, docent klarinet.

The Circle of Nature is een muzikale evocatie van de vier seizoenen. Een verklanking van de eeuwigdurende cyclus van ontluiken en bloei naar aftakeling en verval. Van ontwakende schoonheid en bruisende vitaliteit naar intense melancholie en pijnlijk afsterven. Een verklanking van onze eigen vergankelijkheid.

Elk seizoen is geconcipieerd met een ander plek in gedachten: de Zomer ademt de zwoele sfeer uit van Varanasi, de Indiase stad aan de Ganges, in de Herfst weerklinkt de kille droefheid van de Vlaamse polder, de Winter laat de barre koude van Sint Petersburg horen, en tenslotte verklankt de Lente elke bruisende plek op aarde waar vreugde en geluk kriebelen tot in onze kleinste bloedvaten. Het werk is geschreven voor cello, klarinet en kamerorkest.
De Zomer en de Winter zijn geconcipieerd als dubbelconcerto, de Herfst is een dromerige solo voor klarinet en orkest en de Lente een levendige wervelwind voor cello solo en orkest. We eindigen met de Lente, als het ware met de wedergeboorte van elk levend organisme in het universum. Lente als beeld van vitaliteit en ontluiken van nieuw leven. The Circle of Nature is opgedragen aan moeder aarde en werd gecreëerd te Brussel in 2002.

Tijd en plaats van het gebeuren :

Kamerorkest van het Conservatorium Gent : The Circle of Nature
Donderdag 26 maart 2009 om 20.00 u
Koninklijk Conservatorium
- Miryzaal
Hoogpoort 64
9000 Gent

Meer info : cons.hogent.be

Dirk Brossé : www.dirkbrosse.be en www.matrix-new-music.be

16:15 Gepost in Concert | Permalink |  Facebook

Tijdgenoten : Asko en Schönberg Ensemble brengt programma rond Ligeti in deSingel

György Ligeti Het festival Ars Musica viert zijn twintigste verjaardag en doet dat samen met deSingel in een Antwerpse concertvierdaagse. Asko en Schönberg Ensemble openen de reeks met niemand minder dan topviolist Frank Peter Zimmermann in het Vioolconcerto van György Ligeti (1923-2006). De componist onderzoekt in dit baanbrekende werk nieuwe toonsystemen die een alternatief bieden voor het West-Europese welgetemperde systeem en voor de twaalftoonstechniek. Bovendien verwerkt hij er tal van citaten van andere componisten in. Zimmermann en Asko/Schönberg onder leiding van de Leeuw maakten van dit werk recent een zeer geprezen cd-opname.
Daarnaast dirigeert Reinbert de Leeuw een rist indringende twintigste-eeuwse meesterwerken die als een referentiekader voor Ligeti mogen gelden. De aangrijpende 'Musica Concertante' van de Hongaarse Kodály- en Bartókdiscipel Sándor Veress (1907-1992), naast Claude Viviers (1948-1983) theatrale 'Trois airs pour un opéra imaginaire' met de verbluffende Amerikaanse sopraan Susan Narucki. En werk van die andere radicale vernieuwer, Conlon Nancarrow (1912-1997), die een onmiskenbare invloed op Ligeti had.

De grote vioolconcert-leveranciers uit de romantiek zouden zich bij Ligeti's Vioolconcert vermoedelijk doodschrikken. Diens bizarre klankkleuren en pulserende 'raderwerkjes' geven je het gevoel of je in een buitenaardse fabriek rondloopt. Daarin duiken plots warme harmonieën of folkloristische dansmotiefjes op, dus je weet dat het mensenwerk is. En juist dat maakt het zo beklemmend en fascinerend.
Een imaginair land, zo zou je Ligeti's klankuniversum kunnen noemen - een land met meerdere bewoners, want Claude Vivier claimde er een eigen afgelegen hoekje met serene, sprookjesachtige vergezichten. Conlon Nancarrow zocht zijn heil in de machinekamer: uit muziek die hij aanvankelijk voor mechanische instrumenten componeerde, ontstond werk dat (nog net) door levende musici kan worden uitgevoerd.
En aangezien nieuwe klankwerelden altijd ergens vandaan komen, klinkt er een stuk van Sándor Veress, Ligeti's leermeester en hoeder van diens Hongaarse wortels.

