16/03/2012

Amsterdam Sinfonietta met meeslepend Amerikaans programma in de Bijloke

Philip Glass Philip Glass (foto) componeerde in 2009 zijn tweede vioolconcerto voor Robert McDuffie die als enige het werk mag vertolken. De ondertitel is een knipoog naar de beroemdste bladzijden van Vivaldi. Glass parafraseert de 'Quattro Stagione' in zijn typische idioom. Tristan Keuris, gestorven in 1996, was een outcast in de Nederlandse hedendaagse muziek. Hij hield zich ver van de cenakels van de avant-garde en cultiveerde de romantische traditie. Hij plukte uit Mahler, Brahms of Stravinsky wat hem uitkwam en verwerkte dat tot een consistent oeuvre. John Adams, de gedoodverfde opvolger van Glass en Reich, verrijkte de taal van het minimalisme met heen en weer slingerende melodische cellen.

Philip Glass - Vioolconcert nr. 2 'The Amencan Four Seasons'
Philip Glass is een sleutelfiguur uit de naoorlogse muziekgeschiedenis. De première van zijn megaopera Einstein on the Beach in 1976 maakte hem wereldberoemd als een heraut van de minimal music - een term die al spoedig misverstanden opriep en die in het promotiemateriaal van Glass' uitgever zorgvuldig vermeden wordt. Evenals zijn geestverwanten Steve Reich en John Adams is hij sindsdien steeds verder afgedreven van het oorspronkelijke 'minimalistische' concept. Dat concept was gebaseerd op voortdurende herhaling met subtiele variaties. Uit op zich simpel toonmateriaal, en met op zich simpele procedures, werden duizelingwekkende klankweefsels gecreëerd. Dat kan op veel manieren, getuigen de verschillende wegen die de grondleggers van meet af aan zijn ingeslagen. Logisch, want die eenvoud van materiaal en techniek vertelt niet het hele verhaal.
Zoals Reich aanknoopt bij Afrikaanse slagwerkmuziek en Joodse gezangen, put Glass uit een pantheon van zeer verschillende muzikale en muziekfilosofische invloeden. Zijn stukken zijn niet alleen de uitkomst van een enkele geslaagde vondst, maar van een optelsom die begon in de radiowinkel van zijn vader, waar hij als kind de muziek ontdekte. Daarna volgden de studies wiskunde en filosofie, compositielessen bij onder anderen Darius Milhaud, Aaron Copland en Nadia Boulanger, een grondige bestudering van Indiase muziek, onderzoeksreizen naar Noord-Afrika en de Himalaya en een intensieve samenwerking met theatermakers. Vaak neigt Glass' muziek naar rock, niet in de laatste plaats door de stuwende ritmiek en zijn gebruik van elektronische klankbronnen. "lk kan me uitdrukken met elektronica, maar ik houd ook van een gewoon orkest", verklaarde hij bij de première van zijn Eerste vloolconcert - een genre waarin hij zich hoorbaar thuis bleek te voelen.
Een tweede concert lag dan ook in de lijn der verwachting, al had Glass niet kunnen vuarzien dat violist Robert McDuffie hem zou vragen een eigentijds antwoord op Vivaldi's Vier Jaargetijden te componeren. Het verbaasde McDuffie zelf in zekere zin ook, want als conservatoriumstudent was hij "een verklaard Glass-hater. We mochten zijn muziek graag afzeiken. Pure onwetendheid, is mij nu duidelijk. We kenden zijn werk gewoon niet. Het is makkelijk zijn formuleachtige structuur te parodiëren, maar niet het muzikale DNA ervan".
De bekeerde Mcfluffle kreeg zijn concert, en heeft goede reden om ermee op missie te gaan; als er één Glass-stuk in staat is om eventuele afkeer van diens muziek te bezweren is het wel deze American Four Seasons . Vivaldi en Glass hebben genoeg raakvlakken: een vergelijkbare continue ritmische stuwing en dezelfde obsessieve herhalingen van notenreeksen. Het benaderen van Vivaldi's klankbeeld ging Glass opmerkelijk goed af. McDuffie had een paar specifieke eisen die prima in het concept bleken te passen: de obligate klavecimbelpartij moest door een synthesizer gespeeld worden en het slotdeel moest echt "een vette rock-'n-roll-finale worden".

Overigens nam Glass de vrijheid om elk van de vier delen een inleiding van de soloviool mee te geven; verrassende, soms amper als Glass herkenbare muziek, die volgens de componist ook als zelfstandig vierdelig solostuk kan worden uitgevoerd. Voorts îs het concert, ondanks de duidelijke Vivaldi-inslag. vintage Glass. Je hoort de typische golfbeweging van majeur- en mineur-drieklanken, de cyclische patronen, het raderwerk van over elkaar schuivende ritmische lagen. Soms duiken ritmische vertragingen of 'cantando'-accentueringen in de melodievoering op, die het beeld veranderen van Glass als maker van mechanische, robotachtige muziek.
De delen hebben geen titels - met opzet. Componist en violist kregen een meningsverschil over welke delen respectievelijk 'winter' en 'zomer' uitdrukken, maar staan verder nog steeds op goede voet met elkaar. Die interpretatieve vrijheid wordt dus ook de luisteraar gegund.

