07/03/2009

In memoriam Henri Pousseur (1929 - 2009)

Henri Pousseur Gisteren is de Belgische componist Henri Pousseur (23/06/1929 - 6/03/2009) overleden. Méér dan alleen een belangrijk theoreticus, pionier van de elektroakoestiek, pedagoog en esthetisch vernieuwer. Hij is ook de auteur van een uitgebreid oeuvre dat te weinig gespeeld wordt. Henri Pousseur werd in 1929 geboren in Malmédy. Tijdens zijn muziekstudies aan de Luikse en Brusselse conservatoria ontdekt hij het serialisme, met als ultieme uitloper de dodekafonische muziek, het twaalftoonenstelsel dat toen wereldwijd verspreid raakte binnen de ernstige muziek. In de vijftiger jaren was Pousseur de bezielende kracht en oprichter van 'Musiques nouvelles'. Pousseur komt later aan het hoofd te staan van het conservatorium van Luik en richt tevens in Luik het muziekstudiecentrum 'Centre de Recherches musicales de Wallonie' op. Daarnaast was hij ook gastdocent in muziekcentra in Keulen, Bazel en Buffalo. Nadat hij officieel op rust ging, zette hij zijn muzikale praktijk verder en richt in 2000 een nieuwe multimediale muziekrichting op, die elektro-akoestische muziek en digitale beelden vermengt. Pousseur behoorde samen met Pierre Bartholomée aan Waalse zijde en Louis De Meester en Karel Goeyvaerts aan Vlaamse zijde tot de top van de Belgische nieuwe muziek. Ook internationaal werden zijn composities uitgevoerd naast werk van Karlheinz Stockhausen en Pierre Boulez. Binnen het muziekonderwijs pleitte Henri Pousseur voor een groter aandeel van de hedendaagse muziek in het algemeen muziekonderwijs.

Henri Pousseur studeerde van 1947 tot 1953 aan de conservatoria van Luik en Brussel, waar hij Pierre Froidebise en André Souris ontmoet. Zij wijdden hem in in de 'avant-gardistische' muziek, meer bepaald de dodecafonie, en brachten hem in 1951 in contact met Pierre Boulez. Vanaf dan nam Henri Pousseur actief deel aan de radicale stroming van de seriële muziek en onderhoudt hij nauwe contacten met Karlheinz Stockhausen en Luciano Berio. Hij werkte regelmatig in Darmstadt, Donaueschingen, het Domaine musical en de Studio di Fonologia van Milaan. Pousseur richtte in 1954 een Brusselse studio op, alsook de vereniging Musiques Nouvelles, waaruit later het gelijknamige instrumentaal ensemble zou voortkomen. In 1960 vond er een ommekeer plaats in Pousseurs artistieke visie. Hij ging nauw samenwerken met Michel Butor (een samenwerking die tot op het einde van zijn leven bleef duren). Hij bevrijdde zich van het keurslijf van een orthodoxie die te dogmatisch en te exclusief was naar zijn smaak. Pousseur ging volledig op in onderzoek naar een organische herinvoering van alle syntactische en stilistische elementen waarop de banvloek rust van de 'veralgemeende reeks', die de componist als 'beperkend' aanvoelde. Henri Pousseur liet zich inspireren door de cultuurgeschiedenis in Votre Faust of Dichterliebesreigentraum, door de politiek in Couleurs croisées en Modèle réduit, en door volkse muziekgenres in Les Iles déchaînées, La Rose des Voix en Les Paysages planétaires. Het zijn maar enkele momentopnamen uit Pousseurs ononderbroken, onvoltooide zoektocht, waarmee hij afstand hield van de gangbare muziekstromingen. Vanuit zijn interesse voor muziekpedagogie gaf Henri Pousseur les aan de universiteit en het conservatorium van Luik, en vervulde hij gelijkaardige opdrachten in Keulen, in Bazel en aan de State University of New York in Buffalo. Samen met zijn vrienden en collega's Pierre Bartholomée en Philippe Boesmans, en met de steun van Robert Wangermée, richtte Pousseur in 1970 het Centre de Recherches et de Formation Musicales de Wallonie op in Luik. In 1975 werd hij directeur van het conservatorium van Luik. Hij stelde het muziekonderwijs open voor alle hedendaagse muziekvormen en pleitte voor een levendige, realistische vertolking van de nieuwe muziek. Die frisse wind waait vandaag nog altijd door de klassen van Jean- Pierre Peuvion en Garrett List. Henri Pousseur ging in 1994 met pensioen maar bleef tot in 1999 'composer in residence' van de KUL. Naast ongeveer tweehonderd partituren van verschillende omvang en voor verschillende bezettingen (waaronder elektroakoestische en gemengde composities) die bij verscheidene Europese uitgeverijen verschenen, schreef Henri Pousseur tal van artikels en boeken. Hij kreeg een eredoctoraat van de universiteiten van Metz en Lille III en werd bekroond met de Grand prix du disque 2004 van de Académie Charles Cros 'voor zijn hele oeuvre'. Een groot deel van zijn archief wordt bewaard (en zal bewaard blijven) in de collectie van de Sacher-stichting in Bazel.

www.henripousseur.net

21:13 Gepost in Actualiteit | Permalink |  Facebook

23/09/2008

In memoriam Mauricio Kagel: 1931 - 2008

Mauricio Kagel Mauricio Kagel, één van de grootste hedendaagse componisten, is vorige week in de nacht van woensdag op donderdag na een lange en zware ziekte in het Duitse Keulen overleden. Kagel werd 76. Hij werd op 24 december 1931 geboren in het Argentijnse Buenos Aires. Zijn naam wordt vooral geassocieerd met "instrumentaal theater". Kagels omvangrijke oeuvre is erg veelzijdig te noemen en omvat naast orkest- en kamermuziek ook hoorspelen en filmmuziek.

