20/06/2011

5 aanstormende componisten geven het beste van zichzelf in het Conservatorium Gent

Benjamien Lycke, Arnaud De Rouck, Jeroen De Brauwer, Wouter Wemel, Joris Blanckaert Op zaterdag 25 juni verdedigen 5 aanstormende componisten - Jeroen De Brauwer (klas Dirk Brossé), Arnaud De Rouck , Wouter Wemel, Joris Blanckaert (klas Frank Nuyts) en Benjamien Lycke (klas Lucien Posman) - hun graad. Dit concert organiseren zij als onderdeel van hun bachelor- (Benjamien Lycke) of masterproef. Het is een gratis concert met een goeie 3 uur muziek en minstens 30 uitvoerders ... Het publiek kan een hele avond genieten van het beste dat deze jonge componisten te bieden hebben.

Benjamien Lycke
Benjamien Lycke (1989) studeert sinds 2008 compositie bij Lucien Posman aan de Hogeschool Gent Conservatorium. Hij studeert/studeerde ook piano, orgel, zang, harmonie aan het Stedelijk Conservatorium Brugge. Tijdens zijn humaniora op de Middelbare Brugse Steinerschool initieerde David Anne hem in de compositie. Op 18-jarige leeftijd presenteerde Lycke een volledige musical, Le Piédestal, met een vijftigtal uitvoerders van de Steinerschool en het Stedelijk Conservatorium Brugge. Zijn eerste symfonische werken werden in 2010 uitgevoerd o.l.v. dirigenten Dirk Brossé en Geert Soenen. In datzelfde jaar werd in de Sint-Salvatorskathedraal te Brugge het liturgisch gemengd koorwerk 'Salve Regina' gecreëerd. In opdracht van de Academie de 'Kunstbrug' Gent schreef hij de kindercantate 'Wolkenteller' die in maart 2011 in première ging in het Capitole te Gent onder leiding van Wim Belaen. Momenteel werkt Benjamien aan een tweede musical in opdracht van 'Musical van Vlaanderen' (bekend van 'Oliver!', 'Spamelot',...) Diverse jonge cineasten en musici doen regelmatig een beroep op hem om muziek voor hen te componeren, o.a. voor kortfilms.

Porgramma :

  • Breakfast (video), Denzil Delaere(tenor), Silke Bynens (klarinet), Hendrik Deneir (piano)
  • The End, Jorge Carlo Sandoval Moreno(tenor), Silke Bynens (klarinet), Fauve Vermeirsch (piano)
  • Countdown, Jorge Carlo Sandoval Moreno(tenor), Silke Bynens (klarinet), Fauve Vermeirsch (piano)
  • The Human Beings, Jorge Carlo Sandoval Moreno (tenor), Silke Bynens (klarinet), Fauve Vermeirsch (piano)
  • Difigiefia!, Freya Bovijn (basklarinet), Greet De Rudder (fluit), Adriaan Debbaut (piano)

Breakfast
verhaalt over de sleur die een man in zijn relatie ondervindt en wat dat voor gevolgen heeft. De dagelijkse routine vertaald zich in hernemingen met maar kleine verschillen die wel grote gevolgen hebben. Dit werk werd verfilmd met de medewerking van Liener Van Hauwaert en Saartje Van Houtte.

The End is een lied in een impressionistische tangostijl met lichte musicalelementen. Het werk beweegt zich, op enkele uitzonderingen na, voornamelijk in de c tonaliteit. Formeel sluit de muziek nauw aan bij de tekst. Het lied bezingt het emotionele einde van een hartstochtelijke relatie.

Countdown bestaat uit tertsverbindingen binnen vier toonsferen: Re mineur, Fa mineur, Lab mineur en B mineur. Concreet wordt het materiaal voor deze compositie geput uit volgend akkoordschema: Dm-F-Am/E-C/G - Fm-Ab-Cm/G-Eb/Bb - Abm-Cb-Ebm/Bb-Gb/Db - Bm-D-F#m/C#-A/E. Dit geldt enkel voor de klarinet en pianopartij. De zanglijn is trager, 'simpeler' en bevindt zich in flarden stukken langzame melodie boven de drukte van de klarinet en piano. Dit werk bevat veel repetitie wat soms zeer druk kan zijn (door bijvoorbeeld het versnellen van het harmonisch ritme) maar soms ook zeer fris en helder. Inhoudelijk verteld dit lied de gedachten van een stervende bij het aftellen in de laatste tien seconden van zijn leven.

