12/03/2014

Win gratis tickets voor Utopia met Spectra & Matan Porat in de Handelsbeurs in Gent

György Ligeti Op zaterdag 15 maart verwelkomt Spectra pianist Matan Porat in de Handelsbeurs in Gent voor 'Utopia'. In dit concert wordt Ligeti (foto) geflankeerd door werk van Goeyvaerts en Vivier. Naast Matan Porat is ook sopraan Hanne Roos te gast bij het ensemble. Een nieuwe 'taal van de liefde' ontstaat en jij kunt er - zelfs gratis - van genieten. Ter gelegenheid van deze unieke concertavond geeft Oorgetuige maar liefst 5 gratis duotickets weg. Wil jij erbij zijn, stuur dan als de vliegende bliksem een mailtje naar christel@vastenavont.com. Meedoen kan tot uiterlijk vrijdag 14 maart 2014 om 12.00 u. De gelukkige winnaars worden verwittigd per e-mail en de tickets zullen klaarliggen aan de avondkassa.

Het Spectra Ensemble plaatst Ligeti's 'Klavierkonzert' in het gezelschap van twee al even ondogmatische componisten, die elk vanuit hun persoonlijke utopie een  nieuw soort muziek schiepen. In het lange liefdeslied Bouchara vond Claude Vivier een nieuwe, onbestaande 'taal van de liefde' uit. Karel Goeyvaerts schreef 'Zum Wassermann' in de aanloop naar zijn levenswerk Aquarius, de opera waarin deze belangrijkste Belgische componist van  de 20ste eeuw zijn kijk op de maatschappij verklankte.

György Liget - Pianoconcerto
"Ligeti heeft zich eigenlijk nooit laten opsluiten in een club of coterie. Zelfs tijdens zijn experimentele periode in de jaren '50 en '60 is hij eigenlijk altijd deuntjes blijven schrijven", zegt Filip Rathé in een gesprek over het programma. Weliswaar tientallen deuntjes terzelfdertijd , waardoor ze verdwijnen in een geraffineerde klanktextuur die grenst aan noise - 'micropolyfonie' zoals hij het noemt. Maar als je in detail naar de partituur kijkt, blijven het melodieën. Het grote verschil in de jaren 80 is dat Ligeti dit niet meer per se wil camoufleren. In het pianoconcerto maakt hij zijn methode zo transparant dat zijn 'deuntjes' opnieuw hoorbaar worden. Een gelijkaardige ommekeer zien we omstreeks hetzelfde tijdstip ook bij Vivier en Goeyvaerts. Ook zij beginnen net dan muziek te schrijven waarvan het oppervlakteniveau opnieuw een grote toegankelijkheid heeft. Maar vergis je niet, onder de oppervlakte blijven ze verrassend trouw aan hun oorspronkelijke project."

György Ligeti omschreef zichzelf als 'een blinde, zoekend in een labyrint'. Het briljante pianoconcerto van de Hongaar vormt het eindpunt van dat  lange zoekproces waarin hij zijn muziek bleef herdenken, wars van dogma's en conventies. Invloeden van Afrikaanse en Aziatische percussie, Amerikaanse jazz en Europese folklore versmelten er met typisch Ligetiaanse klankwolken en tegendraadse ritmes tot 'imaginaire, synthetische wereldmuziek'.

Claude Vivier - Bouchara
Claude Vivier
schreef 'Bouchara' voor sopraan, blaaskwintet, strijkkwintet en percussie in 1981. Het stuk maakt deel uit van een grotere cyclus van werken die de mythologische figuur Marco Polo als onderwerp hebben. De titel verwijst naar Bukhara, een stad langs de Zijderoute gelegen in Oezbekistan. 'Bouchara' is een liefdeslied in een verzonnen taal, waar in de partij van de zangeres niet één tel rust voorkomt.

Bouchara, de beruchte stad aan de zijderoute, heeft in het Westen altijd tot de verbeelding gesproken. In de negende eeuw was het al een centrum van de islamitische wereld. Wetenschappers, dichters en andere kunstenaars werden aangetrokken door de stad.
Claude Vivier koos 'Bouchara' als titel voor wat één van zijn bekendste composities zou worden. Niet dat hij er zoveel op in naam heeft staan: een vijftigtal om precies te zijn. Hij stierf immers in eerder tragische omstandigheden op vijfendertigjarige leeftljd. In die korte tijdsspanne wist hij met 'Zipangu', 'Lonely Child', 'Prologue pour un Marco Polo' en 'Bouchara' een aantal composities te voltooien die tot de bijzonderste van de westerse twintigste-eeuwse muziekgeschiedenls behoren.