Mauricio Kagel kwam uit een joodse familie van Duits-Russische afkomst. De autodidactische componist leerde zichzelf het bespelen van piano, orgel en cello. Hij studeerde literatuur en filosofie aan de universiteit van Buenos Aires. Op achttienjarige leeftijd werd hij adviseur van het avantgardegezelschap Agrupacion Nueva Musica. In 1955 kwam hij in de directie van het Teatro Colon in de Argentijnse hoofdstad. Twee jaar later zou hij met een studiebeurs vertrekken naar Duitsland waar hij zich uiteindelijk ook vestigde en ging werken aan kamermuziek en elektronische muziek. Met zijn werk 'Sur Scène' (1960) vestigde hij een genre van 'instrumentaal theater' waaruit een groot deel van zijn oeuvre bestaat.

Kagel was een autodidact die steeds op zoek was naar nieuwe vormen om muziek in het theater uit te voeren. Vanaf 1949 werkte hij als acteur en organisatieleider bij de Agrupación Nueva Música, die door Juan Carlos Paz werd geleid en belangrijke composities van de twintigste eeuw in Buenos Aires uitvoert. Van 1955 tot en met 1957 was hij aan het Teatro Colón verbonden, het belangrijkste operahuis van Zuid-Amerika, als koorrepetitor onder Erich Kleiber en later dirigent van de kameropera. Kagel was van 1969 tot en met 1975 muzikaal directeur van de Kölner Kurse für Neue Musik en van het Institut für Neue Musik. In 1974 werd hij professor voor Neues Musiktheater aan de Hochschule für Musik in Keulen. Kagel ontving talrijke prijzen en onderscheidingen.


Acustica (Youtube, 7/12/2007, 7'08")

Mauricio Kagel was één van de meest creatieve en veelzijdige hedendaagse componisten en het is door die veelzijdigheid ook vrij moeilijk om zijn muziek onder één noemer te vatten. Kagel begon zijn carrière in de late jaren 1950 en de vroege jaren 1960 in het spoor van de postseriële avant-garde, maar ontwikkelde al gauw een aanpak waarbij hij niet enkel de grenzen tussen theater, muziek, luisterspelen en film aftast (Kagel was ook een begenadigd cineast), maar het theatrale aspect ook echt in de muziek binnenbrengt.


Dressur (YouTube, 17/05/2007, 9'29")

In de jaren 1960 maakte hij furore met wat sindsdien de musicologische vakterm 'instrumentaal theater' heeft meegekregen: composities die, hoewel ze voor een instrumentale bezetting zijn geschreven, wezenlijk enkel theatrale handelingen bevatten. Het bekendste voorbeeld daarvan is 'Match' (1964), waarin twee cellisten op zuiver muzikale wijze suggereren dat ze een tenniswedstrijd tegen elkaar houden, met een percussionist als scheidsrechter.
Hoewel die 'instrumentaal theater'-fase maar enkele jaren duurt, blijft er onmiskenbaar een fundamenteel theatrale dimensie in alle composities van Kagel aan te wijzen. Bovenal is het basisprincipe dat muziek méér is dan een combinatie van klanken essentieel voor Kagels muziek. Dat uit zich dan ofwel in werken waarin theatrale elementen in de muziek binnensijpelen, ofwel in composities die via de muziek commentaar geven op andere zaken. Dat kan andere muziek zijn (bv de 'Sankt-Bach-Passion' (1985) of 'Ludwig Van' (1970)...) of maatschappelijke fenomenen - Kagel is steeds politiek (links) geëngageerd geweest. Hij maakte muziek die wil prikkelen en zelfs lichtjes provoceren. En daarvoor waren alle middelen - conventionele én onconventionele - toegelaten.

Een van Kagels projecten (hij maakte ook films en hoorspelen, schreef eigenhandig commentaar bij zijn werk, dirigeerde, regisseerde, produceerde dat het een aard had) heet 'Ludwig van', en de strekking ervan luidt bij benadering dat men, om Beethoven te herdenken (in 1970), hem niet zou moeten spelen. Dat het stuk niettemin een 'hommage' als ondertitel draagt, wijst er ten overvloede op dat Kagel als componerende muziekhistoricus eerder overhoop ligt met de halsstarrige voortzetting van het verleden dan met dat verleden in se: hij heeft niks tegen Beethoven zelf, maar tegen diens postume, oncreatieve aanbidders. Kagel legde zich in hoge mate toe op de polemiek en voerde de grote voorgangers soms ten tonele om hun volgelingen een lachspiegel voor te houden, hen aan het denken te zetten, in de maling te nemen of tot betere gedachten te brengen. Waarmee hij hen uiteraard vaak het bloed van onder de nagels heeft gehaald.


