12/03/2013

Sturm und Klang brengt vijfvoudig portretconcert in Espace Senghor

Sturm und Klang De concertprogramma's van Sturm und Klang zijn toegespitst op het repertoire van de 20ste en de 21ste eeuw, hebben aandacht voor originele, veeleisende projecten en baden in een sfeer van avontuur, dialoog en nieuwe luisterervaringen. Het ensemble biedt actief steun aan Belgische componisten, in het bijzonder die van de jongste generatie. In 2011 en 2012 organiseerde het Ensemble Sturm und Klang in samenwerking met Le Forum des compositeurs twee workshops voor jonge componisten, onder de welwillende artistieke supervisie van Victor Kissine en Claude Ledoux.

Tijdens die workshops werd van vijf componisten werk voor dubbel (strijk- en blaas) kwintet en percussie gecreëerd. Dinsdag staan diezelfde artiesten centraal in het concert van Ars Musica. Je wordt vergast op een contrastrijk, vijfvoudig portret: Grégory d’Hoop, Gilles Doneux, Christophe Guiraud, Adrien Tsilogiannis en Sarah Wéry.

Sarah Wéry over 'A furious Mouth Dances' : "A furious Mouth Dances is ontstaan uit de fascinatie die ik voelde toen ik Willis Earl Beal zag zingen. Het stuk vertrekt van een radicaal uitgangspunt: repetitieve cellen, ritmische structuren, fragmentering van het geheel, transparante opbouw... Al die elementen doen het conceptuele karakter van de reeks vergeten, en leggen de klem - toon op energie en dynamiek."

Adrien Tsilogiannis over 'Filante, attirante... de l’inaccompli' : "Dit werk heb ik geschreven in opdracht van het Ensemble Sturm und Klang in het kader van de tweede editie van het project Jeunes Compositeurs, met de steun van het Forum des Compositeurs en de Sbam (Société belge d’Analyse Musicale). Korte tijd voor de totstandkoming van de compositie was ik verdiept in de boeken van Serge Venturini (°1955, Parijs), een Franse filosoof en dichter. Aangezien ik altijd uit ben op ongewone ontdekkingen, liet ik me meeslepen door het universum, de gevoelswereld en de strijd van de schrijver. Die passionele lectuur ontstak in mij de vlam voor een nieuwe compositie.
Ik voelde me bijzonder aangesproken door Venturini’s Éclats d’une poétique de l’inaccompli (2012), boek V (opgedragen aan René Char). Dat boek ademt een grote poëtische, filosofische en zelfs profetische kracht die mijn muzikale verbeelding heeft gevoed. Zonder descriptief te werk te gaan, heb ik een transparante, magische relatie willen scheppen - de ene keer almachtig, de andere keer uiterst broos - tussen mijn geest en het ‘spook’ van de auteur.
Op basis van spectrale harmonische modellen heb ik een spoor getrokken, een par - cours uitgestippeld, dat in al zijn onvoltooidheid zowel ont- als verhullend blijkt. Het uitwerken van de klanktextuur gebeurt afwisselend op grove en op verfijnde manier, terwijl er elementen geboren worden die een teken zijn van overgang, verandering, en van variatie in gebaar, energie, compactheid en vluchtigheid."

Grégory d’Hoop over 'Opus super missa' : "Voor Opus super missa ben ik uitgegaan van het Pleni sunt , het Benedictus en het tweede Agnus van de Missa L’homme armé super voces musicales (1502) van Josquin des Prez. Volgens de traditie omvatten deze gezangen geen tenorpartij: ze vormen een rustpunt in een mis die qua opbouw en dynamiek niet weinig ambitieus is. Toch getuigen deze passages van een erg gesofisticeerde schriftuur. Ze spelen met verschillende tijdsverhoudingen in de muziek. In het geval van het Agnus wordt één stem in twee andere parallelle stemmen gekopieerd, waarbij de eerste superpositie tweemaal sneller, en de tweede superpositie driemaal sneller dan het origineel wordt uitgevoerd.
Dergelijke compositiespelletjes lijken op het eerste gezicht zeer technisch maar voor de componisten uit de Renaissance drukten ze een wereldvisie uit: de esthetische kwaliteit van de muziek was ondergeschikt aan de tijdsverhoudingen, aangezien die uitdrukking gaven aan het bestaan van God. Die denkwijze is vandaag nog moeilijk te volgen, denk ik. Dat neemt niet weg dat de polyfone schriftuur de afgelopen vijftig jaar voor een aantal componisten een krachtige inspiratiebron was. Ook ik heb me ondergedompeld in dit universum en heb mijn creativiteit gestimuleerd door de realiteit van mijn wereld te laten botsen met mijn perceptie van de wereld van Josquin. Ik heb de idee van ritmische verhoudingen gerecycleerd maar er een harmonische invulling aan gegeven die met de schriftuur van Josquin niets meer te maken heeft.
Eén stem wordt in zes stemmen ontdubbeld, namelijk in zes verschillende snelheden en in zes microtonale modi die worden bekomen door de deling van de reine kwint in gelijke delen. Die nieuwe modi resulteren niet alleen in een verrassende harmonische kleur maar dragen ook bij tot de strikte muzikale eenvormigheid die ik voor ogen had."

Gilles Doneux over 'Breaking News' : " Hoe kunnen we vermijden te verdrinken in de dikke, gestage informatiestroom waarin we dag in dag uit worden ondergedompeld? Dat is de vraag waarop de componist zich baseert voor zijn compositie.
De instrumenten spelen om beurten en scheppen een compacte, complexe klank - massa. Stilaan gaan enkele elementen hun eigen weg en trekken de aandacht. Zodra de klemtoon op die ‘klankobjecten’ komt te liggen, worden ze ontleed en met elkaar gecombineerd om een helder gegeven te creëren. Maar dat gegeven brokkelt na een tijdje af en raakt vervormd, als loopt het onverbiddelijk zijn eigen ondergang tegemoet."

Christophe Guiraud over 'Abel' : "Abel is het eerste hoofdstuk van het dubbel gecomponeerde kwintet vers la Syrie. De creatie vond plaats in 2012 naar aanleiding van een workshop van het ensemble Sturm und Klang en in bijzijn van de componist Claude Ledoux. Het werk is volledig in scordatura gecomponeerd en bezorgt de luisteraar een zowel haptische als visuele ervaring. De klanktextuur is als een kabelnetwerk waaruit woorden opduiken en zichzelf deleten, gaande van saturatie (verstikking, koorts) tot amper waar te nemen klanken.
Die contrasten geven het geheel een tegelijk organisch als koortsig karakter: geen frontaal maar wel verraderlijk geweld, het ogenblik na de ontploffing, wanneer de blik zich tracht te oriënteren tussen de natrillende brokstukken. Doorheen het uiteengerafelde weefsel ontwaart men eenzame lichtflitsen, hete lichtkringen: die van een lied dat soms gesmoord klinkt maar waarvan de stem aanwezig blijft."

Programma :

  • Sarah Wéry, A furious Mouth Dances (2012)
  • Adrien Tsilogiannis, Filante, attirante... de l’inaccompli (2012)
  • Grégory d’Hoop, Opus super missa (2012)
  • Gilles Doneux, Breaking News (2012)
  • Christophe Guiraud, Abel (2012)

Tijd en plaats van het gebeuren :

Ensemble Sturm und Klang : Grégory d'Hoop, Gilles Doneux, Christophe Guiraud, Adrien Tsilogiannis, Sarah Wéry
Dinsdag 12 maart 2013 om 20.30 u
Espace Senghor - Etterbeek

Waversesteenweg 366
1040 Etterbeek

Meer info : www.arsmusica.be en www.senghor.be

Extra :
Sarah Wéry op www.memm.be
Adrien Tsilogiannis : www.adrientsilogiannis.com
Grégory d'Hoop op youtube
Gilles Doneux op www.memm.be en youtube
Christophe Guiraud op www.babelscores.com, youtube en soundcloud.com

Elders op Oorgetuige :
50 vingers voor 50 jaar : memorabel verjaardagsconcert Musiques Nouvelles in Flagey, 7/03/2013
Play Time : Ars Musica en de speeltuin van de hedendaagse muziek, 4/03/2013

00:05 Gepost in Concert, Festival, Muziek | Permalink |  Facebook

08/03/2013

Arachnaratata : nieuwe muziekvoorstelling voor kinderen en volwassenen met Zwerm en beeldend kunstenaar Joachim Devillé

Arachnaratata Tijdens het kinderkunstenfestival Storm op Komst in Turnhout stellen vier belangrijke buitenlandse wetenschappers hun ingenieuze machine voor aan het publiek: de Arachnaratata.  Hun uitvinding  is een ingewikkeld kluwen van kabeltjes, zoals alleen een gekke maar heel slimme spin zou kunnen bedenken.

