29/03/2011

World Minimal Music Festival : 5 dagen glasheldere muziek, dj's, film en talkshows

Steve Reich Hypnotiserend, repetitief en adembenemend : minimal music brengt al sinds de jaren 1960 mensen in vervoering met bedrieglijk simpele middelen. Van 30 maart t.e.m. 3 april brengen Muziekgebouw aan 't IJ in Amsterdam en Muziekgebouw Frits Philips Eindhoven een eerbetoon aan dit bijzondere genre dat groot werd in de jaren zestig en zeventig van de vorige eeuw maar nog niets van zijn aantrekkingskracht heeft verloren.

Er gaat weer een vlaag door Amsterdam - een stevige bries van lang aangehouden, telkens van kleur veranderende noten. Van doorgolvende pulsen, schijnbaar eenvoudige, zich gestaag ontwikkelende herhalende motieven. Vijf dagen lang is bijzondere minimal music te beluisteren van Steve Reich (foto), Terry Riley, LaMonte Young en Philip Glass. En van nabije of verdere verwanten als Gavin Bryars, Frederic Rzewski en Simeon ten Holt. De muziek van de Monts Mandara in Kameroen loopt als een subtiele  rode draad door de week. In hun muziek hoor je fluiten en zingen op een manier die de volbloed minimalist jaloers maakt. Verder ondermeer het Tape Loops Orchestra, beeldend werk, minimale jazz in het Bimhuis, dans in de entreehal en een nachtfilm. De keus aan uitvoerders is alles behalve minimaal, met onder andere: Asko|Schönberg, Lunapark, Champ d'Action, Ives Ensemble en solisten als Reinbert de Leeuw, Ivo Janssen, Ralph van Raat en Nik Bärtsch

Minimal music-componist van het eerste uur Steve Reich opent op 30 maart de 2de editie van het World Minimal Music Festival door voorafgaand aan het eerste concert in Amsterdam zijn vroege werk 'Clapping Music' te performen. Naast concerten, films en een tentoonstelling van Boris Tellegen (voorheen Delta) vindt tijdens het festival een randprogramma plaats in het festivalcafé. Dit programma legt verbanden bloot tussen minimal music, elektronische muziek, remixen en wereldmuziek.

Van Reich, Glass en Monts Mandara tot Machinefabriek en Thomas Ankersmit
Op het festivalprogramma staan verschillende werken van Steve Reich, waaronder 'Tehillim' en een integrale uitvoering van al zijn' Counterpoint'-werken. Ook klinken een aantal vroege werken van Philip Glass. Eén avond is gewijd aan muziek van componisten Gavin Bryars en Michael Nyman, twee uitersten binnen de minimal music. Het Tape Loops Orchestra van festivalcurator Arnold Marinissen improviseert live een unieke compositie met tape loops gemaakt door jongeren. Documentairemaakster Miranda van der Spek maakte speciaal voor het festival een film over de muziek van het bergvolk Monts Mandara in Kameroen: rituele muziek als minimal music avant la lettre.

Dagelijks festivalcafé verbindt generaties
In het dagelijkse festivalcafé onder meer (op de openingsavond) een gesprek met twee generaties minimal music-kenners waaronder Steve Reich, producer Tom Trago en minimal music-expert Maarten Beirens. Verder online muziekplatform 22Tracks.com met een live remix-sessie, een workshop door de vermaarde gitaarbouwer Yuri Landman, optredens van Machinefabriek, Gareth Davis, Koen Nutters en Thomas Ankersmit en een minimal music marathon met onder meer Gabriel Lester, Hans Aarsman en Nalden.

Tijd en plaats van het gebeuren :

World Minimal Music Festival
Van woensdag 30 maart t.e.m. zondag 3 april 2011
Op verschillende locaties in Amsterdam en Eindhoven
(Nederland)

Het volledige programma en alle verdere info vind je op wmmf.muziekgebouw.nl

13:45 Gepost in Concert, Festival, Muziek | Permalink |  Facebook

Jong Fins strijkkwartet Meta4 in de Handelsbeurs Gent

Henri Dutilleux Met hun frisse en gedurfde uitvoeringen verbaast het jonge Finse strijkkwartet Meta4 de internationale kamermuziekpodia. Handelsmerk van de vier is hun aandacht voor hedendaags repertoire, waaronder werken van Finse componisten die aan hen werden opgedragen. Hun brede interesse uit zich ook in samenwerking met jazz- en popmuzikanten. Maar ze kennen ook hun klassiekers.

Met zijn opus 76 levert Joseph Haydn zes van zijn spannendste en origineelste strijkkwartetten. Deze late werken geven een mooi beeld van hoe de Oostenrijkse componist uit een enkel motief of melodie een volwaardig stuk kon componeren. Zo verwerkt hij in het eerste deel van het derde kwartet de Oostenrijkse hymne 'Gott Erhalte Franz Den Kaiser', die hij zelf het jaar daarvoor geschreven had. De overige drie delen beginnen elk met eenzelfde reeks tonen, G-E-F-D-C, de initialen van de  keizershymne. Een hapklare brok voor Meta4, het jonge Finse strijkkwartet dat stormenderhand de internationale kamermuziekpodia verovert met frisse en gedurfde uitvoeringen.

Beginnen doet Meta4 echter met muziek uit Frankrijk, namelijk met 'Ainsi la Nuit' uit 1976 van Henri Dutilleux (foto). Het stuk is het enige werk voor strijkkwartet van de Fransman en een van zijn weinige kamermuziekwerken: de meeste andere werken voor kleine bezetting waren jeugdwerken en worden niet opgenomen in zijn officiële werkencatalogus. Muzikaal gesproken is Dutilleux net als zijn ondertussen al gestorven tijdgenoot Olivier Messiaen gefascineerd door heldere, briljante klankkleuren. Anders dan Messiaen probeert Dutilleux grotendeels trouw te blijven aan bestaande vormstructuren. Bij hem vindt men dus niet de grillige ritmes en oriëntalistische invloeden terug die Messiaens werk zo herkenbaar maken. De evocatieve titels van de afzonderlijke delen kenschetsen een bepaalde gemoedsgesteldheid maar hoeven zeker niet als letterlijke taferelen gezien te worden. Wel is het concept van tijd en tijdsverloop erg belangrijk bij Dutilleux en dat concept vindt zijn weerslag in de complexe structuur van Ainsi la Nuit, waarbij korte muziekfragmenten van eerder gespeelde muziek ("Parentheses" noemt Dutilleux ze) tussen de grotere delen ingevoegd worden om zo op een inventieve manier abstracte concepten als herinnering en vergetelheid te illustreren.