Ludwig Van (YouTube, 5/01/2007, 1'07")

Mauricio Kagel was een hedendaags, humoristisch, romantisch, baldadig componist. Hij gebruikte een piano als slagwerk, en wandelstokken en boomtakken als reële instrumenten. Zijn musici moeten soms opzettelijk lelijk zingen, een dirigent moet zelfs ergens dood neervallen, volgens de partituur. In zijn meesterwerk, een Lieder-oper, 'Aus Deutschland', waarin Schubert en Goethe als personages optreden, toont hij zich bovendien een minstens even belangrijk literair avant-gardist als componist. Kagel was trouwens iemand die opvallend literair dacht en te werk ging, zich door teksten haast nog meer dan door muziek op denkbeelden liet brengen, en die minstens zo goed op zijn plaats is in de literaire avant-garde van de 20ste eeuw als in de muzikale.

Kagel verrijkte de muziekwereld vooral met nieuwe muziektheatrale concepten. De componist ontwikkelde ook nieuwe instrumenten en speeltechnieken en gebruikte niet-Europese muziek (Exotica) en eigenzinnigheden van muzikale taal in zijn composities. Kenmerkend was ook zijn humoristische benadering van kunst, zoals in de 'Phantasie für Orgel mit obligati' waarin een doorspoelend toilet deel uitmaakt van het instrumentarium.


L'art Bruit (YouTube, 3/11/2006, 10'40")

Het bevreemdende van Kagels werk zit hem, afgezien van sommige vroege stukken, hoofdzakelijk in de manier waarop hij oudere muziek naar zijn hand zet, want muziek is telkens het onderwerp van zijn composities. Ze kunnen gewijd zijn aan componisten, van de veertiende-eeuwse meester Guillaume de Machaut tot Brahms en Stravinsky. Ze kunnen vreemde, exotische of oude (Renaissance-)instrumenten voorschrijven, of de instrumenten om zo te zeggen 'mishandelen': een piano wordt als slagwerk gebruikt. Elders krijgen onmuzikale voorwerpen (wandelstokken, boomtakken) de rol en status van instrument toebedeeld. Van de optredende musici worden geregeld vreemde dingen geëist: opzettelijk lelijk zingen, spelen achter een kamerscherm - er is zelfs een dirigent die volgens de partituur dood moet neervallen.

Kagel had een voorkeur voor zulke theatrale elementen: soms doen de decors mee, vaak de belichting en de geluidsband die, om een voorbeeld te noemen, de aanwezigheid van een hele veestapel op het podium compenseert, plus allerlei natuurverschijnselen die in in bv 'Kantrimiusik' (lees : 'country music') voorgeschreven zijn (zoals een wolk, een bergtop met sneeuw, een glooiende heuvel -en dat niet voor een avondvullende opera, maar voor een stuk kamermuziek van drie kwartier). Het lijdt geen twijfel dat Kagel de muzikale vormen en gebruiken graag vervormde en op hun kop zette.

Extra :
Mauricio Kagel op www.edition-peters.de en brahms.ircam.fr
Mauricio Kagel : De vernieuwer, gesprek met Martine Cadieu, Ars Musica 99 op www.arsmusica.be
Mauricio Kagel, een inleiding..., Godfried-Willem Raes op www.logosfoundation.org
There Will Always Be Questions Enough. Mauricio Kagel in conversation with Max Nyffeler op www.beckmesser.de, 23/03/2000
'Lachen om de Dood', Jacques Kruithof, verschenen in Nieuw Wereld Tijdschrift, 1989, nummer 3, fragment opgenomen in programmaboekje deSingel, december 2000

Video :
Mauricio Kagel op UbuWeb Film (met o.a. fragmenten uit Antithese, Match, Hallelujah, Solo, Duo, MM51 / Nosferatu en Ludwig Van)
Mauricio Kagel op YouTube

Elders op Oorgetuige :
Het mondeling verraad : Kagels beruchte muziekepos over de duivel in het Nederrijns, 13/11/2007
Prometheus Ensemble meets Kagel, 15/10/2007
Ludwig Van... Kagel, 22/11/2006
Mauricio Kagel : componist en cineast, 20/10/2006
Parcours : Spectra Ensemble verkent de vier windstreken...(Kagel, Die Stücke der Windrose), 27/11/2006
Flat Earth Society (Mauricio Kagel, Zehn Märsche um den Sieg zu verfehlen), 18/10/2006

14:51 Gepost in Actualiteit | Permalink |  Facebook

08/03/2008

Muziek is geen vrijblijvende vrijetijdsbesteding

Muziekeducatie Afgelopen zomer deed Muziekcentrum Vlaanderen een oproep aan verschillende actoren uit het veld om zich te groeperen rond het thema muziekeducatie en - met de Staten-Generaal van de Klassieke Muziek 2007 in het vooruitzicht - daaromtrent een aantal standpunten te bepalen. Mét resultaat: de 'werkgroep Educatie' vergaderde in het najaar van 2007 drie keer en formuleerde tijdens de plenaire sessie van de Staten-Generaal op 1 december 2007 een reeks concrete voorstellen.

Muziekeducatie biedt onomstotelijk een meerwaarde voor de ontwikkeling van de mens. De absolute noodzaak van lichamelijke opvoeding in de evenwichtige ontplooiing van de menselijke persoonlijkheid (mens sana in corpore sano) wordt door niemand in vraag gesteld. Als het over muziek gaat, ligt dat wel even anders. Maar zoals sport de lichamelijke ontwikkeling van de mens stimuleert, zo stimuleert muziek niet alleen de psychische gezondheid, maar ook de ontwikkeling van maatschappelijke vaardigheden. Vandaar de noodzaak om mensen zoveel mogelijk in contact te brengen met muziek en muziekculturen.