De gitaristen van Zwerm bouwden een instrument met meer dan honderd effectpedalen - maar geen gitaren! In deze wirwar worden de beelden van video-artiest Joachim Devillé omgezet in muziek. De hele vloer ligt bezaaid met draden en bakjes, maar wat als de machine haar eigen zin wil doen?

In 2012 won Zwerm de Klara-prijs voor ‘jonge belofte’. Uit het juryrapport: "Radicaal experimenteel elektrisch gitaarkwartet met een open mind. Niche, experimenteel en eigenzinnig. Gitaarkwartet dat uitblinkt in performancekwaliteit en programmasamenstelling. Blijven verrassen. Straffe muzikanten die te weinig in de spotlights staan."

Wie Arachnaratata bezoekt kan gratis LAbO#4 ontdekken. Een week lang laten studenten dans, muziek en beeldende kunst zich onderdompelen in hedendaagse muziek en actuele klankkunst. Uit die ontmoetingen ontstaan kleine projecten. ChampdAction, productiehuis voor nieuwe muziek, zorgt voor coaches van wereldniveau. Storm op Komst geeft voor de eerste maal een groep jonge makers uit LAbO de kans om een creatie voor te stellen aan kinderen. Uit talloze projecten kozen ze uiteindelijk There's more behind your eye van Seppe Dyck en Olympe Tits. Een muzikant, een danseres, drie tv's en een uitnodigende doos...

Tijd en plaats van het gebeuren :

Zwerm : Arachnaratata
Zondag 10 maar 2013 om 11.30 u, 13.00 u, 15.00 u en 17.00 u

------------------------
LAbO#4 : Space to breathe
Zondag 10 maar 2013 om 14.00 u en om 16.00 u
De Warande - Turnhout

Warandestraat 42
2300 Turnhout

Meer info : www.stormopkomst.be, www.zwerm.be en www.champdaction.be

Elders op Oorgetuige :
Multidisciplinair experiment tijdens slotparcours LAbO#4, 23/02/2013

Bekijk alvast dit repetietiefilmpje van Arachnarata

23:40 Gepost in Concert, Festival, Muziek | Permalink |  Facebook

Arsmusicalacademie : Brusselse academies aan het werk in Flagey

Arsmusicalacademie De jonge generatie is nieuwsgierig naar én heel enthousiast over de hedendaagse muziekvormen. Dat laten ze je graag horen. Het bewijs: het evenement Arsmusicalacademie op 10 maart in Flagey, dat het kunnen van de Brusselse academies toont.

De dynamische manier waarop de Brusselse academies met hedendaagse muziek omgaan, verdient onze aandacht, niet in het minst omdat Ars Musica de kans krijgt samen te werken met de Association des Directeurs d’Académies francophones de la Région de Bruxelles. Zonder die uiterst dynamische vereniging zou het project Arsmusicalacademie gewoonweg niet mogelijk zijn.

Leerlingen van alle leeftijden en enthousiaste leerkrachten zetten zich in om een groots evenement in Flagey te spijzen met de meest diverse composities. Met vuur verdedigen ze een programma dat een tiental creaties omvat - wat erop wijst dat de componisten evenmin verstek geven.

Met werken van Ney Rosauro, Michel Lysight, Arnould Massart, Jean-Marie Rens, Gregory D’hoop, Frédéric Devreese, Ivan Bellocq, Janos Vajda, Kristof Penderecki, Gérard Noack, Pierre Coulon, Philippe Leblanc, Jacqueline Fontyn, Georges Velev, Stéphane Orlando, André Ristic, Pierre Kolp, György Kurtag, Alfred Schnittke, Ilja Hurnik, Sofia Gubaïdulina, György Ligeti, Arvo Pärt, Helmut Lachenmann, Georges Aperghis, Jean-Luc Fafchamps, Henri Pousseur en Claude Ledoux.

Tijd en plaats van het gebeuren :

Arsmusicalacademie
Zondag 10 maart 2013 vanaf 12.00 u
Flagey - Brussel

H.-Kruisplein
1050 Elsene (Brussel)
Gratis toegang

Meer info : www.arsmusica.be en www.flagey.be

Elders op Oorgetuige :
Play Time : Ars Musica en de speeltuin van de hedendaagse muziek, 4/03/2013

23:08 Gepost in Concert, Festival, Muziek | Permalink |  Facebook

07/03/2013

Studium Chorale creëert nieuwe passie van Vic Nees in Antwerpen en Tielen

Vic Nees Met twee concerten in Vlaanderen brengt Studium Chorale o.l.v. Hans Leenders in een a capella-programma een nieuwe passie van de nestor van de Vlaamse koormuziek Vic Nees (foto) in première. Nees grijpt in deze passie, die hij speciaal voor ons geschreven heeft, terug op een voorbeeld van de renaissancecomponist Jacobus Gallus.

Vic Nees schreef een passie voor Studium Chorale uit Maastricht waarin hij vertrekt van Ecce quomodo moritur, het bekende motet van Jacobus Gallus.De tekst is verder een ingekorte versie van het lijdensverhaal van Christus; De titel verwijst naar het kraaien van de haan bij de verloochening van Petrus.Vandaar galli cantus.Naast de creatie van deze passie brengt het koor ook een passie van Jacobus Gallus op dezelfde tekst.

De titel 'Passio super Galli Cantu' verwijst naar drie elementen. De proloog en de epiloog citeren letterlijk het begin en het slot van het bekendste motet van Jacobus Gallus, Ecce quomodo moritur, zodat die delen ook werkelijk gebaseerd zijn op een muziekfragment van deze componist. Vervolgens is de tekst van de passie dezelfde als die van de drie passies van Gallus: een sterk ingekorte tekst waarin slechts de hoofdmomenten uit het lijdensverhaal aan bod komen.

Daar hoort de verloochening van Petrus niet bij. Dat fragment van Mattheüs vormt evenwel de tekst van de proloog en de epiloog. Hierdoor verwijst de titel tevens naar galli cantus, het kraaien van de haan.
Er staan slechts de meest noodzakelijke aanwijzingen op de partituur. Zij vormen het kader waarin de respectieve fragmenten kunnen uitgevoerd worden. De belangrijkste interpretatieve aanwijzingen schuilen echter in de passietekst zelf. Wie die tekst begrijpt, weet hoe hij die organisch door de muziek moet laten doorklinken. Het gaat inderdaad op de eerste plaats om een religieus werk.

Studium Chorale is vanaf 2005 actief als professioneel kamerkoor. De producties worden geleid door artistiek leider Hans Leenders of door gespecialiseerde gastdirigenten. Het koor werd in 1972 opgericht en heeft zich de laatste jaren ontwikkeld tot een van de toonaangevende kamerkoren in Nederland.

De bezetting van Studium Chorale varieert van acht tot veertig zangers al naar gelang de eisen die de muziek stelt. De zangers zijn afkomstig uit Nederland, Vlaanderen en Duitsland. Het zeer brede repertoire omvat vijf eeuwen koorcultuur, van polyfonie uit de Renaissance tot de nieuwste opdrachtwerken. Studium Chorale is regelmatig te gast in binnen- en buitenland en verzorgde meerdere radio- en televisieregistraties.

Tijd en plaats van het gebeuren :

Studium Chorale : Jacobus Gallus, Vic Nees
Zondag 10 maart 2013 om 11.00 u
Kapel Elzenveld - Antwerpen
Lange Gasthuisstraat
2000 Antwerpen

Meer info : www.koorlink.be en studiumchorale.nl
-------------------------
Zondag 10 maart 2013 om 16.00 u
Sinte-Margaritakerk Tielen
Dorp
2460 Tielen

Meer info : www.koorlink.be en studiumchorale.nl

Extra :
Vic Nees op www.matrix-new-music.be, www.muziekcentrum.be en youtube

Elders op Oorgetuige :
Vic Nees spreekt over eigen werk in het Conservatorium Gent, 4/04/2011

23:37 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook

50 vingers voor 50 jaar : memorabel verjaardagsconcert Musiques Nouvelles in Flagey

Timur Sergeyenia Het ensemble Musiques Nouvelles heeft in de loop van zijn 50-jarige bestaan vijf verschillende dirigenten gehad: Pierre Bartholomée (1964-1976), Georges-Elie Octors (1976-1988), Jean-Pierre Peuvion (1989-1993), Patrick Davin (1993-1997) en Jean- Paul Dessy (sinds 1997). Alle vijf wonen ze deze memorabele avond bij, ieder van hen zal een symbolisch werk naar keuze dirigeren.