Programma :

  • H. Dutilleux (1916), Ainsi la Nuit (1976)
  • J. Haydn (1732-1809), Strijkkwartet opus 76 nr. 3 'Keizerskwartet'
  • A. Von Zemlinsky (1871-1942), Strijkkwartet nr. 2 in d, opus 15

Tijd en plaats van het gebeuren :

Meta4 : Dutilleux, Haydn, von Zemlinsky
Woensdag 30 maart 2011 om 20.15 u
Handelsbeurs Gent

Kouter 29
9000 Gent

Meer info : www.handelsbeurs.be en www.meta4.fi

Extra :
Henri Dutilleux op www.schott-music.com en youtube
Dutilleux en kamermuziek: zonnebloemen uit de schaduw gehaald, op www.nopapers.nl

Elders op Oorgetuige :
Belgische première van Dutilleux' Mystère de l'instant in Bozar, 19/03/2011

Beluister alvast Dutilleux' Ainsi la Nuit, uitgevoerd door het Belcea Quartet

13:18 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook

Ensemble Lucilin & Arne Deforce met Aperghis, Eötvös, Reuter en Xenakis in het Conservatorium Brussel

Peter Eötvös Woensdag is de tweede dag van Peter Eötvös' masterclass in het Brusselse Conservatorium. In het avondconcert van Ars Musica wordt dan ook het resultaat van die meestercursus getoond. Ensemble Lucilin onder leiding van David Reiland brengt van Eötvös zelf het trio 'Psy' en het strijkkwartet 'Korrespondenz' - zo'n vette knipoog, Janácek wordt er verlegen van. Verder is er werk van twee Grieken : 'Bloody Luna' van de halve rocker George Aperghis en 'Epicycle' van het hele genie Iannis Xenakis. In beide stukken soleert cellist Arne Deforce. En omdat het niet allemaal van krasse knarren hoeft te komen, is er tenslotte iets jeugdiger werk : 'Infra la neve' voor viool en piano van de Luxemburgse Oostenrijker Marcel Reuter.

Georges Aperghis werd in 1945 in Athene geboren. Na een dubbele, voornamelijk autodidactische vorming als schilder en muzikant, vestigde hij zich in Parijs, waar hij Xenakis ontmoette. Vervolgens ontdekte hij het theater, een wereld die hij nooit zou verlaten. Hij werd medewerker van Antoine Vitez en richtte het Atelier Théâtre et Musique (ATEM ) op. Zijn muzikaal-scenische wereld is tegelijk humoristisch en tragisch, krachtig en broos. Het werk van Georges Aperghis bekleedt een centrale plaats en is dé referentie in het Franse muziektheater geworden. Zijn werken zijn vaak gebaseerd op alledaagse of sociale gebeurtenissen die dan in een poëtische wereld (dikwijls op een absurde of satirische manier) uitgewerkt worden. Tegelijkertijd maakt hij ook werken voor zeer afwisselende bezettingen (van solo tot orkest) o.a. de cyclus 'Récitations' voor solo stem. In 1997 verlaat hij ATEM en componeert voor festivals en kunstencentra.

In 1993 schreef Peter Eötvös een cimbalomconcerto in opdracht van de SDR Stuttgart, 'Psychokosmos'. Wellicht vormt dit de aanleiding om het instrument drie jaar later ook te gebruiken in 'Psy', een trio waarvan oorspronkelijk twee versies tot stand kwamen (fluit, cello, cimbalom of marimba), en in 2002 nog een versie voor fluit, altviool en harp. Misschien zijn de twee laatstgenoemde versies wel ontstaan uit pragmatische overwegingen. Slagwerkers (marimba) zijn imers makkelijker te vinden dan cimbalomspelers, en in het kielzog van Debussy's triosonate voor fluit, altviool en harp zijn er heel wat vaste ensembles ontstaan die de 2002-versie op hun repertoire kunnen nemen. Tijdens dit concert horen we het werk in de eerste versie, maar werd de cimbalom of marimba vervangen door piano. 'Psy' verwijst muzikaal ook terug naar een veel ouder werk, namelijk 'Now, Miss!' (1972) voor viool, synthesizer en tape. De tape bevat 'concrete' klanken, namelijk zeegeluiden. Misschien gaat de stormachtige cimbalompartij ( tijdens dit concert dus gespeeld door de piano) wel daarop terug ?

Iannis Xenakis (1922-2001), geboren in Roemenië en van Griekse afkomst, wordt tot een van de belangrijkste moderne componisten gerekend. Hij was de bedenker van de zogeheten stochastische muziek, die de wiskundige verzamelingenleer op de muziek wil toepassen. Zo stichtte hij in 1966 de School voor Wiskundige en Elektronische muziek.

Xenakis studeerde architectuur in Athene. Na zijn afstuderen in 1947 werd hij wegens zijn linkse politieke opvattingen verbannen en vluchtte hij naar Frankrijk. Van 1948 tot 1960 was Xenakis assistent van Le Corbusier. Xenakis ontwierp in 1958 voor de Wereldtentoonstelling in Brussel het Philips-paviljoen, het eerste volledige architectonische multimediaproject dat ruimte, beeld en geluid in een totaalervaring integreerde. Xenakis hield zich op het bureau van Le Corbusier vooral bezig met op de Modulor en op wiskundige algoritmen gebaseerde 'vormcomposities', zoals de dynamische raamkozijnverdeling van het klooster La Tourette. Ook toen hij zich later meer op componeren ging toeleggen, bleef hij actief als architect.

Dat wiskunde ook in zijn muziek een belangrijke rol speelt, is evident. Zij muzikale systemen zijn gebaseerd op verschillende wiskundige theorieën en hij maakt ook gebruik van computers. De mathematische benadering van Xenakis lijkt voort te komen uit een diepgeworteld verlangen om een fenomeen als schoonheid onder controle te krijgen en te kunnen manipuleren door de elementen waaruit het is opgebouwd, te vangen in het web van de logica. Als componist uit hij dat verlangen door het met behulp van de computer sturen van de tonen.