Bovendien heeft een consequente en gestructureerde muziekeducatie een stimulerende invloed op de ontwikkeling van alle cognitieve vaardigheden. Mensen zoveel mogelijk aanzetten tot het ervaren en zelfs het beoefenen van muziek gebeurt best in een zo vroeg mogelijk stadium en is een blijvend aandachtspunt doorheen de verdere ontwikkeling van ieder individu.
Muziek verdient een volwaardige plaats in de maatschappij en kan niet gezien worden als een aspect van de vrije tijd dat geen humane waarde bijbrengt. Zowel het beleid, de opvoeders, de ouders als het hele maatschappelijk leven zouden zich daarvan bewust moeten zijn. Op dat gebied zou een duidelijke sensibiliseringsactie moeten worden ondernomen.

Het Eindverslag van de 'werkgroep Educatie' is een samenvatting van de standpunten, en de voorstellen gelden - ondanks de focus op muziek en met de nodige nuance - voor het hele veld van de kunsteducatie. De standpunten van de werkgroep zijn dan ook erg breed, te beginnen met het belang van muziek voor de hele maatschappij en daaropvolgend te focussen op deelaspecten uit het onderwijs en de vrije tijd. Op die manier wordt een poging gedaan om een aantal problemen aan te halen en - waar mogelijk - ook oplossingen aan te reiken.

Het volledige eindverslag van de 'werkgroep Educatie' kun je vanaf nu downloaden op www.weerklank.be. Je kan er uiteraard ook jouw standpunten en ideeën kwijt.

Elders op Oorgetuige :
Muzikale opvoeding als humane waarde : minder muziek is minder menselijkheid, 29/02/2008

10:00 Gepost in Actualiteit | Permalink |  Facebook

11/02/2008

Coming together : lezing rond Minimal Music

Frederic Rzewski Bl!NDMAN [4×4] en de leerlingen van de Gemeentelijke Academie voor Muziek, Woord en Dans Grimbergen werken een heel seizoen rond minimalisme in de muziek. Minimal Music omvat vele herhalingen, duidelijke tempo's en accenten. Sommigen vinden deze muziek saai, anderen vinden ze juist trance-verwekkend.

Tijdens het slotmoment op 12 april krijg je muziek van o.a. Frederic Rzewski, Steve Reich en Philip Glass te horen, uitgevoerd door de leerlingen van de academie en BL!NDMAN [4×4]. Als aanloop naar deze 'Coming together' slothappening verzorgt MATRIX enkele workshops, en woensdagavond geeft Maarten Quanten een lezing rond Minimal Music.

Tijd en plaats van het gebeuren :

Maarten Quanten : Lezing rond Minimal Music
Woensdag 13 februari 2008 om 19.30 u

CC Strombeek-Bever
Gemeenteplein,
1853 Grimbergen

Meer info : www.blindman.be en www.matrix-new-music.be

19:00 Gepost in Actualiteit | Permalink |  Facebook

De kunst van Morton Feldman

Morton Feldman Denken aan de muziek van Morton Feldman (1926-1987) roept een gevoel van duur en ruimte, zelfs een indruk van stilte op. Het grootste deel van zijn werk bestaat dan ook uit een langzame opeenvolging van zachte klanken. Feldman creëert een verstilde, meditatieve sfeer door een reeks zorgvuldig samengestelde, zacht gespeelde klanken na elkaar te plaatsen en hen rustig de tijd te geven om beluisterd te worden. Men kan zeggen dat hij grote kleurvlakken naast elkaar plaatst. Zijn stijl wordt dan ook vaak vergeleken met de abstracte schilderkunst van de New York school, met onder meer Willem de Kooning, Jackson Pollock, Mark Rothko en Philip Guston, mensen die bij voorkeur werken met grote oppervlakken en de kleur in hun werk voorop stellen. Feldman was ook persoonlijk bevriend met verschillende van deze artiesten en droeg verschillende werken aan hen op.

Rothko Chapel
De band met de schilderkunst is het meest expliciet in het werk Rothko Chapel, gecomponeerd in 1971 voor de opening van de Rothko Chapel in Houston (Texas) en tegelijk ter nagedachtenis van schilder Mark Rothko (1903-1970). Voor deze kapel realiseerde Rothko veertien monumentale doeken om een ruimte te creëren waarin mensen van elk geloof een plaats kunnen vinden om tot rust te komen. De grote monochrome doeken van Rothko in deze meditatieve ruimte en de muziek van Feldman vormen een quasi perfecte analogie, met kleur en ruimte als centrale begrippen.

Het belang van de kleur in Rothko Chapel blijkt onmiddellijk uit de keuze van Feldman voor een niet-alledaagse instrumentatie: altviool, celesta, percussie, koor, sopraan en alt. Met deze heldere timbres kan hij de hele ruimte vullen zonder de decibelschuif te moeten opendraaien, net als de schilderijen van Rothko waarin subtiel geschakeerde tinten het hele canvas, tot aan de rand, innemen. Tegelijk wordt bij Feldman het 'figuratieve' van melodie en ritme voor een belangrijk deel verdrongen ten voordele van abstracte klankvlakken, timbres met een zekere duur.