Pierre Bartholomée kiest voor 'Pentacle' (2004), werk voor hoorn, trompet, trombone, viool, altviool, cello, cimbaal en piano. Pierre Bartholomée : " PENTACLE omdat het stuk is opgedeeld in vijf luiken. Vijf sterk contrasterende bewegingen, die weliswaar alle vijf zijn ontstaan uit een bewust beperkte grondstof: de melodieën en harmonieën zijn afgeleid van elementen die aan bod komen vanaf het begin van de eerste beweging - de meest ontwikkelde (met de vorm van een redelijk vrije sonate). De tweede en vierde beweging, heel kort en onderling sterk verschillend, zijn traag en eerder melodieus, de vierde zet beweging tegenover stilstand, ritmische opwinding tegenover harmonische passiviteit. De vijfde beweging lijkt wel een parodie op een rondo. Ze is 12 levendig, losbandig en draait, koppig als ze is, rond een paar figuren die onophoudelijk herhaald worden. De keuze van de instrumenten is gewaagd: de relatie tussen drie koperblazers en vier snaarinstrumenten, met de piano als een soort van bemiddelaar, kan tot onverwachtse klankcombinaties leiden. Een van de doelstellingen was om de acht timbres om beurten compact of eerder losjes naar een klankomgeving te projecteren en de instrumenten, hun bijzondere karakter en hun uitdrukkingskracht in ongewone situaties te benutten om beweeglijke en ongewone texturen te vormen."

Georges-Elie Octors dirigeert een werk van Bernard Foccroulle (2012) in wereldpremière. De componist Bernard Foccroulle heeft een hechte band met Georges-Elie Octors, die vandaag de muzikale leiding over het Ictus Ensemble heeft. Hun vriendschap dateert van de oprichting van het synthesizerkwartet Daleth, dat een kort maar intens bestaan kende binnen de geschiedenis van Musiques Nouvelles. Tegenwoordig is Bernard Foccroulle artistiek directeur van het Festival d'Aix, waar hij zich in de interculturele dialoog verdiept. Hij benadrukt het belang om de improvisatie en de mondelinge overbrenging een nieuwe plaats in de muziekschriftuur te geven. De opdracht van Musiques Nouvelles voor 10 maart in Flagey is voor hem een bijkomende gelegenheid om die oraliteit te bestuderen. Op het programma staan dan melodieën op teksten van de Napolitaanse schrijver Erri de Luca.

Jean-Pierre Peuvion dirigeert 'Icare apprenti' van Henri Pousseur, 'open vorm' voor fluit, klarinet, trombone, gitaar, piano, accordeon, percussie en cello (1968). Jean-Pierre Peuvion : "Dit werk is een perfecte samenvatting en illustratie van de drie hoofdlijnen die Michel Butor uit de muziek van Henri Pousseur afleidt: het is de meest historische, de meest politieke en de meest pedagogische muziek. Het is de meest historische muziek, maar dan op een bijzondere manier: eerder dan de geschiedenis verder te zetten of ze "door te snijden" (zoals in de eerste werken van de jaren 1950), verzoent deze muziek ze door een dialoog tussen de knopen van het historische weefsel. Waarschijnlijk is het inderdaad één van de meest politieke vormen van muziek: de componist biedt gegarandeerd iets harmonisch (muzikaal) en harmonieus (sociaal). Dankzij een heel efficiënt improvisatiesysteem worden de vertolkers meegesleept in een uitgelaten ervaring waar - en dit is primordiaal - alle afwijkingen mogelijk zijn en alle verleiding tot onderdrukking voorvoeld en aan de wortel wordt aangepakt. Het is ook de meest pedagogische muziek, want dit werk is "open", ook in de zin dat ze plaats biedt aan alle muziekstijlen en aan alle musici, beginners of virtuozen... De idee is om alle technische elementen trapsgewijs over alle treden van het luisteren en de echo te laten vloeien. Deze muziek zal door haar aard nooit een datum dragen noch een "beschaafd", afgewerkt product zijn. Het is bevrijdende muziek, die altijd iets heeft van een collectieve, creatieve emancipatie in volle wording!"

Patrick Davin dirigeert een werk van Adrien Tsilogiannis (wereldpremière). Adrien Tsilogiannis werd in 1962 geboren in Elsene. In 2000 begon hij zijn studie aan het Koninklijk Conservatorium Brussel. Hij haalde er meerdere eerste prijzen, een hoger diploma, een licentiaatsdiploma, een master en een aggregaat, o.a. in cello (klas van Marie Hallynck), kamermuziek, compositie en orkestratie (klas van Daniel Capelletti). Momenteel perfectioneert hij zich met Peter Swinnen, leraar compositie en directeur van het Koninklijk Conservatorium Brussel. Adrien is laureaat van het forum voor jonge componisten TACTUS 2011 en laureaat 2012 van de Stichting SPES. De laatste tijd waagt hij zich veel aan de oneindige uitdrukkingsvormen van de klanktextuur, het timbre of het gebaar, wat hem in de armen van meesters zoals Scelsi, Berio, Skalkottas, Xenakis en Saariaho drijft. Zijn jongste werken buigen zich over een filosofische vraag (het oneindig kleine: Yoctodôme, 2010), verkennen de ontdekkingen van de biochemische microkosmossen (Apoptosis, 2011) of dragen een literaire invloed. De jongste van die invloeden beroept zich op de dichter en denker Serge Venturini (geboren in 1955). Zijn overvloedige inspiratiebronnen voeden zijn klankfantasieën en zijn esthetische evolutie zonder programmatisch objectief, maar eerder met een "dramatische" intentie.

Jean-Paul Dessy dirigeert een werk van de Baskische componist Ramon Lazkano (Belgische première) voor stem (Carola Schlütter), basklarinet, accordeon, gitaar, piano, percussie, viool en cello. Ramon Lazkano werd in San Sebastian geboren. Hij volgde een dubbele muziekopleiding in het Baskenland en in Parijs, waar hij afwisselend verblijft. Een belangrijk deel van zijn oeuvre, dat op het werk van de beeldhouwer Jorge Oteiza geïnspireerd is, maakt deel uit van Le laboratoire des craies, waarvan Musiques Nouvelles in maart 2012 de vier bewegingen van Egan opnam, "L'envol". De CD komt in 2013 uit bij Chant du Monde/Harmonia Mundi, samen met de Belgische première van zijn jongste stuk, dat die avond wordt gespeeld. Hoewel de titel nog niet werd bekendgemaakt, weten we al dat het werk gebaseerd is op een gedicht van Edmond Jabès: Main douce à la blessure même, in Le sang ne lave pas le sang, fragment uit de passage Le Sable, verschenen in de bundel La mémoire et la main (1974- 1989). In december stellen het Smash Ensemble en Carola Schlütter (stem) het werk in wereldpremière voor in Salamanca.

Programma :

  • Pierre Bartholomée, Pentacle (2004)
  • Bernard Foccroulle, Due, Cinq pièces sur des poèmes de Erri De Luca (2013) (wereldcreatie)
  • Henri Pousseur, Icare Apprenti (1970)
  • Ramon Lazkano, Main douce à la blessure même (Belgische creatie)
  • Adrien Tsilogiannis, Transfulgurés, Opus 18 (2012) (wereldcreatie)

Tijd en plaats van het gebeuren :

Musiques Nouvelles : 50 vingers voor 50 jaar
Zondag 10 maart 2013 om 20.15 u
(inleiding om 19.30 u )
Flagey - Brussel

H.-Kruisplein
1050 Elsene (Brussel)

Meer info : www.arsmusica.be, www.flagey.be en www.musiquesnouvelles.com

Extra :
Pierre Bartholomée : www.pierrebartholomee.com, www.cebedem.be en youtube
Bernard Foccroulle op fr.wikipedia.org, www.orguessainthubert.be en youtube
Henri Pousseur : www.henripousseur.net en youtube
Ramon Lazkano : www.lazkano.info, en.wikipedia.org en youtube
Adrien Tsilogiannis : www.adrientsilogiannis.com

Elders op Oorgetuige :
Play Time : Ars Musica en de speeltuin van de hedendaagse muziek, 4/03/2013
Musiques Nouvelles viert 50ste verjaardag met twee magistrale concerten in Flagey, 3/12/2012
In memoriam Henri Pousseur (1929 - 2009), 7/03/2009

13:12 Gepost in Concert, Festival, Muziek | Permalink |  Facebook

Verjaardagsconcert Timur und seine Mannschaft in het Conservatorium Gent

Timur Sergeyenia Timur und seine Mannschaft, het ensemble van Timur Sergeyenia (foto) in residentie bij Trefpunt, wordt 5 jaar. Ter gelegenheid van die verjaardag brengt het ensemble werken van Vlaamse componisten in het Conservatorium van Gent. Op het programma : werk van Simon De Poorter, Raoul De Smet, Sebastian Bradt, Francois Glorieux en Lucien Posman.