Xenakis' muzikale denken is gericht op het zoeken van uitdrukkingsvormen die niet meer uitgaan van aparte tonen die op een rijtje worden gezet, maar die uitgaan van toonmassa's, toonwolken, structuren waarbinnen de afzonderlijke tonen niet meer op de voorgrond staan. Op die manier reageert Xenakis impliciet op de doctrine van de seriële muziek: die was zodanig geconcentreerd op de interne constructie dat zij de buitenkant ervan, de lichamelijkheid van de muziek, uit het oog verloor. Xenakis bewandelde de tegenovergestelde weg. Hij probeerde aan de lichamelijkheid van de muziek een nieuwe inhoud te geven en al zijn compositietechnische methodes staan in dienst van dit doelstelling.

Wat Xenakis in de muziek bezighoudt is de factor orde versus wanorde. Door 'wanordelijke' geluidsbronnen als zelfstandige elementen in zijn compositietechnieken toe te passen, doet hij een idioom ontstaan, dat ondanks de massaliteit helder en duidelijk is. De muziek van Xenakis heeft, ondanks het abstracte karakter, toch een heel eigen expressiviteit.

Iannis Xenakis' Epicycle (1989) voor cello en 12 instrumenten werd geschreven in opdracht van het Greek Festival in London en werd opgedragen aan Guy Protheroe en Rohan de Saram. Het werk werd voor het eerst opgevoerd in Londen op London mei 1989.

Programma :

  • Georges Aperghis, Bloody Luna (2007, Belgische première), voor ensemble
  • Peter Eötvös, Psy (1996), voor fluit, cello en piano
  • Marcel Reuter, Infra la neve (2000), voor viool en piano
  • Peter Eötvös, Korrespondenz, Szenen für Streichquartett (1992)
  • Iannis Xenakis, Epicycle (1989), voor cello en 12 muzikanten

Tijd en plaats van het gebeuren :

Ensemble Lucilin & Arne Deforce : Aperghis, Eötvös, Reuter, Xenakis
Woensdag 30 maart 2011 om 20.00 u
Koninklijk Conservatorium Brussel

Eikstraat 17
1000 Brussel

Meer info : www.arsmusica.be, www.kcb.be, www.lucilin.lu en www.arnedeforce.be

Extra :
Georges Aperghis : www.aperghis.com, brahms.ircam.fr, www.arsmusica.be, UbuWeb Sound en youtube
Marcel Reuter op db.mica.at en www.edition21.at
Peter Eötvös : www.eotvospeter.com (**), brahms.ircam.fr, en.wikipedia.org en youtube
Componist van de kosmos. Interview met Peter Eötvös, Maarten Beirens in De Standaard, 22/03/2011
Iannis Xenakis : www.iannis-xenakis.org, www.arsmusica.be, www.xenakis-ensemble.com en youtube
Iannis Xenakis (1922-2001): Mathematicus en filosoof, Jan de Kruijff op www.musicalifeiten.nl

Elders op Oorgetuige :
Ars Musica plaatst Hongaarse componist Peter Eötvös in de kijker, 28/03/2011
Ensemble Intercontemporain & Peter Eötvös bijten spits af van Ars Musica Antwerpen, 11/03/2011
Ars Musica werpt blik op de toekomst en focust op Belgische componisten, 24/02/2011
Een Oresteia : bloedwraak en gerechtigheid in een regie van Caroline Petrick, 14/02/2011
Donatienne Michel-Dansac en de wervelwind van Georges Aperghis, 30/09/2008
Happy End: sadistisch sprookje en een een schitterende animatiefilm, 18/09/2008
Machinations : muziekspektakel voor vier vrouwen en een computer, 20/04/2008
De zondvloed van Aperghis, 25/11/2007
Peter Eötvös : een gesprek uit de archieven, 16/01/2007

Beluister alleszins Peter Eötvös' Psy ( fluit, cello, cimbalom)



Iannis Xenakis' Epicycle



en dit fragment uit Georges Aperghis' Bloody Luna

12:23 Gepost in Concert, Festival, Muziek | Permalink |  Facebook

Minimalistisch eerbetoon aan Schnittke in het Conservatorium Brussel

Nikolai Korndorf De muziek van Nikolaj Sergejevitsj Korndorf (foto) gaat over grote filosofische thema's en de spanningsvelden eigen aan de menselijke conditie. Zo wil ze elke luisteraar nu eens aanspreken en ontroeren, dan weer danig op de zenuwen werken. Wat ze niet mag zijn, is entertainment. Wat ze niet mag wekken, is onverschilligheid. Het Goeyvaerts Strijktrio brengt Korndorfs 'Ter ere van Alfred Garyjevitsj Schnittke', gebaseerd op AGSCH (la-sol-mi mol-do-si), het naamthema van zijn bewonderde collega. Dit is Korndorfs late stijl, het soort rijk gestoffeerd minimalisme waarin wel meer gewezen sovjetcomponisten terechtkwamen. Contrapunt komt in dit geval letterlijk van een gezongen middeleeuwse fuga.

Tijd en plaats van het gebeuren :

Goeyvaerts String Trio : Nikolai Korndorf, in honour of Alfred Schnittke
Woensdag 30 maart 2011 om 12.30 u
Koninklijk Conservatorium Brussel

Regentschapsstraat 30
1000 Brussel

Meer info : www.arsmusica.be, www.kcb.be en www.stringtrio.net

Extra :
Nikolai Korndorf : www.korndorf.ca, en.wikipedia.org, www.musiccentre.ca en youtube

Elders op Oorgetuige :
Ars Musica werpt blik op de toekomst en focust op Belgische componisten, 24/02/2011

10:11 Gepost in Concert, Festival, Muziek | Permalink |  Facebook

28/03/2011

Jazz en politiek activisme op Courtisane 2011

Courtisane Gent is een filmstad en daar is Courtisane niet vreemd aan. Tussen 30 maart en 3 april brengt de 10de editie van het Courtisane festival een unieke mix van film, video, audiovisuele performances en installaties naar de Arteveldestad. Op verschillende locaties in Gent kun je kennis maken met het werk van de meest avontuurlijke filmmakers en mediakunstenaars van vandaag en morgen. Vijf dagen lang cinema-ervaringen op het scherp van de snee.