De illusie van oneindigheid
Toch is Rothko Chapel een van de meest 'lyrische' werken van Feldman, naast de cyclus The Viola in my life (1970). In het begin van de jaren '70 zien we dan ook een bescheiden omwenteling in zijn werk. Het opvallendste is waarschijnlijk de terugkeer naar de traditionele muzieknotatie, na de grafische partituren van de jaren '50 en de notatie in de jaren '60 met specificatie van de toonhoogte maar zonder tempo en ritme. Daarnaast zien we ook consonante akkoorden en melodische elementen opduiken. Later wordt zijn muziek opnieuw abstracter. Aspecten als vrij ritme duiken af en toe terug op, de melodische elementen worden teruggebracht tot korte ritmische figuren en Feldman gaat meer en meer met herhaling werken. Hij probeert zoveel mogelijk de context uit te schakelen: de lineaire opbouw wordt verdrongen door het verticale. Dit creëert een onzekerheid over de vorm, een illusie van oneindigheid (en in sommige gevallen benadert hij ook wel de oneindigheid, denken we hierbij aan zijn meer dan vijf uur durende tweede strijkkwartet uit 1983).

Verticaliteit
De sleutel van de verticaliteit ligt bij de traagheid van de opeenvolging. Als we het verband tussen de traagheid en de dominantie van het verticale ten opzichte van het melodische willen verklaren, moeten we kijken naar de werking van ons sensorisch geheugen of werkgeheugen. De informatie die via onze zintuigen onophoudelijk in onze hersenen binnenstroomt, wordt eerst gegroepeerd tot objecten zoals tonen of akkoorden. Vervolgens moeten we die objecten ook nog in een context kunnen plaatsen om zo hun betekenis ten volle te vatten. Hiervoor dient het werkgeheugen, waarin een aantal objecten kunnen gestockeerd worden. Voor de alledaagse waarneming van muziek kunnen we een duur van zowat drie seconden aannemen. Als de opeenvolgende klanken binnen deze tijdsruimte gepresenteerd worden, kunnen ze ritmisch met elkaar verbonden worden en kunnen er melodische en harmonische verbanden gecreëerd worden. Als er steeds minstens twee klanken binnen elke geheugenbuffer vallen, kan er een continuïteit gecreëerd worden en kunnen we ook een tempo waarnemen (zo ligt het traagste tempo op een gewone metronoom op 40 MM, wat overeenstemt met een periode van 1,5 seconde, precies de helft van de omvang van ons werkgeheugen).

Emancipatie van klank en kleur Feldman gaat nu juist op grote schaal gebruik maken van tijdsintervallen die deze driesecondengrens overschrijden. Zo gaan we de tonen en akkoorden waarnemen als individuele elementen, onze geheugenbuffer wordt volledig in beslag genomen door één enkele gebeurtenis die we dan ook ten volle gaan analyseren. Het belang van de relaties met de klanken uit de omgeving wordt zo geminimaliseerd. In plaats van grotere verbanden te creëren kunnen we slechts het verschil horen tussen twee opeenvolgende elementen. Hiermee zijn we opnieuw aanbeland bij de analogie met de doeken van Rothko, die enkel subtiel gekleurde vlakken tegenover elkaar plaatst. Net zoals Rothko met ruimte werkt, werkt Feldman met duur. Van een echt ritme is nauwelijks sprake, althans niet vanuit het standpunt van de waarnemer. En zo maakt Feldman gebruik van de beperkingen van ons geheugen om ons de rijkdom van de individuele klanken te leren kennen, en realiseert hij het adagium van John Cage: 'getting rid of the glue so that the sounds would be themselves'.

Dirk Moelants voor het Concertgebouw Brugge

12:00 Gepost in Actualiteit | Permalink |  Facebook

08/02/2008

Belgische Kamerfilharmonie : meer dan alleen een orkest

Logo Belgische Kamerfilharmonie Binnenkort wordt in De Singel het startschot gegeven van een gloednieuw cultureel project. Onder impuls van Artistiek Directeur Ben Haemhouts zal de "Belgische Kamerfilharmonie" op 11 februari voor de eerste keer verzamelen.

De Belgische Kamerfilharmonie wil zich toeleggen op de klassieke en vroeg-romantische periode, en plaatst die muziek in een actueel kader aan de hand van een confrontatie met hedendaagse muziek. Met innovatieve concertprogramma's wil de Belgische Kamerfilharmonie enerzijds, via het grote repertoire voor kamerorkest, de muzikale traditie in stand houden, en anderzijds vernieuwing brengen in dit repertoire door kwalitatieve nieuwe muziek op toegankelijke en verantwoorde wijze op het programma te plaatsen.

Het orkest bestaat uit een vaste kern van gerenommeerde en ervaren aanvoerders en wordt uitgebreid met dynamische talentvolle musici uit het hele land. Een van de pijlers binnen de werking wordt het "Huis voor Jonge Componisten". In de vorm van een 'componistenacademie' krijgt jong en veelbelovend Belgisch compositietalent bij de Belgische Kamerfilharmonie de kans zich te ontplooien, onder begeleiding van een gerenommeerd componist die als mentor fungeert. Via werksessies met het orkest, krijgt het jonge talent de kans zijn werk onder kundige begeleiding verder te ontwikkelen tot aan de creatie toe.

Op 11 februari wordt een eerste werksessie georganiseerd met Steven Prengels. Deze beloftevolle jonge componist werd als eerste geselecteerd door het Huis voor Jonge Componisten. Onder de leiding van Wim Henderickx werkt hij aan een nieuwe compositie, die op 8 april door de Belgische Kamerfilharmonie in de Singel zal gecreëerd worden.