Timur und Seine Mannschaft, strijkorkest rond de in Gent wonende Wit-Russische toppianist Timur Sergeyenia, bestaat uit een twintigtal jonge musici die allen Gent als thuisbasis hebben en die behoren tot de jonge garde aantredende internationale en nationale topviolisten. Hoofdkenmerk van het orkest: jong, verfijnd en extreem toegewijd. Hun naam ontlenen ze niet aan het Duitse nationale elftal, maar aan een beroemd Sovjet-jeugdboek waarin de dolle avonturen van Timur de jeugd alle mogelijke deugden tracht bij te brengen.

Simon De Poorter werd geboren op 20 mei 1980 te Gent en woont nog steeds in die stad. Hij studeerde in 2007 met onderscheiding af als 'Bachelor in de Compositie' aan het Koninklijk Muziekconservatorium te Gent. In 2009 studeert hij af als master in de compositie. (eindconcert met opnames en live-optredens/ scriptie over Darius Milhaud, met wie hij veel opvattingen over muziek en compositie deelt). Hij volgt als extra vakken harmonie en contrapunt (fuga) bij Mieke Vanhaute. Zijn docent compositie is Lucien Posman.
De stijl van Simon De Poorter kan overwegend 'post-romantisch' worden genoemd. Als uitgangspunten bij het componeren gebruikt hij voornamelijk zijn eigen interpretatie van de toonklok van Peter Schat, die hij combineert met de meest uiteenlopende invloeden uit de muziekgeschiedenis. Wilde, dissonante passages worden vaak afgewisseld met zachte dromerige lijnen. In zijn recentere werken hanteert hij een eenvoudigere, uitgepuurde stijl : schijnbaar eenvoudige melodieën worden gedragen door een aan de onderlaag erg complexe structuur.

Raoul De Smet (1936) valt zomaar niet direkt onder één noemer te vatten. Hij componeert werken die hun ontstaan danken aan allerlei impulsen of situaties in het dagelijks leven. Hij stelt voortdurend systemen in vraag en staat wantrouwig tegenover elke vorm van academisme. Dodecafonie, serialisme, aleatoriek, jazz, etnische muziek worden als een kluwen verweven in zijn composities. Een systeem staat voor hem los van een stijl. Belangrijk ook is De Smets vorming als romanist en hispanoloog, wat zijn stempel heeft gedrukt op zijn muziek die wel eens als 'expressief eclectisme' wordt omschreven.

Sebastian Bradt is een jonge Gentse componist die de stiel hoofdzakelijk aan het conservatorium van Gent leerde, in de klas van Godfried-Willem Raes van Logos. Nu is hij een steunpilaar voor professor Godfried-Willem Raes, en heeft reeds diverse werken geschreven, van uiteenlopend genre. Hij is iemand die het toegankelijke niet schuwt, maar tegelijk méér dan wie ook op de hoogte is van allerlei modernistische inbreng. Het werd een compositie van 10 minuten, krachtig, als apotheose-afsluiter van een groots concert.

Sebastian schrijft over 'Vonkhoofd' : "Veertig jaar geleden werd Bij Sint - Jacobs omgedoopt tot het kloppend hart van de Gentse Feesten, en Vzw Trefpunt werd er een begrip in de wereld van de festivalorganisatie. Om deze verjaardag anno 2009 te vieren, kwam zakelijk leider Guido De Leeuw op het idee om een feestelijk, ietwat potent stuk te bestellen bij een Gents componist. De keuze viel uiteindelijk op ondergetekende en die mocht zich voor de gelegenheid uitleven in een stuk dat zou gespeeld worden door een van zijn favoriete vertolkers, Timur Sergeyenia en diens trouwe strijkorkest, De Mannschaft. Het heeft een tijdje geduurd eer ik een geschikte titel had (ik vertikte allusies op de Stad Gent, muzikaal dan wel verbaal), maar op een dag was het zover: 'Vonkhoofd' zou mijn nieuwste eksploot heten. Hoewel de titel een allusie kan zijn op de maker zelve (die op een minder dagje ook wel eens aan een vonkhoofd lijdt en zijn primairste instincten volgt), is het stuk erg strak van vorm en met een enorme discipline uitgewerkt. Het is al bij al een vrij repetitief werk geworden dat teert op de lange, uitgesponnen spanningsbogen, grote klimaksen en de vaak verrassende klanken die ik uit alle hoeken van De Mannschaft tevoorschijn tover. Misschien dit nog: 'Vonkhoofd' is geen koncerto voor solist(en) en strijkorkest. Het is een demokratisch stuk waarin alle partijen gelijkwaardig zijn en iedereen naar de finale climax toe speelt."
'Vonkhoofd', mijn opdrachtsstuk voor 40 jaar Gentse Feesten bij Sint - Jacobs bestaat grofweg uit drie aaneengesloten secties (snel - traag - snel). Het begint met een repetitieve mars in c klein; die draait rond een progressie van vier akkoorden waarin de napolitaanse sixt een vrij grote rol speelt. Deze mars is behoorlijk modaal van karakter en refereert in grote lijnen naar een vroege Michael Nyman. Nadat deze sectie zich voldoende ontwikkeld heeft, mondt ze uit in het trage middendeel. Dit middendeel draait rond een Messiaen-achtige reeks in het orgelpedaal en laat voor het eerst de solisten onderling en met het strijkorkest dialogeren, waar voordien alles nogal homofoon was. Tijdens deze sectie wordt duidelijk dat e gypsy minor de beslissende toonaard wordt voor de lang uitgesponnen eindsectie. Die eindsectie begint op haar beurt met een tweetonig ostinato in de piano. Stilaan verweven orgel, pauken en de strijkers van De Mannschaft zich rond dit ostinato en stellen ze geleidelijk de slotmelodie (jawel, in e gypsy minor) samen. Die melodie wordt ettelijke keren en in steeds intensere en drammende orchestratie herhaald, tot Vonkhoofd met een algehele tutta forza -climax afbreekt."

Lucien Posman (1952) is een voorvechter van 'neonormaliteit' in de wereld van de moderne muziek. Zijn muziek kan tot het postmodernisme worden gerekend. In zijn latere werken hanteert hij de Toonklok-compositiemethode van Peter Schat.
"Ik heb lang getwijfeld of ik dit werk 'concerto' zou noemen omdat ik hiermee in een vreselijk turbulent strijdperk treed", aldus de componist toen hij nog bezig was met dez compositie ervan.. "Uiteindelijk werd de titel 'concerto voor piano en strijkers', omdat het een werk is dat uit de geijkte drie delen bestaat, omdat de piano een concerterende functie heeft en omdat het orkest bestaat uit strijkers. 'Concertino' zou de pianist onrecht aandoen in acht genomen de kilo's noten die hij te kraken heeft. Het eerste deel is voltooid en bestaat uit een herhaald lyrisch intiem terugkerend deel dat afwisselt met meer gestoffeerde passages. Het tweede deel nadert zijn voltooiing en is geschreven op het lijf van Timur; het is licht, beweeglijk en verfijnd van textuur maar doet ook beroep ook op zijn mannelijke martiale slagkracht. Over het derde deel wil ik nog niets kwijt; zo houden we er een beetje de spanning in."