Programma :
  • Sándor Veress, Musica Concertante per 12 archi (1966)
  • Claude Vivier, Trois Airs pour un opéra imaginaire (1982)
  • Conlon Nancarrow (arr. Carlos Sandoval), Three Movements (1993)
  • György Ligeti, Vioolconerto (1990/1992)
Tijd en plaats van het gebeuren :

Asko & Schönberg Ensemble : Veress, Vivier, Nancarrow, Ligeti
Woensdag 25 maart 2009 om 20.00 u
(Inleiding door Yves Knockaert om 19.15 u)
deSingel - Blauwe zaal
Desguinlei 25
2018 Antwerpen

Meer info : www.desingel.be, www.arsmusica.be en www.schoenberg-ensemble.nl

Extra :
György Ligeti : www.gyoergy-ligeti.de en www.arsmusica.be
Györgi Ligeti (1923 - 2006): emotioneel scepticus, Jan de Kruijff op www.musicalifeiten.nl, juni 2006
Sándor Veress : www.veress.net en en.wikipedia.org
Conlon Nancarrow, Godfried-Willem Raes op www.logosfoundation.org
Kyle Gann's Conlon Nancarrow Web Page op www.kylegann.com
Claude Vivier : brahms.ircam.fr, www.thecanadianencyclopedia.com en www.arsmusica.be

Elders op Oorgetuige :
Over humor en angst voor de dood : Ligeti's Le Grand Macabre voor het eerst in De Munt, 20/03/2009
Ars Musica Liège : Ligeti, Dusapin en Mantovani, 16/03/2009
Gevlamde zijde uit verre streken : Brussels Philarmonic brengt Webern, Parra, Ligeti en vader en zoon Pousseur in Flagey, 13/03/2009
Ars Musica viert twintigste verjaardag, 7/03/2009
Jean-Guihen Queyras met Brits-Hongaars programma in de Bijloke, 4/03/2009
Conlon Nancarrow opener van de Week van de Hedendaagse Muziek, 27/02/2009
La machine à remonter le son : Claude Vivier, 6/01/2007
De hemelse zelfkant van Claude Vivier, 12/09/2006
Componist György Ligeti overleden, 13/06/2006

12:00 Gepost in Concert | Permalink |  Facebook

Vortex Temporum : een spel met kleuren

Gérard Grisey Vortex Temporum (1994-6) voor piano en 5 instrumenten (fluit, klarinet, viool, altviool en cello) van Gérard Grisey bestaat uit drie afzonderlijke delen, onderling verbonden door een kort interludium. Grisey is een 'spectralist': hij bouwt vanuit verschillende toonspectra zijn compositie op. Deze spectra bewerkt hij dan op een originele manier. Het veelvuldige gebruik van kwarttonen in alle instrumenten is daar een allereerste gevolg van. Ook in de piano worden vier noten anders gestemd. De compositie staat verder ook bol van verschillende speeltechnieken en speelwijzen bij blazers en strijkers. Het blazen met meer of minder lucht en toon in allerhande combinaties, en het voortdurend en snel veranderde gebruik van extreem sul ponticello naar extreem sul tasto bij de strijkers kleuren het geheel verder op bijzondere wijze.

Het eerste gedeelte van deel 1 is gebaseerd op de vorm van een sinustoon. Uit een motief afgeleid van de piccolopartij van "Daphnis en hloé" (Ravel) leidt Grisey een idee af, een 'Gestalt', die de vorm heeft van een sinustoon. Die 'Gestalt' wordt eerst aangebracht door de fluit, klarinet en piano, terwijl de strijkers zich in eerste instantie beperken tot het spelen van lange noten. Langzamerhand wisselen beide partijen motivisch materiaal uit.
"Vortex temporum" betekent "maalstroom van de tijd" en verwijst naar verschillende manieren om de tijd te gebruiken. De ritmische figuren die de blazers en de piano spelen, worden dan ook aan een maalstroom van veranderingen onderworpen. Het gebruik van steeds meer en complexere maatsoorten en spectrumveranderingen is hiervan de oorzaak. Je wordt hierdoor als het ware in de tijd gezogen, tot er een wervelende snelheid bereikt is en het niet meer verder kan.

Het tweede gedeelte is gebaseerd op de blokvorm (i.p.v. op de sinustoonvorm). De sfeer is rustiger. De strijkers spelen nu ritmisch en de andere instrumenten spelen lange noten die ze kleuren met speciale speeltechnieken. Ook hier veranderen de spectra, de boogvoering en de kleuren op exponentiële wijze. Dit gedeelte mondt uit in een moeilijke cadens voor de piano, het derde gedeelte. Grisey gebruikt nu een derde vorm voor de toon : een zaagtandvorm, en vermengt die ook met de andere twee vormen.