Het gloednieuwe orkest wil zich ook sociaal engageren. Het is niet alleen een doel maar ook een maatschappelijke plicht van de Belgische Kamerfilharmonie, klassieke muziek te brengen voor alle lagen van de bevolking. Zo vormen allerhande kansengroepen en minder voor de hand liggende concertbezoekers een belangrijke doelgroep waarnaar de Belgische Kamerfilharmonie zich in samenwerking en dialoog met werkgroepen en verenigingen richt.

En ook de allerjongsten worden niet vergeten. Doorgaans vindt men in België in een traditioneel concertpubliek erg weinig kinderen en jongeren. Landen als Duitsland tonen aan dat het ook anders kan. Eén van de belangrijkste middelen om dit te doen omslaan, is een nieuwe communicatieve én educatieve aanpak, die bovendien niet eenmalig of projectmatig mag gezien worden. Het is een belangrijk doel van de Belgische Kamerfilharmonie om te trachten meer kinderen in contact te brengen met klassieke muziek en hen er voor warm te maken op een manier die eigen is aan hun denkwereld. Met het project 'een Beetje Beethoven' gaat een kleine kern van de Belgische Kamerfilharmonie onder impuls van artistiek leider Ben Haemhouts naar de scholen toe, om er in de klassen de kids uit te nodigen voor een heus concert.

De Belgische Kamerfilharmonie wil een "Huis van Muziek" zijn, en meer dan alleen een orkest. Er is immers ruimte en zelfs nood aan een kwalitatief kamerorkest, dat zich op termijn wil profileren als een eigentijds en flexibel kamerorkest dat werkt met internationaal gerenommeerde solisten en dirigenten.

Alle verdere info vind je op www.belgischekamerfilharmonie.be en www.desingel.be

13:00 Gepost in Actualiteit | Permalink |  Facebook

30/01/2008

Nieuwe discussie op Weerklank : ook jouw mening telt !

Weerklank Vorige vrijdag gaf Professor Herman Sabbe naar aanleiding van het debat op de ISCM-dag op 25 januari 2008 in deSingel in Antwerpen een bijzondere evolutionistische kijk op hedendaagse muziek. Daarop volgde een debat met als deelnemers Prof. Herman Sabbe, Lucien Posman, Serge Verstockt, Esther Venrooy en Peter Vermeersch.

Nieuwe muziek is heilzaam
Een van zijn belangrijkste conclusies was dat nieuwe muziek een evolutionair voordeel oplevert. "Voorbereid zijn is immers een evolutionair voordeel. Nieuwe muziek is een goede oefening om voorbereid te zijn (op verrassingen), om het aanpassingsvermogen van het brein aan te scherpen, de mentale flexibiliteit te verhogen, de alertheid van de geest op te voeren. Muziek die ingaat tegen afspraken leert het brein genoegen te putten uit uitgestelde bevrediging. Nieuwe muziek spreekt intensief de neocortex aan, de bewuste verwerking. Zij volgt de 'lange weg' door ons hersenstelsel, naar de cognitieve beoordeling. Nieuwe Muziek is in dit opzicht dus toch heilzaam, op termijn."

Ben jij het daarmee eens (of niet), heb je er iets aan toe te voegen ? Wat betekent (nieuwe) muziek voor jou ? Kruip in je pen en geef weerklank op www.weerklank.be

Elders op Oorgetuige :
Tweede ISCM Dag in deSingel in Antwerpen, 22/01/2008

17:34 Gepost in Actualiteit | Permalink |  Facebook

09/01/2008

In memoriam Henri Chopin (1922 - 2008)

Henri Chopin Op 3 januari overleed de Franse avant-garde dichter Henri Chopin. Hij was een van de vaders van de klankpoëzie. De uitvinder van wat hij zelf 'poésie sonore' doopte, blijft tot vandaag ietwat miskend. Naast schrijven en musiceren, bracht Chopin uiteenlopende kunstenaars bijeen in ondertussen klassieke audiovisuele uitgaves. Zijn legendarische 'revue OU' gaf dichters als Brion Gysin en William S. Burroughs een platform. Meer dan vijftig jaar experimenteerde Henri Chopin  met elektronische middelen versus stem en lichaam. Zijn geluidskunst is niet alom bekend, maar live was de man een heus evenement.

Het heeft niet veel gescheeld of het was al vroeg afgelopen met Chopin. In 1942 werd hij door de Franse Service du Travail Obligatoire naar het toenmalige Pruisen gestuurd. Na een verblijf in Königsberg en Olmütz kwam hij in een werkkamp terecht en vervolgens in de gevangenis. Chopin weigerde te werken en wierp daarvoor het argument "Je suis un poète !" op. Twee jaar later ontsnapte hij en vluchtte naar het oosten. Daar werd hij initieel als een spion beschouwd, en begon hij als kok voor het Russische leger te werken. In die periode liggen de wortels voor zijn klankkunst. Hij maakte kennis met talen en dialecten uit de Kaukasus, tongvallen waar vaak klanknabootsing in voorkomt, een later veel gebruikt stijlkenmerk. Maar Chopin was op dat moment nog lang niet met muziek bezig. Bij zijn repatriëring in 1945 vernam hij immers dat zijn twee broers waren gesneuveld in het verzet. Koppig schreef Chopin zich in 1948 vrijwillig bij het leger in, deed eerst in Innsbruck en later in Indochina dienst.