Het Courtisane Festival viert zijn tiende verjaardag. Een reden om trots te zijn, maar niet om te berusten. Courtisane houdt de blik strak gericht op de toekomst, met twee voeten resoluut in het heden. De zoektocht naar relevante en afwijkende cinematografische vormen en ervaringen levert ieder jaar opnieuw tal van verrassingen en openbaringen op. Tegendraads en aangrijpend, experimenteel en reflectief, complex en sensueel: de selectie van werken in het programma omvat een caleidoscopisch geheel van gebaren, stijlen en emoties die steevast worden verbonden door een onhoudbare exploratiedrang en creatieve eigenzinnigheid.

Naast een verse selectie van nieuw film- en videowerk van lokale en internationale kunstenaars in competitie, biedt het programma ook nu weer een blik op het werk van een aantal 'Artists in Focus'. Dit jaar zijn dat de activistische filmmaker Sylvain George, 16mm filmlyricus Robert Fenz en avant-garde grootheid Robert Beavers, die in Film-Plateau elk een bloemlezing uit eigen werk komen presenteren, alsook een waaier van persoonlijke inspiratiebronnen. Zowel Sylvain George als Robert Fenz zullen ter gelegenheid samenwerken met een jazzlegende, respectievelijk William Parker (31 maart, Vooruit) en Wadada Leo Smith (1 april, Vooruit). Deze unieke live-ontmoetingen van cinematografisch vernuft en eigengereide muzikale improvisatie zullen ongetwijfeld voor vonken zorgen.

Politieke cinema ?
'Film Socialisme' (Jean-Luc Godard), 'After Empire' (Herman Asselberghs), 'Marxism Today' (Phil Collins), 'Qu'ils reposent en révolte (des figures de guerre)' (Sylvain George), 'Meditations on Revolution' (Robert Fenz). De titels van heel wat werken in het programma spreken boekdelen: de strijdlustige bevraging van het dominante politiek-economische bestel uit zich niet enkel in radicaal filosofische en activistische discours, maar ook in artistieke en cinematografische termen. De vraag wat 'politieke cinema' kan betekenen - en wat het betekent om cinema op een politieke manier te maken - is de rode draad die impliciet doorheen het aanbod van Courtisane 2011 loopt. Een uitdaging op maat woelige tijden.

Artists in Focus: Robert Beavers, Robert Fenz & Sylvain George
Drie 'Artists in Focus' presenteren een combinatie van eigen producties en persoonlijke inspiratiebronnen. Sylvain George, een Franse filmmaker met een achtergrond als filosoof en sociaal werker, focust in zijn werk op de politiek-sociale conflicten die zich vandaag afspelen in Frankrijk, en bij uitbreiding Europa. Voor zijn meest recente film, Qu'ils reposent en révolte (des figures de guerre), volgde hij over een periode van drie jaar het wel en wee van vluchtelingen die gestrand zijn in de Franse havenstad Calais. Met zijn treffende portrettering van de 'nouveaux damnés' geeft hij een stem aan zij die niet gehoord worden en maakt hij zichtbaar wat binnen de heersende orde geen grond heeft om gezien te worden. George wijkt daarbij radicaal af van documentaire conventies en gaat halsstarrig op zoek naar een 'juiste' afstemming tussen vorm en inhoud, tussen politieke betekenis en esthetische ruptuur.

Dat laatste is ook kenmerkend voor het werk van Robert Fenz. Deze Amerikaanse cineast, die onder andere zijn strepen verdiende als cameraman van Chantal Akerman, baseert zich op de tradities van de filmische avant-garde om een eigen idioom uit te puren, dat een poëtische beeldtaal koppelt aan een politieke sensibiliteit. In zijn vijfdelige filmreeks Meditations on Revolution exploreert hij het potentieel en de resonantie van het begrip 'revolutie', met vignetten gefilmd in Havana, Rio de Janeiro, Mexico City en New York.

Robert Beavers, de derde 'Artist in Focus', geldt als een van de meest invloedrijke filmmakers uit de Amerikaanse avant-garde - alhoewel hij reeds decennia lang in Europa vertoeft. Zijn nauwgezet vormgegeven films zijn tegelijk lyrisch en rigoureus, sensueel en complex. Uit zijn werk spreekt een uitgekiende fascinatie voor landschap, geschiedenis, architectuur en muziek, maar ook een dieppersoonlijke betrokkenheid. Terwijl zijn films wereldwijd worden vertoond - recent werden retrospectieves georganiseerd in Londen (Tate) en Wenen (Österreichishes Filmmuseum), komen ze in België om onbegrijpelijke redenen zelden of nooit aan bod. Nochtans verbleef Beavers jarenlang in België, waar hij enkele van zijn films maakte. Courtisane wil dit gemis goedmaken.

Performances
'Artists in Focus' Robert Fenz en Sylvain George komen ook aan bod in de performances, die worden georganiseerd in samenwerking met Kunstencentrum Vooruit. Een selectie van het werk van beide filmmakers zal van een live soundtrack worden voorzien. De films van Robert Fenz, gekenmerkt door een uitgesproken muzikaliteit en ritmiek, zullen voor de gelegenheid worden begeleid door Wadada Leo Smith (Vooruit, 1 april), een vermaarde componist en jazzmuzikant die vooral gekend staat voor zijn eigengereide muzikale taal en improvisatietechniek, geworteld in een variëteit van muziekculturen en een onstilbare honger naar experiment en interactie. Beiden werkten al eerder samen, maar zullen voor de eerste keer gezamenlijk het Europese vasteland aandoen. Ook Sylvain George vindt heel wat inspiratie en energie terug in de jazzwereld. Ter gelegenheid van het Courtisane festival zal George's film Qu'ils reposent en révolte (des figures de guerre) voor het eerst live van muzikaal commentaar worden voorzien door jazzgrootheid William Parker (Vooruit, 31 maart), een meesterlijke bassist en improvisator die kan bogen op een imposant curriculum dat intussen veertig jaar overspant.