Human Beings heeft een humoristische ondertoon, bijna cabaretachtig. Het geheel heeft een nogal cabaretachtig karakter maar blijft nooit lang in een bepaalde drive hangen door de vele maatwisselingen. Het akkoordmateriaal is sober maar wordt 'gerecycleerd' en ritmisch gevarieerd. Naar het einde toe lijkt het op een soort montage van fragmenten van vroeger uit het werk, dit gelukkig allemaal ter ondersteuning van het karakter van de tekst. De tekst van dit lied beschrijft op een ludieke manier enkele 'menselijke menselijkheden'…

Difigiefia! De basis van dit werk voor fluit, basklarinet en piano is af te leiden uit de titel: re-fa-sol-mifa- la en daarmee is eigenlijk gans het werk opgebouwd. De stijl is behoorlijk repetitief en zou door sommigen waarschijnlijk als 'minimalistisch' of 'maximalisitsch' worden beschreven. De bedoeling van deze compositie is om verschillende spanningsbogen op te bouwen aan de hand van een enorme stuwende kracht vanuit de ritmiek en naar het einde toe ook vanuit de harmonie. Qua vorm is dit werk doorgecomponeerd met uitzondering van enkele 'koppen' die terugkeren met dan telkens een ander gevolg.

Arnaud De Rouck
Arnaud De Rouck (1985) begon op 8-jarige leeftijd muziek van J.S. Bach te spelen op de piano. Al vroeg voelde hij de drang om zelf ook muziek te schrijven. In die jonge jaren begon zijn gevoel voor harmonie en contrapunt sterk te ontwikkelen. Hij volgde piano en solfege aan de Stedelijke Muziek school te Deinze bij o.a. Alvaro Guimares en Koen Van Overberghe. Daarna studeerde hij verder in de Kunsthumaniora Muziek & Dans te Gent en volgde piano bij Dorothea Haers. Na deze studies vertrok hij naar het Koninklijk Conservatorium Gent en volgde compositie onder Frank Nuyts. Zijn werk kwam o.a. op het festival Voorwaarts maart/ En avant mars in het Bijloke muziekcentrum waar zijn 2de strijkkwartet werd uitgevoerd door het Kryptos kwartet. Verder is hij ook zeer began met andere genres zoals pop, rock, jazz, hiphop, en staan er ook nieuwe projecten in het verschiet.

Programma :

  • 6 preludes voor piano, Marc Masson (piano)
  • Viool concerto nr. 1- Deel 1, Zhazira Ukeyeva (viool), Anastasia koshushko (piano)
  • Piano trio, Ami muto (viool), Hans Vandaele (cello), Reinaert Albrecht (piano)
  • Video van het 3de deel uit het 1ste piano concerto, Tae Yoshioka (piano), Timur und Seine Mannshaft (orkest)
  • Strijkkwartet nr. 2, Zhazira Ukeyeva, Ludmila Harbuza (viool), Francis Michels (altviool), Liesemarie Beelaerts (cello)

Jeroen De Brauwer

Jeroen De Brauwer is regent muzikale opvoeding. Nadien volgde hij ook een opleiding tot bachelor in de scheppende muziek (compositie) aan het conservatorium van Gent. Dit jaar sluit hij zijn masteropleiding af. Jeroen schrijft "vrij atonaal". Invloeden van onder meer Fausto Romitelli, Györy Ligeti en Alfred Schnittke zouden volgens sommigen in zijn schrijfstijl terug te vinden zijn.

Programma :

  • Dream Songs - Song nr. 3: Deel 1 van een kamerorkest-symfonie gebaseerd op de poëzie van John Berryman
  • The world without her, Een klarinettrio geschreven in opdracht voor het Cheiron trio
  • 3 études voor 2 piano's, De eerste drie études van twaalf geschreven voor het pianoduo Tine Allegaert/Lukas Huisman

Wouter Wemel


Prpgramma :