'Bouchara' voor sopraan, ensemble en elektronica heeft als ondertitel 'chanson d’amour' en is letterlijk bedoeld als een liefdeslied voor Dino Olivieri. De premiere vond plaats in 1983 te Parijs. Een paar weken voor zijn dood, in een brief van 7 januari 1983, schreef Vivier aan Thérèse Desjardin: "Het eerste concert in Beaubourg op 14 februari. Ik ben erg nerveus, heb een verschrikkelijke angst, dit stuk is zo rein (het liefdeslied voor Dino). Ik hoop dat het publiek mijn gereduceerde muziek zal begrijpen (...) ze is van een lyrisme dat van elke bombast bevrijd is."

Deze 'gereduceerde muziek' valt ook in andere composities van Vivier te horen. De klanken bewonen een wereld tussen gregoriaans, modaliteit en serialiteit, homoritmiek, bedwelmende melodieën, zorgvuldig gekozen timbres en een zoektocht doorheen het spectrum van iedere klank. Onder meer door de zangeres geen rustpunten te gunnen, naast de noodzakelijke korte momenten van ademhaling, krijgt dit klankstuk een stuwende sfeer ondanks het trage tempo. Dit gevoel wordt verhevigd doordat de compositie evolueert van vier naar twaalf partijen. Deze klinken echter op elk moment als één instrument.

Het is enigszins verbazend te moeten vaststellen dat de meeste teksten omtrent 'Bouchara' met verwondering noteren dat Vivier in deze compositie een zelf uitgevonden taal aanwendde. Er bestaat immers een eeuwenoude traditie betreffende kunsttalen, nonsens verzen, klankpoezie, glossolalie enz. Talrijke componisten in de twintigste eeuw - denken we maar aan Ligeti, Schnebel, Riedl, Kagel - hebben gebruik gemaakt van poëzie en libretti die talige elementen aanwenden die op het eerste gezicht of gehoor niet semantisch geduid kunnen worden. Dat neemt natuurlijk niet weg dat er telkens een betekenis is, soms wordt er gewoon iets meer verbeelding gevraagd. Bij Vivier versterkt de eigen fonementaal de uiting van liefde die nauwelijks in alledaags taalgebruik gevat kan worden. Een verhaal van alle tijden, van alle talen tegelijkertijd. De misthoorn die op het einde van het stuk elektronisch gegenereerd wordt, is als het ware het oriëntatiepunt waar een zoekende geest zich naar kan richten. Voor Vivier was de zoektocht naar liefde er één doorheen zowel leven als dood, in die mate natuurlijk dat beide niet sowieso al met elkaar vervlochten zijn.

Karel Goeyvaerts - Zum Wassermann
Na de hoogbloei van de Vlaamse polyfonie in de vijftiende en zestiende eeuw, was het wachten op Karel Goeyvaerts (1923-1993) om als Vlaams componist de Europese muziekgeschiedenis ingrijpend te beïnvloeden. Samen met ronkende namen als Stockhausen, Nono en Boulez lag hij aan de basis van de radicaal vernieuwende naoorlogse kunstmuziek.
Zijn Nummer 1, een soniate voor twee piano's, wordt algemeen gezien als de start van het serialisme, de strenge compositietechniek die Goeyvaerts later zou verlaten voor een minder radicale, mildere muziektaal. De opera Aquarius, zijn levenswerk, herinterpreteert bet begrip tonaliteit en consonantie. De authenticiteit, de frisse ideeën en directe emotionaliteit maken van de opera een partituur die toegankelijk is voor een ruimer publiek. Aquarius werd deel per deel gerealiseerd en in 1992, een jaar voor zijn dood, afgewerkt.
Zum Wassermann is een van de stadia in de uiteindelijke verwezenlijking van de opera. Het werk bevat het muzikale materiaal van de vier eerste tonelen van het eerste bedrijf. De thematiek van de opera is het drama van de maatschappij. Goeyvaerts werkt aspecten van de veranderende hedendaagse samenleving uit, vanuit een diepmenselijk geloof in een betere wereld. Het 'Vorspiel' heeft de stugheid van een dwangbestaan: de 'letter van de wet', de strenge beperking van persoonlijke gedrevenheid. 'Erwachen' is een felle uitbarsting van vitatiteit, een drang naar autonomie, voortkomend uit de bewustwording van de eigen geaardheid. Het derde deel, 'Wassermann-Gesang' , is de intuïtieve benadering, de vrouwelijke waarneming van de nieuwe vormen van samenleving, waarvan elk gebaseerd op een eigen harmonische situatie. Het daarop naadloos aansluitende vierde deel, 'Zum Wassermann' , symboliseert de 'mannelijke' benadering van rationele opbouw: 'nieuwe wetten'.