In het eerste interludium mogen de spelers (bij)geluiden maken. Het geluid van het omslaan van de bladen van de partituur bv. wordt ook m de compositie geïncorporeerd.

Deel II is traag en statischer in vergelijking met deel 1. In sommige passages verandert het tempo, soms geleidelijk, soms schokkend. De piano speelt van begin tot eind complexe akkoorden. Maar in die klankcomplexen zitten verschillende melodische lijnen verborgen, die een dilatatie of een uitbreiding zijn van Ravels motiefje. En ook qua klanksterkte is er beweging. De andere instrumenten spelen lange tonen, soms met glissandi. En opnieuw veranderen de spectra, en daardoor ook de kleuren.

Na het tweede interludium volgt deel III, als recapitulatie van deel 1. De vorm van de sinustoon keert terug in de fluit, de klarinet, de piano, maar nu veranderen de ritmes. De elementen uit het eerste deel worden nu ontwikkeld. Daarop volgt nog een interludium, i.p.v. een postludium, doordat Grisey oorspronkelijk nog een vierde deel gepland had.

Gérard Grisey, die bij Dutilleux en Messiaen gestudeerd heeft, goochelt dus met kleuren, spectra, ritmes en melodische modules. Bart Bouckaert gaat met de studenten op zoek naar kleur en leert hen bewust met kleuren om te gaan. En hij onderzoekt hoe ze de dikwijls moeilijke speeltechnieken, de kwarttonen, de maatwisselingen het beste uit kunnen voeren. Er zijn drie groepen uitvoerders, een per deel, waardoor meer studenten aan bod kunnen komen. De delen zijn trouwens vrij zelfstandig. Alleen deel drie kan niet afzonderlijk uitgevoerd worden.

Tijd en plaats van het gebeuren :

Bart Bouckaert & studenten conservatorium Brussel : Gérard Grisey, Vortex Temporum
Trobadors Toonmoment
Donderdag 26 maart 2009 om 20.00 u
Koninklijk Conservatorium Brussel - Kleine concertzaal
Kleine Zavel 5
1000 Brussel

Meer info : www.kcb.be

(*) Bron : Veerle Van Bouchaute in Publicaties KCB, Maandblad Maart 2009, p.20 - 21

Extra :
Gérard Grisey over Vortex Temporum op www.ictus.be
Gérard Grisey op brahms.ircam.fr en www.arsmusica.be
Interview met Gerard Grisey, David Bündler in 20th-Century Music, 1996 op www.angelfire.com

Elders op Oorgetuige :
Dubbelconcert Nadar & Ictus in Flagey en de Handelsbeurs, 26/01/2009
De Nieuwe Reeks : Vortex temporum, 16/12/2008

07:00 Gepost in Concert | Permalink |  Facebook

21/03/2009

Een jonge Vlaamse snaak tussen twee oude rotten : BL!NDMAN [strings] in Leuven en Gent

Daan Janssens Een jonge Vlaamse snaak tussen twee oude rotten. Daan Janssens durft het aan om in de 21ste eeuw nog een strijkkwartet te schrijven, misschien wel het meest klassieke van alle klassieke genres. Bl!ndman [4x4] Strings bewijst echter dat zelfs in de 20ste eeuw het strijkkwartet al niets meer te maken had met oubolligheid. De muziek van Nono en Kurtág is eigentijds en heeft een hoog poëtisch gehalte...
BL!NDMAN Strings
is een jong en dyamisch strijkkwartet uit Brussel. Naast tal van klassiekers uit het 20ste-eeuwse repertoire staat ook nieuw materiaal van jonge Belgische componisten op hun palmares. Op dit concert krijgen we werk van Luigi Nono, György Kurtág en de creatie van Daan Janssens' nieuwste stuk te horen.