Tristan Keuris - Variations for strings
Het is nu amper voorstelbaar, maar in de jaren '50 en 70 was collegialiteit en begrip tussen componisten niet vanzelfsprekend - althans niet zozeer dat Tristan Keuris door zijn vakgenoten geprezen werd om zijn afwijkende muzikale taal. Hoon was zijn deel, want Keuris was spaarzaam met de toen 'verplichte' seriele schrijfwijze en bediende zich van de klassieke, welluidende tonaliteit wanneer hem dat uitkwam. Dat mocht niet: Europa was nog steeds in wederopbouw na de oorlog, en de klassiek-romantische tijd was voorbij. Hoe meer die overtuiging de vorm van een oekaze aannam, hoe meer Keuris zich ertegen verzette. Echte erkenning, van critici en collega's. kwam wreed genoeg pas na zijn voortijdige dood in 1996. Publiek en musici waren al langer aan hem verknocht: eindelijk weer eens een componist die van nature aanvoelt wat lekker ligt voor een instrument, en hoe 'moeilijk' een compositie mag zijn om boeiend te zijn voor het publiek. Keuris bleef altijd, zoals hij het zelf verwoordde, een innige band met de romantiek houden, en voegde daar zijn eigen (originele, en lang niet altijd zo laagdrempelige) ideeén aan toe. Zijn samenwerking met musici was fameus en van grote invloed op elke compositie. Nog steeds prijzen vele musici Keuris' openhartigheid als iets hem niet of juist wel zinde, en zijn liefde voor mooie, kleine details. Over zijn onmodieuze componeerwijze zei hijzelf: "Je moet nooit bang zijn om langs de afgrond te lopen, want juist daar kun je de mooiste bloemen plukken."

Bij een groot orkest voelde Keuris zich als een vis in het water, getuige zijn geraffineerde, veelkleurige instrumentgebruik. Dan moet een stuk voor louter strijkers toch een stapje terug zijn, zou je denken. Maar zelfs uit zo’n zwart-witcoloriet wist Keuris enorm veel nuances te toveren, vergelijkbaar met de scherpe lijnen, brede strepen. waasjes en diverse arceringen die sommigen met een gewoon potlood kunnen maken. Tijdens het componeren had Keuris de wind mee van het juist voltooide Tweede strijkkwartet - een stuk dat ontegenzeggelijk goed uit de verf was gekomen en duidelijk naar meer smaakte. De opdracht van het Caecilia Consort voor een strijkersstuk dat zonder dirigent gespeeld kon worden, kwam dus precies op het goede moment.
Het is muziek die in de eerste minuut misschien schuurt, als een nieuwe broek die zich nog moet plooien naar de vormen van de drager. Maar al snel voelt het stugge beginmateriaal soepeler aan, mede omdat er niet voortdurend nieuwe muzikale gegevens worden aangevoerd. Het hele stuk groeit organisch uit het notenmateriaal van de eerste paar seconden, en ook al wordt dat onherkenbaar vervormd, onder de oppervlakte is het hoorbaar een eenheid. Keuris wilde zijn composities altijd de lading van een doorgaande energiestroom geven, zonder afzonderlijke delen met het obligate, classicistische patroon van snel- langzaam-snel; maar zeker in dit werk blijkt hoe sterk de natuurlijke, ademende kwaliteit van zo'n afwisseling is. Het werk begint met een stevige ritmische stuwing en eindigt ook daarmee; dat er halverwege een rustiger, beschouwelijker passage zit, is eerder natuurwet dan design. En het is deze passage waarin Keuris zijn schaamteloze hang naar wonderlijke harmonieèn het fraaist realiseert.