Programma :

  • Simon De Poorter, 'Vlaamse Rapsodie' voor piano, pauken en strijkorkest (2011)
  • Raoul De Smet, 'Gentse Capriccio' voor piano, orgel, pauken en strijkorkest (2011)
  • Sebastian Bradt, 'Vonkhoofd' voor piano, orgel, pauken en strijkorkest (2009)
  • Francois Glorieux, Divertimento voor piano en strijkorkest (2002)
  • Lucien Posman, 'Lenteconcerto' voor piano en strijkorkest (2008)

Tijd en plaats van het gebeuren :

Timur und Seine Mannschaft : Simon De Poorter, Raoul De Smet, Sebastian Bradt, Francois Glorieux, Lucien Posman
Zaterdag 9 maart 2013 om 20.00 u
Miryzaal - Conservatorium Gent

Hoogpoort 64
9000 Gent

Meer info : www.trefpunt.be

Extra :
Timur Sergeyenia : www.sergeyenia.de
Simon De Poorter op www.muziekcentrum.be
Raoul De Smet op www.muziekcentrum.be, www.matrix-new-music.be en youtube
Sebastian Bradt op www.logosfoundation.org, www.muziekcentrum.be en www.youtube.com
Francois Glorieux : www.francoisglorieux.com, www.muziekcentrum.be en nl.wikipedia.org
Uitgebreid interview met François Glorieux op Focus WTV
Lucien Posman op www.matrix-new-music.be en www.muziekcentrum.be

Elders op Oorgetuige :
Internationaal Kamermuziekfestival met Timur und seine Mannschaft tijdens de Gentse Feesten, 15/07/2012
Huldeconcert en cd-voorstelling Lucien Posman in het Conservatorium Gent, 22/03/2012
Huldeconcert Franz Liszt met Timur und seine Mannschaft in het Conservatorium Gent, 19/10/2011
Subliem concert van Timur und seine Mannschaft in Parnassus Gent, 9/06/2010
Timur und seine mannschaft met orgel vanuit de Sint-Jacobskerk in Gent, 20/07/2009
Timur en zijn manschappen veroveren Gentse muziekscène, 20/02/2008

11:30 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook

Ars Musica viert honderdste verjaardag van le Sacre du Printemps met een themadag in Flagey

Igor Stravinsky Op zaterdag 9 maart viert Ars Musica de honderdste verjaardag van Igor Stravinsky's Sacre du Printemps met een themadag in Flagey. Stravinsky's populairste werk stond voor een radicale breuk in de muziek. Critici gaven het de alternatieve titel Massacre du Printemps ( 'de slachting van de lente') , maar bij het brede publiek groeide het echter al snel uit tot een klassieker. Tijdens deze themadag viert Ars Musica de emblematische en bijzonder fascinerende componist met verrassende concerten waarbij Le Sacre in zijn originele versie wordt opgevoerd of een inspiratiebron is. Daniel Blumenthal en Jean-Claude Vanden Eynden spelen Le Sacre op twee piano's en Fabian Fiorini en Boyan Vodenitcharov dienen van antwoord met de vrije improvisatie 'Mes respects, Igor'. Voor de jongste bezoekers volgt een workshop rond Le Sacre en de opvoering van Suite met uitleg rond Histoire du Soldat. Op het programma prijken verder zes nieuwe creaties van Quatuor Tana op basis van Stravinsky's werk, themafilms en een amateurkoor. Met als klap op de vuurpijl: Le Sacre in orkest versie door het Brussels Philharmonic.

Lezing Claude Ledoux : Le Sacre comme point d'aboutissement : primitivisme ou modernité ? - 15.00 u
Aan deze honderdste verjaardag valt niet te ontkomen: op 29 mei 1913 werd in het Parijse Théâtre des Champs Elysées Le Sacre du printemps gecreëerd. Van dit revolutionaire werk, dat vaak als onnavolgbaar wordt bestempeld, zijn nochtans waardige telgen terug te vinden in het oeuvre van Varèse. De Sacre schudt de gevestigde codes van luisterervaring, ruimte en tijd grondig door elkaar en is tegelijk een krachtige getuigenis over een periode die bulkt van de artistieke ideeën. De revolutionnaire ontwikkelingen in de plastische kunst en de film hebben ongetwijfeld bijfgedragen tot de geniale stuiptrekkingen van Stravinsky's geest.
Zijn culturele wortels speelden evenzeer een belangrijke rol. Als Rus was Stravinsky het neonationalistische gedachtengoed genegen. Zijn Sacre zit vol verwijzingen naar Russische volksdansen en is duidelijk geïnspireerd op de volkse melodieën uit de etnomusiciologische bundel Juskiewicz.
Ook Stravinsky's historische wortels komen in het werk aan de oppervlakte. En dan zijn er nog de grote muzikale voorbeelden van de componist: Schubert, Liszt, Glinka en Moussorgsky, om er maar enkele te noemen.
De muziekschriftuur van de Sacre baadt in een totaal nieuw licht. De klankvertelling gaat vergezeld van een aantal choreografische keuzes die wel moésten aanleiding geven tot het beruchte schandaal van 1913. Dit wonderlijke magma van in elkaar verstrengelde krachten tracht Claude Ledoux in zijn lezing te ontrafelen, zonder het mysterie teniet te doen dat van de Sacre een absoluut meesterwerk maakt.

Daniel Blumenthal & Jean-Claude Vanden Eynden : Igor Stravinsky, Le Sacre du printemps (versie voor twee piano's) - 15.00 u
In 1910, wanneer Stravinsky nog volop aan de compositie van L’Oiseau de feu werkt, komt de idee van de Sacre du printemps in hem op.
In zijn mémoires (Chroniques de ma vie) beschrijft Stravinsky de ontstaansgeschiedenis van het werk: "Op een dag kwam geheel onverwacht - want mijn geest was door heel andere zaken opgeslorpt - de idee in me op een voorstelling te maken over een groot heidens ritueel: oude wijzen, in een cirkel gezeten, kijken naar de dodendans van een jong meisje, hun offergave om de lentegod gunstig te stemmen. Dat zou het thema worden van de Sacre du Printemps. Ik moet toegeven dat ik sterk onder de indruk was van mijn ingeving en had het er onmiddellijk over met mijn vriend, de schilder Nicolas Roerich, die bekendstaat om zijn uitbeeldingen van het paganisme."
Op aansporen van Diaghilev, die onmiddellijk enthousiast reageert, werkt Stravinsky samen met Roerich in de loop van 1911 de opeenvolgende taferelen uit. De compositie van de partituur, die Stravinsky moet onderbreken voor de creatie van zijn andere balletten (L’Oiseau de feu en Petruchka), zal meer dan twee jaar in beslag nemen. De componist voltooit het werk op 8 maart 1913.
Gelijktijdig met de totstandkoming van de orkestpartituur realiseert Stravinsky een reductie voor quatre-mains, evenals een tweede reductie voor twee piano’s. Beide zijn bedoeld voor de eerste repetities met de dansers.
De afwezigheid van de briljante orkestkleuren schept geenszins een droge of flauwe indruk maar biedt een uitgepuurde lezing van het ballet, waarbij de harmonieën bloot komen te liggen en niets van de intrinsieke kracht van de Sacre verloren gaat.

Ictus : Igor Stravinsky, Histoire du Soldat - Suite - 15.45 u
Een concert met commentaar van Jean-Luc Plouvier voor kinderen vanaf 12 jaar

Na het einde van de Eerste Wereldoorlog, in 1918, komt de Franse avant-garde op gang, als hevige reactie tegen de Wagneriaanse “nevel” en de Debussiaanse “mist”. Met een zelden geëvenaarde virtuositeit en frisheid componeert Stravinsky met L'Histoire du Soldat de eerste remix uit de muziekgeschiedenis. Circusgeschal, Zwitserse legermuziek, Russische liederen, walsen en tango’s: alles vloeit samen tot één groot wervelend klankfestijn. Ictus brengt de trioversie (zonder verteller), die gedomineerd wordt door een lustig krassende vioolpartij zoals geen enkele componist voor hem ooit had durven schrijven.
Alle aspecten van dit baanbrekend werk worden toegelicht aan de hand van pianofragmenten, delen uit de choreografie van Le Sacre du Printemps, gereconstrueerd door Dominique Brun, en enkele neoklassieke schilderijen. Dat alles levert een vermakelijke en toegankelijke uiteenzetting op.