Luigi Nono (1924 - 1990) nam in 1950 voor het eerst deel aan de "Ferienkurse für neue Musik" in Darmstadt, waar hij componisten als Edgar Varèse, Karel Goeyvaerts, Iannis Xenakis en Karlheinz Stockhausen ontmoette. Geïnspireerd door zowel bovenstaande persoonlijkheden, het elan van een naar muzikale vernieuwing snakkende tijdgeest als door het (toen nog) prille onderzoek in de elektroakoestiek, ontpopte Nono zich al snel tot een aanstormend talent in het domein van de seriële en aleatorische muziek.
Later verwierp hij in toenemende mate de schools - analytische toepassing van het serialisme om de integriteit van het muzikale fenomeen an sich te benadrukken. De invloed van politiek op zijn denkwijze ging hierin stelselmatig meespelen en liet zich gelden in bijvoorbeeld Incontri (1955), Il Canto Sospeso (1955 - 56, gebaseerd op brieven van veroordeelde antifascisten) en in Cori di Didone (1958). Nono was immers een rabiaat communist en beschouwde zijn werk als een revolte tegen elke vorm van culturele bourgeoisie. Daarom keerde hij zich af van gangbare concertgenres en was niet te beroerd om, zoals zijn britse tegenhanger Cornelius Cardew, de muziek naar de man in de straat (of in de fabriek) te brengen. Veel van de titels uit die periode spreken dan ook boekdelen: Intolleranza, (1960), Non consumiamo Marx (1969), Ein Gespenst geht um in der Welt (1971) en Canto per il Vietnam (1973).
Het werk van deze avond, Fragmente - Stille, an Diotima (1980) was een opdracht van het Beethoven Festival in Bonn en laat een rijpe, verstilde Nono horen. Het is 's mans enige werk voor strijkkwartet en bestaat uit muziek die zich voor een groot deel in het grensgebied tussen stilte en (nauwelijks hoorbare) klank afspeelt.
Nono's vroege assertieve gebaren zijn hier vervangen door een meer introspektieve muziektaal vol dichterlijke meditatie. De partituur is doorspekt met 53 citaten van de Duitse dichter Friedrich Hölderlin aan zijn geliefde, Diotima. De citaten moeten noch gesproken, gefluisterd of gezongen worden tijdens de performance, maar dienen eerder als een soort inspiratieve leidraad: de uitvoerenden horen stilzwijgend de citaten te lezen om ze tijdens de uitvoering op hun spel te projecteren. Waar het gangbare strijkkwartet vooral een wisselende conversatie is tussen vier gelijkberechtigde stemmen, gaat het in dit werk eerder om een collektieve poging om gedachten te artikuleren in het zicht van een overweldigende stilte. Fragmente - Stille, an Diotima is een diepgaand, spiritueel werk dat, alleen al door de lange spanningsboog, de uiterste koncentratie van de uitvoerder vergt.

György Kurtág (1926) studeerde aan de Ferenc Liszt - Academie in Boedapest bij Sándor Veress en Ferenc Farkas en later in Parijs bij Olivier Messiaen en Darius Milhaud. Sedert 1993 verbleef hij achtereenvolgens in Berlijn, Wenen, Amsterdam en Parijs, waar een samenwerking met het Ensemble InterContemporain tot stand kwam. Twee grote invloeden kenmerken zijn muziek: enerzijds de kinderlijke spontaniteit en primitieve oerkracht die vaak terug te vinden zijn in het werk van Béla Bartók, anderzijds de extreme concentratie van de compositorische arbeid, eigen aan het oeuvre van Anton Webern. Van die laatste is het voornamelijk het reductionisme dat hem inspireert: eenvoudige muzikale principes zoals verbindingen van allerlei soorten drieklanken in de pianocyclus Játékok zijn daarvan een voorbeeld. Officium Breve in Memoriam Andreae Szervánszky (1988 - 89) is opgedragen aan de Witten Festival - organizator Wilfried Brennecke en is Kurtág's derde strijkkwartet, waarin compressie en uitpuring troef zijn. In de tekstuur zitten tal van toespelingen op melodische fragmenten uit het oeuvre van Beethoven, Bach en Szervánsky. Het is opgedeeld in vijftien delen, samengeperst in een tijdsbestek van slechts dertien minuten.

De jonge componist Daan Janssens (1983) groeide op in Brugge waar hij aan de muziekschool viool en piano studeerde. Op zijn twaalfde ontdekte Janssens de opera en was verrukt. Het is dan ook weinig verwonderlijk dat de eerste CD die hij kocht Mozarts "Le Nozze di Figaro" was. Stap voor stap, vertrekkende vanuit de Romantiek, verkende Janssens het gehele operagenre. Vanaf zijn 13de begon hij ook zelf composities te schrijven, hierin gestimuleerd door zijn leerkracht Octaaf Van Geert. Op zijn 15de schreef Janssens zijn eerst operastukje: hij zette eigen muziek (voor piano en stem) op de tekst van Verdi's Othello.
Janssens' jeugdige parcours stoomde hem klaar voor een opleiding aan het Koninklijk Conservatorium van Gent. Daar werd hij - in zijn componeren en verkennen van de (hedendaagse) klassieke muziek - gestimuleerd en geïnspireerd door muzikant en componist Frank Nuyts. Gaandeweg ontwikkelde Janssens een eigen idioom dat zich laat kenmerken als een taal die de fascinatie voor de dialoog tussen klankkleur en stilte uitademt. Hierbij bezit de componist een bijzondere voorliefde voor het extreem rijke klanktimbre van de strijkers.