Pas in 1955, na zijn huwelijk met de Schotse Jean Ratcliffe, legt hij zich toe op de eerste sonore probeersels. Aan de basis van zijn werk liggen de taal en de menselijke stem. James Joyce, de beroemde schrijver die Chopin via zijn vrouw leerde kennen, noemt hij tot vandaag een belangrijke invloed. Zo ook de vrij onbekende Fransman Altagor, een filosoof, schilder en totaalkunstenaar aan wie de eerste metapoëzie wordt toegeschreven. In eerste instantie experimenteerde Chopin thuis met tape en stem. Dat leidde in 1957 tot de publicatie van het boekje Signes. De uitgeverij ervan, Éditions Caractères, werd gerund door Maurice Lemaître, een van de sleutelfiguren van het lettrisme (een literaire vorm die zich op de 'muziek van de letter' richt eerder dan op tekst).

In plaats van zich bij die strekking aan te sluiten, begon Chopin met eigen uitgaves, waaronder de ondertussen klassieke magazines Cinquième saison en - vooral - de revue OU, een audiovisuele uitgave die zowel opnames als teksten, beelden, collages en multiples bond. In goed twintig jaar verzamelde Chopin belangrijke figuren uit stromingen van het lettrisme tot Fluxus. Bovendien plaatste hij de destijds jongere schrijvers en kunstenaars (William S. Burroughs, Brion Gysin, Ian Hamilton Finlay) naast de oudere generatie (Jean Arp, Raoul Hausmann, Marcel Janco).

Het werk van Chopin gaat erg breed. Naast zijn dichtwerk begon hij ook te schilderen, grafische ontwerpen te maken, typografieën te bedenken, films te draaien en radioprogramma's in te blikken. In die zin is hij een goeie barometer voor de Europese kunst tussen 1950 en '70. In vijftig jaar tijd bracht Chopin tientallen cassettes, platen en cd's uit, vaak gelimiteerde uitgaves waar fanatiek naar wordt gezocht. Steeds manipuleert hij zijn stem met elektronica tot bevreemdende klankschetsen die de ene keer rustgevend werken, maar meestal erg hectisch en noisy klinken. Spelend met de balans tussen chaos en orde, herinnert Chopins werk eraan dat taal vandaag evenveel te maken heeft met een orale traditie als met de literatuur.

Bron : Henri Chopin: Sonore poëziepionier, Ive Stevenheydens op www.brusselnieuws.be, 12/12/2007

Ook Mixtuur brengt vanavond (9/12 om 22.08 u ) een hommage aan Henri Chopin.
Meer info op www.klara.be en mixtuur.blogspot.com

Extra :
Henri Chopin op www.wikio.fr, UbuWeb Sound, UbuWeb Film en YouTube
Henri Chopin: 1922 - 2008, David Rogerson op www.sonicartsnetwork.org, 7/01/2008
Tribute to Henry Chopin op soulsphincter.blogspot.com, 6/01/2008
Henri Chopin (1922-2008) An individual & Sound Poetry beyond Bounds, David-Baptiste Chirot op davidbaptistechirot.blogspot.com, 5/01/2008
Henri Chopin RIP (1922 - 2008) op www.erratum.org

Elders op Oorgetuige :
Henri Chopin : vampier van de sonore poëzie live in Brussel, 13/12/2007

20:49 Gepost in Actualiteit | Permalink |  Facebook

02/01/2008

In memoriam Jan Briers sr

Jan Briers sr Op zondag 30 december 2007 overleed Prof. Em. Dr. Jan Ridder Briers sr. Jan Briers maakte vooral furore als oprichter van het Festival van Vlaanderen. Onder zijn impuls werd Gent de bakermat van het Festival, dat hij ook uitbreidde tot een organisatie die in heel Vlaanderen actief is.

Jan Briers was een bijzonder veelzijdig iemand. Hij richtte het Festival van Vlaanderen op in 1958, precies 50 jaar geleden, terwijl hij tegelijkertijd directeur van Radio 2 was en doceerde aan de universiteiten van Gent en Brussel. Samen met zijn assistent, Gerard Mortier, zette hij in één decennium het klassieke muziekleven in Vlaanderen op de internationale kaart.

Het Festival was een uit de hand gelopen hobby, die vandaag staat voor meer dan 450 concerten in 82 Vlaamse steden en gemeenten en Brussel. Het Festival van Vlaanderen heeft vanuit Gent 6 afdelingen uitgebouwd: Antwerpen (Laus Polyphoniae & Music@venture), Brugge (Musica Antiqua), Brussel (KlaraFestival), Limburg (Basilica), Mechelen en Vlaams-Brabant (Novecento & Transit).

Als Vlaming in hart en nieren die o.a. de Prijs van de Vlaamse Gemeenschap en de Orde van de Vlaamse Leeuw ontving, bracht Jan Briers sr. alle afdelingen van het Festival van Vlaanderen en het Festival de Wallonie jaarlijks samen op een concert in het Koninklijk Paleis op uitnodiging van de Vorsten. Als bestuurder bij de Nationale Opera, bij de Koningin Elisabethwedstrijd en de European Festivals Association, wilde hij eerst en vooral de Vlaamse cultuur op een internationaal podium plaatsen.

Jan Briers was ook de man van de cultuurparticipatie: vb. toen hij als directeur van Radio 2 'Ankers los' organiseerde of 'Music for the Millions' promootte of toen hij zijn Festival van Vlaanderen voor het brede publiek toegankelijk maakte met de eerste festivalhappenings, met Maurice Béjart in het Sportpaleis van Gent, met straatconcerten waarin TC Matic en Jo Lemaire hun begincarrière beleefden. Hij ging met de cultuur naar de mensen toe: topcultuur hoort niet alleen thuis in de grote steden, maar dankzij hem vandaag ook in bijna 80 kleinere gemeenten en dorpen.