Lezing Harry Halbreich : Le Sacre en Jeux: twee voedingsbronnen van een eeuw muziekcreatie - 15.45 u
Op 29 mei 1913, net honderd jaar geleden, sloeg de creatie van Le Sacre du printemps van Igor Stravinsky in als een bom en bracht een regelrechte herschikking van het muzieklandschap teweeg. Op orkestraal, harmonisch maar vooral ook ritmisch vlak zou het werk gedurende tientallen jaren een beslissende impact hebben op de muziekcreatie. Stravinsky’s krachtige statement overschaduwde volledig de creatie van Jeux van Claude Debussy, die nochtans slechts twee weken eerder had plaatsgevonden. Het verdere verloop van de muziekgeschiedenis toont aan dat, terwijl de Sacre insloeg als een bom, Jeux pas achteraf een tijdbom is gebleken, waarvan de impact tot op vandaag blijft nazinderen bij de jongste generatie componisten. De Sacre is toegetreden tot het lijstje van klassieke meesterwerken. In navolging van Beethovens Sinfonia Eroica (een soort 'Sacre van de 19de eeuw', zoals Stravinsky's meesterwerk kan worden gezien als een 'Eroica van de prille 20ste eeuw') maakt de Sacre definitief deel uit van de muziekgeschiedenis, zonder echter nog een actieve invloed uit te oefenen op de hedendaagse creatie. Vanop enige afstand aanschouwd, is de Sacre misschien wel een laatste grote romantische symfonie, waarin trouwens ook Debussy's muziektaal is opgenomen: ontwaart men in de inleiding van het tweede deel geen Debussiaanse Nuages? Misschien brengt Petrouchka - op een andere manier weliswaar - een krachtigere boodschap van vernieuwing, met zijn procédés van montage en collage, zijn polytonaliteit en polyritmie, zijn opeenstapeling van verschillende muzieksoorten, en de indringing van populaire en volkse stijlen. Het vernieuwende karakter van Jeux ligt hem dan weer in de explosie van de muziekvorm, de orkestschriftuur, de subtiele oplossing van systemen en harmonieën: de muzikale syntaxis ondergaat er diepgaande wijzigingen, die hebben geleid tot de spectrale, aleatorische en (slechts schijnbaar!) informele stromingen die de creatie tot op vandaag voeden.
De uiteenzetting van Harry Halbreich zal verscheidene aspecten schetsen van deze langzame muzikale omwenteling.

In de wandelgangen - 16.45 u
Het veelzijdige genie van Igor Stravinsky kleurt de hele 20ste eeuw. Ofschoon de componist geen directe volgelingen had, wordt hij tot op vandaag erkend als spirituele vader van de hedendaagse muziek. Door zich de meest verschillende stijlen eigen te maken, van ver in de geschiedenis tot in de moderne tijd, baande hij zich een atypische weg en ontpopte zich als onevenaarbaar 'ritmicus', als genie van timbre en orkestratie, maar ook als eerbiedwaardig architect van de vorm. Naar aanleiding van de 100ste verjaardag van Le Sacre droeg Ars Musica vijf jonge componisten op om een werk te schrijven voor de bezetting van een van Stravinsky's korte composities.

Bittoviva Koor : Le Sacre du printemps becommentarieerd - 16.45 u
Le Sacre du printemps, becommentarieerd door twaalf jongedames met de stem op de lippen!
ReMuA baseert zich samen met het Bittoviva Koor op muziek van Stravinsky voor de creatie van twee poëtisch - muziektheatrale interventies waar gesproken en gezongen woord in elkaar versmelten; een mobiel project dat op de themadag rond Stravinsky een weg aflegt in de vele ruimtes van Flagey. Het Bittoviva Koor is ontstaan uit de zowel muzikale als menselijke ontmoeting tussen ReMuA en Iva Bittova in 2012. Die ontmoeting mondde uit in een voorstelling die toerde in België, Frankrijk en Nederland (coproductie ReMuA - Zonzo Compagnie ) . Sindsdien komt deze groep van twaalf jonge zangeressen regelmatig samen voor de creatie van projecten die zowel podiumprésence als stembeheersing vereisen.

Quatuor Tana : Stravinsky, Andreas Moustoukis - 18.15 u
Stravinsky heeft maar drie composities voor strijkkwartet geschreven. Behalve het zeer korte Double canon (ter nagedachtenis van Raoul Dufy) heeft hij ze bovendien allemaal herwerkt. Zo orkestreert hij de Trois pièces pour quatuor à cordes voor de Quatre Études pour orchestre. Daarnaast duikt het Concertino in 1952 op als compositie voor twaalf instrumenten. In If I was Igor… onderzoekt Andreas Moustoukis hoe Stravinsky's constructivisme naar de 21ste-eeuwse context kan worden gekneed.

Fabian Fiorini & Boyan Vodenitcharov : Mes respects, Igor - 19.00 u
Vrije improvisatie voor twee piano's op Le Sacre du printemps

Brussels Philharmonic & Peter Jablonski : Stravinsky, Bartók - 20.15 u

Programma :
- Igor Stravinsky, Le Chant du Rossignol (1917)
- Béla Bartók, Derde pianoconcerto, Sz. 119 (1945)
- Igor Stravinsky, Le Sacre du Printemps (1913)

Op 29 mei 1913 werd Stravinsky’s meesterwerk Le Sacre du Printemps voor het eerst uitgevoerd in het Parijse Théâtre des Champs-Élysées. Het ballet geeft vorm aan een soort oerritueel waar een jonge maagd geofferd wordt om de goden gunstig te stemmen. Het schandaal tijdens de première, de schokgolf die door het Parijse publiek ging bij de onvoorspelbare, ritmische muziek en de afschuw om de woeste en barbaarse balletscènes hebben intussen plaats gemaakt voor de status van iconisch werk. Honderd jaar na de creatie heeft dit intense werk nog niets van zijn kracht ingeboet, ook al schrikken we intussen niet meer van de tempowisselingen en de atonale bewegingen die het werk zo typeren.

"Een oprechte, welgemeende en kameraadschappelijke groet aan het uitstekende orkest van het N.I.R.".  Dat schreef de Russische componist in mei 1952 in het Gulden Boek van het Groot Symfonie Orkest van het N.I.R., nadat hij het had gedirigeerd in een huldeconcert ter ere van zijn zeventigste verjaardag. De illustere voorganger van Brussels Philharmonic maakte toen nog deel uit van de openbare omroep. Het orkest zorgde niet alleen voor creaties van Stravinsky’s oeuvre, maar maakte zijn werk ook bekend bij het Belgische publiek. Brussels Philharmonic zet die Stravinsky-traditie vandaag verder onder leiding van chef-dirigent Michel Tabachnik, die terecht de geestelijke erfgenaam van Ernest Ansermet wordt genoemd.

Tijd en plaats van het gebeuren :

Themadag Igor Stravinsky's Sacre du Printemps
Zaterdag 9 maart 2013 vanaf 14.00 u
Flagey - Brussel

H.-Kruisplein
1050 Elsene (Brussel)

Meer info : www.arsmusica.be en www.flagey.be

Elders op Oorgetuige :
Play Time : Ars Musica en de speeltuin van de hedendaagse muziek, 4/03/2013

00:53 Gepost in Concert, Festival, Muziek | Permalink |  Facebook

06/03/2013

Haagse festival voor nieuwe muziek Dag in de Branding verlegt grenzen

Luciano Berio & Cathy Berberian Nog geen weekendplannen? Het Haagse festival Dag in de Branding laat zaterdag de hele dag nieuwe muziek horen: Adriaansz, Haines en Cathy Berberian staan centraal. In deze editie presenteert Korzo een portret van componist Peter Adriaansz, speelt Greg Haines in aflevering 7 van de serie 'DayDreaming' in het Paard van Troje en bezoeken we een nieuwe locatie voor hedendaagse muziek : Het Nutshuis. Daar staat in een uitgebreid programma de Amerikaanse componiste en mezzosopraan Cathy Berberian centraal.

Grenzen verleggen is het thema van deze eerste editie van 2013. De componisten van deze editie deden dat door letterlijk te verhuizen naar een ander continent of door die reis figuurlijk te voltrekken. Een ontwikkelingsproces waarbij de jonge, onderzoekende componist na verloop van tijd zijn eigen meester wordt, een eigen herkenbare taal spreekt en die ook blijvend ontwikkelt, en zo zijn stempel drukt op de cultuur waarin hij werkzaam is. Ook voor Cathy Berberian, Peter Adriaansz en Stephanie Pan leidde het bestaan als 'expat' tot een kenmerkend open houding ten opzichte van de omgeving, terwijl hun herkomst als voedingsbodem hun koers bleef en blijft bepalen. Dankzij deze combinatie creëerden zij een volstrekt eigen wereld.