Daan Janssens over D'un Automne Étendu : "D'un Automne Étendu voor strijkkwartet is het derde deel van mijn cyclus ...Passages... De andere delen van de cyclus zijn: ...Passages... (2005 - rev.'08) voor strijkkwartet, Tableau - Double - (Passages II) (2005 - '06) voor cello solo en D'un Automne Étendu (2007 - '08) terug voor strijkkwartet vormt deel drie, en de cyclus wordt afgesloten door (...nuit cassée.) (2006 - '07) voor altviool en vier instrumenten. In elk deel van de cyclus start ik met steeds hetzelfde muzikale materiaal. Muzikaal materiaal zie ik heel breed, zo speelt in elk deel de noot e'' een erg belangrijke rol. Waar echter in de eerste twee en het laatste deel van de cyclus muzikale motieven nog duidelijk letterlijk terugkeren, vervagen die in deel drie tot gestes waarbij ik eerder de bewegingen en intentionaliteit komponeer dan letterlijk herkenbare motieven. In deel drie van de cyclus, D'un Automne Étendu, is een van de basisideeën de vraag wanneer het strijkkwartet, een toch beladen kamermuzikale vorm, als vier verschillende instrumenten klinkt, en waar de vier instrumenten versmelten tot één enkel instrument.

In de openingssectie (maat 1 - 8) spelen duidelijk vier instrumenten, maar wel gaan ze intentioneel allen in dezelfde richting. In de daaropvolgende sectie (maat 9 - 39) versmelten ze steeds meer tot één instrument. Maat 40 tot 47 is een kort duo voor altviool en cello, waarbij de cello een soort schaduwlijn speelt op de altviool - dit is een vooruitkijken naar een gelijkaardige plaats aan het slot van (...nuit cassée). Maat 48 tot 58 is een sectie die steeds 'polyfoner' wordt, om in maten 59 tot 68 terug in de sfeer van de aanvang van het stuk terecht te komen, waarbij de invloed van de polyfone sectie van net daarvoor duidelijk aanwezig is. De slotsectie (maat 69 tot 90) leunt qua sfeer terug dicht aan bij de tweede sectie, maar ook hier is de invloed van de voorgaande delen - met terugkomende motieven en figuren - duidelijk aanwezig."

Programma :
  • Luigi Nono, Fragmente - Stille, an Diotima
  • György Kurtág, Officium Breve
  • Daan Janssens, d' Un Automne Étendu
Tijd en plaats van het gebeuren :

De Nieuwe Reeks - BL!NDMAN [strings] : …Stille… A la carte
Dinsdag 24 maart 2009 om 20.30 u
Kunstencentrum Stuk

Naamsestraat 96
3000 Leuven

Meer info : www.denieuwereeks.be, www.stuk.be en www.blindman.be
------------------------
BL!NDMAN [strings] : …Stille… A la carte
Donderdag 26 maart 2009 om 20.00 u
Logos Tetraëder
Bomastraat 26-28
9000 Gent

Meer info : www.logosfoundation.org en www.blindman.be

Extra :
Daan Janssens op www.nadarensemble.be
Luigi Nono op www.arsmusica.be en d-sites.net
Luigi Nono : Antifascist, Jan de Kruijff op www.musicalifeiten.nl
Luigi Nono: een hedendaags Italiaans componist, Harry Mayer op www.mayertjes.nl, 19/12/2006
Luigi Nono: on what would have been the composer's 80th birthday, John Warnaby reflects on his life and music, John Warnaby op www.musicweb-international.com, 2004
György Kurtág op www.universaledition.com (met luistervoorbeelden en partituuruittreksels)
György Kurtág op www.arsmusica.be en www.boosey.com
The Mind is a Free Creature. The music of György Kurtág , Rachel Beckles Willson op www.ce-review.org, 24/03/2000

Elders op Oorgetuige :
Waanzin en oude goden in de magische wereld van Stef Lernous en Daan Janssens, 18/02/2009
Politiek engagement en artistieke vernieuwing : de weg van Luigi Nono, 23/02/2008
Studenten van vandaag, componisten van morgen, 28/02/2007

20:51 Gepost in Concert | Permalink |  Facebook

20/03/2009

La chute de la maison Usher : Peter Swinnen schreef gloednieuwe soundtrack bij meesterwerk van de stomme film

La chute de la maison Usher De Vlaamse componist Peter Swinnen schreef een gloednieuwe symfonische partituur bij een zelden gezien meesterwerk van de stomme film : La chute de la maison Usher van Jean Epstein. Benieuwd hoe deze leerling van André Laporte de fantastische sfeer van Poe in klanken vertaalt? Dirk Brossé, zelf niet om een soundtrack verlegen, dirigeert het Nationaal Orkest van België. De film werd gerestaureerd door het Koninklijk Belgisch Filmarchief met de oorspronkelijke kleurtint en tussentitels.