Tijd en plaats van het gebeuren :

Courtisane 2011
Van woensdag 30 maart t.e.m. zondag 3 april 2011
Op verschillende locaties in Gent


Het volledige programma en alle verdere info vind je op www.courtisane.be

Extra :
Courtisane Festival Performances. Soloimprovisaties met klank en beeld, Joachim Ceulemans op Kwadratuur, 10/03/2011

16:37 Gepost in Concert, Film, Muziek | Permalink |  Facebook

Drie componisten, drie meesterwerken : Hagen Quartett in Bozar

Dmitry Sjostakovitsj Drie van de vier leden van het Hagen Quartett zijn leden van hetzelfde gezin. Dat verklaart misschien de uitzonderlijke gelijkgestemdheid van het ensemble, dat nu al een kwarteeuw tot de beste internationale strijkkwartetten behoort. Op het programma drie verschillende perioden en stijlen: Mozart met een aan Haydn opgedragen strijkkwartet, Sjostakovitsj met zijn beroemde 8ste strijkkwartet (een requiem, opgedragen 'aan de slachtoffers van de oorlog en het fascisme'), en finaal Schubert met zijn laatste. Kortom, drie componisten, drie meesterwerken.

Dmitri Sjostakovitsj's Strijkkwartet Nr. 8 in c mineur (opus 110) werd geschreven in drie dagen : van 12 juli tot 14 juli in 1960. Het stuk kwam tot stand na twee traumatische gebeurtenissen in het leven van Sjostakovitsj geschreven: de diagnose van myelitis en het toetreden tot de Communistische Partij. De retoriek van Sjostakovitsj' Achtste Strijkkwartet - zonder twijfel het meest populaire van de vijftien - kan op tegengestelde manieren worden geïnterpreteerd. Officieel droeg de componist het op aan de "nagedachtenis van de slachtoffers van het fascisme en de oorlog", aldus de versie in de partituur. Hij schreef het na een bezoek aan het door de Tweede Wereldoorlog verwoeste Dresden. Uit één van de vele brieven aan Isaak Glikman - een theatercriticus en historicus uit St.-Petersburg - weten we echter dat het strijkkwartet privaat een andere 'betekenis' had; een 'in memoriam' dat de componist aan zichzelf opdroeg: "Ik moest eraan denken dat na mijn dood wellicht niemand een werk zou componeren ter herinnering aan mij. Daarom besloot ik zo'n werk zelf te schrijven. Op het titelblad zou je kunnen schrijven: 'Ter nagedachtenis aan de componist van dit kwartet'. Hoofdthema van het kwartet vormen de tonen D-Es-C-H, mijn initialen (D. Sch.). (...). De pseudo-tragiek van dit kwartet is zo groot dat bij het componeren mijn tranen zo overvloedig stroomden als urine na een half dozijn glazen bier. Toen ik thuiskwam, probeerde ik het tweemaal te spelen en opnieuw vloeiden tranen. Deze keer echter niet vanwege de pseudo-tragiek, maar uit verbazing over de prachtige eenheid van de vorm."

Sjostakovitsj' sarcasme spreekt uit elke zin. Alles wijst erop dat de componist een onderscheid maakt tussen een politiek correcte omschrijving voor de openbaarheid - de aanklacht van de naziterreur en de daaruit voortvloeiende ravages - en Dmitri Sjostakovitsj ca. 1960 een private betekenis. Dat hij citeert uit eigen werk is makkelijk te verklaren uit de vermelde autobiografische intentie. Toch zijn de diepere gronden voor de specifieke keuzen die hij maakt - zelf heeft hij het over een "allegaartje" - niet zo duidelijk. Waarom laat de componist bijvoorbeeld in het voorlaatste deel de door Lenin geliefde revolutionaire hymne 'Gekweld door bittere gevangenschap' overgaan in het zoete liefdesmotief ('Serjozja, mijn liefste') uit de opera 'Lady Macbeth van Mtsensk' - een werk dat hem eertijds de banvloek van het Stalinistische regime opleverde en dat zowat het grootste drama in zijn carrière veroorzaakte? En wat te denken van het joodse thema uit zijn Tweede Pianotrio dat geciteerd wordt in het frenetieke tweede deel? In officiële termen waren de slachtoffers van het fascisme alleen maar Russen en zeker niet joden. Door de overheid werden joden in de periode 1948-'52 massaal gearresteerd als onderdeel van antisemitische campagnes. Precies in die periode maar ook in de jaren 1959-'63 verwerkte Sjostakovitsj regelmatig joodse elementen in zijn muziek. Als provocatie konden de toespelingen nog nauwelijks werken; daarvoor zijn ze te beknopt en te subtiel. Onder Chroestsjov was er ook een relatieve dooi ingetreden; de tijden waren veranderd. Sjostakovitsj heeft vooral zijn eigen tragedie neergeschreven. In 1960, het jaar waarin dit strijkkwartet ontstond, was hij lid geworden van de Communistische Partij - een vorm van overleven in een maatschappij waarin hij nu eenmaal moest functioneren. In zijn muziek zocht hij bevrijding, een catharsis. Gekweld door een innerlijke tweestrijd knoopte hij aan bij een traditie uit de Russische (kamer)muziek, die van de funeraire instrumentale muziek. Denken we maar aan Rachmaninovs 'Trio élégiaque' ter nagedachtenis van Tsjaikovski of aan Tsjaikovski's eigen 'in memoriam' voor de violist Ferdinand Laub in zijn Derde Strijkkwartet. Een traditie waartoe Sjostakovitsj' Tweede Pianotrio, geschreven ter nagedachtenis van Ivan Sollertinski - een muziekkenner en -criticus aan wie de componist veel te danken had - eerder een bijdrage had geleverd.

Ondanks de vele citaten doet het Achtste Strijkkwartet niet collage-achtig aan. Sjostakovitsj is volledig meester over zijn middelen en levert een partituur af die uitmunt in economie en raakheid. Lethargisch door het overwicht van largo's. Desolaat en knarsetandend.