  • Het hogescholenkonventlied (zang)
    Na voor zijn scriptie 'het studentikoze clublied van het Gentse Hogescholenkonvent' de Gentse clubliederen te analyseren en bestuderen, componeerde Wouter Wemel aan de hand van de verkregen gegevens het Hogescholenkonventlied. Dit lied zal een vaste plaats krijgen in de officiële gedeeltes (eerste en laatste deel) van de cantus. 
  • Klavierpapier 2 (piano)
    Wouters tweede pianosuite. Dit werk bestaat uit 4 dansen waarin bestaande clichés niet worden geschuwd. Deze typische, bijna vulgaire elementen worden dan aan een karaktereigenschap van een persoon (die recht tegenover de stijl van de oorspronkelijke dans staat) gekoppeld. Zo bestaat dit werk uit: 'Valser de l'Ubriacone' (wals van de dronkaard), 'Tango di Roberto Calvi', 'Squaredance for Oscar Wilde" en 'Slow van de hyperkinetische masochist'.
  • Herfst (koperkwintet)
    In tegenstelling tot de bekende 'vier seizoenen' van Vivaldi, maakte Wouter geen gebruik van de fenomenen die zich in de natuur afspelen in deze tijdsperiode. Hij zocht zijn inspiratie in evenementen die in ooit de herfst hebben plaatsgevonden. Er zitten dan ook veel verwijzingen naar Joodse feesten, Franse veldslagen, ...  in dit stuk.
  • Peruccsiekwartet 1 (percussiekwartet): 
    Wouter begon aan deze compositie op vraag van Ruben Cooman voor het percussiekwartet Bl!ndman Drums. Toen hij echter op Oudejaarsavond te maken kreeg met een echt bedreigende situatie moest hij zijn belevenis ergens kwijt. Hij maakte dus gebruik van de typische capaciteiten van percussionisten (hard, luid en snel). Verder bestaat dit werk uit een hoop ritmische versnellingen en vertragingen.
  • Het einde van de 5e cyclus (gitaar, cello, vibrafoon en marimba):
    Dit stuk werd gecomponeerd door Wouter voor het Masterexamen van zijn vriendin Lien Debaeke, op vraag van haar docent klassieke gitaar Yves Storms. Doorheen bijna heel dit stuk speelt de gitaar dan ook de hoofdrol, met ondersteuning van marimba, vibrafoon en cello.  Dit stuk is gebaseerd op 'de 5e cyclus' van de Maya-kalender. Het einde van deze grote tijdkring (2012) kondigt volgens sommige mensen 'het einde der tijden' aan. In deze compositie komt dit doemdenken echter pas op het einde van het 3de deel. Het stuk omvat wiskundige verwijzingen naar het getal 2012 en de triadeverhouding tussen 'de hemel', 'de zee' en 'de aarde'. Door dit drietal ontstaan volgens Wouter aspecten als energie, emotie en evenwicht die doorslaggevend waren voor verschillende elementen van deze compositie. Het werk werd gecreëerd door het Emanon Ensemble tijdens het festival Voorwaarts maart/ En avant mars op 4 maart 2011.

Joris Blanckaert

Joris Blanckaert (1976) studeerde toegepaste wetenschappen aan de Universiteit Gent, jazz accordeon aan het Gentse conservatorium bij Rony Verbiest, en compositie bij Frank Nuyts. Hij componeert en speelt bij o.a. bal des boiteux en de bOOmfanfare, componeert voor uiteenlopende bezettingen en producties, en is tevens componist en artistiek leider bij het muziektheater collectief Fosfor. Het oeuvre van Joris Blanckaert is in volle ontwikkeling. Waar in het begin voornamelijk een sterke invloed aanwezig is van wereldmuziek uit diverse culturen voor kleine ensembles, verschuift dit de laatste jaren meer in de richting van nieuwe muziek voor diverse bezettingen, dankzij de opleiding compositie die hij volgt. Toch blijft hij volkse elementen omarmen, onder andere door het regelmatige gebruik van de accordeon en de sporadische inzet van schalmeien in zijn oeuvre. Deze instrumenten vormen een brug tussen de wieg van de Oosterse en van de Westerse cultuur. Zijn affiniteit met volkse culturen, en zijn kennis van Westerse harmonie, laten hem toe om een interpretatie te geven van het beeld dat de Oosterse muzikale wereld kan hebben (of gehad hebben) van de Westerse kunstmuziek. De twee werken op dit concert "passen mooi in één programma dankzij de hoge sterftegraad van de personages.  Die bedraagt ongeveer 100%", aldus Jeroen.