Johan Huys over 'Zum Wassermann' : "In de astrologie vervult de zodiak een belangrijke rol, maar van een nog groter belang zijn de cycli van de astrologische tijdperken die zich over duizenden jaren uitstrekken. Momenteel beleven we nog steeds het tijdperk van de Vissen, dat verbonden is met de grote periode van het Christendom. Talrijke gebeurtenissen - oorlogen, natuurrampen, religieuze en morele crisissen enzovoort - wijzen op de nadering van een nieuw tijdperk dat een periode van herstel en evenwicht zal brengen: het Watermantijdperk of Aquarius, dat zal lopen van ca. 2140/2160 tot ca. 4320. Het wordt gezien als een periode van evenwicht en harmonie in de menselijke betrekkingen en van een natuurlijke hiërarchie van menselijke waarden. Helaas, wij zullen het niet meer meemaken. Karel Goeyvaerts, geboren op 8 juni 1923, vond van zichzelf dat hij het evenwicht en de harmonie van het Aquariustijdperk voldoende had bereikt toen hij in 1983 aan zijn groots opgezette gelijknamige opera in twee bedrijven begon. Het eerste stuk dat hij in 1983 componeerde voor kamerorkestbezetting was Zum Wassermann. Bij de creatie door de Nieuwe Muziekgroep - in de Week van de Hedendaagse Muziek, Muzikon vzw, Gent 1986 - werd het als volgt omschreven: 'De lange weg naar het Watermantijdperk wordt geleidelijk aan ontdekt. Elke nieuwe, nog onzekere stap komt tot uiting in de geleidelijke opbouw van een muzikale cel.' Zum Wassermann is in de opera het vierde en laatste deel van het eerste bedrijf, waarin de zoekende mens al te rationeel bezig is en, zoals in een 'American way of life' enkel bezorgd is om onmiddellijke materiële welvaart. Dat loopt verkeerd af. Haperingen worden zichtbaar (én hoorbaar ...) in de opbouw. Alles verbrokkelt en het onhoudbare en uitzichtloze van deze situatie worden ingezien. Het slot van Zum Wassermann is de totale ineenstorting van het 'Pseudo'-Watermantijdperk. Toch is er hoop: in het tweede bedrijf van de opera zal de mens, geleerd door zijn mislukking, zijn tocht naar Aquarius herbeginnen, om uiteindelijk de Heilige Stad te bereiken: een maatschappij zonder leider ... "

Programma :

  • Claude Vivier, 'Bouchara' voor sopraan en ensemble (1981)
  • György Ligeti, Pianoconcerto (1985-1988)
  • Karel Goeyvaerts, Zum Wasserman (1984)

Praktische info :

Spectra Ensemble, Matan Porat & Hanne Roos : Utopia
Zaterdag 15 maart 2014 om 20.15 u
Handelsbeurs - Gent

Kouter 29
9000 Gent

Meer info : www.handelsbeurs.be en www.spectraensemble.com

Extra:
György Ligeti : www.schott-musik.de en youtube
Györgi Ligeti (1923 - 2006): emotioneel scepticus, Jan de Kruijff op www.musicalifeiten.nl, juni 2006
Claude Vivier : brahms.ircam.fr, www.thecanadianencyclopedia.com en youtube
Karel Goeyvaerts op www.matrix-new-music.be, www.cebedem.be en youtube

17:51 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook

De commentaren zijn gesloten.