Is er een geschikter verhaal voor een impressionistische cineast dan dit? Het hoofdpersonage uit La chute de la maison Usher is zo geobsedeerd door het portret dat hij schildert van zijn vrouw, dat hij nauwelijks opmerkt dat elke penseelstreek die de afbeelding levensechter maakt, haar dichter bij de dood brengt. Jean Epstein deelde met andere impressionisten de fascinatie voor wat ze photogénie noemden, of datgene waarin het filmbeeld anders, mooier, heviger of verhevener is dan het gefilmde. Hij bewerkte The oval portrait en The fall of the house of Usher, twee verhalen van Edgar Allan Poe, die - ondermeer door de vertalingen van Mallarmé - erg populair was bij de Franse symbolisten, tot één film en produceerde daarmee een van de laatste hoogtepunten van het impressionisme. Het werd een poëtische film die zich wil verdiepen in de psychologie van de personages met optische effecten die noch abstract, noch vergezocht zijn, maar treffen door hun schoonheid en beroeren door de kracht waarmee ze een emotionele toestand weten uit te drukken.

Peter Swinnen : "Epstein maakte een overgang van literatuur naar film, een tijdskunst. Om die tijd 'te realiseren' heeft hij verschillende verhalen gecombineerd. Op het moment dat ik de muziek schrijf ga ik integendeel van tijdskunst naar tijdskunst, van film naar muziek. Ik vraag me dus af welke tijdsdimensie overeen kan komen met een andere tijdsdimensie. In een film werkt men bijvoorbeeld met veranderende camera- standpunten (shots) die een bepaald ritme in de tijd hebben. Dit ritme verloopt ongeveer in hetzelfde tempo als wat we in de muziek kennen als het harmonische ritme. Maar eerder dan de harmonie synchroon te laten wisselen per shot, wat voor een live-uitvoering grote problemen van synchronisatie met zich mee zou brengen, heb ik ervoor gekozen door toepassing van zogenaamde markov-chains een tweede gelijkaardige tijdslaag toe te voegen, zodat het harmonische ritme zich als een soort contrapunt verhoudt tot de beeldwissels. De overeenkomsten tussen de shots en de muziek zijn dus niet strikt, maar worden op deze manier onbewust als sterk verwant aan gevoeld. (...)

De film van Epstein is geen loutere vertaling, maar is als het ware een combinatie van verschillende novelles. Tijdens het bestuderen van de beelden vond ik een groot aantal symbolische verwijzingen die men zonder deze kennis niet kan duiden. En dat was de sleutel tot het schrijven van de muziek. Het verhaal van Edgar Allen Poe is bekend : De man Roderick Usher schildert het portret van zijn vrouw, maar hij elke verfstreek gaat er een stuk leven uit haar weg en wordt haar leven overgebracht op het schilderij. Uiteindelijk sterft ze en wordt ze begraven, waarna ze terugkomt uit de dood en hem meesleurt. Epstein echter hervormt het slot tot een happy ending. Zij valt in zijn armen! Ook de herbergscène aan het begin van de film komt niet voor in de novelle van Poe, maar was voor Epstein als het ware een hommage aan de schrijver Charles Dickens. Het is heel duidelijk dat de flimtaal van Epstein zeer symbolisch geladen is, maar men dient zich af te vragen wat het allemaal betekent. Wat betekenen die wapperende gordijnen? Wat wil hij zeggen met de alomtegenwoordige wind ? Hoe verklaart men de verschijning van de nachtuil na de begrafenisstoet ? En deze symbolische verwijzingen, samen met de karaktertekeningen van de personages, zijn uit te leggen aan de hand van de overige novelles van Poe. Er bestaat zefs een traktaat van Edgard Allan Poe over hoe men moet componeren. Daarin beschrijft hij hoe het gedicht "The Raven" is ontstaan. Een van zijn basisprincipes was dat een lang verhaal enkel kan bestaan als een combinatie van vele kleinere verhalen. En dat is wat Epstein ook in zijn film gedaan heeft. Op gelijkaardige wijze heb ik mijn muziek geconstrueerd aan de hand van een aantal muzikale secties die naadloos in elkaar overvloeien. (...)