Hij was ook de man van de informatie en misschien is zijn grootste realisatie bij de televisie het programma 'Zoeklicht', dat gedurende 14 jaar het cultuuraanbod naar het televisiepubliek bracht, net voor het avondnieuws; bij de radio was het de creatie van 'Splinternieuws' of de eerste vorm van regionale berichtgeving via Radio 2. Vandaag is regionale berichtgeving via televisiestations, radio en gedrukte media niet meer weg te denken.

Hij was ontzettend fier Gentenaar te mogen zijn en koesterde in zijn geboortestad de historische gebouwen en 'zijn' kathedraal als geen ander: het Concertgebouworkest van Amsterdam en de Wiener Philharmoniker wilden gedurende jaren alleen België aandoen als het Festival van Vlaanderen en de kathedraal ook op de agenda waren opgenomen.

Voor hem was zijn loopbaan aan de Universiteit van Gent, waar hij bij de Vakgroep Communicatiewetenschappen vooral de audiovisuele media doceerde die toen hun echte opmars kenden, de boeiendste periode uit zijn loopbaan.

Hij besloot zijn carrière vervroegd, zowel bij de VRT, als bij de Universiteit, als bij het Festival, omdat hij plaats wilde maken voor de nieuwe generatie, maar bleef met zijn ongebreidelde ideeënvloed een uniek communicator, naar jong en oud. Jan Briers sr. werd bij het Festival van Vlaanderen in 1988 door zijn zoon, Jan Briers jr., opgevolgd.

16:36 Gepost in Actualiteit | Permalink |  Facebook

27/12/2007

Music Fund stuurt pianohersteller naar de Westbank

Olivier Marie in Palestina, met leerling Iyad Jarradat © Lukas Pairon, Music Fund Van 28 december tot 3 januari trekt Music Fund opnieuw naar Israel en Palestina. Deze keer wordt er werk gemaakt van een erg bijzonder project voor de muziekscholen in de Westbank, door voor een langere periode van een jaar een piano-stemmer en -hersteller uit Frankrijk uit te sturen om er jonge Palestijnen aan te leren hoe de piano's van de muziekscholen van Ramallah en Nablus te stemmen en te herstellen. De opleiding van zulke techniekers is van enorm belang voor de verdere uitbouw van het muziekonderwijs in deze regio.

De muziekscholen in de Palestijnse grondgebieden hebben piano's gekregen van Music Fund, maar missen mensen met de know-how om ze en onderhouden en herstellen. Er is in heel het gebied slechts één pianostemmer en -hersteller, de man is erg oud en kan zich nog moeilijk verplaatsen. In juli 2007 stuurde Music Fund de piano-expert Olivier Marie voor een initiatie-cursus naar Nablus en Ramallah. Hij gaf er les aan verschillende geïnteresseerde jonge mensen verbonden aan de muziekscholen daar. Maar het vraagt heel veel tijd om te leren hoe een piano te stemmen en te herstellen.

Olivier Marie stelde daarom voor om zich een jaar lang in de regio te vestigen en er verschillende jonge pianoherstellers op te leiden. Olivier over zijn project: "De muziekscholen in Palestina zijn als kleine paradijsjes in het midden van een heel gespannen omgeving. De piano's worden er intensief gebruikt en zouden regelmatig gestemd en nagekeken moeten worden om ervoor te zorgen dat ze in goede staat blijven. Er zijn echter geen piano-stemmers en -techniekers in de regio en de Palestijnen zijn daarom afhankelijk van toevallige passages van buitenlandse piano-stemmers die dan af en toe wat aan de instrumenten komen sleutelen. In juli 2007 heb ik al enkele Palestijnen kunnen initiëren. Ze toonden veel talent en motivatie voor het vak. Als ik een jaar lang in de regio zou kunnen werken, dan zie ik mezelf één of meerdere piano-techniekers opleiden. Het zou ervoor kunnen zorgen dat de kwaliteit van het instrumentenpark en daarmee ook het muziekonderwijs en -praktijk zou verbeteren in de Westbank."

De totale kostprijs om Olivier Marie een jaar lang naar Nablus en Ramallah te sturen, bedraagt € 26.000 (een beperkt leefloon, reiskosten, aankoop en transport van gereedschap en onderdelen voor ateliers ter plaatse, verzekering, en verblijfskosten). De noord-Franse stad Lille besliste om de helft van deze som te financieren. Voor de rest van het bedrag is Music Fund nog steeds op zoek naar milde weldoeners.

Alles over de projecten van Music Fund vind je op www.musicfund.be en paironisrpal.canalblog.com.

 Zondagavond op tv
TF1 stuurde op zaterdag december een filmploeg mee met Music Fund naar Ramallah en Nablus. De beelden zijn op zondag 30 december te zien in het avondnieuws van TF1 (eveneens via internet te bekijken op www.tf1.fr).

Elders op Oorgetuige :
Note for Sale : noten kopen voor het goede doel, 3/10/2007
Give music a chance : The Exchange, 2/05/2007
Ictus en Music Fund in het Midden Oosten, 28/12/2006
Meer dan 300 muziekinstrumenten voor het Midden-Oosten, 5/12/2006
Muziek als instrument van ontwikkeling, 30/10/2006

07:00 Gepost in Actualiteit | Permalink |  Facebook