Programma :

  • K-Quartet, een strijkkwartet in twee delen op basis van het Russische verhaal over de fictieve Luitenant Kijé, een verhaal dat ook Prokofiev heeft geïnspireerd.  Met illustraties door Annemieke Elst.
    Uitvoerders : Arsis4, Pieter Jansen (Viool 1), Daniel Kuzmin (Viool 2), Florian Peelman (Altviool), Romek Maniewski (Cello).
  • L'Algerino in Italia, de concertante versie van de kameropera die gecreëerd werd op het MAfestival 2010.  Met illustraties door Randall Casaer.  
    Uitvoerders : Julie Mossay (Sopraan), Sofie Thoen (Alt), Philip Defrancq (Tenor), Bruno Pereira (Bariton), Lot Demeyer (Hobo), Barbara Ardenois (Accordeon), Stefaan Smagghe (Viool), Benjamin Glorieux (Cello), Kristof Roseeuw (Contrabas).  

L'Algerino in Italia
is een kameropera op basis van Rossini's 'L'Italiana in Algeri'. Het clichématige beeld dat Rossini schetst over het leven aan het hof van sultan Mustafa, wordt omgekeerd tot het even grote cliché van de rijke Italiaanse weduwe die haar oog laat vallen op haar Algerijnse tuinman. Wanneer ook de mafioze zoon van de weduwe naar de hand dingt van de vriendin van de tuinman, belanden de personages in een kluwen van leugens en intriges. Het libretto van de hand van Dirk Opstaele kreeg de titel "L'Algerino in Italia". Het is een opera waarin oude en hedendaagse muziek, zowel als Oosterse en Westerse cultuur, worden verenigd.

Joris Blanckaert : "Ik heb met mijn kameropera de traditie van de opera buffa willen bewaren. Daarin wordt spaarzaam omgegaan met zware dramatiek of passie, is het niet de bedoeling de luisteraar te imponeren. Ondanks het hoge sterftecijfer van de personages (100%) leek het me fijn om een zomers klinkend muziekstuk te maken. Het concept van het oriëntalisme heb ik consequent toegepast op muzikale elementen, zodat ook de clichés van de oriëntaalse muziek, de maqam modi en Arabische ritmepatronen, nu en dan in de partituur verschijnen. Tegelijk heb ik de Westerse muziek, met Rossini als vertegenwoordiger hiervan, een spiegel voorgehouden, net zoals dit inhoudelijk met het libretto werd gedaan. Dit resulteert in enkele citaten en vele knipogen naar de 19e eeuwse operamuziek. De vermenging geeft soms een bevreemdend effect.

Voor de keuze van het instrumentarium ben ik uitgegaan van twee principes. Ten eerste heb ik gekozen voor oude, authentieke instrumenten uit de houtblazers- en strijkersfamilie, om een hint te geven hoe deze opera destijd zou kunnen geklonken hebben, zij het in kamerversie : hobo, viool, cello en contrabas. De tweede randvoorwaarde is meer van praktische aard : een heus orkest laten aanrukken in de schuur Ter Doest (waar de opera gecreëerd werd) lijkt niet realistisch. Om toch het orkestrale vuurwerk van de 19e-eeuwse opera te suggereren kwam ik uit op het accordeon, een instrument dat bekend staat als de one-man-band, dat toelaat om tegelijk melodie, harmonie en baslijn te spelen. Soms noemt men het accordeon ook de 'piano des pauvres'. Steevast te beluisteren in het station van Berchem en Brussel-Noord, wordt het accordeon geassocieerd met variété en chanson, en met de volkse wijken van Brussel en Parijs. Dat maakt het het gedroomde instrument voor de opera buffa in kamerversie. Het accordeon heeft zich in de 19e eeuw ontwikkeld uit de Chinese sheng, een soort mondorgel dat via het Ottomaanse Rijk naar Europa is gemigreerd, waarmee de parallel met Rossini's oriëntaalse opera snel gemaakt is."

Tijd en plaats van het gebeuren :

Eindexamens Compositie Conservatorium Gent
Zaterdag 25 juni 2011 vanaf 17.00 u
17.00 u - Benjamien Lycke (bachelor)
17.45 u - Arnaud De Rouck (master)
19.00 u - Jeroen De Brauwer (master)
20.15 u - Wouter Wemel (master)
21.30 u - Joris Blanckaert (master)
Koninklijk Conservatorium - Miryzaal

Hoogpoort 64
9000 Gent

Meer info : cons.hogent.be

Bronnen : de teksten werden bezorgd door de componisten

Extra :
Benjamien Lycke : www.benjamien.be

Elders op Oorgetuige :
Nieuwe kameropera L'Algerino in Italia in abdij Ter Doest in Lissewege, 2/08/2010

13:01 Gepost in Concert, Muziek | Permalink |  Facebook

De commentaren zijn gesloten.