"La Chute de la Maison de Usher" was Epsteins allerlaatste film. Er bestaat een interpretatie van defilm die beweert dat het hoofdpersonage van het verhaal zijn drang tot schilderen bedwingt en op die manier zijn vrouw terugwint. Dit zou de happy ending verklaren. Maar op een gegeven moment maakte Jean-Paul Van Bendegem (Swinnens promotor) mij attent op de pre-Bijbelse figuur van Lilith. Zij was een stormdemon uit het oude Mesopotamië, die werd voorgesteld door de wind en de nachtuil. Men moest haar hij een geboorte absoluut uit het huis weren, anders rustte er op het kind een vloek die zich generatie na generatie voortzet. Misschien is deze demon de sleutel tot de ontsluiting van de aanpassingen van Epstein? Het ovenwinnen van de drang tot schilderen van het hoofdpersonage zou gekoppeld kunnen worden aan het stopzetten van de drang tot filmen door Epstein. Beiden overwinnen als het ware hun demon. Op deze manier is de wederopstanding van de vrouw in het verhaal het moment waar ze samen de vloek bedwingen, waarbij het gaat om een soort duiveluitdrijving in plaats van een echte happy ending.

Ik heb er bewust voor gekozen om niet de symboliek te verdubbelen. Men is reeds geconfronteerd met een expressionistische acteerstijl door de theateracteurs in deze film uit de pioniersjaren van dit nieuwe medium. Alle handelingen zijn 'overdreven'. Als ik dit muzikaal zou versterken, dan verkrijgt men een soort Walt Disney-effect. Dit wilde ik absduut vermijden, want het gaat tenslotte om een griezelfilm ! Ik ben dus eerder op zoek gegaan naar een manier om de juiste atmosfeer op te roepen en heb gewerkt met geluiden die primaire angsten evoceren, zoals een vulkaanuitbarsting, een aardbeving, ... Die heb ik spectraal geanalyseerd en deze analyse vormt de basis van mijn harmonie. Het is opvallend dat deze klanken een bepaalde fysieke invloed uitoefenen, zowel op de luisteraar als op de muzikanten zelf. Men voelt zich op een intuïtieve en onbewuste manier ongemakkeljk. Het is alsof de primaire reflexen worden aangesproken. Of zoals Robert Schumann al zei : muziek begint waar woorden ophouden. " (*)

Tijd en plaats van het gebeuren :

NOB: Peter Swinnen - La chute de la maison Usher
Maandag 23 maart 2009 om 20.30 u
Bozar
- Henry Le Boeufzaal
Ravensteinstraat 23
1000 Brussel

Meer info : www.bozar.be, www.nob-onb.be en www.arsmusica.be

Dit concert kadert in de verdediging van Peter Swinnens proefschrift tot het behalen van de graad 'doctor in de kunsten'.
Peter Swinnen verdedigt een oorspronkelijk proefschrift getiteld :
"La Chute de la maison Usher - music for the silent movie by Jean Epstein (1928) for full Orchestra"
De verdediging van dit doctoraat ontwikkelt zich over drie fasen:
- Een toelichting bij de theoretische onderbouw van het project op ma 23 maart 2009 om 10 u in het Koninklijk Conservatorium Brussel
- De uitvoering in wereldpremière van de partituur "La Chute de la maison Usher" van Peter Swinnen door het Nationaal Orkest van België onder leiding van Dirk Brossé op ma 23 maart 2009 om 20.30 u in Bozar
- De publieke bevraging van de doctorandus door de juryleden op vrij 3 april 2009 om 14.00 u in het Koninklijk Conservatorium Brussel

Peter Swinnen : www.peterswinnen.be en www.matrix-new-music.be

(*) Bron : Interview met Peter Swinnen, Waldo Geuns in Publicaties KCB, Maandblad Maart 2009, p.18 - 19

Elders op Oorgetuige :
Ars Musica viert twintigste verjaardag, 7/03/2009
Goeyvaerts Strijktrio : focus Peter Swinnen, 5/10/2007

13:00 Gepost in Concert | Permalink |  Facebook

Over humor en angst voor de dood : Ligeti's Le Grand Macabre voor het eerst in De Munt