John Adams - Shaker Loops
John Adams' pakkende orkest- en ensemble- stukken en de opera's die hij samen met Peter Sellars creëerde, hebben de weg geplaveid naar een succes dat niet elke hedendaagse componist heeft. Daartoe moest Adams eerst uit de minimale jas groeien die hem ooit, zo'n vijfentwintig jaar geleden, onder invloed van Steve Reich en Philip Glass was aangemeten. Minimal music is voor hem ook nooit zozeer een doel geweest als wel een middel om een Amerikaanse visie op muziek te geven.
Na de voor de hand liggende koppeling aan Steve Reich is Adams' muziek in verband gebracht met een bonte stoet oude bekenden, onder wie Wagner, Mahler, Sibelius, Debussy, Ives, Messiaen. Louis Andriessen en Duke Ellington. Of dat terecht is of niet is iets wat de componist zelf "geen reet interesseert", zoals hij in een interview met Sytze Smit verklaarde. Volgens hem kan men niet volhouden dat elke compositie volkomen nieuw moet zijn en nergens op mag lijken. Moderne media hebben zoveel muziektradities ontsloten dat de Europese klassieken al lang niet meer als absolute norm voor kwaliteit gelden. De nieuwsgierigheid naar al die andere muzieksoorten beschouwt Adams als een van de belangrijkste kenmerken van de Amerikaanse muziek.
Niet dat de Europese klassieken ontbreken: Nixon in China bouwt voort op de operaseriatraditie, The Death af Klinghoffer zoekt aansluiting bij de koralen van Bach en de Chamber Symphony is gerelateerd aan Schönbergs Kammersymfonie. Maar sterker dan de Duitse, Italiaanse of Franse elementen is, naar zijn eigen zeggen, de invloed die jazz altijd op hem heeft gehad, Terwijl zijn conservatoriumgenoten dweepten met de Europese avant-garde, koesterde Adams de muziek van Miles Davis. Daarnaast verraden zijn instrumentaties de invloed van Duke Ellington en Gil Evans, althans in de stukken voor een gemengde bezetting.
Shaker Loops is een vroeg werk, en door de onweerstaanbaarheid ervan nog altijd een van zijn meest gespeelde. Het idee voor een stuk waarin een ensemble golvende, glooiende patronen speelt met wisselende intensiteit, kreeg Adams toen hij amper het conservatorium had verlaten, en het verraadt de invloed van het toen nieuwe, op geleidelijke verandering gebaseerde componeren van Steve Reich. Het had een strijkkwartet moeten worden waarvan de titel, Wavemaker, niet had misstaan voor een Bondfilm. "Maar", verklaarde Adams later, "ik beschikte nog niet over de techniek om het effect te creëren dat mij voor ogen stond: een kabbelend, glinsterend complex van patronen, als het oppervlak van een vijver of meer."
Daarop gaf Adams, inmiddels conservatoriumdocent in San Francisco, zijn studenten een rol die Renaissanceschilders vroeger aan leerlingen gaven en striptekenaars aan studiomedewerkers: hij liet ze verschillende processen uitproberen - hetzelfde notenmateriaal werd bijvoorbeeld aan vibrato-, echo- en canontechnieken onderworpen - om daaruit de meest effectieve te kiezen en die toe te passen op de 'verhaallijn' die hij intussen zelf had uitgezet. Shaker Loaps is dus in zekere zin teamwork.
De 'loops' uit de titel verwijzen naar een techniek die in de begintijd van de elektronische muziek veel werd gebruikt: begin en eind van een bandopname werden aan elkaar geplakt, zodat het continu afgespeeld kon worden. Het 'shaker'-gehalte is enigszins dubbelzinnig: het woord verwijst enerzijds naar de bijna voortdurende 'trillende' klankmassa, en anderzijds naar de restanten van de Shaker-kolonie in de buurt waarvan Adams opgroeide. Zo’n onzichtbare religieuze sekte prikkelde uiteraard zijn kinderfantasie: hij stelde zich de extatische rituele dansen voor die daar zogenaamd zouden zijn uitgevoerd en herriep die sfeer jaren later in dit werk.

Programma :

  • Philip Glass, Vioolconcerto nr.2, 'The American Four Seasons' (Belgische première)
  • Tristan Keuris, Variations
  • John Adams, Shaker Loops

Tijd en plaats van het gebeuren :

Amsterdam Sinfonietta, Candida Thompson & Robert McDuffie : Glass, Keuris, Adams
Vrijdag 16 maart 2012 om 20.00 u
Muziekcentrum de Bijloke Gent

Bijlokekaai 7
9000 Gent

Meer info : www.debijloke.be, www.sinfonietta.nl, candidathompson.com en www.robertmcduffie.com

Bron : tekst Michiel Cleij in opdracht van Muziekgebouw aan ‘t IJ, Amsterdam, opgenomen in het programmaboekje van Muziekcentrum de Bijloke

Extra :
Philip Glass : www.philipglass.com, www.glasspages.org (fansite), www.chesternovello.com en en.wikipedia.org en youtube
Philip Glass, succesvolle minimalist op www.musicalifeiten.nl
Tristan Keuris op www.muziekencyclopedie.nl, www.chesternovello.com en youtube
John Adams op www.earbox.com, www.boosey.com, www.schirmer.com, en.wikipedia.org en youtube
John Adams : speelse minimalist, Jan de Kruijff op www.musicalifeiten.nl

02:02 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook

De commentaren zijn gesloten.