Cathy Berberian (1925-1983) was gehuwd met de Italiaanse componist Luciano Berio, die meerdere stukken schreef voor haar bijzonder wendbare en expressieve stem. Ook andere componisten als John Cage, Hans Werner Henze en Igor Stravinsky schreven werk voor Berberian. Het bekendste werk van Berberian zelf is Stripsody (1966), waarin ze haar vocale techniek exploreert door middel van stripboekklanken. Tijdens deze editie brengen studenten van het Koninklijk Conservatorium dit werk ten gehore, aangevuld met enkele sequenza's van Berio. Aansluitend wordt 'Music is the air I breathe' vertoond, een documentaire van regisseur Carrie de Swaan over het leven van Berberian (Best Documentary AFFMA Film Festival, Holllywood, 2002). De avond in het Nutshuis wordt afgesloten met een bijdrage van Kate Moore en Theater Dakota.

Korzo presenteert tijdens festival Dag in de Branding een bijzonder portretconcert rondom de Haagse componist Peter Adriaansz. Adriaansz verricht in zijn werk onderzoek naar klank, vorm en zoals hij dat zelf noemt 'hoorbare' wiskunde. Recentelijk vertonen zijn composities ook microtonale invloeden. Ensemble SCALA is hét nieuwe ensemble voor microtonale muziek in Nederland dat door Stichting Huygens-Fokker (centrum voor microtonale muziek) is geïnitieerd. Bijzonder is dat het beroemde Fokker-orgel onderdeel van dit ensemble is geworden. De musici zijn allen specialisten op het gebied van microtonale muziek, die gezamenlijk de grenzen verkennen van de kleurrijke mogelijkheden van microtonaliteit.

Greg Haines werd geboren in een klein dorpje in het zuiden van Engeland, waar hij al vanaf jonge leeftijd een interesse ontwikkelde in geluid en geluidmakers. Door een enthousiaste muziekleraar kwam Haines in aanraking met de werken van 'minimalistische' componisten zoals Steve Reich, Gavin Bryars en Philip Glass. Nog steeds zijn deze van grote invloed op het werk van deze jonge componist. ' Daydreaming' is een concertserie in Paard van Troje in het kader van festival Dag in de Branding waarin avontuurlijke muziek op de grenzen van pop, klassiek, elektronisch, experimenteel en impro centraal staan. In de Daydreaming serie zetten hedendaagse internationale componisten een nieuw en uniek geluid neer.

De Italiaanse componist Luciano Berio (1925-2003) was was getrouwd met de Amerikaanse sopraan Cathy Berberian, voor wie hij een aantal stukken gecomponeerde, waaronder Circles, Sequenza III, Visage en Récital. Zijn oeuvre omvat een breed scala aan vormen en vormexperimenten. Hij schreef zowel kamermuziek, composities voor groot orkest en vocalisten als elektronische muziek. Hij werkte zijn leven lang aan een reeks Sequenza's voor solo-instrumenten. Het gebruik van muzikale en literaire citaten en het incorporeren van allerlei soorten volksmuziek is kenmerkend voor zijn werk.

In aanvulling op Carrie de Swaan's documentaire over Cathy Berbarian presenteert Dag in de Branding de performance 'Implied Manifesto' van de in Den Haag wonende Amerikaanse stemkunstenaar Stephanie Pan. Zoals ze het zelf omschrijft, lijkt de performance op een persoonlijk manifest, maar vrijwel zonder verstaanbare woorden. In plaats daarvan vloeit de betekenis voort uit de viscerale aanwezigheid van de kunstenaar, abstracte geluiden en intonaties.

Daarnaast hoor je 'What is the current that makes machinery' van Stelios Manousakis, een stuk voor vrouwelijke stem en live elektronica, geschreven voor stemkunstenaar Stephanie Pan. Het stuk is gebaseerd op teksten uit het eerste deel van Gertrude Steins Tender Buttons: objects; food; rooms, een verzameling korte teksten geschreven in 1912. In deze modernistische teksten, die vaak worden omschreven als verbaal kubisme of taalkunst, maakt Stein composities met taal. Daarbij gaat het haar niet om de wereld die met de taal wordt uitgedrukt, maar om het eigen materiaal van de taal: tekens, klanken, ritme, synta en semantische fragmenten. Ze behandelt de taal als een herontdekt esthetisch object dat nieuwe werelden oproept in de geest van de luisteraar.

Tijd en plaats van het gebeuren :

Dag in de Branding 27 : Peter Adriaansz, Greg Haines, Stephanie Pan, Cathy Berberian, Luciano Berio...
Zaterdag 9 maart 2013 vanaf 14.30 u

Op verschillende locaties in Den Haag

Het volledige programma en alle verdere info vind je op www.festivalindebranding.nl

13:04 Gepost in Concert, Festival, Muziek | Permalink |  Facebook

05/03/2013

Pavel Haas Quartet brengt Beethoven, Janáček en Sjostakovitsj in de Handelsbeurs

Pavel Haas Quartet In oktober 1923 pende Janáček in slechts 15 dagen zijn eerste strijkkwartet neer, geïnspireerd op de Kreutzersonate van Leo Tolstoj. Deze mini-opera voor strijkers vertolkt het psychologische drama van de novelle met intense passie. Ook Sjostakovitsj brengt in zijn achtste strijkkwartet een verhaal waarin de mysterieuze verklanking van persoonlijk leed en politiek protest blijft fascineren. De drang om in het genre van het strijkkwartet innerlijke worstelingen uit te drukken, gaat terug op Beethoven. Zijn opus 130 barst met zes delen uit zijn voegen en mondt uit in de Grosse Fuge, een bovenmenselijke krachttoer voor muzikant en toehoorder. Het Pavel Haas Quartet heeft alle troeven in handen om de intensiteit van deze drie kleppers uit het repertoire ten volle over te brengen. De vier Tsjechen behoren tot de top van kwartetuitvoerders. Hun cd's met muziek van Slavische meesters als Janáček, Prokofjev en Dvorák gooien hoge ogen en in 2009 vroeg BBC Music Magazine hen om een cd gewijd aan Beethoven op te nemen.

Net zoals voorheen Bartók knoopte Sjostakovitsj aan bij de grote traditie, in het bijzonder bij Beethoven. Beethoven had het strijkkwartet een architecturale grootheid en een expressieve diepgang bezorgd waardoor het genre definitief doorbrak als concertmuziek. Het model van Beethoven is in heel duidelijk aanwezig in het Achtste Strijkkwartet.

Het strijkkwartet opent en eindigt met een largo dat telkens fugatisch is opgevat met het viernotenmotief D-Es-C-H - een muzikale transcriptie van Sjostakovitsj' naam (in de gangbare Duitse versie 'D. Schostakowitsch') - als uitgangspunt. De inzet van een strijkkwartet met een fugatisch langzaam deel knipoogt naar Beethovens Veertiende Strijkkwartet, opus 131 - een idee dat ook navolging kende bij romantische componisten in het genre.

In Sjostakovitsj' strijkkwartetten leeft echter niet alleen Beethovens erfenis verder. De hele romantische verwerking van Beethovens retorische, instrumentale gebaren kent in de handen van de Russische componist een stilistische 'hertaling'. Richard Taruskin, kenner van de negentiende- en twintigste-eeuwse Russische muziek, heeft het in dat verband over een "meesterlijke exploitatie van de retoriek uit de post-Beethoveniaanse instrumentale muziek, zo vol van spanning en catharsis, zo rijk beladen met symbolen en tekens maar zonder een expliciete sleutel tot interpretatie."

Zoals eerder gesuggereerd, maakt precies het Achtste Strijkkwartet, één van Sjostakovitsj’ meest populaire kwartetten, een misleidende indruk als het op interpretatie aankomt. Officieel droeg de componist het op aan de "nagedachtenis van de slachtoffers van het fascisme en de oorlog", aldus de versie in de partituur. Hij schreef het na een bezoek aan het door de Tweede Wereldoorlog verwoeste Dresden. Uit één van de vele brieven aan Isaak Glikman - een theatercriticus en historicus uit St.-Petersburg (Leningrad) - weten we echter dat het strijkkwartet privaat een andere 'betekenis' had, een 'in memoriam' dat de componist aan zichzelf opdroeg : "Ik moest eraan denken dat na mijn dood wellicht niemand een werk zou componeren ter herinnering aan mij. Daarom besloot ik zo'n werk zelf te schrijven. Op het titelblad zou je kunnen schrijven: 'Ter nagedachtenis aan de componist van dit kwartet'. Hoofdthema van het kwartet vormen de tonen D-Es-C-H, mijn initialen (D. Sch.). (...). De pseudo-tragiek van dit kwartet is zo groot dat bij het componeren mijn tranen zo overvloedig stroomden als urine na een half dozijn glazen bier. Toen ik thuiskwam, probeerde ik het tweemaal te spelen en stortte ik opnieuw tranen. Deze keer echter niet vanwege de pseudo-tragiek, maar uit verbazing over de prachtige eenheid van de vorm."