György Ligeti, Le Grand Macabre Michel de Ghelderode, tweetalig Brusselaar, schreef in 1934 'La balade du Grand Macabre', een surrealistisch drama met apocalyptische trekjes dat zich afspeelt tegen de horizon van Breughelland, een koninkrijk dat bevolkt wordt door pittoreske boeren en monsters. Een operaversie van het theaterstuk bleek een kolfje naar de hand van György Ligeti en Michael Meschke, die de absurde en obscene taal wisten te vatten in een macaber, maar bijwijlen ook hilarisch muzikaal geheel, geïnspireerd op de imaginaire wereld van Hieronymus Bosch en Pieter Brueghel. Le Grand Macabre werd gecomponeerd in een periode waarin de Europese avant-garde slechts met mondjesmaat interesse toonde voor de opera en er zelfs een zekere vijandelijkheid bestond tegenover het genre. Erg toepasselijk noemde Ligeti daarom zijn werk een 'anti-anti-opera '. Le Grand Macabre, een sleutelwerk uit de eigentijdse operageschiedenis, wordt voor het eerst in de Munt gespeeld.

Ligeti werkte van '74 tot '77 aan zijn opera Le Grand Macabre. Hij had de bedoeling om een 'anti-anti-opera' te maken, na de grote tegenbeweging van de jaren '60, waarin het fenomeen van de opera in vraag werd gesteld. Nochtans heeft hij in verschillende interviews toegegeven dat hij met zijn anti-anti-opera in de valstrikken van de traditionele opera is getrapt. Toch heeft Ligeti zich later met zijn opera verzoend, waarvan de herwerking voor Salzburg in
1995 getuigt. Uit de muziek van de opera werden Mysteries of the Macabre en de Macabre Collage gedestilleerd. Hij beschouwt Le Grand Macabre als zijn Tweede Requiem, wat ons een inkijk geeft in de bittere ernst, die onder dit macabere spel schuilgaat. De opera is voor Ligeti zelf een stuk over humor én angst voor de dood, een angst die hem sinds zijn kindertijd achtervolgt.
Le Grand Macabre vertelt hoe in het decadente Breughelland Nekrotzar verschijnt, de 'grote macabere', die meent dat hij de dood zelf is. Hij komt de wereldondergang verkondigen en voltrekken. Een komeet zal immers om middernacht tegen de aarde botsen. Om middernacht roept Nekrotzar uit: "Es geschieht! Ja, es geschieht!" Maar het enige wat gebeurt is dat hij in zijn dronken roes van zijn hobbelpaard valt en sterft.
Ligeti verbindt de dood met de liefde door een jong koppeltje de hele opera door te laten flirten en vrijen met elkaar. Temidden van de drukte van de nakende wereldondergang, hebben ze een stil plekje gevonden om de nacht in liefde door te brengen: het graf van Nekrotzar. In de opera is de vrouwelijke chef van de Geheime Politieke Politie een coloratuursopraan. Drie van haar coloratuuraria's zijn door Elgar Howarth bewerkt voor coloratuur en ensemble en er bestaat ook een versie voor trompet en ensemble. Howarth dirigeerde de première van de opera in Stockholm in 1978. De tekst van de Mysteries is nonsensicaal, op enkele woorden na en Ligeti beschouwt dit dan ook als een voortzetting van het idee van zijn Aventures en Nouvelles
Aventures.

Tijd en plaats van het gebeuren :

György Ligeti, Le Grand Macabre
Di 24, do 26, vrij 27, di 31 maart, wo 1, do 2 en zat 4 april 2009, telkens om 20.00 u
(Inleidingen om 19.30 u )
Zon 29 maart en zon 5 april 2009, telkens om 15.00 u (Inleidingen om 14.30 u )
De Munt
Munt
1000 Brussel

Meer info : www.demunt.be en www.arsmusica.be

Bron : tekst Yves Knockaert voor deSingel, mei 2003

Extra :
György Ligeti : www.gyoergy-ligeti.de en www.arsmusica.be
Györgi Ligeti (1923 - 2006): emotioneel scepticus, Jan de Kruijff op www.musicalifeiten.nl, juni 2006

Elders op Oorgetuige :
Ars Musica Liège : Ligeti, Dusapin en Mantovani, 16/03/2009
Gevlamde zijde uit verre streken : Brussels Philarmonic brengt Webern, Parra, Ligeti en vader en zoon Pousseur in Flagey, 13/03/2009
Ars Musica viert twintigste verjaardag, 7/03/2009

Bekijk alvast dit fragment uit György Ligeti's Le Grand Macabre (Repetitie Theater Bremen, september 2007)

07:00 Gepost in Concert | Permalink |  Facebook