Programma :

  • Wolfgang Amadeus Mozart, Strijkkwartet, KV 428
  • Dmitry Sjostakovitsj, Strijkkwartet nr. 8, op. 110
  • Franz Schubert, Strijkkwartet nr. 15, op. 161, D 887

Tijd en plaats van het gebeuren :

Hagen Quartett : Mozart, Sjostakovitsj, Schubert
Dinsdag 29 maart 2011 om 20.00 u
(Inleiding door David Baeck om 19.30 u )
Bozar - Henry Le Boeufzaal
Ravensteinstraat 23
1000 Brussel

Meer info : www.bozar.be

Bron : tekst programmaboekje Piet De Volder voor deSingel, december 2007

Extra :
Dmitri Sjostakovitsj op nl.wikipedia.org en youtube
Dmitri Sjostakovitsj (1906 - 1975): Strijd om de geestelijke integriteit, Jan De Kruijff op www.musicalifeiten.nl
Leven en werk van Dmitri Sjostakovitsj (1906-1975)', T.Claerhout op www.liberales.be

Elders op Oorgetuige :
Front Line : reflectie over de gruwelen van de oorlog, 19/09/2008

Beluister alvast het eerste deel uit Dmitry Sjostakovitsj, Strijkkwartet nr. 8, op. 110



deel 2



en deel 3

15:37 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook

Ars Musica plaatst Hongaarse componist Peter Eötvös in de kijker

Peter Eötvös Omdat de Hongaarse componist Peter Eötvös (foto) twee dagen in het Brusselse conservatorium te gast is voor een masterclass, zet Ars Musica twee concerten in het teken van zijn werken. Het programma van Ensemble Linea en Jean-Philippe Wurtz, door de meester zelf voorbereid, is daarvan het eerste. Ze brengen 'Kosmos' voor twee piano's en 'Sonata per sei', zoals de titel zegt een stuk voor zes musici: drie percussionisten en drie pianisten, waarvan er eentje een elektronisch keyboard bespeelt. Ideaal contrapunt voor dat laatste werk is uiteraard de 'Sonate voor twee piano's en percussie' van Eötvös landgenoot en idool Béla Bartók. György Ligeti maakt het driegeslacht compleet met zijn Drie stukken voor twee piano's. Dit concert wordt gegeven ter gelegenheid van de uitgave van de nieuwe CD van Linea "Ensemble Linea plays Eötvös" (ed. BMC Records, uitgegeven in België door Codaex).

Van 'Kosmos', waarmee Peter Eötvös in 1961 als jonge componist doorbrak, krijgen we in Brussel een recente versie voor twee piano's te horen. Peter Eötvös : " 'Kosmos' was een eerste poging om mijn vleugels uit te slaan. Het was een beknopt pianostuk waarin ik mijn fascinatie kwijt kon voor de zeer kernachtige stijl van Anton Webern en voor de elektronische muziek. Die fascinatie voor elektronica, voor het gevoel over grenzeloze muzikale mogelijkheden te beschikken, is altijd gebleven. In 'Kosmos' koppelde ik dat aan de sterrenkunde. Het heelal was immers al even eindeloos en fascinerend. Zo begint mijn stuk met een muzikale oerknal - de bigbangtheorie was toen nog maar pas bekend geworden. Ik trok ook allerlei parallellen met astronomische begrippen. Toen ik 'Kosmos' herwerkte, heb ik een tweede piano toegevoegd. Die speelt ongeveer hetzelfde als de eerste, maar dan in een flexibel tempo, als een onvoorspelbare echo. Het geeft aan het stuk een gevoel van uitdijende ruimte, wat heel mooi werkt." (*)

Peter Eötvös over 'Sonata per sei' : "To celebrate the 125th anniversary of Béla Bartók's birth, I have composed a piano concerto in which I have developed a few of Bartók's ideas and ways of thinking, in particular his fondness for parallel runs in octaves, sixths or other intervals found in his piano concerti.
My piano concerto 'Cap-Ko' for acoustic and digital piano incorporates a piano technology of the future by which a computer automatically creates and adds
intervals in parallel with the notes played by the soloist. Based on this initial piano concerto, I have developed two further versions of the piece.
'Sonata per sei' is written for a chamber music formation of two pianos, a sampler-keyboard and three percussionists. Bartók's "Sonata for two Pianos and Percussion" or "Sur Incises" by Boulez are ideal programme couplings for this piece." (**)

Programma :

  • Peter Eötvös, Kosmos (1961-1999), voor 2 piano's
  • Béla Bartók, Sonate (1926), voor 2 piano's en percussie
  • György Ligeti, Three pieces (1976), voor 2 piano's
  • Peter Eötvös, Sonata per sei (2006), voor 2 piano's, keyboard en 3 percussionisten

Tijd en plaats van het gebeuren :

Ensemble Linea : Eötvös, Bartók, Ligeti
Dinsdag 29 maart 2011 om 20.00 u
Koninklijk Conservatorium Brussel

Regentschapsstraat 30
1000 Brussel

Meer info : www.arsmusica.be en www.ensemble-linea.com

Extra :
Peter Eötvös : www.eotvospeter.com (**), brahms.ircam.fr, en.wikipedia.org en youtube
(*) Componist van de kosmos. Interview met Peter Eötvös, Maarten Beirens in De Standaard, 22/03/2011
György Ligeti : www.schott-musik.de, www.arsmusica.be en youtube
Györgi Ligeti (1923 - 2006): emotioneel scepticus, Jan de Kruijff op www.musicalifeiten.nl, juni 2006

Elders op Oorgetuige :
Ensemble Intercontemporain & Peter Eötvös bijten spits af van Ars Musica Antwerpen, 11/03/2011
Ars Musica werpt blik op de toekomst en focust op Belgische componisten, 24/02/2011

Beluister alvast het eerste deel uit Peter Eötvös' Kosmos



en deel 2



en het eerste deel uit Peter Eötvös' Sonata per sei, uitgevoerd door Ensemble Linea



en deel 2



en het eerste deel uit Béla Bartóks Sonate voor 2 piano's en percussie



en het eerste deel uit György Ligeti's Three pieces voor 2 piano's

13:58 Gepost in Concert, Festival, Muziek | Permalink |  Facebook

Jean-Philippe Collard-Neven brengt eigen werk in wereldpremière in het Brusselse Conservatorium

Jean-Philippe Collard-Neven Jean-Philippe Collard-Neven kunnen we stilaan een vaste gast van Ars Musica noemen. Het hangt allicht samen met zijn universele natuur: pianist, componist, jazzman in het bijzonder en improvisator in het algemeen. Collard-Neven brengt in dit recital een eigen werk in wereldpremière. Verder zijn er stukken van componisten aan wie hij enkele jaren geleden ook al een deel van zijn recital voor Ars Musica wijdde: Alexander Skrjabin (vierde klaviersonate) en Jean-Luc Fafchamps. Na tijdens de Elisabethwedstrijd 24 keer diens 'Back to the Sound' te hebben horen passeren, krijgen we nu ook de twee zusjes van dit prachtwerk te horen: 'Back to the Pulse' en 'Back to the Voice'.

Jean-Philippe Collard-Neven (1975) is gepassioneerd door alle muziek van deze tijd en heeft zich een persoonlijke stijl verworven doorheen het contact met verschillende muziekvormen: het klassieke en het hedendaagse repertorium, jazz, improvisatie, het Franse chanson, elektronische muziek, ook doorheen ontmoeting met theater, dans en stomme film. Het uitvoeren van deze erg verschillende genres en de voortdurende confrontatie ermee hebben zich stilaan versmolten tot een visie op muziek die van dit alles loskomt. Jean-Philippe Collard-Neven laat ons onverwachte verwantschappen horen, doorgangen die een verbinding tot stand brengen tussen alle soorten muziek in de loop der tijden, die klankwerelden overbruggen zonder zich te bekommeren om grenzen of vastgelegde categorieën. Hij werkt zeer graag nauw samen met componisten en houdt ervan om deel te nemen aan het tot stand komen van werken die voor hem geschreven zijn. Jean-Philippe Collard-Neven is professor kamermuziek en improvisatie aan het Koninklijk Conservatorium van Mons. Hij geeft ook les aan de Académie d'été van Libramont.

Programma :

  • Jean-Philippe Collard-Neven, Rather the flight of a bird (Wereldpremière - opdrachty Ars Musica)
  • Alexander Skrjabin, Sonate No. 4 (1903) voor piano
  • Jean-Luc Fafchamps, Back to the sound (2010), Back to the pulse (2008), Back to the voice (1998)

Tijd en plaats van het gebeuren :

Jean-Philippe Collard-Neven : Collard-Neven, Fafchamps, Skrjabin
Dinsdag 29 maart 2011 om 12.30 u
Koninklijk Conservatorium Brussel

Regentschapsstraat 30
1000 Brussel

Meer info : www.arsmusica.be en www.kcb.be

Extra :
Jean-Philippe Collard-Neven : www.collardneven.com en youtube
Jean-Luc Fafchamps op www.compositeurs.be, www.arsmusica.be en youtube

Elders op Oorgetuige :
Spectra trekt naar het Ministerie van de Franse Gemeenschap met werk van Fafchamps, Brewaeys en Kurtág, 20/03/2011
Ars Musica werpt blik op de toekomst en focust op Belgische componisten, 24/02/2011
Jean-Philippe Collard-Neven brengt Fafchamps, Mantovani, Fiorini, Messiaen en Scriabin, 15/03/2007

Beluister alvast Alexander Skrjabins 'Sonate No. 4', uitgevoerd door Marc-André Hamelin

Noriko Kawai brengt nieuw werk van James Dillon en Saed Haddad in het Brusselse Conservatorium

Noriko Kawai Autodidact James Dillon schopte het van doedelzakspeler en rockgitarist tot vooraanstaand lesgever in Darmstadt, het Mekka van de muzikale avant-garde, en geliefde klassieke componist. Zijn pianostukken 'Charm' en 'Dragonfly', nochtans pas van 2009, werden zelfs op de Proms in Londen gespeeld. Beide krijgen hier hun Belgische première van Noriko Kawai (foto), in het echte leven Dillons partner. De dame brengt nog meer nieuwerwets werk: 'Litanie du Cristal des Fleurs' voor piano linkshandig van onze eigenste Henri Pousseur, en de 'Etudes mystérieuses' van de Jordaanse componist Saed Haddad, die Kawai hier voor het eerst integraal in ons land brengt. Verder is er ook nog Bach: de Franse suite in G. En als 'voorprogramma' brengen Dorothée Pétain, Sureya Abdou, Mikaële Rondot-Bexon en Fabien Bogaert Doina Rotaru's 'Jeu de miroirs' voor fluitkwartet.

Beginnen doet Noriko Kawai met twee miniaturen: 'Charm' en 'Dragonfly' (2009) van de Schotse componist James Dillon. Kawai lijkt wel een specialist te zijn in zijn werk. Ze heeft opnames gemaakt van The Book of Elements (Volumes I-V), Traumwerk Book 3, black/nebulae, en the soadie waste, dit allemaal in de laatste jaren. James Dillon is een van de frisse en belangrijke Britse componisten van vandaag. Een beetje auto-didact begon hij in de jaren zestig in de pop muziek om dra over te gaan naar het ernstige werk: rhythm and blues. Zijn werk is zoals het meeste werk der groten wars van het sluiten van compromissen. Dat betekent helemaal niet dat het werk onzacht is. Wat we vandaag horen kan daarvan getuigen: twee zachte beschouwende pianostukjes dienen als introductie op het concert. Charm heeft op zijn minst 3 linguistische betekenissen en bestaat uit een beetje impressionistisch getoets à la Debussy en Tippett, terwijl Dragonfly eerder alludeert op het onstaan ener betoverende regenboog.

Deze twee korte 'moments musicaux' worden gevolgd door 'Litanie du Cristal des Fleurs' van de hand van de pionier van de Belgische muziek Henri Pousseur. Een van de minder bekende feiten over deze componist is dat hij twee werken voor de linkerhand heeft gecomponeerd: 'Litanie du Cristal des Fleurs' (1984) en 'Tango de Jeanne-la-Sibylle' (2002). Zou daar een invloed van de even charismatische Ravel te bespeuren zijn?

Of je dat nu wenst of niet, maar Noriko neemt geen blad voor de mond in het terugspringen in de tijd. J.S. Bach lijkt wel een vaste waarde te zijn in Ars Musica 2011. Wie weet omdat hij ook ooit hedendaags componist was? De Franse Suite in Sol Groot is een van de zes suites die geschreven zijn voor klavier in de jaren twintig - van de achtiende eeuw weliswaar. De titel 'Franse Suite' lijkt te alluderen op een stijl. De naam werd gegeven nadat alle suites af waren. Eigenlijk vormen alle suites eerder het Italiaanse patroon, tot spijt van wie het benijdt. Eerder te zien als een contrasterend commentaar op zijn eerdere Engelse Suites.

Om het concert te eindigen zal Noriko Kawai de eerste maal in België de zeven études voor solo piano, 'Études mystérieuses', van de Jordaanse componist Saed Haddad vertolken. Zijn muziek is geworteld in zijn dubbel zijn: enerzijds voortkomend uit de arabische cultuur, maar componeren in een Westers idioom. Dit 'anders zijn' is de ruggegraat van zijn composities, zijn muziek probeert te ontsnappen aan definities wanneer die gedefinieerd worden. Hij gelooft dat muziek met een evenwicht oefening tussen fysiek (schoonheid, magie, energie, spanning en virtuositeit) en metafysiek (existentialisme, transcendentalisme en intellectualisme) gediend is. Westerse en Arabische tradities worden niet alleen samengesmolten maar ook naast elkaar gelegd. Het is de intense expressie van een componist die aan beide werelden toehoort die ons opwacht.

Programma :

  • James Dillon, Charm / Dragonfly (Belgische première)(2009)
  • Henri Pousseur, Litanie du Cristal des Fleurs for left-hand piano (1984)
  • Johann Sebastian Bach, French Suite in G major
  • Saed Haddad, Etudes mystérieuses (Belgische première)(2007)

Tijd en plaats van het gebeuren :

Noriko Kawai : Dillon, Pousseur, Bach, Haddad
Maandag 28 maart 2011 om 12.30 u
Koninklijk Conservatorium Brussel

Regentschapsstraat 30
1000 Brussel

Meer info : www.arsmusica.be en www.kcb.be

Extra :
James Dillon op www.arsmusica.be, www.composers21.com, www.edition-peters.com en youtube
Henri Pousseur : www.henripousseur.net, www.arsmusica.be en youtube
Saed Haddad : www.saedhaddad.com, www.composers21.com en www.schott-music.com
Doina Rotaru op www.composers21.com e, www.myspace.com/doinarotaru en youtube

Elders op Oorgetuige :
Ars Musica werpt blik op de toekomst en focust op Belgische componisten, 24/02/2011

10:22 Gepost in Concert, Festival, Muziek | Permalink |  Facebook

26/03/2011

Nicolas Deletaille & Boyan Vodenitcharov in Flagey

Boyan Vodenitcharov Een instrument dat in het Frans "guitare d'amour" heet, dat vinden ze bij Ars Musica een reden om er een concert aan te wijden. In het Nederlands is het als 'arpeggione' bekend en dat alleen maar omdat Schubert er een beroemde sonate voor schreef - die bijna uitsluitend op cello wordt gespeeld. De arpeggione ziet eruit als een gitaar, maar wordt bespeeld zoals een cello. Het brak nooit door als courant instrument, vandaar deze bijdrage: "D’après un rêve" van Jean-Michel Gillard en "Dépli et Configuration de l'Ombre" van Henri Pousseur voor arpeggione solo. Nicolas Deletaille speelt ten dans, bijgestaan door pianist Boyan Vodenitcharov (foto). Van die laatste krijg je enkele improvisaties en "Praeludium I" voor cello en piano te horen.

Boyan Vodenitcharov (1960) behaalde nog voor hij in 1979 aan het Conservatorium van Sofia ging studeren de 2de Prijs van de internationale wedstrijd van Senigallia. Vervolgens werd hij 3de laureaat van de Busoniwedstrijd (1981) en de Koningin Elisabethwedstrijd (1983). Eind de jaren tachtig vervolmaakte hij zich bij Leon Fleisher aan het Peabody Conservatory in Baltimore. Sindsdien is Boyan Vodenitcharov zowel in Europa, de Verenigde Staten als in Canada en Japan een gewaardeerd pianist. Al 20 jaar lang is hij geboeid door oude instrumenten, waarmee hij meerdere cd's opnam. Momenteel is hij leraar piano, pianoforte en improvisatie aan het Koninklijk Conservatorium van Brussel.

Henri Pousseur (1929-2009) is één van de sleutelfiguren in de Belgische en internationale elektronische muziekscène. In 1958 richtte hij de eerste elektronische studio in het land op. In zijn studententijd was Henri Pousseur organist en koorleider en voerde hij middeleeuwse en renaissancemuziek uit. Studie van Anton Weberns muziek wekte zijn belangstelling voor de elektronische muziek (Seismogrammes, 1953), waarin hij zich in de studio voor elektronische muziek in Keulen ging bekwamen. Ook werkte hij in de studio voor elektronische muziek in Milaan. In 1958 richtte hij in Brussel de elektronische studio APELAC op.

Pousseur, die ook doceerde in Darmstadt, bekleedde van 1966 tot 1968 een leerstoel voor moderne muziek aan de universiteit van Buffalo in de Verenigde Staten. In 1970 richtte hij te Luik met Pierre Bartholomée en Philippe Boesmans het Centre Henri Pousseur - voormalig Centre de Recherches et de Formation Musicales de Wallonie - op en in 1975 werd hij directeur van het conservatorium van deze stad. Hij componeerde aanvankelijk voor traditionele instrumenten, maar later legde hij zich toe op elektronische en concrete muziek. Daarnaast schreef hij ook een reeks belangrijke theoretische geschriften over de hedendaagse muziektechnieken.

Programa :

  • Jean-Michel Gillard, D'après un rêve (2010), voor arpeggione solo
  • Boyan Vodenitcharov, improvisations
  • Boyan Vodenitcharov, Preludium 1 (1991), voor cello en piano
  • Henri Pousseur, Dépli et Configuration de l'Ombre (2007), voor arpeggione solo

Tijd en plaats van het gebeuren :

Nicolas Deletaille & Boyan Vodenitcharov
Zondag 27 maart 2011 om 20.15 u
Flagey
- Studio 1
H.-Kruisplein
1050 Elsene (Brussel)

Meer info : www.arsmusica.be, www.flagey.be en www.nicolasdeletaille.com

Extra :
Boyan Vodenitcharov op youtube
Jean-Michel Gillard op www.cebedem.be
Henri Pousseur : www.henripousseur.net, www.arsmusica.be en youtube

Beluister alvast Boyan Vodenitcharovs Preludium 1, uitgevoerd door Nicolas Deletaille & Boyan Vodenitcharov



en een fragment uit Henri Pousseurs "Dépli et Configuration de l'Ombre" door Nicolas Deletaille

00:36 Gepost in Concert, Festival, Muziek | Permalink |  Facebook