Sjostakovitsj' sarcasme spreekt uit elke zin. Alles lijkt er op te wijzen dat de componist een onderscheid maakte tussen een politiek correcte omschrijving voor de openbaarheid - de aanklacht van de naziterreur en de daaruit voortvloeiende ravages - en een private 'betekenis'. Maar commentaren van componisten op eigen werk dienen met de grootste omzichtigheid te worden behandeld en steeds beschouwd te worden in samenhang met de sonore realiteit. Sjostakovitsj citeert in dit kwartet duchtig uit eigen werk, wat natuurlijk te verklaren is vanuit de hierboven aangehaalde autobiografische intentie. Toch zijn de diepere gronden voor de specifieke keuzen die Sjostakovitsj maakt - zelf heeft hij het over een 'allegaartje'- niet zo duidelijk.

Het joodse thema uit het Tweede Pianotrio dat we vinden in het frenetieke, gebalde tweede deel en de door Lenin geliefde revolutionaire hymne 'Gekweld door bittere gevangenschap' dat opduikt in het voorlaatste deel kunnen in de richting wijzen van de officiële opdracht - zo we natuurlijk het joodse element als een aanklacht tegen de holocaust beschouwen en dus tegen het 'fascisme'- een bij Sjostakovitsj rekbaar begrip - en niet als een verwijzing naar het antisemitisme onder Stalin. Maar wat te denken van de andere citaten zoals het zwierige walsthema uit het Eerste Celloconcerto in het derde deel en de aria 'Serjozja, mijn liefste' uit de opera 'Lady Macbeth uit Mtsensk' die naar het einde van het kwartet (vierde deel) teder weerklinkt in de cellopartij? Zeer zeker heeft de persoonlijke affectie van de componist voor bepaalde werken uit zijn oeuvre een rol gespeeld maar vergeten we ook niet dat hij in het jaar van de compositie van het kwartet lid was geworden van de Communistische Partij - een vorm van overleven in een maatschappij waarin hij nu eenmaal moest functioneren. Een emotionele tweestrijd en het zoeken van een catharsis in de muziek zijn wellicht bepalend geweest voor de spanning tussen het elegische en het ironische (of sarcastische) in de conceptie van het werk (een requiem voor een overlevend componist) - een spanning die de meeste muziek van Sjostakovitsj kenmerkt.

Tevens knoopt de componist ook aan bij het idee van de funeraire instrumentale muziek die een bekende traditie was in de Russische (kamer)muziek - denken we maar aan Rachmaninovs 'Trio élégiaque' ter nagedachtenis van Tsjaikovski of aan Tsjaikovski's eigen in memoriam voor de violist Ferdinand Laub in zijn Derde Strijkkwartet. Een traditie waartoe Sjostakovitsj' Tweede Pianotrio, geschreven ter nagedachtenis van Ivan Sollertinski - een muziekkenner en -criticus aan wie de componist veel te danken had - al eerder een steentje had bijgedragen. Ondanks de vele citaten doet het Achtste Strijkkwartet niet collage-achtig aan. Sjostakovitsj is volledig meester over zijn middelen en levert een partituur af die uitmunt in economie en raakheid.

Programma :

  • Ludwig Van Beethoven, Strijkkwartet nr. 13 opus 130 Grosse Fuge opus 133
  • Leos Janáček, Strijkkwartet nr. 1
  • Dmitri Sjostakovitsj, Strijkkwartet nr. 8

Tijd en plaats van het gebeuren :

Pavel Haas Quartet : Beethoven, Janáček, Sjostakovitsj
Zaterdag 9 maart 2013 om 20.15 u
Handelsbeurs Concertzaal - Gent

Kouter 29
9000 Gent

Meer info : www.handelsbeurs.be

Bron : Tekst Piet De Volder voor deSingel, november 2005

Extra :
Dmitri Sjostakovitsj op nl.wikipedia.org, www.boosey.com en youtube
Dmitri Sjostakovitsj (1906 - 1975): Strijd om de geestelijke integriteit, Jan De Kruijff op www.musicalifeiten.nl
Shostakovich: the string quartets op www.quartets.de

Beluister hier alvast Dmitri Sjostakovitsj' Strijkkwartet nr. 8

16:28 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook

Sjostakovitsj op z'n best met het Quatuor Danel in AMUZ

Dmitri Sjostakovitsj Quatuor Danel is zonder twijfel het meest prestigieuze strijkkwartet van België en een van de Europese toppers. Hun opname van Sjostakovitsj' integrale strijkkwartetten - waarvoor de groep te rade ging bij het legendarische Borodin Kwartet - wordt wereldwijd geprezen als een sensatie en geldt als actuele referentieplaat voor het repertoire.  Sinds 1991 is Quatuor Danel actief als professioneel strijkkwartet. Met meer dan tachtig concerten per jaar zijn deze musici prominent aanwezig op de internationale muziekscène. Op het podium van AMUZ brengen ze muziek waarmee ze wereldwijd hoge ogen gooiden. Wie de meesterlijke instrumentatie, bizarre contrasten en stekelige dissonanten van Sjostakovitsj op z'n best wil horen, is hier aan het juiste adres.

Het Danel Kwartet werd opgericht in 1991 en werkt geregeld samen met het Amadeus Kwartet, het Borodin Kwartet, Walter Levin (Lasalle Kwartet), Hugh Maguire (Allegri Kwartet) en Pierre Penassou (Parrenin Kwartet). Onder impuls van Valentin Berlinsky, cellist van het Borodin Kwartet, bouwt het algauw een uitgebreid repertoire op met ruime aandacht voor Russische muziek.

Het Danel Kwartet is laureaat van verschillende internationale wedstrijden en won in 1993 niet alleen de eerste prijs op de Internationale Wedstrijd Dimitri Sjostakovitsj, maar ook de speciale prijs voor de beste vertolking van een Sjostakovitsj-kwartet. De leden van het Danel Kwartet brachten al verschillende keren de volledige cyclus van vijftien strijkkwartetten van Sjostakovitsj, zowel in als buiten Europa. Hun opname voor Fuga Libera werd bijzonder enthousiast onthaald. Sinds 1995 verzamelden ze ook geleidelijk de partituren van alle kwartetten van Mieczyslaw Weinberg, een Russische componist van Poolse afkomst, daarin aangemoedigd door Berlinsky, Irina Sjostakovitsj - de weduwe van de componist - , Frans Lemaire, Alexander Raskatov en Manachir Yakoubov. Ze laten al die kwartetten graag horen aan een publiek dat zich erover verbaast dat zo’n prachtige (of waardevolle) muziek zo lang in de vergetelheid is gebleven.

Met meer dan 100 concerten per jaar heeft het Danel Kwartet blijvende internationale faam verworven. Getuige zijn frequente optredens in de meest befaamde zalen (Wigmore Hall in Londen, Concertgebouw Amsterdam, Bozar in Brussel, Century Hall in Tokio, enz.) en zijn talrijke tournees in Europa (Nederland, Duitsland, Oostenrijk, Engeland, Italië, Finland, Roemenië, Turkije …) en in Rusland, China, Japan en Zuid-Amerika.

Programma :

  • Dmitri Sjostakovitsj,: Strijkkwartet nr. 1 in C - Strijkkwartet nr. 11 in f - Strijkkwartet nr. 9 in Es

Tijd en plaats van het gebeuren :

Quatuor Danel : Dmitri Sjostakovitsj, strijkkwartetten
Vrijdag 8 maart 2013 om 21.00 u
(Inleiding door Francis Maes om 20.15 u )
AMUZ - Antwerpen
Kammenstraat 81
2000 Antwerpen

Meer info : www.amuz.be

Extra :
Dmitri Sjostakovitsj op nl.wikipedia.org, www.boosey.com en youtube
Dmitri Sjostakovitsj (1906 - 1975): Strijd om de geestelijke integriteit, Jan De Kruijff op www.musicalifeiten.nl
Shostakovich: the string quartets op www.quartets.de
Danel Quartet, Shostakovich Complete String Quartets op outhere-music.com

15:36 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook